71

Re: Huurlingen

De huurlingen gingen zeer brutaal te werk. Zo werden er geen gevangenen genomen. Wie in handen van de tegenstander viel, wist dat hij een wrede dood tegemoet ging. Ook de bevolking in bezet gebied werd niet ontzien. Iemand die ervan verdacht werd te sympathiseren met de Simba's, werd koudweg neergeschoten. Enige vorm van rechtspraak was er niet; op het terrein gold enkel het recht van de sterkste.

Een CIA-verslag waarin de balans werd opgemaakt van de aanpak van de huurlingen, stelde onomwonden: "Ze zijn allen schuldig aan ernstige excessen waarvan de bevolking het slachtoffer is, zoals overvallen, verkrachtingen, moord en afranseling."

De gebruikte bewapening en uitrusting was zeer verscheiden. Vooral automatische wapens waren erg in trek. Het munitieverbruik lag dan ook zeer hoog.

De operaties waren voornamelijk toegespitst op de verharde en onverharde wegen. De huurlingen waagden zich niet in de jungle of in het struikgewas; dat was veel te gevaarlijk. De rebellen konden zich er gemakkelijk verstoppen. Tijdens de patrouilles, die meestal per voertuig gebeurden, werd de verkenning door het vuur toegepast. Dit kwam erop neer dat de zijbegroeiing van de pistes met automatische wapens onder vuur genomen werd, dit met de bedoeling om verscholen Simba's vroegtijdig te ontdekken. De grote vrees van de huurlingen was om in een hinderlaag te vallen. Het terrein leende zich daar uitstekend voor. Het was dan ook een zeer zenuwslopende oorlog.

Daarbij kwam nog dat de omstandigheden waarin de huurlingen moesten opereren zeer rudimentair waren. Alle basisvoorzieningen ontbraken. Zo was er geen medische ondersteuning, waardoor malaria, dysenterie en tal van ziektes en infecties voor heel wat slachtoffers zorgden. Ook de logistieke bevoorrading liet vaak te wensen over. In de praktijk leefden de huurlingen - net zoals de Congolese militairen - van wat ze in de lokale dorpen konden bemachtigen. Er werd op grote schaal geplunderd.

Overal waar de huurlingen ingezet werden, werden de brandkasten van verlaten winkels, bedrijven en banken systematisch met dynamiet opgeblazen en leeggeroofd. De Amerikaanse ambassadeur McMurtrie Godley omschreef de huurlingen dan ook als "een losgeslagen bende macho's [...] die vinden dat plunderen en brandkasten kraken deel uitmaken van hun prerogatieven".

Ondanks de brutale aanpak door de huurlingen zou het toch nog duren tot eind 1964 alvorens de eerste verhalen hierover verschenen in de pers. Dit was zonder twijfel het gevolg van de door minister Spaak en het State Department genomen maatregelen om de journalisten zo ver mogelijk van de operaties te houden. Daarnaast werden de huurlingen enorm geapprecieerd door de blanken in Congo.

Voor veel geïsoleerde colons en missionarissen waren de huurlingen immers de enige hoop om te kunnen ontsnappen aan de brute repressie van de Simba's. In de verhalen die de bevrijde blanken achteraf aan de journalisten vertelden, werden de huurlingen voorgesteld als helden. Hun gewelddadige optreden werd daarbij door de vingers gezien.

Bron: Operatie Rode Draak | Kris Quanten

In het boek staat ook nog volgende voetnoot:

Over de rekrutering van de huurlingen in België zijn maar weinig officiële documenten terug te vinden. Verhelderend was het gesprek dat we hierover hadden met de Belgische huurling Georges Speeckaert, zelf een oud-huurling van het 6de Commando (15 oktober 2010). Toch waren het vooral de archieven van de Veiligheid van de Staat die ons een duidelijker inzicht gaven in de concrete werking van de rekrutering in België. De persoonlijke dossiers van de betrokken actoren die minutieus bijgehouden werden, bevatten heel wat interessante informatie.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube

72

Re: Huurlingen

Ook in het boek "Het Conco-complot" komen de huurlingen en hun brutaal optreden tijdens de Simba-opstand kort ter sprake:

(...) Hoewel Mobutu ogenschijnlijk nog steeds de leiding had over de militaire verrichtingen, dankte hij zijn overwinning aan het werk van de CIA. The New York Times onthulde dat het CIA-bureau in Leopoldstad snel was uitgegroeid tot een 'miniatuuroorlogsdepartement'. De militaire actie van de CIA was even meedogenloos als effectief, met pro-regeringstroepen die zich niet bezorgd toonden over het welzijn van de burgers.

Alleen al tijdens de herovering van de stad Kindu doodden ANC-soldaten en huurlingen drieduizend Congolezen van alle leeftijden. In totaal hebben de gevechten tussen rebellen en door de Amerikanen gesteunde militaire eenheden naar schatting honderdduizend Congolezen het leven gekost.

Bron: Het Congo Complot | Stuart A. Reid

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube

Re: Huurlingen

Werden er menselijke safari’s georganiseerd tijdens de Joegoslavische burgeroorlog van de jaren 1990? Er is momenteel een internationaal onderzoek bezig naar de bewering dat rijke westerlingen – o.a. dokters, magistraten – destijds veel geld zouden betaald hebben om te mogen jagen op burgers in Sarajevo. Er zouden ook Belgen aan deelgenomen hebben en nog belangrijker: de spil zou een Belgisch bedrijf geweest zijn, gespecialiseerd in het uitzenden van huurlingen.

Achter de trips ging de georganiseerde misdaad schuil, beweert De Fransman: de Balkanmaffia en de Russische maffia. De praktische organisatie was in handen van veiligheidsbedrijven in verschillende landen. Maar: 'De hoofdzetel was in België.'

Een andere bron van Gavazzeni bevestigt dat: 'In België bevond zich het moederbedrijf.' Helaas spreekt ook hij onder een pseudoniem: 'L'Innominato', oftewel: 'De Naamloze'. De Naamloze was vroeger een officier van de Italiaanse inlichtingendiensten op de Balkan. Hij noemt België de spil van de menselijke safari's. Gavazzeni zelf blaast warm en koud. In zijn boek noemt hij de naam van het 'grote Belgische veiligheidsbedrijf met een filiaal in Londen' en tegelijk ook weer niet: hij maakt de letters zwart. Gavazzeni wil de naam van het bedrijf om juridische redenen niet officieel bevestigen. Hij volstaat met de mededeling dat hij de naam aan het Belgische gerecht heeft meegedeeld. Het federaal parket geeft geen commentaar.

De Naamloze is op vraag van HUMO, via het WhatsApp-kanaal van Gavazzeni, wel bereid meer te vertellen.

De Naamloze: "Het Belgische veiligheidsbedrijf stuurde andere bedrijven aan die ook betrokken waren bij de oorlog in voormalig Joegoslavië. Blijkbaar hadden de Belgen een bevoorrechte toegang tot de Balkan en tot de rekrutering van huurlingen. Via betrouwbare klanten regelden ze de contacten met de boogschutters. Wat het schieten zelf betreft, lijkt het erop dat ze ook de afspraken met de Serviërs maakten en aangaven wie de begeleiders zouden zijn. Het is dus duidelijk in welke zakken het meeste geld verdween."

(…) De woordvoerder van het bewuste bedrijf is niet verbaasd als hij telefoon van HUMO krijgt. Collega's van andere media zijn ons met dezelfde vraag voor geweest, zegt hij. Hij belt even later terug met een officieel statement. 'De naam van ons bedrijf valt niet in het boek van Gavazzeni. De auteur heeft ons voor publicatie niet benaderd. We zijn ook niet op de hoogte van de gerechtelijke beschuldigingen dat wij iets met de zogenoemde menselijke safari's in Sarajevo te maken zouden hebben. U kunt onmogelijk onze naam noemen als u geen harde bewijzen in handen hebt.' Later komt er ook een mail. 'Ons bedrijf ontkent absoluut elke betrokkenheid bij de genoemde feiten.'

Het bedrijf was in de jaren 90 geen onbeschreven blad. Het vertoonde, volgens waarnemers, trekken van 'een schaduwleger'. In 'De weekendsluipschutters' herinnert Gavazzeni aan de oude reputatie van België als uitzendkantoor van huurlingen voor Afrikaanse oorlogen. 'Het zijn nog altijd dezelfde bedrijven die de boel runnen,' zegt De Fransman, 'al veranderen ze soms van naam.'

Bron: Humo | 28 juli 2026 | www.humo.be

Het is een krankzinnig verhaal dat me ook doet denken aan wat advocaat Delhuvenne ooit beweerde over de bende Haemers:

Peter Boeckx, die voor de televisiezender VIER de documentairereeks 'De bende van Haemers' maakte, vertelde dat hij met Delhuvenne een paar voorgesprekken had. 'Hij zei me dat de bende soms vips meenam. Het waren personen die ook eens de kick van een overval wilden voelen. En hij gaf me de naam van een minister. De vips gingen mee als toerist, maar namen niet actief deel aan de overval.'

Bron: Beetgenomen | Hilde Geens

Re: Huurlingen

Delhuvenne is natuurlijk wel voor een reden ontoerekeningsvatbaar en niet in staat om zijn eigen zaken te beheren verklaard.

Ik weet niet hoe het zit met die safari's maar merk op dat het weer de klassieke ingrediënten heeft: rijke, machtige deelnemers uit de hogere maatschappelijke geledingen, mysterieuze organisatoren, een spectaculair en afschuwelijk verhaal etc. Nog even en er duikt een mysterieuze videocassette op.

Ik stel me dan de vraag hoe die moordlustige artsen en advocaten in contact kwamen met zo'n organisatie.

Enne, ik weet niet hoeveel lezers hier ooit met een precisiegeweer op - ik neem een zeer matige afstand - 400 meter geschoten hebben op een bewegend doel. Nieuwsflash: da's zuiver technisch nog niet zo simpel. Je moet consistent <1MRAD kunnen schieten, da's equivalent aan een cirkel met diameter 100 mm op 100 meter. Een geoefend schutter schiet op 100 meter 5 matchpatronen in een cirkel van een cm of 2-2.5 diameter. Op een stilstaand doel, niet te veel wind, geen stress, perfecte schietpositie, alles mooi ingesteld, gekende afstand, niemand die op de idee zal komen om eens terug te vuren.

Geef iemand die niet getraind is zo'n wapen en het zal al een half mirakel zijn als hij erin slaagt deftig door zijn telescoopvizier te kijken. Ik ben op al die jaren dat ik aan precisieschieten doe nog nooit iemand tegengekomen die de technische expertise heeft hiervoor en die zoiets zelfs maar zou overwegen. En mocht ik ook maar een flard van een gerucht horen, ik stond de dag daarop bij een politiedienst. Net als de andere schutters die ik ken.

Om het samen te vatten: spectaculaire claims vragen spectaculaire bewijzen.

Re: Huurlingen

Hierbij de link naar een uitzending van achter het nieuws van 2 september 1967 met als onderwerp Huurlingen in Bukavu. Uitgebreide interviews met onder andere Schramme. Het meeste versta ik niet want Frans maar het zijn in ieder geval welbespraakte heren. Ik wil het zeker niet koppelen aan de Bende maar mogelijk vinden jullie het toch interessant.

» schatkamer.beeldengeluid.nl/

Wel even de VPN op Nederland zetten.

76

Re: Huurlingen

Nog een aantal fragmenten uit het boek "Operatie Rode Draak" van Kris Quanten. Het boek gaat over de bevrijding van meer dan 1800 gijzelaars door Belgische para's in Kisangani (Stanleystad) en Paulis.

(…) De aanpak van de colonnes verschilde grondig van die van de paracommando's. Zij moesten de laatste weerstandsnesten van de Simba's in Stanleyville uitschakelen.

Vooral de huurlingen gingen daarbij driest te werk. Er vielen heel wat Congolese slachtoffers. Ook werd er op grote schaal geplunderd; vooral de kluizen van banken, winkels en bedrijven waren geliefkoosde doelwitten.

De aanpak van de colonnes verschilde grondig van die van de paracommando's. Zij moesten de laatste weerstandsnesten van de Simba's in Stanleyville uitschakelen. Vooral de huurlingen gingen daarbij driest te werk. Er vielen heel wat Congolese slachtoffers. Ook werd er op grote schaal geplunderd; vooral de kluizen van ban-ken, winkels en bedrijven waren geliefkoosde doelwitten.

Op 25 november kwam Victor Nendaka, de Congolese chef van de Veiligheidsdienst, ter plaatse met een detachement Congolese para's. Hij ging persoonlijk de repressie leiden. Een van de eerste maatregelen was dat de Congolese burgers niet geëvacueerd mochten worden met de C-130's. Ze moesten eerst gescreend worden door de Veiligheidsdienst.

De door hem uitgevoerde zuivering zou uitdraaien op een brutale slachtpartij, waarbij honderden - volgens sommige bronnen zelfs duizenden - Congolezen zonder enige vorm van proces terechtgesteld werden. Iedereen die ook maar enigszins verdacht werd van samenwerking met de Simba's, werd standrechtelijk terechtgesteld.

Nendaka zou niemand of niets ontzien. Zijn aanpak leek ingegeven door wraak. Zijn hele familie was enkele weken eerder in Kumu, tussen Paulis en Buta, door de rebellen uitgemoord. De wrede repressie en het brutale optreden van zowel het ANC als de huurlingen choqueerden minister Spaak. In een telegram aan De Kerchove liet hij duidelijk zijn ongenoegen blijken: 'Ik wens dat u VdW [Vandewalle] op de hoogte brengt van mijn ongerustheid bij het lezen van de verslagen over de barbaarse aanpak van de repressie in Stan. [...] Hij moet begrijpen [..] dat door de voortzetting van dergelijke acties mijn instemming met de aanwezigheid van Belgische officieren van de technische bijstand in de colonnes ter discussie komt te staan.

Toch leek kolonel Vandewalle maar weinig greep te hebben op het gedrag van de huurlingen en de Katangese gendarmes. Het gewelddadige optreden zou net als het plunderen in de daaropvolgende dagen gewoon verdergaan. Hierdoor ontstond algauw een tweeledige beeldvorming, waarbij de paracommando's als 'de helden' en de militairen van de colonnes als 'de plunderaars en moordenaars' werden voorgesteld. Die beeldvorming zou voor veel frustratie zorgen bij de Belgische militairen in de colonnes.

Bron: Rode Draak | Kris Quanten

(...) Van Paulis werden de paracommando's rechtstreeks naar Kamina overgevlogen. Ondertussen hadden ook de achtergebleven paracommando's in Stanleyville zich teruggetrokken naar de luchtmachtbasis. Vrijdag 27 november's avonds was het hele bataljon gehergroepeerd in Kamina. Tijdens een korte plechtigheid - waarop ook kolonel Vandewalle aanwezig was - feliciteerden de ambassadeurs De Kerchove en McMurtrie Godley de paracommando's voor hun inzet en vastberaden optreden.

Over de Belgische militairen in de colonnes werd met geen woord gerept. Dat gebrek aan erkenning zou voor heel wat ongenoegen en frustratie zorgen bij de Belgische militairen in de logistieke ploegen. Om hun moreel niet te ondermijnen, stuurde kolonel Vandewalle zelf fictieve felicitaties van de koning en de Belgische regering naar zijn manschappen in Stanleyville.

Bron: Rode Draak | Kris Quanten

(...) Ook de beschuldiging dat de paracommando's een bloedbad hadden aangericht in Stanleyville, was volgens de minister op niets gebaseerd. Als er al uitwassen waren geweest, dan werden die gepleegd door de ANC-soldaten en de huurlingen. 8 Daarmee schoof hij elke verantwoordelijkheid af naar de colonnes die officieel ressorteerden onder het ANC. Aangezien de Belgische regering er geen zeggenschap over had, droeg ze er bijgevolg ook geen verantwoordelijkheid voor.

Hiermee bevestigde Spaak het tweeledige beeld van de 'goede' paracommando's tegenover de 'plunderende en moordende' huurlingen. In zijn memoires komt Vandewalle daar uitgebreid op terug. Voor hem was het de bevestiging dat de militairen in de colonnes - onder wie ook de Belgische militaire raadgevers - door Spaak opgeofferd werden om de paracommando's van elke blaam te zuiveren. De kolonel had het daar duidelijk moeilijk mee.

Bron: Rode Draak | Kris Quanten

De Congolese militairen waren echter niet de enigen die uitblonken in een gewelddadige aanpak. De blanke huurlingen hoefden voor hen niet onder te doen. In zijn verslag aan Spaak liet Nothomb zich zeer kritisch uit over het optreden van de huurlingen: Huurlingen zijn bewonderenswaardig in de strijd, leveren enorme inspanningen voor het redden van gijzelaars, maar zijn helaas totaal ongeschikt in alle andere omstandigheden. [...]

Hun gedrag is weerzinwekkend, zoals het zonder enige aanleiding vermoorden van Congolezen en het systematisch plunderen en afpersen. Nog geen week geleden heeft een huurling een gevangengenomen Simba zeven kilometer achter zijn jeep meegesleept. Daarbij schrokken de huurlingen er niet voor terug om wrede folterpraktijken toe te passen op de gevangengenomen Simba's. In zijn verslag over de militaire situatie in Stanleyville beschreef de militair attaché de gewelddadige taferelen die hij ter plaatse gezien had:

'Bij de "ondervraging" van tijdens patrouilles gevangengenomen Simba's worden de "klassieke" methodes toegepast: afranseling en gebruik van de generator voor de radioposten of veldtelefoon. 94 Ook werd er nog steeds op grote schaal geplunderd: 'Het was zelfs zo erg dat bepaalde raids op initiatief van de huurlingen werden uitgevoerd, met als enige doel het plunderen van een kluis waarvan ze het bestaan hadden vernomen. In de steden die door de huurlingen bevrijd of aangedaan werden, zijn alle waardevolle voorwerpen verdwenen.

Kolonel Vandewalle was niet blij met de negatieve berichten over de huurlingen in zijn colonnes. Op 30 november stuurde hij een telegram aan Spaak waarin hij reageerde op de nota van Nothomb. Daarin relativeerde hij de kritiek: "Verneem toevallig dat u een rapport zou hebben ontvangen over het optreden van zogenaamde schurken waarover ik het bevel heb mogen voeren van Kamina naar Stan. Deze mannen zijn beslist geen lieverdjes, maar hun gedrag is over het algemeen gedisciplineerder dan welke troep ook ter wereld die het zonder of met zo'n gebrek aan kader moet stellen."

Daarbij benadrukte hij nog eens de verdienste van de colonnes. Honderden geisoleerde blanken in afgelegen gebieden - die als gevolg van de paraoperatie ten dode opgeschreven waren - hadden hun leven te danken aan de huurlingen. Ook voor de toekomstige operaties bleef de inzet van de huurlingen belangrijk. Ze vormden immers de laatste hoop op redding voor de blanken die in het rebellengebied achtergebleven waren. Dankzij moed en ten koste van veel verliezen heeft troepenmacht onder mijn bevel honderden buitenlanders gered. Vele anderen zijn ten dode opgeschreven als gevolg van interventie van de para's in Stan. Als ze nog een kans hebben om berijd te worden, dan zullen ze dat te danken hebben aan deze schurken. Vraag dan ook met aandrang hiermee rekening te houden alvorens een definitief oordeel te vellen over deze kwestie."

Bron: Rode Draak | Kris Quanten

(...) De bemiddeling van Vandewalle zou haar effect niet missen. Spaak besefte immers ook dat er op korte termijn geen alternatief was voor de inzet van de huurlingen, om de eenvoudige reden dat er geen andere militairen beschikbaar waren voor de her-overingsoperatie. Aangezien er nog altijd honderden Belgen vastzaten in het door de rebellen gecontroleerde gebied, had de minister geen andere keus dan een beroep te doen op de colonnes van Vandewalle. Dit verklaart waarom Spaak de ogen zou sluiten voor het gewelddadige optreden en het plunderen van de huurlingen.

In een nota aan ambassadeur De Kerchove schreef hij: We moeten goed beseffen dat de veiligheid in Congo op dit ogenblik bijna volledig afhankelijk is van de aanwezigheid van de huurlingen. Dat is de feitelijke situatie op het terrein. [..] Geen enkele politiek met betrekking tot Congo kan overwogen worden zonder het behoud op korte termijn van een zeker aantal huurlingen. Daarmee leek Spaak te kiezen voor de politiek van het minste kwaad.

Ondertussen verslechterde de militaire situatie in Stanleyville zienderogen. De colonnes controleerden nu wel de hele stad, maar het gebied eromheen bleef stevig in handen van de rebellen. Stanleyville leek steeds meer op een belegerde spookstad.

De bevolking vluchtte weg, de handel kwam volledig tot stilstand en alle bevoorrading moest via een luchtbrug aangevoerd worden. De economische en bestuurlijke heropleving van de veroverde gebieden kwam maar niet op gang. Ook de inzet van de speciaal opgerichte 'polyvalente ploegen' zou daar weinig aan veranderen. De vooruitzichten leken somber. Uitgestrekte gebieden - vooral in het noordoosten en in het oosten - bleven nog steeds onder controle van de rebellen. Toch was kolonel Vandewalle er in zijn plan van uitgegaan dat met de inname van Stanleyville het hele rebellenregime als een kaartenhuisje in elkaar zou storten. Dat bleek een verkeerde inschatting te zijn.

In tegenstelling tot de République Libre du Congo van Gizenga, die in 1961 - na de moord op Lumumba - door verschillende landen erkend werd, had de République Populaire du Congo tot dan toe niet kunnen rekenen op enige internationale erkenning. De buitenlandse steun voor het rebellenregime van Gbenye was steeds beperkt gebleven. Als gevolg van de paraoperatie op Stanleyville kwam daar verandering in.

Vanaf december 1964 gingen verschillende Afrikaanse landen, waaronder Algerije, de Verenigde Arabische Republiek en Ghana, wapens leveren aan de Simba's. Ook trokken heel wat rebellen de grens over naar Soedan, Oeganda en Tanzania, vanwaar ze aanvallen zouden opzetten op Congolees grondgebied. Het resultaat was dat het verzet van de Simba's niet desintegreerde. Daarbij beperkten de rebellen zich niet alleen tot defensieve operaties.

Bron: Rode Draak | Kris Quanten

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube