René Haquin vertrouwde Guy Bouten ooit toe dat Ajjaz de enigste man in zijn hele leven was die hem ooit angst inboezemde. Hij interviewde hem in september 1983 in zijn appartement op de Avenue de l'Armée.
Faez werd in 1922 geboren in Damascus. Zijn bijnaam luidde 'Sirocco', naar de hete, droge woestijnwind die de nomaden schele hoofdpijn en slapeloosheid bezorgt. Hij was overal aanwezig waar er geld te verdienen viel en kluste voor het Saoedische vorstenhuis, de Syrische president Assad, de CIA en de Mossad. In het IPC beschikte hij over een bureau waar hij volgens enkele van mijn (Guy Bouten, red) collega's grote sier hield.
Zijn cover daar was het correspondentschap van een Arabische krant van het Franse persagentschap AFP. Faez was een echte duizendpoot. Hij startte zijn spionnencarrière in Beiroet als advocaat en correspondent voor diverse bladen waaronder Nouvel Europe Magazine waardoor hij Emile Lecerf en baron de Bonvoisin leerde kennen.
Hij trouwde met iemand van de beroemde familie Krupp en bezat een villa in Marbella, de mondaine badplaats waar tal van Arabische prinsen verpozing zochten. Later kocht Faez het wapenblad AMI van Boas en VDB. Hij doopte het om tot Fire met Christian Tavernier als hoofdredacteur. In juli 1981 maakte Faez via Emile Lecerf kennis met Paul Latinus.
Bron: De Bende van Nijvel en de CIA | Guy Bouten