21

Re: Pour

Philippe Carpentier, een voormalig beëdigd vertaler bij het Brusselse parket, maar ook berucht en daarom veroordeeld als oprichter van de CRIES of het 'Centre de Recherche et d'Information sur l'Enfance et la Sexualité'.

CRIES was het pedofilieschandaal voor er van Dutroux gesproken werd. Een pedofilienetwerk met meer dan 100 schuldigen uit meer dan 18 landen (waarvan een 60-tal in België) waren hierbij betrokken, bijna 5000 afbeeldingen van kinderporno werden er gevonden, er was zelfs een koppel bij die hun kind uitleende aan het netwerk.

Het zou bepaalde protagonisten in de zaak van de zogeheten 'Bende van Nijvel' inspireren om hiervan een brij te maken en dit aan de goedgelovigen te presenteren onder de noemer 'de Roze Baletten'. Iets waar het gepeupel natuurlijk zou van smullen maar natuurlijk het onderzoek naar deze 'Bende van Nijvel' danig parten zou spelen. Missie geslaagd.

Philippe Carpentier werd overigens hierbij veroordeeld tot 10 jaar cel, samen met oa. Jos Verbeeck - een voormalig journalist en toen de directeur van Unicef -, fotograaf Olivier Ralet, Jacques Delbouille, Jean-Claude Weber - een filmmaker -, Michel Mesureur, etc etc ...

22

Re: Pour

Tiens wrote:

Het zou bepaalde protagonisten in de zaak van de zogeheten 'Bende van Nijvel' inspireren om hiervan een brij te maken en dit aan de goedgelovigen te presenteren onder de noemer 'de Roze Baletten'. Iets waar het gepeupel natuurlijk zou van smullen maar natuurlijk het onderzoek naar deze 'Bende van Nijvel' danig parten zou spelen. Missie geslaagd.

Bron aub?

Re: Pour

Over Interpol stelt VS-onderzoeker Barram dat deze organisatie een verlengstuk is van Nazi-Interpol gedurende de Tweede Wereldoorlog, en dit zowel inzake de organisatiestructuur als leidende figuren. Philippe Carpentier, ontslagen als vertaler op het parket in Brussel, nadat hij telexen afkomstig van Interpol-Duitsland had doorgespeeld aan Pour, verklaart dat deze telexen betrekking hadden op vragen naar de aanwezigheden van individuen op politieke bijeenkomsten, dit betekent een flagrante overtreding van de statuten van Interpol, die bepalen dat deze zich enkel mag bezighouden met misdaden van gemeen recht. Nochtans worden én Pour én Carpentier hiervoor veroordeeld tot celstraf.

Bron: Veto | 4 februari 1983

[Microfiches B]: Het gaat om info-fiches waarop 'morele gegevens' (syndicalisme, seksuele voorkeur, religie, e.d.m.) worden genoteerd, die niet gestaafd worden door gerechtelijke vaststellingen. Het is het weekblad Pour dat het bestaan van deze fiches zal aanklagen. Philippe Carpentier, die als tolk werkte voor het Brusselse parket, bracht het bestaan ervan aan het licht en speelde één en ander door aan Pour.

Bron: Loden jaren | Paul Ponsaers

24

Re: Pour

In mei 1982 gaat Pour failliet:

Pour is niet meer

Het uiterst-linkse Franstalige weekblad Pour is niet meer. Problemen van financiële aard liggen aan de basis van dit verdwijnen. Met name bleek de directeur-hoofdredacteur op 10 mei jl. niet in staat te zijn de achterstallige loonsaldi van de maand april, ten belope van 187.000 fr. uit te keren, evenmin als de lonen van mei.

Omdat twee derde van het personeel weigerde enig herstructureringsplan te aanvaarden dat op afdankingen zou stoelen, besloot de directie daarop de publicatie van Pour stop te zetten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 14 Mei 1982

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube

Re: Pour

Interessant en goed artikel in VN met de hoofdredacteur van Pour dicht op de aanslagen met informatie over een zich versprekende taxichauffeur. Je weet het niet.

Uitspraken als: die rijstkakkers nemen ons werk af- daarmee zit je goed, dan gaan ze lullen

Aanslag

Hoe het weekblad ‘Pour’ met succes het werk van de Belgische justitie overnam

Deze week komt het linkse Franstalige blad Pour weer uit voor het eerst na de aanslag waarbij de redactielokalen werden verwoest. Het nieuwe nummer zal openen met een uitvoerig verslag over de speurtocht naar de daders van de aanslag. Puur redactiewerk, die speurtocht politie kwam er eigenlijk alleen aan te pas om de daders te arresteren.

Trots ontvouwt Jean-Claude Garot de eindelijk definitieve plannen voor de vernieuwbouw van de uitgebrande redactie annex drukkerij aan de Rue de la Concorde. Zonder overdrijving, het ziet er superbe uit. Met afgescheiden ruimten voor diverse redacties (binnenland, buitenland, kunst, sociaal), voor zetterij, drukkerij en administratie. Met vergaderzalen en een tuin op het dak. Met behoud van de bestaande lichtkoepels en met bewegende zonnepanelen. Ook met een elektronisch beveiligde sluis bij de hoofdingang en kogelvrij glas aan de straatkant.

Zijn de redacteuren van het weekblad Pour ten prooi gevallen aan een collectieve angstneurose? Dat lijkt alleen maar zo voor wie de voorgeschiedenis niet kent. Op zondag 5 juli om twee uur ‘s ochtends werden de lokalen van Pour door een zevenkoppig commando in brand gestoken. Daarbij werden dertien brandbommen gebruikt en een grote hoeveelheid ethyl- en acetyleenoxyde, een uiterst ontvlambaar goedje. Vooral getroffen werden de oude drukpersen en de brandnieuwe computers. Bovendien bleek in de documentatie- en archiefafdeling te zijn gemikt op de mappen extreem-rechts.

"Le crime était signé", zegt de hoofdredacteur. Ondanks de handtekening onder de misdaad heeft de Belgische politie er ruim twee maanden over gedaan om vier van de zeven daders te arresteren. En toen kon dat nog alleen, zoals ook justitie toegeeft, dank zij de inlichtingen die door Pour zelf zijn verstrekt. Je zou voor minder aan de doofpot denken. Niet dat het iemand verbaasd heeft, allerminst de redactie zelf. Zij begon al heel snel met een eigen onderzoek omdat het wel vaststond dat van de officiële opsporingsdiensten weinig te verwachten viel.

‘We hebben wel mazzel gehad’ zegt hoofdredacteur Garot bescheiden. ‘Ons geluk bestond erin dat naast de krant een oud wijfje woont dat aan slapeloosheid lijdt. Toen ze gerucht hoorde is ze naar het raam gestrompeld. Zij was het die de in het zwart geklede daders heeft zien wegrennen en vervolgens wegrijden met motoren en een auto. Een tweede gelukkig toeval is dat het vrouwtje ook nog over telefoon beschikte en dat ze helder genoeg was om onmiddellijk politie en brandweer te bellen. Als de pompiers tien minuten later waren gekomen, zou van het hele pand en waarschijnlijk ook van de belendende percelen geen steen overeind zijn gebleven. Zo snel ging het allemaal.’

Garot heeft het ook alleen van horen zeggen, de hulpdiensten vonden het niet nodig hem van de ramp te verwittigen. Garot: ‘Niet dat ze me niet weten wonen. Ik krijg geregeld politie over de vloer, meestal voor een huiszoeking. Als ik er niet ben weten ze me doorgaans wel te vinden bij mijn vriendin, Anne Hauben, een mederedactielid. Maar ook zij is die bewuste nacht uitdrukkelijk met rust gelaten, hoewel ze op nog geen honderd meter van de krant woont. Hoe Ik het dan vernomen heb? De volgende middag, bijna twaalf uur na de aanslag, wandelde mijn zus toevallig door de Rue de la Concorde. Zij zag de sporen van de brand, je kon er ook maar moeilijk naast kijken.’

Van meet af aan was duidelijk dat de daders moesten worden gezocht in de kringen van Belgische fascistenorganisaties. In de afgelopen twee jaar heeft Pour het Belgische publiek telkens weer verbaasd met zijn scoops over dit onderwerp. De Vlaamse Militanten Orde (VMO) en het Front de la Jeunesse (FJ) houden militaire trainingskampen in de Ardennen? Pour brengt een gedetailleerd verslag, met foto’s en de namen van deelnemers. Fascistische organisaties uit heel Europa vergaderen in het grootste geheim op een riant Belgisch landgoed? Pour hangt het aan de grote klok. De Franstalige katholieke partij PSC ontkent dat zij al jarenlang fascistische groepjes financiert? Pour publiceert documenten die het tegendeel bewijzen. Dat tientallen extreem-rechtse activisten in het afgelopen jaar tot niet onaardige straffen zijn veroordeeld, kon alleen gebeuren omdat Pour - niet de justitie - overtuigende bewijzen had aangedragen. Je zou je voor minder de haat van de Zwarte Internationale op de hals halen

Pour is niet alleen eigenzinnig en goed geïnformeerd, maar ook niet ontziend. Geen schenen zijn het blad te hoog om tegen te schoppen. Dat ondervond de socialistische minister van Buitenlandse Zaken Simonet, toen hij een uiterst verdacht contract ondertekende voor wapenleveringen aan Uruguay. Dat ondervond de Belgische justitie, toen zij in strijd met de Interpol-afspraken toch vertrouwelijke gegevens over Belgische burgers doorspeelde aan de Westduitse politie - die zoals steeds op jacht was naar nog niet gezelfmoorde leden van de Baader-Meinhof groep. Geen wonder dat de redactie van Pour, laten we zeggen weinig vertrouwen heeft in de Belgische justitie en politie en dus onmiddellijk na de aanslag een eigen onderzoek opzette.

Garot: ‘Theoretisch waren er twee mogelijkheden: of het commando bestond uit voor de gelegenheid aangetrokken buitenlanders, Franse of Duitse fascisten bij voorbeeld; in dat geval was er maar weinig kans dat we ze ooit zouden vinden. Of de aanslag was uitgevoerd door Belgen. De eerste vraag die we ons daarbij hebben gesteld was: wie wil er vijftien jaar gevangenis riskeren om een politieke krant in de fik te steken? Het sociaal en mentaal profiel van dit soort lieden is niet moeilijk te achterhalen. Het zijn huurlingen, barbouzes, paracommando’s, kleine onderwereldfiguren die spontane sympathisanten hebben voor extreem-rechts. Het konden ook leden zijn geweest van extreemrechtse groepen, maar dan activisten, geen theoretici."

"Waar vind je dit tuig? Ook dat is niet moeilijk te achterhalen: bij schietclubs, karateverenigingen en in een bepaald soort café’s. In tegenstelling tot wat wel eens wordt gedacht zijn het er niet veel, hooguit een paar honderd. Over de meesten van hen hebben we een dossier, we kennen ze als het ware bij de voornaam. Ze zijn bijzonder naïef om te denken dat we van de echt belangrijke documenten geen kopieën zouden bewaren, dat zo’n brand de sporen kan uitwissen.'

Rollenspel

Het onderzoek van Pour nam al snel vaste vormen aan. De meeste redacteuren waren te bekend om hen het echte veldwerk te laten verrichten. Daarvoor moesten twee sympathisanten van buiten de krant worden aangetrokken. Ze moesten vooral permeable zijn, soepel dus. Ze moesten zich in het milieu kunnen bewegen zonder op te vallen door houding, manier van praten, woordenschat, culturele achtergrond. Een rollenspel werd ingestudeerd. Met behulp van de taperecorder werden de meest banale conversaties geoefend.

In elk scenario waren racistische slogans verwerkt. Met uitspraken als: 'Die rijstkakkers nemen ons werk af’, zit je in deze kringen altijd goed. ‘Dat wekt vertrouwen, dan gaan ze lullen’ zegt Garot. ‘Het werkt als een radar. Je zendt de juiste golven uit op de goede plaats en dan krijg je weerkaatsing. Het duurde geen tien dagen voor we de eerste echo’s opvingen. Een taxichauffeur liet zich ontvallen: ‘Reken maar dat het vakwerk was. De jongens die dit hebben uitgevoerd ken ik trouwens persoonlijk. In het café van Popeye is nogal wat afgelachen toen ze van de raid terugkeerden.’

Toen was het niet zo moeilijk om te achterhalen welk café door de genaamde Popeye wordt gedreven. Het bleek de Cross Inn Pub te zijn, in Schaarbeek. Popeye zelf heet met zijn echte naam Yves Trousson. Hij komt openlijk uit voor zijn nazisympathieën en had trouwens het plan opgevat om een nieuwe Belgische nazipartij op te richten. Het toeval wil dat ik Trousson eigenlijk al kende."

"Zes maanden eerder had hij zich bij de krant aangeboden voor het opknappen van eenvoudige klusjes. Kranten inpakken, dat soort dingen. Op een bepaald ogenblik vroeg ik hem om een zwaar pak op te halen in de drukkerij. Hij zei: ‘Sorry, ik mag geen lasten torsen want ik heb een ijzeren stang in mijn been.’ Toen ik hem vroeg hoe hij daar aan kwam bleek hij ooit eens verkeerd te zijn neergekomen met een valscherm. ‘Waar heb je valschermspringen geleerd?’ ‘Op Corsica,’ was zijn antwoord. Nou, toen wist ik het wel. Alleen het Vreemdelingenlegioen en de Belgische paracommando-eenheden krijgen een opleiding op Corsica. Bon. Mijn twee informanten komen terug van een bezoek aan de Cross Inn Pub en ze vertellen me dat Popeye hinkt. Ik herinner me onmiddellijk het voorval. Bij een volgend bezoek vragen ze hem hoe hij aan die mankepoot komt. Hij steekt vol vuur het verhaal af van zijn Corsicaanse avonturen bij het Vreemdelingenlegioen... .’

Garot legt uit dat Pour een heel speciale band met zijn lezers heeft. Per jaar blijken honderden mensen hun goede diensten aan het blad aan te bieden. Dat houdt natuurlijk het gevaar van infiltratie in. Trousson is duidelijk eerst een kijkje komen nemen’ wat er op wijst dat de aanslag goed is voorbereid. Die band met de lezers levert ook voordelen op. Terwijl ik met de redactie praat in haar tijdelijk onderkomen aan de Tulpstraat in Elsene, meldt zich telefonisch een lezer uit Luik. In deze stad, zo blijkt uit het gesprek, worden door een rechtse activist drie zware motoren te koop aangeboden: twee Suzuki’s en een Honda. Alles klopt, dit is het nog ontbrekende element. ‘Ja, schrijf dat maar op,’ zegt Garot. ‘Je krant verschijnt toch pas op woensdag? Voor die tijd hebben we ze te pakken.’ We nemen het gesprek weer op bij Popeye.

Microfoon

‘Een maand lang hebben we zijn café bewerkt: discussies uitgelokt, met ze geklonken en gedronken, geduldig informatie loswekend. Ook namen en adressen. Veel gesprekken zijn met een verborgen microfoon op de cassette opgenomen. We hebben een hoofdkwartier ingericht in de buurt van het café. Tientallen bezoekers zijn gefotografeerd. Dat was een enorm werk, maar lonend. We hadden het gevoel dat we opschoten. En toen hadden we weer mazzel. Ik word op straat aangeschoten door een buschauffeur. Hij zegt: ‘Tiens, ik ken iemand die gevraagd is om deel te nemen aan de raid tegen jullie krant.’ Bij doorvragen blijkt het zijn zoon te zijn, en de jongen wil praten. Hij komt uit het lompenproletariaat, is gedeserteerd uit het leger, werkloos."

"Twee maand voor de aanslag wordt hij gevraagd om mee te doen. Hij frequenteert Popeye’s café omdat hij er toevallig vlakbij woont. Het plan is hem te link, maar hij durft aanvankelijk niet nee te zeggen. Later wel, maar dan heeft hij al ongeveer alle voorbereidende vergaderingen meegemaakt. We vergelijken onze informatie, een groot aantal gegevens overlapt elkaar. ‘Garot blijkt met zijn theoretische reconstructie van het milieu waaruit de aanslag beraamd is midden in de roos te zitten. Het is het Brusselse wereldje aan de rand van de misdaad, bevolkt met marginale figuren die de stoere bink uithangen. En inderdaad, wat dit schraapsel van de grootstad samenhoudt is het racisme."

"De hele operatie wordt aanvankelijk voorgesteld als een aanslag tegen een gastarbeiderscafé in, pakweg, de Josaphatstraat. Daar motiveer je mensen mee, want wie een Nordaf of een bougnoul neerlegt heeft de maatschappij een dienst bewezen. Het plan dat als trekker moest dienen was even eenvoudig als misdadig. Zeven raszuivere Belgen verplaatsen zich in een auto en op drie motoren naar een Arabisch café. Een commandolid slaat de ruit aan diggelen, een tweede gooit een handgranaat naar binnen. De klanten die dan nog overeind staan snellen naar bulten en worden opgevangen door drie met handmitrailleurs uitgeruste commandoleden. Pas op het allerlaatste moment wordt dit plan vervangen door ‘een operatie tegen de gauchistische krant Pour’: iets minder spannend maar wel zo veilig.

Rechtzetting

Het gesprek met Garot dreigt in de soep te lopen omdat iedereen hem voor ongeveer alles nodig heeft. Voor de vijftiende keer gaat de telefoon. Een journalist van een bevriende Vlaamse krant meldt dat de minister van Justitie zo net een ‘rechtzetting in de zaak Pour’ heeft afgeleverd. Deze minister, de Franstalige socialist Moureaux, stond tot nog toe passief aan de zijde van Pour. Nu is hij blijkbaar door hogere machten onder druk gezet, want tussen de regels van het communiqué valt te lezen dat de krant zijn eigen onderzoek maar stop moet zetten. Pour heeft zich, zo zegt de bewindsman, niet gehouden aan de voor de politie geldende normen.

Garot belt zijn raadsman, de veelgeplaagde linkse advocaat Michel Graindorge. ‘Ethiek? Godsamme, waar hebben ze het over?’ En tegen mij Het is waar dat er een verschil is tussen de politie en ons. Wij hebben geen computers met vertrouwelijke gegevens over Belgische staatsburgers. Wij rammen geen arrestanten in mekaar om achter de waarheid te komen. De justitiële wrevel is des te merkwaardiger omdat Pour vanaf het begin loyaal heeft samengewerkt met de betrokken instanties. Niets werd voor de recherche verborgen gehouden.

Garot: ‘Al vanaf het begin hebben we drie sporen uitgezet en dat ook verteld aan de politie. Dat leverde, van hun kant, niets op. Toen we zelf beet hadden heb ik dat onmiddellijk aan de bevoegde instanties meegedeeld. Op vrijdag 4 september, om acht uur ‘s ochtends, heb ik alle gegevens overhandigd aan de gerechtelijke politie. Al op woensdag 2 september had ik ze over de zoon van de buschauffeur verteld. Nog dezelfde dag wordt die jongen op de rooster gelegd. Ze zelden: ‘Vertel ons alles, want we willen niet dat Garot de zaak voor ons oplost, dan staan we voor schut.’

Van dan af gaat het snel. ‘Nou ja, snel. Die vrijdag, 4 september, worden zeven personen opgepakt. Zes worden bijna onmiddellijk weer vrijgelaten. Ze blijken alleen bij de voorbereiding van de actie te zijn betrokken, dat is blijkbaar een afdoende reden om ze niet in verzekerde bewaring te houden. De zevende bekent: hij heeft actief aan de raid deelgenomen. Hij blijft wel opgesloten. Er ontbreken dus nog vijf of zes mededaders. Het hele weekend lang en ook de daarop volgende maandag gebeurt er niets. Geen arrestaties. De zon schijnt en de Brusselse politie en justitie zijn in een weldadige rust gedompeld.

Op dinsdagochtend 8 september vinden redactie en advocaten van het weekblad Pour dat de vakantie lang genoeg heeft geduurd. Ze zijn wel goed maar niet gek. Alle betrokkenen hebben nu toch ruimschoots de tijd gehad om onder te duiken of naar het buitenland te vluchten? Pour houdt een geïmproviseerde persconferentie waarbij justitie van laksheid wordt beschuldigd. Het helpt. Kort na de persconferentie worden nog eens drie mededaders - de politie kende al dagenlang hun namen en adressen - opgepakt. Ze bekennen ook. Drie van de vier arrestanten zijn lid van het Front de la Jeunesse. Dat kan geen toeval zijn.

Garot: ‘De hele operatie werd geleid door Jean-Philippe Van Engeland. Hij is een bekende extreem-rechtse activist. Was eerst lid van de VMO, is later overgestapt naar het FJ. Als de politie in dit land goed werkt, dan hebben ze een metershoog dossier over hem. Hij is al verscheidene keren veroordeeld. Hij is ook de enige die niet wil praten. De drie anderen hebben al doorgeslagen. Hij niet. Hij beschermt de opdrachtgevers en de financiers van de raid. ‘Er valt nog veel te onthullen. Dat heeft Pour zich tot taak gesteld. Deze week ligt de nieuwe Pour bij de kiosk: veertien pagina’s (voorheen vierentwintig), gemaakt door zevenentwintig stafleden (tevoren elf).

En vanaf januari wordt Pour een dagblad. Natuurlijk gaat het eerstvolgende nummer over de eigen zaakjes. ‘Maar we hebben,' zegt Garot, ‘een heel dossier klaar over de rijkswacht. ‘La gendarmerie avant, pendant et aprés la guerre’. Laat ze maar komen, de critici, de twijfelaars, de zachtmoedigen. Dan doen we wat we altijd al gedaan hebben, leugens ontmaskeren met documenten. ‘Qa va? Dan moet ik nu even mijn advocaten bellen.

‘Heel mooi, maar hoe komt Pour aan het geld om te doen wat het doet? De krant is niet rijk, weigert systematisch advertenties op te nemen. Het dagbladproject bestond al voor de brand. Daar waren financiers voor aangetrokken, privé-personen, kleine kapitaalbezitters. De aanslag is een verliespost van ongeveer twee miljoen gulden. Maar de aanslag heeft ook een golf van sympathie losgemaakt. Zelfs oud-llberale kranten vonden dat de persvrijheid in het gedrang was gekomen. Het gironummer van Pour (001-070121-67) is onderhand het bekendste van het land. De socialistische ex-minister van Justitie Piet Vermeylen (77 jaar, geen linkse rakker) vat het goed samen: ‘Ik vind dat Pour vaak te scherp van toon is. Maar ik koop wel aandelen van ze. Dat blad moet blijven bestaan! Het heeft, met al zijn gebreken, een zuiverende rol te spelen in ons democratisch bestel.’

Pour zit duidelijk in de lift. De oplage is het afgelopen jaar van vijfduizend tot twintigduizend gestegen. Pours ambities zijn ook niet gering, er wordt nu gemikt op een oplage van vijftigduizend.

Bron: Vrij Nederland | 19 September 1981