(...) De echtgenoten Dewit-Fourez die zelfstandigen waren, beschikten over magnetische kaarten voor de DATS, die de brandstofleverancier was van Colruyt. Daarmee konden zelfstandigen aan het eind van de maand met behulp van facturen het brandstofverbruik van hun kleine vastgoedkantoor rechtvaardigen.
Welnu, deskundige Niemal (?), die destijds automobieldeskundige was en die jammer genoeg overleden is, heeft in zijn verslag geschreven dat toen de Mercedes aan het benzinestation is aangekomen, in de wagen nog maar 7 liter (*) brandstof zat.
Als men rekening houdt met de toenmalige routebeschrijving, weet men dat er, komende vanuit Parijs, een benzinestation is net voor Bergen. De eerstvolgende pompstation was in Drogenbos gelegen. Daaruit heb ik afgeleid, dat aangezien zij beseften dat zij zonder benzine zouden vallen, de echtgenoten Dewit-Fourez de autosnelweg afgereden zijn om naar de Colruyt-vestiging in Nijvel te rijden om er tijdens de nacht te gaan tanken.
Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 5)
(*) Waarschijnlijk is hier iets misgelopen bij Schlicker of bij de opstellers van de tekst van de Bendecommissie. Het lijkt aannemelijk dat ze bedoelden dat er nog brandstof was voor zo’n 7 kilometer, en niet dat er nog 7 liter in de tank zat.
Want als er effectief nog 7 liter over was, kon Fourez nog ongeveer 100 kilometer rijden. Dat strookt niet met de hypothese dat hij met een volle tank uit Ukkel vertrok en onderweg niet meer heeft getankt.
Zelfs als je ervan uitgaat dat hij bijzonder zuinig reed, blijft het in dat scenario weinig geloofwaardig dat er nog 7 liter in de tank zat.
"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via »
Facebook |
YouTube