101

Ik zeg niet dat de Bende van Nijvel rijkswachters waren, of uitsluitend rijkswachters waren, maar dat zij een verpletterende verantwoordelijkheid droegen staat voor mij vast.

"Op het hoogtepunt van de affaire-Dutroux heeft de rijkswacht doelbewust wilde verhalen over netwerken van hooggeplaatste prominenten rondgestrooid, om vervolgens de X-getuigen daarna des te gemakkelijker onderuit te kunnen halen en zo meteen alle sporen naar mogelijk bestaande netwerken volkomen ongeloofwaardig te maken. Die ophefmakende stelling lanceert ex-rijkswachter Marc Toussaint in een nieuw boek. Hoe is de rijkswacht erin geslaagd om iedereen te manipuleren? En waarom was dat nodig?"

Bron » Nieuws

We kunnen ons dezelfde vraag stellen ivm de Bende.

Wie is er in geslaagd ons te doen geloven dat de Bende van Nijvel bestond uit drie man en een paardekop? Zijnde de oude, de killer en de reus? En waarom was dat nodig?

102

Nog een paar interessante video's » YouTube | YouTube

103

Een ex Rijkswachter van de afdeling BOB heeft een boek geschreven hoe hij vanuit de Rijkswacht is tegengewerkt in zijn onderzoeken naar de hormonenmaffia.

TheGiftDragon wrote:

Iemand die de uitzending paar maand geleden helemaal gezien heeft van de stiekeme opname van een gesprek door het raam van 2 gevangen met Marc Dutroux die zijn dagelijkse wandeling doet? Op een zeker moment begint Marc Dutroux zelf over de Bende van Nijvel en hoe de 'echte' schuldigen beschermd worden, ook in zijn dossier. Dacht zelfs dat hij verwees naar o.a. justitie en zelfs namen noemt. Heb maar flarden gezien. Toch opmerkelijk dat hij spontaan over de Bende van Nijvel begint en de bescherming van bovenuit.

Telefacts Special: Dutroux spreekt » YouTube

De slachtoffers die ik zou hebben gedood, maar wier moordenaars nog vrij rondlopen. Ik wil dat het ontploft, maar om dat te doen, mijn vriend, ... Zijn die flikken al niet even rot als de anderen? Ik noem het een criminele organisatie. Het is een bende bandieten die geleid wordt door een groepering hooggeplaatste ambtenaren. Een hoge ambtenaar is geen kleine garnaal. Als een procureur-generaal de mogelijkheden heeft om bevelen te geven die worden uitgevoerd door mensen van ons niveau, kom je in een maffioos systeem.
De anderen zijn veel gevaarlijker. In België is er een maffiasysteem binnengedrongen in onze instellingen. Dus als je ze vraagt om iets te onderzoeken wat hen aangaat, torpederen ze het onderzoek.

Er zijn veel mensen die laten uitschijnen dat ze op zoek zijn naar de waarheid, terwijl ze er eigenlijk zijn om die toe te dekken. Zo zou de voormalige onderzoeksrechter Jean-Claude Lacroix  zogezegd de waarheid rond de Bende van Nijvel achterhalen, maar eigenlijk wilde hij die toedekken. ... Ik weet het zeker. Ik heb het niet van horen zeggen, ik weet het gewoon.

Hoe kan bewijs zomaar verdwijnen uit een commissariaat? Dat betekent dat de politie haar mond moet houden en dingen moet laten gebeuren. Je hebt politieagenten, je hebt rijkswachters, je hebt rechters. Je hebt de vroegere Groep Diane die ze hebben ontbonden. Daar zijn ze mensen gaan vermoorden in de zaak van de Bende van Nijvel.  Maar dat is maar één zaak, hè. Eén van de 20, 30 onopgeloste zaken zijn één zaak. Daarom moet je de twee onderzoeksrechters die alle zaken tegelijk behandelen, bij elkaar houden. Want je hebt in de twee dossiers verschillende informatie. Als je ze niet bij elkaar brengt, kun je ze niet begrijpen. Als alles samen wordt bekeken, zullen de onderzoekers het wél begrijpen.

Ontsnapping: Omdat ik moest ontsnappen, zodat ze me konden neerschieten.

105

Ik vrees dat "het monster" gelijk heeft.

106

35 jaar bendeonderzoek zonder enig resultaat ... Bruno Schoenaerts had gelijk, als zelfs de zaak Dutroux de emmer niet deed overlopen, wat moeten wij dan nog verwachten?

Zelfs Dutroux doet de emmer niet overlopen

België huilt om de vermoorde onschuld. Het roept om orde en gezag, om de bezem door het rechtssysteem teneinde een herhaling van de zaak-Dutroux te voorkomen. Maar nog voor de tranen droog zijn, zit de magistraat alweer op zijn troon, gehuld in hermelijn, bezuinigt de politicus alweer meer dan hij investeert en praat het volk over de verhoging van de benzineprijs.

“Is het niet verpletterend, die stilte, die leegte?”, zegt de Antwerpse advocaat Bruno Schoenaerts, auteur van 'Een Kafkaiaanse nachtmerrie'. De vorig jaar verschenen pil over het hopeloos slecht functionerende 'gerecht' had een schok teweeg moeten brengen in België, “waar zich toestanden voordoen die zelfs de fantasie van Kafka te boven zouden gaan”. Maar niets daarvan. Pas nu, na de gruwelijke vondst van kinder- en tienerlijkjes, zwelt de kritiek op Justitie en politie aan. Volgens Schoenaerts is de totale ondergang van het Belgische rechtssysteem nabij: “Men zal zich eindelijk beseffen dat het zo niet langer kan.”

Anderen zijn minder hoopvol: “Ik vrees dat men binnenkort weer overgaat tot de orde van de dag”, verzucht de Brusselse criminoloog Christian Eliaerts. En dat is betreurenswaardig, want hij onderschrijft de kritiek van Schoenaerts. Ook prof. Eliaerts van de Vrije Universiteit Brussel wijst ter illustratie naar de Belgische gerechtsgebouwen. “Hoe moet een burger die recht zoekt zich voelen in het Paleis van Justitie in Brussel, in dat machtige gebouw dat uittorent boven de Marollen, het arme deel van de stad? Daar wapperen in enorme zalen zwarte gordijnen, beladen met stof, als in een griezelfilm.”

Over de zaak-Dutroux is moeiteloos een griezelfilm te maken. Wat ging er mis? Veel, zó veel dat in België de indruk heeft postgevat dat de werkloze metaalarbeider 'bescherming van hogerhand' heeft genoten. Schoenaerts en Eliaerts hebben daar hun twijfels over. Zeker, het is mogelijk dat naaste medewerkers van de vorige minister van justitie, Melchior Wathelet, beïnvloed zijn ten gunste van vervroegde vrijlating van Dutroux. Wathelet is nu de gebeten hond, omdat hij in 1992 met één pennestreek de veroordeelde verkrachter de kans bood zich opnieuw te vergrijpen aan minderjarigen. Maar, zegt Schoenaerts, een minister van justitie moet jaarlijks duizenden van die beslissingen nemen. Wathelet heeft zich onmogelijk in alle voors en tegens kunnen verdiepen. “Dat Wathelet benaderd is om Dutroux terwille te zijn, zal toch eerst bewezen moeten worden.”

Na zijn vrijlating wist Dutroux zijn medische en sociale begeleiders wijs te maken dat hij een deugdzaam leven leidde. De rijkswacht kreeg tips dat de man zich voorbereidde op ontvoeringen, maar die gegevens zouden ergens in een bureaula zijn blijven liggen.

Toen Dutroux eind vorig jaar werd aangehouden in verband met autodiefstal en omdat hij drie jongeren enkele uren had opgesloten in een van zijn vele woningen, had bij Justitie en politie de alarmbel moeten gaan rinkelen. Dutroux was immers slechts voorwaardelijk op vrije voeten. Hij verdween weliswaar een paar maanden in de cel, maar alleen wegens de nieuwe strafbare feiten. Criminoloog Eliaerts noemt dat 'vreemd', maar durft (nog) niet te spreken over kwade opzet bij politie en Justitie. “Fouten zijn nu eenmaal inherent aan ons systeem.”

Het 'systeem' wordt door advocaat en criminoloog gekwalificeerd als 'vermolmd', 'verrot' en 'bijna failliet'. Het 'systeem', dat zijn politiediensten en parketten die amper met elkaar samenwerken, elkaar zelfs regelrecht beconcurreren. Het openbaar ministerie wordt gevormd door '27 koninkrijkjes', gerechtelijke arrondissementen waarin tal van 'volstrekt onbekwame lieden' rondlopen, zegt advocaat Schoenaerts. En daar zijn de politici, die nu ach en wee roepen, zelf schuldig aan. Want veel magistraten hebben hun functie-voor-het-leven te danken aan het simpele feit dat ze lid zijn van een bepaalde partij - niet aan hun kwaliteiten. Vooral in Wallonië, waar de Parti Socialiste oppermachtig is, zijn politieke benoemingen schering en inslag. “Maar Vlaanderen is in hetzelfde bedje ziek”, geeft Antwerpenaar Schoenaerts toe.

Criminoloog Eliaerts: “De verzuiling binnen de magistratuur leidt tot tegenstellingen en zelfs tegenwerking.” Hij noemt voorbeelden van magistraten - in Wallonië - die weigeren met elkaar te praten, omdat ze niet tot dezelfde politieke partij behoren. Pas de laatste jaren is sprake van enige 'depolitisering'. Er werd een examen ingevoerd voor aankomende magistraten. Maar bij bevorderingen is en blijft het bezit van de juiste partijkaart van doorslaggevend belang.

Bemoeien politici zich te pas en te onpas met benoemingen in het gerecht, hun hart ligt zelden bij justitie als beleidsterrein. Voor de posterijen trokken ze door de jaren heen meer geld uit, voor landsverdediging (defensie) zelfs het viervoudige. Ook daarin komt verandering, maar die is nog amper zichtbaar. Eliaerts: “Wat zagen we de afgelopen dagen op tv? Speurders die sjouwen met kartonnen dozen vol dossiers. Middeleeuwse toestanden. In dit land schaffen rechters zelf maar een computer aan, omdat de invoering van de informatica zo traag verloopt.”

De huidige minister van justitie, de Vlaamse christen-democraat Stefaan de Clerck, is van goede wil, menen advocaat Schoenaerts en criminoloog Eliaerts. Maar is hij wel de krachtfiguur die het land nodig heeft? Schoenaerts herinnert er fijntjes aan dat De Clerck vorig jaar bij de vorming van de regering-Dehaene II rekende op de portefeuille landbouw en middenstand. Toen hij op Justitie belandde, claimde De Clerck maar liefst drie maanden om zich in te werken. Pikant detail: Julie en Melissa, twee dodelijke slachtoffers van Dutroux en zijn handlangers, werden ontvoerd een dag nadat De Clerck aantrad.

Het was in de ogen van Schoenaerts en Eliaerts al een hele vooruitgang dat De Clerck er niet een of meer beleidsterreinen bijkreeg. Zijn voorganger Wathelet, een Waalse christen-democraat, 'deed' ook economische zaken en was tevens vice-premier. Nog bonter was het palet van diens liberale voorganger, wijlen Jean Gol. Die was ook vice-premier, behartigde de buitenlandse handel en hield zich bovendien bezig met staatshervorming - zo ongeveer de meest tijdrovende klus in België. Gol was “een grote ramp”, vindt criminoloog Eliaerts. Zo ongeveer oordeelt advocaat Schoenaerts over ex-minister Wathelet.

De nimmer ophoudende communautaire twisten, ofwel de ruzies tussen Walen en Vlamingen, slokken volgens Schoenaerts bergen geld, tijd en energie op, ten koste van onder meer de misdaadbestrijding. “Nu praat iedereen over pedofilie, maar wat te denken van de mafia die hier al lang de vrije hand heeft?”

In de jaren tachtig zaaide de Bende van Nijvel dood en verderf bij een lange reeks overvallen, in 1991 werd de Waalse toppoliticus André Cools vermoord, vorig jaar werd de veearts Karel van Noppen doodgeschoten door wat in België de 'hormonenmafia' heet, en nog maar een paar weken geleden werd een zoveelste overval met dodelijke afloop gepleegd op een geldkoerier.

Geen van deze zaken werd opgelost. Volgens criminoloog Eliaerts is dat mede te wijten aan de tweespalt in het land. “De Bende van Nijvel pleegde op een gegeven moment in één nacht twee overvallen: één in Vlaanderen, één in Wallonië. Bewust aan beide zijden van de taalgrens omdat men wist dat de opsporingsdiensten niet met elkaar zouden kunnen samenwerken.”

Pogingen om lessen te trekken uit deze schokkende reeks onopgeloste misdaden stuiten steevast op verzet van de magistratuur zelf. Zo blokkeerden topmagistraten dit jaar een onafhankelijk onderzoek dat minister De Clerck wilde laten instellen naar de blunders die het onderzoek naar de Bende van Nijvel ontsierden. Eliaerts:, “De magistratuur laat zich nauwelijks hervormen. Zij duldt geen enkele inmenging. Bij iedere poging daartoe gaan alle stekels recht overeind.”

Advocaat Schoenaerts springt op en stampvoet door zijn bureau als het arbeidsethos van de Belgische rechter ter sprake komt: “Ze zijn, uitzonderingen daargelaten, niet alleen onbekwaam maar bovendien ronduit lui. Ik ken een rechter die van paardrijden houdt en die sport professioneel kan beoefenen. Sommige Hoven van Beroep houden twee middagen per week zitting, vier zaakjes per middag. En dat 'werk' wordt dan ook nog verdeeld onder drie rechters, die om drie uur beginnen en om half zes weg zijn, en nooit een dossier mee naar huis nemen. En dan ziet ge het: ge moet hier vijf jaren wachten op een uitspraak in hoger beroep.”

Bovendien, zegt Schoenaerts, gaat het in de rechtszaal zelden over de inhoud van de zaak, maar vooral om procedureslagen: “De Belgische rechter heeft geen oog voor het materieel recht; als de zaak formeel maar in orde is, dan is het goed.” Eén verkeerde komma kan het pleidooi van de advocaat volkomen waardeloos maken. “Als je bij een Nederlandse kantonrechter komt en er zit een vormfout in je papieren, dan is de reactie: meester, formeel is dat niet juist, maar ik kan de inhoud van uw pleidooi aanvaarden. In België worden procedurefouten dankbaar aangegrepen om zich vooral niet over de inhoud van de zaak te hoeven uitspreken.”

Eliaerts bevestigt de litanie van de advocaat: “Een Belgische magistraat doet liever niets dan dat hij fouten maakt; wie geen fouten maakt, wordt ook niet berispt of bestraft.” De criminoloog voert wel verzachtende omstandigheden aan: Belgische magistraten worden karig betaald ten opzichte van hun collega's in de omringende landen, en zeker in verhouding tot advocaten en juristen die goud verdienen in het bedrijfsleven. Een vermaard Belgisch rechtsgeleerde schreef jaren geleden al een krachtig recept voor: halveer het personeelsbestand in de magistratuur en verdubbel de wedde van de overblijvers. Dat verhoogt de kwaliteit.

Komt het ooit nog goed met de Belgische justitie? De advocaat en de criminoloog hebben er een hard hoofd in. Met enige afgunst kijken ze naar Nederland, waar de IRT-affaire weliswaar een hoop ellende aan het licht bracht, maar waar nu wel 'zuiveringen' plaatsvinden in de rangen van Justitie en politie.

“In Nederland durft men te veranderen, hier niet”, zegt advocaat Schoenaerts, die zijn bewondering voor Winnie Sorgdrager niet onder stoelen of banken steekt: “Jullie minister weet van wanten. Ze weet waarover zij het heeft.” Ook Eliaerts zou een stoelendans, zoals binnen het Nederlandse opsporingsapparaat, toejuichen, maar weet dat het in België op dit moment niet haalbaar is: “Er zitten hier nog honderden mensen x jaar op hun stoel.”

De Belgische regering heeft nu, onder druk van de geschokte publieke opinie, in allerijl een reeks maatregelen afgekondigd. Maar sommige daarvan zijn bepaald niet nieuw en andere zijn lucht omdat het benodigde geld nog niet is gevonden. Het haastpakket stuit op grote scepsis bij de advocaat en de criminoloog. Eliaerts: “Het nu beloofde penitentiair centrum voor seksueel delinquenten hadden we dertig jaar geleden al. Maar vanwege het cellentekort werd het een gewone gevangenis.”

De uitbreiding van de hulp voor slachtoffers van geweldsmisdrijven wordt door advocaat Schoenaerts weggehoond: “Het fonds dat daarvoor beschikbaar was, wordt stelselmatig door de regering leeggeplunderd. Het wordt misbruikt om de staatskas te spekken. Dat noem ik pervers. De regering belooft nu een half miljard frank per jaar voor rechtsbijstand en haalt tegelijk een veelvoud daarvan uit de bestaande fondsen. Een roversbende is het! In Nederland zou dat een groot schandaal veroorzaken. Hier hoor je er niemand over.”

Bij iedere nieuwe macabere vondst in de zaak-Dutroux klinkt de roep om orde en gezag. Tegelijk zijn de Belgen niet bepaald het meeste gezagsgetrouwe volk in Europa; zij hebben doorgaans weinig op met regels en wetten. Schoenaerts: “België is een geuzenland. De regering zien we als een onweer dat over het land trekt; als het dekreten regent, zien we die bij voorkeur op het hoofd van de buurman neerkomen.” De advocaat hoopt dat nu eindelijk eens het failliet van het Belgische rechtssysteem zal worden uitgesproken. Maar Schoenaerts betwijfelt of de zaak-Dutroux de druppel zal zijn die de emmer doet overlopen.

Criminoloog Eliaerts twijfelt niet; hij wéét dat ook de zaak-Dutroux niets zal veranderen: “Nu roept men om herinvoering van de doodstraf. Dat zien we na iedere grote affaire. In mijn 25-jarige carrière heb ik om de drie jaar moeten opdraven om voor de camera's over de doodstraf te spreken. Maar steeds zakt de belangstelling weer als een pudding in elkaar. Morgen praten we weer over de verhoging van de benzineprijs met twee frank.”

Bron » www.trouw.nl

Hoe maak je in Belgie een advocaat die zich té veel roert monddood? Heel simpel, door er de fiscus op af te sturen. Je zou dan kunnen opwerpen, so what, indien die advocaat zich netjes aan de regels houdt moet hij de fiscus toch niet vrezen.

Geruime tijd geleden hadden wij een gesprek met een advocaat die een slachtoffer van de Bende vertegenwoordigt. Hij had in de pers een paar uitspraken gedaan die "het gerecht" niet bepaald kon smaken. De jaren nadien kreeg hij zes keer bezoek van de fiscus ... met de nodige gevolgen.

Eigenaardig genoeg vond ik hetzelfde terug in een artikel over Bruno Schoenaerts door Hilde Sabbe.

Bruno Schoenaerts: “Mijn gastheer heeft gisteren het bezoek gekregen van de fiskus. De helft van de aangekochte wetboeken is verworpen als niet bewezen kosten. Het inkomen is immers niet afhankelijk van de aanschaf van enig wetboek. Maar de kontroleur was mild. Sluiks werd de helft toegestaan. Zijn kollega op een andere rechtbank heeft minder geluk. De rechters werden daar door hun korpsoverste voor de keuze gesteld: ofwel kopen we wetboeken, ofwel toiletpapier."

Bron » users.skynet.be

Bovenstaand citaat heeft een andere context maar bewijst dat de fiscus blijkbaar in staat is wetboeken te verwerpen als zijnde een noodzakelijke kost.

107

Wie alles uit het hoofd kent, heeft geen boeken nodig. tongue

108

coconut wrote:

Hoe maak je in Belgie een advocaat die zich té veel roert monddood? Heel simpel, door er de fiscus op af te sturen. Je zou dan kunnen opwerpen, so what, indien die advocaat zich netjes aan de regels houdt moet hij de fiscus toch niet vrezen.

Geruime tijd geleden hadden wij een gesprek met een advocaat die een slachtoffer van de Bende vertegenwoordigt. Hij had in de pers een paar uitspraken gedaan die "het gerecht" niet bepaald kon smaken. De jaren nadien kreeg hij zes keer bezoek van de fiscus....met de nodige gevolgen.

Zelfs bij de Procureur Generaal geroepen te Gent met een rond de pot van Olen draaiende duidelijke boodschap.

109

Welkom in Hotel Dutroux

Op maandag 3 maart 2003 begonnen voor de kamer van inbeschuldigingstelling (KI) in Luik de debatten over wie nu al of niet naar het assisenhof moest worden doorverwezen in het dossier-Dutroux. Paul Marchal, vader van de vermoorde An, wil nog een paar extra verdachten op de beklaagdenbank, onder wie een naamgenoot: de vroegere Blankenbergse hoteluitbater Marcel Marchal. Wie is die andere Marchal? 'Een doodbrave burger', zegt zijn advocaat Pierre Chevalier. Een mensenhandelaar met banden met de Bende van de Miljardair, zegt het vergeten Brugse strafdossier. Een kennis van Marc Dutroux, zegt het vergeten deel van het dossier in Neufchâteau. 'De man in wiens hotel ik die avond An en Eefje zag binnengaan', zegt de buurman. Kroniek van een hopeloos onvolledig onderzoek.

Als hem vooraf was gezegd dat dit hem een hartinfarct, een schadeclaim van 5 miljoen frank en de sluiting van zijn winkel zou kosten, dan had slager V. uit Blankenberge de deur niet geopend. Het was 5 maart 1996, kwart voor acht 's ochtends. Slapen had V. vanwege het gebonk en het gekrijs achter de dunne muren nauwelijks gekund. Op de stoep zat nu een Portugees sprekend tienermeisje dat zich met een hysterische huilbui aan de 59-jarige beenhouwer vastklampte. "Ze riep help police!", zegt V. Enkele seconden later stond zijn buurman-hoteluitbater in zijn winkel. "Hij gaf haar vier meppen en riep dat ze 'van hem was'. Ik heb toen de rijkswacht gebeld."

Later op de dag worden hoteluitbater Marcel Marchal en zijn echtgenote gearresteerd op last van de Brugse onderzoeksrechter Denolf. Het Braziliaanse meisje legt in een 23 pagina's lange verklaring uit hoe ze naar België is gelokt om in het hotel te werken als kamermeisje, maar hoe die functie werd heromschreven tot 'iets drinken met de klanten en dan mee naar boven gaan'.

An en Eefje gezien

Marcel Marchal is een in 1957 in Schaarbeek geboren Belg, die een lange tijd in Duitsland en Brazilië rondzwierf alvorens begin 1995 in het centrum van Blankenberge Hotel Brazil te openen. Hotel of bordeel? Dat is tot vandaag een punt van discussie. Slager V.: "Zodra Marchal weer uit de cel kwam, veranderde mijn leven in een hel. Vechtpartijen, dreigementen... Hij gooide vanuit het raam ooit een soort zuur naar mijn hoofd en zei me, telkens als ik er langs kwam, tergend traag: 'Tu es mort.' Elke dag was er wat. Ik durfde mijn huis niet meer uit. Na een jaar kwam dat hartinfarct en heb ik mijn zaak gesloten.

"U diende geen klacht in? "Jawel, dertig of veertig keer. Op het commissariaat stuurden ze me altijd naar agent C., 'want die deed die zaak'. C. kende ik goed. Ik heb hem tientallen keren dat bordeel zien binnengaan. Hij was goed bevriend met Marchal en kreeg daar gratis Duvel. Al mijn aangiften verdwenen in zijn prullenmand. In juli 1996, nadat ik was ontslagen uit het ziekenhuis, werd ik weer opgewacht door Marchal en een kompaan. Ze sloegen me neer en stampten op mijn borst. Ik belde dokter en politie, voegde het doktersattest toe aan de klacht. 's Anderendaags wachtte Marchal me op straat op. Hij zwaaide triomfantelijk met het origineel van dat doktersattest."

Slager V. is een getormenteerd man, die alle kenmerken vertoont die uit de hand gelopen burenruzies nalaten. Mensen in de buurt omschrijven hem als zo iemand die voor elk akkefietje de politie belt en die ook meteen van corruptie beschuldigt als die de oorzaak van zijn onvrede niet meteen in de boeien klinkt. Op één punt is wat mijnheer V. zegt echter verifieerbaar. Wanneer twee collega's van C. op 20 maart 2001 worden verhoord door de federale politie van Neufchâteau, klinkt dat zo: 'Zij bevestigen dat C. inderdaad zeer dikwijls bij Marchal in het hotel zat, maar zelden om dienstredenen... Zij zeiden ons dat ze nu wel begrijpen waarom Marchal nooit werd vervolgd voor de feiten waarvan V. het slachtoffer werd.'

Een van de vele aangiften waarover V. beweert dat ze in de prullenmand belandden, zou moeten dateren van eind augustus 1995: "Dat was nadat ik 's ochtends Het Laatste Nieuws had zitten lezen. Daar stonden foto's van de enkele dagen eerder aan de kust verdwenen An Marchal en Eefje Lambrecks. Ik herkende ze meteen. Ik had ze de avond van hun verdwijning rond middernacht voor het hotel gezien (leidt ons mee naar het voetpad voor zijn deur, ddc). Hier stond Marchal, in het midden de twee meisjes en daar Marc Dutroux. Ik kon toen geen naam plakken op dat gezicht, maar ik had die vent wel al een paar keer gezien in het hotel."

"Het was daar altijd een komen en gaan van Braziliaanse, Afrikaanse of Oostblok-meisjes. Die avond zag ik hoe twee blanke, zo te zien gewone Vlaamse meisjes naar binnen werden geleid. Dat viel me op. Ik heb verder niets gezien en niets te vertellen. Het is best mogelijk dat die twee meisjes een minuut later weer zijn buiten gegaan. Weet ik veel."

Hotel Brazil lag exact 35 meter verwijderd van het casino waar An en Eefje in de avond van 22 op 23 augustus 1995 als proefkonijnen dienden in de hypnoseshow van Rasti Rostelli. In de 'reconstructie' die justitie maakte van hoe zij naar de tramhalte stapten, zitten tot vandaag enkele gaten. Bij het verlaten van het casino worden ze om 23.45 uur gefilmd door een bewakingscamera. Het is echter al 00.45 uur wanneer ze in de tram richting Oostende stappen. Ze laten daarvoor twee trams vertrekken die hen naar Westende hadden kunnen brengen, waar ze met een groep vrienden uit Hasselt verbleven. De tram van 00.45 uur zou niet verder gaan dan Oostende, waardoor de meisjes te voet verder moeten.

De rest van het verhaal is grotendeels bekend. An en Eefje worden ergens in Oostende - de exacte plaats is onbekend - gekidnapt door Dutroux en Michel Lelièvre. Een jaar later worden hun stoffelijke resten teruggevonden in Jumet.

Een geweldig toeval

De begrafenissen in Hasselt zijn al voorbij wanneer op 1 oktober 1996 plots speurders uit Neufchâteau aanbellen in Hotel Brazil. Ze zijn gewapend met een huiszoekingsbevel van onderzoeksrechter Jean-Marc Connerotte. Het is niet de getuigenis van V. (die men in Neufchâteau dan nog niet kent) die hen hierheen heeft geleid, maar een vodje papier dat op 24 augustus 1996 is aangetroffen in Dutroux' huis in Marcinelle. Daarop staat: '050/42.63.82 - Marcel - Hotel Brazil - Blankenberge - Avant 8h - 12h à 13h - après 18h.' Het handschrift is van Dutroux.

Dat is allemaal één groot toeval, zegt Marcel Marchal wanneer hij wordt verhoord. Een jeugdvriend van hem, ene Nicolo M., is een marginale figuur uit Charleroi, die in autowrakken deed en zo al een paar keer bij Dutroux in Sars-la-Buissière was aanbeland. Nicolo M. kwam er blijkbaar vaak. Op dag 1 van de zaak Dutroux, 13 augustus 1996, is hij er aanwezig wanneer Dutroux er wordt gearresteerd. M. verblijft meestal in Hotel Brazil in Blankenberge.

Marchal zegt zelf ook al eens op visite te zijn geweest bij Dutroux. Hij zegt dat hij toen in een naburig café werd aangesproken door Dutroux' buurman. 'Die vroeg me of ik voor hem een paar vrouwen kon vinden, ik heb geantwoord dat ik mij niet bezig hou met vrouwenhandel', legt Marchal op 16 oktober 1996 uit. Het is de laatste keer dat de speurders de kans krijgen hem iets te vragen. Kort daarna verlaat hij België en hangt er een groot bord 'Te koop' voor Hotel Brazil. Twijfels blijven, onder meer over de notitie 'Photo porno avec enfant' die tijdens de huiszoeking in de agenda van Marchal is opgemerkt.

Bij burenruzies heb je bepaalde zekerheden. Als buurman A hoort dat er bij B een huiszoeking is verricht in het kader van de zaak Dutroux, kun je er donder op zeggen dat in een mum van tijd de hele buurt op de hoogte is. Dat gebeurt in de Langestraat te Blankenberge niet. V. heeft niets gemerkt van de huiszoeking. Van zijn kant lijkt Marchal V. ervan te verdenken dat hij naar de groene lijn van Connerotte heeft gebeld, of zoiets.

Met zijn spaargeld heeft V. aan de overzijde van de straat een flatgebouw opgetrokken. Een van zijn huurders daar heet Luz Oral Espina. Op 7 augustus 1993 was de tot Belg genaturaliseerde Filippijnse ex-prostituee een bekende Belg. Samen met Knack-journalist Chris De Stoop hield ze een korte, geëmotioneerde toespraak tijdens de begrafenis van Koning Boudewijn. Luz Oral Espina was kroongetuige in het boek 'Ze zijn zo lief mijnheer', en ook in het gerechtelijke en parlementaire onderzoek tegen de Bende van de Miljardair, het grootste netwerk van vrouwenhandel dat ooit in de lage landen werd blootgelegd.

Het is 10 oktober 1996, negen dagen na de huiszoeking bij Marchal. In de keuken van V. zit Luz Oral Espina met hem achterstallige huur te bespreken. De telefoon van V. gaat. Aan de lijn hangt Luz' ex-echtgenoot Patrick Van den Berghe.

Die laat V. weten dat hij nu echt wel moet uitkijken met Marchal. Hij heeft met een Duitse huurmoordenaar contact opgenomen om voor eens en voorgoed een einde te maken aan al dat geklik bij de politie. En dus belt V. de rijkswacht. In aanwezigheid van eerste wachtmeesters Eddy De Klerck en Dirk Loeys vormt hij opnieuw het nummer van Van den Berghe, en zet hij de luidspreker op. In pv 101.240 melden de rijkswachters: 'Wij horen duidelijk dat Van den Berghe zegt dat Marchal Marcel aan een zekere Jurgen heeft gevraagd om V. te vermoorden. Van den Berghe herhaalt dit tijdens het gesprek wel drie keer.' Later verduidelijken ze: 'Van den Berghe deelde ook mee dat Marchal een goede kennis was van Dutroux, en dat ze samen zaken deden op het gebied van mensenhandel.'

Een grap? Een macabere toevalligheid? In september 1998 komt in Neufchâteau een eindeloze correspondentie op gang tussen procureur Michel Bourlet en onderzoeksrechter Jacques Langlois, waarbij Bourlet redenen opsomt om het Blankenbergse spoor verder uit te spitten, en Langlois om dat vooral niet te doen. Bourlet legt uit dat er naast V. ook nog een mevrouw is die An en Eefje die nacht, vergezeld van "enkele mannen", in de richting van het hotel zag lopen. Er is ook een Blankenbergse prostituee die (anoniem) getuigt dat de ontvoering van An en Eefje gebeurde "in opdracht van het milieu".

In een brief van 30 september 1998 stelt Bourlet zich ook vragen bij de medewerking die hij kreeg van de lokale politiediensten in Blankenberge. Die hebben niet alleen - per ongeluk - de in maart 1995 in beslag genomen bezoekersfiches van Hotel Brazil zoek gemaakt, ze hebben Neufchâteau op 15 oktober 1996 ook laten weten dat Marcel Marchal 'al geruime tijd niet meer in Blankenberge vertoeft'. Bourlet: 'Hij is door onze diensten nog verhoord op 16 oktober 1996!'

Het zal uiteindelijk duren tot maart 2001 voor Langlois ermee wil instemmen om nog een paar zaken te laten verifiëren. Maar dat valt moeilijk. Volgens de laatste berichten zit Marchal ergens in Brazilië. Nicolo M. is van de aardbol verdwenen. Jurgen, de 'huurmoordenaar', zit in Duitsland een zware celstraf uit voor... moord. Patrick Van den Berghe? Die zit in Spanje. Ook in de gevangenis. Drugshandel. Een en ander geeft minstens een vage impressie over hoe beenhouwer V. aan zijn hartinfarct kwam.

Hij zegt dat u al zijn klachten in de prullenmand gooide. Politieagent C.: "Dat is pure laster. Dit draaide allemaal om een uit de hand gelopen burenruzie. Geloof mij: mijnheer Marchal was een doodbrave burger en mijnheer V. een ambetanterik." Herinnert u zich iets van een melding over An en Eefje? "Niets, maar het zou me niets verbazen als mijnheer V. nu komt beweren dat ik ook die klacht zou hebben genegeerd. Kom zeg..." U kwam vaak in Hotel Brazil? "Ja, maar uitsluitend in dienstverband. Voor het overige wens ik geen commentaar te geven."

Hotel of bordeel?

Marcel Marchal had een advocaat: VLD-kamerlid en oud-staatssecretaris Pierre Chevalier. Hij zal op zeker ogenblik per deurwaarder een schadeclaim van 5 miljoen frank laten afleveren bij V. voor 'gepest en getreiter'. Chevalier blijft erbij dat zijn cliënt een bovenste beste kerel was en diens buurman een stalker. "Het enige wat telt", zegt Chevalier, "is het vonnis van de rechtbank in Brugge over dat dossier-mensenhandel. Marchal is toen bij verstek vrijgesproken. Hebt u daar ooit al van gehoord, van iemand die bij dergelijke aanklachten bij verstek wordt vrijgesproken? Dat geeft toch een idee? Dat dossier was een lege doos. Het enige wat daarin stak, was laster."

Een ex-BOB'er die destijds het onderzoek hielp voeren: "Toen de zaak voor de rechtbank kwam, was dat Braziliaanse meisje verdwenen. Nergens nog een spoor van terug te vinden. Het hof werd geconfronteerd met lege bankjes aan beide kanten, zoals in dossiers van mensenhandel wel vaker gebeurt. De verdachte was het land uit, de klaagster ook. Daarom werd geen veroordeling uitgesproken."

Was Hotel Brazil nu een bordeel of een hotel? Een blik in het dossier 32/96 van onderzoeksrechter De Nolf geeft een idee. In het hotel is in 1995 een reeks brieven in beslag genomen waarin Marchal met een man in Brazilië overlegt over de "import" van Braziliaanse vrouwen in België. Zijn telefoonverkeer is nagetrokken. Een van de mensen waarmee hij om de haverklap aan de lijn hangt, is Robert Theuns. Theuns was de eigenaar van het Gentse cabaret City Corner en werd in 1998 veroordeeld als een van de kopstukken op het proces tegen de Bende van de Miljardair.

Het was in Theuns' cabaret dat Luz Oral Espina ooit aan de slag moest als 'karakterdanseres', een bestaan waarvan ze werd bevrijd doordat een klant, Patrick Van den Berghe, verliefd op haar werd. Hij moest haar wel 'vrijkopen'. Ook het Braziliaanse meisje dat slager V. die ochtend in zijn zaak aantreft, is het voorwerp van een 'contract' met een Belg die haar met een maandelijkse afbetaling zou 'kopen'. Hetzelfde overkwam in 1984 een andere karakterdanseres in de City Corner. De Braziliaanse Maria Dos Santos werd er diep in de ogen gekeken door een oudere man die haar zou 'kopen' en huwen. Hij heette Victor en is de vader van Marc Dutroux.

Banden tussen de Bende van de Miljardair en verdachten uit het dossier-Dutroux? Die werden al eerder gelegd. Een ex-portier van een van de vele cabarets van de Bende meldde zich al in 1996 in Neufchâteau met de mededeling dat oplichter Michel Nihoul een erg goede kennis was van Marc Verbesselt, een van de absolute kopstukken.

Het is 17 maart 2001 wanneer Luz Oral Espina wordt ondervraagd door Neufchâteau. Zij sluit zich resoluut aan bij de stelling van agent C. en Chevalier. "Ik heb hier nooit iets van gemerkt", antwoordt ze op de vraag of Hotel Brazil een bordeel was. 'Ik heb nooit iets gezien dat in die richting zou wijzen.' Ook van het telefoongesprek, nochtans bijgewoond door twee rijkswachters, kan ze zich niets herinneren: 'Voor mij is hetgeen u aanhaalt nooit gebeurd.'

Aangezien zij buiten slager V. zowat de enige is die nog kon worden teruggevonden en Dutroux desgevraagd zweert "nooit een voet in dat hotel te hebben gezet", is de zaak voor Langlois tegen 15 juni 2001 glashelder. Hij stuurt een brief naar Bourlet: 'Wat de aanwezigheid van Dutroux, Marchal en An en Eefje in Hotel Brazil betreft, stel ik vast dat deze informatie in strijd is met de verklaringen van de twee verdachten, Dutroux en Lelièvre (...) en geformuleerd is in een conflictueuze context tussen Marchal en V. (...). Ik ben niet van plan om een rogatoire commissie naar Spanje te sturen om Patrick Van den Berghe te verhoren.' Einde van het onderzoek.

Er was nog iets

Tijdens de debatten voor de raadkamer in Neufchâteau eiste Paul Marchal dat naast de andere verdachten ook Rasti Rostelli, diens cameraman, café-uitbater Ernst Van Kruchtem én Marcel Marchal zouden worden doorverwezen naar het assisenhof in de zaak Dutroux. "Niet omdat ik sta te roepen dat al die mensen tot 'een netwerk behoren', zoals sommigen graag beweren, maar omdat die mensen valse verklaringen hebben afgelegd", zegt Paul Marchal. "In het dossier vult men bijvoorbeeld het 'gat' tussen 23.45 en 00.45 uur op door te beweren dat An en Eefje, na door de bewakingscamera te zijn gefilmd, zijn teruggekeerd naar het casino. Om een videoband van de hypnoseshow te kopen. Het management van Rostelli had daar zo'n standje en houdt vol dat de meisjes een band hebben besteld. Dat is gelogen. Nergens is een bestelbon teruggevonden. Bovendien hadden An en Eefje de nodige 1.100 frank niet op zak. Ze waren zo goed als blut. Ze waren ook perfect op de hoogte van de uurregeling van de tram. Daar hadden ze de vorige dag in Westende nog over zitten discussiëren met hun vrienden. Ik vraag me nu al jaren af waar dat gemanipuleer voor nodig is."

De raadkamer in Neufchâteau veegde op 17 januari veel van de tafel, maar beaamde wel dat er te weinig geweten is over de rol van Marcel Marchal en de drie anderen. De raadkamer oordeelde dat een en ander in het zogeheten dossier-Dutroux-bis moet worden heronderzocht. Paul Marchal en zijn advocaten willen zo lang niet wachten en gaan maandag voor de KI in Luik de doorverwijzing van het viertal bepleiten. "Wij willen gewoon de kans krijgen om hen de vragen te stellen die gesteld moeten worden. In de dagen voor hun verdwijning liepen enkele figuren uit het zware nachtleven aan de kust achter An en Eefje aan. Dat staat allemaal in het dossier. We weten ook dat Dutroux vaak in Blankenberge kwam, dat hij daar een boel mensen kende. Ik koppel hier geen 'theorie' aan vast. Ik wil gewoon weten wat er met mijn dochter is gebeurd."

Overdreven veel vlijt kan de speurders in Neufchâteau op dat punt niet worden verweten. Als je wilt begrijpen hoe het kan dat Luz Oral Espina niets merkte van wat er in Hotel Brazil gebeurde, lijkt het een logische reflex om Patsy Sörensen te bellen. De speurders deden het niet. Wij wel.

In de zomer van 1996 logeerde Sörensens dochter Julie De Ceuster, toen achttien, bij Luz. Ze had een vakantiejob aan de kust, en dat leek een handige oplossing. "Ik heb daar twee dagen gezeten", zegt Julie De Ceuster. "In dat appartement dus, recht tegenover dat hotel. Ik had er al meteen een heel naar gevoel. Ik vertrouwde die Van den Berghe niet, en die lui errond ook niet."

In de avond van 2 juli 1995 rijdt De Ceuster met de fiets via de kustbaan, de plek waar Dutroux en Lelièvre zeven weken later de achtervolging inzetten op An en Eefje. "Opeens reed een auto naast me", vertelt Julie. "De bestuurder gebaarde me te stoppen. Kwam er een andere wagen, dan versnelde hij en wacht hij me even verder op. Dat herhaalde zich een paar keer, ik schoot in paniek. Iets voor Blankenberge ben ik van mijn fiets gesprongen en over de kustbaan weggelopen. Ik heb me in de jachthaven verstopt. 's Avonds is Patsy uit Antwerpen overgekomen en zijn we naar de politie gestapt om aangifte te doen." Er is één klein ding. Toen Julie De Ceuster een jaar later op tv de beelden van Marc Dutroux zag, herkende ze hem meteen: "Dat was die man in de auto. Wij hebben toen wat geïnformeerd en kregen te horen dat dat niet kon, aangezien Dutroux toen in het buitenland zat. De nummerplaat die ik had onthouden, verwees volgens de politie van Blankenberge naar een vrachtwagen. Dat was het dan."

Julie De Ceuster, inmiddels zelf actief in de strijd tegen de illegale prostitutie, heeft na al die jaren nog altijd enige schroom om het te vertellen. "Dan zeggen ze: 'Ja ja, Marc Dutroux in Blankenberge. Het zal wel.' Nu, niemand hoeft mij te geloven."

Het dossier-Dutroux telt inmiddels 400.000 pagina's. Voor een kopie van de klacht van Julie De Ceuster was helaas geen plaats.

Bron: De Morgen | Douglas De Coninck | 1 Maart 2003

110

Wat belangrijk was en onderzocht moest worden mocht niet onderzocht worden. Daarom ook het dossier Dutroux bis, waar niets mee gedaan is om netwerken buiten schot te houden want daar komen interessante namen in voor maar die genieten bescherming van hogerop. Het is overduidelijk dat in dit dossier justitie bewust gefaald heeft.