Re: Thierry Sliman
“Uit de Franse dossiers bleek dat de broers Sliman in de jaren tachtig opereerden in een min of meer vaste ploeg van zes criminelen.” (…)
Dit roept bij mij de vraag op of Patrick Verdin tot die min of meer vaste ploeg van zes criminelen behoorde. Zo ja, dan vlak ik Verdin niet uit als belangrijke getuige in de zaak van de Bende van Nijvel.
Zal Verdin in zijn boek ‘losgaan’ over Waver, Eigenbrakel, Overijse en Aalst. Dát is de vraag die mij bezighoudt.
Ik snap die plotse adoratie voor (ex-)gangster Patrick Verdin niet zo goed, de-wow-antwoordt-op-mijn-berichtje-factor?
Het boek ‘De laatste leugen’, waarin Robert Beijer zichzelf openlijk wegzet als zware crimineel, bevat een schat aan (in)directe informatie over zijn wedervaren en dat van Madani Bouhouche, mede in relatie tot ‘het raadsel Bende van Nijvel’. De melding van Patrick Verdin, dat er sprake was contact tussen Xavier Sliman en een ex-gendarme zou, in het geval Verdin deze stelling nader zou concretiseren (in zijn nog uit te geven boek), van wezenlijke betekenis kunnen zijn voor het oplossen van voormeld raadsel, mede indachtig de aanwezigheid van een foto van Thierry Sliman bij het (politiële) opsporingsbericht van 04-10-1982 over de overval op wapenhandelaar Daniel Dekaise in Waver, op 30-09-1982, als we ex-BOB’er Jean-Pierre Adam mogen geloven?.
Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat Robert Beijer in zijn boek De laatste leugen, meermaals balanceert op de grens tussen enerzijds zijn in dat boek afgestoken verhaal en anderzijds het verhaal over de wereld van de Bende van Nijvel, hoewel dat laatste verhaal naar mijn mening wel (deels) op een min of meer verkapte wijze door Beijer in zijn boek lijkt te worden verteld.
Zijn lezing over de voorbereidingshandelingen voor het afpersen van de directie van de GB-supermarkten en het in dat kader opblazen (vermoorden!) van (volwassen en jeugdige(!)) GB-supermarktbezoekers (1984), de dodelijke roofoverval op Zaventem op 26-10-1982, de diefstal van gesofisticeerde wapens bij het SIE/Groep Diane (begin 1982), verraden de kunst om (zeer) complexe situaties met succes het hoofd te kunnen bieden, zónder daarbij sporen van wezenlijke betekenis achter te laten of zelf aan opruiming van achtergelaten sporen te doen. De kunst om wel voorbereid (zeer) complexe situaties met succes het hoofd te kunnen bieden, zónder daarbij sporen van wezenlijke betekenis achter te laten of zelf aan opruiming van achtergelaten sporen te doen, past uitstekend in het plaatje van de Bende van Nijvel.
Dat (zeer) complexe situaties door Bouhouche, Beijer en anderen het hoofd konden worden geboden, zal ongetwijfeld mede te maken hebben gehad met een bepaalde kennisvoorsprong die zij hebben opgebouwd tijdens hun werkzaamheden voor en tegen(!) de politiedienst, tot hun ontslag daaruit, in 1983.