1

Paul Ponsaers is licentiaat in de Sociologie en de Criminologie en doctor in de Criminologie (1976). Hij startte zijn wetenschappelijke loopbaan als wetenschappelijk medewerker aan de KULeuven. Na een journalistieke periode bij het dagblad De Morgen werkte hij als hoofddocent rechtssociologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Naderhand was hij gedurende een tiental jaar als afdelingshoofd werkzaam bij de dienst Politiebeleidsondersteuning, eerst bij de Algemene Rijkspolitie (BiZa), later bij de Algemene Politiesteundienst. Daar startte hij een aantal grootschalige statistische projecten op over politie, zoals de criminaliteitsstatistieken, de morfologie, de openbare orderegistraties, de voetbal en manifestaties. Hij bouwde naar Nederlands model de Veiligheidsmonitor uit, waarbij de burger voor het eerst bevraagd werd over zijn slachtofferervaringen.

Vanaf 1994 was Paul verbonden aan de UGent, Vakgroep Strafrecht & Criminologie en richtte hij de Onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse op, waar hij diverse onderzoeken over sociale onveiligheid opstartte en doorvoerde. Hij doceerde in de domeinen van de criminografie, de politiewetenschappen, de rechtssociologie en de financieel-economische criminaliteit. Hij was promotor van ontelbare onderzoeksprojecten, in opdracht van zowel Belgische als Nederlandse instanties over sociale onveiligheid, politie, integrale veiligheid, jeugdprojecten en overlast.

Tevens was hij promotor van doctoraten in drie verschillende talen, met diverse onderwerpen zoals informele conflictbeslechting tussen private ondernemingen, zonechefs bij de lokale politie, buurtinvloeden en jeugddelinquentie, limites des approches de récupération et de réinsertion sociale des enfants de rue à Kinshasa, anti money laundering, social cohesion, victimization and Fear of Crime, formalisering en informalisering van sociale controleprocessen, investigative interviewing competences, onveiligheidsbeleving, slachtoffers van vermogens- en geweldsdelicten, fraude et corruption en Côte d’Ivoire, discretionaire ruimte bij uitvoerende politieambtenaren, de effectiviteit van de handhavingspiramide bij milieu-inbreuken, corruptie bij lokale politiediensten en gemeentelijke administraties en political informal economy. Paul was tevens co-promotor bij doctoraten, lid van begeleidingscommissies, leescommissies en examencommissies.

Paul Ponsaers is voorzitter van de vzw Centrum voor Politiestudies (CPS) en van de vzw Panopticon. Met het Centrum Politiestudies brengt hij de wetenschap dichter bij de concrete politiepraktijk en organiseerde hij diverse studiedagen en reflexiemomenten. Tevens is hij stichtend lid van de tijdschriften Orde van de dag, Cahiers Politiestudies en de katern integrale veiligheid van het handboek politiediensten. Hij is lid van de hoofdredactie van Panopticon en van de deelredactie criminografische basisinformatie Panopticon en regionaal editor van het European Journal for Policing studies (EJPS). Paul is lid van de stuurgroep van het internationaal GERN-netwerk (Parijs) en voorzitter van de internationale wetenschappelijke raad van het NSCR. Hij is stichtend lid van de internationale publicatiereeks Het Groene Gras en de reeks Governance of Security Research - GofS.

Hij publiceerde talrijke artikels en (bijdragen in) boeken in nationale en internationale tijdschriften en reeksen met betrekking tot politiestudies, financieel-economische criminaliteit, criminaliteitsanalyse en veiligheidsbeleid. Zijn gedrevenheid en bekwaamheid maakten hem tot veel gesolliciteerd wetenschappelijk expert in tal van beleidscommissies zoals 'politie, de lerende organisatie' in België en 'Pearls of Policing' en 'herijking beroepsprofielen in politie' in Nederland. Als lid van diverse selectiecommissies voor korpschefs boog hij zich over de kwaliteiten die een professional nodig heeft in een leidinggevende functie bij de Belgische politie.

Ook was professor Ponsaers een veelgevraagd expert in allerlei wetenschappelijke visitatiecommissies. Zo was hij lid van de Franstalige Commissie SHS 5 van het Fonds de la Recherche Scientifique (FNRS), panellid bij de accreditatietoekenning voor de opleiding Security Engineering and Management te Delft in opdracht van de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO), nam hij actief deel aan de visitatie van de opleiding criminologie in Franstalig België in opdracht van het Agence pour l'Evaluation de la Qualité de l'Enseignement Supérieur. Paul Ponsaers was in 2007 voorzitter van de visitatie van de opleiding criminologie in Nederland in opdracht van de Quality Assurance Netherlands Universities (Qanu), en lid van de audit van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum (WODC) in opdracht van het ministerie van het Ministerie van Justitie in Nederland.

Hij was lid van het panel ter beoordeling van de Executive Master of Police Management (EMPM), School of Police Leadership, Police Academy of the Netherlands in opdracht van het Nederlands-Vlaams Accreditatie Orgaan (NVAO), voorzitter van de visitatiecommissie van de opleiding Master of Tactical Policing, Politieacademie Nederland, in opdracht van het Netherlands Quality Agency (NQA), Panellid van de accreditatiecommissie van de Executive Master of Police Management (EMPM), School of Police Leadership, Police Academy of the Netherlands, in opdracht van de European Association for Public Administration Accreditation, (EAPAA / NVAO).

Bron: Tegendraadse criminologie. Liber Amicorum Paul Ponsaers | E. Devroe, L. Pauwels, A. Verhage, M. Easton, M. Cools (red.) | 2012

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

2

In het boek 'Tegendraadse criminologie. Liber Amicorum Paul Ponsaers' staat een hoofdstuk - 'Paul Ponsaers: de journalist en wetenschappers' van Pol Deltour. Daaruit haal ik volgend stuk:

 (…) Toendertijds vertoefde ik zelf in mijn midtwenties en was een redelijke onbezonnenheid mijn deel. Via de media begon ik me te informeren over oplossingen voor maatschappelijk onrecht. Zo kwam ik omzeggens automatisch bij de krant De Morgen uit. En bij Paul Ponsaers, die er toen een van de topjournalisten was. Ponsaers, ik zal het maar meteen toegeven, is ooit een van mijn jeugdidolen geweest. Wist ik veel dat ik vanaf 1990 zelf tot het redactioneel corps van de krant zou behoren. Meer zelfs: na het vertrek van Paul Ponsaers bij De Morgen - waarover straks meer - was men op zoek naar iemand die hem enigszins kon vervangen. Uitgerekend ik zou daarvoor in aanmerking komen. Ik vrees dat ik die doelstelling niet heb waargemaakt.

Paul werkte bij De Morgen als gerechts- en onderzoeksjournalist. Het eerste artikel dat we terugvonden dateert van 2 juli 1986 en ging onder de kop 'BBI recupereert 1,4 miljard (!) via carrousel-bestrijding' (sic, let op het uitroepteken). Het stuk berichtte over de vangsten die de toenmalige Bijzondere Belastingsinspectie in haar strijd tegen BTW-fraude had geboekt. Het artikel eindigde met een forse aanklacht tegen het roemruchte Charter van de Belastingsplichtige, waarmee de regering toen uitgerekend de BBI zou kortwieken. Dat eerste krantenbericht typeert de journalist Ponsaers honderduit: correcte en relevante verslaggeving, met een stevige saus sociaal-politiek engagement er overheen.

Even typerend aan dat krantenbericht: het was niet Pauls enige werkstuk die dag. Voor dezelfde editie van 2 juli werkte hij, zij het met vier collega’s, aan een reportage - toen Focus genoemd - over malaria op de luchthaven van Zaventem. Op zijn tweede werkdag als journalist verdubbelde hij zijn productie nog. Zo vinden we in de krant van 3 juli al meteen vier artikelen van zijn hand: een follow-up van de malaria-epidemie op Zaventem (luchthavenautoriteiten reageren maar traag), een stuk over de uitlevering aan België van Britse hooligans na het Heizeldrama van 29 mei 1985 (regering gaat eindelijk tot actie over), een bijdrage over de waarde van het tennisracket van ECC-winnaar Lendl in het kader van een dispuut tussen verzekeraars ('slechts' 10 miljoen frank), en een veeleer bescheiden verslagje van een schietindicent in Koekelberg. Niet dat Ponsaers elke dag zo veel zou schrijven, maar dat hoge productieniveau tekent toch de jaren dat hij voor De Morgen werkte. We gingen het turven en kwamen uit bij een productiegemiddelde van 30 artikelen per maand. Niveau gerechts- en onderzoeksjournalistiek welteverstaan. Geen wonder dat sommige journalistieke carrières zo snel eindigen.

Vooral met zijn nimmer aflatende aandacht voor de Bende van Nijvel en diens 28 dodelijke slachtoffers maakte Paul Ponsaers naam als journalist. Haar reputatie getrouw, ging De Morgen verbeten mee op zoek naar de daders en beet ze zich vast in mogelijke verklaringen. En er waren er nog in wie Ponsaers zijn journalistieke tanden zette. Ook de communistische bommenleggers van de CCC genoten zijn bijzondere aandacht. Net zoals extreemrechtse figuren en groupuscules. Fraudeurs hadden er met hem een serieuze luis in de pels bij. Goudhandelaar Kirschen bijvoorbeeld. Textielbaron Pierre Salik. VDB. De familie Artois. De ziekenfondsen (!). De Chevron-raffinaderij in Feluy. Een netwerk van Nederlandse koppelbazen in Limburg. Ene Jozef Miny, beleggingsfraudeur. Het ECC, organisator van tennistornooien. Fraude en corruptie waren Paul steeds een doorn in het oog, als de gesofisticeerde en hoogst antisociale hold-ups op de samenleving die ze zijn.

Dat bij dat alles ook op het overheidsfunctioneren gefocust werd, mag geen verwondering wekken. Vooral het justitiële en politiële falen in het Bendedrama hield Ponsaers bezig. De latere parlementaire activiteiten over de Bende volgde hij dan ook op de voet. Op 18 november 1986 publiceerde Paul samen met Walter De Bock een opgemerkte reportage onder de kop 'Nevel over Nijvel: de politieke piste die werd genegeerd'. (*) Daarin vroegen de reporters extra aandacht voor de mogelijkheid de bendeleden te vinden "in kringen van oud-rijkswachters en extreemrechtse wapenfreaks". Het leidde dan wel niet tot de uiteindelijke ontmaskering, het journalistieke speurwerk zette politie en gerecht er op zijn minst toe aan om de piste verder te bewandelen en deuren te sluiten die anders misschien op een kier waren blijven staan. Later schreef Paul samen met Gilbert Dupont van La Dernière Heure nog een boek over de tragische gebeurtenissen. 'De Bende, een documentaire' was in 1986 het eerste in een reeks van 'Bende-documentaires'. Volgens velen gaat het nog steeds om het beste dat over die roemruchte episode uit onze vaderlandse geschiedenis verscheen.

(*) Iemand toevallig een kopie van dat artikel in zijn bezit?

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube