1

Topic: Brussel: 27 Juni 1975

Samenvatting

  • Wat? Moord in een café

  • Waar? In de “Eagle Pub", Emile Jacqmainlaan nr. 19 in Brussel » Google Maps

  • Wanneer? 27 Juni 1975

  • Wie? Camille Van den Neucker

  • Wapen: Revolver, kaliber 9mm

  • Status: Opgelost

Camille Van den Neucker bezat twee cafés. In de “Eagle Pub” kwam het tot een ruzie met Emmanuel De Ridder. Daarop ging Van den Neucker zijn revolver haal in "La Dolce Vita", zijn tweede café, en schoot De Ridder langs achter een kogel in het hoofd. Daarop legde hij het lijk op het voetpad en verdween voor de aankomst van de politie. Vanden Neucker werd in 1977 veroordeeld tot zeven jaar cel.

Tijdens een huiszoeking werden bij Vanden Neucker verschillende 7,65 mm-pistolen gevonden. Het moordwapen, een revolver kaliber 9mm, werd echter nooit gevonden.

Moord in Brusselse bar

Een onbekende, vermoedelijk een pooier, heeft vrijdag omstreeks 7u 's ochtends de 36-jarige Emmanuel De Ridder, in het Brussels milieu bekend als “Manu”, met een kogel in het hoofd doodgeschoten in de bar “Eagle”, Emile Jacqmainlaan 19, te Brussel. De dader, die door een klant werd herkend, slaagde erin per auto te ontkomen.

De feiten deden zich voor op het ogenblik dat het slachtoffer op een barkruk zat aan de toonbank. Onverwacht verscheen in de bar een man met een pistool in de hand. De barman, die de kerel opmerkte dook dadelijk achter de toonbank. De kerel had het alleen op “Manu” gemunt, die hij de loop van zijn wapen tegen de linkerwang duwde, waarna hij een enkel schot afvuurde. De kogel drong in de hersenpan van het slachtoffer. Even later kwam een klant terug van de toiletten en het slachtoffer, dat intussen ondanks zijn zware verwondingen, tot bij de ingangsdeur was geraakt, riep hem in het Vlaams toe: “Loop hem achterna”.

Het slachtoffer zakte toen in elkaar en gaf geen teken van leven meer. De klant liep de straat op en reed met zijn auto de bruine wagen van de dader achterna, doch de moordenaar wist weldra uit het gezicht te verdwijnen, zodat de klant de achtervolging stopzette en naar de E. Jacqmainlaan terug keerde, waar hij, aan de overzijde in de bar, op nr. 18, de 906 ging opbellen.

De Brusselse stadspolitie verscheen vlug ter plaatse doch op dat ogenblik was het slachtoffer al overleden. Het parket o.l.v. rechter van instructie Schoeller, bijgestaan door substituut Peytier en wapendeskundige Vanden Stock, kwamen ter plaatse. Het eerste onderzoek schijnt erop te wijzen dat het om een afrekening onder pooiers gaat.

Het slachtoffer werd destijds ook vernoemd i.v.m. de roof in een wapenhandel aan de Koningsstraat te Brussel. (*)

Bron: Gazet van Antwerpen | 28 Juni 1975

(*) Waarschijnlijk de inbraak bij wapenhandel Binet op 9 januari 1975.

Moord in Brusselse bar opgehelderd

De moord die vrijdag in de “Eagle Pub”, Emiel Jacqmainlaan 19 te Brussel, werd gepleegd op de 39-jarige Manu De Ridder, is opgehelderd. De dader ging tot volledige bekentenissen over. Het is de 35-jarige Camllle Van den Neucker, uitbater van de bar “Dolce Vita” te Sint-Joost-ten-Node.

Tijdens het onderzoek had Van den Neucker beweerd een gewone klant van de bar te zijn geweest. De verklaringen van de barman waren anders en gerechtelijk commissaris Alfons Asselman deed Vanden Neucker onder arrest plaatsen.

Manu De Ridder kreeg vorige week bij de toonbank van de “Eagle Pub” hevige ruzie met Vanden Neucker. Deze verweet De Ridder een paar maanden geleden in het gezelschap van een medeplichtige zijn bijzit te hebben bedreigd met een vuurwapen en haar vervolgens te hebben beroofd van juwelen en een som geld.

Vanden Neucker ging dan zijn 9 mm. revolver halen in zijn bar “Dolce Vita” te Sint-Joost-ten-Node, waarna hij met de wagen van een vriend naar de “Eagle Pub” terugkeerde, Vanden Neucker duwde er de loop van zijn wapen tegen het linkeroor van het slachtoffer en vuurde een enkele kogel af. Het slachtoffer geraakte nog tot bij de toegangsdeur van de bar, maar zakte daar dood ineen.

Pistolen

Tijdens een huiszoeking werden bij Vanden Neucker verscheidene 7,65 mm-pistolen gevonden. Het wapen van de misdaad, een 9 mm-revolver, heeft Van den Neucker onderweg weggeworpen. Ook de barman van de “Eagle Pub”, die vuurwapens in zijn bezit had, werd onder arrest geplaatst.

Van den Neucker werd onlangs door het Hof van Assisen van Brabant als heler geciteerd in de moord gepleegd op pelshandelaar De Bleser uit Ukkel.

Bron: Gazet van Antwerpen | 1 Juli 1975

Wedersamenstelling van bar-moord te Brussel

In aanwezigheid van onderzoeksrechter Schoeller, bijgestaan door substituut Peytier, gerechtsarts Rilaert en wapendeskundige Van den Stock had dinsdagnamiddag in de bar “Eagle Pub”, Emiel Jacqmainlaan te Brussel, de wedersamenstelling plaats van de moord die er werd gepleegd door de 35-jarige Kamiel Vanden Neucker uit Sint-Joost-ten-Node op de 39-jarige “Manu” De Ridder.

Uit de reconstructie is gebleken dat de dader zijn slachtoffer, die hij met een kogel In het hoofd doodschoot, tot bij de toegangsdeur van de bar sleepte. Voorts kwam nog aan het licht dat een getuige, die in de bar vertoefde als cliënt, Vanden Neucker had zien ruzie maken met het slachtoffer. De man was echter naar de toiletten toen De Ridder werd neergeschoten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 2 Juli 1975

Moord in Brusselse bar voor Assisenhof Brabant

Maandag begint voor het Hof van Assisen van Brabant, voorgezeten door Raadsheer Terlinden, het proces ten laste van Camille Van Den Neucker (37) uit Sint-Joost-ten-Noode, beschuldigd van vrijwillige doodslag met voorbedachte rade en van wapendracht.

De feiten speelden zich af op vrijdag 27 juni 1975 toen omstreeks 7 uur ’s ochtends Emmanuel Deridder uit Molenbeek werd neergeschoten in de “Eagle Pub” op de Emile Jacqmainlaan nr. 19. Het slachtoffer zou op weg naar het ziekenhuis overlijden. De feiten kunnen als volgt gereconstrueerd worden.

Deridder kwam omstreeks 6 uur de “Eagle Pub”, waarvan Van Den Neucker de eigenaar was, binnengestapt. Hij was lichtjes aangeschoten en dadelijk ontstond een woordenwisseling over schulden of misschien over een diefstal, die Deridder ten nadele van de beklaagde had gepleegd. Er werden beledigingen geuit. Er kwam een eind aan het twisten toen Van Den Neucker buiten stapte en zich naar zijn andere bar, de “Dolce Vita” in de Marktstraat te Sint-Joost begaf. Kort daarop kwam hij echter weer, gewapend met een zware revolver.

Van Den Neucker ging naar het slachtoffer - dat met de rug naar hem gekeerd zat - en schoot hem van dichtbij een kogel in het hoofd. De dodelijk getroffen “Manu” viel op de vloer. De beklaagde legde vervolgens het lijk op het voetpad en verdween vóór de aankomst van de politie.

Toen de speurders ter plaatse waren, kwam Van DenNeucker terug en verklaarde dat hij de dader had nagezeten, maar hem niet had kunnen vatten. Nog dezelfde dag echter werd hij aangehouden. Samen met Pierre Bertrand, barman van de “Eagle Pub”. Laatstgenoemde zette het hele voorval uiteen, waarna Van Den Neucker zijn misdaad bekende.

Als verdediging zei hij dat Deridder hem heeft bestolen, dat hij hem nog geld schuldig was en dat beiden boven hun theewater waren. Het wapen van de misdaad werd nooit teruggevonden. Van Den Neucker was ook betrokken bij de moord op de Ukkelse bonthandelaar De Bleser en liep toen 15 maanden gevangenisstraf op.

Het openbaar ministerie zal vertegenwoordigd zijn door advocaat-generaal Dubois. De beschuldigde zal verdedigd worden door Mrs. Motte-Deraedt en Dumont. Deze milieuzaak zal vier dagen in beslag nemen. Er zijn een veertigtal getuigen opgeroepen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 11 Juni 1977

De moord in Eagle Pub

Voor het Hof van Assisen van Brabant, voorgezeten door raadsheer Terlinden, verscheen maandagmorgen de 37-jarige Camille Vanden Neucker, handelaar, wonende Kruisvaartstraat te Brussel. Deze word ervan beschuldigd op 27 juni 1975 opzettelijk en met voorbedachten rade een doodslag te hebben gepleegd op Emmanuel Deridder, 39 jaar, uit Molenbeek, door hem met een 9 mm revolver dood te schieten in de Eagle Pub, gelegen Em. Jacqmainlaan te Brussel.

Betichte is groot en fors gebouwd. Hij heeft het voorkomen van een man uit het milieu, hoewel hij gekleed is als een gentleman in een donkergrijs pak. Hij wordt verdedigd door Mr. Dumont en Motte-De Raedt. Het openbaar ministerie is vertegenwoordigd door advocaat-generaal Dubois. De belangen van de burgerlijke partij worden verdedigd door Mrs. Eric Vergauwen en François Visart De Bocarmé. De jury tenslotte is samengesteld uit acht dames en vier heren.

Na de voorlezing van de akte van beschuldiging door de griffier, maakt Mr. Motte-De Raedt melding van de akte van verdediging. Hieruit moet o.m. blijken dat Vanden Neucker op het ogenblik van de feiten sinds veertig uur niet meer had geslapen en derhalve in abnormale toestand verkeerde. Hij was bovendien bang zelf te worden neergeschoten door Deridder.

Van kwaad tot erger

Voorzitter Terlinden ging vervolgens over tot de ondervraging van beklaagde. Aldus kon worden vernomen dat Van den Neucker werd geboren als onecht kind van een 16-jarig meisje dat door een man was verleid. De jonge moeder overleed vier jaar later en van dat ogenblik af werd het kind door zijn natuurlijke vader, die ondertussen was getrouwd, als een wettige zoon erkend.

Vanden Neucker liep de lagere school tot zijn 14e jaar, maar had alle moeite om de lessen te volgen. Vervolgens ging hij hier en daar werken. Maar hij hield het nooit lang bij dezelfde werkgever uit. Hij werd meestal doorgezonden wegens kleine diefstallen of onregelmatigheid. De diefstallen brachten hem achtereenvolgens in twee verbeteringstehuizen. Van de negen maanden die hij later in legerdienst was, bracht hij 97 dagen door in de arrestkamer. Hij werd tenslotte weggezonden wegens psychopathische stoornissen.

Er verliep toen niet zoveel tijd meer vooraleer hij samen met een vriend een zwarte barhouder in het Brusselse overviel om hem te beroven. Tijdens deze overval kwam de barhouder door verstikking om het leven. Voor deze feiten bleef Vanden Neucker zes jaar lang geïnterneerd in het tehuis voor geestesgestoorden te Doornik.

Getuigenverhoor

Eerste getuige was rechter van instructie Schoeller, die bij de aanvang van het onderzoek de indruk kreeg dat Vanden Neucker loog toen hij beweerde dat de moord op Deridder was gepleegd door een onbekende die achteraf op de vlucht was geslagen. Toen aan Vanden Neucker was gezegd dat het slachtoffer een schotwonde achter het linkeroor vertoonde, zei hij dat het hem niets kon schelen. Hij voegde er onmiddellijk aan toe dat Deridder hem nog veel geld was verschuldigd, dat hij zijn bijzit van haar juwelen had beroofd en hem bovendien schaamteloos had uitgescholden.

Na het afleggen van deze verklaringen kreeg de rechter van instructie hoe langer hoe meer de overtuiging dat Vanden Neucker zelf de dader was. Betreffende Deridder zegde de rechter nog dat het om “een pooier van klein formaat” ging voor wie slechts twee of drie vrouwen werkten. Als hij nuchter was kon Deridder zich weleens vrijgevig tonen maar wanneer hij gedronken had werd hij vaak agressief en meer dan eens begon hij dan met een vuurwapen te dreigen. Ook al was bij maar een kleine pooier, toch werd Deridder door de rechtbank te Brussel tot twee jaar cel veroordeeld.

Bloedvlekken

Eerst aanwezend gerechtelijk commissaris Alfons Asselman noteerde dat er in de Eagle Pub waar het slachtoffer werd neergeschoten een grote bloedvlek lag bij de toonbank en een tweede grote bloedvlek een vijftal meter verder op de plaats waar het lichaam werd teruggevonden.

Enkele kleinere bloedvlekken werden buiten de bar teruggevonden. Uit deze vaststellingen maakte de commissaris nagenoeg met zekerheid op dat iemand gepoogd had het lichaam naar buiten te brengen maar ten slotte zijn voornemen liet varen omdat er voorbijgangers konden opdagen.

Drie politiemannen van de stad Brussel gaven vervolgens nadere inlichtingen over de bloedvlekken die ze o.m. op de stoep voor de Eagle pub aantroffen, bloedvlekken waarvan achteraf bleek dat ze van het slachtoffer afkomstig waren. Vanden Neucker, die op dat moment in de bar aanwezig was, liet de politiemannen geloven dat de moord werd gepleegd door een Fransman, klein van gestalte en met een snor. Vanden Neucker beweerde zelfs dat hij de Fransman achterna was gereden tot bij de Kruidtuin maar dat hij hem daar uit het zicht verloor.

Laatste getuige was een adjunct-commissaris van Sint-Joost-ten-Node die lnlichtingen verstrekte over de bar “La Dolce Vita”, die Vanden Neucker in die gemeente uitbaatte. Het is een drankgelegenheid die dag en nacht open was en waarvan de klanten vooral lichtvrouwen waren en mannen die het gezelschap van dat soort vrouwen kwamen opzoeken.

Vandaag wordt het getuigenverhoor voortgezet.

Bron: Gazet van Antwerpen | 14 Juni 1977

Diefstallen, prostitutie en duistere zaakjes vormen het decor

De tweede dag van het proces voor het Assisenhof van Brabant, ten laste van Camille Vanden Neucker, heeft eigenlijk aan een zijden draadje gehangen. Bijna was het gewone verloop van het proces afgebroken geworden omdat een van de rechters vanmorgen bij een zeer ernstig verkeersongeval was betrokken. Gelukkig werd de rechter in kwestie niet gewond, zodat de zitting met ruim een uur vertraging kon beginnen.

De voormiddagzitting was volledig gewijd aan het getuigenverhoor. De verklaring van dokter André werpt geen nieuw licht op de moordzaak. Volgt dan het getuigenis van Dr. Rillaert. De kogel die Deridder noodlottig was, werd in feite van zeer nabij afgevuurd en drong door het linkeroor van het slachtoffer, aldus de arts, die er aan toevoegt dat de dood schier onmiddellijk moet zijn ingetreden en ook dat het slachtoffer meer dan waarschijnlijk onmiddellijk het bewustzijn moet hebben verloren.

De gerechtsarts acht het nochtans niet uitgesloten dat het slachtoffer nog enkele woorden zou hebben gestameld. De verklaring die zeer overzichtelijk en duidelijk verloopt, wordt door de dokter aan de hand van foto's van de lijkschouwing toegelicht.

Toerekeningsvatbaar

Psychiater Dr. Dumont acht de dader volledig toerekeningsvatbaar. Wat de mogelijkheden betreft om beklaagde opnieuw in de maatschappij een kans te bieden, acht de dokter het gevaar gering, op voorwaarde echter dat beklaagde niet opnieuw in een marginaal milieu terechtkomt en niet opnieuw aan de drank geraakt.

De psychiater gaat dan dieper in op de omstandigheden waaronder de beklaagde zijn jeugdjaren doorbracht. Ook meent hij dat Vanden Neucker over een intelligentie beschikt die licht onder de middelmaat ligt. Hij kan zijn aanleg tot agressieve uitbarsting maar moeilijk beteugelen. Aldus de psychiater, die ook verklaart dat de beklaagde onstandvastig is en zich moeilijk kan aanpassen.

Ondervraagd over de omstandigheden waaronder de tragische feiten plaatshadden, verklaart de psychiater dat de beklaagde handelde onder invloed van de drank en dat hij een wapen is gaan halen om zijn rivaal te intimideren.

Daarna is het de beurt aan de wapendeskundige Van der Stock. Deze geeft enkele toelichtingen bij de technische kwaliteiten van het wapen van de misdaad, een revolver, die trouwens tot nog toe niet werd teruggevonden.

Vriendin

Lucienne Baudoux, de vriendin van Vanden Neucker, die jarenlang “La dolce vita” uitbaatte, zegde dat ze op een gegeven ogenblik werd veroordeeld wegens de uitbating van een ontuchthuis. Er was dan een andere uitbater nodig voor de bar en ze deed een beroep op Vanden Neucker, die weldra haar vriend werd. Getuige vertelde vervolgens hoe ze enkele weken voor de feiten door Manu Deridder en een zekere Pierre Dahan met revolvers werd bedreigd en tevens van haar juwelen beroofd. Ze durfde geen klacht neer te leggen tegen Deridder, omdat ze hem al te zeer vreesde.

Volgende getuige was de echtgenote van het slachtoffer. Ze zegde zich aan de prostitutie te hebben overgeleverd om haar drie kinderen te laten leven. Volgens deze getuigen was haar man een brave kerel, als hij nuchter was. Getuige vernam op zekere dag dat Deridder de uitbaatster van “La dolce vita" onder bedreiging van vuurwapens van haar juwelen had beroofd. Enkele dagen later kreeg ze een telefoontje met de waarschuwing dat Vanden Neucker haar jongste zoon zou komen kidnappen, indien de gestolen juwelen niet terugbezorgd werden. Deze getuige stelde zich vervolgens, uit naam van haar 3 kinderen, aan tot burgerlijke partij.

Met een glimlach

Daarna werd de zuster van het slachtoffer als getuige gehoord. Deze jonge vrouw werkt in de bar “Rozenhof" te Eppegem, als animeermeisje. Zoals voorzitter Terlinden het zelf verklaarde, aarzelt ze niet voor een fles schuimwijn, die nog geen 100 fr. kost, de prijs van 1200 fr. te vragen, waarvoor de klant dan toch een glimlach bij de fles krijgt.

De 35-jarige uitbaatster van een bar aan de Georges Matheusstraat, te Sint-Joost-ten-Node, zegde dat ze enkele uren voor de feiten Vanden Neucker in een naburige bar ontmoette. Vanden Neucker zegde o.m. dat Deridder de juwelen van zijn vrouw had gestolen en dat hij dat nooit zou vergeten. Een gewezen bokser ging enkele maanden voor de feiten samen met Deridder 50.000 fr. lenen bij Vanden Neucker. Deridder kreeg het geld, op voorwaarde dat hij later 60.000 fr. zou teruggeven. Deridder vond die intrest overdreven en weigerde later het ontleende geld terug te bezorgen.

Vandaag wordt het getuigenverhoor voortgezet.

Bron: Gazet van Antwerpen | 15 Juni 1977

Het milieu getuigde op proces Van den Neucker

Het proces van Camille Van den Neucker werd woensdag voortgezet met het getuigenverhoor, meestal mensen uit het Brusselse milieu. De eerste getuige is Ludovica Van Bever, moeder van het slachtoffer Manu De Ridder. Zij was steeds zeer bekommerd om het lot van haar zoon, die trouwde nog voor hij soldaat werd. Zij zorgde ervoor dat hij met zijn vrouw een fatsoenlijk onderkomen kreeg.

Driemaal veroordeeld als vaandelvluchtige viel zijn dienstplicht veel langer uit dan verwacht werd. Na zijn militaire dienst probeerde hij aan de kost te komen als vrachtrijder, maar zijn werk liet veel te wensen over. Voor haar was het een ware schok toen zij vernam dat haar zoon als souteneur veroordeeld was, als pooier van zijn eigen vrouw. Die moest zich prostitueren omdat De Ridder niet eens in het onderhoud van zijn vrouwen zijn drie kinderen kon voorzien.

De volgende getuige, één groothandelaar in vis, bij wie Manu De Ridder een tijd werkte, verklaarde dat De Ridder het bij hem niet lang uithield. Hij moest vrij vroeg opstaan om naar de vroegmarkt te gaan en dat beviel hem niet. Voorzitter Terlinden deed vervolgens voorlezing van de verklaring van “Jackie la Catcheuse”, een prostitueé bij wie Manu De Ridder inwoonde zolang zij voor hem werkte.

Zij bezorgde hem gemiddeld 20.000 fr. per week en wist dat hij een 9 mm-pistool hanteerde. Toen Manu als pooier terechtstond had zij zelfs met vriendinnen 45.000 fr. bijeengelegd om zijn advocaten te betalen.

Bedreigd

Georges Papai, die in de rosse buurt van het Noordstation een viertal bars houdt, verklaarde dat beklaagde hem eens 20.000 fr. leende zonder intrest. Verder verklaarde getuige dat Vanden Neucker hem eens met een 9mm-pistool 200.000 fr. wilde afpersen.

Perre Dahan, een aangehouden “pied noir”, is de volgende getuige. Hij ging samen met Manu De Ridder de bijzit van Vanden Neucker bedreigen met een pistool en haar juwelen afpakken. Vanden Neucker was hem inderdaad geld schuldig.

Barman

De eerste getuige die 's namiddags ondervraagd werd, was Claude Lambinet, die onder arrest verscheen maar op het ogenblik van de feiten als barman was tewerkgesteld in “La dolce Vita”, uitgebaat door Vanden Neucker. Hij verklaarde in de periode voor de feiten niet precies te hebben geweten waarom De Ridder en Vanden Neucker elkaar niet meer konden luchten. Doch toen de vriendin van Vanden Neucker door De Ridder en de Fransman Dahan werd overvallen, was hij wel in “La dolce Vita” aanwezig. De twee aanranders namen niet alleen de vrouw haar juwelen af, maar ledigden ook de inhoud van de toonbanklade.

De 68-jarige Jozef Meynaert verklaarde hoe hij uit medelijden een zwanger meisje huwde, maar er als enige beloning 40 t.h. van zijn pensioen bij inschoot. Toen het huwelijk diende ingezegend, schonk Vanden Neucker hem het kostuum voor de ceremonie.

Een andere barman, Hugo Spenders, wist dat Manu De Ridder en Van den Neucker boos waren op elkaar. Eerstgenoemde weigerde een bedrag van 60.000 fr. aan de andere terug te betalen. Vanden Neucker wilde dan ook niet dat Manu nog langer zijn drankinstelling binnen kwam.

Een jonge vrouw uit Watermaal-Bosvoorde kende zowel Manu als een zekere Lulu. Ze ontmoette beide mannen zekere dag in een herberg. Ze bleken beide gewapend en stelden haar voor als animeermeisje voor hen te gaan werken, op welk voorstel ze weigerde in te gaan.

Bron: Gazet van Antwerpen | 16 Juni 1977

Zeven jaar gevangenis voor Vanden Neucker

Camille Vanden Neucker werd donderdagavond veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf en 75.000 fr. boete. De jury had hem na een beraadslaging van ruim twee uren schuldig bevonden aan opzettelijke doodslag, zonder voorbedachtheid en met de omstandigheid dat hij werd geprovoceerd door het slachtoffer, Manu Deridder. Vanden Neucker werd ook schuldig geacht aan verboden wapenbezit en wapendracht.

Op de laatste dag in het proces kwam het donderdag tot een oratorisch steekspel. Het werd ingezet door Mr. François Visart de Bocarmé, advocaat van de burgerlijke partij, die hiermee aan zijn maidenspeech toe was. Namens de vrouw en drie kinderen van Deridder stelde de advocaat dat men van het proces Vanden Neucker het proces Deridder is gaan maken. Daarom wil hij eens de puntjes op de I's zetten met een scherpe beschrijving van dader en slachtoffer.

Met Mr. Eric Vergauwen, tweede advocaat van de burgerlijke partij krijgt men de professionele en doorgewinterde pleiter die zijn gehoor inpalmt zonder veel manuaal. Vanden Neucker werd voor de tweede keer betrokken bij de dood van een mens. Wat gebeurde is beslist geen ongeval geweest en de onweerstaanbare kracht houdt al evenmin steek. De “Dolce vita”, een cabaret in zakformaat, een loens zaakje met pikante vrouwtjes en gepeperde rekeningen, is zeker geen parochiekring. Wat de niet terugbetalingen van schulden betreft, daarmee heeft de dader beslist niet in nauwe schoentjes gezeten.

Streng rekwisitoor

Het rekwisitoor van advocaat-generaal Dubois is bijzonder scherp. “Tot tweemaal toe is Vanden Neucker aan het assisenhof ontsnapt”, zegt hij. “Een eerste keer wordt hij geïnterneerd en de tweede keer wordt zijn heling niet als een misdadige handeling beschouwd. Met wat meeval zou hij vandaag uitstel kunnen krijgen”.

De openbare aanklager weigert ook maar een iota te wijzigen aan de akte van beschuldiging. Indien de ”Dolce vita” slechts een cabaret in zakformaat was, dan was de inrichting van beklaagde te Eppegem niets anders dan een baancafé, waar de chauffeurs slechts binnenstapten wanneer zij een beetje teneergeslagen of een beetje overspannen waren, aldus de h. Dubois, die dan op zijn beurt de twee “acteurs” van het drama afschildert. De Ridder was een mislukkeling, Vanden Neucker een baruitbater, een heler en een uitzetter van speelautomaten. Hij behoorde echt tot het milieu. Vanden Neucker heeft opzettelijk en met voorbedachtheid Deridder vermoord.

Een gerechtelijke dwaling is uitgesloten. Zijn drijfveer houdt geen steek. Waarna de advocaat-generaal de jury verzoekt Vanden Neucker schuldig te verklaren aan vrijwillige en voorbedachte doodslag op Manu Deridder.

Als kwaad kruid

Na een korte onderbreking krijgt Mw. Fernande Motte-De Raedt het woord. Beklaagde, zo zegt zij, is opgeschoten als kwaad kruid. Vanden Neucker was een harde werker. Zijn bijzit is een vrouw van aanzien in de wijk waar zij woont. Camille bemint haar als een man, als een kind, als iemand die naar genegenheid hunkert. Na de juwelendiefstal waarvan zij het slachtoffer werd, heeft Vanden Neucker gemeend dat hij wat meer moest doen. Op de dag der feiten is de toestand tussen de beide mannen gespannen. Er ontstaat morele dwang wanneer Vanden Neucker meent dat erg kwaad op til is. “U zult neen antwoorden op de eerste. vraag”, aldus Mw. Motte. Er is geen voorbedachtheid. En zich tot de h. Dubois richtend zegt pleitster: “Uw houding van vandaag komt slecht over. Ik verzoek de gezworenen billijk te oordelen”.

Na de gebruikelijke replieken las voorzitter Terlinden de 6 vragen voor die de jury diende te beantwoorden. De voornaamste was: heeft Vanden Neucker zich schuldig gemaakt aan een opzettelijke doodslag met voorbedachte rade op Deridder? De verdere vragen hielden verband met verboden wapenbezit or wapendracht en of Vanden Neucker door het slachtoffer werd geprovoceerd.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Juni 1977

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube

2

Re: Brussel: 27 Juni 1975

In november 1975 verscheen Guy Dahan voor de correctionele rechtbank voor de roof van juwelen en geld:

Milieu legde barhoudster "boete" van1 miljoen fr. op

Voor de correctionele rechtbank te Brussel verscheen woensdag de 28-jarige Guy Dahan, om in de nacht van 28 op 29 april de uitbaatster van een bar, Kruisvaartenstraat te Sint-Joost-ten-Node, te hebben beroofd van haar juwelen en haar een geldboete van 1 miljoen fr. te hebben opgelegd.

Dahan pleegde de feiten samen met Manu De Ridder, die ondertussen op 27 juni, door Camille Vanden Neucker werd doodgeschoten in een pub aan de E. Jacqmainlaan te Brussel. Dahan en De Ridder overvielen einde april 1975 Lucienne Bauoux, bijzit van Vanden Neucker, in de bar te Sint-Joost-ten-Node. Ze verweten de vrouw niet altijd de wetten van he milieu te hebben nageleefd en legden haar daarom een boete van 1 miljoen. fr. op. Vooraleer er vandoor te gaan, staken ze de inkomsten van de nacht op zak en namen onder bedreiging van hun vuurwapens de vrouw al haar juwelen af.

Wraak

Net op dat ogenblik kwam Vanden Neucker opdagen. Toen hij zijn vriendin wilde beschermen, kreeg hij een vuistslag in het aangezicht toegediend. Vanden Neucker wreekte zich over deze brutale aanranding en knalde De Ridder neer in de vroege ochtend van 27 juni.

Eerste substituut Jaspar wees erop dat Dahan een gevaarlijke kerel is die in Frankrijk (zijn land van herkomst) reeds zes jaar cel opliep, reeds herhaaldelijk doodsbedreigingen uitte ten overstaan van jonge vrouwen en een inbraak pleegde te Vilvoorde.

Van haar kant zegde de verdediging dat de vader van betichte als jood op wreedaardige wijze in Algerije werd vermoord. Als gevolg van deze gewelddadige misdaad liep betichte een zwaar trauma op en dit verklaart waarom hij later zelf de verkeerde weg opging. De uitspraak volgt op 11 december.

Bron: Gazet van Antwerpen | 20 November 1975

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube

3

Re: Brussel: 27 Juni 1975

Onderstaand artikel biedt een zeldzame inkijk in het Brusselse prostitutie- en pooiersmilieu van de jaren 1970. Hoewel het gaat over de moordzaak tegen Camille Vanden Neucker, draait een groot deel van de getuigenissen rond de ongeschreven regels, machtsverhoudingen en gewoonten binnen dat milieu. 

Uit de getuigenissen blijkt dat het prostitutiemilieu volledig draaide om geld, geweld en reputatie. Prostituees werden beschouwd als handelswaar en wisselden geregeld van “eigenaar”. Wanneer een pooier een vrouw van een andere pooier overnam, leidde dat vaak tot bedreigingen met vuurwapens (“Bastos”) of tot zware geldboetes. De vrouwen moesten vrijwel hun volledige opbrengst afstaan aan hun pooier; één getuige verklaarde dat zij wekelijks tienduizenden frank aan Emmanuel “Manu” Deridder overhandigde. Zelfs de echtgenote van Deridder werd verplicht zich te prostitueren om het gezin te onderhouden.

De getuigen beschrijven een milieu waarin geweld de normale manier was om conflicten op te lossen. Vuurwapens waren alomtegenwoordig. Deridder liep volgens verschillende getuigen geregeld met een revolver rond, bedreigde mensen, legde willekeurige “boetes” op en gebruikte intimidatie om zijn wil op te leggen. Ook Vanden Neucker was bewapend en leende of eiste grote geldbedragen binnen hetzelfde netwerk.

Een opvallend element is de informele “rechtspraak” binnen het milieu. Geschillen over prostituees, schulden of gestolen goederen werden niet aan de politie voorgelegd, maar onderling geregeld met afpersing, geweld of financiële sancties. Getuigen spreken over boetes van 100.000 of zelfs 200.000 frank. Ook de heling van gestolen juwelen en diamanten maakte deel uit van de criminele activiteiten die met het prostitutiemilieu verweven waren.

Daarnaast komt een uitgesproken zwijgcultuur naar voren. Voorzitter Terlinden moest herhaaldelijk dreigen met vervolging wegens meineed om getuigen tot spreken te bewegen. Veel aanwezigen probeerden vragen te ontwijken of eerdere verklaringen in te trekken, wat volgens de rechtbank het gevolg was van de erecode van het Brusselse onderwereldmilieu.

Het artikel toont ook hoe nauw de sociale relaties binnen dit milieu waren. Prostituees, pooiers, café-uitbaters en helers vormden een kleine, hechte gemeenschap waarin men samenwoonde, geld uitleende, elkaars advocaten betaalde en voortdurend met elkaar in conflict kwam. Zo leefde prostituee “Jacky-la-Catcheuse” samen met Deridder én diens echtgenote, waarbij beide vrouwen afwisselend voor hem prostitutie bedreven.

Ten slotte blijkt dat status en reputatie van groot belang waren. Volgens het artikel konden pooiers zich geen gezichtsverlies permitteren. Een bedreiging die eenmaal was geuit, moest worden uitgevoerd, omdat terugkrabbelen als een teken van zwakte werd beschouwd. Die cultuur van eer, intimidatie en geweld vormde volgens de journalist de achtergrond waartegen de fatale afrekening tussen Camille Vanden Neucker en Emmanuel Deridder uiteindelijk ontstond.

Het Brussels milieu in zijn hemd gezet

Om de muur van stilzwijgen te doorboren, waarop de erecode van de onderwereld stoelt, heeft raadsheer Terlinden, voorzitter van het Brabants assisenhof, woensdag hevig vertoornd moeten zwaaien met dreigingen voor mogelijke meineed. Het scheelde niet veel of een van de al te stugge getuigen kreeg dadelijk de boeien om.

Het proces van pooier Vanden Neucker, die op 27 juni 1975 in de “Eagle Pub” te Brussel zijn “collega” Manu Deridder met een schot in het linkeroor afmaakte, zette nog andere gewetenloze aspecten van het milieu dik in de verf.

Eergevoel, zoals dit in de gewone wereld geldt, blijkt daar helemaal niet van tel. Voor alles is het om de poen te doen. Die moet worden verdiend met tippelen. Desnoods spant een pooier zijn eigen vrouw voor de kar van de ontucht. Vrouwen gaan in dit wereldje van “beschermers” van hand tot hand als koopwaar. Wie er eentje durft afsnoepen, wordt bedreigd met “Bastos” (kogels) of moet een zware boete afdokken. Soms delen tippelaarsters ook het echtelijk bed met de wettelijke vrouw van hun “beschermer”.

Anderzijds zijn pooiers de gevangene van de grote bek, die zij noodgedwongen opzetten. Om hun gezicht niet te verliezen, kunnen zij niet terugkrabbelen. Anders degraderen zij tot bespottelijke kinderen. Wellicht is dit het drama van de “grote Camille” over wiens lot donderdagavond wordt beslist.

Tippelplicht

Eerste getuige in de lange reeks, die woensdag gehoord werd, was de moeder van Manu Deridder. Zij begon te wenen toen de voorzitter eraan herinnerde dat haar zoon aangehouden werd als pooier, terwijl hij op kosten van de ziekenkas leefde.

Aan haar schoondochter Jeanine Faes zei Camille Vanden Neucker: “Ik zal Manu nog eens een kogel door het hoofd jagen.” Beschuldigde: “U bent een moeder. Ik betreur oprecht wat ik gedaan heb.”

Volgens Rodolf Dick, zwager van Deridder en vishandelaar, verplichtte deze laatste zijn vrouw te gaan tippelen. Na een tussenkomst van mr. Dumont, advocaat van de verdediging, merkte voorzitter Terlinden op: “Men kan zich best voorstellen dat een moeder van drie kinderen niet in de beruchte Noordwijk gaat tippelen voor haar genoegen of uit ondeugd.”

François Dewit, werkzaam bij vorige getuige, vertelde hoe hij tot zijn verbijstering op zijn werk eens door Deridder met een revolver werd bedreigd. Deze maande hem aan een boete van zo maar liefst 100.000 fr. te betalen. Waarom wist hij niet. Waarschijnlijk omdat Manu voor de zoveelste maal dronken was en dat hij dan altijd met een wapen zwaaide en geld eiste. Manu, die zich daarover achteraf verontschuldigde, at in zijn bijzijn ook eens een grote wijting rauw op.

Echtelijk delen

Volgde dan de voorlezing van de geschreven getuigenis van een prostituee, Jacqueline Habraken, in het milieu beter gekend als “Jacky-la-Catcheuse”. Zij ging in 1971 een tijdje te Sint-Joost met Manu samenwonen met instemming van diens echtgenote.

De juryleden keken verbaasd op toen zij hoorden dat Jacky en Manu daarna hun intrek namen ten huize van Deridder. Dit huishouden-met-drie was des te eigenaardiger, daar Jacky-la-Catcheuse en mevr. Deridder elk om beurten voor rekening van Manu gingen tippelen: mevr. Deridder overdag, omdat haar drie kinderen dan op school waren, en Jacky 's nachts.

Mevr. Deridder sliep dus 's nachts en Jacky overdag, telkens in het echtelijk bed. Deze beurtrol liet Jacky bv. de mogelijkheid zich 's avonds met het huiswerk van de kinderen bezig te houden. Jacky, die bevestigde dat zij Manu maandelijks tussen 20.000 en 35.000 fr. overhandigde, schreef het Hof ook dat er op dat ogenblik nog een derde vrouw voor Manu “werkte”.

Lucky Luke

Volgende getuigen schilderden Manu af als een echte revolverheld, ten minste als hij gedronken had. Een andere, ziekelijke neiging van hem was derden boeten op te leggen. Hij strooide die kwistig rond, zwaaide soms met een café-tafel om een bedreiging kracht bij te zetten en dreef het zover Jacky-la-Catcheuse op te sluiten toen ze blik gaf van weerspannigheid.

Traweels kent Manu Deridder van in de gevangenis. (1) Hij bestempelde hem als een “formidabele vriend”. Vanden Neucker kreeg van getuige de bijnaam “Lucky Luke”, omdat hij al wandelend met zijn schouders “rolde”.

Een vrij heftig incident deed zich voor toen Georges Papai, uitbater van de “Pont de Fer” en drie andere verdachte kroegen in de Markstraat, op de getuigenstoel zat. Uit zijn getuigenis bleek niet alleen dat in de Noordwijk met een ontstellend gemak geld werd geleend en ontleend.

Manu Deridder viel eens revolver zwaaiend bij hem in de “Pont de Fer” binnen om een boete van 200.000 fr. op te eisen, omdat getuige een “mislukte” kelner, genaamd Gino, in dienst had genomen. Gino was in Manu's ogen “mislukt” (milieuterm), omdat hij een tippelaarster van hem had overgenomen terwijl hij zich in de gevangenis bevond wegens pooierschap.

Getuige, die de boete niet betaalde, verklaarde tijdens het onderzoek onder ede dat hij Manu's bedreiging niet vreesde. Omdat hij dit aanvankelijk tijdens de zitting niet wilde bevestigen, schorste de voorzitter de debatten na getuige te hebben gewaarschuwd voor meineed en schikkingen trof voor een confrontatie met de onderzoeksrechter.

“Lijkenvreter”

Mohamed Elhamdaoni, naar het buitenland vertrokken, meldde schriftelijk dat hij in de gevangenis o.m. een cel deelde met Manu. Terwijl hij deed of hij sliep, vernam hij de reden van het conflict tussen Manu en Vanden Neucker: “onregelmatigheden” bij de heling en de verkoop van een partij diamanten.

Aan Joseph Rodriguez, bijgenaamd “Jef l'Espagnol”, Vroeg Vanden Neucker bij Manu te bemiddelen om zijn geleende geld en de in de “Dolce Vita” van Lucienne Baudoux geroofde juwelen terug te krijgen. De poging mislukte. Van afbetalen wou Manu niet weten en de juwelen waren al in pand gegeven bij de Berg van Barmhartigheid.

Pierre Dahan verscheen geboeid. Hij gaf toe in april 1975, kort voor de feiten, het initiatief te hebben genomen om samen met Manu herrie te schoppen in de “Dolce Vita”. “Ik was gewapend en Manu ook”, bekende hij in tegenstelling met wat hij verklaarde tijdens zijn proces. Toen hij tussen rijkwachters de zaal verliet, bekloeg Vanden Neucker er zich over dat Dahan hem in het voorbijgaan toefluisterde: “Dag, lijkenvreter”.

Lucien Bossu, zwager van beschuldigde en voogd van diens twee kinderen - hun moeder is inmiddels overleden - lichtte toe hoe het huwelijk van zijn zuster spaak liep. “De kinderen weten niet wat hun vader heeft gedaan en in de gevangenis zit. We hebben hen verteld dat hij in Canada woont.”

Op dat ogenblik barstte Vanden Neucker in tranen uit. Zichtbaar ontroerd deed hij zijn echtelijk leven uit de doeken. Tot juni 1971, nog eer hij kennis maakte met de uitbaatster van de “Dolce Vita”, ging alles goed. Hij hield dan een café open aan de Brusselse Van Arteveldestraat. Hij hield staande dat hij al het mogelijke heeft gedaan voor de opvoeding van zijn Kinderen.

Villa in 3 jaar

Het getuigenis van Micheline Persoons, de eerste vrouw van Lucien Bossu, werd voorgelezen. Hieruit blijkt dat Vanden Neucker, die zij niet sympathiek vond, haar cens een “gemakkelijke job voorstelde, waarbij na verloop van 3 jaar een villa te verdienen was”.

Daarop volgden nog twee dozijn getuigen, opgeroepen door de verdediging. Een van hen, Leon Hontoir, woonde een tijdje samen met Jacky-la-Catckeuse, die later voor Manu zou “werken”.

“Manu plaatste mij voor de keuze: Jacky laten of 200.000 fr. afdokken. Ik behoorde niet tot het milieu en liet Jacky, te meer omdat Manu me met Bastos bedreigde.” Bastos dekt in de onderwereld het begrip “kogels”.

Donderdag hoort men het requisitoir, de verdediging en de replieken. Verwacht wordt dat het verdiet pas 's avonds laat zal vallen.

Bron: Het Laatste Nieuws | 16 Juni 1977

(1) Deze Traweels vocht als huurling in Congo tijdens de Simba-opstand.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube