1985

'Because in 1985 blind faith in your leaders, or in anything, will get you killed!' - Bruce Springsteen

5 Januari : In de pers lekt op 5 januari 1985 uit dat de Belgische regering tussen november en begin januari in het grootste geheim heeft meegewerkt aan een luchtbrug waarbij duizenden Ethiopische joden vanuit Soedan naar Tel-Aviv zijn overgevlogen. Er werd voor deze 'Operatie Mozes' telkens gevlogen via Zaventem en met toestellen van de Belgische chartermaatschappij TEA. De hele operatie heeft een politiek verdacht geurtje.

15 Januari : Het uur van de waarheid is aangebroken. Op 14 en 15 januari 1985 zijn premier Martens en minister Tindemans op bezoek bij Ronald Reagan. Aan de vooravond neemt CVP-voorzitter Swaelen geen blad voor de mond. Hij bevestigt dat 'het standpunt van zijn partij duidelijk is, de regering kan in maart niet besluiten tot de onmiddellijke plaatsing van de raketten'. Uitgerekend op 15 januari 's morgens brengen de CCC een bomauto tot ontploffing voor het gebouw van de Shape aan de Leuvense Steenweg 13 in Sint-Stevens-Woluwe. De daders gaan daarbij koelbloedig te werk, vlak voor de ontploffing leiden ze de aandacht van twee MP's af en terwijl de militairen naar de achterkant van het gebouw lopen, parkeert een onbekende de bomauto voor de inkomhal. Hij springt er uit en rent naar een gereedstaande vluchtauto. Bijna onmiddellijk daarop ontploft de bomwagen. De politie vermoedt dat de springstof vanuit de tweede wagen telegeleid tot ontploffing is gebracht. De inkomhal en de uit glas en aluminium bestaande voorgevel worden zwaar toegetakeld. De CCC dragen de aanslag op aan de RAF-gevangenen, die in volle hongerstaking zijn om het statuut van politiek gevangene af te dwingen. Ze leggen uit dat met deze 'offensieve' aanslag een einde is gekomen aan hun eerste anti-imperialistische campagne. Met zoveel omhaal van woorden maken de CCC een voorlopig bilan op van wat zij met Oriachs termen bestempelen als de eerste etappe van de 'gewapende propaganda'. Wat voor resultaten hebben ze naar eigen zeggen zoal behaald? 'Vandaag hebben de arbeiders tenminste het burgerlijk parlement door', aldus de CCC. 'Ze zien Martens en Tindemans naar Washington snellen om er de bevelen in ontvangst te nemen.' Ze constateren zelfvoldaan: 'Alle politieke doeleinden die we voor ogen hebben gehad, zijn bereikt.' In hun opeisingsbrief halen de CCC het volgend citaat van Lenin aan: 'Het idee dat een revolutie alleen door revolutionairen gemaakt kan worden, is de grootste en gevaarlijkste vergissing die communisten kunnen begaan. Een voorhoede neemt haar taak slechts serieus op, als zij er in slaagt een breuk met de massa's te voorkomen en als ze werkelijk in staat is de massa een stap vooruit te brengen.' Begrijpen de CCC wel wat ze schrijven of putten ze zomaar uit het grote citatenboek? In ieder geval is het een levensgroot raadsel hoe ze hun praktijk kunnen rijmen met Lenins woorden.

18 Januari : Daags na de aanslag op het gebouw van de Shape vinden de Amerikaanse regering en de NAVO dat de Belgische autoriteiten onvoldoende hebben gereageerd op de CCC-terreur. Onmiddellijk begint de grootste 'veiligheidsoperatie' sinds de CCC op het toneel zijn verschenen. Op 18 januari 's avonds wordt alarm geslagen. Die nacht worden honderden rijkswachters naar de kazernes geroepen en paraat gehouden. Zo'n 1500 politieagenten en rijkswachters bewaken in de hoofdstad militaire, politieke en diplomatieke gebouwen om 'terroristische acties te voorkomen'. Die enorme politiemacht, uitgerust met BDX-pantservoertuigen en gehuurde vrachtauto's met zandzakjes, draagt bij aan de wilde geruchten die de ronde doen. Na 10 dagen, op 29 januari worden de extra bewakingsmaatregelen plotseling en zonder enige uitleg opgeheven. Later beweert Gol dat een onbekende zich op de Belgische ambassade in Beiroet had aangeboden met een stapeltje documenten, waaruit kon worden afgeleid dat een bomauto tot ontploffing zou worden gebracht voor de Amerikaanse ambassade in Brussel. Volgens Gol kwam pas later aan het licht dat het om een ordinaire oplichter ging. De uitleg van Gol is allesbehalve overtuigend. Alles wijst er integendeel op dat de tien dagen extra bewaking eerder kaderde in een geheime oefening om het reactievermogen van het politieapparaat te testen voornamelijk met betrekking tot Amerikaanse doelwitten in Brussel.

22 Januari : Een agent van het BCI heeft verklaard dat hij begin 1986 via een informant inlichtingen heeft ontvangen over een zeker 'Dany', die een sleutelrol zou hebben gespeeld in de zaken die toegeschreven werden aan de Bende van Nijvel. Die informant had deze inlichtingen op zijn beurt gekregen van een zekere 'Astérix', de schuilnaam van François Enteryckx. Er bleek uit dat een rijkswachter, namelijk Madani Bouhouche, de draaischijf van de Bende van Nijvel was. Hij zou wapens uitdelen, 500.000 frank per operatie uitbetalen aan iedere deelnemer en de operaties zouden besteld zijn door Amerikanen met als doel de Delhaizeketen te destabiliseren. Dezelfde informant beweerde ook nog dat de FN-directeur Juan Mendez na een conflict met Bouhouche zou zijn geëxecuteerd. Aanvankelijk hield de eerstgenoemde informant de inlichtingen die hij van Astérix had gekregen voor zich. De redenen daarvoor zijn niet gekend, maar vermoedelijk hadden zij te maken met de vrees voor zijn persoonlijke veiligheid en die van de andere informant. Pas begin maart 1986 wendde hij zich tot een agent van het BCI. Die maakt een verslag op en verzond het naar de Procureur van Brussel en het Parket-Generaal van Brussel. Aan de agent van het BCI werd niet gevraagd waarom het dossier naar de Procureur van Brussel gestuurd werd, terwijl tenslotte de Procureur van Nijvel bevoegd was. Het BCI zond de gegevens pas in april 1988 aan de coördinator substituut Jonckheere bij de cel van Jumet, die op dat ogenblik nog niet op de hoogte was. Belangrijk is dat deze 'Astérix', alias François Enteryckx, op dertigjarige leeftijd op 22 januari 1985 in het shoppingcenter te Anderlecht aan het stuur van zijn wagen werd neergeschoten. De moordenaars werden nooit gevonden.

29 Januari : Enkel door tussenkomst van onderzoeksrechter Francine Lyna werd het lichaam van Paul Latinus niet meteen begraven zodat er een autopsie kon gebeuren. Deze autopsie gebeurde echter oppervlakkig en dat zal men later betreuren. Een lid van Westland New Post, Michel Barbier, toonde namelijk tijdens het onderzoek naar de dubbele moord in Anderlecht, op 7 november 1985 aan onderzoeksrechter Lyna hoe men iemand kan wurgen zonder dat dit sporen nalaat. De onderzoeksrechter onderzocht deze techniek al op 29 januari van hetzelfde jaar. Zij voegt bij het dossier zelfs een kopie van een handboek van de opleiding van paracommando's, met name het hoofdstuk dat de aanval van een schildwacht in de rug door middel van een koord beschrijft. Een zekere dokter Mainaux, specialist ter zake, bevestigt dat die techniek bestaat. Het verhaal van Barbier wordt echter niet geloofd omdat de sporen op Latinus bij de eerste medische vaststelling en bij de autopsie niet overeenstemmen met de sporen die nagelaten worden door de technieken beschreven door dokter Mainaux. Gezien de dubieuze talenten van Francis Calmette, en het feit dat hij connecties had met commissaris Smets van de Staatsveiligheid, is het eigenaardig dat dit alles niet verder werd onderzocht. Bovendien, Karel de Lombaerde had op 12 juni 1984 aan Christian Smets gesignaleerd dat Latinus zich bedreigd voelde.

3 Februari : Op camping La Hetraie, in Oud-Heverlee, Leuven, wordt in de nacht van 3 op 4 februari het echtpaar Vissers-van Ruyskensvelde vermoord. De man kreeg een kogel in de hals en in het linkeroog. Hij hield zijn sigaret en een aansteker nog in zijn handen. De vrouw werd in de rug geschoten, dit gebeurde wanneer ze probeerde te vluchten. Haar lijk word nadien door de doder terug naar binnen gesleept. De politie besluit dat ze de dader(s) moesten kennen en dat het eerst als een rustig gesprek begonnen was. De deur van de caravan, die vol bloed en vingerafdrukken hangt, verdwijnt later uit de griffie van de rechtbank. Het was een bron van bewijsmateriaal. Het koppel is vermoord met een kaliber .22 en verdachten zijn er genoeg.
» Andere | X-Dossiers

13 Maart : Nadat Philippe De Staerke op 5 oktober 1983 terug was gearresteerd, werd hij naar de gevangenis van Sint-Gillis gebracht. Daar zou hij normaal gezien de rest van zijn straf moeten uitzitten, maar op die bewuste 13e maart verleende de gevangenisdirecteur hem een penitentiair verlof. Uit dat verlof, dat 48 uur duurt, keerde hij natuurlijk niet terug. Sinds dat moment was De Staerke voor de tweede maal voortvluchtig. Vanaf dat hij terug was ontsnapt had hij een groep geroutineerde 'gunmen' rond zich verzameld waarmee hij geregeld een gewapende overval pleegde. Bij die overvallen nam hij de hoofdrol. De bende van Baasrode was geboren.
Meer » Bende De Staerke

14 Maart : Op 14 maart stemt de regering officieel in met de plaatsing van 16 kruisraketten in Florennes. De dag daarop volgt andermaal een rakettendebat in de Kamer. Terwijl het debat nog volop aan de gang is, stijgt aan de Amerikaanse Westkust een C 141-transportvliegtuig op met 16 kernkoppen aan boord. Tegelijkertijd vertrekt een Galaxy aan de oostkust met de rompen van de raketten. In de nacht voor de betoging strijken de vliegtuigen neer in Florennes. De NAVO is gered, de democratie verkracht. Dat de bevolking zich massaal tegen de kernbewapening blijft verzetten, blijkt de volgende dag. Dan betogen zo'n hondervijtigduizend mensen waaronder tal van ACV'ers. En de CCC'ers? Nu de raketten er zijn, ondernemen ze er geen acties tegen. Hoewel de regeringsbeslissing in de nacht van 14 maart valt, is de rakettenknoop op 15 januari in Washington al doorgehakt. Dat blijkt uit een officiële regeringsmededeling, die luidt: 'De premier heeft de president verzekerd dat België, overeenkomstig de resultaten van de onderhandelingen, zijn aandeel in de plaatsing van de raketten zal uitvoeren.'

18 Maart : Tijdens de jaren 1983, 1984 en 1985 stelt de Info-sectie III van de BOB van Waver een reeks vertrouwelijke rapporten op waarin de informatie over sporen van de 'Libanese connectie' naar de Bende systematisch worden toegelicht. Deze rapporten worden steevast bezorgd aan de generale staf van de rijkswacht en aan onderzoeksrechter Schlicker in Nijvel. De synthese-nota van 18 maart 1985 van de Waverse BOB is in dit rijtje rapporten allicht het allerbelangrijkste. Het document is zowat een analyse als een samenvatting van alle voorgaande stukken. Wat blijkt, de Waverse BOB is er dan al van overtuigd dat de Bende van Nijvel 'een internationale organisatie is, waarvan de activiteiten gericht zijn op de destabilisering van westerse staten'. Deze omschrijving staat te lezen op de eerste pagina van de synthese-nota.
Meer » Libanese Connectie

20 April : Terwijl de CCC voorlopig niets meer van zich laten horen, pleegt op zaterdagochtend 20 april een tot dusver onbekende organisatie, het FRAP, Revolutionair Front voor Proletarische Acties, een bomaanslag op het gebouw van de NAVO-assemblee in het hartje van Brussel. In het gebouw vergaderen de parlementairen van de NAVO-landen twee keer per jaar. Er zijn slechts speciale veiligheidsmaatregelen op het moment dat er zulke vergaderingen zijn. De daders nemen na de aanslag rustig de tijd om op de beschadigde achtermuur hun handtekening achter te laten, een embleem bestaande uit twee sterren met daarnaast de vermelding FRAP. Diezelfde handtekening vindt de politie volgende morgen terug na een aanslag op AEG-Telefunken in Ukkel. De werkwijze is identiek, springstof geplaatst aan de achterkant van het gebouw. De FRAP-lieden bestempelen zich in hun opeisingscommuniqué als 'anti-imperialistische revolutionairen die het internationale front tegen de voorbereiding van de imperialistische oorlog versterken'. Ze zetten zich af tegen de CCC, die pretenderen een partij in wording te zijn.

Eind April : Eind april 1985 brengt de regering de ordetroepen in opperste staat van paraatheid. De patrouilles worden verscherpt bij 65 'waarschijnlijke' en 300 'mogelijke' doelwitten. Toch weet de CCC op 1 mei 1985, Dag van de Arbeid, toe te slaan.

Mei : Hoe slordig met informatie wordt omgesprongen op het Bestuur van de Criminele Informatie blijkt nog uit een verhaal van rijkswachter De Wachter. In mei 1985 verneemt hij via een informant dat een aanslag zal worden gepleegd op het justitiepaleis te Luik tijdens de jaarlijkse algemene vergadering van onderzoeksrechters. Aangezien zo'n vergadering niet bestaat, wordt het bericht als onbelangrijk afgedaan. Op 6 december van hetzelfde jaar ontplofte echter een bom in het gerechtsgebouw te Luik ter gelegenheid van een vergadering van de Balie. Een studente vindt hierbij de dood. De Wachter bevestigt het algemene gevoelen dat de dienst is opgericht, weliswaar met goede bedoelingen, maar zonder ernstige voorbereiding, zonder begeleidende maatregelen en vooral zonder dat in het kader van het chaotische politiebestel enige plaats werd gecreëerd voor deze dienst.

1 Mei : De eerste mei 1985, de dag van de arbeid, is veertien minuten oud, als een bestelwagen Toyota langzaam de verlaten Brusselse Stuiverstraat, achter het Brusselse Centraal Station, oprijdt. De auto wordt geparkeerd op enkele stappen van het hoofdkwartier van het Verbond van Belgische Ondernemingen. Twee jonge mannen stappen uit, strooien pamfletten rond de auto en gaan er vervolgens vliegensvlug vandoor in een gereedstaande rode Lada. Een bewaker van een van de naburige EG-kantoorgebouwen belt onmiddellijk de gemeentepolitie, het nummer 906. Een minuut later belt een CCC-lid vanuit een telefooncel in Ganshoren de rijkswacht, het nummer 901, en kondigt aan dat in de Stuiverstraat een bomauto staat die binnen de vijftien minuten zal ontploffen. Hij dringt aan op een onmiddellijke ontruiming van de buurt. De rijkswacht stuurt een ploeg naar Ganshoren om het CCC-lid in te rekenen, maar de onbekende is al verdwenen. Dag en nacht doorkruisen drie anti-banditismeploegen, ABT-ploegen, in hun snelle Ford Taunus de hoofdstad. Het ligt voor de hand dat de rijkswacht zo'n ABT-ploeg, die in de stad blindelings de weg vindt, naar de Stuiverstraat stuurt. Maar dat gebeurt niet. De rijkswacht laat integendeel een rijkswachtploeg van Anderlecht uitrukken, die zich naar ... de Ravensteinstraat begeeft en er niets verdacht bemerkt. Intussen verzuimt de rijkswacht de gemeentepolitie en de brandweer van de telefonische CCC-waarschuwing op de hoogte te brengen. Om 0u16 bellen de bewakers van het EG-gebouw opnieuw de gemeentepolitie en wijzen erop dat er al rook uit de geparkeerde bestelwagen komt. Daarop wordt de brandweer gewaarschuwd. Gemeentepolitie en brandweer zijn vijf minuten later ter plaatse. Vijf brandweermannen beginnen te blussen. Plotseling bemerkt een van hen in de duisternis de CCC-pamfletten met de tweetalige tekst: 'Gevaar, gepiègeerde wagen. Verwittig u collega's en vlucht snel op straat, zo ver mogelijk! Raak vooral de wagen niet aan.' Hij slaat onmiddellijk alarm. Te laat. Op dat ogenblik davert de ontploffing over de Stuiverstraat. De vlammen laaien op tot aan het dak van het VBO-gebouw. Een brandweerman, Marcel Bergen, 39 jaar, overlijdt vrijwel ogenblikkelijk, een tweede, Jacques Van Marc, 30 jaar, enkele uren later. Twee andere brandweermannen raken ernstig gekwetst. De bestelwagen Toyota blijkt op 10 mei 1984 in Luik door een gangster te zijn gestolen. Voor hun actie maakten de CCC-daders voor het eerst gebruik van een autobom, wat getuigt van een niet geringe technische kundigheid. De bom zou hebben bestaan uit een drietal gasflessen van 80 kilo, omringd met explosieven en gekoppeld aan een molotow-cocktail. De Brusselse brandweer bekritiseert de rijkswacht die haar niet heeft gewaarschuwd voor het explosiegevaar. Ook de CCC zijn op de rijkswacht gebeten. Een paar uur na de aanslag verspreiden ze een communiqué waarin ze de dood van de twee brandweermannen betreuren en de rijkswacht ervoor verantwoordelijk stellen. Om wraak te nemen plegen ze op 6 mei een aanslag op een kantoor van de rijkswacht in Sint-Pieters-Woluwe, waarin de directie logistiek en financiën is gevestigd. De explosieven zijn in de vensterbank van de benedenverdieping gezet. Twee computers worden ernstig beschadigd. De aanslag was lang tevoren secuur voorbereid, want de foto van het geviseerde doelwit in het CCC-opeisingscommuniqué dateert van een paar maand terug. In het communiqué, dat onder de deur van het RTBF-gebouw in Namen wordt geschoven, onderstrepen de CCC dat 'de rijkswacht heeft nagelaten de omgeving te ontruimen, ondanks onze telefonische waarschuwing! Wij hebben te veel op de rijkswacht vetrouwd', besluiten de CCC. Met de VBO-aanslag geven ze het startsein voor een tweede campagne, die ditmaal is gericht tegen de werkgevers en de 'revisionisten'. De CCC waren van plan op 1 mei enkele spectaculaire acties uit te voeren , zogezegd om de massa te mobiliseren. Zo droomden ze ervan de toegangen tot de perrons in het Brusselse Zuidstation af te sluiten met gewapende aanhangers en de daar aanwezige treinreizigers kort toe te spreken. Ten gevolge van het 1 mei-fiasco moeten ze die plannen evenwel laten varen.

15 Mei : In Overijse worden tientallen wapens gestolen bij Juan 'Tonio' Mendez-Blaya. Tijdens een inbraak gingen inbrekers met het grootste deel van zijn verzameling aan de haal. De buit was indrukwekkend: negentien oorlogswapens, twaalf jachtgeweren en twintig handvuurwapens. Het onderzoek door de BOB en de gerechtelijke politie leverde niets op en daarom was Mendez in het milieu van schutters en wapenhandelaars discreet een eigen onderzoek begonnen. De informatie die hij in die kringen bij elkaar sprokkelde, had hem stilaan tot de overtuiging gebracht dat de gestolen wapens in handen waren gevallen van de Bende van Nijvel. In intieme kring vertelde hij bovendien aanwijzingen te hebben gevonden dat de Bende iets te maken moest hebben met een plan tot staatsgreep. Na de dubbele overval op de Delhaize-warenhuizen in Eigenbrakel en Overijse, eind september 1985, waarbij acht mensen werden vermoord, informeerde Mendez bij de politie van Overijse naar de wapens waarmee de slachtpartij werd aangericht. Het antwoord stelde hem voorlopig gerust. De bij hem gestolen wapens werden in Eigenbrakel en Overijse niet gebruikt. Begin januari 1986 beschikt Mendez over nieuwe elementen die hem het ergste doen vrezen. Voor hij verdere stappen onderneemt, wil hij de zaak eerst eens grondig doorpraten met een van zijn medewerksters bij FN die hij denkt in vertrouwen te kunnen nemen en met wie hij een afspraak vastlegt op 4 januari. De dame is echter verhinderd en laat de afspraak naar een niet nader bepaalde datum verschuiven. Het cruciale gesprek zal nooit plaatsvinden. Juan Mendez is sinds 1981 wapenverkoper voor de FN fabriek van Herstal. Hij is ook 'bevriend' met rijkswachter Bouhouche en andere leden van de Brusselse schietclubs. Sommige gestolen wapens van de privé-collectie van Mendez worden te koop aangeboden in het milieu, onder andere aan Patrick Haemers. Andere wapens van Mendez worden later, samen met de gestolen wapens van de groep Dyane, teruggevonden in een autobox van Bouhouche en Beyer in het Brusselse. Later zal wetenschappelijk onderzoek bewijzen dat geen van deze wapens werd gebruikt door de Bende, al dacht Juan Mendez van wel.

20 Mei : Weer in Neufville, weer een postwagen, weer Patrick Haemers. Het begint routine te worden. Een groep gangsters die een postwagen overvallen en aan de haal gaan met een omvangrijke buit. In Neufville bedraagt ze 10.520.000 frank. Onderzoeksrechter Laffineur beticht Haemers van deze overval.

21 Mei : Na de bloedige overval in Anderlues verstrijken de weken en de resultaten laten te wensen over. Michel Cocu als schuldige? Men probeert er nog in te geloven maar de twijfel begint te knagen als een worm in een te rijpe vrucht. Bepaalde leden van de gerechtelijke politie, van de rijkswacht en zelfs van de Staatsveiligheid, staan nogal kritisch tegenover het gevoerde onderzoek. Volgens hen had men niet alleen in termen van gewoon banditisme moeten denken, maar ook de mogelijke politieke, terroristische dimensie van de zaak moeten onderzoeken. Op het parket van Nijvel blijft Jean Deprêtre toch bij zijn standpunt dat de slachtpartijen op rekening moeten geschreven worden van 'rovers'. Dat men niet verder moet gaan zoeken en dat hij niet aan het hoofd staat van het arrondissement van Nijvel om sciene-fiction romans te schrijven ... Michel Cocu, Jean-Claude Estiévenart, Adriano Vittorio en Michel Baudet daarentegen, vinden wel de tijd om te schrijven. Ze slagen erin brieven aan kranten buiten te smokkelen, waarin ze zogenaamde gestapo-methodes aanklagen, die zouden gebruikt zijn om hen te verplichten de uit de lucht gegrepen bekentenissen te ondertekenen. Na een jaar preventieve hechtenis had men mogen verwachten dat de onderzoekers iets meer zouden te weten gekomen zijn over deze 'filière boraine' en over de twaalf moorden die op veertien maanden tijd gepleegd waren, voor een buit die niet eens vijf miljoen bereikt. Op een jaar tijd is de politie verplicht geweest Richard Brouette in vrijheid te stellen. Deze begrafenisondernemer werd in juni 1984 aangehouden omdat hij een tijdje de fameuze Sturm Ruger van Michel Cocu, die vroeger in zijn begrafenisonderneming had gewerkt, in bewaring heeft gehad. Ook Robert Becker, alias Baloo, de schroothandelaar die verdacht werd van de overval in Anderlues, heeft men moeten vrijlaten. De weken verstrijken, de 'filière boraine' krimpt in. Het onderzoek stagneert. Het moreel van de onderzoekers is danig verkleind. Men krijgt Michel Cocu niet meer aan de praat. Adriano Vittorio slaat niet door, ondanks alle trucjes die men in Nijvel gebruikt, bijvoorbeeld door een verklikker bij hem op te sluiten met de opdracht Cocu voortdurend te bespieden en eventuele vertrouwelijkheden te brieven. Ten einde raad geven de onderzoekers het ondervragen op. Vittorio, Cocu en Baudet vrezen gedurende verscheidene weken dat men ze op het justitiepaleis van Nijvel uit het oog heeft verloren. De Procureur des Konings, een oude rot in het vak die de dertien dozen waaruit het dossier op dat moment bestaat van buiten kent, weet maar al te goed dat zijn werk voor een assisenhof weinig gewicht in de weegschaal zal leggen. Met uitzondering van de bekentenissen, berust de hele constructie nog steeds op het wapen van Michel Cocu, een wapen dat de rijkswacht sedert 20 mei 1983 in haar bezit heeft en dat aan nieuwe expertises wordt onderworpen. Eind 1983 beweert een eerste groep experts dat de Sturm Ruger ongetwijfeld gebruikt werd in Genval en in Halle. Tot dusver geen gewetensproblemen voor de aanhangers van de 'filière boraine'... Maar in november 1984 wordt het wapen toevertrouwd aan een tweede groep, samengesteld uit drie experts die uiteindelijk uit elkaar gaan zonder het eens geworden te zijn. In januari 1986 verklaard een expert van de Fabrique National dat het onmogelijk is iets te zeggen over Genval, maar dat het wapen zeer waarschijnlijk in Halle werd gebruikt. Drie maanden later komen de Franse diensten van de gerechtelijke identiteit tot gelijkaardige conclusies, maar ze houden daarbij geen rekening met een gegeven dat hun complete rapport invalideert ...

22 Mei : Einde 1983 arresteerde de politie verschillende personen die verdacht werden van lidmaatschap van de Bende van Nijvel, de Borains. Niemand van hen zit nog gevangen bij gebrek aan bewijs. Een van hen heet Adriano Vittorio, Fransman en gewezen lid van het SAC, een extreem-rechtse groepering in Frankrijk. Op 22 mei 1985, drie dagen na zijn vrijlating, verklaarde hij aan een journalist van de krant La Dernière Heure: 'U kent mijn politieke opvattingen. Wel, ik zal u eens iets vertellen. Men zegt dat de CCC van oorsprong extreem-links zijn. Dat is fout. Het zijn rechtse extremisten die in de strategie van de spanning hun eerste vuurproef hebben doorstaan onder de dekmantel van de Bende van Nijvel.'

29 Mei : In het Heizelstadion in Brussel strijden Juventus Turijn en Liverpool FC om de Europese beker van Landskampioenen. Die dag konden miljoenen televisiekijkers over heel Europa rechtstreeks de stormloop van de Britse hooligans volgen in het berucht geworden Blok Z. De ordestrijdkrachten, rijkswachters van het Mobiel Legioen met totaal verouderde uitrusting, moesten hulpeloos toezien hoe de Italiaanse supporters onder de voet werden gelopen. Balans na de veldslag, 39 doden en 459 gewonden. De meesten waren verpletterd toen de supporters massaal vluchte voor het geweld en toen een deel van de tribune instortte. De onmiddellijke aanleiding tot dit drama is de charge uitgevoerd door Liverpool-supporters, waaronder zich neo-fascisten van het 'National Front' hebben gemengd. In het gedrang bezwijkt een zijmuur. De meeste dodelijke slachtoffers zijn gestikt of vertrapt. Op een schrijnende manier werd duidelijk hoe de ordediensten in België wederom faalden. De rijkswacht haar verantwoordlijkheid voor dit drama is enorm. De Britse hooligans werden in hetzelfde blok geplaatst als de Italiaanse supporters, met als enig obstakel voor de hooligans, een ijzeren hek. Kort daarop wordt een parlementaire onderzoekscommissie onder voorzitterschap van PS-kamerlid Collignon ingesteld om te peilen naar 'de oorzaken van en de verantwoordelijkheid bij het Heizeldrama'. Een maand later, op 6 juni, maakt de commissie haar verslag en besluiten bekend. Ze zijn zacht uitgedrukt, weinig vleiend voor de rijkswacht. Maar volgens commandant Bernaert mogen de tekortkomingen van zijn 'ondergeschikten' niet overdreven worden, ze zijn immers het gevolg van een gebrek aan manschappen en middelen. Een leidmotief dat Bernaert eindeloos herhaalt. Zijn wensen zullen snel verhoord worden.

18 Juni : In het dossier naar de Bende van Nijvel werd een erg vreemde PV toegevoegd door de BOB van Waver. Daarin wordt de vraag gesteld kennis te mogen nemen van een onderzoek dat uitgevoerd wordt door het Hoog Comité van Toezicht ten aanzien van een overleden magnaat in de Brusselse bouwsector, Charly De Pauw, en naar 'verschillende personen die banden hadden met slachtoffers van de Bende van Nijvel'. Charly De Pauw was in de jaren '70 lid van de zakelijke lobby rond Paul Vanden Boeynants. In PV nr. 665 van 18 juni 1985 is er sprake van een videocassette, opgenomen in La Hulpe. Die cassette zou obscene beelden bevatten en verschillende belangrijke figuren zouden erop figureren. Charly De Pauw zou voor die cassette 140 miljoen frank betaald hebben.
Meer » Roze Balletten

Woensdag 26 Juni : Ons land maakt kennis met de Bende van Baasrode. De bende van Phillipe De Staerke maakt naam als de Bende van Baasrode bij de overval van het postkantoor aldaar. De buit bedraagt 1.4 miljoen frank. Tot eind januari 1986 volgen zeker vijftien gewapende overvallen en minstens dertig diefstallen van bijna uitsluitend BMW's. De Staerke wordt er door de Dendermondse onderzoeksrechter Freddy troch later van verdacht lid te zijn van de Bende van Nijvel. Hij wordt uiteindelijk buiten vervolging gesteld.

11 Augustus : Nabestaanden van Mendez treffen in de villa waar hij woonde een compleet gedemonteerd wapen waarvan ze de oorsprong niet kennen. De speurders hebben er nochtans weinig moeite mee om de herkomst ervan te bepalen. Het is een van de machinegeweren Heckler und Koch die eind 1981 bij de Groep Diane gestolen waren. Wapens van Mendez duiken overigens mondjesmaat op de meest bizarre plaatsen op. Zo vindt de rijkswacht tijdens een huiszoeking bij een heler in februari 1987 in Erpe Mere een UZI-mitrailleur uit de verzameling van Mendez. De heler bleek het wapen van Mendez te hebben ontvangen van graaf Jules Montel, een beroepsgokker, kleine crimineel en tipgever van verschillende politiediensten. Montel kan evenwel niet meer aan de tand gevoeld worden. Toen hij op 11 augustus 1985 zijn hond uitliet, werd hij vlakbij zijn woning met drie schoten in het hoofd geëxecuteerd. De twee gemaskerde moordenaars lieten zijn portefeuille met 50.000 frank onaangeroerd. Montel werd vermoord twee maanden voor het begin van het proces tegen Claude Leroy, magistraat en gewezen kabinetslid van minister van Justitie Jean Gol. Leroy werd ervan beschuldigd gerechtelijke dossiers aan het milieu te hebben doorgespeeld. De magistraat ontkende dit niet, maar beweerde dit te hebben gedaan om in ruil informatie over de Bende van Nijvel los te krijgen. Om deze beweringen te staven wou Leroy graaf Montel als getuige oproepen. Volgens Leroy leverde Montel belangrijke informatie waardoor de gijzeling van een magistraat en de ontvoering van prins Filip kon worden verhinderd. De toenmalige vriendin van Jean Bultot wist Hugo Coveliers nog een ander vreemd verhaal te vertellen. Toen haar man in de gevangenis verbleef was hij bijzonder ongerust over zijn situatie. Pas nadat Jules Montel werd vermoord, vond Jean Bultot zijn rust terug. Uit de getuigenverklaring van Frank De Moor weet de commissie dat hij van een informant wist dat Jules Montel op de hoogte was van het feit dat de strafbundel van een belangrijk politicus zou zijn verkocht en dus verdwenen was. De dader zou 5 miljoen hebben ontvangen en gedeponeerd hebben op een bankrekening in Luxemburg. Al deze gegevens zijn steeds meewarig weggewuifd door de officiële onderzoekers. Enig verder onderzoek zou nochtans geleerd hebben dat de man waarvan sprake niet aan zijn proefstuk toe was en 'bekend' is bij de gerechtelijke diensten.

15 Augustus : Onderzoeksrechter Doraene koppelde voor de Bende-commissie nog een andere aanslag aan Bouhouche en Beijer, namelijk de overval in het pretpark Walibi van 15 augustus 1985, waarbij een geldkoerier neergeschoten werd. Maar over die overval wilde Doraene voor de Bende-commissie slechts achter gesloten deuren praten. Doraene verwees later in zijn getuigenis wel naar enkele wapens waaronder een uitzonderlijk Heckler und Koch, die Beijer onder een valse naam aangekocht had. Dit type wapen werd gebruikt bij de Walibi-overval. Dit werd geconstateerd aan de hand van de expertise van de kogelhulzen. Volgens voormalig procureur-generaal Demanet van Bergen, die het parket van Charerloi superviseerde, was de Walibi-overval een van de vergeten aanslagen van de Bende van Nijvel. Officieel werd deze overval nooit in het organigram van de aanslagen van de Bende van Nijvel opgenomen. Maar volgens Demanet moest deze overval omwille van diverse technische redenen aan de Bendelijst toegevoegd worden. Ook de Delta-cel van Dendermonde had op een bepaald moment intresse voor het Walibi-dossier. Kolonel Sack van de Delta-cel verklaarde hierover: 'In eerste instantie hebben wij vanuit de informatie die we verkregen in het onderzoek naar de feiten in Delhaize Lokeren, gezocht naar een dossier waarin wij de potentiële daders konden onderbrengen. Ik ben zelfs tot in Nijvel geweest omdat de bendeleden op een bepaald ogenblik werden verdacht van de moord in Walibi in augustus 1985. Enkele leden van de bende waren toen voortvluchtig. We hebben gezocht naar een dossier waarin wij de verdachten konden onderbrengen om zo vanuit een comfortabele positie verder te werken in de richting van Aalst.' Nochtans had een rapport van het Centraal Bureau voor Opsporingen van de rijkswacht deze overval reeds op 3 februari 1986 bij de ballistische wapenlijst van de Bendeaanslagen opgenomen. Maar merkwaardig genoeg niet in de gewone lijst waarin alle Bendeaanslagen opgesomd werden. Onderzoeksrechter Baeyens was voor het onderzoek van deze overval bevoegd. Hijzelf had in deze overval nooit de beruchte Bende gezien, maar hij had dan ook nooit enige kennis gekregen van het CBO-rapport. Baeyens gebruikte deze Walibi-overval als voorbeeld van het knoeiwerk van de Belgische justitie. Een van de daders was opgepakt in Frankrijk. De verdachte zat vast in Grenoble. Baeyens vroeg een rogatoire commissie voor Frankrijk aan. Hij moest voor de bureaucratische molen eerst een volledige onkostennota opmaken. Hiervoor moest hij uitdokteren hoeveel een maaltijd en een overnachting in een hotel in Grenoble kostte. Pas toen dit alles geregeld was en de kredieten geblokkeerd waren, konden de speurders vertrekken naar Frankrijk. Maar toen was de vogel al gevlogen. De verdachte die slechts voorlopig vast zat, was door de Franse autoriteiten vrijgelaten en onmiddellijk verdwenen. Achteraf werd dit dossier geklasseerd met de vermelding 'daders onbekend' en pas recentelijk terug heropend. Volgens de Nijvelse onderzoeksrechter Schlicker geloofden de speurders eerst in een ballistisch verband tussen de Walibi-overval en de Bende omdat getuigen van deze overval mogelijk een Ingram-mitraillette herkend hadden. Maar het dossier werd nooit samengevoegd. Doraene had in zijn getuigenis terloops ook naar een Ingram bij de Walibi-zaak verwezen.

13 September : In dezelfde periode, na de vrijlating van Bultot, vindt er op 13 september '85 een vechtpartij plaats in de 'Aigle d'Or' aan de Marktstraat in Sint-Joost. Bij die vechtpartij wordt Ramadan Dodack ernstig gewond. Dodack trekt naar de kliniek, 47 hechtingen zijn nauwelijks voldoende om het bloed te stelpen. Toch keert Dodack na de verzorging terug naar de 'Aigle d'Or'. Hij schiet daar op Alain Moussa, alias 'Le Flingueur'. De rel houdt verband met de verdwijning van godfather van de Brusselse onderwereld Dewit, en diens opvolging. Ook Moussa zou, net als Dodack, hierop aanspraak maken. Moussa is een gewezen luitenant van Dewit. Hij is pooier in het Brusselse Noordkwartier, is afkomstig uit Tunesië en werd geboren in '51. Hij heeft een verhouding met Marie-José V., de vroegere vriendin van Brahim Sinanaj, de vennoot van Dodack in 'Le Jambon' en medeheler met Bultot in de kasbongeschiedenis. Moussa werd voorheen tot viermaal toe geïnterneerd in de penitentiaire inrichting van Paifve. Twee keer vluchtte hij er. De naam van Moussa werd al bij herhaling genoemd in verband met het onderzoek naar de Bende van Nijvel. Zo werd hij vermeld in een BOB-rapport dat in Waver werd opgemaakt in maart '85 over de Bende van Nijvel en meer bepaald in verband met de overval op wapenhandelaar Dekaise in Waver. Volgens een informant van de Bende-onderzoekers zou Moussa deelgenomen hebben aan verschillende moorden die de Bende van Nijvel pleegde. Deze informant, Bernard S., overleed na zijn verklaringen. De man verhing zichzelf in verdachte omstandigheden. Enkele dagen voorheen vuurde S. zonder enig motief met een kaliber .22. De informant wilde en huls recupereren om aan het gerecht te bezorgen. Volgens sommige speurders werd die huls echter nooit teruggevonden, terwijl deze precies erg verhelderend zou kunnen zijn voor het onderzoek naar de Bende van Nijvel. De BOB van Halle verneemt via een milieu informant daarenboven dat de daders van de Bende-overval op de Colruyt in Halle dienen gezocht te worden in de omgeving van de bar 'Licorne', waar Alain Moussa regelmatig bezoeker is. Wanneer Moussa later wordt opgepakt, zal hij bij een verhoor bekentenissen afleggen. Bij die gelegenheid stelt hij de overval in Halle te hebben uitgevoerd samen met Michel Cocu en Jacques Van Camp. Tijdens hetzelfde verhoor zal hij die bekentenissen echter weer intrekken.

Zondag 22 September : Het is 22 maanden geleden sinds de Bende van Nijvel nog iets van zich heeft laten horen. Voor de onderzoekers is die abnormale stilte heel duidelijk, de Borains zijn de daders. En nu zij gearresteerd zijn is de zaak opgelost. Het onderzoek raakt in de vergeetput en wordt voor de justitie een taboe. Er zijn op dit moment belangrijkere zaken voor de onderzoekers. In 1984 werd het land overspoelt door terroristische acties van de CCC, de Cellules Communistes Combattantes. Niemand wordt dan ook verontrust wanneer in de nacht van 21 op 22 september een commando binnendringt in de auto-opslagplaats van de firma d'Ieteren, aan de weg Brussel-Leuven in Erps-Kwerps, bij Kortenberg. De overval grijpt plaats in de nacht van zaterdag op zondag, iets na vieren 's morgens. De mensen van de firma Securitas die de parkings moesten bewaken, stellen voor vijf uur met verbijstering vast dat onbekenden alle veiligheidsmaatregelen hebben omzeild en dat ze een deel van de afrastering doorgeknipt hebben, waarna ze aan boord van een antracietgrijze driedeurs Golf GTI verdwenen zijn. Spijts alle maatregelen en onder de neus van de wachtposten. Deze waanzinnige operatie bleef lange tijd in een waas van geheimzinnigheid gehuld. De overvallen opslagplaatsen waren beschermd met geheime bewakingstechnieken en elektronische detectiesystemen, en genoten daarom bij Securitas een reputatie van volkomen onschendbaarheid. Om binnen te dringen moest men wel over flink wat lef beschikken en bovendien verduiveld goed ingelicht zijn, anders kon men niet weten dat het door een elektronisch oog ingeschakeld alarm toch nog tijd liet om een wagen te stelen. De deuren van de Golf waren niet gesloten en op alle wagens zaten de contactsleutels. De dieven moesten ook enkele liters superbenzine meegebracht hebben. Ter plaatse hebben de Brabantse gangsters twee wagens moeten verplaatsen die de weg versperde voor de gestolen Golf. De raid werd vlekkeloos uitgevoerd en rekening houdend met de frequentie van de bewakingsrondes, was alles voorbij in minder dan vijf minuten. Daarin is ook de tijd begrepen nodig om de verscheidene vierkante meters afrastering door te knippen. De BOB van Leuven stelt zich vragen over de wonderlijke bandieten, die zo'n merkwaardige onderneming opzetten om een Golf GTI te bemachtigen die ze ongetwijfeld makkelijk op straat hadden kunnen stelen. De gerechtelijke autoriteiten houden de zaak voorlopig nog stil. De pers zwijgt.

Dinsdag 24 September : Carinne Dellaert word vermoord teruggevonden in een aalput aan het schipperscafé Neptune. Dat ligt langs het kanaal Gent-Terneuzen aan de Kuhlmankaai. Carinne was 3 jaar ervoor, op 16 jarige leeftijd, ontvoerd. 3 jaar lang is ze vermist geweest. De vader wordt aangehouden en lange tijd verdacht maar weer vrijgelaten en de zaak wordt geklasseerd als onopgelost.

Vrijdag 27 September - Eigenbrakel : Drie doden in een warenhuis in Eigenbrakel en nog vijf slachtoffers in de Delhaize van Overijse. Beroepsterroristen, echte killers, 'monsters' zijn verantwoordelijk voor het eerste bloedbad van de herfst van 1985. Een bloedbad waarbij een aanvalstechniek gebruikt werd die in oktober 1983 werd uitgetest in de Delhaize in Beersel. Met dat verschil dat 'zij' nu riotguns afvuren op alles wat beweegt. 'Zij', dat zijn natuurlijk de Brabantse moordenaars. Rijkswacht en gerechtelijke politie weigeren informatie vrij te geven over de weinige aanwijzingen die werden gevonden, maar de pers twijfelt er niet aan dat de moordenaars zijn teruggekeerd. Het publiek is ontsteld: een caissière, zes klanten en een kind van veertien, mensen die gewoon boodschappen deden op een vrijdagavond, sterven een even absurde als wrede dood. De buit van beide warenhuisovervallen samen bedraagt nog geen vier miljoen frank. De nachtmerrie begint om 20u07 in de Delhaize aan de Rue de la Graignette in Eigenbrakel, vlakbij het fameuze kruispunt van Mont-Saint-Pont. Op dat tijdstip houdt een donkere wagen stil op de parking, ter hoogte van het restaurant vlakbij het warenhuis. Drie individuen, waarvan een met een indrukwekkend gestalte, komen uit de zwartgrijze wagen te voorschijn. Hun gezicht gaat schuil achter een carnavalsmasker. Alle drie zijn ze gewapend. In oktober '83, in de Delhaize in Beersel, hadden de moordenaars eerst een student geneeskunde vastgegrepen en die dan het warenhuis binnengeduwd. In Eigenbrakel wenden ze dezelfde techniek aan. Ze gijzelen een kind van zo'n twaalf jaar dat in afwachting dat zijn ouders terugkeren uit de drugstore, op de parking rondjes rijdt met zijn fiets. Een van de gemaskerden licht het kind van zijn fiets en sleept het verscheidene meters over de grond naar de ingang van het warenhuis. De nacht is ingetreden. In het schijnsel van de koplampen ziet een van de drie mannen een vader met zijn zoon, in een bestelwagen. Het gezin Djuroski is pas aangekomen bij de Delhaize. Naast zijn zeventienjarige zoon, wacht Bozidar Djuroski voorin de bestelwagen op de terugkeer van zijn vrouw en dochter. Het lot deed hen kruisen met het pad van de Brabantse moordenaars. Deze laatsten bewegen zich behoedzaam over de parking, als bij een oefening. Op enkele meters van de bestelwagen, brengt een gangster zijn wapen in aanslag en vuurt op de arme man. De kogelregen verbrijzelt de voorruit. Een kreet slakend, zakt Bozidar Djuroski ineen op het stuur van zijn bestelwagen. Tegen het eind van de avond zal hij overleden zijn. Zijn zoon wordt zwaar gewond door verscheidene kogeltjes in de borst en in de schouder. Ondertussen beweegt het gangstertrio zich voort in de richting van de hoofdingang van het warenhuis. Ze gebruiken het kind als menselijk schild. Precies op dat moment wil een klant, Ghislain Platane, het warenhuis verlaten. Ghislain krijgt zelfs de tijd niet om wat dan ook te begrijpen, een nieuwe ontlading uit de riotgun maait de 39-jarige inwoner van Eigenbrakel neer. Het bij zijn haar vasthoudend kind nog steeds voor zich uitduwend, duiken de moordenaars dan op in de verkoopruimte. Bij het horen van de buiten afgevuurde salvo's is iedereen daar teruggeplooid naar de achterkant van het magazijn en proberen de klanten zich tussen de rekken te verstoppen. Een zwaar gebouwde, sterke man heeft de leiding en beveelt de klanten: 'Allemaal op de grond! Liggen, of je gaat eraan.' Deze hold-up verloopt alsof elke fase ervan is ingeoefend. Alsof de moordenaars op voorhand hebben beslist dat ze van bij het begin zouden schieten. Het gegijzelde kind wordt even los gelaten en het grootste bendelid keert zich naar een klant toe en beveelt hem te volgen naar het bureau van de directeur, waar zich de koffers bevinden. Vooraleer de klant de tijd krijgt om uit te leggen dat hij de beheerder niet is, vertrekken al twee schoten in zijn richting, gelukkig zonder hem te treffen. Twee van de drie bendeleden haasten zich dan naar het bureau van de beheerder. Zij dragen handschoenen en proppen de bankbiljetten in een grote reiszak. Met een korte ruk trekken ze dan de telefoondraden los en komen terug in de verkoopruimte waar de derde bandiet de jongeman opnieuw gijzelt. Hij drukt de loop van een pistool in diens nek en herinnert caissières en cliënteel er droogjes aan dat ze braaf neergeknield moeten blijven. Een klant die dat bevel niet snel genoeg opvolgt, wordt omvergehakt door een salvo uit de riotgun. Een slachting is het. Ook Roger Engelbienne zal zijn verwondingen niet overleven. Hij is het 15de slachtoffer van de Bende van Nijvel. De moordenaars vertonen geen spoor van emotie. Getuigen, ontevredenen en bemoeizuchtige worden tot doelwit genomen. De trekker van de riotgun overhalen, vergt minder inspanning dan het verpletteren van een insect. De moord op Engelbienne brengt een wending in het verloop van een weldoordacht plan om in elk geval bloed te doen vloeien. Met droge stem brult de grootste der boeven tot een van de onthutste caissières, dat ze het geld van alle kassa's moeten ophalen en opbergen in de reistas die hij haar toegooit. 'Vlug wat, of ik maak de jongen af ...'

Vrijdag 27 September - Einde van het eerste bedrijf. Doek. Pauze : Luttele seconden later zijn de gangsters al op weg naar Overijse, terwijl de eerste hulpdiensten op de parking van het warenhuis overal verwilderde, verbijsterde en afgestompte klanten in shocktoestand aantreffen. Sommigen kunnen geen woord uitbrengen. Anderen geven verwarde, maar steeds hallucinante beschrijvingen van de overval. Rijkswachters stellen vast dat het gegijzelde kind ongedeerd achtergelaten werd op de parking. Getuigen bevestigen dat de moordenaars in een donkere wagen gesprongen zijn, dat ze met huilende turbo de parking hebben verlaten en in de nacht verdwenen zijn ... Men weet op dat moment nog niet dat de drie doden die op de parking en aan de kassa's van het warenhuis liggen, de gangsters 388.000 frank hebben opgebracht. De politielui beven als ze het schouwspel ontdekken. De organisatie van de hulp verloopt, in een woord, moeilijk. Om 20u25 vraagt de rijkswacht zich af waar ze haar onderzoek moet beginnen, terwijl sommigen al gewagen van de terugkeer van de Brabantse moordenaars. De herinnering aan deze slachtingen is zeer levendig gebleven in deze streek van Waals Brabant waar eenieder weet dat hier, in Eigenbrakel, de beruchte Saab 900 turbo gestolen en teruggevonden werd. De bendeleden verliezen niet de minste tijd met vruchteloze hypothesen, hun avond is nog niet ten einde. De pauze is voorbij. Na vijftien minuten van keihard rijden tussen Brakel en Overijse, duiken ze al op op de parking van de Delhaize in Overijse. In hun haast zijn de moordenaars een kazerne van de rijkswacht gepasseerd. Het tweede bedrijf kan beginnen. Met drie hamerslagen. Of juister, met de drie eerste schoten uit een riotgun.

Vrijdag 27 September - Overijse : Het is 20u27. Ze dragen dezelfde carnavalsmaskers en dezelfde lange, op legerjassen lijkende mantels en ze gebruiken dezelfde wapens, twee riotguns kaliber 12. Ze zijn met z'n drieën en de grootste onder hen roept bij de getuigen onweerstaanbaar de benaming 'reus' op. Ze spreken Frans en het zeer militair aandoend scenario van deze vijfde overval op een Delhaize-warenhuis in twee jaar tijd, verloopt op precies dezelfde wijze als de vier vorige. Ze stappen uit een Golf GTI en openen direct het vuur op een klant die naar zijn wagen toestapt. Nog maar eens een slachting. Men bekommert zich niet meer om de details. Getuigen zijn ten dode opgeschreven. Vooraleer het warenhuis binnen te dringen, pakken de moordenaars het gezin Notta aan, dat ze verrassen terwijl het zijn aankopen aan het inladen is. Stephane wordt op slag gedood. Misschien hadden de gangsters de bedoeling de veertienjarige jongen te gijzelen. In Overijse staat een van de gangsters buiten het gebouw op de uitkijk. Deze wijziging in de door de moordenaars gevolgde tactiek, verklaren de onderzoekers achteraf door het feit dat de moordenaars redelijkerwijs mochten vrezen dat het in Eigenbrakel geslagen alarm zou leiden tot versterkte bewaking voor alle 31 Delhaize magazijnen in het Brusselse en dus ook in Overijse. Ze maken zich dan wel veel illusies over de interventiemogelijkheden van de ordediensten in deze ten zuiden van de hoofdstad gelegen randgemeente, die deels hoort bij het gerechtelijke arrondissement van Waals Brabant en deels tot dat van Brussel. Gevolgd door een medeplichtige, gaat de reus de Delhaize binnen. Carnavalsmaskers op en riotguns in de aanslag. Aan de kassa's ontstaat direct paniek. Er zijn veel vrouwen en kinderen aanwezig op dit spitsuur. De bij de kassa's samengestroomde klanten moeten plat op de buik gaan liggen en de caissières moeten de geldlades openen. Een van hen, de 37-jarige Rosa van Kildonck, krijgt haar kassa niet makkelijk open. Op dat moment dat hij de trekker overhaalt, heeft de moordenaar de blik van een nazi die een weerstander fusilleert. De caissière wordt met een schot door het hoofd neergekogeld. De tweede boef maakt hiervan gebruik om zich naar het bureau van de beheerder te begeven. Daar eist hij dat de koffer wordt opengemaakt. Panische momenten. Men heeft deze nooit geïdentificeerde man moeten aan het verstand brengen dat de beheerder de sleutel niet bij zich had, dat de sleutel in het bezit was van een personeelslid dat aangeduid was om over de veiligheid van het warenhuis te waken. De moordenaar heeft er genoegen mee het telefoontoestel met meerdere schoten te vernietigen en de getuigen in een belendend vertrek op te sluiten. Pas nadat de bandieten aan boord van de Golf GTI gevlucht zijn, vindt men nog twee lijken op de Delhaize-parking. Dat van Jean-Pierre Busiau ligt niet ver van dat van Brusselaar Leon Finné, het 55-jarig gewezen kaderlid van de bank Copine. Die vrijdag kwam Leon Finné terug uit het Groothertogdom Luxemburg. Leon, die altijd gewapend was, was het die avond van de 27ste september 1985 niet. Die avond begaf Finné zich naar de boekhandel van de Delhaize in Overijse om er een krant te kopen. In het onderzoeksdossier wordt vermeld, dat eerst twee schoten in zijn richting werden afgevuurd en dat zijn moordenaar dan naderbij kwam om het lichaam om te draaien en het met negen kogels in de nierstreek af te maken. Op de parking vond de rijkswacht tenslotte ook nog het lijk van Luc Bennekens, een man van eenendertig jaar die affiches aanplakte voor zijn vader, CVP-gemeenteraadslid van Overijse. Hij stond op het moment van de feiten op een ladder en werd waarschijnlijk afgemaakt omdat hij een te interessante getuige zou geweest zijn voor de onderzoekers. Vrijdag 27 September - Het onderzoek : Vijf doden in Overijse en drie doden in Eigenbrakel. Hoe komt het tot zo'n haat, die achter dit volkomen redeloze doden moet schuilen? Een stoet ziekenwagens met huilende sirenes in de nacht. Ontsteltenis heerst tussen Brussel en Waals Brabant. De rijkswacht verliest ter plaatse enorm veel tijd met het toetsen van de getuigenissen, die van persoon tot persoon verschillen. Ging het om een donkerblauwe, bosgroene, grijze of om een zwarte Golf? Ondanks de algemene paniek, meent een getuige toch kans gezien te hebben om een stukje van de nummerplaat te registreren, 'FPF 8..'. Door allerlei aarzelingen gaan kostbare minuten verloren. Als de eerste telexberichten met een beetje precieze informatie worden verspreid naar alle rijkswachtbrigades van het land, is het al heel wat te laat. De gangsters zijn al ver weg. Het politie-apperaat, dat verlamd wordt door routine en verstrikt zit in voorbijgestreefde telecommunicatiesystemen, wordt nog maar eens belachelijk gemaakt door de moordenaars. In Eigenbrakel vat de ontstelde en getekende Jean Deprêtre, sedert drie jaar belast met het onderzoek dat klaarheid zou moeten brengen, de situatie als volgt samen: 'De moordenaars zijn gek. Maar het zijn zeker geen idioten. Waar en hoe wilt u dat we ze gevangen nemen?' Bepaalde details van de overval zijn verwarrend. Verscheidene in Eigenbrakel opgetekende getuigenissen stemmen met elkaar overeen voor wat betreft de aanwezigheid van een oude, donkerkleurige Opel op de parking. De onderzoekers hebben zich afgevraagd of deze wagen in het scenario van de overval soms de rol van wachtpost had. Zou het niet kunnen dat de Bende, vooraleer het warenhuis te bestormen, een verkennings- en radioverbindingsploeg vooruit te sturen? In elk geval hebben getuigen, rond 20u10 de aanwezigheid vastgesteld van een Opel Commodore, oud model, met aan het stuur een dikke man van zo'n vijftig jaar. De man had bakkebaarden die aan zijn slapen grijsden. De Opel vertrok toen de Golf GTI van de moordenaars op de parking aankwam. Deze waarnemingen stemmen overeen met die later verteld worden door verscheidene ooggetuigen van de slachtpartij in Aalst, op 9 november '85. In de Delhaize in Overijse hebben de gangsters een totaal van 3.514.495 frank buitgemaakt, waaronder 1.520.00 frank in cheques. De bloedbaden in Eigenbrakel en Overijse creëren een duidelijke panieksfeer in België. De pers gaat tekeer en stelt zich vragen over de bekwaamheid van de overheid om een degelijk onderzoek uit te voeren. Bij de rijkswacht vreest men voor een nieuwe reeks overvallen op de daaropvolgende vrijdag. De deskundige baseren zich op wat in het verleden is gebeurd, zolang de bij de hold-up gebruikte Golf niet ergens middenin een bos uitgebrand teruggevonden is, moet het ergste gevreesd worden. Waar en wanneer zal de volgende hold-up plaatsgrijpen?

30 September : Drie dagen na de overval formuleert Walter de Bock het in De Morgen als volgt: 'De kort na elkaar gepleegde overvallen van vrijdag in Eigenbrakel en Overijse verraden eens te meer dat de zogenaamde Bende van Nijvel haar acties plant op basis van inside informatie die alleen vanuit het leger of rijkswacht kan afkomstig zijn. Uit de uitvoering ervan blijkt verder dat het hier om acties gaat die bijna alleen door militair getrainde commando's foutloos kunnen worden uitgevoerd. Hun terreur lijkt waanzinnig maar is bij nader inzien te doelgericht om niet weloverwogen te zijn. En het doelwit vormen zowel de politiemensen en de justitie als de publieke opinie zelf.' Ook de gezagstrouwe krant Gazet van Antwerpen bloklettert op haar frontpagina dat de Bende van Nijvel uit ex-beroepsmilitairen zou bestaan en dat de moordenaars in extreem-rechtse hoek moeten worden gezocht. Niet iedereen is het daarmee eens. De Nijvelse Procureur Jean Deprêtre blijft vasthouden aan de stelling dat de Bende van Nijvel uit gewone gangsters bestaat. Hardnekkig blijft hij elke politieke piste van de hand wijzen. Wanneer onderzoeksrechter Schlicker zich uiteindelijk toch voor die extreem-rechtse en neo-nazistische pistes begint te interesseren, wordt hem door Deprêtre zijn joodse afkomst verweten. Exit extreem-rechtse piste. Maar in de marge van het onderzoek in Nijvel zijn zich sommige speurders vragen beginnen stellen naar aanleiding van de dubbele moord op de parking van de Colruyt. Vooral de achtergronden van sommige slachtoffers van de Bende van Nijvel trokken de aandacht. Zo viel het sommige speurders op dat een van de slachtoffers van de Bende bij de overval in Overijse een gewezen bankdirecteur was. Niet enkel politiemensen stelden zich hierbij vragen, maar ook verwanten van de slachtoffers. Op 27 september '85 kwam Léon Finé terug uit het Groot-Hertogdom Luxemburg. Finé was voormalig filiaalhouder van de Banque Copine op de Louizalaan. De man was daarna actief gebleven in de financiële sector, hoewel niet voor iedereen duidelijk was welke functie nu de vele reizen heen en terug naar het Groot-Hertogdom Luxemburg betekenden en in opdracht van wie hij ze nu wel verrichte. Op zijn terugweg had Finé zijn woning nog niet bezocht voordat hij stopte aan de Delhaize in Overijse, om een krant te kopen. Nadat de Bende haar moordraid in Eigenbrakel uitvoerde en zij aankwamen in Overijse was Finé de eerste die zonder enige aarzeling door de moordenaars werd weggemaaid. Een eerste schot deed hem op de grond vallen. De reus boog zich over de man, bekeek hem in het gezicht en executeerde Finé met een tweede schot in de nek. Herkende hij hem? Toen de speurders later merkten wie het slachtoffer was, schrokken ze. Finé was immers gedurende de laatste jaren een belangrijk informant geweest van de Brusselse gerechtelijke politie in diverse onderzoeken. Hij was trouwens erg goed thuis in het CEPIC-milieu, de toenmalige rechtse PSC-lobby die zich onder de vleugels van ex-premier Paul Vanden Boeynants had genesteld. Het gevolg hiervan was dan ook, dat op de uitvaart van het zestiende Bende-slachtoffer nogal wat personen uit het gerechtelijk milieu hun deelneming kwamen betuigen. Ook een totaal onbekende groep, de Cercle Investisseurs Avertis - afgekort CIA - trad bij die gelegenheid discreet naar voren. Overigens was al gebleken dat de agenda van Leon Finé vol stond met namen van leden van politiediensten, maar ook van inlichtingendiensten. Na de moorden in Overijse werd in de woning van Finé, die hij alleen bewoonde, tot tweemaal toe ingebroken. De speurders vroegen zich af wat dit wel mocht betekenen, temeer omdat er op het eerste zicht niets gestolen leek. Erg diepgaand is het onderzoek naar deze omstandigheden nooit geweest. Het onderzoek naar de overvallen in Eigenbrakel en Overijse bleef eerst in handen van het parket van Nijvel en daarna van dat van Charleroi, terwijl de feiten logisch nauw aansloten bij het onderzoek dat in Dendermonde werd gevoerd, naar de overval in Aalst. Het onderzoek naar de dubbele overval bleef beperkt tot de getuigenverklaringen van de personen die zich op de plaats van de misdaad bevonden.

1 Oktober : Op 1 oktober overvalt een groep gangsters in Casteau een postwagen. De overval mislukt en de daders moeten vluchten zonder buit. In het dossier 1.90 vermeldt onderzoeksrechter Laffineur de naam Haemers als een van de daders. Nog in oktober '85 verricht de gerechtelijke politie een eerste huiszoeking bij Patrick Haemers. Haemers woont dan op nummer 1 in de Chemin de la Ferme Simonart in Lasne-Chapelle-Saint-Lambert. Een van de leden van het team dat de huiszoeking uitvoert, is inspecteur Eric Clavie. Hij heeft later nog bij de Nationale Brigade gewerkt die de zaak Haemers onderzocht. De GP van Nijvel vindt alleen een riotgun die meteen in beslag wordt genomen. 'Waar was je twee jaar geleden', vragen ze Haemers ... Hij weet het niet meer. Maar wat hij wel weet, en wat hij in Brazilië altijd met klem zal benadrukken, is dat hij nooit een stap in 'Au Trois Canards' gezet heeft. Bijna een jaar later krijgt Haemers de riotgun terug. Een ballistisch onderzoek is negatief gebleken. De riotgun van Haemers werd niet door de Bende gebruikt. De GP van Nijvel had niet veel succes, maar kreeg ook niet de tijd om veel stil te staan bij het geval Haemers. In de herfst van 1985 werden ze immers van de ene huiszoeking naar de andere gestuurd. Ze holden bijna wanhopig van links naar rechts op zoek naar een aanwijzing in verband met de Bende van Nijvel.

7 Oktober : 'We hebben vanochtend de kranten gelezen en veel geleerd over de drama's van Overijse en Eigenbrakel...' De dubbele overval had plaats op een vrijdag. Vrijwel heel het weekeinde wordt besteed aan het gehakketak over wie het onderzoek mag doen, over hoe de parketten van Nijvel, Brussel, Dendermonde en Charleroi hun informatie kunnen uitwisselen. Pas op 7 oktober, tien dagen na de moordpartij, wordt besloten dat alle onderzoeken naar de Bende zullen worden heropend en onder de bevoegdheid van het parket van Nijvel worden gecentraliseerd. Temidden van dit geharrewar verstuurt het Centraal Bureau der Opsporingen van de rijkswacht zes dagen na de dubbele overval alvast een opsporingsbericht naar de districten met de schaarse gegevens waarover men op dat ogenblik beschikt. Begrijpe wie kan, ondanks de acht doden en het beestachtig optreden draagt dit document andermaal de hoofding 'Niet dringend bericht van opsporing'. In die vertrouwelijke nota van 3 oktober beschrijft het CBO de feiten van de Bende van Nijvel als 'militair'. Het ging om goed getrainde commando's, die kalm, beheerst en goed georganiseerd optraden. De Bende had dus alle kenmerken voor extreem-rechts terrorisme. In dezelfde periode bevestigt het parket van Dendermonde dat een aantal huiszoekingen en ondervragingen zijn uitgevoerd in verband met Harry Moelants. Ze hebben een nieuw spoor in het onderzoek naar de bloedige overval bij het textielbedrijf Wittock-Van Landeghem, in Temse. Deze zware jongen uit het Waasland kan wel eens de tipgever van de dieven geweest zijn. Enkele familieleden werken namelijk bij Wittock-Van Landeghem. Maar de veronderstelling kan niet hard gemaakt worden en Harry Moelants komt terug vrij.

Dinsdag 8 Oktober : De Bende van Nijvel heeft een ware angstpsychose veroorzaakt en de CCC vinden het geraden daar nog een schepje bovenop te doen. In de nacht van 8 oktober 1985 rijdt een bestelwagen stiekem het terrein van Sibelgaz in Laken op, goed verscholen achter een firma-auto teneinde zonder magneetkaart binnen te raken. Het is 1u27. De bestelwagen wordt geplaatst onder een loopbrug tussen de twee hoofdgebouwen. Dat is de plaats waar een ontploffing de meeste schade kan aanrichten. Een man springt uit de wagen, strooit pamfletten rond en raadt twee verontruste arbeiders aan zich uit de voeten te maken. Een op de wagen gemonteerde luidspreker waarschuwt twintig minuten lang dat de wagen zal ontploffen. Dan weerklinken fanfaremuziek en De Internationale en explodeert de wagen. De CCC zijn er weer. Ze passen hetzelfde procedé toe als op 1 mei, een aantal gasflessen omringd door een gordel van dynamiet. Qua materiële schade is dit zonder twijfel de meest succesvolle CCC-aanslag tot dusver. Zowat 400 ruiten sneuvelen en een deel van het gebouw ligt in puin. Het is het begin van wat de CCC hun 'Karl Marx-campagne' noemen. In de opeisingsbrief vallen ze haast in Rexistische stijl tegen 'de politieke partijen' uit. 'De wereld van de arbeid vergeet nimmer hoe dikwijls de zogenaamde 'partijen' al verraad hebben gepleegd', aldus de CCC. En verder: 'Van SP tot PK, van de jonge generatie van de PVDA tot de feodalen van de Groene partijen, het zijn allemaal historische verraders.' Ze eindigen met de oproep: 'Boycot de verkiezingen, stem blanco of ongeldig.'

Zaterdag 12 Oktober : In de vroege morgen van 12 oktober volgt een dubbele aanslag in Charleroi. Een vrijend koppel ziet twee jongelui de ruiten inslaan in het gebouw van Fabrimetal en het daarnaast gelegen belastingkantoor. Ze plaatsen een diplomatenkoffertje in de respectievelijke lokalen. Waarschijnlijk door middel van een afstandsmechanisme worden de twee koffertjes precies gelijktijdig tot ontploffing gebracht. Het gelijkvloers van de gebouwen loopt ernstige schade op. Na de KP en de PVDA moet nu het volgende symbool het ontgelden. De aankoop van het gesloten Valfil-bedrijf door de Chinese Volksrepubliek is voor de CCC de aanleiding om uit te roepen dat 'Valfil weldra net zo overbodig zal zijn voor de Chinese kapitalisten als voor onze kapitalisten'. 'De superuitbuiting van de Chinese arbeiders die maar een hongerloon krijgen geeft hen echter nog even respijt', weten de CCC. De aanslag vindt plaats daags voor de algemene verkiezingen. Minister Nothomb roept onmiddellijk een 'crisiscomité' bijeen en vordert alle beschikbare rijkswachters en politieagenten op. Zondag 13 Oktober : Op zondag 13 oktober zijn zowat 30.000 politiemannen paraat om te patrouilleren en de stemburelen te bewaken. De katholiek-liberale coalitie komt versterkt uit de verkiezingen tevoorschijn. Wat La Wallonie al op 4 mei voorspelde komt nu uit: 'De regering was buiten adem, uitgeblust. De afschuw voor de laffe aanslagen gaf haar een makkelijk voorwendsel om opnieuw prestige te verwerven en haar rampzalig beleid uit het geheugen te wissen.'

Zaterdag 19 Oktober : De CCC schrijven: 'De campagne Pierre Akkerman is gericht tegen de komende anti-rakettendemonstratie waarvan de kleinburgerlijke pacifisten naar gewoonte een folkloristische manifestatie van steriele gebeden en liederen willen maken.' Op 19 oktober ontploft in Namen een geïmproviseerde bom voor 'Infosermi', een informatiedienst van het Belgische leger. De schade is gering. De volgende nacht gooien onbekenden een molotow-cocktail naar de wagen van Pierre Galand, de voorzitter van de CNAPD, de Franstalige tegenhanger van VAKA. Die dag, 20 oktober, betogen zo'n 150.000 mensen in Brussel. Er is een opvallende vertegenwoordiging van de Christelijke Vakbeweging die de oproep van de ACW-leiding om thuis te blijven aan haar laars lapt. Een handjevol leden en sympathisanten van Ligne Rouge verspreidt onder het waakzame oog van rijkswacht in burger pamfletten met de CCC-boodschap: 'Honderden militanten geven de strijd op ... maar enkelen haken niet af. Ze zoeken nieuwe vormen van strijd en trachten te overwinnen.'

Donderdag 31 Oktober : In Aalst ligt het warenhuis beschut in de bebouwde kom. De hoofdingang situeert zich aan de brede Parklaan, terwijl de parking zich aan de Ninoofsesteenweg bevindt. De Delhaize geeft een gevoel van openheid en lijkt helemaal niet op een dodelijke muizenval. Daarenboven, noemt men die moordenaars niet de 'Bende van Nijvel' of de 'waanzinnige doders van Waals Brabant'? Het lijkt allemaal erg ver weg van deze Vlaamse stad. De winkelwagentjes worden onbekommerd voortgeduwd tegen de bries in. Tegen beter weten in? Er is inderdaad reden tot enige ongerustheid. Kort na die afschuwelijke roofovervallen in Eigenbrakel en Overijse hadden spelende kinderen aan de rand van het park, aan de achterzijde van het warenhuis, een mitrailleur, twee handvuurwapens en bivakmutsen gevonden. De wapens waren geladen. De kinderen hebben er zelfs een paar schoten mee afgevuurd voor hun geschrokken ouders tussenbeide kwamen en de schiettuigen naar de politie brachten. De Deltacel heeft proberen uit te zoeken waar die wapens vandaan kwamen. Er was een .22 bij, maar die bleek in Zwitserland te zijn gekocht, waar handelaars niet verplicht waren wapens van dat kaliber in te schrijven in hun register. Dat spoor liep dus dood. Van het andere wapen, een Smith & Wesson-revolver .38 met geluidsdemper, heeft de Deltacel de eigenaar wel gevonden. Het bleek toe te behoren aan een Amerikaanse politieagente die hem voor herstelling had binnengebracht in een wapenwinkel in de States, waar die vervolgens gestolen was. Men zou dus denken dat het interessant was uit te zoeken wie van de vele Bendeverdachten zoal door de Verenigde Staten zwierf op het moment dat het wapen gejat werd. Maar dat heeft Jumet nooit gedaan. De 31ste oktober hadden joggers in de vooravond drie mannen opgemerkt die precies op die plaats op een verdachte manier het warenhuis observeerden. Die kleine incidenten hadden wel de kranten gehaald, maar weinigen hadden er belang aan gehecht.

Zondag 3 November : Vanaf vier november begint een golf van terreur zonder weerga over België te spoelen. Die terreur is buitengewoon goed getimed want de formatiebesprekingen op het Kasteel van Stuyvenberg zijn in een beslissende fase gekomen. Die destablisatiepolitiek zal, en dat weten de CCC maar al te goed, anti-democratische gevolgen hebben. In de nacht van zondag 3 op maandag 4 november omstreeks 2u25 plaats een CCC-lid een bestelwagen Renault Espace voor het gebouw van de Bank Brussel Lambert in Etterbeek. Daarna rent hij naar een verderop gereedstaande vluchtauto. Precies op dat ogenblik komt een bewaker van Securitas aan. De CCC'er schiet onmiddellijk zijn mitrailleur met 24 kogels op de wagen van de bewaker leeg. De auto wordt vrijwel doorzeefd maar als bij wonder raakt de man slechts licht gewond. Zoals bij de aanslag op het kantoor van Sibelgaz is ook ditmaal in de bomauto een geluidsinstallatie geplaatst die voorbijgangers aanraadt zich uit de voeten te maken. En ook nu klinkt vlak voor de explosie uit de luidsprekers fanfaremuziek. Door de ontploffing worden brokstukken van de bomauto meer dan 200 meter ver geslingerd. Het is de eerste CCC-aanslag waarbij de daders vuurwapens hanteren. De 24 kogels bewijzen dat het CCC-geweld gevaarlijk escaleert.

Maandag 4 November : Drie gangsters overvallen een gepantserde postwagen aan het station van Ensival bij Verviers. Even over negen rijdt een BMW voor een postkantoor in Ensival een postwagen klem. De gangsters schieten, zonder de minste waarschuwing, op de rijkswachtcombi die het transport volgt. De rijkswacht wordt uit de combi gehaald en met hun eigen handboeien aan een verkeersbord geketend. Een bom wordt op de achterdeur van de postwagen gekleefd en tot ontploffing gebracht. Postbediende Henriëtte Genet uit Verviers, moeder van twee kleine kinderen, en Yves Lambiet uit Eupen komen om in de laadruimte. Postchauffeur Jean-François Pirlot uit Andrimont raakt zwaar gewond. Rijkswachter Daniël Rahir wordt door de bende als gijzelaar meegenomen. Twaalf kilometer verder wordt Rahir vrijgelaten. Deze bloedige overval brengt de gangsters 7.249.000 frank op. Later legt een ballistisch onderzoek een verband tussen deze overval en andere gewapende overvallen van de bende rond Patrick Haemers. Anderhalf uur later, omstreeks 11u, betreden 2 of 3 CCC'ers de baliehal van de Generale Bank in Charleroi waar op dat moment enige tientallen klanten aanwezig zijn. Ze laten vanaf een hoger gelegen galerij pamfletten naar beneden dwarrelen, met de tekst: 'Opgelet dit is een revolutionaire actie van de CCC tegen de Generale Maatschappij. Ontruim voor u eigen veiligheid onmiddellijk het gebouw ... De ontploffing heeft plaats binnen dertig minuten.' Hierop wordt het hele bankgebouw en de omliggende straten ontruimd. De bom die in het koffertje in de hal verborgen is, ontploft om 11u21. De voorgevel van het pand wordt weggeblazen. Pierre Carette slaat rustig vanuit het publiek de ontploffing gade. Hij wordt gefilmd door de gemeentepolitie van Charleroi, die er zich nadien over beklaagt dat de AGG de foto van Carette weigert te verspreiden. Het is de eerste keer dat de CCC toeslaan op klaarlichte dag, wat bewijst dat ze hoe langer hoe minder vrees hebben voor de politie. Naar verluidt maakten de CCC in de Generale Bank gebruik van een 'tijdbom', die na een half uur automatisch explodeerde, terwijl ze bij vorige gelegenheden vaak naar bommen met afstandsbediening grepen, zodat zij zelf het moment van de explosie konden uitstellen als er gevaar voor slachtoffers dreigde. Al bij al blijken de CCC zich steeds minder te bekommeren om de vraag of er doden zullen vallen. In de namiddag onderbreekt formateur Martens het formatieberaad voor spoedoverleg met Gol, Nothomb, rijkswachtbaas Bernaert, procureur Poelman en terrorisme-substituut Vandoren. De regering beseft dat de bevolking het vertrouwen in rijkswacht en justitie stilaan verliest. 'De bevolking vraagt zich af hoelang het terrorisme in ons land nog straffeloos met zijn misdaden door kan gaan', schrijft Het Volk. Na afloop van het spoedoverleg worden geen mededelingen gedaan. Wel raakt bekend dat de PVV eist dat de volgende regering de rijkswacht voldoende middelen geeft. Daarnaast pleit de liberale partij voor een nieuwe 'superpolitie'. 5 November : Dit alles kan de CCC niet afbrengen van hun plannen. Na middernacht, op 5 november, laten ze een bom ontploffen voor de deur van de 'Manufactures Hannover Bank' in het hartje van Charleroi. In een straal van 50 meter vliegen alle ruiten aan diggelen. Hoewel Charleroi na de aanslag van de vorige dag in een soort staat van beleg verkeert, hebben de daders de kans gezien om door de mazen van het net te glippen. In de loop van de dag regent het loze bommeldingen. De spanning en zenuwachtigheid stijgen zienderogen. Om 14u30 stappen twee jongelui de Kredietbank binnen aan het Monseigneur Ladeuzeplein in Leuven. De ene ketent een bankkoffertje aan een trapleuning en de andere verspreidt de pamfletten met de welbekende waarschuwing. De bank, waarin ruim 300 personeelsleden en zo'n 20 klanten aanwezig zijn, kan tijdig ontruimd worden. Om 15u00 is het muisstil op het plein. Enkel de beiaard van de universiteitsbibliotheek laat zijn monotoom deuntje weerklinken. Drie minuten later volgt een enorme knal. Ruiten vallen als in een vertraagde film naar beneden en wolken stof walmen naar buiten. De videocamera's in de Kredietbank functioneren niet goed, de daders werden wel gefilmd, maar op de videoband staan slechts zeer vage beelden. Eens te meer worden de politiediensten in hun hemd gezet. De regering moet iets ondernemen om haar tanend prestige op te kalefateren. Ze roept de bevolking op te helpen bij de opsporing van de schuldigen door waakzaam te blijven en de politiediensten in te lichten over verdachte personen en zaken. Anders gezegd, een algemene oproep tot verklikking. De hallucinante week is echter nog niet voorbij.

9 November : In de loop van de middag vindt een wandelaar in het bos van La Houssière, in Eigenbrakel, niet ver van het hellend vlak van Ronquières, een uitgebrand stapeltje rommel. De spullen kunnen er al een tijdje liggen. Zo vindt hij ondermeer zes half verschroeide afstandsbedieningapparaten voor televisietoestellen en een decodeerapparaat voor BRT-teletekst. Wellicht gaat het om spullen die gestolen werden bij particulieren, of meer waarschijnlijk nog uit een gespecialiseerde winkel. In het buitenland worden zulke toestelletjes door terroristen veelvuldig gebruikt bij het tot ontploffing brengen van springtuigen. Overigens werden zulke dingen ook wel omgebouwd om alarmsystemen te bevelen. Tussen de halfverbrande toestellen worden ook fragmenten van handgeschreven notities teruggevonden waarop nog zo'n 20 à 25-tal woorden te lezen zijn. Het is een wit stuk papier van ongeveer 10 centimeter lang, met een Franstalige zin en enkele losse woordjes als 'ventre' en 'genou' erop. Het lijkt te gaan om notities over het gebruik van wapens. Dit vermoeden wordt versterkt doordat op dezelfde plaats ook een wapenencyclopedie wordt aangetroffen. Een encyclopedie die onder andere ruim verspreid is in kringen van rijkswacht, politie en leger. Ook een wapentijdschrift over het gebruik van riotguns ligt halfverkoold tussen de rommel. Het lijkt er sterk op dat de hele verzameling verwijst naar het gespecialiseerde schuttersmilieu. Twee kleine prullen trekken nog de aandacht, een gebruikt spoorwegticket Brussel-Oostende en een halfverbrande foto van een vrouw met blond haar. Tussen dezelfde rommel liggen ook halfverbrande cheques. De wandelaar doet aangifte van de vondst. Over de cheques heen stonden immers de stempels van 'Delhaize-Overijse'. Het proces verbaal komt op het bureau terecht van de Nijvelse onderzoeksrechter Schlicker, belast met het onderzoek naar de Bende van Nijvel. Het blijkt inderdaad te gaan om cheques die door de moordenaars van Nijvel gestolen werden bij hun overval in Overijse. De onderzoeksrechter laat in het bos van Houssière geen observatiepost opstellen, ook niet wanneer hij later verneemt wat zich in de loop van de avond afspeelt in Aalst. Indien Schlicker het wel gedaan had, dan ...

9 November : 19.30 uur. Nog een klein half uurtje en het Delhaize-warenhuis van Aalst heeft de dag erop zitten. Om de hoek van het Brico-center en uit het onmiddellijke zicht van de mensen op de Ninoofsesteenweg, waar de parking op uitgeeft, stopt een Golf GTI. Drie mannen, gehuld in lange jassen en met carnavalsmaskers op, verlaten het voertuig. De kerels zijn zwaarbewapend met twee riotguns en een 9mm pistool of mitrailleur. Een van de drie mannen is opvallend groot. Een reus. Op dat moment verlaat de met de bewaking gelaste rijkswachtpatrouille haar observatieplaats en keert terug naar de kazerne, zonder de kerels op te merken en zonder het sluitingsuur van 20 uur af te wachten. Ongemerkt parkeert een helderkleurige Mercedes zich op de Parklaan, aan de hoofdingang van het warenhuis. Een man stapt uit, en loopt de Delhaize binnen, alsof er geen vuiltje aan de lucht is. Om 19u33 valt het eerste schot. De drie gemaskerde mannen zijn de achteringang van het warenhuis binnengegaan, een afstand van drie meter tussen ieder van hen in. De kerels schieten op al wat beweegt. De verschrikking bij de klanten en het personeel is totaal. De caissières geven zowat 490.000 fr. aan geld en 239.000 fr. aan cheques met een warenhuisstempel. Het geld is afkomstig van de kassa's en wordt in een witte plastiekzak gestoken met vermelding in blauw 'voor verse en diepgevroren voedingswaren'. De kerels laten zich nog 60.000 fr. wisselgeld overhandigen, plus een zware babykoffer. De mannen blijven hoogstens drie minuten in het warenhuis. Voor de drie komt het er nu op aan de parking te verlaten en de vluchtroute te bereiken. De eerste draagt de zakken en de tweede sleurt de babykoffer over de parking. Als laatste komt de reus naar buiten. Hij vuurt twee keer recht voor zich, dan in de lucht en dan opzij. De mannen wisselen geen woord. Eens de drie hun Golf GTI weer bereikt hebben, begint de motor geweldig te loeien. De GTI rijdt de parking achterwaarts af. De motorkap staat open, in de kofferruimte zit de reus, de riotgun in de aanslag. Het wapen blaft onophoudelijk. Vanuit het politiecommissariaat, een 700-tal meter verderop, rukt een gewone politiepatrouille uit die verwittigd werd via de dienst 900. De riotguns, waarover de Aalsterse politie beschikt, blijven achter. Een tweede patrouille wil meteen de eerste vergezellen, maar geen van de drie combi's wil starten. Op het moment dat de politiepatrouille aan de hoofdingang van de Delhaize aankomt, treffen de agenten er een R4 van de rijkswacht aan. Daarin zitten twee manschappen met UZI-mitrailleurs. De rijkswachters roepen de agenten toe: 'Het is daar dat het gebeurt, we hebben de lijken zien liggen.' De politiewagen rijdt verder naar de parkinguitgang. Ondertussen komt een politie-officier met een burgervoertuig aan. Het is op dat moment dat de Golf de parking verlaat. De officier gaat een vuurgevecht aan met de reus. De agent lost een vijftal schoten. De twee agenten uit de combi zijn totaal verrast door de militaire gevechtstechniek die de overvallers hanteren. Een van hen gooit zich ijlings op de grond en kan pas naar zijn wapen grijpen als de GTI op volle toeren raakt en voorwaarts de Ninoofsesteenweg instuift. Tot een echte confrontatie met de ordediensten komt het dus niet. Een tweede politiewagen arriveert precies op dat ogenblik. Deze zet de achtervolging in, gevolgd door de R4 van de rijkswacht. De mini-achtervolging wordt opgeheven een 7-tal kilometer verder, op de weg Aalst-Ninove, ter hoogte van het kruispunt 'Houten Hand'. De politiediensten van Aalst, op de parking van de Delhaize, staan er verslagen bij. Ze realiseren zich nu pas de volle omvang van het drama. Acht slachtoffers zijn er gevallen tijdens de overval van het militair commando. Het gaat om: Gilbert Van Den Steen, zijn echtgenote Marie-Thérèse Van Den Abiel en hun dochtertje Rebecca Van Den Steen, Dirk Nijs en zijn dochtertje Elsie, Marie-Jeanne Van Mulder, Georges De Smet en Jan Palsterman. Op de plaats van het drama hebben de speurders ook een safarihoedje gevonden, het hoedje dat de Reus droeg tijdens de waanzinnige raid. Aan de hand van de zweetafscheiding slaagt het lab erin de bloedgroep te bepalen, O+. Het merkwaardige toeval wil dat tijdens de overval op de Colruyt in Nijvel in september '83 de reus een gelijkaardig hoedje verloor. In het warenhuis en op de Delhaize-parking vinden de speurders ook zowat overal hulzen. De speurders schrikken nogal als zij merken dat het gaat om eendenhagel, 'plastic Legia', van zwaar kaliber. De patronen waarmee werd geschoten waren, zo blijkt, gevuld met 9 hetzij met 12 loden bollen, met een gezamenlijk gewicht van 32 gram. Voldoende om op berenjacht te gaan. Een dergelijk soort munitie werd in het verleden overigens ook gebruikt door de Groep Dyane. Het valt de speurders ook op dat er nogal wat kaliber 9-hulzen bij zijn, die al eerder werden gebruikt en opnieuw werden gevuld. Een praktijk die ruim bekend is in milieus van elite-schutters. De rijkswacht van het versterkte district Aalst en de gerechtelijke politie van Aalst slaan de handen in elkaar en zetten zich aan het opstellen van ellenlange getuigenverhoren. Iedereen wordt gevraagd naar een precieze beschrijving van de daders, maar ook naar hun gestalte en kleding, een opvallend of tekenend detail. Op basis van de hele reeks verhoren zullen de eerstvolgende dagen robotfoto's gemaakt worden. Maar aangezien de mannen gemaskerd waren, stelt men ook silhouttetekeningen samen, waarop elk detail wordt aangegeven. Het verloop van het hele gebeuren wordt op een maquette weergegeven. De speurders gaan systematisch en nauwkeurig te werk. Zo ontsnapt ook niet de man die, haast onopgemerkt, tussen de klanten liep tijdens de overval, alsof hij de hele operatie moest 'dekken' ingeval er iets zou mislopen. De man die met een helderkleurige Mercedes gekomen was. Ook raken de speurders er na verloop van tijd alsmaar meer van overtuigd dat er in feite twee Golf GTI's werden gebruikt. Een antracietgrijze, gebruikt door de drie moordenaars, en een groene, die als observatiewagen dienst deed en voorheen gebruikt werd in Overijse en Eigenbrakel. Van die laatste wagen slaagt men erin de vluchtroute deels te reconstrueren, dankzij een koppige jeeprijder die de moorddadige bolide in zijn vlucht was nagereden. De wagen reed vanuit Aalst naar Ninove, vandaar naar Leerbeek, Herfelingen en Bièrges. Daar raakte de jeeprijder het spoor bijster. Om een uur 's nachts wordt aan het kerkhof in Grimbergen een Golf GTI gevonden, identiek aan de overvalwagen. Het gaat om een wagen die twee uur na de overval werd gestolen op de Kunstlaan in Brussel. De wagen is een dwaalspoor. Gelegd door de Bende van Nijvel?

10 November : Na de meest huiveringwekkende week uit de jongste Belgische geschiedenis, vier CCC-aanslagen op banken, een overval op een geldtransport waarbij twee doden vielen en de terreuractie van de Bende van Nijvel tegen de Delhaize van Aalst, waarbij acht mensen in koelen bloede werden terechtgesteld, verkeert de bevolking in een schoktoestand. Deze bloedige week valt samen met de beslissende fase in de formatiebesprekingen op het kasteel van Stuyvenberg. Op zondagmorgen 10 november komt op verzoek van formateur Martens het crisiscomité in allerijl bijeen. Nemen aan het spoedberaad deel: rijkswachtcommandant Bernaert en zes demissionaire ministers, Gol, Nothomb, Grootjans, Dehaene, Vreven en De Croo. In Aalst heeft de rijkswacht op onvoorstelbare wijze geblunderd en allicht de kans verkeken om de Bende van Nijvel een beslissende slag toe te brengen. Bizar genoeg lijkt het crisiscomité zich daar niet aan te storen. Het vindt klaarblijkelijk dat de rijkswacht niet heeft gefaald en, meer nog, het breidt de macht van de rijkswacht zelfs uit. Zogezegd om tijd te winnen, het had 41 minuten geduurd eer men de parketmagistraat had bereikt om het politiealarm af te kondigen na het bloedbad in Aalst, beslist het crisiscomité de bevoegdheid voor het geven van een politiealarm over te hevelen van de magistratuur naar de rijkswacht. Zoals na het Heizeldrama wordt het falen van de rijkswacht beloond met machtsuitbreiding. Diezelfde dag, 10 november, neemt Jean Gol deel aan een RTBF-debat, geflankeerd door procureur Francis Poelman en substituut André Vandoren. De magistraten voelen zich zichtbaar niet op hun gemak voor de camera's en zijn alleen onder druk van hun minister bereid gevonden aan de uitzending mee te werken. Ze zijn dan ook spaarzaam met het verstrekken van informatie. Alleen procureur Poelman verwekt even opschudding met de uitlating: 'We kennen de reus van de Bende van Nijvel.' Waarop wacht het gerecht dan om zijn signalement te verspreiden of hem te laten arresteren?

11 November : In het Bois de la Houssières wordt een Golf GTI gevonden, hij is volkomen uitgebrand en de achterbank ontbreekt. Het onderzoek wijst uit dat de wagen door de moordenaars van Brabant in brand werd geschoten. Het blijkt te gaan om een metaalkleurige Golf GTI die gestolen werd op een parking van het bedrijf d'Ieteren in Erps-Kwerps. De speurders nemen aan dat het om de wagen gaat die door de Bende als vluchtwagen werd gebruikt in Eigenbrakel-Overijse. Ze sluiten tevens niet uit dat hij als observatiewagen werd gehanteerd in Aalst door medeplichtigen van de moordenaars. Zij gaan ervan uit dat het deze wagen is waarvan de vluchtroute bekend is: vanuit Aalst naar Ninove, vandaar naar Leerbeek, Herfelingen, Bièrges en daarna La Houssière. Amper 1.5 km daarvandaan, langs de oever van het kanaal Brussel-Charleroi heeft een getuige, zo wordt diezelfde dag in het proces verbaal vastgelegd, mannen zakken in het water zien gooien. Het is een bizarre getuigenis. Het PV draagt nummer 2420, farde 38 van het onderzoek. De kerels die de zakken dumpten, zo verklaart de getuige, kwamen ter plekke met een Golf GTI en een helderkleurige Mercedes. Verder verklaart de man: 'Bij herhaling heb ik twee wagens opgemerkt dicht in de buurt van het ponton van Ronquières. Het ging om een Renault 30 of een Passat van witte kleur, en een Golf GTI, eerst metaalgrijs, daarna groen. Het is deze laatste die men heeft teruggevonden in het bos van La Houssière. In deze wagens zaten meestal enkel bestuurders. In zeldzame gevallen zat er een passagier op de achterbank van de Golf. Het zijn deze personen die de wapens in het water wierpen die werden teruggevonden, en tevens de kogelvrije vest, de baby-koffer en het geld van de Delhaize in Aalst. Ze wierpen ook de nummerplaten van de Golf in het water, maar ik weet niet of zij werden teruggevonden. In feite kwamen de mannen steeds tijdens het weekend, 's nachts. Misschien verkenden zij de omgeving? Nachtelijke marchen werden eveneens georganiseerd voor de overvallen in Overijse, Eigenbrakel en Aalst. Ze waren met een half dozijn, de personen die eraan deelnamen. Onder hen bevonden zich een jonge vrouw en een jongentje. Op een dag hoorde ik de knaap zeggen dat hij een blaar op zijn voet had. Allen droegen militaire kleding-stukken. Het gezelschap leek niet gewapend.' Het onderzoeksdossier bevat nog een ander proces verbaal, nummer 525, van een andere getuige, die eveneens de mannen de wapens in het kanaal zag werpen. Procureur Deprêtre liet, op basis van deze getuigenissen, een duiker amper enkele uren zoeken in het kanaal, zonder enig resultaat. Pas een jaar later, wanneer het parket van Dendermonde verbeten met gesofistikeerd materiaal de zaak grondig laat uitzoeken, wordt een indrukwekkende reeks sporen bovengehaald. Het blijkt dat in de nacht van 10 op 11 november '85, dus hooguit twee dagen na de overval op de Delhaize van Aalst, twee zakken in het water werden gegooid met een indrukwekkende inhoud.

14 November : Op 14 november werd aan het parket te Brussel gemeld dat Jean Bultot in zijn woonplaats in de gevangenis van Sint-Gillis wapens en munitie zou hebben verborgen. Bij een huiszoeking werden verschillende laders van vuurwapens, verscheidene honderden patronen en zes bussen buskruit ontdekt. Bultot gaf toe aan verschillende personen te hebben verkocht en zelf het merendeel van de bij hem gevonden patronen te hebben gefabriceerd. Er zij aangestipt dat Bultot een vurig wapenliefhebber was en in een schietclub aan 'practical shooting' deed. Ten laste van de genaamde Bultot werd op 16 november 1985 een aanhoudingsbevel uitgevaardigd. Kort na de arrestatie van Jean Bultot werd een huiszoeking verricht in zijn ambtswoning. Op dat moment belde een man aan, die zich legitimeerde als lid van de Staatsveiligheid. Hij vroeg de spullen te mogen doorlopen die in beslag werden genomen. Toen hij de aktetas van Bultot nam, die enkele documenten bevatte en aanstalte maakte ermee te verdwijnen, zeiden de speurders dat dat niet kon. Het kwam tot een hoogoplopende discussie, die zowat een half uur duurde. Toen trok de man van de Staatsveiligheid zijn dienstwapen en verdween met de aktetas ...

Dinsdag 19 November : Op 19 november beslist minister van Binnenlandse zaken Nothomb 740 para's ten minste tot 15 december voor ordehandhaving in te zetten onder de operationele leiding van de rijkswacht. Deze beslissing valt twee dagen voor de NAVO-bijeenkomst in Evere, waar president Reagan zijn bondgenoten komt inlichten over de ontwapenings -besprekingen met de Russische partijleider in Genève. Het is de eerste keer in de geschiedenis dat het leger wordt ingeschakeld om de orde 'preventief' te handhaven. De 'binnenlandse' in plaats van de buitenlandse vijand wordt het doelwit. Ook is het geen toeval dat precies de para's worden ingezet want het zijn de elite-eenheden die betrokken worden bij geheime anti-terreuroefeningen van de NAVO.

Dinsdag 19 November : Kort na de aanslag van de Bende van Nijvel werden in Hamme twee verdachte sujetten opgepakt van wie werd gedacht dat ze wat met de Bende te maken konden hebben. Een van hen was Jean Van Peteghem, de toenmalige assisent-kinderontvoerder van Marc Dutroux. Als er ooit een tijd was waarin je als Belgische boef, zeker in de brede regio rond Aalst, beter even de straat meed, dan waren het de dagen en weken na 9 november 1985. Die avond had de Bende toegeslagen in de Delhaize van Aalst. Acht doden. Hele generaties herinneren zich hoe je in die tijd met je winkelkarretje langs met mitrailleurs gewapende agenten moest manoeuvreren, je in het vizier van scherpschutters winkelde of een simpel geval van autopech tot gevolg had dat een patrouille je, wapen in de aanslag, sommeerde uit te stappen en je benen te spreiden. En zo, in de avond van 19 november 1985, bemerken rijkswachters André De Munck en Jean-Pierre Christians van de mobiele eenheid te Hamme omstreeks 23.15 uur een 'verdachte auto' op een veldweg langs rijksweg 60. Een Opel Ascona, met twee mannen erin. Een van hen duikt weg, wanneer hij de patrouille ziet komen. 'Het voertuig staat ongeveer 80 meter in deze wegel met het front naar de RW60, waaruit blijkt dat het er achterwaarts is ingereden', signaleren ze in hun proces-verbaal 1900/85. Ze vragen de mannen uit te stappen en zich te identificeren, wat zonder problemen gebeurt. Ze spreken allebei Frans, komen uit Charerloi en heten Patrice Morre en Jean Van Peteghem. Vreemd, vinden de rijkswachters, is dat de hele achterkant van de Opel is leeggemaakt, een beetje zoals bij de Golf GTI's van de Bende. Vooraan bemerken ze een grote tas. Daarin zitten, aldus het pv: 'Sleutels, schroevendraaiers, tangen en andere werktuigen. Bij de tas liggen twee overalls en rubberen handschoenen. Door de aanwezigheid van die goederen zat de bijzitter in een uiterts oncomfortabele houding.' Verder: 'Onder de zetel van de passagier, Van Peteghem, treffen we een dolk aan van het type overlevingsmes. We vinden nog een groot springmes in zijn vestzak. Op onze vraag wat de reden van hun aanwezigheid daar is, antwoorden dat ze aan het uitrusten zijn. Dat ze van Antwerpen komen, alwaar ze de haven bezichtigd hebben en nu op hun terugweg naar huis zijn. Dat ze zuiver toevallig aan deze veldweg gestopt zijn.' Er zijn veel manieren om van Antwerpen naar Charleroi te rijden, maar Hamme ligt op geen enkel traject. Zodra hij de absurditeit van versie 1 inziet, schakelt Morre onder instemmend geknik van Van Peteghem over op versie 2. De weg ligt achter het atelier van autogarage Coulier. Morre werkt als trucker bij de firma Tramac in Laneffe. Hij heeft daar niet zo'n beste reputatie. Hij is een brokkenpiloot eerste klas. Zijn truck is op 15 november voor reparatie afgeleverd bij Coulier in Hamme. 'Ik wou komen kijken hoe het stond met de reparatie', zegt de man nu. Ook versie 2 kan de rijkswachters niet echt overtuigen: 'Uit de opstelling van het voertuig en de gedragingen van betrokken hebben opstellers het sterke vermoeden dat de ware reden wel eens gans andere zal geweest zijn.' Het Opeltje lijkt anders niet meteen geschikt voor groot banditisme. Niet verzekerd, tot de draad versleten banden, verhakkelde uitlaat: 'Deze maakte veel lawaai en bij vertrek een grote stofwolk.' Toch wekken de vaststellingen de aandacht van de Delta-cel in Dendermonde, die naar de Bende speurt. Want wat voor lefgozer of idioot moet je zijn om tien dagen na de raid in Aalst in deze regio een kraakje te komen zetten? De gerechtelijke politie van Dendermonde stuurt het dossier onder hoofding 'verdachte handelingen' door naar Charleroi. Met de bede om 'huiszoekingen met toestemming te verrichten, om na te gaan of zij in het bezit zijn van vuurwapens of andere zaken die van nut kunnen zijn in het onderzoek betreffende de roofmoorden in het grootwarenhuis te Aalst op 9.11.85'.

Donderdag 21 November : Bij het bezoek van Reagan lijkt Brussel wel een belegerde vesting. Zwaar gewapende para's, 850 rijkswachters, een paar honderd politieagenten en zowat 150 Amerikaanse veiligheidsagenten zorgen voor de veiligheid van de Amerikaanse president. Uitgerekend op het ogenblik dat Reagan zich op het NAVO-hoofdkwartier in Evere bevindt, slaan de CCC weer toe. Om 15u45 deponeert een CCC'er enkele tientallen pamfletten en een koffertje op de vierde verdieping van het kantoorgebouw aan de Van Beselarelaan in Watermaal-Bosvoorde, waar de Europese zetel van de Amerikaanse elektronica-gigant Motorola is gevestigd. Een bediende ziet een CCC'er wegvluchten langs de nooduitgang en slaat alarm. 450 werknemers kunnen tijdig het gebouw verlaten voor de bom om 16u15 ontploft en grote schade in de computerzaal aanricht. Motorola is een belangrijke leverancier van de NAVO in Evere. Hoewel de firma genoteerd stond als nummer twee op de lijst van mogelijke Amerikaanse doelwitten in ons land en hoewel de Amerikaanse ambassade tevoren de firma nog waarschuwde voor een aanslag, was er geen bewaking voorzien. In hun opeisingscommuniqué spenderen de CCC maar bitter weinig woorden aan wat zij nochtans het 'meest barbaarse regime uit de wereldgeschiedenis' noemen, namelijk het Amerikaanse imperialisme. Wel schimpen ze weer vol welbehagen op de vredesbeweging. Volgens de CCC is de 'nederlaag van het kleinburgerlijke pacifisme nu wel duidelijk voor iedereen'. Ze noemen de betoging van 150.000 man op 20 oktober een flop en zetten zichzelf in de bloemen: 'Het lamlendig pacifisme dat zowel bij de verlichte nonnen als bij de PVDA vurige aanhangers telt, is nu niet meer de enige manier waarop tegen het burgerlijke militarisme wordt gevochten.' Dat de CCC doorgaan met het plegen van aanslagen nu de bevolking na het bloedbad van Aalst, balanceert op de rand van de paniek, is op het eerste gezicht meer dan vreemd. Het wekt ontegensprekelijk de indruk dat men te maken heeft met een gecoördineerde campagne van het extreem-rechtse en 'uiterst linkse' terrorisme. Zoals het voorbeeld van Italië leert, verhoogt die combinatie de kansen op een deregulering van de democratie.

Vrijdag 22 November : In de nacht van donderdag 21 op vrijdag 22 november komt Hubert Deflem om in een auto-ongeluk op de Rijksweg Brugge - Oostende. Deflem was door de BOB van Seraing ingeschakeld om het milieu te infiltreren en een naam te geven aan de 'Reus' van de Bende van Nijvel. Hij krijgt van de BOB een Ford Scorpio, de man had niet eens een rijbewijs, en een pak geld. Hij wordt ook non-stop gevolgd door een team van het SIE, om zonodig in te grijpen. Na een paar dagen duidt hij Serge Manfroid aan als zijnde de reus. Na het natrekken van zijn alibi's blijkt de man onschuldig. Dan is voor de BOB van Seraing de maat vol en bevelen ze om Deflem terug te arresteren. Wanneer Deflem door agenten in burger wordt aangesproken in een café in Oostende, vlucht hij door met zijn Ford Scorpio weg te rijden. Op het kruispunt van de Blauwe Toren slingert zijn wagen van de weg en botst hij tegen een paal. Een automobilist die het ongeluk ziet gebeuren, rent naar de wagen om te helpen maar wordt direct tegengehouden door franssprekende agenten in burger. Die duiken in de gracht op zoek naar iets, waarschijnlijk kogelhulzen. Nadien wordt het lijk van Deflem nog gestolen uit het mortuarium in Brugge door een team het SIE. Zijn lijk wordt begraven in een verzegelde kist op een kerkhof in Luik. De dag nadien komt een deurwaarder, vergezeld door twee rijkswachters, kijken of de kist nog steeds verzegeld is.

28 November : Het valt niet te ontkennen dat de terreurcampagne van de Bende van Nijvel en de CCC diepe sporen achterlaat in het regeerakkoord van Martens VI. Op 28 november presenteert Martens zijn nieuw kabinet en de volgende dag leest hij in de Kamer en Senaat de regeringsverklaring voor. Ze begint met de sprekende woorden: 'In het laatste kwart van de 20ste eeuw hebben de West-Europese landen af te rekenen met een dubbele uitdaging. Enerzijds wordt het welzijn van hun bevolking ernstig in het gedrang gebracht door een lange economische crisis, waar ze thans moet uitraken. Anderzijds wordt hun veiligheid bedreigd door opeenvolgende gewelddaden waartegen zij zich op doelmatige wijze moeten verweren.' Wat de 'veiligheid van de burgers' betreft verklaart Martens: 'De regering zal er op toezien dat alle betrokken instanties over de nodige mankracht en de passende wettelijke financiële middelen beschikken. De regering zal bijkomende maatregelen treffen om de samenwerking, de taakverdeling, de opleiding en uitrusting van de politiediensten te verbeteren. Tevens zal zij in de strijd tegen het geweld en het terrorisme een gezamenlijke actie op Europees en internationaal gebeid aanmoedigen.'

December : In december 1985 werd een ploeg dapperen van de gerechtelijke politie van Brussel ermee belast de gewoonten van de Beckers te bestuderen en het kamp, dat de bende in het noorden van Frankrijk had opgericht, dag en nacht te bewaken. De rechercheurs moesten ondermeer de aard van de relaties tussen de Beckers en een andere familie twistzoekers, de De Staerkes, onderzoeken. Tevens had men ook ontdekt dat een lid van de Becker-clan zich enkele weken voor de moordende overval op de Colruyt in Nijvel in de streek van Luik achter het stuur van een gestolen Saab 900 turbo te pletter had gereden.
Meer » Les Borains

2 December : Op twee december verspreidt het gerecht de foto en het signalement van Pierre Carette. Op die manier wordt de indruk gewekt dat de justitie de daders kent en op de hielen zit. Het moet de ongeduldige parlementairen en de bevolking sussen.
Meer » CCC

4 December : Op 4 december, even voor elf uur, stapt een nette slanke man, ongeveer 25 jaar oud, de Bank of America in Antwerpen binnen. Niet ver van het goedbewaakte diamantcentrum. De jonge man, die witte handschoenen draagt, ketent een koffertje aan een radiator in de hal. Daarna legt hij een stapeltje CCC-pamfletten neer bij een receptioniste. De dame werkt eerst haar klant af, bekijkt de pamfletten en spoedt zich naar haar afdelingschef. Die loop op zijn beurt naar de directeur, die in vergadering zit op een andere verdieping. Hij vindt de directeur om 11u07 en de ontploffing is aangekondigd voor 11u30. De directeur belt niet de politie, maar stelt eerst alles in het werk om het eigen gebouw te ontruimen en de naburige verzekeringsmaatschappij Uranus te waarschuwen. Pas om 11u17 bereikt de politie het bericht dat een CCC-bom gaat ontploffen bij de Bank of America. Kort daarna komt de brandweer ter plaatste. Ze weet echter niet dat het gebouw het doelwit vormt van een CCC-aanslag en brandweerlieden lopen argeloos naar binnen. Politiemannen slagen erin de brandweerlieden nog te verwittigen en ze sprinten weg. Twee minuten later ontploft de bom. Op het nippertje is een herhaling van het 1 mei-drama voorkomen. Zeven minuten na de explosie geeft de rijkswacht alarm. Antwerpen en omgeving worden afgezet, maar de vogel is gevlogen. De rijkswacht zoekt het dan maar in een andere richting. Om 12u30 staat de BOB voor de deur van H.V.D. die net zijn kinderen aan de school is gaan oppikken. H.V.D. is een gekend lig van de PVDA. Hij stond blijkbaar door de AGG geregistreerd als 'een potentiële terrorist'. H.V.D. moet onmiddellijk met de BOB mee. In de loop van de dag wordt hij weer op vrije voeten gesteld, want een oogopslag volstaat om door te hebben dat hij in de verste verte niet beantwoord aan de persoonsbeschrijving van de dader. Met deze aanslag is een einde gekomen aan de Pierre Akkerman-campagne. De CCC laten de gelegenheid niet voorbijgaan om nu zelfs de meest radicale vleugel van de vredesbeweging te bespotten. Over de actievoerders die de vliegbasis van Florennes bezetten en om die reden een maand in voorhechtenis zaten, schrijven ze: 'Om hun blazoen van middelmatigheid en verraad wat op te poetsen, gaven de pacifisten zich aan het burgerlijk gerecht over, door als schaapjes over de omheining van de legerbasis te klauteren en dan in de handen van de rijkswacht te vallen.' Zelfgenoegzaam besluiten ze: 'Wie was er toen Reagan kwam? De CCC! (...) Strijdvaardig, rechtop, de wapens in de hand! Wij willen niet te vroeg juichen maar we zijn toch op de goede weg.'

5 December : De Delhaize van Lokeren, om 2u00 's nachts vindt er hier een overval plaatst. De daders gaan aan de haal met een stevige hoeveelheid sigaretten, voor een totale waarde van 164.142 fr. en enkele flessen wijn. Er wordt alarm geslagen en de politie van Lokeren komt ter plaatste. Een getuige verklaard dat hij een BMW zag wegrijden. In de wagen zag hij een schim met een bivakmuts vluchten, richting E17. Enkele uren later, omstreeks 5u05, vindt een verkeerseenheid van de rijkswacht in Merelbeke een BMW in de gracht. Twee personen nemen de vlucht. Vanuit een aangrenzende straat worden lichtsignalen gegeven. De rijkswachters begeven zich in de richting van de signalen en treffen er Edouard Ophalffens en zijn echtgenote Marie Bressan aan. De gestolen sigaretten uit de Delhaize van Lokeren worden in de koffer van BWM gevonden.
Meer » Bende De Staerke

6 December : Twee dagen daarna slaan ze weer toe. In de nacht van Sinterklaas, klokslag vier uur, rinkelt de telefoon in het station van Oudenaarde. Een mannenstem zegt in het Frans: 'Hier de CCC. Leg alle treinverkeer tussen Kortrijk en Oudenaarde onmiddellijk stil. Om vijf uur ontploft er een bom.' Op het aangekondigde tijdstip vliegt in Wortegem-Petegem, twee meter naast de spoorlijn Kortrijk-Brussel, een betonnen kraankamer van de NAVO-pijplijn in de lucht. Tienduizenden liters brandstof spuiten uit de vernielde pijpleiding, maar er ontstaat geen brand. De politie kondigt onmiddellijk een algemeen rookverbod af en de rijkswacht laat via een provinciaal speralarm de streek afgrendelen. Bijna gelijktijdig ontploft in Versailles een bom die geplaatst is tegen een raam van het 'Central European Operating Agency'. Het CEOA beheert de uitbating van de NAVO-pijpleidingen in West-Europa. De verantwoordelijkheid van beide aanslagen wordt opgeëist in een pamflet dat gevonden wordt in een gebouw aan de Brusselse Louizalaan en in een telefoontje aan de RTL-redactie. Aan dit pamflet is een geschiedenis verbonden, die aantoont dat de stoutmoedigheid van de CCC-leden waaghalzige trekken begint te vertonen. In de namiddag was de Louizalaan ten gevolge van een bomalarm in rep en roer. Er was een verdacht koffertje aangetroffen op de tramsporen. Het verkeer lag meer dan twee uur stil. Terwijl het in de Louizalaan wemelde van de politiemensen werd het CCC-pamflet gedeponeerd in een appartementsgebouw, waarvan een flat gehuurd werd door EG-commissaris Jacques Delors. De Morgen: 'Iemand belde RTL, gelegen op een boogscheut van het bewuste gebouw, en meldde dat een CCC-pamflet op het aangeduide adres te vinden was. Kort daarna volgde een tweede telefoontje met de boodschap dat de rijkswacht RTL voor was geweest, maar dat een tweede exemplaar vlakbij in de De Gaullelaan lag. RTL nam dit tweede gesprek op band op.' De terreurbestrijders herkennen de stem van Carette. Hen wacht nog een verrassing. De opeisingsbrief is behalve door de CCC ook ondertekend door een groepering die zich 'een groep internationalistische communisten uit Frankrijk' noemt. De groepering pleegde op 15 juli 1983 een aanslag in Parijs tegen de vrachtwagens van het Franse leger. Met de actie wilde de groep protesteren tegen de gevangenschap van Oriach en de aanwezigheid van Franse troepen in Libanon. De CCC en de Franse groepering eisen samen de verantwoordelijkheid op voor de aanslag in Versailles. Het is meteen het eerste wapenfeit van de CCC in het buitenland. In hun Sinterklaas-manifest zeggen de CCC dat met deze 'klinkende overwinning' een einde is gekomen aan de Pierre Akkerman-campagne. 'De politieke, ideologische en ongetwijfeld ook militaire eenheid' van de Europese terreurgroepen dringt zich volgens de CCC op omdat de vijand ook internationaal georganiseerd is. De CCC oefenen kritiek uit op de Europese terreurbewegingen. Ze zouden lijden aan 'subjectivisme in al zijn uitingen: idealisme, anarchisme, opportunisme en radicaal-reformisme'. De ordediensten reageren hoe langer hoe ongecontroleerder. Nog steeds in de beruchte Sinterklaasnacht rijdt een bestelwagen met grote snelheid door het centrum van Gent. De rijkswacht rijdt de wagen klem en twee rijkswachters naderen met getrokken pistool. Een steekt het wapen door het geopende portierraam en sommeert de bestuurder, Guy Herpelinck, uit te stappen. Deze geeft daaraan niet onmiddellijk gevolg. Plotseling gaat het pistool af. De bestuurder is dood. 'Wettige zelfverdediging', aldus het parket van Gent. In een quasi staat van beleg neemt men het niet meer zou nauw met de normen. Zes december is zonder twijfel een zwarte dag. Even voor drie uur ontploft een zware bom op de eerste verdieping van het Luikse Paleis van Justitie. Balans: 1 dode, de 23-jarige studente Philippe Balis, 2 zwaargewonden en grote materiële schade. Indien de bom een half uur later was ontploft, was het drama veel groter geweest. Op dat tijdstip zou in de Assisenzaal de plechtige vergadering van de Jonge Balie beginnen. Er waren 600 genodigden onder wie Gol. De aanslag wordt niet opgeëist. De aanslag was al weken op voorhand gepland en een maffieuze gelegenheidsfotograaf was zelfs aanwezig om alles op de gevoelige plaats vast te leggen. In 1991 wordt de advocaat Jean-Michel Systermans door het Hof van Assisen als enige dader tot de doodstraf veroordeeld. Toevallig was Systermans advocaat van een aantal Luikse wapenhandelaren die van mening waren dat hij net iets teveel wist over de rol die de luchthaven van Bierset speelde in de Belgo-Israëlische wapenhandel met ondermeer Zuid-Afrika. Als Systermans half 1992 contact opneemt met de libertijnse volksvertegenwoordiger Jean-Pierre Van Rossem, en hem in de gevangenis onder vier ogen wil spreken over de rol van Bierset, weigert Minister van Justitie Melchior Wathelet (PSC) halsstarrig zo'n onderhoud. Onmiddellijk na de aanslag wordt het hele centrum rond de Place Saint-Lambert afgegrendeld. De winkels moeten hun deuren sluiten. Sirenes van af- en aanrijdende wagens loeien door de stad. Politie, rijkswacht, Ardeense Jagers en militaire politie handhaven de orde met getrokken vuurwapens. Alle verloven van rijkswacht en politie worden onmiddellijk ingetrokken. 'Ons land verkeert in burgeroorlog', zo resumeert Het Volk de situatie.

10 December : Op 10 december, daags voor de bijzondere Kamercommissie van Justitie bijeenkomt, vaardigt de Brusselse onderzoeksrechter, Francine Lyna, voor het eerst een arrestatiebevel tegen Carette uit. Zijn vingerafdrukken zijn immers aangetroffen bij de aanslag op het BBL-gebouw in Brussel op vier november 1985. Toen hadden de CCC de ijzeren beugels die de BBL-parking van de openbare weg afschermen, middendoor gezaagd om met de bomauto tot vlak voor het filiaal te kunnen rijden. Leden van de CCC hadden die beugels daarna, maar nog steeds voor de aanslag, met tape weer aan elkaar gekleefd. Het is op de tape-band dat Pierre Carette een vingerafdruk achterliet. Waarschijnlijk heeft hij zijn handschoenen moeten uittrekken om de tape weer aan te brengen. Het is verwonderlijk dat het meer dan een maand heeft geduurd voor de terreurbestrijders de vingerafdrukken van Carette hebben geïdentificeerd. Gewoonlijk neemt zo'n ordinaire politieklus maar enkele uren in beslag.

11 December : Op 11 december 1985, aan de vooravond van de tweedaagse NAVO-ministerraad in Evere, voert de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, George Shultz, besprekingen met eerste minister Martens en minister Tindenmans over een mogelijke samenwerking bij de bestrijding van het terrorisme. Na afloop maakt het ministerie van Buitenlandse Zaken bekend dat beide landen voortaan uitgebreider informatie over het terrorisme wensen uit te wisselen en voorts hun anti-terreureenheden nauwer te laten samenwerken op het gebied van opleiding. Concreet komt dit er op neer dat de AGG, die belast is met het centraliseren van alle inlichtingen inzake terrorisme, vlotter een beroep zal kunnen doen op de Amerikaanse inlichtingendiensten, in het bijzonder de CIA. Daarenboven zal het Speciaal Interventie Esquadron van de rijkswacht zich de Amerikaanse methodes en technieken van terreurbestrijding kunnen eigen maken door middel van allerlei scholings- en trainingsprogramma's.

Maandag 16 December : Op 15 december nemen premier Martens en minister Gol deel aan de RTBF-uitzending 'Face à la presse'. Martens verzekert dat de regering zich eensgezind tegen een parlementair onderzoek kant en hij zwaait zelfs met het dreigement van een 'disciplinestemming' in parlement. Minister Gol kondigt aan dat hij op 17 december voor de Senaatscommissie van Justitie en de volgende dag voor de Kamercommissie van Justitie de stand van zaken zal toelichten. Hoe valt die plotselinge ommezwaai bij de christen-democratische regeringspartners te verklaren? Kan de plotselinge christen-democratische zwenking anders verklaard worden dan door de toezegging van Gol te zorgen voor een doorbraak in het dossier van de CCC of de Bende van Nijvel? Indien de CCC-kopstukken in die dagen de CVP-pers hadden gelezen dan zouden ze geweten hebben dat hun lot bezegeld was. Daags voor de verklaring van Martens op de RTBF, kondigen immers twee CVP-trouwe kranten, de Gazet van Antwerpen en Het Nieuwsblad, de nakende arrestaties van de CCC-leider aan. Zo schrijft de GvA: 'Pierre Carette, hoofdverdachte in de CCC-aanslagen, houdt zich schuil in Brussel. De speurders weten ongeveer waar, schaduwen constant de buurt en hopen de 33-jarige drukker binnenkort in de val te lokken ...' Het zal niet lang duren. Daags na de verklaring van Martens is het al zover. Na een gecoördineerde en klaarblijkelijk zorgvuldig voorbereide actie van de gerechtelijke politie en de Staatsveiligheid, worden vier CCC-leden geklist. Beide diensten staan onder supervisie van minister Gol. De rijkswacht, die nochtans het leeuwendeel van het CCC-onderzoek voor haar rekening nam, wordt op die cruciale 16de december buitenspel gezet. Vermoedelijk om dezelfde reden worden ook de AGG en het Anti-terreurcollege genegeerd. Terwijl de arrestatie volop aan de gang is, vergadert nochtans het Anti-terreurcollege, maar over de operatie wordt niet gesproken: 'De leden van de anti-terreurstaf te Brussel wisten wel dat er iets in de lucht hing, maar ze waren niet zeker van wat zou gebeuren', aldus De Standaard. Klaarblijkelijk heeft de regering dus het zekere voor het onzekere genomen en geen vertrouwen gesteld in de rijkswacht die de arrestaties op de valreep nog had kunnen doen schipbreuk lijden. De operatie wordt toevertrouwd aan de minder belangrijke politiediensten en geleid door de gezagstrouwe eerste substituut André Vandoren. Het is onder zijn toezicht dat Pascal Vandegeerde en Didier Chevolet worden geschaduwd vanaf het moment dat zij in september 1985 overstappen van de propagandavleugel, Linge Rouge, naar de militaire vleugel, CCC. Hoewel Vandegeerde en Chevolet sinds september 1985 officieel spoorloos zijn, leven ze niet totaal ondergronds. Het ligt voor de hand dat de draad bij hen wordt opgepakt. De Staatsveiligheid had in Charleroi bij verschillende herbergiers-tipgevers in de week van 7 tot 14 december foto's van beide verdachten getoond. Als in de morgen van 16 december Vandegeerde door een barhouder in Charleroi wordt herkend, is het einde van de CCC nabij. Twee inspecteurs van de Staatsveiligheid volgen haar vanaf 11u00 naar haar onderduikadres. Om 12u40 verlaten Vandegeerde en Chevolet het huis. Ze begeven zich naar het station, waar ze afzonderlijk een kaartje kopen naar Namen. Op de trein die vertrekt om 13u13 laten de volgers hen even alleen. In het station van Namen wacht een andere ploeg van de Staatsveiligheid hen op. De tocht leidt naar de herberg 'L'Auberge du Goéland' in de Rue de Fer. Daar zitten Bertand Sassoye en Pierre Carette hen op te wachten. Ze consumeren een aperitief. Juist op dat moment dat een interventieteam van de gerechtelijke politie wil optreden, rekenen de vier CCC'ers af en verlaten te voet de herberg. Ze begeven zich naar het restaurant 'Quick' aan het Stationplein. Het is 14u20. De vier bestellen een hamburger en nemen plaats aan een tafel bij het venster van het drukke etablissement. 15u10. Een dertigtal inspecteurs en agenten van de gerechtelijke politie in burger vallen razendsnel langs de drie ingangen het restaurant binnen. Enkele anderen hadden zich reeds stiekem onder het publiek gemengd. De verrassing is totaal. De politiemacht staat al binnen voordat het viertal goed en wel weet wat er gaande is. Geen van heeft de tijd om naar wapens te grijpen. De aanwezige klanten worden gefouilleerd en aan een identiteitscontrole onderworpen. Ondanks de vele voorzorgen en de goede voorbereiding, is een mysterieuze 'punkachtige' vrouw vlak voor de arrestatie uit het restaurant kunnen ontsnappen. Aan boord van een rode Volkswagen Golf rijdt ze richting Brussel. Om 16u00 wordt in Brussel politiealarm gegeven om het voertuig alsnog te onderscheppen. De Golf rijdt in Jette door een versperring. Om 18u10 wordt het politiealarm tot het hele land uitgebreid. Maar de zoekactie levert geen resultaten op. Bij de gerechtelijke politie is men ervan overtuigd dat de wagen was uitgerust met een zwaailicht en een sirene net als die van rijkswachtauto's ... Gol popelt van ongeduld om het heugelijke nieuws te melden en de felicitaties in ontvangst te nemen. Maar het gerecht vraagt nog even geduld te oefenen omdat het nog een mini-Mammoet wil ondernemen in Namen, Hornu bij Bergen en Charleroi. Toch wil Gol het avondjournaal van radio en TV niet missen. Om 18u10 verstuurt hij vanop het Poelaertplein in Brussel een persbericht om de arrestaties aan te kondigen. Elders in Brussel kruipen CVP-commentatoren in hun pen. Manu Ruys schrijft in De Standaard: 'Er was in de publieke opinie een groeiend onbehagen merkbaar, waarvan de daders steeds weer konden ontsnappen. Er ontstond een zodanig scherpe twijfel aan de bekwaamheid van de gerechtelijke diensten, dat de oppositie in het parlement ging aandringen op een bijzondere Kamercommissie, die het falen van politie en rijkswacht zou onderzoeken. De aanhouding in Namen toont aan dat het justitieapparaat nog recht heeft op krediet en vertrouwen.' En Het Volk: 'Het belangrijkste effect van de arrestatie is ongetwijfeld dat er nu onder de bevolking opnieuw vertrouwen kan groeien in de doeltreffendheid van de politie.' De arrestatie van de CCC-verdachten voorkomt de instelling van een parlementaire onderzoekscommissie en herstelt in een klap het vertrouwen in politie en justitie. Zelden moet een arrestatie op een zo opportuun moment gekomen zijn.

17 December : Op 14 december 1985 schaken Dutroux, Van Peteghem en Martin in Nalinnes de 19-jarige ULB-studente Axelle D. Op 18 december, vier dagen later, doet het trio het nog eens. Nu gebeurt het in Pont-à-Celles en is het slachtoffer de 15-jarige Elisabeth G. Als je het zo ziet, lijkt niet veel te hebben gescheeld of het Bende-onderzoek had de vroegtijdige val van Dutroux en co. ingeluid. Op 17 december, daags voor de ontvoering van Elisabeth G., is de gerechtelijke politie van Charleroi een hele dag lang adressen aan het afschuimen, hopend ergens een spoor van 'Bende-verdachten' Morre of Van Peteghem te vinden. Wat niet meteen lukt. Het duurt tot 20 en 23 december voor eerst Morre en dan Van Peteghem kunnen worden verhoord. Het zijn vluchtige verhoren, waarbij ze opnieuw absurde redenen opgeven voor hun aanwezigheid in Hamme, die nacht van de 15de november. De door Dendermonde gevraagde huiszoekingen worden niet uitgevoerd. Pas op drie februari 1986 krijgen de speurders in Charleroi de kinderontvoerders te pakken. Als eerste van de drie gaat Van Peteghem over tot bekentenissen. In zijn woonst wordt nu wel een huiszoeking verricht. Een bloemlezing uit wat dat blijkens het pv 566/86 van de BOB van Charleroi oplevert: 'Een carnavalsmasker, een paar combat shoes, een bruine leren vest zonder mouwen ...' Toeval, ongetwijfeld, maar in 1986 kon je er voor minder problemen krijgen. De Bende gebruikte vaak carnavalsmaskers. Van de legendarische 'killer' is het dragen van een vest zonder mouwen een van de schaarse zekerheden. Het vergt veel fantasie om in de lome Van Peteghem een 'killer' te zien, maar veel wordt er in die dagen onder politiediensten niet gecommuniceerd. In het dossier-Dutroux vind je niets terug over zijn kortstondige status als Bende-verdachte, in het Bende-dossier ook al niets over kinderontvoeringen. Jean Van Peteghem overleed vrij kort na zijn vrijlating, op 3 september 1991, in het centrum van Luik.

23 December : In Wilsele vindt een overval plaats op een fondsentransport van Securitas. De buit bedraagt 17 miljoen frank. Onderzoeksrechter Laffineur beticht Haemers van deze overval.
Meer » Bende Haemers

Eind December : Eind december 1985 raakt bekend dat een kogelvrije vest is teruggevonden bij de Brusselaar Eric Lammers. Deze militant van de neo-nazistische organisatie Westland New Post is in september 1983 in beschuldiging gesteld voor een dubbele moord in Anderlecht op 18 februari 1982, feiten waarvoor Lammers in de zomer van 1987 wordt vrijgepleit.
Meer » Westland New Post