De dood van Dag Hammarskjöld roept meer vragen op dan een prijs die zijn naam draagt.

De moord op VN-topman Dag Hammarskjöld

De dood van VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld in 1961 lijkt een complot. Gecoördineerd door de Amerikaanse en Britse geheime dienst, uitgevoerd door Rhodesiërs.

Voor twee Zambiaanse houtskoolbranders was er vijftig jaar lang geen twijfel mogelijk: Dag Hammarskjöld is vermoord. De rest van de wereld moest het doen met de officiële lezing: het vliegtuigje met de Zweedse secretaris-generaal van de Verenigde Naties aan boord verongelukte op 18 september 1961 door een fout van de piloot. De Zambianen in het bos zagen vlak boven hen echter duidelijk een tweede vliegtuigje; dat liet 'iets brandends' vallen op het toestel met Hammarskjöld, dat daarop explodeerde en in het oerwoud stortte.

De getuigenissen vormen een belangrijk element van een nieuw, onthullend boek: 'Who killed Dag Hammarskjöld?' van Susan Williams, onderzoekster van de Universiteit van Londen. Ze kon putten uit materiaal dat tot voor kort geheim was: de dossiers van Sir Roy Welensky, de premier van de toenmalige Britse kolonie waartoe Noord-Rhodesië (nu Zambia) behoorde. Williams komt tot de conclusie dat de Britten de ware toedracht van de dood van Hammarskjöld hebben verdraaid en afgedekt. Een klassieke cover-up.

Hoewel de VN de Britse versie nooit helemaal hebben aanvaard en na een eigen onderzoek twijfels hielden, heeft de versie van een ongeluk een halve eeuw standgehouden.

Maar: waarom werd het kleine vliegveld van het mijnstadje Ndola gesloten vlak voor Hammarskjöld wilde landen? Waarom was het lichaam van Hammarskjöld niet ernstig verbrand, zoals dat van alle andere vijftien inzittenden? Waarom werd de enige overlevende niet geëvacueerd, maar in een armzalige ziekenhuis ondergebracht, waar hij na zes dagen alsnog stierf? Waarom werd er niets gedaan met diens getuigenis dat het toestel in de lucht explodeerde en niet pas bij de klap op de grond? Waar was het gat in het voorhoofd van Hammarskjöld gebleven, dat een Noorse VN-diplomaat ter plekke had gezien - niets van te zien op de officiële foto's.

Het Britse onderzoeksteam begon pas de volgende ochtend, toen het al vier uur licht was, en had 15 uur nodig om het wrak te vinden, terwijl het slechts tien kilometer van Ndola lag. Er waren Afrikaanse getuigen genoeg die hen de weg konden wijzen, de houtskoolbranders, lokale politieagenten en soldaten. Williams sprak in Zambia met Mama Chibesa Kankasa, de vrouw van het dorpshoofd die vlak bij de crash woonde. Zij en haar man hadden het duidelijk gezien: een vuurbal in de lucht en twee vliegtuigjes die wegvlogen. De houtskoolbranders hadden het dorpshoofd meteen verteld waar het wrak lag. En hij had het meteen gerapporteerd aan de koloniale politie, maar niemand luisterde. Het duurde nog uren voor de politie en ambulances die kant opgingen. Van de getuigenissen van de Kankasa's is niets terug te vinden het Brits-Rhodesische eindrapport.

Susan Williams vond een opmerkelijke bevestiging van de Afrikaanse getuigenissen: een Amerikaanse agent van de inlichtingendienst op Cyprus blijkt een cockpitgesprek uit het mysterieuze tweede vliegtuigje te hebben opgepikt. Hij hoorde: 'Ik zie een transportvliegtuig laag komen aanvliegen. Alle lichten zijn aan. Ik ga dalen om het aan te vallen. Ja, het is de Transair DC-6. Het is het vliegtuig. Ik heb het geraakt. Er zijn vlammen. Het gaat omlaag. Het stort neer.'

Williams doet minutieus uit de doeken waarom een ongeluk onwaarschijnlijk is. Het officiële rapport geeft een heel selectieve weergave van het bewijsmateriaal. In het dossier van de Rhodesische premier Welensky, dat Williams als eerste mocht inzien, vond zij de zes foto's van het lijk van Hammarskjöld. Een expert stelde vast dat het voorhoofd op de foto's waarschijnlijk is geretoucheerd. De Noorse generaal Björn Egge, chef militaire inlichtingen van de VN-missie in Congo, had het dus toch goed gezien toen hij een dag na de crash in Ndola het lijk van Hammarskjöld mocht bekijken: er zat een gat in zijn voorhoofd, Egge dacht van een kogel. Williams zag op de foto's de vreemde dingen waarover al een halve eeuw wilde verhalen de ronde doen: de dode Hammarskjöld had takken in zijn hand en er stak een speelkaart - een schoppenaas - uit zijn overhemd.

Helaas heeft Williams niet het definitieve bewijs gevonden voor de ware toedracht; ze presenteert geen moordenaar die uit de school klapt. Maar ze heeft wel alle mogelijke aanwijzingen verzameld, meer dan ooit tevoren.

Ze schrijft het voorzichtig op, maar de vermoedelijke toedracht is duidelijk: het toestel van Hammarskjöld is neergehaald door een onbekend vliegtuigje; de VN-secretaris-generaal (die volgens medewerkers nooit een veiligheidsriem omdeed) werd uit het toestel geslingerd waardoor zijn lijk niet is verbrand; op de rampplek verschenen weldra onbekenden om te controleren of de aanslag was gelukt; die hebben Hammarskjöld waarschijnlijk door het hoofd geschoten, hem takken in de hand gelegd om het te laten lijken dat hij zelf uit het toestel was gekropen en bij een termietenheuvel dood ineen was gezakt. Als bizarre moordenaarsgrap hebben ze een dodenkaart in zijn kraag gestoken. Pas toen deze groep klaar was, werd het wrak officieel ontdekt in de middag.

Blijft de vraag: wie heeft het gedaan?

De belangrijkste kandidaten zijn de blanke huurlingen die vochten voor het rebellengebied Katanga van Moïse Tshombe, dat zich van de jonge onafhankelijke republiek Congo had afgescheiden. 'Toevallig' waren er een stuk of drie op het vliegveld van Ndola op de dag dat Hammarskjöld er zou landen, achterhaalde Williams. Tshombe wachtte daar ook, aan de maaltijd met een fles Bourgogne. Hammarskjöld wilde een staakt-het-vuren met hem afspreken. Enkele dagen eerder waren de VN-troepen een nieuw offensief begonnen tegen de 'Katangese gendarmes' van Tshombe en de blanke huurlingen, buiten medeweten van Hammarskjöld om, volgens Williams. Hammarskjöld wilde bovendien enkele topfiguren uit de entourage van Tshombe vervolgen voor de moord op de afgezette en ontvoerde Congolese premier Patrice Lumumba.

Maar Katanga had maar één gevechtsvliegtuig en een handvol transporttoestelletjes, bovendien te ver weg van Ndola. Het toestel van Hammarskjöld had vanuit Leopoldville (nu Kinshasa) juist om Katanga heen gevlogen om een aanval te vermijden.

Op het vliegveld van Ndola, waar Hammarskjöld zou landen, stonden heel veel gevechtsvliegtuigen. Het blanke minderheidsregime van de federatie van Zuid-Rhodesië (nu Zimbabwe), Noord-Rhodesië (Zambia) en Nyasaland (Malawi) had een semi-autonome status als Britse kolonie: de blanke kolonisten vreesden dat de onafhankelijkheidsstrijd vanuit Congo zou overslaan en hadden een troepenmacht bij de lange grens samengetrokken.

Williams beschrijft die broeierige sfeer heel indringend. Onder blanke kolonialen was Hammarskjöld gehaat, een christelijke idealist die de kant had gekozen van de Afrikanen en hun 'communistische vrijheidsstrijd'. Welensky zag in Katanga een goede buffer met de rest van Afrika. Tshombe was de marionet van de Belgische multinational Union Minière. Maar zou hij toch onder druk van de VN wijken en de afscheiding ongedaan maken?

Maar er is nog meer: Hammarskjöld had zijn krediet verspeeld bij alle grootmachten; ook de Verenigde Staten van Kennedy waren het eigengereide optreden in Congo zat. Congo was de eerste interventie van de jonge VN; de vredesmacht voerde daadwerkelijk oorlog tegen Katanga. Hammarskjöld wilde een assertieve VN, daar voelde geen van de grootmachten iets voor. Na zijn dood werden de VN tandeloos.

Zo wijst alles op een gecoördineerde actie waarbij de CIA en MI6 informatie verstrekten, de Britten zorgden dat het vliegtuig van Hammarskjöld moest rondcirkelen en huurlingen of Rhodesische commando's de doodsklap mochten uitdelen.

Bron: De Volkskrant | 20 oktober 2011

Meer » podcasts.ox.ac.uk

Ondertussen is het rapport van de commissie beschikbaar. Het rapport geeft voldoende argumenten om het onderzoek terug te openen:

Onafhankelijk panel bepleit nieuw onderzoek naar dood VN-chef Hammarskjold

Een onafhankelijke commissie pleit voor het heropenen van het onderzoek naar de dood van voormalig VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjold, die in 1961 om het leven kwam bij een vliegtuigcrash. Nieuw bewijs van de jongste jaren zou daarom vragen, zo blijkt uit een rapport dat maandag gepubliceerd werd.

De commissie van internationale juristen boog zich over het uitvoerige bewijsmateriaal dat sinds het afsluiting van het onderzoek in 1962 nog opdook. Die nieuwe bewijzen zouden een ander licht kunnen werpen op de omstandigheden van de crash en een definitief antwoord kunnen bieden op de aanhoudende verdenkingen van moord.

Volgens het rapport van de commissie zouden de bewijzen geleverd kunnen worden door de VS, aangezien geweten is dat de National Security Agency (NSA) opgenomen informatie in handen heeft, zoals radio-communicatie van de luchthaven van Ndola tijdens de nacht van de crash.

De Zweed Hammarskjold werd in 1953 de tweede secretaris-generaal van de VN. Hij stierf in 1961 bij een vliegtuigcrash in het voormalige Noord-Rhodesië, tegenwoordig Zambia.

VN-woordvoerder Martin Nesirky zegt dat de Verenigde Naties het rapport grondig zal onderzoeken.

Bron: De Standaard | 10 september 2013

Het rapport kan je downloaden van de website van de commissie » www.hammarskjoldcommission.org

3

Moest de VN-baas dood?

Vliegtuigcrash Dag Hammarskjöld uit 1961 voor zesde keer onderzocht

Was de dood van Dag Hammarskjöld een ongeluk of een aanslag? Vierenvijftig jaar nadat het vliegtuig van de VN-baas neerstortte, is er nog steeds geen bevredigend antwoord op die vraag. De volkerenorganisatie hoopt met een nieuwe onderzoekscommissie de waarheid eindelijk boven water te halen.

In de nacht van 17 op 18 april 1961 doorklieft een vliegtuig de Afrikaanse hemel. Aan boord van de Albertina zitten zestien mensen. De belangrijkste bevindt zich achterin het toestel, vlak bij de staartvin. Zijn naam: Dag Hammarskjöld. De secretaris-generaal van de Verenigde Naties is op vredesmissie. Hij wil in het net onafhankelijk geworden Congo spreken met Moïse Tshombé, de leider van de rebellenbeweging in de grondstoffenrijke provincie Kantanga. De Zweed hoopt zo een wapenstilstand te kunnen forceren tussen de man en de regering van het land.

Rond twaalf uur vragen de piloten toestemming om te landen. Maar de landing, die volgt niet. Het radiocontact blijkt verbroken, en de Douglas DC-6 is naar beneden gestort. Vijftien uur later wordt in een oerwoud in Noord-Rhodesië, nu Zambia, dicht bij het vliegveld een brandend wrak gevonden. Met uitzondering van een lijfwacht heeft niemand de crash overleefd.

Het nieuws over de dood van Hammarskjöld gaat als een schokgolf door de wereld. Vriend en vijand staan versteld. Stellen zich vragen ook. Is de VN-baas slachtoffer van een ongeluk? Waarom beweert de enige overlevende dan dat het vliegtuig ontplofte voor het de grond raakte? Hoe komt het dat de zoekactie zoveel tijd in beslag nam? En wat met de verklaringen van ooggetuigen, die zeggen een tweede, kleiner toestel te hebben gezien?

Er werden vanaf de jaren zestig verschillende onderzoeken gevoerd naar de feiten. Die verwezen telkens naar een fout van de piloot. Maar ze stelden ook dat het, op basis van het beschikbare bewijsmateriaal, moeilijk is om met zekerheid te stellen.

In de jaren die volgden, doken steeds weer nieuwe elementen op. Zo zei oud-aartsbisschop Desmond Tutu in 1998 dat Hammarskjöld slachtoffer zou zijn van een complot. Hij baseerde zich daarvoor op documenten van de Zuid-Afrikaanse Waarheids- en Verzoeningscommissie. Ook de Britse wetenschapper Susan Williams, die het boek Who Killed Hammarskjöld schreef, leverde nieuwe inzichten. Zij stelt dat een "Belgische piloot genaamd Beukels" het vliegtuig per ongeluk neerhaalde. The Guardian kwam in april 2014 met de theorie dat ene 'Vak Riesseghel' (wellicht Jan van Risseghem, red), een Belgische huurling die commandant was bij de Katangese luchtmacht, achter de aanslag zou zitten.

Al deze zaken leidden in 2013 tot vraag om een commissie van gerenommeerde juristen op te richten. Die moesten nagaan of het VN-onderzoek heropend moet worden. "Ons antwoord is volmondig ja", klonk het toen. "Volmondig omdat we denken dat een antwoord op de vraag waarom het vliegtuig neerstortte binnen handbereik is." De commissie verwees daarvoor naar cruciale documenten die de Amerikaanse inlichtingendienst NSA bezit. Het gaat om opnamen van het radioverkeer tijdens de bewuste nacht.

Maandag maakte huidig secretaris-generaal Ban Ki-moon bekend de nieuwe bewijsstukken onderzocht te willen zien. En ook daarvoor is weer een commissie in het leven geroepen. Het hoofd daarvan is de vroegere Tanzaniaanse opperrechter Mohamed Chande Othman. Hij wordt daarin bijgestaan door de Australische luchtvaartdeskundige Kerryn Macaulay en de Deense rakettenspecialist Henrik Larsen. Het gezelschap zal de komende maanden naar Zambia trekken, om daar de plaats van de crash te onderzoeken en getuigen te spreken.

Alle lidstaten zijn ook opgeroepen om eventueel bruikbare informatie te overhandigen. Eind juni moeten de eerste bevindingen gepresenteerd worden.

Bron: De Morgen | 18 Maart 2015

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

4

Mysterieuze crash VN-topman geeft Belgisch bedrijf kopzorgen

De Verenigde Naties openen na 55 jaar een onderzoek naar het mysterieuze overlijden van toenmalig secretaris-generaal Dag Hammarskjöld. Hij kwam om bij een vliegtuigongeval enkele uren na opstijgen uit het toenmalige Kinshasa. Nieuwe documenten en getuigenissen wijzen in de richting van een complot tussen Engelse en Amerikaanse inlichtingendiensten, maar ook naar het Belgische bedrijf Umicore.

VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon wil een onderzoek openen naar de hypothese dat Dag Hammarskjöld vermoord zou zijn in opdracht van de CIA, de MI5 en Umicore - toen Union Minière. (1) Het is het gevolg van nieuw opgedoken informatie, onder andere verzameld door de Zweed Göran Björkdahl. Die ging enkele jaren geleden naar de plaats van de crash en sprak er met getuigen, die vreemd genoeg nooit eerder waren verhoord.

"De VN hebben me net via e-mail gevraagd of ik al mijn informatie kan bundelen en aan hen overmaken. Wat ik uiteraard maar al te graag doe." Björkdahl kan zijn enthousiasme niet verbergen. In een gesprek met De Morgen legt hij uit wat er volgens hem die fatale nacht van 18 september 1961 is gebeurd en waarom dat nu pas onderzocht wordt.

Hammarskjöld was toen acht jaar secretaris-generaal en genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede. Het was ook voor een vredesmissie dat hij op dat moment in Congo was, waar separatisten de rijke provincie Katanga met Belgische steun probeerden af te scheuren net na de onafhankelijkheid.

Het vliegtuig met Hammarskjöld vertrok uit Kinshasa, toen nog Léopoldville, om in het huidige Zambia een staakt-het-vuren te bespreken met Moise Tshombe, de leider van die separatisten. Maar Hammarskjöld zou nooit aankomen. Zijn vliegtuig stortte neer in het oerwoud, niet ver van de luchthaven van Ndola. Drie officiële onderzoeken in de jaren 60 hebben de ware oorzaak van de crash niet kunnen achterhalen.

"Ik heb het altijd vreemd gevonden dat er in de rapporten amper of geen Afrikaanse getuigen voorkomen", vertelt Göran Björkdahl, die dan maar besloot om zelf ter plekke te gaan. "Vlak bij de plek van de crash was een dorpje van steenkoolarbeiders. De oudere inwoners schrokken dat ik het onderwerp opnieuw ter sprake wou brengen. Uiteindelijk vond ik twaalf erg goede getuigen, die me min of meer hetzelfde vertelden. Ze zagen die nacht een groot toestel naderen, dat gevolgd werd door een kleiner. Daarna zagen ze een lichtflits, of vuur."

Cover-upoperatie

De getuigen bevestigen ook dat er 's anderendaags al in de ochtend soldaten en politieagenten het wrak onderzochten. Nochtans is het toestel officieel pas na drie uur in de namiddag onderzocht. Het hele onderzoek is volgens Björkdahl een grote cover-upoperatie.

"Wat deden die militairen en agenten die ochtend rond het wrak? Bewijsmateriaal verwijderen? Er zijn documenten die daar een antwoord op kunnen geven, maar ze zitten vast bij veiligheidsdiensten. Bij de Britten bijvoorbeeld, die de legerarchieven bezitten van Rhodesië, het toenmalige Zambia. Zij hebben de onderzoeken in de jaren 60 geleid. Ik ben in overleg om de documenten te kunnen inkijken, maar dat ziet er niet goed uit. De Amerikaanse NSA heeft dan weer geluidsopnames van gesprekken met de piloot, maar ook die blijven achter slot en grendel."

Terwijl Hammarskjöld voorstander was van een eengemaakt, onafhankelijk Congo, wilden de Engelsen, de Amerikanen, de Britten en Belgen het koper en vooral het uranium van Katanga's mijnen veiligstellen.

"De politieke leiders van Katanga waren twee handen op één buik met de Belgische ontginner Union Minière du Haut Katanga. Die had geen zin om zijn kostbare grondstoffen achter te laten. Het kleine vliegtuigje dat mijn getuigen gezien hebben, zou een Fouga Magister Jet kunnen geweest zijn. Union Minière had er zo een drietal aangekocht voor de Katangese strijdkrachten."

'Dag moet uit de weg'

Naast de getuigenissen van Björkdahl zullen de VN in hun onderzoek ook gebruikmaken van bewijsmateriaal uit Zuid-Afrika. In een onderzoek naar misdaden tijdens de apartheid kwam Operation Celeste aan het licht. Een van de documenten, gemarkeerd met 'top secret', beschrijft een meeting tussen MI5, de CIA en een Zuid-Afrikaanse huurlingengroep. Toenmalig hoofd van de CIA Allen Dulles zou toen gezegd hebben: "Dag zorgt steeds meer voor problemen ... en hij moet uit de weg geruimd worden."

Volgens de documenten moest het toestel van Hammarskjöld gesaboteerd worden met TNT in het wielcompartiment, voor het vertrek uit Léopoldville.

"Die explosieven moesten geplaatst worden door de huurlingen uit Zuid-Afrika en aangeleverd worden door Union Minière. Ze hadden waarschijnlijk bij het vertrek moeten ontploffen, maar dat is niet gebeurd. Het zou kunnen dat ze dan dat vliegtuig erachteraan gestuurd hebben."

55 jaar na het tragisch ongeluk, of de moord, blijven nog heel wat vragen onbeantwoord. Net daarom opent de VN nu opnieuw een onderzoek. Björkdahl gelooft dat de ware toedracht nog altijd aan het licht kan komen. "Het motief is duidelijk, maar wat de VN moeten vinden is technisch bewijs. Ze moeten te weten komen of het toestel ontploft is, neergeschoten of neergestort."

Bron: De Morgen | 4 augustus 2016

(1) Het bedrijf Union Minière brengt ons naar Milpol en André Moyen.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

5

Ben wrote:

The Guardian kwam in april 2014 met de theorie dat ene 'Vak Riesseghel' (wellicht Jan van Risseghem, red), een Belgische huurling die commandant was bij de Katangese luchtmacht, achter de aanslag zou zitten.

Jan van Risseghem, geboren in Bergfeld (Duitsland) op 3.9.1923 en overleden in Mortsel op 29.1.2007.

6

Nieuw VN-onderzoek naar de dood van Dag Hammarskjöld
‘Ze weten meer dan ze zeggen’

De VN weten nog altijd niet hoe hun secretaris-generaal Dag Hammarskjöld in 1961 om het leven kwam. België kan het onderzoek vooruithelpen – als het dat wil.

Nog deze maand publiceert de Tanzaniaan Mohamed Chande Othman zijn eindrapport over de vliegtuigcrash die op 18 september 1961 het leven kostte aan VN-secretaris-generaal Dag Hammarsjköld en vijftien anderen bij Ndola in Noord-Rhodesië (nu Zambia). Hammarskjöld leidde toen een vredesmissie in het pas onafhankelijke Congo, ook om een eind te stellen aan de afscheuring van de rijke provincie Katanga. In Ndola zou hij daarover onderhandelen met de Katangese president Moïse Tshombe.

De oorzaak van de ramp raakte nooit helemaal opgehelderd. Nog altijd doen erover tal van theorieën de ronde. Het ontbrak Hammarskjöld ook niet aan vijanden. Veel westerse landen, België voorop, waren de Katangese secessie gunstig gezind: de anticommunist Tshombe steunde de westerse economische belangen in Katanga.

De huidige VN-secretaris-generaal Antonio Guterres gaf de jurist Othman de opdracht om nu de laatste hypothese over de crash te onderzoeken. Ze steunt op informatie uit twee Amerikaanse bronnen: Hammarskjölds DC-6 zou bij het naderen van Ndola neer zijn gehaald door een Belgische piloot, naar verluidt Jan Van Risseghem, in een Katangees vliegtuig.

Othman riep de VS, Groot-Brittannië en België op om de archieven van hun inlichtingendiensten open te stellen. Zondag citeerde The New York Times echter anonieme bronnen rond Othman die zich niet optimistisch toonden. ‘Ze weten veel meer dan ze zeggen’, zo citeerde de krant hen.

Belgische archieven

Eind vorig jaar stelde Kamerlid Benoit Hellings (Ecolo) er parlementaire vragen over. Het bekommert Hellings dat de toegang tot archieven van inlichtingendiensten moeilijker is geworden – ze blijven nu in principe 50 jaar confidentieel – en dat ook VN-onderzoekers ze niet konden inzien. ‘En toch,’ zegt Hellings, ‘de dood van een secretaris-generaal van de VN, dat is toch niet niets?’

Volgens minister van Justitie Koen Geens (CD&V) is de Staatsveiligheid in dit onderzoek niets gevraagd. Minister van Defensie Steven Vandeput (N-VA) antwoordde kort dat bij de militaire inlichtingendienst ADIV geen documenten over Hammarskjölds dood te vinden zijn. Dat antwoord suggereert dat er toch naar is gezocht, wat de vraag oproept of dat wel degelijk is gebeurd en door wie. Het kabinet-Vandeput wenste op die vragen niet in te gaan.

Bron: De Standaard | 19 juli 2017

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

7

Nieuw bewijs dat vliegtuig van VN-chef Hammarskjöld werd neergeschoten

Een VN-onderzoek naar de dood van VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld in 1961 heeft nieuw bewijs opgeleverd dat het vliegtuig waarin hij zat door een ander toestel is neergehaald. Dat schrijft The Guardian.

De Britse krant kreeg inzage in een samenvatting van het nog geheime onderzoeksrapport van de Tanzaniaanse oud-rechter Mohamed Chande Othman. Dat is vorige maand overhandigd aan de huidige secretaris-generaal van de Verenigde Naties, António Guterres.

Crash

De Zweed Hammarskjöld bemiddelde destijds in het conflict tussen de Republiek Congo en opstandelingen in de provincie Katanga. Zijn vliegtuig stortte op 17 september 1961 neer, kort voor een landing in Noord-Rhodesië (het huidige Zambia). Daar stond een ontmoeting gepland met leiders van de opstandelingen. Geruchten dat het geen ongeluk was, maar dat het toestel werd neergehaald, gaan al jaren.

Othman schrijft dat zijn onderzoek veel nieuwe informatie heeft opgeleverd. Zo kwam hij erachter dat Frankrijk de opstandelingen in februari 1961 in het geheim drie gevechtsvliegtuigen heeft geleverd. Die opereerden vanaf geheime vliegvelden in Katanga en vielen andere vliegtuigen aan.

Ook heeft hij aanwijzingen die het verhaal van een Franse diplomaat ondersteunen, dat een Belgische piloot die voor de opstandelingen werkte waarschuwingsschoten op het toestel van Hammarskjöld heeft afgevuurd. Dat zou zijn gebeurd net voordat het zou landen. Het is Othman niet gelukt de identiteit van die piloot, die Beukels zou heten, te achterhalen.

Lichtflitsen

Het verhaal van de Belgische piloot komt overeen met dat van ooggetuigen. Die zagen die nacht nog een ander vliegtuig en lichtflitsen in de lucht. Een beveiliger van Hammarskjöld die ook in het toestel zat, heeft verklaard dat hij vonken in de lucht zag voordat het neerstortte.

Othman schrijft verder dat de Britten en Amerikanen het radioverkeer in het gebied afluisterden. De Amerikanen hadden ook spionnen en militairen op de grond. De informatie die dat opleverde, moet nog in archieven liggen.

Het Verenigd Koninkrijk en de VS zouden daarom een onafhankelijke onderzoeker met kennis van zaken tot hun geheime archieven moeten toelaten, stelt Othman.

Bron: NOS | 26 September 2017

Plane crash that killed UN boss 'may have been caused by aircraft attack'

A UN report into the death of its former secretary general Dag Hammarskjöld in a 1961 plane crash in central Africa has found that there is a “significant amount of evidence” that his flight was brought down by another aircraft.

The report, delivered to the current secretary general, António Guterres, last month, took into account previously undisclosed information provided by the US, UK, Belgian, Canadian and German governments.

Its author, Mohamed Chande Othman, a former Tanzanian chief justice, found that the US and UK governments had intercepted radio traffic in the area at the time and suggested that the 56-year-old mystery could be solved if the contents of those classified recordings were produced.

“I am indebted for the assistance that I received, which uncovered a large amount of valuable new information,” Othman said in an executive summary of his report, seen by the Guardian. “I can confidently state that the deeper we have gone into the searches, the more relevant information has been found.”

Hammarskjöld, a Swedish diplomat who became the UN secretary general in 1953, was on a mission in September 1961 to try to broker peace in Congo, where the Katanga region had staged a rebellion, backed by mining interests and European mercenaries, against the newly independent government in Kinshasa.

His plane, a Douglas DC-6, was on the way from Kinshasa to the town of Ndola in Northern Rhodesia (now Zambia), where the British colonial authorities were due to host talks with the Katanga rebels. It was approaching the airstrip at about midnight on 17 September when it crashed, killing Hammarskjöld and 15 others on board.

Two inquiries run by the British pointed to pilot error as the cause, while a UN commission in 1962 reached an open verdict. In recent years, independent research by Göran Björkdahl, a Swedish aid worker, and Susan Williams, a senior fellow at the Institute of Commonwealth Studies in London and author of a 2011 book Who Killed Hammarskjöld?, persuaded the UN to reopen the case. A panel convened in 2015 found there was enough new material to warrant the appointment of an “eminent person” to assess it. Othman was given the job in February this year.

Among Othman’s new findings are:

In February 1961, the French secretly supplied three Fouga warplanes to the Katanga rebels, “against the objections of the US government”. Contrary to previous findings, they were used in air-to-air attacks, flown at night and from unpaved airstrips in Katanga.

Fresh evidence bolsters an account by a French diplomat, Claude de Kemoularia, that he had been told in 1967 by a Belgian pilot known as Beukels, who had been flying for the rebels as a mercenary, that he had fired warning shots to try to divert the plane away from Ndola and accidentally clipped its wing. Othman said he was unable establish Beukels’ identity in the time available for his inquiry.

The UK and Rhodesian authorities were intercepting UN communications at the time of the crash and had intelligence operatives in the area. The UK should therefore have potentially crucial evidence in its classified archives.

The US had sophisticated electronic surveillance aircraft “in and around Ndola” as well as spies, and defence officials, on the night of the crash, and Washington should be able to provide more detailed information.

Othman found that earlier inquiries had disregarded the testimony of local witnesses who said they saw another plane and flashes in the sky on the night of Hammarskjold’s crash. They had also “undervalued” the testimony of Harold Julien, a security officer who survived for several days who told medical staff he had seen “sparks in the sky” shortly before the DC-6, known by its registration number SE-BDY, fell out of the sky.

“Based on the totality of the information we have at hand, it appears plausible that external attack or threat may have been a cause of the crash, whether by way of direct attack causing SE-BDY to crash, or by causing a momentary distraction of the pilots,” Othman concludes.

“There is a significant amount of evidence from eyewitnesses that they observed more than one aircraft in the air, that the other aircraft may have been a jet, that SE-BDY was on fire before it crashed, and/or that SE-BDY was fired upon or otherwise actively engaged by another aircraft. In its totality, this evidence is not easily dismissed.”

Othman argues that the “burden of proof” was now on member states “to show that they have conducted a full review of records and archives in their custody or possession, including those that remain classified, for potentially relevant information”.

The Tanzanian judge said that the most relevant pieces of information were radio intercepts and called for countries likely to have relevant information, such as the UK and US, to appoint an “independent and high-ranking official” to comb the archives.

“Any such information regarding what occurred during the last minutes of SE-BDY, if verifiable, will be likely to either prove or disprove one or more of the existing hypotheses, bringing us more proximate to closure,” Othman writes.

“This is a step that must be taken before this matter, and the memories of those who perished on flight SE-BDY in the service of the organisation, may rest.”

Bron: The Guardian | 26 September 2017

Meer bewijzen dat Belg vliegtuig van VN secretaris-generaal neerhaalde

Het is een dossier dat na 56 jaar nog steeds niet is opgelost: de dood van VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld. Is zijn vliegtuig in Congo neergestort of neergeschoten? “Neergeschoten. Dan nog wel door een Belg. Een zekere Beukels.” Dat staat met zoveel woorden in een nieuw VN-rapport.

Zweden heeft een patent op onopgeloste moorden op toppolitici. Het is nog altijd niet geweten wie in 1986 de zittende premier Olof Palme doodschoot. Evenmin staat vast hoe op 17 september 1961 de Zweedse secretaris-generaal van de VN Dag Hammarskjöld om het leven kwam. Al lijkt het nieuwe onderzoek toch een duidelijke vingerwijzing naar een Belgische huurling.

Katanga wil vrij zijn

Eerst even de situatie in 1961. Congo was net één jaar onafhankelijk en zat al meteen met een serieus probleem. De rijke mijnprovincie Katanga wilde onafhankelijk worden. Dat was geen vraag, maar een eis. Een gewapende eis. Dat leidde meteen tot zware gevechten tussen de provincie en het bestuur in Kinshasa.

De VN wilde het geweld niet nogmaals laten escaleren in Congo en ging bemiddelen. De secretaris-generaal Dag Hammarskjöld reisde persoonlijk af naar de regio. De Katangese president Moïse Tshombé was bereid te praten over een staakt-het-vuren. Dat gesprek zou plaatsvinden in Ndola (Zambia).

Op 17 september vloog Dag Hammarskjöld met een gevolg van 15 man van Leopoldville (het huidige Kinshasa) naar Ndola. Maar daar geraakte hij nooit. Op een paar kilometer voor Ndola stortte zijn Douglas DC-6 neer. Niemand van de 16 inzittende overleefde.

Boek “Wie vermoordde Hammarskjöld?”

Zambia was snel klaar met het onderzoek: motorpech had Dag Hammarskjöld neergehaald. Ongeval opgelost. Boeken toen. Maar dat was zonder Susan Williams gerekend, die in haar boek “Wie vermoordde Hammarskjöld?” schreef dat Hammarskjöld was neergeschoten. Ze baseerde zich daarvoor op radiocontact die bewuste avond tussen de VS en Groot-Brittannië.

Twijfel was gezaaid, ook andere onderzoeker stortten zich op het dossier. Drie jaar geleden meende de Britse krant The Guardian te weten wat er juist was gebeurd: Jan van Risseghem, een Belgische huurling die op dat moment commandant was van de Katangese luchtmacht, had het vliegtuig van Dag Hammarskjöld neergehaald.

Nieuwe archiefstukken

Nu komt de VN zelf met een nieuwe theorie en een nieuwe naam. Maar het blijft wel Belgisch. Othman, een voormalige rechter uit Tanzania die voor de VN de affaire Dag Hammarskjöld opnieuw onder de loepe nam, kreeg toegang tot nieuwe archiefstukken. Een getuigenis van de Franse diplomaat Claude de Kemoularia kan wel eens de sleutel zijn die alles openbreekt.

In 1967 vertelde die diplomaat over zijn ontmoeting met een zekere Beukels. Een Belg. En piloot. Die zijn diensten verhuurde. In 1961 vloog hij voor de Katanga-rebellen. Die wisten dat Dag Hammarskjöld op weg was naar Ndola. “Ik moest zijn piloot op andere gedachten brengen. Hem wat bang maken en van koers doen veranderen”, zou die Beukels hebben gezegd aan de Franse diplomaat. “Maar helaas heeft een van mijn kogels een vleugel van Dag Hammarskjölds vliegtuig geraakt.”

Voilà. Daar is het: de bekentenis waar al decennia wordt naar gezocht. Toch jubelt de VN-onderzoeker Othman niet. “Ik heb helaas geen tijd genoeg gehad om die Beukels te zoeken.”

Wordt zeker nog vervolgd.

Bron: Het Nieuwsblad | 26 September 2017

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

8

De VN-baas, de crash en de Belgische huurling: wordt de dood van Dag Hammarskjöld eindelijk opgelost?
Belgische geheime archieven gaan open voor onderzoek naar de dood van Dag Hammarskjöld in 1961

Het is nog altijd een beruchte cold case: de vliegtuigcrash waarbij VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld in 1961de dood vond. Op de rouwkrans van de familie op zijn graf stond maar één woord: ‘Waarom?’ Nu geheime Belgische archieven worden opengesteld, krijgt die vraag misschien eindelijk een antwoord.

Op de avond van 17 september 1961 stapt Dag Hammarskjöld, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, in Leopoldstad (nu Kinshasa) op het vliegtuig naar het huidige Zambia. Daar, op neutraal terrein, wil de Zweed een wapenstilstand bespreken met Moïse Tshombe, de leider van Katanga die het werk van de VN-troepen in de regio onmogelijk maakt.

Katanga, in het zuiden van Congo, had zich in juli 1960 afgescheurd van het moederland, dat zelf nog maar vlak daarvoor onafhankelijk was geworden van België. Katanga was rijk aan strategisch belangrijke koper-, goud- en uraniummijnen. België, en zijn bondgenoten, waren niet van plan om die schat aan delfstoffen zo maar op te geven. Ook het nieuwe Congo besefte het belang ervan. Een gewapend conflict was het resultaat.

Officieel erkende België het afgescheiden Katanga niet, maar de facto waren het Belgische officieren die het Katangese leger uit de grond stampten, met ook Belgische huurlingen. Halfweg 1961 bestonden de Forces Katangaises uit 10.000 Afrikaanse manschappen en 600 Europeanen.

Voor de bevlogen diplomaat Hammarskjöld was vrede in de regio belangrijk. Uit idealisme, maar ook omdat de VN nog een jonge organisatie was, die veel te bewijzen had. Het had de secretaris-generaal moeite gekost om de Belgische soldaten uit Congo te doen vertrekken en 20.000 blauwhelmen ter plaatse te brengen. De volgende stap waren vredesbesprekingen met de Katangese overheid, die de VN-troepen regelmatig bestookte met bombardementen.

Eén overlevende

Een delegatie met de Katangese president Tshombe en enkele Britse functionarissen staat Hammarskjöld die nacht op te wachten op de luchthaven van Ndola, in wat nu Zambia heet, maar toen nog Noord-Rhodesië was, een Britse kolonie. De landing is voorzien om half een.Als het vliegtuig van Hammarskjöld om drie uur nog niet in zicht is, besluit de Britse hoge commissaris te vertrekken: “Hammarskjöld moet hebben besloten om elders heen te gaan.” De luchthaven wordt gesloten.

Een zoekactie start pas vier uur na zonsopgang. Ze vertrekt bovendien in de verkeerde richting, waardoor ze pas negen uur na de crash het wrak van Hammarskjölds vliegtuig ontdekt, op een tiental kilometer van de luchthaven. Van de zestien inzittenden is er maar één nog in leven: Harold Julien, bewakingsagent.

Terwijl Julien op een brancard wordt weggebracht, wordt hij ondervraagd door een agent van de politie van Noord-Rhodesië.

Het laatste wat we van jullie hoorden, was dat jullie boven de landingsbaan cirkelden. Wat is er gebeurd?
“Het is ontploft.”

Boven de landingsbaan?
“Ja.”

Wat is er dan gebeurd?
“We maakten veel snelheid. Veel snelheid.”

En dan?
“Dan zijn we neergestort.”

Zijn verklaringen wijzen op een incident dat voorafging aan de crash. Een van zijn verpleegsters getuigt dat hij haar sprak over ‘vonken van vuur in de lucht’.Die zouden kunnen betekenen dat het vliegtuig van Hammarskjöld onder vuur werd genomen.

Diezelfde nacht nog melden lokale bewoners, politieagenten en militairen dat ze een lichtflits in de lucht hebben gezien. In een dorpje vlak bij de luchthaven zeggen verschillende getuigen een tweede vliegtuig in de lucht te hebben gespot.Maar in het apartheidsregime van Noord-Rhodesië werd er geen rekening gehouden met de getuigenissen van die kleurlingen.

“Het was ongelooflijk”, zei Timothy Kankasa, een belangrijke getuige uit het nabijgelegen dorpje. “Alle zwarte getuigen werden als onbetrouwbaar beschouwd. En de blanken die zeiden dat er niets vreemds aan was, en dat het slechts om een ongeluk ging, waren zogezegd wél betrouwbaar, ook al waren ze mijlenver uit de buurt.”

Zes dagen na het neerstorten van het vliegtuig overlijdt Harold Julien in het ziekenhuis. In de jaren die volgden kan geen enkel onderzoek een definitief antwoord geven op de vraag of de Douglas DC6B met Dag Hammarskjöld verongelukte door een fout van de piloot, of moedwillig uit de lucht werd gehaald en zo ja, door wie.

Union Minière

In 2013 blaast een boek van Susan Williams, verbonden aan de universiteit van Londen, de samenzweringstheorieën nieuw leven in, met talloze transcripties uit officiële documenten zoals de getuigenis van Harold Julien. Als gevolg van de ophef rond het boek belasten de VN de gewezen Tanzaniaanse rechter Othman met een nieuw onderzoek.

Othman vraagt acht betrokken lidstaten om geclassificeerde informatie vrij te geven. Op verzoek van Othman heeft België het afgelopen jaar gezocht in de archieven van de Staatsveiligheid, Defensie en de diplomatie en bepaalde dossiers gedeclassificeerd. Een uitzonderlijke gebeurtenis voor ons land.

In 2015 al had een expertenpanel van de VN wel informatie gekregen van de Belgische overheid, maar ondertussen is gebleken dat de geheime archieven toen niet geraadpleegd waren. België bleef zich steeds verzetten tegen openbaarmaking.

Betrokkenheid van België bij de dood van Hammarskjöld zou desondanks niet geheel onverklaarbaar zijn. “Net omwille van de Belgische belangen in Katanga”, zegt Jean Omasombo, die er onderzoek naar doet aan het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika. De aan delfstoffen zo rijke provincie in het zuidoosten van Congo was van kapitaal belang voor zowel Union Minière, nu Umicore, als de Belgische schatkist.

Gedecoreerde piloot

Niet onbelangrijk voor het onderzoek naar de omstandigheden van Hammarskjölds dood, is de rol van de Katangese luchtmacht, die in de eerste maanden van 1961 de VN-troepen in de regio bestookt met bommen. De commandant van die luchtmacht is in 1961 de Belgische huurling Jan van Risseghem, een gedecoreerde piloot van de Belgische en Britse luchtmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Van Risseghem overlijdt in 2007, in België. Zijn Britse weduwe legt meteen de hoorn dicht: "Ik praat niet met de pers." Volgens amateur-historicus Jean-Pierre Sonck was Van Risseghem een fantastische piloot, niet bang ook van het avontuur. “Hij heeft me zelf verteld hoe hij tijdens het wapenembargo tegen Biafra clandestien Franse bommenwerpers overvloog vanaf de luchthaven in Wevelgem.”

Uit het VN-rapport van Othman blijkt dat de Amerikaanse ambassadeur Gullion op de dag van de crash in een boodschap aan de Verenigde Staten ernstige beschuldigingen uit aan het adres van Jan van Risseghem.

“Het is mogelijk (dat het vliegtuig van Hammarskjöld is) neergeschoten door de enige piloot die de VN-operaties tegenwerkt en die door een betrouwbare bron is geïdentificeerd als Vam Riesseghel (sic), een Belg, die trainingslessen geeft aan de zogezegde Katangese luchtmacht.” Nochtans was Van Risseghem in augustus 1961 al door de VN gearresteerd en begin september naar België gerepatrieerd.

Uit informatie van de Staatsveiligheid die België vorig jaar doorgaf aan de VN, moet blijken dat Van Risseghem niet uit Brussel vertrok vóór de vliegtuigcrash. Daar is op zijn minst tegenstrijdige informatie over. Enerzijds heeft Van Risseghem een alibi door ‘een ontvangstbewijs getekend op 17 september in Brussel voor de betaling die hij ontving van de Katangese missie’. Anderzijds noteerde “de Belgische regering dat het document ondertekend is namens een andere persoon die het geld op zijn naam kwam halen”, zo schrijft het VN-rapport van rechter Othman. “En dat het mogelijk was dat hij nog in Brussel was, of op dat moment al in Parijs op weg naar Congo.”

Bovendien hebben de Verenigde Staten afgelopen jaar andere informatie overgemaakt aan de VN. Uit een rapport van de toenmalige Amerikaanse ambassadeur in Congo blijkt dat die de bebaarde, rijzige “Van Reisseghem” (sic) duidelijk herkend heeft toen hij met raketten en machinegeweren de VN-missie en de burgerbevolking in de Congolese stad Kamina bestookte. De ambassadeur meldt dat enkele dagen voor de crash aan zijn minister van Buitenlandse Zaken, op 15 september.Dezelfde dag vraagt Hammarskjöld aan België om een einde te maken aan de criminele feiten van Van Risseghem tegen de VN en tegen de burgerbevolking.

Whereabouts

Dat hoeft nog niet te betekenen dat Hammarskjölds dood het gevolg is van een persoonlijke vete van Van Risseghem, of dat de verantwoordelijkheid enkel bij België ligt. De belangen van Union Minière, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk waren evenmin gering, zeker tegen de achtergrond van de ontluikende Koude Oorlog.

In zijn rapport van afgelopen najaar kon Othman niet volledig uitsluiten dat de crash een dom ongeluk was, maar hij concludeerde dat er “een aanzienlijke hoeveelheid bewijsmateriaal” is dat het vliegtuig neergehaald werd door een ander vliegtuig. Verder onderzoek was nodig om de motieven, daders en opdrachtgevers te achterhalen.

Het is bijvoorbeeld niet zeker dat de tien documenten die de VN van België ontvingen het resultaat waren van een “exhaustieve zoektocht” in de archieven, zo stelt Othman. In een resolutie vroegen de VN in december daarom alle betrokken lidstaten om een externe expert aan te stellen die in de archieven mag zoeken en als tussenpersoon kan optreden.

De kabinetten Justitie, Defensie en Buitenlandse Zaken hebben beslist om daarop in te gaan en hebben het verzoek overgemaakt aan het Comité I, dat toezicht houdt op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Het Comité kan dan als onafhankelijke derde optreden, maar wacht nog op een formele opdracht van het parlement. In overleg met de kabinetten Justitie en Defensie moet het Comité I nog beslissen hoe diepgaand het zijn onderzoek zal voeren en hoe het de geclassificeerde info vervolgens doorgeeft aan de VN.

De vraag is of er, bijna 60 jaar na datum, nog iets te vinden valt. In regeringskringen is te horen dat alle informatie vorig jaar is bezorgd aan de VN.

“Daar geloof ik niks van”, zegt Luc Barbé, voormalig Groen-politicus en tegenwoordig consultant in Rwanda en Congo. “Kijk alleen al naar de tegenstrijdigheden over de whereabouts van Jan van Risseghem. Nochtans hielden ze in die tijd alles bij. Ze wisten volgens mij perfect wie waar was en onder welke schuilnaam. Maar misschien is het voor een onafhankelijke dienst eenvoudiger om die zaken naar buiten te brengen dan voor de Staatsveiligheid zelf.”

Volgens Barbé is er ook elders nog informatie te vinden, bijvoorbeeld in de archieven van Union Minière. Een klein deel daarvan is nog altijd geheim.

Moord op Lumumba

Qua internationaal belang moet de zaak niet onderdoen voor de moord op Lumumba. Ook daar kwam er pas schot in de zaak na de publicatie van een boek, van historicus Ludo De Witte. De Witte kon aantonen dat Lumumba vermoord was door de Katangese leiders, onder wie Tshombe, maar met medeplichtigheid van Belgen. Koning Boudewijn was op de hoogte van het complot.

Een parlementaire onderzoekscommissie bevestigde De Wittes bevindingen. Het leidde tot excuses van België aan de familie van Lumumba en aan Congo.

Opvallend is dat bij de moord op Lumumba ook een Belgische huurling betrokken was, Charles Huyghe. Hij was ook in de nacht van de vliegtuigcrash van Hammarskjöld aanwezig op de luchthaven van Ndola. Opnieuw een verdachte?

“De primaire schuldvraag doet er niet zoveel toe, maar wel hoe het is kunnen gebeuren”, zegt Barbé. “Het gaat erom in het reine te komen met ons koloniale verleden.”

Bron: De Morgen | Bruno Struys | 13 april 2018

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

9

Schoot Belgische piloot vliegtuig met VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld uit de lucht?

Komt er na bijna 58 jaar meer duidelijkheid over de geheimzinnige dood van de Zweedse VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld? Uit een nieuwe Deens-Belgische documentaire die binnenkort in première gaat, moet blijken dat een Belgische huurling achter de stuurknuppel zat van het toestel dat het vliegtuig met Hammarskjöld deed crashen. Twee Belgen getuigen daarover in de documentaire en in de krant De Morgen.

Dag Hammarskjöld was de tweede secretaris-generaal in de geschiedenis van de Verenigde Naties. In september 1961 was hij op vredesmissie in Afrika. Hij zou onderhandelen over een staakt-het-vuren in Katanga, de grondstoffenrijke provincie in Congo, dat bijna een jaar voordien onafhankelijk was geworden. Katanga had zich afgescheurd van de rest van het land, en werd daarbij gesteund door de westerse mogendheden.

Het vliegtuig waarin Hammarskjöld en 15 andere passagiers onderweg waren, stortte echter neer in Zambia (toen nog Noord-Rhodesië). Hoewel er meteen vermoedens rezen dat het om een aanslag ging, kwamen de precieze omstandigheden van de crash nooit aan het licht.

Toch werden in de loop der jaren meerdere verdachten bij naam genoemd. Een van hen was Jan Van Risseghem, een Belgische piloot met een Britse moeder, die tijdens de Tweede Wereldoorlog in dienst van de Britse luchtmacht had gevlogen.

Getuigenis

Volgens de documentairemakers was Van Risseghem in 1961 in Congo, waar hij vloog voor de rebellen die de onafhankelijkheid van Katanga hadden uitgeroepen. Daar zou hij het bevel hebben gekregen om het vliegtuig met Hammarskjöld uit de lucht te schieten. Daarover getuigt een Belgische getuige, die met Van Risseghem bevriend was.

Ook in de krant De Morgen treedt de man nu naar buiten met zijn verhaal. Als jongeman had hij Van Risseghem in 1965 leren kennen tijdens een parachutetraining op het vliegveld in Moorsele, in de buurt van Kortrijk. "Ik weet dat Jan Van Risseghem het vliegtuig heeft neergehaald, want hij heeft het me zelf verteld", getuigt hij in de krant.

Een andere getuige, die net als Van Risseghem vloog voor de rebellen in Katanga, ondermijnt dan weer het alibi dat Van Risseghem had voor de nacht van de crash. Van Risseghem overleed in 2007. Hij is nooit ondervraagd over zijn rol bij de dood van Dag Hammarskjöld.

De documentaire "Cold case Hammarskjöld" van de Deense journalist en filmmaker Mads Brügger gaat op 26 januari in première op het Sundance Festival in de Amerikaanse staat Utah. In maart is ze bij ons voor het eerst te zien tijdens Docville, het festival van de documentaire film in Leuven.

Bron: VRT Nieuws | Sara Van Poucke | 13 Januari 2019

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Op De Morgen en The Guardian staan vandaag artikels die iets dieper ingaan op de rol van een schimmige organisatie die mogelijk achter de moordaanslag zat. Het gaat om de South African Institute for Maritime Research (SAIMR), een op papier onschuldige onderzoeksorganisatie die in Zuid-Afrika gevestigd was, maar waarachter een bende (Britse) huurlingen zat die al dan niet met inlichtingendiensten samenwerkte om vervelende personen uit de weg te werken. Het doet allemaal sterk denken aan WNP, een organisatie met een gelijkaardige anti-Sovjet en racistische agenda waarvan niemand kan zeggen hoe groot en gevaarlijk ze nu echt was en in welke mate ze nu al dan niet gestuurd werd door westerse inlichtingendiensten.