31

Re: André Cammerman

Ben wrote:

Was ook aan de slag bij de groep Dyane.

Een betrouwbare bron heeft me laten weten dat Cammerman nooit lid is geweest van de groep Dyane.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube

32

Re: André Cammerman

Deze man staat toch gewoon op Facebook.

33

Re: André Cammerman

Informant ~ vroeg Rashid of hij geen contactpersoon voor commandant François wou worden. Rashid die via zijn contacten Henk Rommy en Johan Verhoek met Abbas in contact bracht…

34

Re: André Cammerman

André Cammerman tijdens het proces in 1982:

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/andrzo12.jpg

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube

Re: André Cammerman

Twee weken later raakten rijkswachtofficier Herman Vernaillen en zijn vrouw zwaargewond toen hun woning in Hekelgem door Bouhouche en Beijer onder vuur werd genomen. Goffinon had officieel geen dienst, maar was er wel als de kippen bij om 's nachts de aktetas van de majoor te doorzoeken. Uit analyse van het telefoonverkeer bleek trouwens dat hij meer wist over de schietpartij. (*) En in het Darrarapport van de rijkswacht stond dat de auto van van rijkswachter André Cammerman in de omgeving werd gesignaleerd. (**)

Bron: De bende van Nijvel | Guy Bouten

(*) Verwijst Bouten hier naar de telefoontjes tussen Club 52, gerund door een informant van Goffinon, en de gevangenis van Vorst, waar er enkele gearresteerde BIC-agenten in de cel zaten? Zie deze post.
(**) Iemand meer informatie over dat 'Darrarapport'?

36

Re: André Cammerman

Uit Hilde Geens haar boek 'complot van de stilte' hoofdstuk Bobbie Toubib Beijer schiet te hulp:

Zo is commandant François in de fuik gezwommen, zo is de zaak-François begonnen. De bewijzen zijn vernietigd, maar wie weet er ondertussen van? Zijn eigen NDB-medewerkers, de DEA in Brussel en Washington, Clonen van het BIC, zijn tipgevers Johan Kercher en Ben Zuidema, enkele collega’s in Nederland, Duitsland en Parijs, parketverantwoordelijken, de douaniers in Zaventem die opeens moesten samenwerken met een valse collega: al die mensen en diensten weten niet alles tot in de finesses, maar ze kennen François’ zwakke plek. Het is handig om dat soort dingen te weten, op te slaan en te bewaren tot het moment dat je ze kunt gebruiken. De commandant heeft een probleem opgelost door een ramp te creëren. Zijn geheim maakt hem chanteerbaar.

Niet iedereen blijft discreet. NDB-speurder Marc Besbrugge maakt er een punt van eer van om zijn klaroen te pakken telkens als er een nieuweling binnenwaait bij het team-François, zegt zijn collega Cammerman later tijdens een verhoor. En precies in die periode krijgt commandant François assistentie van zo’n nieuweling. De jonge rijkswachtrekruut en latere verdachte van de Bende van Nijvel-moorden, Robert Beijer, is eind maart 1975 begonnen bij het Mobiel Legioen van de rijkswacht, de troepen die ingezet worden voor de ordehandhaving.

Daarna gaat de drieëntwintigjarige Brusselaar aan de slag bij de brigade in Brussel. ‘Het was nog de glorieuze tijd van het NDB, het nieuwe sieraad van de strijd tegen de drugssmokkelaars,’ schrijft hij in zijn boek De laatste leugen. Dat klopt naar buiten toe – het duurt nog een poos eer het NDB de kranten haalt met de miserie van de Touboul-affaire.

Beijer schrijft vaag dat hij het NDB helpt ‘om een kleine smokkeltrafiek op te sporen’ en daarna terugkeert naar de brigade, mét de felicitaties van commandant François. Maar terug in zijn dienst stuit hij al snuffelend op Mohamed Ashfaq Kahn, de man die François in die periode helpt aan hasjpartijen om zijn schulden aan de rijkswacht terug te betalen.

‘Ik vernam ook dat Kahns activiteiten van nabij gevolgd werden door het NDB in het kader van een drugssmokkel,’ schrijft Beijer over Kahn. Daar laat hij horen dat hij in de gaten houdt wat er bij de commandant gebeurt. ‘De commandant van de BOB besloot opnieuw om me te detacheren naar François, gelet op het belang van de affaire. Net zoals de eerste keer liet ik me niet pramen. Ik vond het bijzonder aangenaam om mijn uniform te ruilen voor een burgerplunje, wat me toeliet om veel gemakkelijker te verdwijnen in de massa.’

Die keer werkt Bobbie Toubib Beijer een hele tijd bij het NDB, schrijft hij. Wat spookt hij daar uit? Wanneer was dat juist? Eind 1975, of ergens in 1976? Beijer houdt niet op met kletsen, maar hij kletst professioneel – hij vermijdt alle details die je kunt controleren, een kunst waaraan je de echte manipulator herkent.

In mei 1976 is hij bij het NDB volgens een collega nog altijd belast met dat belangrijke onderzoek naar Kahn. Mei 1976, nog de glorieuze tijd? Commandant François heeft sinds het toiletfiasco al zijn kappersfrisheid, alle gezag en respect van zijn troepen verloren.