1

Topic: Brussel: 20 Juni 1987

Samenvatting

  • Wat? Een overval op discotheek Mini Mil, één man komt om het leven en twee anderen raken gewond.

  • Wanneer? 20 Juni 1987, rond 5u ’s ochtends

  • Waar? Discotheek Mini Mil, Hoogstraat 346 in Brussel » Google Maps

  • Wie? Giovanni Torrice

  • Status: Opgelost

De dader werd in november 1989 veroordeeld tot levenslange dwangarbeid.

Bloedige overval in Brusselse discotheek

Een jonge klant verloor zaterdagochtend het leven in een Brusselse discotheek. Ook een tweede klant en de uitbater van de zaak werden door kogels gekwetst. Zij werden de slachtoffers van een schietpartij waarvan de dader, een Italiaan die er een overval wou plegen, even later door de Brusselse politie kon ingerekend worden, na een tweede schietpartij op straat.

Het was zaterdagochtend omstreeks 5u toen de 33-jarige Italiaan Giovanni T. in de Hoogstraat 346 te Brussel de discotheek “Mini Mil” binnenstapte, met een zware revolver in de hand naar de kassa liep en er het geld eiste. Toen de uitbater van de zaak, de Belg Jean, weigerde toe te geven aan de eis, opende de kerel onmiddellijk het vuur op de uitbater die door een kogel werd geraakt.

Onmiddellijk sprongen enkele van de nog aanwezige klanten op de kerel om te trachten hem te ontwapenen. Maar de overvaller vuurde nog verscheidene kogels af. Vanop korte afstand trof hij de 17-jarige Turk J.T., die onmiddellijk dood neerzeeg, en nog een tweede klant, de Italiaan Vincenti.

Al bij het eerste schot was vanuit een aanpalend vertrekt naar de Brusselse politie gebeld die toevallig een patrouille in de buurt had. De wilde schutter moet beseft hebben dat de politie snel ter plaatse zou zijn. Om zich een weg naar buiten te banen, aarzelde hij immers niet om eerst met het hoofd een glazen deur in te deuken om daarna door een raam de straat te bereiken. Bij die ontsnappingspoging hield hij van de glasscherven een snijwonde over aan het hoofd.

De politiepatrouille was inmiddels al op de plaats van het gebeuren, maar de kerel slaagde er toch nog in ongeveer 100m verder te lopen, tot bij de gebouwen van de “Brusselse Haard”, tegenover het Sint-Pieters-ziekenhuis. De agenten vuurden verscheidene schoten af in de lucht en slaagden er uiteindelijk in de overvaller te overmeesteren en op te leiden. Zijn wapen had hij in de discotheek achtergelaten. De man werd met het bewijsstuk onmiddellijk naar het Brusselse gerechtsgebouw gebracht waar hij voor de onderzoeksrechter nochtans weigerde enige bekentenis af te leggen.

Hij werd niettemin wegens doodslag en poging tot doodslag onder bevel tot aanhouding geplaatst. De gekwetste uitbater en ook de getroffen tweede klant ondergingen na de feiten een heelkundige bewerking in het Sint-Pieters-ziekenhuis. Zondag werd vernomen dat hun leven niet meer in gevaar was.

Bron: Gazet van Antwerpen | 22 Juni 1987

Moordende schoten in Brusselse bar

Moord, moordpoging en poging tot gewelddadige diefstal zijn de drie beschuldigingen waarvoor vanaf maandag de 35-jarige Italiaan Giovanni Torrice zich zal moeten verantwoorden voor het Assisenhof van Brabant. De ochtend van 20 juni 1987 schoot Torrice in een Brusselse dancing Cuneyt Teker dood. Jean-Claude Godeau, een klant, en uitbater Vincente Guillen Jareno werden gewond.

Waarom Giovanni Torrice geschoten heeft, is niet geweten, maar de mogelijkheid wordt niet uitgesloten dat hij de inhoud van de kassa wou bemachtigen. Giovanni Torrice, die sedert begin mei 1987 in ons land verblijft, kwam om 4u30 de “Mini Mil” aan de Hoogstraat 346 te Brussel binnen. Een half uur later vielen de schoten. Tevoren nam Torrice een drietal drankjes en betaalde ze. Via een klant, die Italiaans sprak, vroeg Giovanni aan de barman of hij naar zijn land kon bellen. Deze antwoordde ontwijkend omdat hij de zaak wou sluiten.

Omstreeks 5u, toen dancing-baas Jaren met de inkomsten, groot 15.000 fr., wilde buitenstappen werd hij door Torrice aangeklampt. Deze richtte een revolver op Jareno en schoot twee tot driemaal. De eerste keer zou hij in de lucht geschoten hebben en vervolgens op de uitbater. Jareno werd in een vinger en de bil geraakt. De baas, de barman en de late klant vluchtten naar de keldertrap en verwittigden de politie.

Torrice stapte ondertussen naar Cuneyt Terek en Jean-Claude Godeau die bij de toog stonden en eisten van hen de inhoud van de kassa. Omdat Cuneyt Teker niet vlug genoeg reageerde schoot Torrice hem neer. Hij zou later overlijden. Jean-Claude Godeau, die een glas naar Torrice’s hoofd gooide, werd zwaar gewond. De dader vluchtte maar werd al snel op straat door de politie aangehouden.

Ondanks zijn psychopathische persoonlijkheid werd Torrice wel in staat geacht zijn daden te beheersen. In zijn vaderland heeft hij een gerechtelijk verleden.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 November 1989

Giovanni Torrice veinst geheugenverlies

“Ik kan me niets meer herinneren”. Met dat antwoord op de vragen van voorzitter Wezel volhardde beklaagde Giovanni Torrice, een 35-jarige Italiaan, maandag in de houding die hij reeds vanaf het begin van het onderzoek heeft aangenomen. Deskundigen hebben intussen bevestigd dat het duidelijk om geveinsd geheugenverlies gaat en daar werd de jury door de voorzitter aan herinnerd.

Torrice wordt beschuldigd van moord, poging tot moord en poging tot diefstal met geweld op 20 juni 1987. Die dag, omstreeks 5 uur ’s morgens, loste hij in de dancing "Mini Mil" aan de Brusselse Hoogstraat met een pistool verscheidene schoten op de aanwezigen.

Daarbij werd Cuneyt Tekker gedood, Jean Godeau zwaar gewond en uitbater Jareno door twee kogels getroffen. Tijdens de ondervraging van maandag wenste Torrice ook geen vragen over zijn familie te beantwoorden, maar uit het onderzoek is gebleken dat hij stamt uit een gezin van zeven broers en vier zusters, dat hij zeer jong in een instelling voor delinquente jeugd terechtkwam en dat hij een diploma van mecanicien behaalde in zijn geboortestad Casino.

Parafinnetest

“Ben je destijds naar Belgie gekomen omdat je in Italië met politieke moeilijkheden zat?" vroeg de voorzitter. "Zo zou je het kunnen stellen", was het laconieke antwoord van beklaagde. Hij voegde eraan toe dat hij in feite naar Groot-Brittanie wou om er bij een zuster in te trekken.

Onderzoeksrechter mevrouw Coppieter-Wallant getuigde dat Torrice de onderzoekers onder meer verweet geen paraffinetesten te hebben uitgevoerd. Mr. Lancaster, die opkomt voor het slachtoffer Godeau, vroeg zich hierbij af "of iemand die een dergelijke test eist niet zeer goed op de hoogte is van alles wat met wapens te maken heeft”. “In mijn 10-jarige loopbaan als onderzoeksrechter was het de eerste keer dat ik een verdachte zo iets hoorde vragen", antwoordde mevrouw Coppieters.

Daarop wilde advocaat-generaal Fischer weten of Torrice ooit berouw toonde. “Nooit”, zei de onderzoeksrechter, "maar wel heeft hij zich beklaagd over het feit dat Jean Godeau niet werd vervolgd, want die had hem gewond door hem een glas in het gelaat te slingeren”.

Bioloog Schmitz getuigde daarna dat beklaagde op het ogenblik van de feiten 1,65 promille alcohol in het bloed had en barbituraten had geslikt. Aangenomen kan worden dat hij daardoor nog mer onder invloed geraakte.

Bron: Gazet van Antwerpen | 21 November 1989

Getuigen spreken elkaar tegen

Geen enkele persoon die in de Brusselse bar "Mini Mil" aanwezig was toen Giovanni Torrice er een klant dood schoot en een andere zwaar verwondde heeft iets gemerkt van twist of heibel. Dat getuigden ze gisteren voor het Assisenhof van Brabant. Oneens waren ze het wel over het feit of Torrice de kassa had geëist. Sommigen hadden die eis gehoord onmiddellijk nadat beklaagde Cuneyt Teker had doodgeschoten. Anderen hadden niets gehoord.

Tegenstrijdige getuigenissen waren er eveneens over een kort vuurgevecht buiten de bar. Een getuige hield vol dat dit gebeurde, maar volgens het onderzoek gaf Torrice zich over nadat de politie een enkel waarschuwingsschot had afgevuurd.

Zekere Filomena die sinds lang bevriend is met de familie van Torrice, en haar vriend Alfredo waren het ook al danig oneens. Bij Filomena was een pistool gevonden waarvan het nummer op dezelfde wijze was weggeveild als bij het moordwapen. Het pistool was door Alfredo in een bar gevonden, maar "hij zou dat zeker niet verkopen aan Torrice", zei Filomena. Alfredo ontkende ook een eventuele verkoop.

Ze zaten echter op een heel andere lijn toen gevraagd werd of Alfredo Torrice kende. Filomena getuigde dat ze beiden aan elkaar had voorgesteld. Alfredo stelde Torrice nooit gezien te hebben voor de feiten. Daarop zwakte Filomena haar getuigenis of tot "dat ze meende hen aan elkaar te hebben voorgesteld", maar "het kon ook zijn dat Alfredo er toen niet met zijn gedachten bij was".

Op de getuigenstoel zat dinsdag ook de 32-jarige Jean-Claude Godeau die door Torrice zeer zwaar werd verwond. Hij lijdt gedeeltelijk aan geheugenverlies en is niet zeker of hij nog ooit zal kunnen werken. Toen Godeau de eerste schoten hoorde dacht hij aan een grap, maar zag de man naast hem aan de toog neervallen. Vooraleer hij zich realiseerde wat er gebeurde kreeg hij een kogel in de keel. Godeau stelde dat hij niemand beklaagde heeft zien provoceren of aanvallen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 22 November 1989

Driemaal schuldig en levenslange dwangarbeid voor Italiaan

De jury van het assisenhof van Brabant heeft Giovanni Torrice schuldig bevonden aan de dood van de jonge Teker in de dancing "Le Mini Mil" op 20 juni 1987. Hij werd eveneens schuldig bevonden aan een poging tot doodslag op Godeau, en aan een poging op op onrechtmatige wijze de som van 15.000 fr. ten nadele van Vicente Guillen, eigenaar van de uitspanning.

Op de vragen of er provocatie was geweest antwoordde de jury neen. "Ik zie geen enkele verzachtende omstandigheid in hoofde van de beschuldigde", zo had advocaat-generaal Fischer gepleit. Een rechtvaardige straf is een straf die aanvaard wordt, waarvan men het einde niet ziet en de rekening niet kan maken. Een straf die niet begrepen wordt, zou onrechtvaardig zijn, repliceerde meester Bosquet.

In hun arrest, dat om 22.15 u. werd voorgelezen, veroordeelden de gezworenen Torrice tot levenslange dwangarbeid, en een dwangsom van 300 fr. als bijdrage tot het hulpfonds voor slachtoffers van moedwillige gewelddaden.

De verdedigers van Giovanni Torrice hebben donderdag de twijfel gepleit. Ze stelden bovendien dat de afgevuurde schoten een ongeval waren. De advocaten haalden getuigenverklaringen aan volgens dewelke de uitbater van de bar waar de feiten zich afspeelden zich nog voor de schoten vielen in de kelder had verstopt. Volgens pleiters wees dit erop dat voordien verwoed was gevochten. Nochtans hebben alle getuigen voor het hof verklaard dat het zeer rustig was voor de schietpartij.

Bron: Gazet van Antwerpen | 24 November 1989

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube