1

Leon Finné runde het filiaal van de Banque Copine op de Louizalaan. Heel wat politiemensen, advocaten en magistraten waren er klant. Hij was zeer bevriend met de GP-commissarissen Reyniers en De Vroom. Na het failliet van de bank vindt Finné werk in Luxemburg voor een bank. Finné vertelde in 1980 tegenover kolonel Vernaillen over de plannen voor een staatsgreep. Finné werd op 27 september 1985 vermoord aan het Delhaize-warenhuis van Overijse

Een - anonieme - bejaarde ondernemer uit een residentiële voorstad van Brussel over Finné: "Finné was een informant van verschillende politiediensten. Om te beginnen van de Amerikaanse DEA. In zijn kantoor hingen ook drie rijkswachtuniformen. Hoe hij eraan kwam, is mij een raadsel. Hij was trouwens altijd gewapend en reed rond met een grote Amerikaanse slee waarop het vlagje van een of andere Zuid-Amerikaanse bananenrepubliek wapperde. Finné voerde een liederlijke levenswandel en kende de meeste prostituees van de Louizalaan tot het Noordkwartier. Vooral met Afrikaanse vrouwen kon hij goed overweg. Hij reisde trouwens vaak naar Zaïre waar hij grote sommen geld ging ophalen om op Luxemburgse bankrekeningen te plaatsen."

"Hij woonde in Overijse in een villa vlakbij de Delhaize samen met een vijftal honden, de ene nog vervaarlijker dan de andere. Een paar maand voor zijn dood vertelde hij me dat hij zich bedreigd voelde. Toen ik hem om meer uitleg vroeg, beperkte hij zich tot wat algemene beschouwingen over het belang van de wapenhandel voor ons land maar hij zei ook dat er kapers op de kust waren. Er werd te veel betaald met drugs en daar had hij een broertje aan dood. Herinner u de moord op Finné of liever zijn executie bij de Bende-overval op de Delhaize van Overijse. De cel van Jumet beweert dat hij daar toevallig stond. Ik heb daar mijn twijfels over. Finné beschikte over een telefoon in zijn auto. Men kan hem gemakkelijk naar daar hebben gelokt."

Frans Reyniers over Finné: "Neem nu de vermoorde bankier Finné. Ik heb hem goed gekend en was klant bij zijn agentschap van de bank Copine op de Louizalaan. Finné beheerde er de rekeningen van heel wat magistraten en advocaten maar ook van leden van de GP. Hij ging graag uit, zette dan de bloemetjes buiten en liep naar de hoeren en had inderdaad een extreem rechts gedachtegoed. Maar hij woonde op een boogscheut van de Delhaize in Overijse en ging er dagelijks zijn krant kopen. Toevallig stond hij op het verkeerde moment op de verkeerde plaats. Meer niet."

Bron: De Bende van Nijvel | Guy Bouten

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Share

2

Er wordt vaak gezegd dat Finné lid was van CEPIC. Dit klopt - volgens de Bonvoisin - niet:

"Finné is nooit lid geweest van CEPIC. Omdat ik hem niet vertrouwde. Hij is naar mij gestuurd door senator Saint-Remy. Dat deed die altijd als hij aan iemand twijfelde. Finné kwam zichzelf voorstellen, hij wilde binnen CEPIC een belangrijke rol komen spelen. Maar ik vertrouwde hem niet. Ik wist dat hij optrad als indicateur van de Staatsveiligheid. Dat de Staatsveiligheid ons wilde infiltreren, wist ik van Bernard Mercier, een directielid van de CEPIC. Hij had mij vanaf de eerste dag verteld dat hij was benaderd. Ik had hem gezegd: vooral doen, dan weten we waarnaar de Staatsveiligheid op zoek is."

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Share

3

In 1989 onderzoekt onderzoeksrechter Lacroix de beweringen over een mogelijke staatsgreep:

Herman Vernaillen wordt op 11.05.1989 door onderzoeksrechter Lacroix verhoord; hij licht zijn banden toe met één van de slachtoffers van een aanslag van de Bende van Nijvel: Léon Finné. Die had gezegd dat er plannen bestonden om in België een staatsgreep te plegen. Op 17.05.1989 heeft onderzoeksrechter Lacroix ook een verhoor afgenomen van Christian De Vroom van de gerechtelijke politie van Brussel: die geeft meer uitleg over decontacten die hij heeft gehad met Léon Finné, die aan het hoofd stond van de bank Copine nabij het Brusselse gerechtsgebouw; De Vroom verduidelijkt ook de beweringen van Finné over de plannen voor een staatsgreep, maar evenmin als Vernaillen heeft hij die en andere beweringenernstig genomen. 

Bron: K55, MA IV - OR Lacroix - 11.05.1989

Ben wrote:

Er wordt vaak gezegd dat Finné lid was van CEPIC. Dit klopt - volgens de Bonvoisin - niet:

Volgens de voorzitter van CEPIC was Finné wel lid van CEPIC:

Voor Léon Finné, die werd neergeschoten op de parkeerplaats van de Delhaize van Overijse, gelden de volgende omstandigheden: een dame, die lid was van het CEPIC, en wier naam op een blaadje in de agenda van Latinus voorkwam, heeft aan de CWB de lijst overhandigd met de kandidaten voor de Senaat bij de parlementsverkiezingen van 8 november 1981; Léon Finné, die lid was van de PSC en zelfs van het CEPIC, stond op die lijst. Volgens de speurders van de CWB laat niets evenwel toe te concluderen dat Finné Latinus kende of dat er een verband zou bestaan tussen de dood van beide mannen.

Volgens de voorzitter van het CEPIC, M.B.; diezelfde persoon licht toe dat Finné ook een informant van de Veiligheid vande Staat zou zijn; Ch, F26, K69, MA III, blz. 332. 

Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 1 en 2)

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Share

4

Over het onderzoek naar de moord op Finné:

De derde moord die in dit verband een bijzondere rolspeelt, is de moord op Leon Finné, gepleegd tijdens de overval op de supermarkt van Delhaize te Overijse, op 27 september 1985. De eerste berichten over deze overval wezen er in het geheel niet op dat er - technisch gesproken - iets bijzonders aan de hand zou kunnen zijn met de moord op Finné.

Waarbij wel direct moet worden aangetekend dat niemand in Overijse hem eigenlijk kende. Men wist alleen dat hij gescheiden leefde van zijn wettige echtgenote. Verder was het de politie bekend dat hij negen gevaarlijke honden in huis had. Ook wist de politie dat hij beschikte over drie vuurwapens. Toen op 28 september de honden uit het huis werden gehaald, troffen de betrokken politiemensen deze wapens echter niet aan. Uit de stukken blijkt evenwel dat later, in overleg met zijn dochter, deze kwestie volledig kon worden opgelost.

In het dossier van Nijvel bevinden zich verder evenwel geen stukken die wijzen op enig nader achtergrondonderzoek naar Finné, laat staan een onderzoek waarin als werkhypothese zou gelden dat hij zou zijn geliquideerd in verband met eventuele ontwikkelingen of problemen in extreem-rechtse kring. Een dergelijke hypothese was duidelijk niet aan de orde.

Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 3)

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Share

Een getuige (Van der Auwera dacht ik) van bij de overval in Overijse, beweert dat de witte Ford er nog niet stond ten tijde van de overval.

Er was toch ook een getuige die zegt dat Finné al geen huiskleur meer had, dit vergeleken met de andere slachtoffers. Ook zij werden nooit gehoord door de rijkswacht » YouTube

Share

6

Dezelfde avond [na de overval in Overijse] drongen politiemannen zonder huiszoekingsbevel de villa van de gedode bankier Finné binnen. Ze hadden officieel de opdracht om twee Mechelse en een Belgische scheper te doden omdat die te veel blaften en brachten meteen vijf puppy's naar het hondenasiel. Hetzelfde weekend ging ook een delegatie van Finnés Luxemburgse werkgever langs om bepaalde documenten mee te nemen. De vrouw en dochter van de bankier, van wie hij gescheiden leefde, werden pas op maandag op de hoogte gebracht. (...)

De dood van Léon Finné heeft me altijd geïntrigeerd. Hij runde een filiaal van de Banque Copine op de Louizalaan waar heel wat politielui, advocaten en magistraten klant waren. Na het faillissement van de bank trad hij in dienst van een Luxemburgse zakenbank. De Banque Copine had zakelijke belangen met de Credit Commercial et Financier (CCF) en de verzekeringsmaatschappij North Europe. De CCF telde naast gerespecteerde zakenlui ook heel wat zware jongens onder haar cliënteel, zoals enkele Italiaanse koppelbazen uit de streek van La Louvière. Het vastgoedbedrijf Progime, een dochteronderneming van de Banque Copine, verhuurde vanaf 1981 appartementen en garageboxen aan Bouhouche en Beijer, die daarvoor valse namen gebruikten.

Finné werd letterlijk geëxecuteerd toen hij terug naar zijn wagen liep, waarschijnlijk om zijn wapen en mobiele telefoon te grijpen. Aan een vriendin die in een Brusselse bar werkte, had hij enkele dagen eerder gezegd dat hij zich bedreigd voelde. De uitbaatster bevestigde dat: "Si vous saviez ce qui va se passer" ...

In 1981 had Finné majoor Vernaillen een groot geheim toevertrouwd. Er stond een staatsgreep in de steigers met dezelfde roergangers als in 1973, toen de namen de ronde deden van enkele topofficieren uit het leger en de rijkswacht uit de entourage van VDB. De operatie stond bekend onder de codenaam Blauwe Orde-Ordre Bleu en verwees naar het blauw van de rijkswacht, want de groep Diane, het latere SIE en het Mobiel Legioen, zouden het voortouw nemen. De operatie werd uiteindelijk afgeblazen omdat de luchtmacht niet wilde meedoen.

Finné onderhield ook nauwe contacten met Glennon Cooper, vanaf 1981 de antennechef van de CIA in Brussel. In Finnés agenda, die ik kon inkijken, vond ik de naam van Cooper, met de volgende vermelding: "100 millions dollar, 5 pourcent pour en sortir, liasses billets 1000 dollar, 8 bateaux, Libie, telex Hassan". Dat ging dus duidelijk om een wapentransactie naar Libië, een land dat officieel een vijand van de VS was. Gebruikten bepaalde Amerikaanse diensten Léon Finné als tussenpersoon of als financier?

De kapper Victor Portenart, uitgever van NEM, kende een van de vriendinnen van 'le gros Léon' Finné. Ik mocht de memoires van Portenart inkijken en stelde vast dat hij zwaar onder de indruk was omdat zijn vriend was afgemaakt met negen kogels. Finné had volgens hem extreemrechtse sympathieën en wist meer over een geplande staatsgreep. Van Patricia Bingoni, een gemeenschappelijke Zaïrese vriendin die een schoonheidssalon runde in Ukkel, had ook hij vernomen dat de bankier zich kort voor zijn dood bedreigd voelde.

Jacques Depret, ambtenaar bij het Hoog Comité van Toezicht, bezat een lijst van deelnemers aan seksfuiven die georganiseerd werden door een vriend van Finné. Opnieuw doken de namen op van prominenten uit de zakenwereld, magistratuur en rijkswacht die een beroep deden op "des partenaires de petite taille". Pedofilie of seks met minderjarigen dus. Depret kreeg echter van hogerhand het verbod om dieper te graven. Hij werd zelfs met de dood bedreigd door een ploeg BOB'ers. Zijn conclusie: "Ik weet veel over de rijkswacht, het begint gevaarlijk te worden voor bepaalde personen."

Bron: De Bende van Nijvel - verraad, manipulatie, geheime diensten | Guy Bouten

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Share

7

In het document van Graindorge en Magnée staan een aantal interessante vragen over Leon Finné:

51. Est-il vérifié que Marie-France Remmerie serait l'amie de Raymond Max Boon, directeur administrateur de Delhaize dont elle recevrait des largesses et que Monsieur Léon Finné aurait fréquenté une amie à elle, Patricia De Groote. (CH 31 pièce 42/87 PV 3/1.091 CBW Jumet)

52. Si Monsieur Leon Finné a été licencié de la Banque Copine, suite à des articles jounaux le 22/3/1982, de quels articles s'agit-il? (Carton CH31)

53. Si Monsieur Leon Finné a été en relation avec Louis Demartin de la sûreté de Geneve et avec le commissaire Reyniers de la police judiciaire de Bruxelles, quelles étaient les relations entre ces deux hommes? Le commissaire Demartin aurait été présenté à monsieur Leon Finné par le commissaire Reyniers à l'occasion d'une commission rogatoire en Belgique dans l'affaire Wellens.

54. Si monsieur Léon Finné était titulaire d'un compte 287.607 à l'Union des Banques Suisses, quels sont les mouvements sur ce compte? (commission rogatoire du 8/10/1991 carton CH31)

55. Habiba Hamed Ben Stitut, maîtresse de Van Herzele, assassin de Vlassenroot, aurait été en relation avec monsieur Leon Finné et aurait fréquenté d'autre part Faez Al Ajjaz. (CH 31 pièce 397 du 12/1/1988 PV 33.006/87) Ce renseignement a-t-il été autrement exploité?

56. Chez quel ami Nazi, Leon Finné et Patricia Bingoni se sont-ils rendu à Alsemberg (CH 45 PV CWB Jumet 17/3/1992)?

57. En quelle circonstance Andrée Laache, patronne du Club House, rue de Livourne 89 ou travaillait Patricia Bingoni a-t-elle déclaré à un directeur "si vous saviez ce qui va se passer ...". (indicateur à BSR Toumpsin PV 27/7/1989 selon PV CBW Jumet 8/5/1992)

58. Quelles recherches ont été pratiquées pour retrouver deux armes de monsieur Leon Finné qui ont disparu: un pistolet Beretta 765 n° 564025 et un pistolet Luger 9mm n° 5.879 (PV 18/6/1993 CBW Jumet)?

(...)

66. En quelles circonstances monsieur Leon Finné avait-il immatriculé son véhicule sous plaques luxembourgeoise et avec quel banquier luxembourgeois était-il en rapport? Pour compte de qui? (CH 49 pièce 23 PV CBW 21.195 du 23 janvier 1988)

(...)

81. Quelles étaient les relations unissant Vlassenroot, Paul Cams et Leon Finné, tous trois membres du CEPIC et tous trois assassinés?

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Share

Leon Finné ... de man die te veel wist. Bekijk ook de reportage waarin de man van krantenwinkel naast Delhaize Overijse geïnterviewd werd. Dit is geen toeval.

Share

Ik hou er rekening mee dat Finne toeval is. Het betreft hier een volledig onbelangrijke vis. Weliswaar met wat info, maar gedateerd. Deze persoon kon u ook eenvoudig op een dinsdagavond op een verlaten parking omleggen. Er word soms gedaan alsof Finne een onmisbare schakel was in bepaalde netwerken. Zonder speculatie en aandikking zijn dit soort verhalen nog niet hard gemaakt.

Share

Dat ze niet hard gemaakt zijn heeft misschien hiermee te maken:

In het dossier van Nijvel bevinden zich verder evenwel geen stukken die wijzen op enig nader achtergrondonderzoek naar Finné, laat staan een onderzoek waarin als werkhypothese zou gelden dat hij zou zijn geliquideerd in verband met eventuele ontwikkelingen of problemen in extreem-rechtse kring. Een dergelijke hypothese was duidelijk niet aan de orde.

Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 3)

Hij sprak in '80 over een staatsgreep, welke? Waarom vertelt hij dit in '80? Heeft het iets met zijn reizen naar Zaïre te maken? Waarom voorspelt hij dat er iets stond te gebeuren aan de dagblad handelaar? Zijn wapens waren weg? Link met Palsterman uit Aalst?

En wat met de rol van Lekeu, die in '76 een ballonnetje oplaat over een staatsgreep om te zien hoe men erop reageert? En die in '84 bang het land verlaat.

De waarheid schaadt nooit een zaak die rechtvaardig is.

Share