11

Volgend dit artikel werd André Moyen tijdens de jaren '90 verhoord (en afgeluisterd) door de onderzoekers van de Cel Waals Brabant » Nieuws

Hij werd niet beschouwd als "een gek" maar als een intelligente - en zelfs gevaarlijke (manipulator) - persoon. Zijn geheim archief werd in 2008 - na de dood van Moyen - overgenomen door de Bonvoisin.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

12

Dat blad [Nouvel Europe Magazine] kwam in 1981 opnieuw in opspraak tijdens de parlementaire onderzoekscommissie naar het al maar driester wordende extreemrechts geweld [de commissie Wijninckx]. NEM bleek financieel verbonden te zijn met Benoît baron de Bonvoisin, die deel uitmaakte van de directe entourage van Paul Vanden Boeynants. De politicus kon niet anders dan afstand nemen van de baron. Omdat hij in de media werd omschreven als de Zwarte Baron, voelde de Bonvoisin zich in zijn eer gekrengt en richtte hij zich tot Moyen.

Zo staat in voetnoot 473 van het boek Wie heeft Lahaut vermoord?: "In april 1983 vestigt hij zich als zelfstandige in Schaarbeek onder de naam 'André Moyen – training et security consultant' (handelsnummer 0549.452.837). Hij oefent die activiteit uit tot aan zijn overlijden in 2008. Hij werd ook gevraagd om het familiearchief van baron Benoît de Bonvoisin, kleinzoon van de gouverneur van de Société Générale Alexandre Galopin en zeer betrokken bij de anticommunistische strijd in België en Afrika, te ordenen."

Op verzoek van het Duitse gerecht deed de financiële sectie van de Brusselse BOB ook een onderzoek naar de Bonvoisin, van wie bij onze oosterburen diens naam was gevallen in verband met financieel geknoei in een afvalschandaal. Moyen voerde – in het kader van zijn opdracht voor de Bonvoisin - een onderzoek naar mogelijk onregelmatigheden door een van de leiders van die BOB-afdeling. Zonder resultaat.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

13

http://www.servicedulivre.be/servlet/Repository?IDR=3256&IDQ=20

André (Capitaine Freddy) Moyen, geboren op 29 september 1914 en gestorven op 7 februari 2008. Heeft in 1934 zijn militaire dienstplicht gedaan bij de Ardeense jagers in Arlon en Bastogne. Is 7 jaar professor geweest - van 1935 tot 1942 - in het Kardinaal Mercier-college in Eigenbrakel en heeft van 1935 tot 1965 (dertig jaar) voor de geheime dienst (2e sectie EMGA) van het Belgisch leger gewerkt. Van 1965 tot 1985 was hij directeur Veiligheid en Opleiding bij Securitas in Erps-Kwerps.

Na de oorlog was hij ook 20 jaar lang een vast correspondent voor de Spiegel van Hamburg en vaste medewerker van Europe-Amérique, Le Phare (Brussel), L'Occident (Brussel), Septembre, Vrai, Gazet van Antwerpen, Dzinnik Polski van Londen, Europeo de Rome, La Météo Economique (Brussel, Industrie (Federatie van Industrie in België).

Bron » www.servicedulivre.be

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

14

André Moyen, de hoofdman van het naoorlogse MILPOL (militair en politiek), heeft over zijn activiteiten in het verzet tijdens de wereldoorlog twee boeken geschreven, "Service 8" en "Ils ont craché sur nos tombes". In de verzetsgroep Athos waren er twee afdelingen, de tak inlichtingen en de tak contraspionage. André Moyen leidde de eerste maar stond ook aan de leiding van de afdeling Service 8, de actiedienst bestaande uit een dertigtal leden. Zij werkten onder de dekmantel van een officiële dienst de NLVC, de algemene inspectie van de veestapel.

Dat gaf hen de mogelijkheid om zich, gewapend en met dienstwagens, te verplaatsen, valse documenten te maken en ongehinderd operaties uit te voeren: "het verzet steunen, verraders uitschakelen en desnoods met geweld inlichtingen inwinnen":

De operaties werden zorgvuldig voorbereid en zelden of nooit door diegenen die ze zouden uitvoeren. Daardoor kon zelfs het meest minutieuze onderzoek nooit een verband leggen tussen het komen en gaan van de inlichtingenagenten die de plaats van de executie gingen verkennen of een gedetailleerd plan opstellen, en de actiegroep die uiteindelijk ter plaatse kwam. Vaak kwam die bovendien van erg ver en ging ze uiterst snel te werk om onmiddellijk te verdwijnen zonder één spoor na te laten. 

Bron: Ils ont craché sur nos tombes, p 65 in Wie heeft Lahaut vermoord?

Het exacte aantal van dergelijke executies valt niet te achterhalen. In een rapport van 20 november 1945 geeft Moyen een aantal cijfers. Negen "verraders" lieten op die manier het leven in Wellin, een dertigtal in de regio Namen, zes in de regio La Roche-Houffalise 

Bron: Wie heeft Lahaut vermoord blz 162

Het bestaan van geheime parallelle en operationele privé diensten en de reden van hun bestaan is een algemeen gekend fenomeen.

Operaties onder valse vlag zijn operaties die dusdanig zijn ontworpen dat het lijkt alsof ze worden uitgevoerd door andere entiteiten. Zij kunnen worden uitgevoerd door regeringen, ondernemingen andere organisaties en zijn zowel geheim als clandestien. Een militaire operatie onder valse vlag mist de bescherming van het oorlogsrecht.

Bron » www.apache.be/gastbijdragen

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

15

Uit L'enquête criminelle sur les tueurs du Brabant van Adrien Masset:

CA56 - CBW - 10.09.1991 - PV 24681/91

André Moyen, cité dans la Commission d'enquête Gladio, qui est présenté comme ayant essayé d'égarer l'enquête depuis 1984, aurait mené des investigations privées à l'initiative du commissaire Z (*) de la PJ de Bruxelles, lui-même présenté comme proche de Dossogne, Bougerol et consorts. Le résultat de ces investigations a été transmis au procureur du Roi de Bruxelles Godbille.

Vertaling:

André Moyen, wiens naam wordt geciteerd in de Onderzoekscommissie Gladio, en van wie wordt gezegd dat hij sinds 1984 zou hebben geprobeerd om het onderzoek op een dwaalspoor te brengen, zou privé-onderzoek hebben verricht op initiatief van commissaris Z. (*) van de GP van Brussel, die op zijn beurt wordt voorgesteld als iemand die nauwe banden heeft met Dossogne, Bougerol en consorten. Het resultaat van die opsporingen werd overgezonden aan procureur des Konings Godbille van Brussel.

(*) Het gaat hier over commissaris Zimmer.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

16

Hieronder al twee interessante gegevens over Moyen uit het boek Wie heeft Lahaut vermoord?:

Pagina 72:

Frederika Stern (*), die al eerder klacht heeft ingediend tegen onbekenden wegens de overval op haar persoon, verzoekt op 22 februari 1952 dat het onderzoek zou worden uitgebreid tot het weekblad Europe Amérque en zijn medewerker André Moyen. In haar klacht geeft Stern het parket van Brussel zeer precieze aanwijzingen voor de uit te voeren onderzoeksdaden. Ze geeft verder nuttige informatie en verwijst onder andere naar Service 8, het boek van André Moyen over zijn activiteiten in het verzet, waaruit blijkt dat hij bedreven is in aanslagen met behulp van een wagen. 

Pagina 75:

Opnieuw geeft Louppe [de verantwoordelijke onderzoeksrechter in de zaak Lahaut] gevolg aan een verzoek van de burgerlijke partijen. Hij vraagt zijn speurders een 'discreet onderzoek' uit te voeren naar André Moyen. Zijn enige informatie over die man tot dan toe komt uit het proces-verbaal van 30 mei 1952, waarin Dessaucy en Legos verslag doen van hun bevindingen in Brussel: André Moyen is een 38-jarige 'journalist', afkomstig uit de provincie Luxemburg. Hij woont in Braine-l'Alleud (Eigenbrakel), maar heeft een kantoor in Brussel, meer bepaald op de zetel van de verzetsgroep Athos, waarvan hij deel uitmaakt. Commissaris Dessaucy laat Louppe weten dat Luik niet beschikt over meer informatie, maar dat hij zijn licht zal opsteken bij de collega's in Brussel.

De Gerechtelijke Politie van Brussel antwoordt: "Moyen André heeft tijdens de bezetting deel uitgemaakt van de verzetsgroep Athos en staat als dusdanig bekend onder het pseudoniem 'Kapitein Freddy'. Hij zou zich momenteel als journalist inlaten met een actieve strijd tegen het communisme en zou inlichtingen verstrekken over bepaalde subversieve activiteiten van Belgen of buitenlanders. Het is echter niet mogelijk gebleken om vast te stellen dat hij deel uitmaakt van een terroristische anticommunistische groepering."

Bron: Wie heeft Julien Lahaut vermoord | Gerard Emmanuel, De Ridder Widukind en Muller Françoise

(*) De zaak-Stern-Van Praag is een overval op Frederika Stern, een bediende van de communistische boekhandel La Librairie du Monde Entier op 27 augustus 1951. Daarbij worden haar handtas en haar boekentas gestolen. Een aantal documenten die ze in bezit had, worden later teruggevonden bij André Moyen.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

17

Onderstaande passage uit het boek Wie heeft Lahaut vermoord? toont aan dat Moyen in de naoorlogse periode zeer goede contacten had binnen de gerechtelijke wereld van dit land. Het zou interessant kunnen zijn om te weten of deze goede contacten er tijdens de jaren '80 ook nog waren.

Moyen beweerde dat hij 'dagelijks in contact stond met de verschillende parketten in het land'. Hij omschreef zijn samenwerking met de parketten van Brussel en Nijvel als 'uitstekend/volmaakt'. Hij beweerde ook op goede voet te staan met de onderzoeksrechter van Hoei en de procureur des Konings van het arrondissement persoonlijk te kennen. De archieven van de NLVC bewijzen ook de goede contacten met het parket van Charleroi.

Bij de gerechtelijke politie van Brussel loopt met in de onmiddellijk naoorlogse periode in elk geval hoog op met Moyen omwille van 'zijn burgerzin en takt waarmee hij zijn activiteiten binnen de NLVC uitvoerde'. De procureur des Konings van Neufchâteau zal verklaren dat hij op de hoogte was van de 'patriottische activiteiten' van Moyen, die hem geregeld om raad vroeg en hem op voorhand op de hoogte stelde van de operaties van Athos tijdens de oorlog.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

18

Kort na zijn proces-verbaal over het BACB stelt Van der Linden [van de Gerechtelijke Politie van Antwerpen] een ander proces-verbaal op. "Onze aandacht werd gevestigd", zo schrijft hij zonder duidelijke aanleiding en zonder verwijzing naar enige bron, "op André Moyen, journalist en beter bekend als kapitein Freddy. Hij beheert een soort private anti-communistische inlichtingendienst, ten bate van grote handels- en nijverheidsondernemingen. (...) In 1954 zou de activiteit van Moyen gefinancierd zijn door een zekere De Roover, van de Banque de Bruxelles te Brussel. Moyen zou regelmatige maandelijkse geheime verslagen hebben toegericht aan zijn opdrachtgevers (...)."

De inlichtingendienst "zou gericht zijn op twee punten die in de tijd als nevralgiek werden beschouwd voor wat betreft communistische agitatie en actie: de haven van Antwerpen en de voormalige kolonie. (...) Een verband tussen de activiteiten van Moyen alias Capitaine Freddy en het BACB, eventueel het Eldrie-verbond zou pas blijken, in verband met de namen van personen, die als inlichtingsagenten voor hem zouden opgetreden hebben".

Na een uiteenzetting van de oorlogsactiviteiten van Moyen, besluit Van der Linden: "In ieder geval wordt Capitaine Freddy afgeschilderd als iemand, die tot elke daad in staat zou zijn. Er wordt geïnsisteerd dat bij het inwinnen van nadere inlichtingen over zijn persoon of zijn net, te Brussel, met de grootste omzichtigheid zou tewerk gegaan worden, daar hij vroeger met verschillende politionele diensten zou samengewerkt hebben. (...) In verband met de hoger geciteerde naam 'De Roover' van de Banque de Bruxelles te Brussel, stellen wij ons thans de vraag of de vermelding, voorkomende op één van de briefjes door inspecteur Deloof beschreven tijdens zijn onderhoud met Kerkhof, wel correct werd geïnterpreteerd, en of het soms niet deze De Roover is, eerder dan een politieagent uit Merksen die bedoelt wordt."

(...) Van der Linden zal actief zoeken naar een link tussen Moyen en BACB. Zo legt hij een foto voor aan Kerkhof en andere voormalige leden van het BACB, maar zij verklaren de man niet te kennen. Zodra Moyen op de hoogte wordt gesteld van de bevindingen van Van der Linden over het BACB, schiet hij in actie. Zijn aandacht gaat in de eerste plaats naar Deloof en Kerkhof, naar de politieman en zijn informant.

Bron: Wie heeft Lahaut Vermoord? | Gerard Emmanuel, De Ridder Widukind, Muller Françoise

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Een uitgebreid artikel over de moord op Lahaut en de rol van André Moyen » www.knack.be

http://www.knack.be/medias/7333/3754759.jpg
Een jonge Moyen

Bedankt voor het artikel patrick111. Ik heb de kans nog niet gehad om het boek over de moord op Lahaut te lezen. Het uitstekende artikel van Walter Pauli is dan ook zeer verhelderend.

Wat mij bij heel deze omschrijving van het leven en de activiteiten van André Moyen opvalt is de gelijkaardigheid met wat de WNP moet geweest zijn, hoe de WNP gefinancierd werd en hoe de WNP te werk ging. Was WNP een onderdeel van het netwerk van Moyen? Ook de profielen van André Moyen en Michel Libert zijn zeer gelijkaardig.

Pikant detail bij het slot van het artikel: Michel Libert is lang werknemer geweest van, jawel, Umicore ...