1

Directie Speciale Eenheden (CGSU) is een onderdeel van de Belgische federale politie en is samengesteld uit een aantal centrale en decentrale eenheden. Deze eenheden voeren gespecialiseerde ondersteuningsopdrachten uit. De directie hangt rechtstreeks af van de commissaris-generaal van de federale politie en heette vroeger DSU.

De Directie speciale eenheden werkt ten voordele van de bevoegde overheden en ten voordele van de federale en de lokale politie. CGSU handelt nooit op eigen initiatief en treedt enkel op na een formele toestemming van een bevoegde gerechtelijke of bestuurlijke overheid, bijvoorbeeld de procureur of de burgemeester. In totaal telt de Directie speciale eenheden 540 personeelsleden.

Binnen de organisatie van de Belgische Rijkswacht, werd in 1972 een speciale eenheid opgericht. De reden hiervoor was de dramatische gebeurtenissen op de Olympische Spelen in München. Deze eenheid kreeg de naam brigade Diane. Twee jaar later werd Deze naam veranderd in Groep Diane. En in 1992 met de hervormingen van de rijkswacht werd haar naam herdoopt naar het Speciale Interventie Eskadron (SIE).

Bij de politiehervorming in 2002 werd er voor gekozen om de speciale eenheden te groeperen in een directie, namelijk Directie speciale eenheden (DSU). Sinds maart 2006 veranderde de directie van (afkortings)naam en werd het CGSU (Commissariaat Generaal Special Units). De eenheid hangt direct af van de commissaris-generaal van de federale politie.

Permanente steun verzekeren aan de federale en de lokale niveaus op het vlak van:

  • Bijzondere opsporingstechnieken

  • Interventie en aanhouding

  • Beveiligingsopdrachten

  • Gespecialiseerde technologische steun

  • en het verlenen van expertise en adviezen.

De centrale eenheid is gehuisvest te Brussel en bestaat uit enkele gespecialiseerde diensten:

  • Observatie-eenheid

  • Interventie-eenheid

  • Under Cover Team (met onder andere Getuigenbescherming-team)

  • Technische eenheid (National Technical Support Unit)

Op gedecentraliseerd niveau zijn er vier POSA-pelotons (Protectie, Observatie, Steun en Arrestatie):

  • POSA Gent

  • POSA Antwerpen

  • POSA Charleroi

  • POSA Luik

Net zoals de centrale eenheid staan zij in voor observatie, bijzondere arrestaties en het verlenen van technische steun. Sinds 1995 zijn de nieuwe leden van SIE(BXL) en POSA samen opgeleid te Brussel. Bij de moedereenheid in Brussel centraliseert men ook een aantal specialisten zoals duikers, scherpschutters, klimmers, hondengeleiders,... in functie van discrete of grootschalige tussenkomsten, waaronder gevangenisopstanden, gijzelingen, fort chabrols en kapingen. De POSA-eenheden worden hierbij ingezet ter ondersteuning. Hùn sterkte is de snelle inzetbaarheid in de provincies.

De explosievenopsporingshonden behoren tot de speciale eenheden van de federale politie. Deze honden worden, zoals de andere politiehonden, getraind op hun specialisatie, namelijk de aanwezigheid van springstoffen of munitie ontdekken. De speciale eenheden van de Belgische federale politie werken momenteel met 6 explosievenopsporingshonden.

Bron: Wikipedia

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

2

In de nacht van 31 december 1981 en 1 januari 1982 werden er een groot aantal wapens gestolen in de kazerne van het SIE, gelegen aan de Generaal Jacqueslaan in Etterbeek » Forum

Martial Lekeu over de sfeer bij de Groep Diane:

"De rijkswachters van het SIE hadden een mentaliteit die veeleer rechts of extreemrechts was; in de kantine werden Duitse liederen gezongen."

Gewezen leden: 

  • André Cammerman

  • Johan Demol

  • Christian Amory

  • Claude Godin

  • Evance Collard: hij was de wapenmaker bij SIE en had contacten met Bouhouche.

  • Jean-Paul Quaisin: hij werkte tot 1981 bij het SIE en daarna bij de interne veiligheidsdienst van de NAVO in Evere, waar hij vaak het werk van een geheim agent opknapte: microzenders plaatsen in openbare telefooncellen en boodschappen op bepaalde adressen ophalen om ze na kennisname te verscheuren en 's nachts al rijdend met de auto door het raam te gooien. Quasin stond in contact met Francis Macharis, een lid van de BOB, en Maréchal, nog een ex-Diane. Alle drie klusten ze voor het detectivebureau ARI en ontmoetten mekaar in dezelfde schietclubs.

  • Mirko Tavra

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Arsène Pint was niet alleen een gewezen topatleet, maar ook een politieman met grote verdiensten. Zo stond hij bijvoorbeeld aan de wieg de Groep Diane, de antiterreureenheid van de Rijkswacht, om later districtscommandant te worden en betrokken bij het Bendeonderzoek in Dendermonde. De aanslag op de Delhaize in Aalst, in november 1985, vormt een zwarte bladzijde in zijn politionele loopbaan. Toen Pint het slagveld op de parking van Delhaize zag, liet hij zich ontvallen: "Verdomme, het zullen toch die van ons niet zijn?" Pint werd daarover ooit geïnterviewd in Humo. Hij baseerde zijn uitspraak op wat hij toen in Aalst had zien liggen: 12 mm-munitie, 9 mm en .357. "Die gebruikten wij bij de groep Diane ook."

Pint belde nadien naar Rijkswachtgeneraal Bernaert: "Generaal, ik zit met een gevoel dat ik niet kwijt geraak. Ik wil een onderzoek naar al wat met de Groep Diane te maken heeft." Dat in alle discretie gevoerde interne onderzoek leverde niets op. Pint getuigde achteraf in de Tweede Bendecommissie: "Wetende dat er bij ons Beijers, Bouhouchen, Amorys en Lekeus waren, blijf ik deze hypothese in mijn hoofd houden." Pint noemt dus - en niet in zomaar een forum, maar wel degelijk in een parlementaire onderzoekscommissie - vier namen die als een jojo steeds opnieuw in het onderzoek terugkeren: Robert Beijer, Madani Bouhouche, Christian Amory en Martial Lekeu. Die laatste vluchtte, zoals bekend, halsoverkop naar de Verenigde Staten.

Een ander opvallend gegeven ligt in het feit dat de advocaten Graindorge en Magnée destijds - letterlijk - de namen noemden van maar liefst twintig rijkswachters en ex-rijkswachters die bij de Bende van Nijvel waren betrokken: van generaal Beaurir en de kolonels Lhost, Fastrez en Mayerus, tot een stuk gendarmerie te velde: Gringnez, Chang, Poncelet, Marbaix, Depaus, Gombert, Miévis, Maquet, Pattyn, Trotsaert, Galetta, Fievez en uiteraard de vier hierboven genoemden. Alweer enkele hardnekkig terugkerende namen, denk maar aan Mayerus (medeoprichter van Diane), Marbaix en Miévis.

En dat is niet alles. In een interne nota van 21 december 1988 stelt de toenmalige Gerechtelijke Politie dat bepaalde leden van de Brusselse BOB een dossier zouden hebben samengesteld na de inbeslagname van het adressenbestand van het Brusilia-netwerk, een namenlijst waarmee prominenten konden worden benaderd en gechanteerd op basis van videotapes. Die Brusselse BOB'ers (alweer de Rijkswacht dus) zouden Bouhouche, Lekeu, Marbaix, Millet, Stienon, Pattijn en Callens geweest zijn. Enkele namen worden dus op repetitieve wijze geciteerd: Bouhouche en Lekeu met stip, maar ook Lucien Marbaix. Die laatste was lid van de Groep Diane, zoals ook Lekeu dat een tijdlang is geweest.

Marbaix behoorde tot de wel zeer harde lijn en was lid van WNP. In november 1994 viel de Gerechtelijke Politie bij hem binnen in zijn appartement(en) in de Rue Vanderkindere in Ukkel en in de kelder van een van zijn andere huizen, in de Generaal Jacqueslaan in Elsene. Wat men te zien kreeg, tergde ieders verbeelding: oorlog- en handwapens in alle soorten en maten, munitie, explosieven, memorabilia over Hitler en Degrelle. Die laatste had een foto van zichzelf van een handgeschreven opdracht voorzien: "A mon ami Lucien Marbaix, 21.1.91". En last not least: een uitgebreide documentatie over de prestaties van de Bende van Nijvel.

De opeenvolgende parlementaire onderzoekscommissies hebben zich meermaals over de betrokkenheid van (ex-) rijkswachters bij de Bende gebogen. De Commissie stelde vast - het kon nauwelijks anders - dat binnen de Rijkswacht een extreemrechtse vleugel actief was, dat de BOB van Waver bezig was dit spoor grondig te onderzoeken vooraleer hun werkzaamheden van hogerhand werden afgeblokt door het verwijderen van de betrokken rechercheurs uit het onderzoek. "De commissie heeft [...] een verontrustend hoog aantal getuigenissen gehoord over het bestaan van uiterst rechtse groepen binnen de politiediensten en over een aantal plannen tot staatsgreep."

Nooit grondig onderzocht, deskundig afgeblokt enzovoort: "Het spoor van destabilisering gericht op een sterk regime én de hypothese van een staatsgreep", zo stelt de Bendecommissie vast, brachten in politie- en gerechtelijke kringen nogal wat nervositeit teweeg. Een gewezen agent van de Staatsveiligheid, Chevalier genaamd, had eerder al gesignaleerd: "Wij ontdekten in het begin van de jaren tachtig dat in de ledenlijsten van heel wat extreemrechtse groeperingen steeds vaker de namen voorkwamen van rijkswacht- en legerofficieren. De groeperingen waarvan zij lid waren, schuwden het geweld niet en waren in staat goed georganiseerde aanslagen te plegen." Het ging vaak ook om ex-huurlingen, aldus Chevalier, "die niet akkoord gingen met de gang van zaken in ons land en soms regelrecht tegen de Belgische staat optraden."

De Staatsveiligheid wist bovendien maar al te goed dat "miliciens, adjudanten en sergeanten niet in staat [waren] om grootscheepse destabilisatieoperaties te organiseren. Om zo feilloos te kunnen optreden en steeds opnieuw in het niets te kunnen verdwijnen, waren het inzicht en het organisatietalent nodig van hogere officieren. De daders van de bloedige Benderaids ontsnapten telkens op wonderbaarlijke wijze aan de handen van politie en gerecht."

De Groep G binnen de Rijkswacht hield zich bezig met paramilitaire oefeningen en was zelfs betrokken bij de training van een aantal leden van het Front de la Jeunesse. Sommige bronnen hebben het over maar liefst 60 (zestig!) rijkswachters die bij deze paramilitaire manoeuvres waren betrokken. De Groep G viel eind de jaren zeventig uiteen, maar men ging ervan uit dat een aantal extremistische ex-leden nog altijd bedrijvig waren en betrokken - "rechtstreeks of onrechtstreeks" - bij de misdaden van de Bende van Nijvel. De Deltacel van Dendermonde kon een tiental leden van de Groep G identificeren en opsporen. Naar verluidt waren zij betrokken bij WNP en werd door Dendermonde hun deelname aan de Bende-overvallen allerminst uitgesloten. Een van die ex-rijkswachters was Hubert Defourny uit Oupeye, eigenaar van een met die van Marbaix vergelijkbare collectie nazistische memorabilia en van een schietstand onder zijn woning.

De toenmalige elite-eenheid Diane telde in haar ledenbestand nogal wat agenten van extreemrechtse signatuur. Het was één van de zorgenkinderen van de latere grote baas van de gendarmerie, luitenant-generaal Willy De Ridder, door zijn rechterflank smalend "de rode ridder" genoemd. De Groep Diane bestond niet alleen uit scherpschutters en een interventie- en arrestatieteam: er was ook een schaduwteam, een groep onderhandelaars (in het geval van gijzelingen) en een groep die gespecialiseerd was in undercoveroperaties. Wie in welke eenheid circuleerde, is moeilijk uit te maken. We weten natuurlijk wel, door bepaalde specifieke acties op het terrein, dat iemand als Daniël Cirlande tot de scherpschutters behoorde. Als kolonel van het mobiel legioen, was het Gérard Lhost die in de woelige jaren de dagelijkse verantwoordelijkheid had over de Groep Diane.

Hieronder volgt een lijst met min of meer interessante namen van wie we weten dat ze in de bewuste periode (1980-1985) tot de elite-eenheid hebben behoord. In het Bendeonderzoek en in de periferie ervan valt een aantal namen te signaleren van toenmalige leden van de Groep Diane. Christian Amory is hier - alweer - één ervan. Andere Diane-leden waren onder meer:

4

Mooi overzicht van de mogelijke verbanden tussen (ex-) leden van de Groep Diane, extreem-rechts en de Bende van Nijvel. Er zitten een aantal zeer interessante namen tussen, ik denk bv. aan Lucien Marbaix. Daarnaast zitten er ook een paar namen tussen waar nog meer info over gezocht moet worden, bv. de naam Kinapenne zegt mij niets. Over Hubeaux, Jacques en Denoncin kan ik momenteel allen zeggen dat zij genoemd worden in het dossier van de dubbele moord in Sint-Joris-Weert.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

5

Reportage van het één-programma Koppen over de opleiding van de speciale eenheden van de Federale Politie » deredactie.be

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

6

Commissie kende identiteit van 'Reus'

In het BRTN-programma De Zevende Dag heeft VLD-senator Hugo Coveliers gezegd dat de speciale commissie die belast was met het onderzoek naar de bende van Nijvel de identiteit kent van de 'Reus van de Bende van Nijvel'. Volgens de senator kreeg de commissie twee jaar geleden een brief van twee gerechtelijke onderzoekers die zeiden dat de reus een rijkswachter was bij het Speciale Interventie Eskadron. De 'Reus van de Bende van Nijvel' was een van de daders van een reeks bloedige overvallen in de jaren 80.

Minister van Justitie De Clerck zegt dat dit geen nieuw element is, maar dat hij de informatie nog eens zal laten natrekken.

Bron: De Tijd | 13 november 1995

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Dat zou dan over de nummer 19 gaan? De brief is van rond '92, 5 jaar voor dat de robotfoto's in de media kwamen, dus het zal waarschijnlijk van onderzoekers komen die op het dossier gewerkt hebben. Er moeten dus bezwarende elementen zijn. Zou die naam op de lijst van een paar post hoger staan? En is hij te linken met de diefstallen begin jaren '80, of klant van De Pomp of kennis van Willy van Cutsem?

De waarheid schaadt nooit een zaak die rechtvaardig is.

Hugo Coveliers heeft dat toen ook letterlijk gezegd op televisie, tijdens een debat in - als ik me niet vergis - 'De zevende dag'. De reus, zo is aan de commissie gezegd, was een lid van het SIE. Dat individu moet dus - grofweg - geboren zijn tussen 1950 en 1955. Nu, we moeten ervan uitgaan dat de leden van het SIE nog veel beter getraind waren dan bijvoorbeeld het WNP. Ex-rijkswachters weten dat maar al te goed: alleen het SIE is tot de stoutmoedigste van de Bende-acties in staat, zoals dat onder meer in Aalst het geval was.

Ik vernam uit een zeer goede bron - wiens naam ik uiteraard niet kan noemen - dat binnen de groep Diane, nadien SIE - in de jaren 80 een 'doodseskader' (sic) actief was en dat de enkele leden (vier à vijf) er prat op gingen dat ze op een gewetenloze wijze iemand konden vermoorden. De centrale daders van de Bende van Nijvel-feiten (want er waren wel meer daders, maar dan vooral in de periferie en bij 'gewone' criminelen die af en toe de centrale daders even uit de wind moesten zetten), aldus mijn bron, moeten vooral bij dat 'doodseskader' worden gezocht.

De leden van Diane/SIE oefenden en schoten de hele dag door; ze durfden letterlijk alle situaties aan. Dat het gros van hen extreem-rechts was, is een publiek geheim. Ze zouden aangestuurd geweest zijn door een zekere commandant Moyson, een grote vent, staalharde blik en chef rekrutering. Zelf was die Moyson geen lid van Diane, maar mogelijk een van de cruciale linken, want hij was verantwoordelijk voor elke vorm van rekrutering, dus ook voor het doorstromen van rijkswachters naar Diane.

Aubanel wrote:

Ze zouden aangestuurd geweest zijn door een zekere commandant Moyson, een grote vent, staalharde blik en chef rekrutering. Zelf was die Moyson geen lid van Diane, maar mogelijk een van de cruciale linken, want hij was verantwoordelijk voor elke vorm van rekrutering, dus ook voor het doorstromen van rijkswachters naar Diane.

Gaat het om deze commandant, grote man met wit haar?

http://img7.imageshack.us/img7/1372/eretekens.jpg

Uitreiking van eretekens in de KSch Gd 1985 - Kol Motte reikt eretekens uit aan Cdt Moyson, Adjt Chef Gilbert Mignolet  en Adjt Chef Fons Cools