1,121

(3 replies, posted in 1980-1989)

Samenvatting

  • Wat? Overval op een GB-supermarkt

  • Wanneer? 22 Maart 1986

  • Waar? Boondaalsesteenweg 444 in Elsene » Google Maps

  • Wie? Drie gemaskerde mannen

  • Status: Onbekend

Nerveuze gangsters overvallen supermarkt te Elsene

Gewapende gangsters hebben zaterdagavond opnieuw een overval gepleegd op een warenhuis in de Brusselse regio. Zoals dat het geval was bij de moordende overvallen door de “Bende van Nijvel” was ook hier de buit gering. Maar daarmee houdt ook elke vergelijking op met de gruwelijke moordaanslagen die door de Bende van Nijvel gepleegd werden. De overval van zaterdag verliep eerder amateuristisch en de gangsters bleken bijzonder nerveus te zijn. Na de overval veroorzaakten de gangsters immers een aanrijding met de wagen waarmee zij op de vlucht sloegen.

Gezien het vreselijke bloedbad dat de Bende van Nijvel pleegt te veroorzaken verwekte de overval heel wat paniek. Gewapende gangsters drongen omstreeks 18u de supermarkt GB aan de Boondaalse Steenweg te Elsene binnen. Zij waren gewapend met pistolen en droegen hoofdkappen. Uiteraard dachten de klanten aan de Bende van Nijvel.

De tactiek die gebruikt werd door de overvallers van zaterdag verschilt echter fundamenteel van het optreden door de Bende van Nijvel. Om de aanwezigen af te schrikken gooiden de overvallers een reeks knalbussen. Een van de gangsters vuurde ook tweemaal in het plafond, zonder iemand te raken. Van de ontstane paniek konden de overvallers gebruik maken om de kassa's te ledigen. De opbrengst van de overval wordt op niet meer dan 250.000 fr. geraamd.

De daders bleken overigens behoorlijk nerveus te zijn. Na de overval vluchtten zij weg met een witte Volkswagen die, zoals later bleek, voorzien was van valse nummerplaten. Bij het starten kwam het nog tot een lichte botsing met een aankomende wagen, iets wat duidelijk illustreert dat de overvallers last hadden van “zenuwen”.

Bron: Gazet van Antwerpen | 24 Maart 1986

Overval

Zaterdagavond, toen het vermoeden steeds groter was geworden dat de Belgische justitie inderdaad leden van de Bende van Nijvel in het net had, werd een overval gepleegd op een supermarkt, de Super-GB, in de Brusselse gemeente Elsene. Drie gewapende en gemaskerde mannen stormden om tien minuten over zes de GB binnen, schoten hun wapens leeg in het plafond en haalden de kassa’s leeg. Zij vertrokken met een buit van 250.000 fr. De vraag is nu of deze overval opnieuw een alibi moet verschaffen aan leden van de Bende van Nijvel, die zich in de gevangenis bevinden en wie de kans geboden wordt hun bekentenissen in te trekken.

Bron: De Stem | 24 Maart 1986

1,122

(3 replies, posted in Organisaties)

Vereniging tegen afslachting jonge zeehonden opgericht

De nieuwe vereniging van de Vrienden van de Stichting Franz Weber te Montreux (Zwitserland) die sedert jaren een campagne voert tegen de afslachting van jonge zeehonden, voornamelijk in Canada, is woensdagmiddag op een persconferentie te Brussel voorgesteld.

Genoemde vereniging staat onder het voorzitterschap van Marc Menassa (Postbus 15, Sint-Lambrechts-Woluwe 4 te 1150 Brussel) en zal zich inspannen om de Belgische openbare opinie te sensibiliseren in de strijd tegen de afslachting van zeehonden.

Op de informatievergadering werd woensdag gezegd: “Als de mens in staat is om de mooiste dieren die op aarde leven te doden, enkel en alleen om hun vacht, dan is diezelfde mens ook in staat kinderen te doden”, aldus Frans Weber.

De actie van de Franz Weber-stichting tegen de uitmonding van jonge zeehonden zal als volgt worden uitgebouwd: vooreerst zal een grote betoging worden opgezet in Ottawa in maart e.k. en even voor de opening van de jacht op zeehonden zal het peterschap over jonge zeehonden worden ingesteld onder de slogan: “Een miljoen peters voor een miljoen zeehonden”. Ook zullen brochures en zelfklevers aan de man worden gebracht.

Ten slotte maakte Franz Weber bekend dat de eerste algemene zitting van de “Verenigde Naties der Dieren” in Genève zal worden gehouden op 27 en 29 november e.k. Op genoemde zitting zullen 60 vertegenwoordigers uit verscheidene landen aanwezig zijn. “De UNO zal zich bezighouden met het bestaansrecht van (bedreigde) diersoorten.”

Bron: De Standaard | 13 November 1980

1,123

(147 replies, posted in Westland New Post)

WNP’er ontkent schuld dubbele moord na mislukte zelfmoord

Christian Elnikoff, gewezen lid van de extreem-rechtse privé-militie Westland New Post, bekende in een brief aan de parlementscommissie over het banditisme en het terrorisme, dat hij de moordenaar was van Alphonse Vandermeulen en Francesca Arcoulin. Voor die dubbele moord werd WNP’er Marcel Barbier in 1987 veroordeeld tot levenslange dwangarbeid. In zijn brief schrijft Elnikoff dat Barbier onschuldig is en dat hijzelf de dubbele moord pleegde op vraag van WNP-leider Paul Latinus. Elnikoff werd, na een mislukte en erg stuntelige zelfmoordpoging, tijdens het voorbije weekend aangehouden. Sindsdien ontkent hij de dubbele moord te hebben gepleegd.

Een smakeloze grap van iemand die de parlementaire enquêtecommissie op een dwaalspoor wou duwen? Een laatste stunt van een idioot die de verwarring rond de WNP en de Staatsveiligheid wat groter wou maken dan ze al is? Of de biecht van een moordenaar, enkele minuten vooraleer hij hoopte te sterven? Men kan de brief van Elnikoff op verschillende manieren uitleggen.

Elnikoff sneed donderdagnamiddag enkele keren met een mes in zijn rechterarm. Nadien ging hij in zijn bad zitten. Hij trok een radiotoestel - dat aangesloten was op het elektriciteitsnet - in het badwater. Elnikoff stierf echter niet want de zekeringen van het elektriciteitsnet begaven het. En enkele minuten later kwam de politie - die hij zelf vooraf gewaarschuwd had - hem redden.

Elnikoff is een 59-jarige Fransman. Hij maakte ooit deel uit van de Franse OAS, de Organisation Armée Secrète, die zich in de jaren zestig verzette tegen de dekolonisatie van Algerije door generaal De Gaulle. Na de Algerijnse oorlog kwam Elnikoff naar België. Hij woonde in Etterbeek. Begin 1982 werd hij ingelijfd bij de WNP. Hij kende Latinus toen al enkele jaren.

Tijdens het voorbij weekend verklaarde Elnikoff dat hij al een tijdje erg “moe” was. De man zei geen rust te vinden en was eind vorige week vastbesloten zelfmoord te plegen. Vorige maandag schreef hij zijn afscheidsbrief, die hij niet alleen naar de parlementscommissie maar ook naar het gerecht en de criminaliteitsverslaggever van de Brusselse krant Le Soir stuurde.

In de brief schreef Elnikoff dat hij, samen met een andere man, op 18 februari 1982 de dubbele moord pleegde op Alphonse Vandermeulen en Francesca Arcoulin in hun flat aan de Herderliedstraat in Anderlecht. Een derde man stond volgen Elnikoff buiten op uitkijk.

“Ik heb het gedaan op vraag van Latinus die me zei dat Vandermeulen en Arcoulin vijanden waren. Ik heb ze twee keer vermoord (een keer met schoten uit een vuurwapen en een tweede keer met een mes, nvdr) zoals Latinus het gevraagd had. Latinnus had me gezegd dat ik niets moest vrezen en dat hij iemand anders had die als schuldige zou aangewezen worden. Dat was Barbier. Hij is onschuldig veroordeeld.”

Tijdens het voorbije weekend werd Elnikoff aangehouden. De gerechtelijke politie ondervroeg hem maar telkens ontkende hij wat te maken te hebben met de dubbele moord in de Herderliedstraat in Anderlecht. Het gerecht zei een psychiater te zullen aanstellen om Elnikoff te onderzoeken.

Bron: De Standaard | 17 Juli 1989

WNP’er beticht van moord

Parketwoordvoerder André Vandoren maakte gisterochtend bekend dat Christian Elnikoff, lid van de extreem-rechtse privé-militie Westland New Post, door onderzoeksrechter De Ruyver aangehouden werd. Elnikoff is beticht van moord.

Eind vorige week bekende Elnikoff in een brief dat hij de moordenaar was van Alphonse Vandermeulen en Francesca Arcoulin. Vandermeulen en zijn vriendin werden op een haast rituele wijze om het leven gebracht in hun flat aan de Herderliedstraat in Anderlecht op 18 februari 1982. Het Brabants assisenhof veroordeelde in mei 1987 WNP-lid Marcel Barbier voor deze dubbele moord tot levenslange dwangarbeid.

Elnikoff schreef dat Barbier onschuldig was. Na het verzenden van zijn brief wou Elnikoff zelfmoord plegen, maar dat mislukte.

Vandoren verduidelijkte dat Elnikoff sinds zaterdag verscheidene keren ondervraagd is door de gerechtelijke politie en steeds beweerde de dubbele moord niet gepleegd te hebben. Elnikoff zei zijn brief verstuurd te hebben naar magistraten, politiemannen en journalisten om een “maximum van publiciteit te krijgen”.

Bron: De Standaard | 18 Juli 1989

Gewezen WNP-lid Elnikoff vrijgelaten

De raadkamer van de correctionele rechtbank van Brussel liet gewezen WNP-lid Christian Elnikoff vrij. Elnikoff was eerder deze maand aangehouden nadat hij zichzelf had beticht van de dubbele moord op Alfons Vandermeulen en Francesca Arcoulin in Anderlecht in1982.

Na de gevangenis te hebben verlaten, vertelde Elnikoff dat hij met de dubbele moord helemaal niets te maken had. Zichzelf betichten en dan zelfmoord plegen leek hem een enige oplossing om Marcel Barbier - een WNP-lid dat wegens de dubbele moord veroordeeld werd - vrij te krijgen.

Bron: De Standaard | 25 Juli 1989

Elnikoff (WNP) bekent opnieuw schuld aan dubbele moord

Gewezen WNP-lip Christian Elnikoff verklaarde gisteren tijdens een interview voor het Luxemburgse televisiestation RTL dat hij schuldig zou zijn aan een dubbele moord in de Herdersliedstraat. Elnikoff uitte dezelfde beweringen reeds een maand geleden, maar kwam daar later op terug. Hij werd bij gebrek aan bewijzen drie weken geleden op vrije voeten gesteld. Hij herhaalde dat Barbier onschuldig is.

Christian Elnikoff, gewezen lid van de extreem-rechtse militie Westland New Post (WNP), bekende vorige maand in een brief aan de parlementscommissies over het banditisme en het terrorisme dat hij de moordenaar was van Alphonse Vandermeulen en Francesca Arcoulin. De moorden werden gepleegd in 1982. Voor die dubbele moord kreeg WNP’er Barbier in 1987 levenslang. In de brief schreef hij dat Barbier onschuldig was en dat hijzelf de moorden pleegde op verzoek van WNP-leider Paul Latinus. Elnikoff schreef de brief vlak voor een mislukte zelfmoordpoging.

Twee dagen na de mislukte zelfmoordpoging werd Elnikoff aangehouden door onderzoeksrechter De Ruyver en beticht van moord. Maar Elnikoff ontkende dat hij de dubbele moord pleegde. Bijna twee weken later kwam Elnikoff vrij.

Bron: De Standaard | 11 Augustus 1989

1,124

(12 replies, posted in Organisaties)

Goudroof te Perk weer ter sprake

Personen die het weten kunnen verklaarden maandag te Brussel dat er op dit ogenblik geen enkele concrete aanduiding bestaat dat de verdwijning op 25 oktober 1982 te Zaventem van veiligheidsagent Francis Zwarts, tezelfdertijd met een lading goud en diamant, iets te maken heeft met de fraude en het zwartgeldcircuit van het wisselkantoor Kirschen uit Antwerpen.

Men moet die zaken duidelijk gescheiden houden, werd gezegd. In Brusselse gerechtelijke kringen weerlegt men immers dat een deel van de vracht, die op 25 oktober 1982 op het vliegveld van Zaventem door onbekenden werd gestolen, voor Kirschen te Antwerpen was bestemd.

Zürich

Volgens Brusselse speurders is de verwijzing naar de zaak van Francis Zwarts wellicht ontstaan door een andere goudroof, die op 6 juni 1982 in de gemeente Perk werd gepleegd. Mogelijk, zo werd in Brussel onderstreept, kwam die lading goud wel van Kirschen en moest ze in Zaventem aan boord van een vliegtuig naar Zwitserland worden gebracht.

In verband met de raadselachtige verdwijning van Sabena-agent Francis Zwarts werd maandag in speurderskringen te Brussel toegegeven dat het parket geen enkel spoor heeft.

Francis Zwarts verdween tijdens een spectaculaire hold-up en sinds einde oktober 1982 gaf hij geen teken van leven meer. Hij is nog altijd vermist. Ook van de lading, die hij van het vliegtuig uit Zürich was komen ophalen,  dook geen enkel spoor op. Die kostbare vracht bevatte goud, diamanten. verzekerde zendingen e.a. Wat er ook van zij, de overval op het goudtransport en op Francis Zwarts getuigt van een werkelijk professionele aanpak.

Bedragen van 50, 67 en zelfs 80 miljoen werden genoemd maar hoeveel uiteindelijk 25 oktober 1982 verdween, geraakte nooit precies geweten.

Beersel

Voorts is het volgens Brusselse topspeurders ook nogal ver gezocht om de voortvluchtige vennoot van Kirschen en co., met name de PVV’er Hilaire Beelen in verband te brengen met de moord op Paul Cams.

Deze uit Hasselt afkomstige selfmade-man werd 17 november 1983 in zijn riante villa te Ganshoren doodgeschoten. Paul Cams had een imperium in de cosmetica weten op te bouwen en hij was derhalve schatrijk.

Met Hilaire Beelen was hij uitstekend bevriend. Beiden stonden bekend als financiers van de PVV. Eike week gingen ze samen dineren in een bekend (liberaal) restaurant in het Brusselse. Van vastgoedoperaties met zwart geld, die in binnen- en buitenland werden opgezet, waren beiden ook goed op đe hoogte. Dat er tussen Beelen en Cams onenigheid bestond is mogelijk. Doch in de huidige stand het onderzoek naar de moordenaars van Cams, lijkt het misplaatst de naam van Hilaire Beelen, de PVV-voorzitter van Beersel, te vernoemen.

Vreemd is toch wel dat een Brusselse topspeurder, die op het spoor was gekomen van de eventuele daders van de moord op Paul Cams, van hogerhand het bevel kreeg zich niet meer met de zaak Cams te bemoeien.

Paul Cams woonde in zijn weelderige villa te Ganshoren samen met zijn vriendin Odile R. Die vrouw woont nu in het zuiden van Spanje. Volgens ingewijden te Brussel weet zij wie haar vriend Paul uit de weg ruimde en waarom.

Bron: Gazet van Antwerpen | 4 Maart 1986

1,125

(52 replies, posted in Foto's)

De voorkant van de combi van de rijkswacht:

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/colruy16.jpg

1,126

(16 replies, posted in Magistraten)

Een artikel uit 2014 over Marianne Capelle. Als iemand die zelf absoluut niet tegen onrecht kan, kan ik deze uitspraak volledig begrijpen: "Marianne Cappelle (50) kan niet tegen onrecht en wil daarvoor ver gaan".

Lef heeft ze, en veel

De familie-Aquino wordt in het grote drugsproces verdedigd door de bekendste advocaten van het land. Dit is de dame die het tegen hen opneemt: Marianne Cappelle, de openbare aanklaagster: een gedreven furie.

Marianne Cappelle (50) kan niet tegen onrecht en wil daarvoor ver gaan. Tot in de rimboe. Letterlijk. want in 2011 stond ze daar werkelijk in de Ecuadoraanse jungle. Voor haar: een moeder die zwaaide met een mes omdat Cappelle het in haar hoofd had gehaald om haar zoon, de moordenaar van de Belgische wereldreiziger Joeri Lema, te komen halen. Ze nam hem zonder pardon mee, voor de ogen van de schreeuwende moeder. Acht jaar was Lema’s moordenaar onder de radar kunnen blijven. En dat was nog altijd zo geweest, als de ‘nukkige’ Cappelle er zich niet persoonlijk mee had gemoeid.

“Als ze voor iets gaat, is er geen houden meer aan”, zegt een collega van haar bij het federaal parket. Sommigen noemen haar een pitbull. “Maar eentje die enkel gericht bijt, nooit in het wilde weg.” (...)

Lees hier het hele artikel » Nieuws

1,127

(36 replies, posted in 1990-1999)

Je zou de gebeurtenissen van de Bende van Nijvel aan het Colruyt-warenhuis in Nijvel kunnen kopiëren, enkele details aanpassen en hier publiceren. Zelfs de naam van de straat is hetzelfde, alleen de taal is anders.

In de nacht van 5 op 6 november 1992 wordt er ingebroken in het Colruyt-warenhuis van Aalst, gelegen aan de Brusselsesteenweg. De dader steelt er 128 flessen wijn, 22 dozen koffie, 47 blikken Coca Cola en een verschillende flessen bier.

Op het eerste alarm werd niet gereageerd. Wanneer er een uur later nogmaals een alarm afgaat, wordt een patrouille van de politie naar het warenhuis gestuurd. Ze betrappen de inbreker, Guy Oste, die de agenten onmiddellijk onder vuur neemt met zijn FN-pistool. Beide agenten worden zonder meedogen vermoord, waarna Oste op de vlucht slaat met zijn VW Polo.

Net zoals de Bende van Nijvel schoot Oste niet op de politie voor de buit. Hij schoot omdat hij niet gearresteerd wilde worden.

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/colruy15.jpg

Eén van de vermoedelijke Colruyt-moordenaars aangehouden

Op de parking van het grootwarenhuis Colruvt aan de Brusselsesteenweg in Aalst werden in de nacht van donderdag op vrijdag de twee Aalsterse politieagenten Luc Schamp (35) en Patrick Lanckman (31) brutaal doodgeschoten. Naar verluidt werd één van de vermoedelijke daders, een zekere Paul Van O. uit Zellik, gisteren in Brussel aangehouden. Ook de vluchtauto, een rode VW Polo, werd teruggevonden.

De man uit Zellik zou vanuit een hotel in Zaventem naar de politie hebben getelefoneerd en zijn betrokkenheid hebben bekend. Tijdens een huiszoeking in zijn woning zou ook een pistool zijn gevonden. De zeven kogels waarmee de twee politiemannen werden vermoord, blijken afkomstig uit eenzelfde wapen. Of het gevonden pistool bij de schietpartij gebruikt werd is niet bekend.

De Dendermondse onderzoeksrechter Evi Muylaert en procureur des konings Guido De Saeger laten over de moordpartij aan de Aalsterse Colruyt nog weinig los. De Saeger gaf wel toe dat rijkswacht en politie een ernstig spoor volgden. De politie van Aalst werd verwittigd na een oproep van de alarmcentrale waarop Colruyt is aangesloten. De politieagenten Luc Schamp en Patrick Lanckman reden in een combi naar het warenhuis om poolshoogte te nemen.

Daar aangekomen is één van hen uit de combi gestapt, maar werd onmiddellijk door vier schoten in de rug getroffen. De andere politieman zou achter het stuur van de combi door een kogel in het hoofd dodelijk getroffen worden. In totaal werden er volgens de procureur 7 kogels afgevuurd. Ook de rechter voorband van de combi werd stukgeschoten.

De inbrekers zeker twee, misschien drie, zijn onmiddellijk in een donkerkleurige Volkswagen Polo richting Brussel gevlucht. Een tweede, achterna gekomen politiecombi, zette de achtervolging in, maar ter hoogte van Erembodegem konden de daders ontkomen.

Ondertussen kwamen in Aalst de hulpdiensten ter plaatse. Een van de slachtoffers werd nog overgebracht naar het ziekenhuis, maar overleed aan zijn verwondingen. Voor de andere agent kwam alle hulp te laat. Nationaal politie-alarm werd afgekondigd.

Volgens Victor Luyckfasseel, algemeen directeur van Colruyt zijn de inbrekers niet in warenhuis binnen geweest. "Ze sloegen een ruit uit in een aanpaend pand, eveneens eigendom van Colruyt. In dit pand stond echter niets van waarde. Op het eerste gezicht werd nergens wat gestolen. Dat ze niet in het warenhuis zelf opdoken hebben we kunnen vaststellen op de video-opnamen. Alleen onze chauffeur was vrijdagnacht om halféén nog even in het warenhuis." Van zodra de ruit aan diggelen vloog werd dit bij de alarmcentrale geregistreerd. Het was toen 1u30 vrijdagochtend.

Colruyt heeft op dit alarm niet onmiddellijk gereageerd, omdat men zeker wilde zijn dat het niet om een toevallig loos alarm ging. Pas om 2u10 - dus 50 minuten later - verwittigde Colruyt de Aalsterse politie. Die arriveerde kort nadien - getuigen hoorden schoten omstreeks kwart voor drie - op de parkeerruimte aan de achterkant. Onmiddellijk werden de 2 agenten onder vuur genomen. Het hele scenario, waarbij de inbrekers dan toch ruim één uur aan de Colruyt bleven rondhangen om dan een directe confrontatie met de politiemannen aan te gaan, doet de vraag rijzen of de agenten niet bewust in een val werden gelokt en herinnert ongewild aan vroegere overvallen op grootwarenhuizen...

Agent Patrick Lanckman is 31, woonde in Nieuwerkerken en laat een zwangere echtgenote achter. Luc Schamp is 35 jaar, ongehuwd, en woonde nog bij zijn ouders in Aalst. Patrick had net zijn stageperiode bij de politie achter de rug en Luc had al zeven jaar dienst.

Bron: Gazet van Antwerpen | 7 November 1992

"Ik dacht aan schoten van stropers"

De Colruyt aan de Brusselsesteenweg in Aalst kreeg gisteren gisteren af te rekenen met een aantal ramptoeristen die "toevallig" eens langskwamen. Iedereen wou wel eens een glimp opvangen van wat er eigenlijk gebeurd was. De parking van de Colruyt was echter afgesloten, zodat er voor de nieuwsgierige toeschouwers weinig te zien was. Lisette woont in de Brusselsesteenweg recht tegenover de parking van het grootwarenhuis Colruyt. Zij heeft rond 2u45 drie a vier schoten gehoord, maar eigelijk wist ze toen nog niet wat er juist aan de hand was. "Ik dacht dat het stropers waren, omdat er in de buurt nogal eens op konijnen geschoten wordt”, zucht Lisette.

Of ze nu geen schrik gekregen heeft, vroegen wij. "Nee", zegt Lisette, "je mag daarbij niet blijven stilstaan. Ik zal morgen weer bij de Colruyt mijn boodschappen doen, want waar moet ik anders heen?" Ze is vooral ook geschokt door al die mensen die gewoon voor de sensatie een kijkje komen nemen op de parking van Colruyt. Volgens Lisette gaat het hier ook niet om een gewone inbraak. "Als je van plan bent in te breken en veel te stelen, dan kom ie toch niet met een klein autootje”, redeneert ze. “Je denkt altijd maar dat het hier niet kan gebeuren, maar nu zie je wel", besluit Lisette.

Een buurvrouw van Lisette had rond dezelfde tijd ook gerinkel van glas en een zestal schoten gehoord. Tegen 9u30 waren ook al verschillende personeelsleden van de Colruyt komen opdagen. Ze stonden er maar wat beteuterd en onzeker bij. De onderzoeksrechter Evi Muylaert besliste om het Colruyt-personeel toch binnen te laten, maar ze konden nog niet onmiddellijk aan de slag. De directie moest eerst nog onderzoeken of er wel degelijk iets gestolen was.

Een van de omstaanders aan de parking blijkt familie van het 35-jarige slachtoffer Luc Schamp. "Luc Schamp is de zoon van een nicht van mij. Hij doet aan bergbeklimmen en komt nooit iets tegen en nu in één keer dit. Vorige week nog was ik samen met hem op een diamanten bruiloft", jammert de man. Hij hoorde het slechte nieuws van zijn vader en was onmiddellijk naar de parking van de Colruyt gekomen.

Een collega-politieagent van de Aalsterse politie reageert: "De eerste maanden na zo'n gewelddadig voorval krijg je meer schrik, maar dat ebt langzaam wee. Het kan ons allemaal overkomen. Mijn familie heeft onmiddellijk gebeld om te vragen of ik het niet was. Ik denk dat dit bij de andere agenten ook we het geval geweest is." Directeur-generaal van Colruvt Victor Luickfasseel noemde de dubbele moord "verschrikkelijk" en "koelbloedig". "Voor Colruyt betekent dit een heel negatieve publieke belangstelling. We komen in een slecht daglicht te staan", vreest Victor Luickfasseel.

Bron: Gazet van Antwerpen | 7 November 1992

Aalst denkt opnieuw aan de Bende van Nijvel

De slachtpartij aan de Aalsterse Colruyt, waarbij de inbrekers ruim één uur lang op de plaats van de misdaad bleven rondhangen, brengt ongewild het scenario voor de geest van de Bende-aanslag aan de Colruyt in Nijvel tijdens de nacht van 16 op 17 september 1983. Omstreeks halféén die nacht werd in de bewakingscentrale van Colruyt in Halle een alarmsein ontvangen uit de vestiging aan de Brusselsesteenweg in Nijvel. De Nijvelse rijkswacht werd gealarmeerd, en 2 rijkswachters snelden met hun combi ter plaatse. Bij aankomst schoten de inbrekers één van hen dood en laten de andere voor dood achter. Later zou blijken dat de gangsters de inbraak alleen maar uitgevoerd om een confrontatie met de ordediensten uit te lokken ...

De recente moordpartij herinnert heel wat inwoners ook opnieuw aan het bloedbad van 9 november 1985 aan de Aalsterse Delhaize in herinnering. Bij die aanslag van de Bende vielen toen 8 doden en 2 zwaargewonden. Omstreeks half acht die zaterdagavond vielen drie gangsters de Delhaize-vestiging in Aalst binnen en begonnen in het wilde weg te schieten. Het treffen duurde hooguit 5 minuten. Dan stoven zij er vanonder in een VW Golf GTI.

Een politiepatrouille arriveerde op het ogenblik dat de gangsters de Delhaize-parking afreden, de Ninoofstesteenweg op. Tot een vuurgevecht kwam het niet: een van de agenten gooide zich compleet verrast plat op de grond, en trok pas zijn wapen toen de Golf al op volle snelheid wegstoof. Nooit werden de echte daders gevonden...

Bron: Gazet van Antwerpen | 7 November 1992

Dienstwapen vermoorde agenten stak nog in holster

Terwijl in het onderzoek naar de moord op de Aalsterse politieagenten Schamps en Patrick Lanckman een absolute informatiestop werd afgekondigd, lekten toch enkele gegevens uit waarmee de speurders de omstandigheden van de dodelijke confrontatie op de parkeerplaats van de Colruyt proberen te reconstrueren.

Beide politieagenten zouden gevonden zijn met het dienstwapen nog in de holster: de confrontatie met de gangsters was dus totaal onverwacht en liet aan de agenten geen reactietijd. De agent die uit de combi was gestapt, werd beschoten vanop zowat 3 meter. Gedacht wordt dat hij plots de dieven vóór zich kreeg en zich in een allereerste reflex in veiligheid wou brengen door weg te rennen. Onmiddellijk kreeg hij vier kogels in de rug. De gangsters lieten ook géén tijd aan de tweede agent die nog in de combi zat.

Dat ruim één uur verliep tussen het eerste alarm en de dodelijke schietpartij verklaren sommige bronnen door een vaker voorkomende inbrekerstactiek bij gebouwen die door alarminstallaties beveiligd zijn. In zulke gevallen duiken de inbrekers nogal eens tweemaal op: eerst zorgen zij ervoor dat door een of andere manipulatie het alarm in werking treedt, stuiven onmiddellijk weg, en keren kortere of langere tijd daarna terug om dan vliegensvlug opnieuw en definitief toe te slaan. Soms wordt op een tweede alarm - als het systeem althans na de eerste poging niet werd uitgeschakeld - ook trager gereageerd. Bij de Colruyt in Aalst was dit echter niet het geval.

Een verdachte, de 40-jarige Guy O. uit Zellik, werd aangehouden. Een tweede, van Roemeense komaf, zou opgepakt zijn maar (nog) niet aangehouden. Een derde is spoorloos.

Bron: Gazet van Antwerpen | 9 November 1992

Verhaal van arrestatie erg verward

Door de absolute informatiestop in de zaak van de vermoorde Aalsterse agenten blijft het verhaal over de arrestatie van Zellikenaar Guy O. nog uiterst verward. Een tweede patrouillewagen van de Aalsterse politie zou onmiddellijk na de slachtpartij aan de Colruyt de vluchtauto van de gangsters achterna zijn gereden. De jacht werd uiteindelijk in Erembodegem gestaakt, maar de achtervolgers zouden wél de nummerplaat van de VW Polo - een grijze en geen rode, zoals aanvankelijk was gemeld - hebben kunnen noteren. Dit bracht de politie naar een handelaar in tweedehandswagens in Zellik. De man bleek niet thuis, en zijn vrouw verklaarde niet te weten waar hij uithing.

Dan wordt het allemaal heel verward: de man zou vanuit het Sheraton-hotel in Zaventem zijn vrouw hebben opgebeld en zij zou hem hebben overreed zich aan te geven. Dat zou hij ook telefonisch hebben gedaan. De man werd echter niet in Zaventem opgepakt, maar in het Sheraton-hotel aan het Brusselse Rogierplein. Hij bleek bovendien zo stomdronken dat er geen zinnig woord uit hem was te krijgen en hij eerst zijn roes moest uitslapen vóór hij verder kon verhoord worden.

Volgens zijn verklaringen zou hij wel betrokken zijn geweest bij de inbraak, maar had hij niets te maken met de schietpartij. De bewuste VW Polo zou dan weer zijn teruggevonden op de parking van de Sheraton aan de luchthaven in Zaventem... O. zou geen zwaar gerechterlijk verleden hebben, en de Roemeen die daarna werd opgepakt zou behoren tot O.'s "zakenrelaties". Ook de derde, nog steeds onvindbare verdachte die nu internationaal wordt opgespoord, zou tot die kring behoren.

Bron: Gazet van Antwerpen | 9 November 1992

Hoeveel daders waren er in Aalst?

Er is nog altijd onduidelijkheid over het aantal daders van de brutale moord op twee politiemannen vorige vrijdag op de parking van de Colruyt in Aalst. Alleen is zeker dat de zeven kogels allemaal afkomstig zijn van hetzelfde FN-pistool. Gisterenmorgen werd een technische wedersamenstelling gehouden van de aanslag op Patrick Lanckman en Luc Schamp. Bij zo'n reconstructie worden alle mogelijkheden onderzocht. Het hele gebeuren nam ongeveer twee uur in beslag. Het stond onder de leiding van onderzoeksrechter Evi Muylaert en substituut-procureur Herman Daens van het parket van Dendermonde.

Zowat tegelijkertijd werd Guy O. (40) uit Zellik, de enige tot nu toe aangehouden verdachte in de dubbele moord, overgebracht naar het gerechtshof in Dendermonde. Onder strenge bewaking kreeg hij daar inzage van het tegen hem geopend dossier. Guy O., die zaterdag door onderzoeksrechter Evi Muylaert onder aanhoudingsmandaat geplaatst werd op verdenking van roofmoord, verschijnt vanmorgen voor de raadkamer van Dendermonde. Die beslist dan over zijn verdere aanhouding.

Ondertussen wordt het onderzoek voortgezet, maar er blijft onduidelijkheid over het aantal daders. Wel is zeker dat de zeven kogels uit hetzelfde FN-pistool afgevuurd werden. Of dat ook inhoudt dat de dubbele moord door één en dezelfde dader gepleegd is, durft men op het gerecht nog lang niet bevestigen. Het weervinden van het moordwapen zou het onderzoek al een stap vooruit brengen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 10 November 1992

Aanhouding van man uit Asse bevestigd

De veertigjarige Guy O., verdacht van de moord op de twee Aalsterse politiemannen op de Colruyt-parking in Aalst, was een tijdlang huurder van het pand waarin hij in de nacht van de feiten binnendrong en zo het alarm deed afgaan. Dat heeft de Colruyt-directie dinsdag bevestigd.

Het justitiepaleis in Dendermonde lokte dinsdagmorgen alvast heel wat belangstellenden. De verdachte uit Zellik verscheen onder zware bewaking voor de voorzitter van de raadkamer. Zoals verwacht, werd zijn aanhoudingsmandaat bevestigd.

Hoewel de verdachte nog niet heeft bekend, ziet het er steeds meer naar uit dat er slechts één dader is. Uit het onderzoek blijkt bijna zeker dat Guy O. alleen in zijn Volkswagen Polo zat toen hij van de Colruyt-parking wegvluchtte. Hij zou door verschillende getuigen herkend zijn.

Intussen is ook bekend geraakt dat de verdachte vanaf 1982 huurder was van de zogenaamde conciërgewoning, die achter het warenhuis ligt. Hij bleef er zeker tot eind '84, mogelijk ook nog in het begin van 1985, maar dat kan de Colruyt-directie niet met zekerheid achterhalen. Feit is dat het contract van de volgende en meteen laatste huurder begon te lopen op 1 maart 1985. De Colruyt maakte het contract met O. intussen over aan het gerecht, aldus commercieel directeur Victor Luickfasseel.

De woning hoort niet bij de winkel, maar bij een vroegere Opel-garage. Beide gebouwen staan al jaren leeg en werden beveiligd met alarmsystemen nadat de Colruyt eigenaar werd van het hele complex. Het gaat om een circuit dat zowel binnen als buiten de muren de omgeving voortdurend in het oog houdt. De doorgang van de garage naar de Colruyt-magazijnen is dichtgemetseld.

Mogelijk wist O. dat alles niet. Feit is dat hij door binnen te breken in zijn vroegere verblijfplaats net alarmsysteem in werking stelde en de politie lokte, met de bekende gevolgen. De agenten stierven zowat op de stoep van de conciërgewoning. Vandaar dat de speurders zich steeds sterker op de theorie van slechts één dader toespitsen, ook omdat de dodelijke schoten uit hetzelfde wapen kwamen.

Guy O. is bovendien geen onbekende voor het gerecht. Hij werd al veroordeeld voor diefstallen. Volgens procureur De Saeger zou het onderzoek goed opschieten. Veel zal echter pas kunnen worden opgehelderd als men het moordwapen, een FN-pistool, heeft teruggevonden. De agenten werden gedood door kogels van 9 mm uit een modern FN-pistool.

Intussen is in speurderskringen wel vernomen dat O. een in Brussel afgeleverde vergunning had voor een dergelijk wapen. Zijn pistool heeft een verwisselbare loop zodat er ook kogels van 7,65 mm mee kunnen worden afgevuurd. Hij kocht munitie van beide kalibers.

Bron: Gazet van Antwerpen | 12 November 1992

Verdachte wijst weg naar moordwapen

Het wapen waarmee de twee Aalsterse politieagenten Luc Schamp en Patrick Lanckman vermoord werden, is teruggevonden in een gracht in Wemmel. De 40-jarige hoofdverdachte Guy Oste uit Zellik-Asse gaf zelf de aanwijzingen. Samen met het FN-pistool werden in de gracht achter een elektriciteitspaal ook de gestolen goederen uit het warenhuis Colruyt teruggevonden. De buit - pakken koffie en flessen wijn, bier en cola - was vermoedelijk bestemd voor het café dat Guy Oste sinds enige tijd in Schorisse uitbaat. Het gerecht had al enkele dagen voldoende afdoende bewijzen en getuigenissen hoofdverdachte tegen Guy Oste uit Zellik-Asse.

Dinsdag werd zijn aanhouding door de Raadkamer dan ook onmiddellijk en zonder veel problemen met een maand verlengd. Men wist ook al enige tijd dat de zeven afgevuurde kogels afkomstig waren uit éen enkel FN-pistool. Toch sluit procureur Guido De Saeger officieel niet uit dat er nog medeplichtigen zijn. Er zijn ook al details bekend over de manier waarop Guy Oste van Zaventem naar Brussel is geraakt. Zijn vluchtwagen werd immers in Zaventem gevonden, terwijl hij in Brussel aangehouden werd. Procureur Guido De Saeger wilde hierover echter niets kwijt. Vandaag om 11u vindt in de Sint-Martinuskerk in Aalst de uitvaartplechtigheid van de twee vermoorde agenten plaats.

Moordwapen en buit gevonden in gracht

De koelbloedige moord op de twee politieagenten Luc Schamp (35) en Patrick Lanckman (31) op de parking van het warenhuis Colruyt in Aalst is nu al een week oud. Ondertussen is in het onderzoek naar de brutale dubbele moord al een en ander aan het licht gekomen.

Procureur Guido De Saeger sluit eventuele medeplichtigen nog niet uit, maar het moordwapen - een FN-pistool - werd ondertussen al wel teruggevonden. Het moordwapen werd op aanwijzingen van de 40-jarige hoofdverdachte Guy Oste uit Zellik-Asse teruggevonden in een gracht in Wemmel, in de wijk Motte. Guy Oste had het moordwapen verstopt achter een elektriciteitspaal, waarop hij een merkteken had aangebracht om de plaats achteraf gemakkelijk terug te vinden.


In diezelfde gracht werden meteen ook de gestolen goederen uit de Colruyt gevonden: 128 flessen wijn, 22 dozen koffie, 47 blikken Coca Cola en een verschillende flessen bier. Toen de vluchtwagen van Guy Oste - een lichtgrijze VW-Polo - vorige week vrijdag werd teruggevonden in Zaventem, vond men in de struiken ook al een pak koffie en een bierfles. De producten kwamen zeker uit het Colruyt-warenhuis. Er zijn dus wat dat betreft aanwijzingen genoeg.

Dat het moordwapen werd teruggevonden na aanwijzingen van Guy Oste zelf zegt al genoeg. Toch wou de Dendermondse procureur tijdens een persconferentie in de lokalen van de gerechtelijke politie in Aalst niet met zoveel woorden zeggen dat Guy Oste ook werkelijk bekentenis had afgelegd. Op de vraag naar eventuele medeplichtigen of het motief van Guy Oste voor de dubbele moord gaf procureur Guido De Saeger het intussen van hem bekende antwoord: "Daar wil ik in het belang van het verdere onderzoek niets over kwijt.”

Ook is al bekend hoe Guy Oste zich verplaatste van Zaventem - de plaats waar zijn vluchtauto werd teruggevonden - naar Brussel. Er zijn volgens procureur Guido de Saeger verschillende getuigen, maar verder liet hij hierover niets los. Over het motief van de moord zei de procureur enkel nog dat "de man zeer vermoedelijk in paniek geschoten heeft".

Wapenvergunning

Guy Oste had voor zijn FN- pistool een vergunning die in Brussel werd afgeleverd, Hoe het mogelijk is dat iemand met een strafblad als dat van Oste toch een wapenvergunning krijgt, vragen velen zich af. Procureur De Saeger noemde het "een bevoegdheid van de administratieve overheden”.

Guy Oste baat sinds enkele weken een café in Schorisse uit en vermoedelijk werden de goederen gestolen om in het café verder verkocht te worden. Dat Guy Oste de omgeving van de Colruyt als zijn broekzak kende, wordt verklaard door het feit dat hij de conciërgewoning naast Colruyt tussen 1982 en 1984 huurde. In oktober van dit jaar pleegde hij ook al een diefstal bij Colruyt en ging er toen met drie kisten wijn vandoor - dezelfde wijn die hij vorige week vrijdag ook gestolen heeft.

Bron: Gazet van Antwerpen | 13 November 1992

Vermoorde politiemannen ten grave gedragen in Aalst

Twee Belgische vlaggen, twee witte ruikers, twintig vaandels en een kilometerslange rouwstoet. Met dat gebaar brachten vrijdagochtend Aalstenaars, prominenten en vertegenwoordigers van de Belgische politiediensten een laatste hulde aan Luc Schamp (35) en Patrick Lanckman (31). Beide agenten werden een week geleden door een inbreker neergekogeld op een warenhuisparking in Aalst. Donderdag belandde de hoofdverdachte achter de tralies.

"Wij willen geen wraak. Wel eisen we een billijke en strenge straf voor de dader. Opdat een voorbeeld zou geschapen worden voor anderen." Aalsters commissaris Carlos De Troch wond er vrijdag geen doekjes om in de tjokvolle Martinukerk. Diep bedroefd over het heengaan van twee van zijn beste wetsdienaars, pleitte de politieman voor een strenger veiligheidsheidsbeleid; vooral vanwege middenstanders, openbare instanties en supermarktuitbaters.

Het is immers de tweede maal in tien jaar dat in Aalst onnodig bloed vergoten wordt nabij grootwarenhuizen. Eerst werd in november '85 de Delhaize-supermarkt getroffen door een schietpartij, die vermoedelijk het werk was van de bende van Nijvel. Amper een week geleden kogelde een betrapte inbreker voor wat drinkwaar en enkele dozen koffie twee agenten neer op de
parking van warenhuis Colruyt.

Himalayatoppen

Naast de kisten in de Martinus-kerk waakten vrijdag de teneergeslagen familie van hoofdbrigadier Luc Schamp en de zwangere vrouw en het zoontje van agent Patrick Lanckman. In de zijbeuken betoonden ook heel wat politici hun medeleven. Onder hen minister van Binnenlandse Zaken Louis Tobback, Europarlementslid Marc Galle en oud-minister Herman De Croo.

Tijdens de plechtigheid hadden de sprekers niet alleen oog voor de politionele kwaliteiten van de agenten. Zo stond de commissaris van Aalst ook stil bij bergbeklimmerspassie van Luc Schamp die ooit met een collega de Himalayatoppen wilde bedwingen.

Hulde was er ook voor politieman Patrick Lanckman (31). De omgebrachte agent laat een zwangere vrouw en een zoontje achter. "Patrick blonk uit door zijn eenvoud. Hij hield van kamperen in de natuur, van vissen en van een partijtje voetballen”, fluisterde Jean-Paul Verhulst die als bediende op het Aalsters politiekantoor werkt.

Kraaknet uniform en witte handschoenen

Even over twaalven vormde het 152 man sterke politiekorps van Aalst tenslotte een kilometerslange stoet op het kerplein. Bij de agenten - allen in kraaknet uniform en witte handschoenen - sloten rijkswachters, brandweerlui en leden van de gerechtelijke politie aan. Onderweg naar het kerkhof toonden thuisgebleven Aalstenaars hun medeleven aan de stoet. Inwoners van de Kalfstraat hadden zwarte vlaggen buiten gehangen. Uit een venster in de Lange Zoutestraat wapperde de Belgische driekleur. Rijkswachters die voor de stoet het verkeer omleidden, hadden zwarte lintjes aan hun combi-antennes gebonden. De Aalsterse politie had, om begrijpelijke redenen, tot 's namiddags vrijaf gekregen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 14 November 1992

Wedersamenstelling in Aalst levert geen nieuwe gegevens op

De gisteren gehouden wedersamenstelling van de moord op twee politieagenten op de Colruyt-parking in Aalst leverde voorlopig geen nieuwe aanwijzingen op. Het parket van Dendermonde met onderzoeksrechter Evi Muylaert kreeg nu wel een beter zicht op wat er zich tijdens die bloedstollende nacht precies heeft afgespeeld, ook al omdat het moordwapen (een FN-pistool) ondertussen is teruggevonden. De dader, de 40-jarige Guy Oste uit Zellik-Asse, deed alles nog eens langzaam over, tot en met zijn vlucht in een grijze Polo richting Erembodegem.

Bron: Gazet van Antwerpen | 19 November 1992

Moordenaar van politieagenten doet vluchtweg in Zellik over

Na de wedersamenstelling van de moord op de twee politieagenten aan het warenhuis Colruyt in Aalst, heeft Guy Oste donderdagvoormiddag zijn vluchtweg in het Brabantse overgedaan. De 41-jarige Zelliknaar werd even voor 10 uur aan de gevangenis van Dendermonde opgehaald, waarna het richting E40 ging.

Op het grondgebied van Zellik (Asse) diende Oste nog eens over te doen hoe hij de achtervolgende politieagenten uitschakelde. Nadien trok de groep onder leiding van onderzoeksrechter Bulté naar de woning van de verdachte in Zellik. Ook de parkeerplaats in Zaventem, het Sheraton-hotel en de plaats waar Oste zijn pistool en de wijnflessen in de gracht gooide, werden bezocht.

Oste deed zonder veel emotie zijn vluchtweg nog eens over. De wedersamenstelling duurde tot omstreeks 15 uur. In de voormiddag veroorzaakte ze op de E40 in Ternat zelfs een verkeersopstopping en kon men in de richting van Brussel slechts over één rijvak rijden.

Bron: Gazet van Antwerpen | 20 November 1992

Aalsterse politieagenten afgemaakt op warenhuisparking

De vreselijke moord op de politieagenten Patrick Lanckman (31) en Luc Schamp (35) op de parking van het warenhuis Colruyt in Aalst in de nacht van 5 op 6 november 1992, komt vanaf maandag voor het assisenhof van Oost-Vlaanderen. Beschuldigde is de 42-jarige Guy Oste, uit Asse. De dubbele moord verwekte 14 maanden geleden grote opschudding in heel het land. Oste had rond 2 uur's nachts een inbraak gepleegd in het warenhuis Colruyt, waar hij witte wijn, koffie, cola en bier had gestolen ter bevoorrading van zijn herberg in Maarkedal-Schorisse.

Daarbij had hij een alarm in werking gesteld, waarop twee politiewagens zich naar het warenhuis begaven. In de eerste wagen zaten de agenten Lanckman en Schamp. Zij bemerkten Oste. Hij kwam naar het politievoertuig en schoot Luc Schamp in het hoofd. De agent was op slag dood. Daarna richtte hij zijn wapen op Lanckman, die in zijn poging om te vluchten nog door drie kogels in de rug werd getroffen, eveneens met de dood tot gevolg. Bijzonder dramatisch is dat de echtgenote van Patrick Lanckman een tweede kindje verwachtte op het ogenblik van de feiten.

Oste vluchtte via de Brusselsesteenweg, in de richting van Erembodegem, achtervolgd door de tweede politiewagen. Na een incidentrijke achtervolging kon de vluchtauto ontsnappen in de buurt van Sint-Agatha-Berchem. Guy Oste werd 's morgens even na 8 uur gearresteerd op het Rogierplein in Brussel, nadat hij zelf naar huis had gebeld. Een paar dagen later legde hij volledige bekentenissen af.

Het Hof wordt voorgezeten door raadsheer Heymans. Het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door advocaat-generaal Luc Hellin. De verdediging van Oste is in handen van mr. Victor Van Aelst, terwijl de belangen van de burgerlijke partijen, waaronder de stad Aalst, verdedigd worden door mr. Jef Vermassen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 8 Januari 1994

Guy Oste staat terecht voor moord op Aalsterse agenten: “Het is sterker geweest dan mijzelf"

Guy Oste (42) uit Asse weet niet meer waarom hij op 6 november 1992 twee politieagenten doodschoot, die hem op een nachtelijke inbraak in het warenhuis Colruyt Aalst betrapten. "Het is sterker geweest dan mijzelf, want ik heb dat niet willen doen". vertelde hij maandag op de eerste dag van zijn assisenproces.

Dat hij zijn wapen trok om niet gearresteerd te worden, zoals hij tijdens het vooronderzoek meermaals verklaarde, wilde hij gisteren niet geweten hebben. "Dat is mij allemaal voorgezegd door mijn ondervragers. En zelf heb ik ook veel dingen gefantaseerd om hen ter wille te zijn."

Voorzitter Henri Heimans, die zijn eerste assisenproces leidt, liet de beschuldigde gisteren uitgebreid vertellen over zijn sociale voorgeschiedenis. Geen makkelijk karwei, want Guy Oste was bijzonder bondig in zijn antwoorden. "Ik ben niet gewoon voor een volle zaal te praten", zo zei hij.

Wapens als hobby

Guy Oste, gehuwd en vader van twee kinderen, vertelde dat hij tot zijn veertiende naar school ging en sindsdien bijna constant werkte. Dat hij om de haverklap van job veranderde, kwam volgens hem omdat hij nergens voldoening vond.

"Ik droomde van een beroep als zelfstandige". Na zijn ontslag als monteur bij Volkswagen in de zomer van 92. bleef hij werkloos. Wel baatte hij tijdens de weekends een pas overgenomen café in Maarkedal-Schorisse uit. Naast motorcross waren wapens zijn grote hobby. "Het was een tijdelijke interesse, zonder echt maniak te zijn", zegt hij nu. Feit is dat hij in '89 een wapenvergunning aanvroeg en kreeg.

"Dat was vooral op aandringen van mijn vrouw. Ze voelde zich onveilig nadat er bij ons was ingebroken." Op de vraag waarom hij zijn 9 mm pistool ook overal mee naar toe nam, zelfs als op restaurant ging, antwoordde hij dat het ook was om zijn vrouw gerust te stellen. "Het is een gewoonte geworden, zonder dat ik het zelf besef. Daar ligt de ware toedracht van het drama."

Als directe aanleiding voor de inbraak, noemde Oste de uitzichtloze financiële situatie waarin hij verzeild was geraakt. "Ik had er geen kijk meer op." Voorzitter Heimans maakte daarop met de beschuldigde de rekening van zijn uitgaven en inkomsten en kwam tot de conclusie dat de situatie toch niet zo hopeloos was als hij voorhield. "Uw vrouw heeft na het drama trouwens een regeling met de bank getroffen, waarbij ze maar 15.000 fr. per maand moet aflossen. Dat is toch niet onoverkomelijk".

In paniek

Hoe dan ook ging Oste, om kosteloos voorraad in te slaan voor zijn cafe, stelen in het warenhuis Colruyt in Aalst. Hij kende de plaats goed omdat hij vroeger nog in de conciërgewoning had gewoond. Een eerste inbraak in oktober verliep vlekkeloos. In de nacht van 5 op 6 november waagde hij opnieuw zijn kans. Hij laadde zijn revolver en stak het wapen schietensklaar in zijn achterzak. Terwijl hij zijn buit aan het inladen was, werd hij verrast door een politiepatrouille die afkwam op een stil alarm, dat de dief in werking had gezet.

"De agent naast de bestuurder riep mij. Hij vroeg mij wat ik daar aan het doen was. Ik was zodanig in paniek dat ik geen woord kon uitbrengen. Uiteindelijk vroeg ik hen om voort te rijden. Daarop greep de agent mijn pols vast, terwijl ik zijn collega naar zijn wapen zag grijpen en een beweging zag maken om uit de combi te stappen. Ik heb dan mijn revolver getrokken en naar hem geschoten."

Bestuurder Patrick Lanckman werd door, drie kogels in de rug getroffen en was op slag dood. Hoe het eerste schot afging, dat brigadier Luc Schamp dodelijk trof, wist de beschuldigde niet meer. "Misschien heb ik bij het afweren onbewust de trekker overgehaald". Toen de voorzitter opwierp dat dit flagrant in tegenstelling was met de ballistische bevindingen, bleef Oste het antwoord schuldig. "Ik kan het u niet zeggen. Ik heb het niet ervaren en niet gezien."

Bron: Gazet van Antwerpen | 11 Januari 1994

Guy Oste ging uiterst doordacht en efficiënt tewerk

Wat bezielde een kruimeldief als Guy Oste (42) uit Asse om op 6 november 1992 in Aalst twee politiemannen die hem betrapten koelbloedig af te maken? Psychiater Roger Deberdt zocht het antwoord in de vrees van de beschuldigde dat men hem als een ordinaire dief zou brandmerken. Naar de buitenwereld en zijn gezin toe had hij immers een beeld hoog te houden van een eerlijk en eerbaar burger.

De deskundige geloofde niet dat Oste in paniek handelde, maar integendeel uiterst bedachtzaam en koelbloedig te werk ging. Echte spijt voor het onnoemelijke leed dat hij berokkende heeft hij nooit betoond. Dr. Deberdt ontmoette de beschuldigde een eerste maal enkele dagen na de feiten tijdens een verhoor door de gerechtelijke politie. Oste wilde toen laten geloven dat hij gek was, in de hoop dat men hem zou interneren. Hij speelde die rol weliswaar met verve, maar het viel de deskundige toch meteen op dat hij zeer aandachtig was en allesbehalve een verwarde indruk maakte.

Dat was niet anders toen hij naar de Colruyt ging om te stelen. De diefstal verliep zeer planmatig en georganiseerd. Toen hij onverwacht werd betrapt, nam hij impulsief het besluit de agenten te doden. Maar dat betekende niet dat hij in paniek was, want dan zouden zijn handelingen anders zijn geweest, ongecoördineerd en ongestructureerd. Dat hij heel goed wist wat hij deed, bleek ook uit de wilde achtervolging na het bloedbad waarbij hij blijk gaf van een grote koelbloedigheid.

Complex

De psychiater omschreef Oste als een klagerige en angstige man, die graag medelijden opwekt en al van kindsbeen af met een minderwaardigheidscomplex was behept. Vandaar dat hij graag met een wapen rondliep, want dat gaf hem een zelfzeker gevoel. Compensatie voor zijn professioneel falen - drie pogingen om zich als zelfstandige te vestigen liepen faliekant af - zocht hij thuis, waar hij zich dominant en eigenzinnig toonde.

Op het ogenblik van de feiten was het gezin al sterk uit elkaar gegroeid, maar men hield de spanningen liever binnenskamers. Zelf beschouwde Guy Oste zich als een mislukkeling: hij had geen werk meer, geen geld en geen toekomst. Het enige wat hem nog restte was zijn goede naam.

Toen hij op die fatale avond betrapt werd stortte zijn hele wereld in elkaar. Nu kwam de ware aard naar boven van de man, die zich volgens getuige zijn hele leven bewogen heeft op de rand van de legaliteit. Voortaan zou hij als dief door het leven gaan. Die ultieme vernedering wilde hij niet ondergaan. Dat gevoel werd nog versterkt door het negatieve beeld dat hij van de slachtoffers had. Want wat hadden ze daar te zoeken?

Kort samengevat luidde zijn uitleg voor de feiten: "Als ze daar niet hadden gestaan, dan was het niet gebeurd". Egocentrisch als hij is, heeft hij ook na de feiten nooit zorgen gekoesterd over de slachtoffers.

Wilde verhalen

Eerder op de dag weerlegde inspecteur Achiel Moortgat van de gerechtelijke politie de aantijgingen van Oste dat het onderzoek eenzijdig zou zijn gevoerd en men hem woorden in de mond heeft gelegd. "Daar is allemaal niets van aan. De ondervragingen zijn steeds correct verlopen. Wij hebben enkel maar opgeschreven wat hij ons vertelde en steeds door hem laten nalezen en goedkeuren".

Volgens de getuige ging het in wezen om een eenvoudige zaak. "We hadden van meet af aan de dader. De enige die ons het leven moeilijk maakte was Oste zelf. Hij kwam met allerlei wilde verhalen aanzetten die kant noch wal raakten. maar wij waren toch verplicht om ze te onderzoeken. Indien wij hem alles zouden hebben voorgezegd, dan zou die hele rimram nergens voor nodig zijn geweest”.

Van de getuige vernamen de juryleden voorts dat Oste pas na een week min of meer samenhangende bekentenissen aflegde. De eerste dagen ontkende hij, “hing hij het zotteke uit" of beweerde hij de agenten in een schemertoestand te hebben neergeschoten. In zijn latere verklaringen stelde hij dat hij de slachtoffers geen kans heeft gegeven om hun wapen te trekken en hen heeft neergeschoten om te beletten dat ze hem zouden achtervolgen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 13 Januari 1994

Guy Oste maakte meer dan twee levens kapot

In de Gentse assisenzaal, waar Guy Oste (42) uit Asse terechtstaat wegens de roofmoord op twee Aalsterse politiemannen, die hem tijdens een nachtelijke inbraak betrapten, getuigden donderdag familieleden en collega's van de slachtoffers over het onwezenlijk grote verdriet dat ze nu nog dagelijks ervaren. Zelfs de beschuldigde, die de dag voordien door de psychiater het predikaat kil en onverschillig kreeg opgeplakt, kromp beschaamd ineen. Zo goed en zo kwaad als het kon zei hij dat het hem speet. De getuigen hadden daar geen boodschap aan. "Hetgeen gij ons afgenomen hebt is onherstelbaar. Gij hebt ons leven gekraakt", zei de vader van de vermoorde Luc Schamp.

In strafzaken krijgt het gerecht soms het verwijt dat alle aandacht naar de dader gaat, terwijl de slachtoffers in de kou blijven staan. Het is een kritiek die men alvast niet kan maken in het assisenproces tegen Guy Oste.

Getuigen van de burgerlijke partij spraken er gisteren over het onuitwisbare trauma dat ze opliepen na de brutale dood van hun vriend, werkmakker, broer, zoon of echtgenoot. Sommigen konden hun emoties niet de baas en barstten in snikken uit.

Vrijgezel Luc Schamp (35), die nog bij zijn ouders woonde, was sinds 1980 bi de Aalsterse politie. Voorheen werkte hij in een drukkerij. Als bijverdienste schreef hij voor een regionaal weekblad. Hij wilde echter liever een vaste job en liet zich door zijn oom, zelf een hoofdinspecteur, overhalen om bij de politie te gaan. Alpinisme was zijn grote hobby. Zijn droom was om ooit Mount Everest te beklimmen.

Amper een week voor de feiten was hij terug uit ziekteverlet, nadat hij tijdens een politie-opdracht zijn been had gebroken.

Modelagenten

Patrick Lanckman (31) was op 6 november 1992 nog maar pas tot agent benoemd, na een stage van zes maanden. Daarvoor was hij beroepsvrijwilliger in het leger, waar hij paracommando was en net brevet van scherpschutter behaalde.

Hoofdcommissaris Carlos De Troch omschreef beiden als modelagenten. Ze waren allerminst het type om er onbesuisd in te vliegen. Luc Schamp stond bv. bekend als iemand die nooit zijn kalmte verloor. Zelfs een ervaren en geharde politieman als de commissaris had moeite om zijn emoties te bedwingen. Het telefoontje met de melding dat "twee van onze jongens zijn neergeschoten, zindert nog na.

Datzelfde onwezenlijke gevoel overviel ook politie-assistente Dina De Cremer van de sociale dienst. "Het commissariaat voelde nooit zo kil aan als die bewuste vrijdagochtend. Iedereen zat er verslagen bij". Zij moest aan de naaste familieleden het verschrikkelijke nieuws melden. "Het is niet te beschrijven wat men op dat moment meemaakt. De wanhoop, de radeloosheid, het verdriet dat met de minuut erger wordt.”

Het drama had ook een verwoestend effect op het politiekorps. Veel vrouwen en ouders wilden niet dat hun man en zoon nog langer bij de politie bleven. Kinderen huilden als hun vader nachtdienst had, uit schrik dat hem iets gelijkaardigs zou overkomen.

Spijt te laat

Voor Martine Schamp was Luc niet alleen haar broer, maar ook haar beste kameraad. Haar zoontje was al even dol op hem. Toen het jongetje een bril moest dragen en schrik had dat men hem daarvoor op school zou plagen, loste Luc dat diplomatisch op. "Van nu af aan noem ik u professorke wijsneus."

Vader Cesar herinnerde zich nog levendig dat hij op die fatale avond aan Luc, die een zware verkoudheid had, vroeg om niet te gaan werken. "Maar Luc zei dat hij 's anderendaags wel naar de dokter zou gaan. Zo was hij, gedienstig als altijd. Ik heb hem nooit meer teruggezien”.

Toen werd het ook Guy Oste te machtig. "Men verwijt mij dat het mij allemaal niets doet, maar dat is niet waar. Het spijt me. Ik probeer me in uw plaats te stellen, het moet verschrikkelijk zijn om uw zoon op zo'n manier te verliezen", mompelde hij. "Uw spijt komt veel te laat. Ge moest op voorhand weten wat ge ging aanrichten. Ge hebt ons leven gekraakt. Waarom was dat schieten nodig, met een blanco strafregister? Het is onvoorstelbaar. Ik wens verder geen commentaar te geven”, zei de getuige, die hard op zijn lip moest bijten.

Bijzonder aangrijpend was ook de getuigenis van Isabelle de echtgenote van Patrick Lanckman. Het koppel leerde elkaar kennen in het leger. Zij was meteen "verkocht”. “Patrick betekende alles voor mij. Ik heb een zeer slechte jeugd gekend. Patrick heeft mij daaruit gehaald. We hadden samen nog heel veel plannen."

Ook hun vierjarig zoontje Kevin werd sterk aangegrepen door het verlies van zijn papa. “Eerst vertelden we hem dat papa niet thuis was omdat hij nog aan het werken was. Nadien hebben we hem de waarheid gezegd. Hij weet nu dat zijn papa noot meer terugkomt, maar echt begrijpen doet hij het niet. Soms staat hij voor een foto van zijn papa en vraagt hij zich boos af wat hij misdaan neen dat zijn papa niet neer terugkomt. Als hij een een politiecombi ziet, kijkt hij altij of zijn papa er niet inzit. Zijn hartewens is om een grote brandweerwagen te hebben met een ladder die tot de hemel reikt, zodat hij zijn vader kan opzoeken.”

Kort na het drama beviel de vrouw van een tweede zoontje, Nick. Voor haar tegelijk een moment van intense droefenis en van geluk. “Ik was gelukkig omdat ik een stuk van Patrick terug kreeg. Droevig omdat ik besefte dat Nick nooit de warmte en liefde van zijn vader zou kunnen ervaren."

Bron: Gazet van Antwerpen | 14 Januari 1994

Levenslang voor politiedoder Guy Oste

Guy Oste (42) uit Zellik, die op 6 november 1992 de Aalsterse politieagenten Luc Schamp (35) en Patrick Lanckman (31) doodde die hem op nachtelijke inbraak betrapten aan de Colruyt, werd vrijdag door het assisenhof van Oost-Vlaanderen veroordeeld tot levenslange dwangarbeid. De jury had aan amper een half uur beraadslaging voldoende om hem schuldig te bevinden aan roofmoord. Het openbaar ministerie wilde van geen verzachtende omstandigheden weten en vorderde de doodstraf. "De getraumatiseerde Aalsterse bevolking verwacht van u niet anders dan dat u de zwaarste sanctie uitspreekt". De verdediging vroeg een trapje lager te gaan met het argument dat haar cliënt in paniek schoot.

“De moord op de agenten verwekte zo'n grote beroering en verslagenheid dat naast de nabestaanden en het stadsbestuur ook de Aalsterse bevolking zich burgerlijke partij stelde. Dat is in dit land nog nooit voorgekomen”, aldus mr. Jef Vermassen. “De hele stad rouwt mee met de familie. De dag van de begrafenis was de stilste dag ooit in Aalst. Roofmoord is het ergste misdrijf in ons strafwetboek. In de visie van de advocaat was er sprake van een regelrechte executie."

"De slachtoffers hebben hun moordenaar nooit gezien. Ze zijn met hun combi voorbij de wagen van de beschuldigde gereden en wachtten hun collega's op. Oste is hen in de rug geslopen en heeft hen zonder pardon afgeknald zonder dat ze de kans kregen te reageren. Indien hij per ongeluk zou hebben geschoten, zoals hij beweert, dan zou hij nadien compleet in elkaar zijn gestort. Hij was integendeel nog voldoende koelbloedig om tijdens een dolle rodeorit zijn achtervolgers van zich af te schudden.”

Volgens mr. Vermassen vertoonde de beschuldigde alle kenmerken van een psychopaat. “Dat soort mensen is niet vatbaar voor verbetering omdat ze geen schuldgevoelen hebben. Bij de Aalsterse politie kijkt men nu al met een bang hart uit naar de dag waarop Oste weer vrijkomt. Hou ook daarmee in uw beraadslaging terdege rekening."

Advocaat-generaal Luc Hellin voelde niets dan misprijzen voor de beschuldigde, die hij een onmens noemde. Volgens hem probeerde hij zich er uit te praten en zijn wandaad te herleiden tot een fait divers. Er waren tal van objectieve elementen die de versie van Oste ongeloofwaardig maakten. De door hem beschreven manier van optreden van de slachtoffers klopt helemaal niet met de voorschriften om een verdachte aan te pakken. Al even onwaarschijnlijk is dat Luc Schamp hem naar de combi riep. De brigadier was op die avond zo hees dat hij nauwelijks kon fluisteren.

De omsingelingsbeweging van de andere patrouille rond het warenhuis duurde nog geen minuut. Die korte tijdsspanne valt moeilijk te rijmen met de uitleg van de beschuldigde dat hij de agenten pas doodschoot toen er na een korte woordenwisseling een schermutseling ontstond. Er waren de bevindingen van de wapenexpert dat Luc Schamp van dichtbij dwars door het hoofd werd geschoten.

Dat alles wees erop dat Guy Oste als een koele, beheerste en sluwe moordenaar tewerk ging, die zijn slachtoffers compleet verraste. "Doe hen dan ook geen verder onrecht aan door in hun houding een aanleiding te zoeken voor de schietpartij", besloot de aanklager.

Wel spijt

Als eerste verdediger sleutelde mr. Kathleen Desaegher aan het negatieve beeld van haar cliënt. “Gesloten en zwijgzaam als hij is kan Guy Oste moeilijk zijn gevoelens uiten. Maar daaruit mag men niet afleiden dat hij geen spijt heeft voor wat hij heeft aangericht. Hij is ook maar een gewone mens, die niet gespaard is gebleven van tegenslagen. Ondanks alles wilde hij iets bereiken in zijn leven waar hij trots op kon zijn. Een mooie illusie die als een zeepbel uit elkaar spatte op het moment van zijn betrapping.”

Als dochter van een politieagent kon de jonge advocate heel goed begrijpen wat de familie van de slachtoffers meemaakte. Toch vroeg ze om enige clementie te tonen voor Guy Oste. In een uiterst kort pleidooi stelde mr. Victor Van Aelst de jury gerust dat hij niet zou uitpakken met juridische spitsvondigheden. "Als advocaat moet je correct blijven met jezelf. Je kan uw client niet tegen alles in verdedigen. Ook wij zijn sterk aangegrepen door de getuigenissen en het onnoemelijke verdriet van de burgerlijke partijen. U gaat mij dus zeker niet horen zeggen dat de vermoorde agenten fouten hebben begaan.”

“Wij pleiten daarom volmondig schuldig en mijn client is het daarmee eens." Tot slot vroeg de raadsman ook oog te hebben voor het zware kruis dat de familie Oste moet torsen. Ook hun leven is verwoest, maar zij moeten daarbij nog de schande dragen met een moordenaar verwant te zijn.”

Tijdens de debatten over de strafmaat deed zich nog een incident voor toen de verdediging aanvoerde dat haar client de dood van de agenten niet gewild heeft. "Dat had u moeten pleiten toen de schuldvraag aan de orde was", fulmineerde het openbaar ministerie. Voorzitter Heimans riep de advocaat tot de orde en zei dat in dit onderdeel van het proces enkel nog de verzachtende omstandigheden ter sprake kunnen komen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 15 Januari 1994

Burgemeester en politie van Aalst houden stille betoging

Burgemeester Annie De Maght van Aalst en haar hoofdcommissaris van politie organiseren vandaag een stille betoging door het centrum van Aalst. Het merkwaardige en hoogst uitzonderlijke daarbij is dat het stadsbestuur, de politie en een deel van de bevolking van Aalst daarmee willen protesteren tegen een arrest van het assisenhof van Oost-Vlaanderen omdat de dader “slechts" levenslang kreeg.

Vrijdagavond werd de 42-jarige Guy Oste, uit Zellik, door dat assisenhof veroordeeld tot levenslange dwangarbeid nadat de jury hem schuldig had bevonden aan dubbele roofmoord. Het openbaar ministerie had de doodstraf geeist. Guy Oste schoot in november 1992 de twee Aalsterse politieagenten Patrick Lanckman (31) en Luc Schamp (35) dood. De agenten hadden hem's nachts betrapt bij een inbraak aan het warenhuis Colruyt. Het arrest van vrijdag heeft in Aalst woede en verdriet losgeweekt, ook bij de burgemeester en hoofdcommissaris, die vandaag een stil protest door Aalst organiseren.

Andere politiekorpsen hebben beloofd de actie te steunen en een afvaardiging naar Aalst te sturen. Het politiecommissariaat van Aalst blijft vandaag de hele dag gesloten. VLD-burgemeester Annie De Maght: "Wij weten dat we met het stille protest niets aan de zaak veranderen. Wij leggen ons neer bij de beslissing van het Oost-Vlaamse assisenhof, maar kunnen dit niet zomaar aan ons voorbij laten gaan. Al hebben we in Aalst veel respect voor de democratie, we voelen ons toch door het gerecht in de steek gelaten. We vragen ons af of de ernst van de situatie wel wordt ingeschat. Wat moet er nog meer gebeuren om de doodstraf te krijgen? En wie geeft mij het antwoord op de vraag hoe ik het hele korps nog kan motiveren om zich totaal in te zetten voor de veiligheid van de bevolking?"

De burgemeester is niet de enige die haar emoties nauwelijks de baas kan. Op het politiecommissariaat van Aalst hebben zich kleine drama's afgespeeld na de bekendmaking van de strafmaat. "Vrijdagnacht heb ik gepraat met professor Quintijn, die instond voor de psychologische begeleiding van de agenten. Hij heeft moeten vaststellen dat alle slachtofferhulp door het arrest werd teniet gedaan. Wij moeten helemaal opnieuw beginnen", aldus nog Annie De Maght.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Januari 1994

Stil protest tegen uitspraak assisenhof Aalsterse

Bij de politie van Aalst lopen de emoties hoog op. Guy Oste, de dader van de dubbele roofmoord op twee agenten, kreeg wel levenslange dwangarbeid maar, zeggen de agenten, dat betekent "slechts" een goede twaalf jaar cel. "Dat betekent zes jaar om één agent te vermoorden. In de praktijk komt het erop neer dat Oste dus na een aantal jaren opnieuw als een vrij man rondloopt", zo zeggen politieagenten “Van ons wordt gevraagd dat wij sterk zijn. Dat wij voor de veiligheid zorgen. Wel, ik denk dat wij dit in Aalst te goed doen. Het is hard van de dader te moeten horen dat de agenten maar niet zo snel moesten zijn.”

Een gevaarlijke denkwijze, want wat zal er gebeuren als de agenten in Aalst voortaan niet zo snel zullen reageren? Hoe zal de criminaliteit dan bestreden worden, vragen vele Aalstenaars zich af. Velen zijn het er dan ook mee eens dat het politiekorps tot actie overgaat. Om uiting te even aan de diepe gevoelens lie leven, heeft de burgemeester samen met hoofdcommissaris Carlos De Troch vrijdagnacht nog beslist om vandaag, maandag, een stille optocht te
houden.

"Die optocht is onze manier om de woede, het verdriet, de onmacht en het leed van de getroffen families en het hele politiekorps te uiten. Wij hebben het recht om onze gevoelens op onze eigen manier te verwerken", aldus de burgemeester. De stille optocht vertrek vandaag om 9 uur aan het politiecommissariaat van Aalst. Van daaruit wordt de laatste weg - de Aalstenaars noemen het de "dodenweg" - van de twee onfortuinlijke agenten Patrick Lanckman en Luc Schamp gevolgd. Naast het ongeveer 200 man sterke politiekorps, zullen ook afvaardigingen van andere politiekorpsen aanwezig zijn. Het politie commissariaat van Aalst blijft de hele dag gesloten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Januari 1994

Aalst voelt zich door gerecht in de steek gelaten

Door de straten van Aalst trok gisterenmorgen een stille betoging tegen het arrest van assisenhof van Oost-Vlaanderen dat Guy Oste, de moordenaar van twee Aalsterse politieagenten, veroordeelde tot levenslang. Het openbaar ministerie had voor deze dubbele roofmoord de doodstraf gevraagd. Aalst reageerde geschokt op de uitspraak van het assisenhof en voelt zich door het gerecht in de steek gelaten.

Burgemeester Anny De Maght: "We buigen het hoofd voor hun verdict, hoezeer het ons ook ontgoochelt. Roofmoord is één van de ergste misdrijven in het strafwetboek en moet volgens de wet gesanctioneerd worden met de doodstraf. Dat is niet gebeurd, vandaar ons groot verdriet en onze verontwaardiging.”

Met deze stille optocht wil de burgemeester niet oproepen tot wraak, maar wel op een waardige manier een signaal geven aan de beleidsvoerders. De uitspraak werkt demotiverend voor de politieagenten: "Mensen, die er zijn om mensen te beschermen, hebben uiteindelijk zelf ook recht op bescherming", stelt een geëmotioneerde burgemeester. Zij verklaarde dat zij alle mogelijke stappen zal ondernemen om te beletten dat de dader zich ooit nog op het grondgebied van Aalst begeeft.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Januari 1994

Aalst betoogt sereen, maar geschokt na vonnis assissenzaak-Oste: "Uitspraak kwam als een tweede moord"

In alle sereniteit maar sterk gevoelsgeladen trokken gisterenochtend familieleden, nabestaanden, burgemeester en schepenen, het hele Aalsterse politiekorps en afvaardigingen uit Kortrijk, Gent, Lede, Erpe-Mere, Denderleeuw en Haaltert in stoet naar de Colruyt waar op 6 november 1992 Patrick Lanckman (31) en Luc Schamp (35) vermoord werden door Guy Oste. Afgelopen vrijdag werd deze laatste veroordeeld tot levenslang, terwijl het openbaar ministerie de doodstraf geëist had.

Heel Aalst reageerde geschokt op de uitspraak. Met deze stille optocht wil burgemeester Anny De Maght een signaal geven aan de beleidsvoerders. "Wij buigen het hoofd voor het verdict, hoezeer het ons ook ontgoochelt. Maar mensen die er zijn om mensen te beschermen hebben zelf toch ook recht op bescherming", stelde een geëmotioneerde burgemeester.

Met de optocht gaven meer dan vierhonderd mensen uiting aan hun gekwetste gevoelens. Ondanks de ochtendkoude sloten Aalsterse burgers zich spontaan bij de rouwstoet aan. Samen met de foto's van de vermoorde agenten werd een grote rouwkrans van witte rozen meegedragen en op de herdenkingsgraven aan de Colruyt-parking neergelegd. Daarna trok de stoet doorheen het centrum van de stad naar de Keizershallen waar burgemeester Anny De Maght in alle sereniteit uitlegde waarom Aalst ontgoocheld is.

"Aalst is bedroefd omdat de vijftien rechters onder wie drie beroepsmagistraten blijkbaar onvoldoende hebben begrepen wat alle rechtgeaarde burgers in dit land van hen hadden verwacht. Sommigen zullen zeggen dat wij op wraak uit zijn en ons laten leiden door haatgevoelens. Dat is niet waar. Ondanks alles willen wij onze waardigheid niet prijsgeven en wij respecteren deze uitspraak. Maar wij willen de beleidsvoerders een signaal omdat de rechters dit nagelaten hebben".

Volgens de burgemeester zou het uitspreken van de zwaarste straf een therapeutisch effect kunnen hebben op de nabestaan van de slachtoffers. Nu voelen die zich in de steek gelaten. "Ons gerechtelijk systeem houdt blijkbaar wel rekening met dadershulp maar heel weinig met slachtofferhulp", stelde de burgemeester.

Dina De Cremer van de sociale dienst van de politie houdt zich bezig met de slachtofferhulp. Ze kan haar ontmoediging moeilijk wegsteken: "Wij werken al meer dan een jaar met de getroffen families. Wekelijks hebben wij contact met hen en trachten wij hen bij te staan in het verwerken van hun leed".

"Deze mensen keken uit naar vrijdag, naar de uitspraak. Het zou het begin van hun genezingsproces kunnen zijn. Maar die uitspraak kwam voor hen als een tweede moord. Ook binnen het korps is de ontgoocheling groot. Onze agenten werken voor het gerecht en juist door hun werkgever worden ze in de steek gelaten. Dat maakt het des te pijnlijker".

Politieagent Jean-Marie Van Branteghem stelde dat deze tocht in eerste instantie voor de nabestaanden van de overleden agenten een steun is. "Het is niet prettig te weten dat voor dergelijke daden er zo'n korte straf uitgesproken wordt. Voor ons agenten is het goed nog eens na te denken over de gevaren waaraan wij bloot staan en uiterst voorzichtig te werk te gaan bij elke interventie.”

Mevrouw Lanckman, weduwe van Patrick Lanckman, die hoogzwanger was tijdens de begrafenis in november '92, zei dat het hard is om dit opnieuw eens door te maken, maar hoopte dat met de stille optocht de ernst van de zaak en de gevolgen tot iedereen zouden doordringen. "Donderdag wordt ons zoontje Nick één jaar. Kevin wordt er vier. Ik wilde hem niet meebrengen om geen medelijden op te wekken. Hij heeft het bijzonder moeilijk. Hij zou hier enkel maar opnieuw naar zijn papa gaan zoeken. Dat doet hij voortdurend. Ik durf met hem bijna niet over zijn papa praten. Hij weet dat een stoute meneer zijn papa heeft afgenomen en dat die meneer nu in de gevangenis zit. Het is zo moeilijk voor hem dat te begrijpen", vertelt Mw. Lanckman ontroerd.

Burgemeester Anny De Maght beloofde dat zij alle mogelijke stappen zal ondernemen om te beletten dat de dader zich ooit nog op het grondgebied van Aalst begeeft. "Ik heb beloofd dat ik alles zal doen om zo'n man buiten het Aalsterse grondgebied te houden. Ik ga brieven sturen naar de ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie en als parlementariër ga ik me bezighouden met de wet Lejeune", aldus een verbeten Anny De Maght.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Januari 1994

1,128

(32 replies, posted in Plaatsen)

Op 16 oktober 1984 wordt in Oostende de 19-jarige Franse barmeid Evelyne Haverlant vermoord. De artikels van het assisenproces geven ons een inkijk in het criminele milieu en de wereld van prostitutie in Oostende.

1,129

(1,353 replies, posted in 1983)

Er zijn geen gelijkenissen tussen Piro en robotfoto nr. 18. En zelfs als er al gelijkenissen zouden zijn, dan zegt dit niets. Er zijn tientallen verdachten die gelijkenissen vertonen met die tekening.

1,130

(0 replies, posted in 1980-1989)

Samenvatting

  • Wat? Moord op een vrouw en moordpoging op twee mensen

  • Wanneer? In de nacht van 15 op dinsdag 16 oktober 1984

  • Waar? Bar La Grange in de Smet de Naeyerlaan 2 in Oostende

  • Wie? Alain Davreux verscheen voor deze feiten voor het Hof van Assisen maar werd vrijgesproken

  • Status: Onopgelost

In oktober 1984 wordt de 19-jarige Franse barmeid Evelyne Haverlant in bar “La Grange” in Oostende in oktober 1984. Ze werd ’s nachts met meerdere messteken om het leven gebracht; ook vonden diezelfde nacht twee gewelddadige feiten plaats in een bar in Deinze.

Alexis Davreux werd als hoofdverdachte aangehouden en stond in 1986 terecht voor roofmoord en dubbele poging tot doodslag. Het proces bracht een complex web van getuigenissen uit het prostitutiemilieu, tegenstrijdige verklaringen en twijfels over motief en dader aan het licht. Uiteindelijk werd Davreux door de jury vrijgesproken van moord en pogingen tot doodslag, maar wel veroordeeld voor diefstal en wapenbezit.

Alexis Davreux:

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/alexis10.jpg

Franse dienster te Oostende vermoord

De gerechtelijke diensten staan in Oostende voor een moeilijke opdracht, nadat dinsdagnamiddag een 19-jarige Franse dienster vermoord werd gevonden in de bar “La Grange”, gelegen Desmedt De Naeyerlaan 2, te Oostende, een buurt waar nog verschillende andere bars worden uitgebaat. Naast de deur werd negen jaar geleden trouwens een barexplortante door een jonge kerel vermoord.

De Franse jonge vrouw, Evelyne Haverlant, werd dinsdagnamiddag vermoord aangetroffen door de uitbater, een Brusselaar die in Oostende nog verschillende andere bars exploiteert. Getuigen hebben verklaard dat de vermoorde jonge vrouw om drie uur dinsdagmorgen nog in het verlichte uitstalraam zat. In bar “La Grange” waren twee diensters werkzaam, volgens beurtrol. De vermoorde had nachtdienst.

Sedert een maand was zij werkzaam in Oostende. Zij had haar intrek genomen in een kleine flat gelegen boven de bar. De dader heeft zijn slachtoffer met een mes verschillende keren bewerkt. De kleren van de vermoorde dienster werden in het uitstalraam van de bar gevonden. Boven de bar woonde een jonge man die momenteel wordt opgezocht. Volgens de onderzoekers zal het onderzoek in deze zaak erg moeilijk verlopen. Er wordt gewacht op de juiste uitslag van de sectie die vandaag wordt uitgevoerd. Vermoed wordt dat de moord omstreeks 3u gepleegd werd door een cliënt.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Oktober 1984

Moordenaar van Oostends barmeisje nog spoorloos

De dinsdagnacht te Oostende gepleegde moord op het Franse barmeisje Evelyne Haverlant (19) was gisteren nog niet aan opheldering toe.

De jonge vrouw werd in de namiddag dood aangetroffen door een vriendin, die haar in de bar “La Grange”, de Smet de Naeyerlaan 2, was komen opzoeken. In haar kamer op de eerste verdie ping vond ze Evelyne Havetlant levenloos op haar bed. Ze vertoonde verwondingen aan keel en borst. Later zou de wetsdokter uitmaken dat een steekwonde in de keel en drie in de linker borst het slachtoffer fataal waren geweest en dat de moord omstreeks 3u moet zijn gepleegd.

Aanvankelijk dacht het gerecht dat de eigenaar van de bar of de op de tweede verdieping wonende R.T. (38) voor het onderzoek nuttige gegevens zouden kunnen aanbrengen. Maar dat lijkt niet het geval te zijn geweest. Bovenbuur R.T. was aanvankelijk onvindbaar, hetgeen vermoedens deed rijzen. Spoedig leek hij sedert enkele dagen op zwier in de stad en bij zijn voorleiding kon hij een sluitend alibi voorleggen Over het slachtoffer wist hij weinig of niets te vertellen.

Op de vlucht?

Zo is men er langzaam van overtuigd geworden, dat de dader iemand moet zijn uit de vriendenkring van Evelyne Haverlant. Zij was pas enkele weken geleden te Oostende aangekomen. Was ze op de vlucht voor iemand en is deze er in korte tijd achter gekomen waar ze zich ophield? Blijkbaar kende zij haar aanrander en is ze naar haar kamer gevlucht. De moordenaar is haar echter achtervolgd. Hij trapte daarvoor een deur in om het barmeisje dan op haar kamer af te maken. Met deze voor de hand liggende versie kan het onderzoek zich spoedig verleggen naar Noord-Frankrijk, vanwaar Evelyne Haverlant afkomstig is.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Oktober 1984

Oostends barmeisje slachtoffer van roofmoordenaar

De 19-jarige Evelyne Haverlant, die dinsdag door een vriendin op haar kamer in de bar “La Grange” aan de de Smet de Naeyerlaan 2 te Oostende vermoord werd aangetroffen, is volgens de laatste gegevens van het onderzoek, vermoedelijk het slachtoffer geworden van een roofmoordenaar. In een zijstraat van de de Smet de Naeverlaan werd immers haar handtas teruggevonden waarin wel nog persoonlijke papieren werden gevonden, maar waaruit het geld was verdwenen.

Men heeft ook uitgemaakt dat in de bar de ingetrapte deur van binnenuit is geforceerd. Het lijkt gebruikeliik dat, vooraleer met een client naar boven te gaan, de meisjes in een eenmanszaak de uitgangsdeur sluiten om te voorkomen dat de bezoeker er zonder betalen zou vandoor gaan. De sleutel van de deur wordt dan ergens weggeborgen.

De moordenaar heeft aldus bij het verlaten van het huis de deur gesloten gevonden, en heeft die gewoon ingestampt. Hij heeft niet eens de tijd genomen om de kamer of de bar te doorzoeken, want er werd niet de minste wanorde vastgesteld. Het gerecht zette donderdag zijn speurtocht naar de dader verder zonder evenwel over precieze gegevens omtrent zijn identiteit te beschikken.

Bron: Gazet van Antwerpen | 19 Oktober 1984

Arrestatie in moord Oostendse barmeid

De gerechtelijke diensten hebben vrijdagavond de 35-jarige Alexis Davreux aangehouden die als de vermoedelijke moordenaar van de 19-jarige barmeid in bar “La Grange” te Oostende wordt beschouwd. Het gaat om een Waal die geregeld in Bredene verbleef. Gebleken is dat hij sedert ruime tijd erg nauw bevriend was met een barmeid die vroeger nog werkzaam is geweest in bar “La Grange” te Oostende alwaar de moord werd gepleegd. Deze barmeid kwam met de uitbater in conflict en ging dan maar in een andere bar te Antwerpen werken. Nadat ze weg was in “La Grange” werd haar plaats ingenomen door de 19-jarige Française. Deze was nog maar sedert een maand werkzaam in de bar “La Grange” waar ze midden deze week met een mes werd omgebracht.

Bron: Gazet van Antwerpen | 22 Oktober 1984

Naamse pooier in juni voor West-Vlaams Assisenhof

Maandag 16 juni begint voor het Assisenhof van West-Vlaanderen een proces dat vooral de wereld van de prostitutie en de pooierij zal boeien, beroeren en bezig houden. De 56-jarige pooier Alexis Da vreux, geboren te Wépion op 16 februari 1935 en officieel als "leurhandelaar" gedomicilieerd in het Naamse Eghezée zal terecht staan wegens roofmoord dubbele moordpoging, een reeks diefstallen en verboden wapendracht.

Op 14 oktober 1984 drong Alexis Davreux met valse sleutels binnen in de woning van Pierre Bourgeois in Oostende en stal er een stereo-installatie en een convertor voor een TV-toestel. Twee dagen later en nog in Oostende doodde hij de prostituee Evelyne Haverkant en jatte vervolgens haar grijze dames handtas, waarin een niet onbelangrijke geldsom stak. Evelyn Haverkant onderhield een “zakelijke” relatie met Pierre Bourgeois.

Dezelfde dag nog, maar dan in Deinze, probeerde hij Monique Pallards en Marc Delhez, die beiden met prostitutie aan de kost komen, te doden. Het onwettig bezit van wapen slaat op een trommelrevolver en op een dolkmes.

Bron: Gazet van Antwerpen | 29 Maart 1986

Zware jongen verschijnt voor West-Vlaams Assisenhof

Voor het Assisenhof van West-Vlaanderen start maandag het proces van Alexis Davreux (51), uit het Waalse Eghezée. Hij staat terecht wegens roofmoord en een tweevoudige poging tot doodslag. De feiten dateren van 16 oktober 1984 toen in de bar La Grange, de Smet de Naeyerlaan te Oostende, de 19-jarige dienster Evelyne Haverlant door Davreux met vier messteken om het leven werd gebracht. Davreux nam achteraf de handtas van de Française mee, die pas enkele weken in de bar werkzaam was.

Het was niet de eerste maal dat de dader, jongste uit een gezin van drie kinderen en leurder van beroep, met het gerecht in aanraking kwam. Hij werd reeds veroordeeld voor opzettelijke slagen en verwondingen, diefstal en souteneurschap. Op 16-jarige leeftijd verlaat Davreux de school en nauwelijks 18 jaar wordt hij voor twee jaar beroepsvrijwilliger bij de Belgische landmacht. Davreux is een man van 12 stielen en 13 ongelukken, verschijnt onregelmatig op zijn werk, krijgt de smaak van het uitgaansleven te pakken en loopt achter de vrouwen aan.

Zijn twee huwelijken waaruit hij twee dochters heeft, lopen op echtscheidingen uit. Davreux wordt een “zware jongen”; hij leeft samen met prostituees en verblijft zelfs enkele jaren in Marseille om zo aan vervolgingen in België te kunnen ontsnappen.

Bij zijn terugkeer in Belgie zit hij een gedeelte van zijn straf uit waartoe hij door het Hof van Beroep te Antwerpen in 1983 was veroordeeld. Hij leert enkele baruitbaters kennen uit het Oostendse waaronder de eigenaar van “La Grange” waar zijn vriendin tijdelijk werkzaam is. Samen met haar betrekt hij een kamer boven de bar. Later verhuizen zij naar Bredene.

Tijdens de verhoren bleef Davreux ontkennen dat hij Evelyne Haverlant zou vermoord hebben. Hij kende haar niet en had nooit met haar gesproken. Uit getuigenissen bleek evenwel dat Davreux wel interesse had getoond voor Evelyne en haar voor zich had willen winnen. Hij houdt tevens staande niets van de twee pogingen tot doodslag af te weten die zich in de nacht van 15 op 16 oktober 1984 in een bar te Deinze hadden voorgedaan.

Het Hof wordt voorgezeten door raadsheer Paul De Corte, terwijl het openbaar ministerie wordt waargenomen door procureur Mark Florens. De beklaagde wordt verdedigd door Mr. Paul Smolderen uit Antwerpen. Het vonnis wordt op dinsdag 24 juni verwacht.

Bron: Gazet van Antwerpen | 16 Juni 1986

Alexis Davreux leefde in duistere bars

Voor het Assisenhof van West-Vlaanderen begon het proces van Alexis Davreux (51) uit Eghezée, die beschuldigd wordt van roofmoord op een dienster en twee pogingen tot doodslag. Alexis Davreux was een man die het grootste gedeelte van zijn leven in duistere bars doorbracht.

De feiten speelden zich af op 16 oktober 1984 in de bar La Grange aan de Smet de Naeyerlaan te Oostende. Daar werd de 19-jarige dienster Evelyne Haverlant, van Franse nationaliteit, met 4 messteken door Davreux neergestoken. Het was Pierre Bourgeois, uitbater van de bar, die op 16 oktober rond de middag, de akelige ontdekking van het jonge slachtoffer deed. Diensters van een nabijgelegen café hadden argwaan gekregen toen zij in de ingang van de bar glasscherven hadden zien liggen. Ze hadden Bourgeois hiervan op de hoogte gebracht.

Evelyne Haverlant, die pas enkele weken in de bar werkzaam was, werd met een 15 cm lang mes doodgestoken. In haar mond stak een prop papier. Via een tipgever die Davreux als vermoedelijke dader aanwees, slaagde de BOB erin Davreux te Oostende aan te houden. In zijn wagen werden een dolkmes van 31 cm lang, een trommelrevolver en een loper aangetroffen, de sleutel waarmee Davreux zich toegang kon verschaffen tot de verschillende vertrekken in La Grange. Hij ontkent echter iets met de moord te maken te hebben, alsook met de diefstal die enkele dagen voordien in La Grange werd gepleegd en met twee pogingen tot doodslag in de nacht van 15 op 16 oktober in de bar “Cinquième Avenue” te Deinze. Daar zou hij een dienster met een mes in de keel gestoken hebben en haar de mond hebben gesnoerd. Een zekere Delhes die op dat ogenblik in de bar aanwezig was zou eveneens door Davreux aangevallen zijn.

Wat Davreux tijdens de onderzoeken verklaart wordt echter doorprikt door de verklaringen van de diverse getuigen die Davreux via een robotfoto formeel herkennen als diegenen die bij de drie feiten betrokken was.

Vrouwen en drank

Na het samenstellen van de jury (6 dames en 6 heren) werd de beschuldigingsakte voorgelezen. Alexis Davreux was de jongste in een gezin van drie. Met zijn andere broers kwam hij slechts occasioneel in contact. Hij was 17 jaar toen zijn vader, landbouwer in Wépion, stierf. Zijn moeder overleed in een gesticht. Davreux zegt de schoolbanken op 16-jarige leeftijd vaarwel en wordt beroepsvrijwilliger. Uit zijn rapporten blijkt dat hij eerder lui en onverschillig van aard is.

Hij treedt drie maal in het huwelijk en heeft twee dochters. Hij gaat steeds meer op zwier, verschijnt niet regelmatig op het werk en geraakt ingeburgerd in het nachtleven. Bars en prostitutie zijn z'n leven en zelf geeft hij grif toe dat er periodes waren dat hij iedere dag een andere vrouw had. Hij baat tijdelijk een dancing en bar uit en loopt veroordelingen op wegens souteneurschap en uitbating van een ontuchthuis.

Dagelijks zit hij aan de fles en vanaf 1977 gaat het sterk bergaf. Hij leeft met verschillende prostituées maar neemt de vlucht naar het gangsterhol Marseille om aan verdere veroordelingen te ontsnappen. Wanneer voorzitter Decorte hem vraagt of er gelijkenissen bestonden tussen het milieu in Oostende en - Marseille antwoordt Davreux - steeds geassisteerd door een tolk daar hij geen Nederlands spreekt - dat de gelijkenissen inderdaad groot zijn. “Men gebruikt alle middelen om vrouwen voor zich te laten “werken” en men schrikt er niet voor terug om hen hun kinderen af te nemen”, aldus Davreux.

Hij verlaat het “milieu” in Marseille om zijn oudste dochter vaker te kunnen bezoeken en gaat vanaf 1983 samenleven met Viviane Coppens met wie hij vorig jaar, tijdens zijn gevangenisschap in het huwelijk treedt. Uit het onderzoek is tevens gebleken dat Davreux, samen met enkele kornuiten uit Oostendes rosse buurt, het plan had opgevat om een bezoeker van het casino te Oostende, die voor grof geld speelde te overvallen en hem de keel over te snijden. Later bleek dat zij hier Louis Swartenbroeckx geviseerd hadden, de Wetterse verzekeringsagent en de man die als marketingdirecteur bij het casino van Oostende werkzaam was.

Hij werd door het parket van Dendermonde aangehouden en wordt ervan verdacht 250 miljoen te hebben verduisterd waardoor tussen 300 en 400 spaarders werden bedrogen. Vandaag gaat men over tot het verhoor van de beklaagde.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Juni 1986

Alexis Davreux: “Ik heb Evelyne niet vermoord”

De tweede dag van het proces dat voor het West-Vlaamse Assisenhof gevoerd wordt, werd nagenoeg volledig gewijd aan het verhoor van de beklaagde, de 51-jarige Alexis Davreux, die beschuldigd wordt van roofmoord op de barmeid Evelyne Haverlant en van dubbele poging tot doodslag.

De voorzitter peilde naar de relaties die tussen Davreux en zijn Oostendse vrienden waren tot stand gekomen: Rosschaert die later de tip gaf die tot de aanhouding van Davreux zou leiden, Coia en Bourgeois, uitbater van La Grange, waar de moord plaatsvond. Davreux had geen hoge dunk van Pierre Bourgeois omdat hij aan zijn diensters te hoge eisen stelde. Hij liet Viviane Coppens, toen vriendin en nu echtgenote van de beklaagde, te lang werken en Davreux was dan ook opgelucht toen Viviane haar job als barmeid bij Bourgeois opgaf.

Voorzitter De Corte vroeg Davreux: “Hebt u gezegd : Bourgeois, die moet er nog eens aan?”. “Dat ontken ik ten stelligste, antwoordde Davreux met een grijnslach, dat zou te gevaarlijk geweest zijn en hij voegt eraan toe: “Ik ben nooit agressief geweest”.

Wanneer Davreux een eerste keer door onderzoeksrechter d'Hoest verhoord wordt blijkt dat de beklaagde een goed herinneringsvermogen heeft maar dat hij in het vage blijft om zodoende een verdedigingssysteem op te bouwen. “Neen”, zegt Davreux kordaat, “dat was niet om me te verdedigen. Ik ben blijven liegen want ik wist niet wat er gebeurd was. Ik vernam het overlijden van Evelyne via een krantenartikel op 18 oktober 1984 toen ik in Duinkerke verbleef. Ik wist dat ik het niet gedaan had dus bleef ik op mijn standpunt.”

“Waarom klampt u zich aan deze flagrante leugens vast?”, wou de voorzitter weten. “Ik ben bereid de waarheid te zeggen maar ik heb een gerechtelijk verleden. Ik maak geen sympathieke indruk…” voegt Davreux er verontschuldigend aan toe. Voorzitter De Corte drukt hem op het hart dat hij voor het Hof onschuldig blijft. “De jury moet uiteindelijk een beslissing nemen”. “Ja, onschuldig voor het Hof misschien, maar niet voor de gerechtelijke politie”, aldus Davreux.

Het verhoor van de beklaagde is verwarrend. Hij geeft antwoorden die in tegenstelling staan tot vroeger afgelegde verklaringen en brengt ook nieuwe feiten aan. Ook over de nacht van de moord schijnt hij zich weinig te kunnen herinneren. Hij geeft toe in La Grange geweest te zijn voor middernacht en daarna is hij huiswaarts gekeerd. Hij had de dolk, het vermoedelijke moordwapen niet bij zich. Net zoals tijdens het onderzoek blijft Davreux de moord op Evelyne ontkennen en zegt haar nooit in bewuste bar bezocht te hebben. Volgens Rosschaert had Davreux gezegd: “Ik ken een jonge Franse dienster die alleen is in La Grange, Ik heb haar reeds verschillende keren ontmoet. Ik hoop dat zij voor mij zal kunnen werken.” “Dat is je reinste onzin”, zegt Davreux.

Over de twee pogingen tot doodslag schijnt hij evenmin iets af te weten. “Ik heb mijn verklaringen pas gewijzigd toen ik ondervond dat mijn compagnons Coia, Rosschaert en Bourgeois mij aan het manipuleren waren. Ze waren een complot aan het smeden tegen mij zodat ik de sigaar zou zijn.” Zo denkt Davreux erover. Uit de antwoorden van Davreux blijkt overigens dat hij gemakkelijk beïnvloedbaar was.

Tijdens zijn gevangenschap in Brugge poogde Davreux zich van het leven te beroven omdat, naar zijn zeggen, de armtierige levensomstandigheden zijn echtgenote Viviane toen leefde, hem depressief maakte.

Op het einde van de zitting nam de eerste getuige, onderzoeksrechter D'Hoest plaats op de getuigenstoel en deed het relaas van de feiten. Of het arrest op dinsdag 24 juni zal vallen valt nog af te wachten want door de vele vragen dreigen de debatten uit te lopen. Nog 38 getuigen moeten aan het woord komen en vandaag is het de beurt aan de leden van de BOB en de gerechtelijke politie.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Juni 1985

Davreux werd door Rosschaert en Bourgeois verklikt

Het werd gisteren een dag vol bezwarende getuigenissen voor Alexis Davreux die zich voor het Assisenhof van West-Vlaanderen moet verantwoorden wegens roofmoord op de 19-jarige dienster Evelyne Haverlant op 16 oktober 1984 in de bar “La Grange” te Oostende. De 51-jarige man, geboren in het Waalse Eghezée, die aandachtig en rustig, via zijn tolk, de debatten volgt, wordt ook beschuldigd van een tweevoudige poging tot doodslag in de bar “5th Avenue” te Deinze, waar hij een barmeid en haar vriend met een dolk aanviel.

Onderzoeksrechter D'Hoest gaf een uitvoerig relaas van de feiten en het grondig onderzoek waarin men aanvankelijk geen enkel spoor had. Op 18 oktober 1984 echter trokken Pierre Bourgeois, uitbater van 3 bars te Oostende waaronder “La Grange”,en André Rosschaert, beter bekend als Dédé Rosschaert, naar de rijkswacht te Oostende en wezen Davreux als dader van de brutale moord op Evelyne en de aanslagen in Deinze aan. Bourgeois en Rosschaert hadden op eigen houtje een onderzoek ingesteld.

Nadat Bourgeois van de moord op de hoogte was, ondervroeg hij zijn dienster, hij belde naar zijn bar in Deinze waar hij van de pogingen tot doodslag hoorde en ledge de link met de diefstal van de stereo-keten in La Grange enkele dagen voordien. Hij concludeert dat enkel Davreux de dader kon zijn. Bourgeois en Dédé Rosschaert geen vriendschapsbanden echte onderhielden, waren goed gekend in het “Oostendse milieu”, op en rond de Van Iseghemlaan en de Langestraat. Hun verklaringen werden bijgevolg met een korreltje zout genomen. Men hield er rekening mee dat het hier om een afrekening in het milieu zou kunnen gaan, maar hun beweringen werden nagetrokken en bleken juist te zijn.

Bevestiging

Ondertussen had men van de BOB Deinze en rijkswachtbrigade te Gent bevestiging gekregen van wat er te Deinze gebeurd was. Alle stukjes van de puzzel pasten in elkaar. Alleen Davreux, die op vrijdag 18 oktober te Oostende werd aangehouden, bleef alles loochenen. Hij kende Evelyne niet, had haar nooit ontmoet en had die avond de La Grange niet bezocht. Achteraf bekende hij de diefstal van de stereo-installatie. Niet alleen Davreux maar ook enkele van de 30-personen uit het milieu werden ondervraagd. Sommige van de diensters werden op leugens betrapt maar Bourgeois had zijn meisjes goed in de hand. Iedereen trok aan één kar. De prostituées vertelden onwaarheden omwille van de lieve vrede en als Bourgeois daarvoor het licht op groen zette, werden andere versies van de feiten gegeven.

Voor de leden van de BOB en rijkswachtbrigade van Oostende waren Rosschaert en Bourgeois geen onbekenden. Dit duo voelde zich thuis in de rosse buurt van Oostende. Volgens opperwachtmeester Tahon van de BOB Oostende was Bourgeois duidelijk overstuur toen hij bij de rijkswacht de moord op Evelyne ging melden. “Ik denk niet dat hij komedie speelde”, aldus Tahon, die er nog wel aan toevoegde dat Bourgeois geweigerd had de doodskist voor Evelyne Haverlant te betalen zodat men zich hiervoor tot het OCMW moest wenden.

Vandaag verschijnt Bourgeois op de getuigestoel. Het zal wellicht geen prettig weerzien worden met de beklaagden.

Bron: Gazet van Antwerpen | 19 Juni 1986

Vrouwen drijven Davreux in het nauw

“Evelyne was een eenvoudig meisje. Ze praatte niet veel. Ze was nog maar pas in “het milieu” verzeild geraakt en had het beroep van barmeid nog niet onder de knie. Dat was misschien de reden waarom ze eerder bang was”, zo sprak Véronique Waquier, de dienster die samen met Evelyne, in dienst voor Pierre Bourgeois, de bar “La Grange” aan de de Smet de Naeyerlaan te Oostende werkzaam was.

Het proces van Alain Davreux (51), die beschuldigd wordt van roofmoord en een dubbele poging tot doodslag op 16 oktober 1984 was gisteren aan de vierde dag toe. De hoofdfiguren van dit misdaadverhaal, dat voor de 6 dames en 6 heren van de jury van het Assisenhof van West-Vlaanderen ontrafeld wordt, zullen pas vandaag op de getuigenstoel geroepen worden.

Pierre Bourgeois en Dédé Rosschaert die Davreux bij de rijkswacht van Oostende als dader van de moord op de 19-jarige Evelyne Haverlant tipten, worden deze voormiddag door voorzitter Pol Decorte verhoord.

Dolk

Na de leden van de gerechtelijke politie, werd Monique Pallarols verhoord. Zij was het die op de bewuste nacht van 15 op 16 oktober 1984, net als Evelyne Haverlant, in haar bar te Deinze het bezoek kreeg van Davreux.

Pallarols, afkomstig van Toulouse, werd zoals de andere Franstalige getuigen bijgestaan door een tolk. Zij en haar vriend Marc Delbez, als getuige opgeroepen maar momenteel in Mexico verblijvend, werden door Davreux met een dolk aangevallen. Op de vraag van voorzitter Decorte of zij Davreux als haar aanvaller herkent, zegt zij overtuigend “ja, het was Davreux die mij met een dolk heeft aangevallen maar het mes herken ik niet.” De dolk die in de wagen van Davreux gevonden werd, wordt haar overhandigd.

“Ik herken dat mes niet”, zegt ze, “de dolk van mijn aanvaller had twee snijdende zijden. Het lemmet was bovenaan niet gekarteld”. Het komt haar voor dat de man met de snor op het ogenblik van de feiten meer haar op het voorhoofd had. Ook de andere diensters die op 15 oktober het nachtelijk bezoek van Davreux kregen, herkennen de beklaagde, de man die kalm, ietwat hulpeloos, in het beklaagdenbankje zit.

Vooral het gezicht, de snor en de stem laten er bij hen geen twijfel over bestaan dat Davreux de gezochte man is.

Zijn wil is wet

Uit het getuigenis van Waquier die Davreux in “Le Corutrai” te Oostende leerde kennen, kwam duidelijk naar voor hoe Bourgeois zijn “meisjes van plezier” in de hand hield. “Hebt u een verklaring voor het feit dat Evelyne boven in haar kamer dood werd aangetroffen. Was het toegestaan om met een klant naar de 1ste verdieping te gaan?”, vroeg voorzitter Decorte. “Dat was strikt verboden. Indien Pierre Bourgeois dat zou te weten komen, vlogen we op staande voet aan de deur”, aldus Waquier. Zij geeft toe dat Davreux haar op 15 oktober 1984 in La Grange bezocht heeft maar over het tijdstip worden tegenstrijdige verklaringen afgelegd. Davreux beweert dat bij vóór 12u 's nachts de bar binnenkwam, terwijl Waquier zegt dat hij tussen 12 en 3u 's nachts is aangelopen.

Ook Waquier herkent Davreux waarop voorzitter Decorte haar vraagt waarom zij ontkend had dat Davreux haar die nacht had opgezocht. “Toen men Davreux had aangehouden vertelde ik Pierre Bourgeois dat Alex die avond bij mij was geweest. Ik vroeg Pierre of ik dat feit aan de BOB moest meedelen waarop hij antwoordde dat dit van geen belang was, het was niet nodig.”

“Heeft Bourgeois u ooit aàngezet om valse verklaringen af te leggen? Heeft hij u ooit bedreigd indien u iets zou verklappen?”, wou voorzitter Decorte weten. Het antwoord van de getuige was tweemaal “Neen”.

Door de lange getuigenverhoren is men ondertussen wel achterop geraakt waardoor Pierre Bourgeois, die oorspronkelijk gisteren als getuige zijn plaats had moeten innemen, nu pas vandaag zal verschijnen. Ook Dédé Rosschaert wordt vandaag verwacht. Zij zullen ongetwijfeld voor meer duidelijkheid zorgen in deze zaak waarbij dagelijks nieuwe gegevens bekent geraken.

Getuige kwam niet opdagen

Eén der getuigen Marie-José Roiseux, barmeid in de “Samourai” te Oostende, daagde gisteren niet op en werd prompt veroordeeld tot het betalen van een geldboete van 6.000 fr. en de dagvaardingskosten. Ze wordt terug opgeroepen om vandaag voor het Assisenhof van West-Vlaanderen te Brugge te verschijnen.

De laatste getuige van de dqg was een jonge Oostendse vrouw die op dinsdag 16 oktober Pierre Bourgeois omstreeks 9u 's morgens uit de bar “La Grange” zag lopen. Zij kwam van de werklozencontrole en was op weg naar haar ouders. Zij herkende Pierre Bourgeois in het fotoboek bij de stedelijke politie te Oostende. De getuige is er van overtuigd dat het Pierre Bourgeois was die zij toen gezien heeft. Ze kon zich niet vergist hebben. Zij stond op amper 7 à 8 m van hem vandaan toen hij de bar verliet. Ze gaf ook een goede beschrijving van zijn Mercedes. Ze was bereid met Bourgeois geconfronteerd te worden en dat zou niets aan haar verklaring wijzigen.

Dit feit zou belangrijk kunnen blijken. Indien Bourgeois toen reeds het lijk van Evelyn had aangetroffen - zij werd immers in de bar in de nacht van maandag op dinsdag vermoord - waarom had hij dan tot 14u15 gewacht om deze gruwelijke ontdekking bij de rijkswacht te melden?

Bron: Gazet van Antwerpen | 20 Juni 1986

Davreux een meester-leugenaar?

Het verhoor van Pierre Bourgeois, een slanke, rijzige, gedistingeerde veertiger, met perfect zittend maatkostuum en uiterst verzorgd voorkomen nam de hele voormiddag in beslag. Zelfverzekerd stapte de man de zaal binnen terwijl Alexis Davreux (51) uit Eghezée, beschuldigd van roofmoord en dubbele poging tot doodslag, hem vanuit de ooghoeken aankeek.

Haat

Pierre Bourgeois, geboren te Rijsel, zegt verontwaardigd dat hij nooit pooier geweest is. Sedert de gruwelijke misdaad in zijn bar “La Grange” in Oostende heeft hij al zijn instellingen geliquideerd en is momenteel beheerder van 7 appartementsgebouwen.

In de nacht van maandag 15 op dinsdag 16 oktober 1984 werden in 3 van zijn 4 bars diensters lastig gevallen door een vreemd individu met grote snor en die Frans sprak. Voor Evelyne Haverlant de onervaren barmeid in La Grange kende deze ontmoeting een fatale afloop. Het was Bourgeois die de pas aangeworven dienster Haverlant dinsdag 15 oktober badend in het bloed in haar slaapkamer aantrof. Het meisje was overleden aan de gevolgen van 4 messteken waarbij een long doorboord werd en een rib doorbroken.

Voorzitter Decorte trok het alibi van de getuige na en reconstrueerde, samen met hem, het scenario van deze misdaadfilm. Zijn verklaringen stemden in grote mate overeen met wat hij vroeger gezegd had, hoewel hij ontkent met klem dat hij dinsdagmorgen om 9u in de nabijheid van “La Grange” geweest was. Donderdag zei een getuige formeel dat zij Bourgeois daar gezien had. Er bleek nog wat onduidelijkheid omtrent de sleutelbossen. “Er waren er twee en één ervan, die van Davreux, was mij nooit terugbezorgd”, aldus Bourgeois, die, rad van tong, via tolk, “zijn waarheid” aan het Hof en de jury verkondigde.

De voorzitter merkte terloops op “U verdedigt zich goed”, waarop Bourgeois “Wanneer men de waarheid zegt, moet men zich goed verdedigen. Ik was helemaal overstuur toen ik Evelyne vond, lijkbleek werd ik en heb de rijkswacht verwittigd. Ik had me nooit aan iets ernstigs verwacht toen de diensters van de nabijgelegen bar me naar La grange riepen. Aanvankelijk dacht ik niet dat Davreux de dader kon zijn. Ik stelde zelf een onderzoek in. Niets mochten we verborgen houden om de moordenaar te vinden. Donderdag heb ik in een cafeetje in de Langestraat te Oostende alle details aan Dédé Rosschaert verteld die zei: “Pierrot, het is toch niet mogelijk dat je de dader niet kent”.”

“’s Avonds belde hij mij op en zei “Ik weet wie het is Pierrot”. Dédé had tranen in de ogen en toen vroeg ik hem plots: “En uw vriend Davreux, waar is die” en voegde eraan toe “Hij is het, hé”. Dédé zei niets maar zijn stilzwijgen was bevestigend. We hebben niet geaarzeld en hebben de BOB Oostende op de hoogte gebracht. Het was vreemd dat Davreux plots de wijk had genomen naar Frankrijk vanwege een ruzie met Viviane. Hij zou zich in Frankrijk schuil houden en zijn dokter bezoeken. Davreux belde Roschaert regelmatig op en vroeg hem of de rijkswacht hem nog niet op het spoor was. Dédé en ik konden hem overhalen naar Oostende terug te keren waar hij werd aangehouden.”

“Stel dat Davreux de dader is wat kon dan zijn motief geweest zijn voor de moord op Evelyne”, vroeg de voorzitter. “Daar heb ik lang over nagedacht”, zucht Bourgeois. “Ofwel was het misplaatste haat t.o.v. mij ofwel hebben zijn eigenaardige seksuele neigingen hem tot deze slachting gebracht en wou hij zo het aangename aan het nuttige koppelen.” Davreux zou ooit aan Dédé gezegd hebben: “Ik zal die Fransman Bourgeois wel nog eens krijgen en ... Er is er daar ééntje in La Grange - doelend op Evelyne - die helemaal alleen is. Die kan ik gemakkelijk krijgen”, aldus Bourgeois die zegt geen spijt of wroeging te hebben omdat hij Davreux heeft aangegeven. “Er is geen sprake van een samenzwering. Ik kende Davreux nauwelijks. Ik heb er geen baat bij om Davreux voor
20 jaar de cel in te sturen.”

Er werden nog enkele getuigen verhoord waaronder de wetsdokters Prof. Timperman en Deslypere. Voor de advocaat van de verdediging Mr. Smolderen, die volgens voorzitter Decorte de balie van Antwerpen alle eer aandoet, wordt het niet gemakkelijk na deze getuigenissen op de vijfde dag van het proces te hebben aanhoord.

Maandag worden o.a. nog Déde Rosschaert en Viviane Coppens, echtgenote van Davreux op de getuigenstoel geroepen. Het arrest wordt pas donderdag verwacht.

Bron: Gazet van Antwerpen | 21 Juni 1986

Dédé Rosschaert: mijn beste vriend verklikken deed pijn

Op de getuigenstoel in het Assisenhof van West-Vlaanderen te Brugge nam gisterenmiddag André Rosschaert, Dédé voor zijn vrienden, plaats. In een Antwerps-Brussels dialect gaf hij op een ietwat nonchalante maar niettemin overtuigende manier repliek op de vragen van voorzitter Decorte. Meer dan eens lokten zijn spontane antwoorden reacties uit bij het publiek. Dit alles werd stilletjes gadegeslagen door de beklaagde Alexis Davreux (51) uit Eghezée die zich voor het Assisenhof moet verantwoorden voor een roofmoord en een dubbele poging tot doodslag, gepleegd in de nacht van 15 op 16 oktober 1984. Een jonge barmeid, Evelyne Haverlant, werd toen in de bar La Grange te Oostende met vier messteken van het leven beroofd.

Meepakken

“Ik leerde Davreux in Antwerpen kennen”, babbelde Dédé erop los, “en nadien kwam hij met Viviane Coppens, zijn huidige echtgenote naar Oostende waar hij haar aan een baantje als dienster wou helpen. Ik regelde een afspraak voor hem met Bourgeois waarna Viviane eerst in Deinze en later in la Grange aan de slag kon. Ja, ik heb veel voor hem gedaan”, voegt Dédé er peinzend aan toe. “Davreux was een goede vriend van mij, een "gentil" jongen maar toen begon hij zich bizar te gedragen. Hij slikte pillen en ik begon hem te mijden.”

Voorzitter Decorte vroeg Davreux: “Dédé, was dat een goede vriend van U?” Davreux zei verlegen: “Ik dacht dat het een goede vriend was…”.

“Eigenlijk heb ik geen uitstaans met Bourgeois maar hij was het die mij van de gebeurtenissen in La Grange op de hoogte bracht”, aldus Dédé. “Aanvankelijk verdacht ik Davreux van niets maar toen klikte alles in elkaar. Bourgeois vertelde me van de aanslagen in de bars in Deinze, hij gaf een beschrijving van de aanvaller nl. een man met een snor, ik dacht aan het haastige vertrek van Davreux naar Frankrijk. Dinsdagmorgen had Davreux met Viviane geruzied omdat de benzinetank alweer leeg was, wat mogelijk op het afleggen van grote afstanden zou wijzen... Ik knoopte alles aan elkaar en plots ging er bij mij een licht op: Davreux moet Evelyne gedood hebben”.

Dédé Rosschaert, een vlotte prater, gaat verder met zijn verhaal: “Davreux kende Evelyne en had me ooit nog eens gezegd: ‘Er is daar een meisje alleen. Da's iets om mee te pakken’. Het ging zeker om Evelyne”, voegt de getuige eraan toe, “want hij had haar zeker reeds 4 maal opgezocht”.

Haat

Op 18 oktober hadden Dédé Rosschaert en Pierre Bourgeois de BOB van Oostende op het spoor naar Davreux gebracht. Bourgeois had Dédé verplicht om hem te vergezellen want Dédé zou anders als medeplichtige aan de moord verdacht worden. “Davreux was mijn goede vriend. Ik nodigde hem uit voor een etentje, hielp hem als ik kon en het was niet gemakkelijk om hem bij de politie aan te geven. Het was hard. Het heeft mij pijn gedaan. Wat Evelyne was overkomen was zo gruwelijk dat ik het moest doen”. En wat met de diefstal van de stereo-keten in de bar "La Grange".

“Hebt u Davreux die opdracht gegeven?” vroeg de voorzitter aan Dédé Rosschaert. “Helemaal niet maar Davreux kon de Fransman (P. Bourgeois) niet uitstaan, hij haatte hem vooral nadat hij Viviane uit zijn bar had gewipt. Hij had hem voordien al willen "kapot maken" met een riot gun maar toen heb ik hem daar kunnen van weerhouden. Trouwens Davreux zou nooit naar Frankrijk gevlucht zin omwille van een banale ruzie met Viviane want zij hadden meer dan eens ruzie”, zei de getuige terloops.

Dédé Rosschaert vertelt de jury en het hof nog dat Davreux een exemplaar sleutels had laten bijmaken en dat Viviane hem had toevertrouwd dat zij dinsdagmorgen onmiddellijk kleren had moeten wassen van Davreux. Zij had er niet op gelet of er bloedspatten op waren. Voorzitter Decorte vraagt de beklaagde of hij nog vragen heeft. Davreux haalt de schouders op en zucht: “Ik ken al hun antwoorden en wanneer de Fransman zegt dat ik hem haat dan vergist hij zich. Ik heb nooit iemand gehaat”.

Kalmpjes neemt Davreux zijn plaats in. Met de dag wordt dit proces ingewikkelder en het was dan ook niet verwonderlijk dat voorzitter Decorte op een gegeven ogenblik zei: “Hier hangt één prangende vraag in de zaal, nl. Wie liegt hier?” 's Voormiddags zei prof. Ghysbrecht nog dat Davreux een luie leerling was en een gemiddeld intellectueel vermogen bezat Hij was seksueel actief en had een zwaar beladen seksueel verleden maar kon niet pervers genoemd worden. Hij betekende geen gevaar voor de maatschappij en was niet ziekelijk agressief. Vandaag worden Viviane Coppens, echtgenote van Davreux en de h. Servais van de gerechtelijke politie (moraliteitsverslag) gehoord.

Bron: Gazet van Antwerpen | 24 Juni 1986

Viviane Coppens zag haar man als de dader

Zenuwachtig en wat onwennig nam Viviane Coppens gisteren in het Assisenhof van West-Vlaanderen te Brugge plaats op de getuigestoel. Deze 33-jarige vrouw, die momenteel in Antwerpen woont, trad op 19 juli 1985, binnen de gevangenismuren te Brugge met Alexis Davreux (51) in het huwelijk. Het verhoor van de vrouw nam de hele voormiddag in beslag Toen de vragen zich toespitsten op het intieme huwelijksleven van het koppel en de bizarre seksuele neigingen van Davreux, werden de debatten met gesloten deuren verdergezet.

Viviane ontmoette Davreux 11 jaar geleden in 't Schipperskwartier van Antwerpen. Ze woonden reeds 11 maanden samen toen zich het drama in La Grange afspeelde. Ze konden goed met elkaar opschieten. Viviane vertelde hoe zij via Dédé Rosschaert met Bourgeois in contact kwam en in zijn bar La Grange werd tewerkgesteld. “Ik werkte niet graag voor Bourgeois”, geeft Viviane toe. “Ik moest 12u per dag werken en dat was te veel.”

Bovendien streek Bourgeois te veel geld op van zijn diensters. Davreux kon de werkwijze van Bourgeois evenmin goedkeuren. Viviane maakte mee hoe één van de diensters het restaurant The Sloop aan de Van Iseghemlaan te Oostende binnenkwam en vertelde hoe zij door Bourgeois geslagen was. “Was Davreux kwaad op Bourgeois?” vroeg voorzitter Decorte. “Hij was niet tevreden maar echt kwaad was hij niet”, antwoordde Viviane stilletjes.

Volgens Viviane Coppens slikte Davreux te veel pillen. Hoewel hij reeds sedert geruime tijd geen alcohol meer dronk, was het net alsof hij steeds dronken was. Hij liep thuis tegen het meubilair aan, was vermoeid, had een maagzweer, hij beefde erg, zijn herinneringsvermogen was slecht en hij had hoofdpijn. “Ik was kwaad die dinsdagmorgen toen ik merkte dat het pijltje van de benzinemeter van de auto sterk gedaald was. Davreux beweerde dat er iets fout was met de meter maar dat geloofde ik niet. Ik wist dat hij loog tegen mij en daarom ben ik gedurende enkele dagen nors geweest tegen hem”.

Op donderdagavond vernam Viviane Coppens van Dédé Rosschaert wat er in “La Grange” gebeurd was. Ik vond het eigenaardig toen Dédé me in The Sloop zei: “Wat ben ik blij dat ik je zie, want ik dacht dat je iets overkomen was”. Toen heeft Dédé het verhaal verteld. Daarop werd aan de getuige de dolk getoond, die zij niet herkende. Volgens Davreux kon zij dat ook niet, daar hij het wapen verborgen had gehouden. Onderzoeksrechter Beernaert gaf een uitvoerig relaas over de feiten en over het onderzoek Hij schilderde het milieu van prostitutie met zijn eigen gedragscode en ongeschreven voorschriften.

“Bij de start van een onderzoek in dergelijke milieus weten wij dat de ondervraagden bepaalde zaken zullen verzwijgen en vragen sowieso negatief zullen beantwoorden. Men zegt niet veel over elkaar. Bepaalde zaken mogen het daglicht niet zien, dus worden ze maar binnen de muren van de bars gehouden. Hoe meer geld de klant spendeert, hoe beter. Een goede dienster is ook iemand die veel geld in het laatje brengt maar die vrijwel nooit echt met de klant naar bed gaat. Het goedkoopste drankje kost al vlug tussen 400 en 700 fr. Eén van de stelregels is dat er eerst betaald en pas dan geschonken wordt. Een klant wordt onmiddellijk getaxeerd, ziet hij er solvabel uit, dan vergezelt men hem later naar een salon- netje, waar het meestal tot wat gescharrel komt, maar niet meer.”

Daarna schetste onderzoeksrechter Jean-Marie Beernaert het drama zelf. Hij had het over het tijdsgebruik van Bourgeois en zijn alibi. Hij vertelde dat de diensters verplicht waren de andere bars te verwittigen als er een onderzoek ingesteld werd. De h. Beernaert zei dat ook Viviane Coppens langzamerhand Davreux als de dader aanzag nadat Rosschaert haar alles verteld had. Hoewel onderzoeksrechter Beernaert aanvankelijk wantrouwig stond tegenover de verklaringen van Dédé Rosschaert bleken alle stukjes van de puzzel die Bourgeois en Rosschaert verzameld hadden, in elkaar te schuiven en samen het portret van Alexis Davreux te vormen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 25 Juni 1986

Wie is de dubbelganger van Davreux?

Alexis Davreux zwijmelde gisteren heen en weer op zijn stoel in het Assisenhof van West-Vlaanderen te Brugge. Toen de voorzitter hem vroeg wat hem overkwam antwoordde hij: Vorige nacht heb ik voor de eerste maal geslapen sedert december. Men heeft me iets gegeven om beter te slapen, vandaar... Deze 51-jarige man uit Eghezée wordt beschuldigd van de roofmoord op Evelyne Haverlant in de bar La Grange te Oostende in de nacht van 15 op 16 oktober 1984 en een tweevoudige poging tot doodslag op een barmeid en haar vriend in een bar te Deinze.

De h. Servais van de gerechtelijke politie van Brugge werd gisteren als laatste getuige gehoord. Hij bracht de moraliteitsverslagen van slachtoffer en beklaagde. Evelyne Haverlant werd in Frankrijk geboren en was de oudste van vijf kinderen, maar die kinderen werden verwaarloosd. Evelyne volgde beroepsschool, maar was geen pientere leerlinge. Met tegenzin lieten haar pleegouders haar op 18- jarige leeftijd naar het buitenland vertrekken.

Ze zwalpte toen van Gent naar De Panne waar ze, volledig berooid, opgepikt werd door Dominique Di Pauli, en in La Grange aan de slag ging. Davreux verbleef in Antwerpen van 1966 tot 1979. Hij leefde er samen met een travestiet en prostituées. Door zijn losbandig nachtleven in bars lopen zijn twee huwelijken op de klippen. Nochtans kon Davreux, jongste van drie zonen, hard werken. Gedurende 5 jaar is hij in dienst van een transportbedrijf waar hij als een noest arbeider aangeschreven staat. Hij heeft echter een onstandvastig karakter. Al zijn vrienden in Antwerpen zijn pooiers.

Jaloersheid, wraak, het niet betalen van schulden, waren er de oorzaak van dat de zaken dikwijls “uitgepraat” werden tijdens een vechtpartijtje. Davreux, die zijn interesse voor vuurwapens niet onder stoelen of banken steekt, liep altijd gewapend rond. Hij deed dat om de stoere jongen uit te hangen. Omdat het gerecht hem op de hielen zat, trekt hij in 1979 naar Marseille waar zijn kennissen eerder tot het zware kaliber behoorden. De h. Servais voegde er tot slot nog aan toe dat Davreux aan pillen verslaafd was, zijn bijnaam is trouwens “Monsieur Pilule”.

Dubbelganger

Daarop gaf de voorzitter een korte toelichting bij het begrip roofmoord en somde de 9 vragen op die de juryleden moeten beantwoorden. Procureur-generaal Marc Florens hield daarop zijn rekwisitoor waarin hij Davreux als een pooier met internationale ervaring bestempelde, een man met eigen zeden en gewoonten die gemakshalve leefde op de kosten van de vrouwen. We weten dat Davreux wraakplannen koesterde t.o.v. Bourgeois. Hij had dus een motief, was vertrouwd met La Grange en beschikte over de sleutels van de bar.

Davreux diste leugens op om de gerechtelijke diensten op een dwaalspoor te brengen, maar alle gegevens wijzen in zijn richting. Hij zei de juryleden dat Alexis Davreux en niemand anders Monique Palarols en Mare Delhez had willen doden en Evelyne Haverlant effectief de dood had ingejaagd.

Iedereen luisterde aandachtig naar het sterke pleidooi van Mr. Smolderen. Hij vroeg de jury negatief te antwoorden op de vragen over de roofmoord en de twee pogingen doodslag. “Davreux is geen harde jongen, hij heeft nooit een vrouw tot prostitutie aangezet, hij is geen geweldenaar en liep trouwens nooit veroordelingen op wegens geweldplegingen. Bovendien werd hij nooit voor een zedendeIict veroordeeld. De beweringen dienaangaande zijn gestoeld op geruchten die nooit bewezen werden. Davreux was ook geen gewoontedief.”

Volgens Mr. Smolderen staat het buiten kijf dat Pierre Bourgeois dinsdagmorgen uit de bar La Grange kwam. Getuige Leurs herkende Bourgeois formeel. Verbijstering alom wanneer Mr. Smolderen plots een stuk uit het bundel haalt waarin één van de diensters van de Samourai spreekt over een persoon die als twee druppels water op Davreux gelijkt. De man in kwestie kende ook Bourgeois, was geen onbekende in het uitgaanskwartier van Oostende en sprak over Evelyne. Hij was echter dik en gestuikt en had meer haar op het voorhoofd.

“Zijn stem en manieren herinnerden mij aan de vreemde man die mij hier maandagnacht 15 oktober kwam bezoeken”, zegt barmeid Rocherieux. Deze man heeft trouwens ook meer gelijkenissen met de robotfoto die aan de diensters werd voorgelegd. Dit nieuwe gegeven heeft de juryleden gisteren wellicht behoorlijk doen twijfelen of Alexis Davreux nu al dan niet de mogelijke dader was van de gruwelijke moord op Evelyne en de aanslagen op Monique Palarols en Marc Delhez in de bar 5th Avenue te Deinze. Vandaag volgen de replieken en het arrest.

Bron: Gazet van Antwerpen | 26 Juni 1986

Davreux niet schuldig aan moord

Voor het Hof van Assisen van West-Vlaanderen te Brugge werd Alexis Davreux (51) uit het Waalse Eghezée gisterennamiddag vrijgesproken van de roofmoord op Evelyne Haverlant en de poging tot doodslag op Monique Palarols en Marc Delhez in de bar “5th Avenue” te Deinze. Bij de aanvang van de negende procesdag deelde de voorzitter mee dat er een subsidiaire vraag zou gesteld worden, nl. heeft Davreux zich schuldig gemaakt aan de doodslag op Evelyne Haverlant? In zijn repliek vroeg Mr. Smolderen verdediger van de beklaagde, aan de jury negatief te antwoorden op deze bijkomende vraag.

Vooraleer de voorzitter Decorte de juryleden de vragen voorlegde, kreeg Alexis Davreux het laatste woord. “Ik geef mijn woord van eer en mijn woord als man dat ik onschuldig ben. Ik heb de moord en de pogingen tot doodslag niet gepleegd. Ik ben daar niet toe in staat”, zei beklaagde. Na ruim drie uren beraadslagen achtte de jury Davreux onschuldig zowel aan roofmoord als aan doodslag op Haverlant. Evenmin werd hij schuldig bevonden aan poging tot doodslag in de bar te Deinze.

Wel oordeelde de jury dat hij schuldig was aan diefstal met braak en inbreuken op de wapenwet. Procureur Florens vorderde daarop acht jaar gevangenisstraf, terwijl de verdediging de voorhechtenis van 20 maanden meer dan voldoende achtte. Na een nieuwe beraadslaging werd Davreux tot tien maanden veroordeeld, zodat hij als een vrij man het gerechtsgebouw mocht verlaten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 27 Juni 1986