41

Wvdhoute wrote:

In het boek van Bouten staat dat Bethy de Staerke en haar man Istvan Farkas dagen voor de verschillende feiten op verkenning gingen. De kans dat zij dus in die auto zaten is heel groot.

Neen dat is niet zo.

Wie was dan die vrouw?

43

Enkele dagen na de bloedige overval in Aalst krijgt ik (André Rogge, privé-detective en infiltrant in het criminele milieu) de volgende inlichtingen doorgespeeld: de 'Reus' is een Brusselse Griek (Apostolos Papadopoulos, en zijn beschrijving komt overeen met de getuigenissen van Braine-l'Alleud en Overijse) die momenteel voortvluchtig is, hij zit ondergedoken in Rijsel waar hij de avond voordien een prostituee vermoord heeft, elk weekend bezoekt hij zijn moeder die in Anderlecht woont, én hij heeft ook een onderduikadres aan boord van een aak (woonboot) op het kanaal, eveneens te Anderlecht...

Daniel Cirlande, een inspecteur van het team van Frans Reyniers, is ervan overtuigt dat hij op het juiste spoor zit, en heeft ook ontdekt dat de Griek 'een intimi is van een zekere De Staerke, die op zijn beurt een vriend is van Jean Renson'. Plots ziet Reyniers er geschokt uit, vraagt aan ons om op afstand te blijven, en zegt dat hij het GSO (Groep voor Schaduwing en Observatie) achter de moeder van Papadopoulos zal sturen. Maar dat weekend laat de Bende van Nijvel niets van zich horen. Maandagmorgen wil ik van Cirlande weten wat de schaduwoperatie heeft opgeleverd. Maar de inspecteur gedraagt zich vreemd, een houding die hij later steevast zal weigeren te verklaren. Hij vertelt dat de plannen plotseling gewijzigd werden en ze aan ander doelwit moesten observeren ...

Ook Reyniers geeft geen uitleg, en zegt enkel dat mijn informatie is doorgespeeld naar de overkoepelende cel. Daniel Cirlande waarschuwt me later nog voor Frans Reyniers en George Vandyke, maar weigert me maar iets te vertellen over de Bende van Nijvel en Papadopoulos ... Enkele maanden later, op 6 maart 1986,  wordt de Bende De Staerke door de onderzoekscel van Troch in Aalst opgerold, en ik ben ervan overtuigd dat mijn informatie hiervoor heeft gezorgd.

Pas in 1990 verneem ik echter, in Charleroi, dat geen van mijn inlichtingen doorgegeven is, noch aan de overkoepelende cel, noch aan onderzoeksrechter Troch, die vier maanden later tot dezelfde conclusie als ik was gekomen, en helemaal niet op de hoogte was van mijn ontdekkingen ... Terwijl ik in Charleroi verhoord wordt, moet Troch het dossier uit handen geven ... Misschien is het toeval dat de bloedige overvallen van de Bende van Nijvel ophielden zodra de namen van De Staerke en Papadopoulos vielen, misschien ook niet ...

Bron: Het riool van België, de waarheid achter de affaires | André Rogge