1,141

(3 replies, posted in 1980-1989)

Etser uit Nethen met kogels doorzeefd

In het struikgewas achter een parkeerterrein van de autoweg Brussel-Namen, richting hoofdstad, werd donderdag voormiddag te Overijse-Maleizen, het lichaam aangetroffen van een man. Het slachtoffer werd vermoord met een vijftiental schoten afgevuurd van op korte afstand door twee automatische pistolen.

De dode is René Claessens (49), etser en kunstschilder van beroep, ingeschreven aan de Hamme-Millestraat 133 in Nethen, deelgemeente van Grez-Doiceau (Graven) in Waals-Brabant.

Een vrachtwagenbestuurder die aan een natuurlijke behoefte moest voldoen, zag in het struikgewas achter de parking het levenloze lichaam liggen. Het slachtoffer was getroffen in de borst- en hartstreek. Ook zijn knieschijf en de onderste ledematen waren geraakt.

Volgens de wetsdokter zou de moord tussen 4 en 5 uur donderdagochtend zijn gebeurd. Een boer uit de omgeving hoorde omstreeks dat tijdstip vuurschoten. Op het parkeerterrein zagen de speurders een bruine Ford Taunus staan. Op die auto waren stickers van de VAB-VTB en van de gemeente Bertem aangebracht. Dankzij de nummerplaat kwam de rijkswacht vrij vlug achter de identiteit van het slachtoffer, hoewel de wagen op de naam van zijn vrouw was ingeschreven.

De plaats van de moordpartij, de parking naast de autoweg te Overijse-Maleizen, is min of meer bekend als rendez-vous-oord voor homofielen. Een motief voor de moord is echter nog lang niet achterhaald.

Bron: Gazet van Antwerpen | 19 Mei 1989

Waals-Brabantse etser met kogels doorzeefd

Het lijk van de Waals-Brabantse etser en kunstschilder René Claessens, gevonden struikgewas achter een parkeerterrein van de autoweg te Overijse-Maleizen, stelt de speurders voor problemen. Volgens het parket van Brussel kan het onderzoek naar de daders en het motief van de moord alle kanten uit. René Claessens, was geen bekende van het gerecht of de opsporingsdiensten.

Het was even na 9 uur donderdagochtend toen de vrachtwagenchauffeur het slachtoffer vond. Onmiddellijk werd de rijkswacht via een praatpaal verwittigd. De mobiele verkeerseenheid, alsook de BOB van Leuven, waren vlug ter plaatse en deden de eerste vaststellingen.

Auto

Twee rieten stoelen lagen op de achterbank van de Ford Taunus, die de speurders op de parking aantroffen. Vooraan naast de zitplaats van de chauffeur lag een bijhorend tafeltje. De mogelijkheid bestaat - maar dat kon gisterenavond nog niet worden bevestigd - dat de omgebrachte kunstenaar zich naar zijn tentoonstelling in het CC van Oudergem begaf. Maar die thesis werd ontkracht, omdat de expositie slechts open is van 15 tot 18u. De tentoonstelling bleef trouwens, na de vaststelling van de afwezigheid van de kunstenaar, gesloten. Dat besliste de directie van het Cultureel Centrum.

Voorts kwam de rijkswacht te weten dat de Ford Taunus vorige vrijdag tweedehands in een garage te Leuven werd gekocht. In de wagen werden geen bloedsporen aangetroffen. Op de rand van de parking daarentegen was er een grote bloedvlek. Alle vuilnisemmers op de parking werden onderzocht maar dit leverde geen onmiddellijk resultaat op.

Omstreeks 12u30 donderdag kwam de ontmijningsdienst van de krijgsmacht naar Overijse om te zoeken naar hulzen. Acht hulzen zijn gevonden van verschillend kaliber: 6,35 en 7,65 millimeter. Op het lichaam van het slachtoffer vond men geen portefeuille en geen papieren. Het is niet uitgesloten dat ze door de dader(s) werden meegenomen.

Het onderzoek is toevertrouwd aan de Nederlandstalige Brusselse onderzoeksrechter Vlogaert, die met substituut Jean Decodt naar de plaats van de moord kwam.

Waarom de etser werd vermoord is niet meteen duidelijk. Zijn vrouw werd langdurig ondervraagd. Ook de vrachtwagenchauffeur die het lijk ontdekte werd verhoord. Wat dit verhoor heeft opgeleverd wilde het parket van Brussel nog niet mededelen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 19 Mei 1989

Politie vindt spoor in moord op etser uit Nethen

Te Overijse-Maleizen werd donderdag 18 mei René Claessens (49) een etser uit Nethen (Waals-Brabant) vermoord aangetroffen. De man, die van een tentoonstelling in Oudergem terugkwam, werd met vijftien schoten afgemaakt. René Claessens was gehuwd en had kinderen.

De Brusselse onderzoeksrechter Johan Vlogaert blijkt nu een goed spoor te hebben gevonden dat naar een verdachte kan leiden. Die vermoedelijke moordenaar heeft de wijk genomen naar het buitenland. Vandaar dat wellicht heden woensdag een internationaal aanhoudingsmandaat wordt uitgevaardigd. De verdachte is een vreemdeling en het motief voor het neerschieten van René Claessens zou roofmoord kunnen zijn. Maar hoeveel geld het slachtoffer in bezit had toen hij meedogenloos werd neergeknald is onbekend.

Het onderzoeksteam vond echter documenten waaruit kon worden afgeleid dat de dader zijn slachtoffer heeft bestolen. René Claessens werd met twee verschillende wapens, een 6.35 mm en een 7.65 mm, doodgeschoten.

Onderzoeksrechter

Vlogaert wacht op een ultieme bevestiging van de wapendeskundige om de verdachte, die zich in een buurland zou bevinden, te laten oppakken. Mogelijk is de etser uit Nethen, deelgemeente van Grez-Doiceau (Graven), op donderdag 18 mei een eerder toevallig slachtoffer geweest van een hoogst gevaarlijke kerel die 's nachts de parkings van autowegen uitzoekt om gewapenderhand zijn slag te slaan. De plaats waar de etser werd vermoord staat bekend als een rendez-vous-oord voor homofielen.

Maar de verdachte die door onderzoeksrechter Vlogaert is geïdentificeerd, zou niet tot die kringen behoren. Blijft dan ook nog de vraag wat René Claessens op dat nachtelijk uur (de moord zou tussen 4 en 5 u 's morgens zijn gebeurd) van plan was op de parking van de autoweg in Overijse-Maleizen. Had hij een afspraak met iemand en werd hij aangerand en zonder genade uit de weg geruimd ? Dat zal het verdere onderzoek nog moeten uitmaken. Vandaar dat er nog werk op de plank is voor de verschillende politiediensten die aan het onderzoek deelnemen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 7 Juni 1989

1,142

(2 replies, posted in 1990-1999)

Watermael-Boitsfort: le meurtre de Stavros Varzos en 1996 enfin résolu grâce à l’ADN

Quinze ans après le crime, l'enquête n'était pas enterrée! La police fédérale de Bruxelles vient de réussir un joli coup en élucidant un meurtre commis en 1996 à Boitsfort.

Un homme d'affaires d'Overijse, Stavros Varzos (52), avait été abattu pour son argent, rue Nisard. En procédant à de nouvelles analyses ADN d'indices, un suspect a été identifié et arrêté en 2011. Son mandat a été confirmé la veille de Noël.

Pour les proches la victime, plus aucun espoir ne subsistait sans doute que l'on retrouve jamais l'auteur du meurtre... Aussi est-ce avec autant d'étonnement que de soulagement que la famille a entendu la police fédérale lui annoncer, voici quelques mois, que l'auteur présumé du meurtre de leur parent avait finalement été identifié et arrêté, 15 ans après! Stavros Varzos, un Belge d'origine grecque âgé de 52 ans, habitait Overijse. Il était le gérant d'une firme de catering et transportait régulièrement d'importantes sommes d'argent. Et le matin du lundi 16 décembre 1996, vers 10h20, il est venu déposer une partie de sa recette au siège de la société Ticket Restaurant, au n o220 du boulevard du Souverain, à Boitsfort.

Dix minutes plus tard, son corps était jeté depuis sa propre voiture dans une rue perpendiculaire voisine, la rue Nisard. Une balle mortelle lui avait transpercé toute la hauteur du corps, de l'épaule à la cuisse, en traversant les poumons. La victime était menottée et délestée de son portefeuille. Son véhicule, une Golf bleue, sera aperçu peu après les faits dans une autre rue de Boitsfort, face au restaurant "L'entre-temps" rue Dewolfs.

Un homme de type méditerranéen fouillait le coffre. La Golf sera finalement retrouvée abandonnée sur le parking du GB, à Waterloo. Des mois et des années d'enquête n'avaient jamais permis d'identifier les auteurs. Le juge d'instruction en charge, Damien Vandermeersch, a d'ailleurs été nommé entre-temps à la cour de cassation depuis belle lurette. Mais la section Crime de la police fédérale ne désarme jamais. En 2011, elle a pris l'initiative de relancer l'enquête, en faisant procéder à de nouvelles analyses d'indices. Car en 15 ans, la police scientifique a fait d'énormes progrès en analyses génétiques. Et bingo! Un ADN a été relevé et identifié parce qu'il était déjà fiché dans les arrondissements judiciaires d'Anvers et de Mons en 2006.

Un homme, A., a donc été amené de Tunisie et placé sous mandat d'arrêt, le 25 mai 2011, par la juge d'instruction Martine Quintin, qui a pris le relais. Il nie les faits depuis sept mois, mais son maintien en détention préventive a encore été confirmé par la chambre du conseil juste avant Noël, ce 23 décembre.

Bron: Sudinfo | 21 Februari 2012

Nieuwe verdachte in vijftien jaar oude moordzaak

De federale politie heeft een nieuwe verdachte opgepakt in een vijftien jaar oude moordzaak. De man die verdacht wordt van de moord op zakenman Stavros Varzos in Watermaal-Bosvoorde werd geïdentificeerd met de hulp van een DNA-test. Dat meldt de krant La Capitale maandag.

Stavros Varzos, een zakenman uit Overijse, werd in 1996 in Watermaal-Bosvoorde doodgeschoten. Nieuw DNA-onderzoek leidde in 2011 tot de identificatie van een verdachte. Zijn aanhouding werd recent bevestigd.

Varzos was de gerant van een cateringbedrijf en vervoerde regelmatig grote sommen geld. Op 16 december 1996 ging hij een deel van zijn inkomsten storten aan de Vorstlaan in Watermaal-Bosvoorde toen hij werd neergeschoten. Zijn lichaam werd vanuit zijn eigen wagen in een straat iets verderop gedumpt. Het voertuig van het slachtoffer werd wat later nog opgemerkt in een andere straat in de gemeente, en uiteindelijk teruggevonden op de parking van de supermarktketen GB in Waterloo.

De dader werd nooit gevat. De doorbraak kwam er toen de politie in 2011 nieuw DNA-onderzoek uitvoerde. Dat leidde naar een verdachte, die in mei in Brussel werd aangehouden. Zijn aanhouding werd op 23 december bevestigd door de raadkamer.

De man ontkent de feiten.

Bron: brusselnieuws.be | 2 Januari 2012

Vijftien jaar oude moord opgelost

De federale politie in Brussel heeft de vijftien jaar oude moord op Stavros Varzos, een zakenman uit Overijse, opgehelderd. De man werd in 1996 in Watermaal-Bosvoorde doodgeschoten. Nieuw DNA-onderzoek leidde in 2011 tot de identificatie van een verdachte.

Hij blijft de feiten ontkennen, maar zijn aanhouding werd recent bevestigd. Varzos was de uitbater van een cateringbedrijf en vervoerde geregeld geld. Op 16 december 1996 werd de man neergeschoten toen hij zijn inkomsten ging storten in Watermaal-Bosvoorde. Zijn lichaam werd vanuit zijn eigen wagen iets verderop gedumpt.

Bron: Gazet van Antwerpen | 3 Januari 2012

Peine alourdie pour l’agresseur d’un couple d’antiquaires d’Ecaussinnes

10 ans au lieu de huit. C’est la peine prononcée lundi à l’encontre de Lamine Balti par la cour d’appel de Mons. Il est reconnu coupable de l’agression contre un couple d’antiquaires d’Ecaussinnes en avril 2006.

Bron: Sudinfo | 14 Januari 2013

Deux ans de plus devant la cour d'appel

La cour d'appel de Mons a condamné lundi Lamine Balti pour l'agression d'un antiquaire à une peine de prison de 10 ans ferme. Le prévenu avait été condamné en première instance le 27 juin dernier à huit ans de prison. Il avait fait appel de cette décision.

Les faits avaient été commis le 25 novembre 2006 au domicile de la victime à Écaussinnes. Deux hommes avaient fait irruption dans la chambre de Marcel Nandancée et de son épouse. Ceux-ci avaient été ligotés. L'antiquaire avait été torturé.

Ce n'est que dans le cadre d'un dossier de vol avec meurtre commis à Bruxelles en 2010 que l'ADN trouvé sur des objets dans la maison de l'antiquaire a pu être confondu avec celui de Lamine Balti, un Tunisien domicilié en Allemagne.

Dans son arrêt , la cour tient compte de la violence des faits et des antécédents judiciaires de Lamine Balti. Le Tunisien a déjà été condamné en 2008 par le tribunal correctionnel d'Anvers à une peine de trois ans d'emprisonnement pour des faits similaires. Il avait été condamné, en 1984, par la cour d'assises de Rouen à une peine de 10 ans pour l'assassinat de deux personnes.

L'antiquaire et son épouse avaient été ligotés à leur domicile. Marcel Nandancée a été torturé par Lamine Balti.

Bron: La Dernière Heure | 18 Januari 2013

Proces voor doodslag 17 jaar na de feiten

Vandaag begint het Brusselse hof van assisen met de samenstelling van de jury het proces tegen Lamine Balti (67). De man staat terecht voor doodslag op Stavros V., een groothandelaar in voedingswaren uit Overijse. De feiten dateren van 16 december 1996, 17 jaar geleden. Het slachtoffer werd die dag dodelijk gewond aangetroffen en overleed later.

Verschillende onderzoekspistes liepen dood en in december 2003 werd het onderzoek afgesloten. In april 2009 werd het echter heropend nadat het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC) via DNA-onderzoek op een lapje stof en een gevonden haar uit de wagen van het slachtoffer uitkwam bij Tunesiër Lamine Balti. Die heeft de feiten altijd ontkend.

Balti werd in januari dit jaar al veroordeeld voor een gewelddadige aanval op een antiquair en in 1984 voor de moord op twee personen.

Bron: Het Nieuwsblad | 4 December 2013

Proces 17 jaar na de feiten

Door de overvolle Brusselse assisenkalender is het eerder uitzondering dan regel dat een proces plaats vindt binnen twee jaar na de feiten. Deze week is er echter een wel zeer oude zaak aan de gang voor het hof van assisen.

Lamine Balti (67) staat er terecht voor doodslag op Stavros V., een groothandelaar in voedingswaren uit Overijse.De feiten dateren van 16 december 1996, 17 jaar geleden. Het slachtoffer werd die dag dodelijk gewond aangetroffen en overleed later. Verschillende onderzoekspistes liepen dood en in december 2003 werd het onderzoek afgesloten. In april 2009 werd het echter heropend nadat het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC) via DNA-onderzoek op een lapje stof en een gevonden haar uit de wagen van het slachtoffer uitkwam bij Tunesiër Lamine Balti. Die heeft de feiten altijd ontkend.

Eerdere moorden

Balti is niet aan zijn proefstuk toe. Hij werd in januari dit jaar al veroordeeld voor een gewelddadige aanval op een antiquair en in 1984 voor de moord op twee personen.

Bron: Het Laatste Nieuws | 12 December 2013

Lamine Balti pour meurtre requise

L’avocat général Estelle Arpigny a requis la culpabilité de l’accusé Lamine Balti lundi matin, devant la cour d’assises de Bruxelles, pour meurtre visant à faciliter le vol. Lamine Balti, un homme de nationalité tunisienne, âgé de 67 ans, est accusé d’avoir tué un grossiste en alimentation, Stavros V., pour le voler, le 16 décembre 1996, à Watermael-Boitsfort.

La représentante du ministère public a estimé que les preuves ADN étaient suffisantes pour déclarer l’accusé coupable. Estelle Arpigny a également insisté sur le fait que l’accusé n’avait pu apporter aucune explication quant à la présence de son ADN dans la voiture de la victime.

L’avocat général a longuement relaté les antécédents judiciaires de l’accusé. Celui-ci avait notamment été condamné en France (à une peine de dix ans de prison pour un double assassinat), en Norvège et en Allemagne.

Par ailleurs, en Belgique, la cour d’appel d’Anvers l’avait condamné à dix ans d’emprisonnement pour vol avec violence, séquestration et coups et blessures. L’enquête avait permis de découvrir, dans le véhicule de Lamine Balti, une matraque téléscopique, un couteau, un spray au poivre, un revolver et une carabine. Lamine Balti avait également été condamné à Mons pour avoir agressé, volé et torturé un couple d’antiquaires à Ecaussines. Pour cette affaire, il avait à nouveau écopé d’une peine de prison.

La défense plaidera lundi après-midi.

Bron: Sudinfo | 16 December 2013

Levenslang voor Lamine Balti voor moord uit 1996

Het hof van assisen in Brussel heeft woensdag Lamine Balti veroordeeld tot levenslang. De jury had de man gisteravond schuldig bevonden aan doodslag op Stavros V., een groothandelaar in voedingswaren uit Overijse, om de diefstal van zijn wagen en gsm op 16 december 1996 in Watermaal-Bosvoorde te vergemakkelijken.

De jury en de drie rechters volgden het openbaar ministerie en Lamine Balti werd veroordeeld tot de maximumstraf. De rechters namen geen verzachtende omstandigheden in aanmerking voor de beschuldigde, een 67-jarige man van Tunesische afkomst met een zwaar gerechtelijk verleden in België en het buitenland.

Het 52-jarige slachtoffer werd op 16 december 1996 rond 10.30 uur dodelijk gewond aangetroffen door de politie op de hoek van de Nisardstraat in Watermaal-Bosvoorde. Zijn handen waren geboeid, hij had meerdere blauwe plekken in het gezicht en schotwonden in zijn dij.

Zijn wagen werd twee dagen na de feiten aangetroffen op een parking van een supermarkt in Waterloo. De cheques en het cash geld voor een bedrag van bijna 800.000 frank werden in de auto teruggevonden. Pas in april 2009 vond het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC) DNA terug van de beschuldigde op voorwerpen die in het voertuig lagen, waarna de bal aan het rollen ging.

Bron: Het Laatste Nieuws | 18 December 2013

Assises de Bruxelles: Lamine Balti condamné à la perpétuité pour le meurtre de Stavros Varzos

Le jury et les trois juges professionnels de la cour ont suivi le ministère public et ont condamné Lamine Balti à la peine maximale encourue pour le crime commis, un meurtre pour faciliter le vol. Les juges n’ont trouvé aucune circonstance atténuante pour le coupable, un homme de nationalité tunisienne, âgé de 67 ans, qui possède un lourd casier judiciaire en Belgique et à l’étranger.

La victime, Stavros Varzos, un grossiste en alimentation asiatique vivant à Overijse, était décédée à l’angle de la rue Nizard et du boulevard du Souverain, à Watermael-Boitsfort, le 16 décembre 1996, vers 10h30. Ce patron d’entreprise et père de famille âgé de 52 ans avait été touché par plusieurs balles et avait reçu des coups au visage.

Sa voiture avait été découverte deux jours après les faits, sur le parking d’un supermarché à Waterloo. Les chèques et l’argent liquide que la victime transportait, soit une somme de près de 800.000 francs belges, y avaient tous été retrouvés.

Ce n’est qu’en avril 2009 que l’INCC (Institut National de Criminalistique et de Criminologie) avait trouvé l’ADN de l’accusé sur des objets retrouvés dans cette voiture.

Bron: Sudinfo | 18 December 2013

Ook in deze zaken was DNA de sleutel

(…) Stavros V., een groothandelaar in voedingswaren uit Overijse, reed 16 december 1996 naar de bank om zijn weekomzet te storten. Hij werd overvallen en voor dood achtergelaten in Watermaal-Bosvoorde. Zijn handen waren geboeid, hij had meerdere blauwe plekken in het gezicht en schotwonden in de dij. Enkele minuten na aankomst van de politie overleed de 52-jarige man. Zijn wagen werd twee dagen later aangetroffen op de parking van een supermarkt in Waterloo.

Het geld en de dader waren spoorloos, maar speurders hadden wel een pet en een zonnebril gevonden die niet van het slachtoffer waren. Pas in april 2009 vond het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC) daarop DNA dat gelinkt kon worden aan Lamine Balti (67), een 67-jarige man van Tunesische afkomst met een zwaar gerechtelijk verleden. In 2013 werd hij door het Brusselse assisenhof veroordeeld voor doodslag.

Bron: De Standaard | 19 November 2020

1,143

(6 replies, posted in Organisaties)

Op 7 december 1972 werd een overval gepleegd op het kantoor van de Banque Copine in de Koloniestraat in Brussel. De dader, Daniel Sageret, werd in februari 1973 veroordeeld tot 2 jaar cel. Op 23 april 1974 stierf hij op 26-jarige leeftijd in Parijs.

Franse bankrover kreeg twee jaar

De 25-jarige Fransman Daniel Sageret werd maandag door de correctionele rechtbank te Brussel veroordeeld tot twee jaar hechtenis, waarvan 3/4 met uitstel. Hij had op 7 december 1972 met een 7.65mm-revolver een overval gepleegd in de Copine-bank, Koloniestraat te Brussel, waar hij 104.650 fr. roofde. Hij werd kort nadien aangehouden.

De in Parijs geboren man kwam met blanco strafregister naar ons land waar hij een paar jaar geleden huwde met een Franse vrouw. Hij heeft twee kinderen. Werkzaam bij een firma in alarmsystemen en brandkasten, verdiende hij 17.500 fr. per maand. Einde 1972 veranderde zijn gedrag en had hij bestendig geld tekort, omdat hij veel uitging. Vlak voor de bankroof had hij al 25.000 fr. schuld. Op 3 december 1972 stal hij een revolver van een vriend van zijn schoonmoeder en op 7 december, na enkele café's te hebben bezocht, trok hij tegen de middag naar de bank.

Daar waren twee bedienden en twee klanten. Onder bedreiging van zijn revolver legde hij beslag op 104.650 fr. Pas bulten, gooide de kassier een asbak door de ruiten om alarm te slaan. Toevallig reed er juist een politieauto voorbij, die de jacht inzette. De vluchtende man werd gevolgd door de Warande, in de Hortastraat tot in de garage van de Algemene Bankmaatschappij, waar hij gevat werd.

Rechter Marchandise hield rekening met een verslag van een psychiater, waaruit blijkt dat Sageret geen gevaar is voor de gemeenschap, doch wel erg impulsief is. Substituut Basch wees erop dat die impulsiviteit soms buiten normale perken treden kan, maar de verdediger, Mr. Duelz, pleitte dat het een amateur-bankrover is die voordien nooit met het gerecht te maken had. Hij vroeg een straf met uitstel, wat gedeeltelijk werd toegestaan.

Bron: Gazet van Antwerpen | 27 Februari 1973

1,144

(0 replies, posted in 1970-1979)

Samenvatting

  • Wat? Moord op een man

  • Wanneer? 6 Oktober 1978

  • Waar? Edmond Machtenslaan 143, Sint-Jans-Molenbeek » Google Maps

  • Wapen: Twee kogels van het kaliber 9mm, waarschijnlijk een revolver vermits er geen hulzen werden gevonden

  • Status: Onopgelost

De 24-jarige Pierre Adam wordt op 6 oktober 1978 in zijn bed doodgeschoten in zijn appartement. Zijn echtgenote verklaarde dat een gemaskerde man rond 5 uur ’s ochtends de slaapkamer binnenkwam en twee kogels op Adam afvuurde, maar er werden geen sporen van inbraak gevonden en ook geen hulzen of moordwapen. Omdat het voor een onbekende vrijwel onmogelijk leek om binnen te raken zonder sleutel, en haar verklaringen tegenstrijdigheden vertoonden, kwam de verdenking al snel op de vrouw te liggen, zeker gezien het milieu waarin het koppel actief was (baruitbating in de rosse buurt). Zij werd herhaaldelijk aangehouden maar ook meermaals voorlopig vrijgelaten wegens gebrek aan bewijzen. Een later spoor - een inbreker die mogelijk het wapen zou hebben gehad - bleek onzeker en bracht geen doorbraak.

Man in bed doodgeschoten te Molenbeek

Een gemaskerde kerel heeft vrijdagochtend omstreeks 5u een jonge barhouder doodgeschoten toen deze naast zijn echtgenote lag te slapen. De feiten gebeurden op de zevende verdieping van een appartementsgebouw, Edmond Machtenslaan 173 te Sint-Jans-Molenbeek.

Hoe de onbekende ongemerkt tot in de slaapkamer kon doordringen, blijft voorlopig een raadsel. Het parket, dat vrijdag ter plaatse kwam o.l.v. onderzoeksrechter Louir, zou uit de eerste vaststellingen opgemaakt hebben dat de onbekende schutter is binnengeraakt via de ingangsdeur van het appartement. Deze deur was evenwel op slot, net als de toegangsdeur tot het appartementsgebouw.

Twee kogels

Van het verloop der feiten weet men voorlopig slechts wat de echtgenote van het slachtoffer vertelde. Volgens haar verklaringen werd zij omstreeks 5u in de ochtend plots gewekt door twee schoten. Toen zij de ogen opende zag zij bij het voeteneinde van het bed een gemaskerde kerel staan, die meteen op de vlucht sloeg.

Naast de vrouw lag haar echtgenoot, die in het hoofd getroffen was door twee kogels, vermoedelijk afgevuurd met een .22 long-rifle. De vrouw heeft onmiddellijk de politie verwittigd. De man overleed enkele minuten later.

Men tast vooralsnog in het duister omtrent de motieven van dit drama. Het slachtoffer, de 24-jarige Pierre Adam, was vrachtwagenchauffeur maar tevens samen met zijn echtgenote Edmonde Henne, uitbater van een bar aan de Georges Matheusstraat te Sint-Joost-ten-Node, volop in de rosse buurt nabij het Brusselse Noordstation. Men acht het niet uitgesloten dat de misdaad verband houdt met gebeurtenissen of omstandigheden rond de bar.

In deze zonderlinge zaak is het gerechtelijk onderzoek alvast gestart met een grondige ondervraging van de echtgenote van het slachtoffer.

Geen hulzen

Eigenaardig genoeg werden op de plaats van de misdaad geen hulzen noch enig ander vuurwapen gevonden. Wel beweert de vrouw dat de dader eerst het licht heeft aangedraaid en een eerste maal heeft gevuurd toen zij nog sliep.

Daarna heeft hij nogmaals gevuurd. Aanvankelijk zei de vrouw dat het met een karabijn gebeurde, vervolgens zei ze dat het een pistool of een revolver was. De moordenaar zou haar ook teken hebben gedaan te zwijgen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 7 Oktober 1978

Nog geen licht in slaapkamermoord te Molenbeek

Het is nog steeds niet duidelijk hoe een gemaskerde man vrijdagochtend omstreeks 5u twee 9mm-kogels kon afvuren op de 24-jarige pooier Pierre Adam, terwijl deze naast zijn echtgenote te slapen lag. De man overleed aan de opgelopen hoofdwonden.

Volgens de vrouw, de 23-jarige Raymonde Henne, van het slachtoffer, werd zij door de schoten gewekt en zag zij een man, gemaskerd met een nylonkous, die onmiddellijk wegvluchtte. De vrouw werd langdurig ondervraagd en is onder arrest geplaatst, ook al heeft zij geen bekentenissen afgelegd waaruit zou blijken dat zij meer afweet van de zaak.

Zij blijft volhouden met de zaak geen uitstaans te hebben. Het komt de onderzoekers vreemd voor dat er geen sporen van inbraak gevonden zijn, terwijl de gemaskerde toch binnen geraakte in een appartement op de 7de verdieping van een flatgebouw, het nr. 143 aan de E. Machtenslaan te Sint-Jans-Molenbeek. Mogelijk bezat de indringer een sleutel.

Alleszins is er van de gemaskerde tot nog toe geen spoor gevonden, evenmin als van het wapen dat bij de moord gebruikt werd. Van het slachtoffer is inmiddels bekend dat hij enkele maanden geleden nog
een gevangenisstraf uitzat als pooier.

Bron: Gazet van Antwerpen | 10 Oktober 1978

Spoor in zes maanden oude moord te Molenbeek

De moord gepleegd op 6 oktober 1978 op de 24-jarige Pierre Adam in zijn appartement zeven hoog, Edmond Machtenslaan 143, te Sint-Jans-Molenbeek, blijft voorlopig onopgehelderd. Wel staat sinds de feiten de 23-jarige echtgenote van het slachtoffer, Raymonde Henne, onder arrest, verdacht van de moord op haar man.

De vrouw beweert onschuldig te zijn en de Raadkamer te Brussel stelde haar enkele dagen geleden in voorlopige vrijheid, beslissing waartegen het parket dadelijk beroep aantekende.

De moord gebeurde om 5u in de morgen, op het ogenblik dat Pierre Adam nog sliep. Zijn echtgenote, Raymonde Henne, vertelde later dat ze een gemaskerde man in de slaapkamer had opgemerkt, die twee kogels naar het hoofd van het slachtoffer afvuurde wat de dood tot gevolg had. Achteraf werden echter nergens sporen van braak teruggevonden en het bleek voor de dader onmogelijk in de slaapkamer te komen zonder dat iemand voor hem de deur opende.

De echtgenote wordt sindsdien verdacht van de moord, of tenminste van medeplichtigheid, want het wapen van de misdaad kon nergens in het gebouw waar de feiten gebeurden, worden teruggevonden.

Thans blijkt dat ergens in het Brusselse een inbreker werd aangehouden die verder geen uitstaans heeft met de moord op Pierre Adam, maar die in het bezit zou zijn gevonden van het wapen waarmee de moord gebeurde. Op basis van dit nieuwe element bekwam de verdediging van Raymonde Hennne de voorlopige invrijheidstelling van de vrouw.

In feite bestaat er echter de grootste twijfel over, of Pierre Adam wel met het wapen in kwestie werd neergeschoten. Dit is trouwens de reden waarom het parket dadelijk beroep aantekende.

Bron: Gazet van Antwerpen | 10 April 1979

Baruitbaatster in vrijheid gesteld te Brussel

De Kamer van Inbeschuldigingstelling bij het Hof van Beroep te Brussel stelde vrijdag de 23-jarige R.H., baruitbaatster, wonende Sint-Jans-Molenbeek, in voorlopige vrijheid. De vrouw was begin oktober aangehouden, nadat haar man, Pierre Adam, die de naam had een pooier te zijn, in het echtelijk bed werd doodgeschoten.

Volgens R.H. was de dader een gemaskerde man, die omstreeks 5u in de morgen het appartement was binnengedrongen, waar hij Pierre Adam in zijn slaap doodschoot.

R.H. werd al een paar keer door de Raadkamer te Brussel in voorlopige vrijheid gesteld, tegen welke beslissing telkens beroep werd aangetekend door het openbaar ministerie. Gezien dit keer de invrijheidstelling gebeurde door de Kamer van Inbeschuldigingstelling, kan geen beroep worden aangetekend. De beslissing van deze kamer berust erop dat er niet voldoende bewijzen voorhanden zijn volgens welke R.H. als medeplichtige in deze moord zou zijn opgetreden.

Bron: Gazet van Antwerpen | 12 Mei 1979

1,145

(3 replies, posted in Overzicht Bendes)

Drie onbekenden roofden 728.000 fr. te Watermaal-Bosvoorde

Het vredige Bischoffsheimplein te Watermaal-Bosvoorde, dat zonder de stadstram een zuiver landelijk karakter zou hebben, werd dinsdag omstreeks 10u40 opgeschrikt door de alarmschel van het agentschap der Generale Bankmaatschappij. Drie stoutmoedige gangsters waren de bank binnengevallen en konden er in minder dan geen tijd ongeveer 728.000 fr. roven om dan vliegensvlug weg te vluchten met een gestolen auto.

Er waren drie klanten in de lokettenzaal en vier bedienden toen de drie gewapende kerels binnenkwamen. Zij maakten flink kabaal, zodat de aandacht onmiddellijk op hen gevestigd was. Een onder hen, gewapend met een machinepistool, bleef dreigend in de lokettenzaal staan en hield de aanwezigen onder schot, terwijl zijn twee gezellen, elk met een pistool in de hand, achter de toonbank liepen en er alle schuiven plunderden.

De schril bellende alarmschel scheen hen geenszins te verontrusten, al zullen zij wel geweten hebben dat het alarmsysteem verbonden is met het politiecommissariaat aan de andere kant van het plein, ongeveer 400 meter van de bank verwijderd.

Schoten

De gangsters wilden in geen geval tijd verliezen, want in hun verloren zij nog heel wat briefjes van 1000 fr., zowel in de bank als op de straat waar zij snel in een Citroën doken, een gestolen auto met valse nummerplaten, die klaarstond op de hoek van de Drie Lindenstraat.

Een bediende van de bank greep nog zijn revolver en vuurde verscheidene malen op de auto met de bandieten. Hij bleek achteraf geen doel getroffen te hebben. Normaal moest hier de geschiedenis van de overval reeds eindigen, maar onvoorziene omstandigheden zorgden nog voor een sensationeel staartje. De bandieten hadden amper enkele meters met hun auto afgelegd, toen hun de weg versperd werd door een vrachtwagen met kolen, die in de enge straat maneuvreerde en de doorgang onmogelijk maakte.

Zonder dralen verlieten de gangsters met hun buit de Citroën, die in de nacht van 17 op 18 december aan de Arduinkaai te Brussel gestolen was. Zij liepen de vrachtwagen voorbij en vonden daar hun redding: een melkboer die zijn dagelijkse ronde op een ongewone manier zou moeten onderbreken.

Onder de bedreiging van hun wapens hebben de gangsters de melkboer verplicht uit te stappen. Zelf doken zij hals over kop in de Peugeot-bestelwagen en raasden, slippend op de verse sneeuw, de srtaat uit.

Februari

Kort na de middag werd de auto van de melkboer ontdekt op het parkeerterrein van een grootwarenhuis aan de Huysmanslaan te Elsene. Van de drie gangsters geen spoor meer.

In gerechtelijke kringen stelt men zich nu de vraag of de overval van dinsdag enig verband houdt met twee andere bankovervallen die de jongste tijd in het Brusselse werden gepleegd. Eigenaardig genoeg telkens op dinsdag, met een tussenperiode van veertien dagen.

Op 20 januari werd een bank overvallen aan ’t Hertogin van Brabantplein te Molenbeek, op 3 februari gebeurde en gelijkaardig scenario aan het Hoogtepunt 100-plein te Vorst.

De overvallen werden telkens gepleegd door drie mannen, eveneens gewapend. De persoonsbeschrijvingen die bij de bedienden van de overvallen banken werden ingezameld, worden nu zorgvuldig vergeleken. In tegenstelling met de eerste twee overvallen, droeg geen van de bandieten dinsdag een bergmuts. Als maskers werden halsdoeken gebruikt en de kap van een anorak. Zekerheid over het feit dat slechts een bende de drie overvallen zou zou gepleegd hebben, is er echter nog niet.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Februari 1970

Twee gewapende gangsters roofden 500.000 fr. in bank te Elsene

Twee met een revolver gewapende bandieten zijn vrijdag, omstreeks 9.20 uur binnengedrongen in een bijkantoor van de Société Générale, Oude Lindenplein te Elsene. De oudste van de twee, ongeveer 40 jaar, hield zijn wapen op de bedienden gericht, terwijl de jongste, zowat 20 jaar, over de toonbank wipte en de hand kon leggen op ongeveer 500.000 fr.

De overval was vliegensvlug gebeurd en de gangsters liepen naar bet A. Huysmansplein, waar ze in een auto sprongen die woensdag in de buurt van de Brusselse universiteit werd gestolen. Met die gestolen wagen reden de gangsters tot aan de Derbylaan waar ze het voertuig achterlieten. Van daar af heeft men geen spoor meer van de daders.

Te laat

Onmiddellijk na het gebeuren stelde een bediende van de bank het alarmsysteem in werking. De politie kwam tien minuten later ter plaatse. Volgens ooggetuigen droeg een van de gangsters een baard en sprak met een Franse tongval. De andere sprak Brussels. Omstreeks het middaguur werden aan de Franklin Rooseveltlaan twee verdachten door de politie opgeleid. Na ondervraging bleek dat zij niets met de overval hadden te maken.

De 26ste overval sinds januari In het Brusselse lukte weer eens. Dit keer hadden de daders echter het geluk aan hun zijde. Vier minuten vooraleer zij zich met dreigende revolvers vóór de vijf bedienden van de Generale Bank-maatschappij bevonden, was nog een gemotoriseerde politiepatrouille langs het Oude Lindeplein gereden. Ternauwernood ln de Kroonlaan kregen de agenten reeds het bericht dat een gewapende overval was gepleegd.

Achteraf werd ook nog vernomen dat een bediende van de bank, toen hij twee verdacht uitziende kerels uit de bank had zien weglopen, dadelijk met zijn auto de achtervolging inzetten. Het bleef echter tevergeefs.

Bron: Gazet van Antwerpen | 22 Augustus 1970

Rijkswacht en politie belegerden villa te Kraainem

Maandagnamiddag was er een grote volkstoeloop aan de brug over de voor enkele tijd buiten gebruik gestelde spoorlijn Brussel-Tervuren.

Rijkswachters met geweren in de aanslag, politieagenten en leden van de BOB in burger omsingelden aan de Tulpenstraat een vrij verwaarloosde villa die de omwonenden de “mysterieuze bunker” noemen. Iedereen had aanvankelijk het raden naar deze machtsontplooiing van rijkswacht en politie.

Uit enkele losse berichten bleek dat het Brussels gerechtsapparaat op het spoor was van de personen die de jongste maanden in het Brusselse tal van overvallen hadden gepleegd, meestal op bankinstellingen.

Zowel rijkswacht als politie weigerden evenwel uitleg te verstrekken over hun actie. Voor de journalisten ter plaatse was het een volledige black-out.

Uit de mond van de vele mensen die dit schouwspel gadesloegen zouden een 6-tal mensen uit de villa gedreven geweest zijn, onder wie enkele vrouwen en twee kinderen. Men zou eveneens beslag gelegd hebben op een belangrijke som geld.

Traangas

Gemakkelijk is de inname van de villa, een gebouw met weinig vensters en dikke betonnen muren en geheel afgezet met stukken muur of draad, niet verlopen. Aanvankelijk hadden de belegeraars, aldus de omwoners, want de rijkswacht zelf wilde niets zeggen, de bewoners gesommeerd naar buiten te komen.

Dit bevel werd slechts ingevolgd door twee vrouwen en twee kinderen, maar de mannen - volgens sommige getuigen twee en volgens andere drie - bleven in de villa, waar ze cis verschansten in een schouw. Politie en rijkswacht wierpen daarop enkele traangasgranaten in het gebouw, waarop de mannen zich overgaven. Te 19u45 werd de laatste bewoner door de rijkswacht weggeleid.

De mensen uit de buurt vertelden ons nog dat de villa nr. 4 aan de Tulpenstraat reeds enkele jaren door de belegerden bewoond werd. Zo vernamen o.a. dat “Lange Jan”, zo wordt hij er geheten, de eigenaar was en tevens de leider van de groep.

Overdag kwamen de bewoners niet veel buiten, maar ’s nachts was het rond de woning des te drukker. Een van de vrouwen in de villa zou, nog steeds volgens de omwonenden, een tijdlang een bar in Brussel hebben uitgebaat.

Bron: Gazet van Antwerpen | 1 September 1970

Bende-Caporale in de doos

Bijna vijf maanden na haar goed uitgekiende en gewapende overval op het kantoor van de Generale Bankmaatschappij aan het Keymplein te Watermaal Bosvoorde is de bende Caporale gesnapt. Ze werd maandagnamiddag zonder noemenswaardige tegenstand uit haar schuiloord gehaald, een villa in de Tulpenstraat 4, te Kraainem, die in de volksmond “de mysterieuze bunker” heette.

Misschien levert een grondige huiszoeking meer buit op voor de Brusselse politie. Dinsdagochtend werd op het Justitiepaleis medegedeeld dat (nog) geen abnormaal hoge som of een belangrijke juwelen was gevonden. Evenmin kon uit andere elementen al de aanduiding gegeven worden of de bende Caporale ook de hand in andere hold-ups in het Brusselse - een kleine dertig dit jaar alleen al.

De werkelijke operatie van de politie begon zaterdag met de aanhouding te Blankenberge van Luc De Schrijver, een 24-jarige kerel uit Anderlecht en tot voor de hold-up te Watermaal-Bosvoorde zonder zwaar verleden.

Zondag gaf hij toe een van de daders van deze hold-up te zijn geweest. Hij weigerde evenwel te zeggen met wie hij deze overval had gepleegd. De bevindingen die de gerechtelijke speurders tijdens vakantiemaanden hadden opgedaan, wezen echter allemaal naar Luc Sibille (27) uit Elsene en Jean Caporale, die op 31 mei 1929 in Brussel werd geboren en bij de politie als een gevaarlijk heerschap stond aangeschreven.

De inrekening van de bende was spectaculair genoeg en had het best kunnen dienen als scenario voor een gangsterfilm. De speractie begon maandagvoormiddag al, nadat de ganse actie gedurende enkele weken was gewikt en gewogen. De politie had gehoopt Luc Sibille en Jean Caporale in alle stilte te kunnen snappen op het ogenblik dat zij hun schuiloord zouden verlaten. Ze kwamen evenwel niet naar buiten. Men heeft ze wel enkele keren in de hof zien spitten … alsof er geen vuiltje aan de lucht was. Een viertal gevaarlijke honden zorgden er echter voor dat niemand zomaar het half hectare groot domein kon betreden.

Rijkswacht

Meer riep dan de hulp in van de rijkswacht, die een vijftigtal manschappen in aanvalskledij stuurde. De villa werd potdicht omsingeld, een werk dat enkele uren in beslag nam. De vele bomen en struiken op en rond het domein zouden zonder de nodige voorzorgen uitstekende hulpmiddelen geweest zijn bij een eventuele ontsnappingspoging. Bovendien grensde het domein achteraan in de tuin aan de spoorlijn waar vroeger het treintje Brussel-Tervuren over reed. De villa zelf bood een sterk gesloten uitzicht met haar kleine venstertjes. Ze had evengoed in Noord-Afrika kunnen staan, waar de verzengende hitte zoveel mogelijk moet buiten gehouden worden.

Te 17 uur bracht men de bewoners van de “mysterieuze bunker” er telefonisch van op de hoogte, dat iedere ontsnappingspoging ijdel zou zijn en dat zij er best zouden aan doen zich braafjes over te geven. Enkele ogenblikken na dit telefoontje zag men drie mannen even de tuin inlopen en dan weer binnengaan. Wat later werd de voordeur open geduwd. Twee vrouwen en een kind kwamen naar buiten. En enkele ogenblikken daarop kwam een man naar buiten met een kind op de arm. Deze man was Luc Sibille.

Spannende ogenblikken

Juliette Leclair, gehuwd maar gescheiden, en vriendin van Caporale, was met haar twee kinderen, respectievelijk zowat 7 en 5 jaar oud, naar buiten gekomen. Zij huurde de villa al sedert 1964. De naam van de tweede vrouw werd niet vrijgegeven, omdat zij nog maar 18 jaar oud is. Luc Sibille was dus de enige man die zich zonder stoot of slag overgaf. In de tuin had men voordien evenwel drie mannen samen gezien. Twee kerels bewogen dus niet.

Voor de rijkswacht begonnen nu minuten van grote spanning te tikken. Men wist dat de villa zeer goed verdedigbaar was en dat de kerels die men moest hebben flink gewapend waren.

Met een megafoon werden zij herhaaldelijk aangespoord naar buiten te komen. Elke reactie bleef uit. De rijkswacht wierp dan maar enkele traangasbommen naar binnen. Tevergeefs. In de tuin was men inmiddels al iedere boomkruin aan het bekijken. Het zag er zelfs een tijd lang naar uit dat de twee bandieten de dans waren ontsprongen. Een groep rijkswachters en gerechtelijke speurders in burger viel de villa binnen. Waren de gevaarlijke vogels dan toch gaan vliegen?

Ondergronds

Het eerste onderzoek leverde niets op, tenzij een klein arsenaal wapens. Systematisch, vertrek na vertrek, begon men de villa uit te kammen, in de bar, onder een stapel brandhout voor de open haard trapte men op een losliggende tegel die verwijderd werd. De rijkswacht keek in een donker mangat. Met een zaklantaarn kon men beneden in dit gat een klein laddertje zien staan, maar dat waas ook alles. Vrij vlug werd uitgemaakt dat dit een mogelijke schuilplaats kon zijn waar de twee kerels zich verstopt hielden.

Men dreigde enkele traangasbommen naar beneden te werpen, een poging die met succes werd bekroond. Jean Caporale en Jean Leclair (25), de broer van Juliette, kropen naar boven. Gewillig lieten zij zich de handboeien aandoen. Hun gezichten vertoonden streng-gelaten trekken. In deze weinig comfortabele ondergrondse bergplaats, waarvan de zijwanden met wat cement waren bezet, lag een handtas die drie revolvers 9 mm en vele patronen bevatte. Aanvankelijk moeten beiden wel van zins geweest zijn hun huid duur te verkopen. Het was 18u30; de bende was ingerekend. De ganse operatie was veilig, zonder een schot, verlopen.

Tipgever

Het oprollen van deze bende heeft meteen geleid tot de aanhouding van Jaak Sibille, de 22-jarige in Duitsland geboren broer van Luc, die zichzelf de bijnaam “Zorro” had gegeven. Jaak baatte een tijd lang een herberg uit, vlak tegenover het bankkantoor aan het Keymplein te Watermaal-Bosvoorde. Hij heeft het laten en doen in dit bankkantoor zorgvuldig gadegeslagen en alle gegevens doorgestuurd naar zijn broer. Met deze gegevens bereidde Caporale de hold-up haarfijn voor.

De gewapende overval werd uitgevoerd voor 9u, op een ogenblik dat er nog cliënteel was, maar dat de zaakvoerder en zijn twee bedienden al ter plaatse waren. Luc Sibille en Luc De Schrijver waren gekleed in het uniform van para-commando. Eén van hen zou inderdaad para-commando geweest zijn. Formeel werd dit nog niet bevestigd door de gerechtelijke politie. Luc Sibille heeft op de 40-jarige zaakvoerder Paul Rouet geschoten en deze geraakt aan de maag en de lever. Hij herstelt momenteel.

Beide gangsters, die een van de bedienden als gijzelaar een 200-tal meter meevoerden, werden door Caporale met een wagen opgewacht. De ondervraging van de bende in de komende dagen zal moeten uitwijzen of de Brusselse politie een werkelijk grote vangst heeft gedaan. De buit van de hold-up te Watermaal-Bosvoorde bedroeg om en bij de 225.000 fr.

Bron: Gazet van Antwerpen | 2 September 1970

Bende Caporale voor Brusselse Raadkamer

De gangsters, onder wie Jean Caporale, die op 31 augustus jl. in een villa te Kraainem werden gearresteerd, verschenen voor de raadkamer te Brussel. Het is gebleken dat ze niet alleen beschuldigd worden van een gewapende bankoverval op 9 april te Watermaal-Bosvoorde, maar dat ze tevens ervan verdacht worden, ernstige zedenfeiten te hebben gepleegd op minderjarigen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 26 September 1970

Tuin van Caporale-villa te Kraainem vanuit helikopter afgespeurd

Het is duidelijk dat de geheimzinnige gangstervilla, aan de Tulpenlaan te Kraainem, nog steeds niet al haar geheimen heeft prijsgegeven. De schuilplaats onder de vloer bij de open haard, waaruit Jean Caporale en Jean Leclair onder de bedreiging van traangas, op 31 augustus, te voorschijn kwamen, is vermoedelijk slechts een van de ongewone installaties die de gangsterbende er heeft aangebracht. Dinsdagnamiddag heeft de rijkshelikopter een helikopter ter beschikking gesteld om de grote tuin achter de villa met infraroodfilm te fotograferen.

De villa is nu volledig verzegeld en ziet er nog geheimzinniger uit, nu zij steeds 31 augustus volkomen verlaten ligt. Tegen de achtergevel staan nog steeds, hoog op een stalen buis, twee autokoplichten, moderne verstralers, waarmee de tuin, en ook de uitvalsweg die de gangsters daar hadden aangelegd, kunnen verlicht worden.

Sporen zoeken

Na de aanhouding van de bende, die benevens Caporale en Leclair ook Luc Sibille, Jaak Sibille en Luc De Schrijver omvatte, werd in de villa geen spoor gevonden van de buit die gemaakt werd bij de bankoverval aan het Keymplein te Watermaal-Bosvoorde, gepleegd op 9 april, en waar 225.000 fr. werd buitgemaakt. Zoals bekend, kreeg een personeelslid, de h. Paul Ravet, toen een kogel in de buik en waren twee overvallers, waarvan De Schrijver inmiddels bekend heeft dat hij een van hen was, gekleed in het uniform van paracommando.

Om het onderzoek vooruit te helpen, is dringend bewijsmateriaal nodig, om de bendeleden tot bekentenissen te dwingen. Kort voor de aanhouding van de bende had de wakende gerechtelijke politie bemerkt hoe drie mannen in de grote tuin achter de villa gingen spitten. Hun bedoeling was allerminst een moestuintje aan te leggen, wat blijkt uit de staat waarin de tuin, een verwaarloosde boomgaard, zich bevindt.

In de hoop sporen van graafwerk te vinden, werd beslist de tuin vanuit de lucht met infraroodfilm te fotograferen. De rijkswacht stak de gerechtelijke politie een handje toe en zorgde voor de helikopter waarmee dinsdag het werk uitgevoerd werd.

Operatie

De operatie die wij dinsdagmiddag van op afstand konden volgen, leek grondig voorbereid. Meer dan een uur vooraleer de Alouette 2 ter plaatse verscheen, waren reeds twee anonieme rijkswachtauto's ter plaatse, voorzien van een oranje-schijf die horizontaal op het bagagerek wordt vastgemaakt en die voor de helikopter een gemakkelijk te vinden herkenningspunt is.

Het was precies 12u20 toen de helikopter boven de verlaten villa verscheen. De belde zijdeuren van het toestel waren weggenomen en vooraan, naast de piloot, zat een fotograaf met de infraroodcamera. Gedurende een vol kwartier cirkelde het toestel boven de uitgestrekte tuin, op een hoogte die varieerde van amper 20 meter tot ongeveer 80 meter.

Het rondcirkelen was vermoedelijk nodig om het toestel schuin te kunnen houden, zodat de fotograaf de grond op beeld kon brengen. Om loodrecht te kunnen fotograferen zou men een camera onderaan het toestel moeten bevestigen en die dan vanop afstand bedienen. In de Tulpenlaan volgden heel wat nieuwsgierigen de ongewone evoluties van de rijkswachthelikopter.

Meer zien

Het was niet de eerste maal dat infrarood-fotografie vanuit de lucht gebruikt werd in de strijd tegen de misdadigheid. Destijds werden ook opnamen gemaakt van de duinen waar men hoopte het stoffelijk overschot te vinden van politieman De Leener. Ongelukkig kon het graafwerk van de gangsters op die foto's niet onderscheiden worden van de honderden kuilen en kuiltjes die er tijdens de zomer door de kinderen waren gemaakt.

Te Kraainem is de kans groot dat de infrarood-beelden duidelijk de plaatsen zullen aangeven waar de gangsters de jongste tijd de grond hebben omgewoeld. Zelfs indien zij graszoden zouden losgemaakt hebben om die later opnieuw boven de gemaakte kuil te plaatsen, dan zal op de beelden duidelijk zichtbaar zijn waar het gras door het losmaken anders geworden is dan het gras dat normaal kon doorgroeien.

Het is niet onmogelijk dat men in de tuin o.m. de legeruniformen vindt die de gangsters droegen bij de overval te Watermaal-Bosvoorde. Mocht men nog meer klederen vinden, dan zullen persoonsbeschrijvingen opgemaakt bij andere bankovervallen misschien eindelijk resultaten opleveren.

Ten slotte bestaat de kans dat men in de tuin ook buit vindt. Aan de hand daarvan zou men dan zekerheid kunnen verwerven omtrent de vraag of de bende van Caporale nog meer overvallen heeft gepleegd.

De operatie van dinsdag bewijst alleszins dat Caporale en zijn mannen een meer dan normale belangstelling genieten vanwege de politiediensten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 30 September 1970

Een jaar gevangenis voor Jean Caporale

De 40-jarige J. Caporale werd woensdagmiddag door de correctionele rechtbank van Brussel veroordeeld tot 1 jaar gevangenisstraf. Hij werd schuldig bevonden aan het betrekken van vier minderjarigen bij het maken van onzedelijke foto’s in een villa te Kraainem. Een van deze jongeren, die als tussenpersoon optrad werd op zijn beurt veroordeeld tot 8 maanden gevangenisstraf waarvan 7 maanden met uitstel. De vier overigen, onder wie een meisje, liepen elk vier maanden gevangenisstraf met uitstel op.

Caporale, die tenminste twee hold-ups op getouw had helpen zetten, o.m. die te Overijse, werd na een belegering door de rijkswacht en de gerechtelijke politie op 31 augustus 1970 in een villa te Kraainem aangehouden. Tijdens de daarop volgende uren werden in de villa talrijke foto’s teruggevonden waarop de vriendin van de gangster Juliette L. en haar broer, Jean L., in onzedelijke houdingen stonden afgebeeld in gezelschap van de reeds geciteerde jongeren.

Meineed

Toen deze adolescenten door de onderzoeksrechter werden ondervraagd gaven ze éénparig toe dat verschillende van de teruggevonden foto's door Caporale zelf werden genomen. Voor de correctionele rechtbank verklaarden ze achteraf evenwel dat Caporale met het maken van deze foto's geen uitstaans had. De vier jongelieden werden dan ook beschuldigd van meineed. Het was duidelijk dat ze zich door Caporale hadden laten omkopen. Deze was er immers in geslaagd verschillende brieven uit de gevangenis te laten smokkelen gericht tot een van de vier adolescenten die als tussenpersoon diende op te treden. In de brieven verzocht hij de jongeren in zijn voordeel te komen getuigen.

Tijdens de zitting van woensdag bekenden de vier jongelieden dat Caporale wel bij het nemen van de onzedelijke foto's was betrokken, zodat het duidelijk werd dat ze op bepaalde ogenblikken onder eed een valse getuigenis voor de rechtbank hadden afgelegd. De grond van de zaak zal op 16 maart verder door de rechtbank worden behandeld.

Bron: Gazet van Antwerpen | 25 Februari 1971

Jean Caporale en medeplichtigen voor rechtbank

De 42-jarige Jean Caporale en twee medeplichtigen, de 29-jarige Juliette Leclercq en haar 36-jarige broer Jean verschenen woensdag voor de Boetstraffelijke rechtbank van Brussel wegens zedenfeiten ten overstaan van minderjarigen.

Deze feiten speelden zich tussen maart 1968 en september 1970 af in een villa te Kraainem, waar tijdens een huiszoeking talrijke foto's werden teruggevonden, waarop de drie betichten in aanwezigheid van enkele minderjarigen stonden afgebeeld.

Jean Caporale werd in dezelfde villa einde augustus 1970 na een belegering door rijkswacht en politie aangehouden in verband met diverse hold-ups gepleegd in het Brusselse en omgeving.

Meineed

De foto's die door de politie werden teruggevonden, wezen er duidelijk op dat in de villa orgiën werden gehouden, waarop minderjarige jongens en meisjes wonende in de buurt, werden uitgenodigd.

In verband hiermee kwamen enkele maanden geleden verschillende jongelui - volgens de geest van de strafwet dienden ze als slachtoffers beschouwd - valse verklaringen afleggen voor de rechtbank blijkbaar om Jean Caporale te redden. De meeste van deze jonge mensen werden achteraf wegens meineed veroordeeld.

Woensdag had eerste substituut Vandemeulebroucke het over de aanzienlijke verantwoordelijkheid van de drie betichten, die niet aarzelden minderjarigen in hun woning te lokken om ze tot ontucht aan te zetten. Juliette Leclercq bezit nog een blanco strafregister, maar haar broer Jean liep reeds talrijke veroordelingen op wegens diefstal en zedenfeiten. Van Caporale zegde het Openbaar Ministerie dat hij reeds twaalf jaar dwangarbeid opliep voor het Assisenhof van Brabant wegens deelneming aan holds-ups.

35 kg. Vermagerd

De verdediging kwam aan het woord bij monde van Mr. De Pelsmaeker, die een probatie-maatregel vroeg voor zijn cliënte Juliette Leclercq. Het gaat volgens de advocaat om een onvolwassen vrouw die door haar omgeving tot ontucht werd aangezet.

Mr Hamesse, die voor Caporale pleitte, verklaarde dat zijn cliënt 35 kg. is vermagerd sinds hij in de gevangenis zit opgesloten. Zijn breuk met Juliette Leclercq, die hem nochtans een kind schonk, betekende de genadeslag voor Caporale, aldus de advocaat die de rechtbank vroeg zich mild te tonen tegenover zijn cliënt.

Ten slotte vroeg Mr Versteeg de vrijspraak van Jean Leclercq, omdat de minderjarigen met wie de zedenfeiten plaatsvonden allen ouder waren dan zestien jaar.

Het vonnis zal woensdag 30 juni worden uitgesproken.

Bron: Gazet van Antwerpen | 24 Juni 1971

Bendeleider Caporale gestraft voor zedenfeiten

De correctionele rechtbank van Brussel heeft de 42-jarige Jean Caporale veroordeeld tot acht maanden gevangenisstraf, terwijl zijn toptrawant Jean Leclercq acht maanden gevangenisstraf kreeg met bijkomende vier maanden wegens ontvoering van een minderjarig meisje. De 29-jarige Juliette Leclercq werd tot zes maanden gevangenisstraf veroordeeld wegens aansporing tot ontucht. Alle drie werden voor een termijn van vijf jaar beroofd van hun politieke en burgerrechten.

Einde augustus 1970 werd na een lange belegering door de rijkswacht van een villa te Kraainem, een gangsterbende o.l.v. Jean Caporale aangehouden. In de villa, zo bleek uit het onderzoek, gingen de bendeleden zich te buiten aan zedenfeiten met minderjarigen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 1 Juli 1971

1,146

(75 replies, posted in Onderzoekspistes)

De huurlingen gingen zeer brutaal te werk. Zo werden er geen gevangenen genomen. Wie in handen van de tegenstander viel, wist dat hij een wrede dood tegemoet ging. Ook de bevolking in bezet gebied werd niet ontzien. Iemand die ervan verdacht werd te sympathiseren met de Simba's, werd koudweg neergeschoten. Enige vorm van rechtspraak was er niet; op het terrein gold enkel het recht van de sterkste.

Een CIA-verslag waarin de balans werd opgemaakt van de aanpak van de huurlingen, stelde onomwonden: "Ze zijn allen schuldig aan ernstige excessen waarvan de bevolking het slachtoffer is, zoals overvallen, verkrachtingen, moord en afranseling."

De gebruikte bewapening en uitrusting was zeer verscheiden. Vooral automatische wapens waren erg in trek. Het munitieverbruik lag dan ook zeer hoog.

De operaties waren voornamelijk toegespitst op de verharde en onverharde wegen. De huurlingen waagden zich niet in de jungle of in het struikgewas; dat was veel te gevaarlijk. De rebellen konden zich er gemakkelijk verstoppen. Tijdens de patrouilles, die meestal per voertuig gebeurden, werd de verkenning door het vuur toegepast. Dit kwam erop neer dat de zijbegroeiing van de pistes met automatische wapens onder vuur genomen werd, dit met de bedoeling om verscholen Simba's vroegtijdig te ontdekken. De grote vrees van de huurlingen was om in een hinderlaag te vallen. Het terrein leende zich daar uitstekend voor. Het was dan ook een zeer zenuwslopende oorlog.

Daarbij kwam nog dat de omstandigheden waarin de huurlingen moesten opereren zeer rudimentair waren. Alle basisvoorzieningen ontbraken. Zo was er geen medische ondersteuning, waardoor malaria, dysenterie en tal van ziektes en infecties voor heel wat slachtoffers zorgden. Ook de logistieke bevoorrading liet vaak te wensen over. In de praktijk leefden de huurlingen - net zoals de Congolese militairen - van wat ze in de lokale dorpen konden bemachtigen. Er werd op grote schaal geplunderd.

Overal waar de huurlingen ingezet werden, werden de brandkasten van verlaten winkels, bedrijven en banken systematisch met dynamiet opgeblazen en leeggeroofd. De Amerikaanse ambassadeur McMurtrie Godley omschreef de huurlingen dan ook als "een losgeslagen bende macho's [...] die vinden dat plunderen en brandkasten kraken deel uitmaken van hun prerogatieven".

Ondanks de brutale aanpak door de huurlingen zou het toch nog duren tot eind 1964 alvorens de eerste verhalen hierover verschenen in de pers. Dit was zonder twijfel het gevolg van de door minister Spaak en het State Department genomen maatregelen om de journalisten zo ver mogelijk van de operaties te houden. Daarnaast werden de huurlingen enorm geapprecieerd door de blanken in Congo.

Voor veel geïsoleerde colons en missionarissen waren de huurlingen immers de enige hoop om te kunnen ontsnappen aan de brute repressie van de Simba's. In de verhalen die de bevrijde blanken achteraf aan de journalisten vertelden, werden de huurlingen voorgesteld als helden. Hun gewelddadige optreden werd daarbij door de vingers gezien.

Bron: Operatie Rode Draak | Kris Quanten

In het boek staat ook nog volgende voetnoot:

Over de rekrutering van de huurlingen in België zijn maar weinig officiële documenten terug te vinden. Verhelderend was het gesprek dat we hierover hadden met de Belgische huurling Georges Speeckaert, zelf een oud-huurling van het 6de Commando (15 oktober 2010). Toch waren het vooral de archieven van de Veiligheid van de Staat die ons een duidelijker inzicht gaven in de concrete werking van de rekrutering in België. De persoonlijke dossiers van de betrokken actoren die minutieus bijgehouden werden, bevatten heel wat interessante informatie.

1,147

(2 replies, posted in 1970-1979)

Le célèbre gangster italien Carlo Grua tué aux Pâquis avec 2 autres malfaiteurs

C'est dans un appartement du No 14, rue de Fribourg que les 3 hommes sont morts, au cours d'une fusillade avec la police qui a pris d'assaut, dimanche matin, le repaire des bandits.

Les célèbres gangsters italiens Carlo Grua et Ciro Plescia - ainsi qu'un troisième complice non encore identifié - ont été tués dimanche matin dans un appartement sis 14, rue de Fribourg aux Paquis, lors d'une fusillade avec la police genevoise qui avait pris d'assaut le repaire des bandits.

Il y a quelques jours, la Sûreté est informée qu'une bande de redoutables truands va se réunir dans notre ville, afin d'y préparer un “gros coup”. Ils doivent (…)

L'opération est menée conjointement par la Sûreté et la gendarmerie. En tout, trente hommes sont requis. La majeure partie d'entre eux bouclent le quartier et cernent le 14, rue de Fribourg. A huit beures moins cinq, quelques uns s'engouffrent dans l'escalier tournant. Arrivés au cinquième étage, ils enfoncent la porte et découvrent Ciro Plescia qui monte la garde en brandissant un “Riot-gun”, c'est-à-dire un fusil de chasse de très gros calibre à la crosse et gants, d'une pince coupante, d'un casque et de rangées de clous destinés à crever les pneus d'éventuels poursuivants en voiture.

Cinq personnes interrogées

Quel “coup” Grua, Plescia et le troisième homme préparaient-ils ? On l'ignore encore, mais la police est en train d'interroger cinq personnes, dont le titulaire du ball de l'appartement en question. Aucune inculpation n'est pour l'instant prononcée. En revanche, des perquisitions ont déjà été exécutées.

Carlo Grua faisait partie de la haute délinquance européenne. Né en 1952, cet élégant Piémontais fut condamné par contumace en Italie, à 16 ans de réclusion. Puis, avec Donadoni, (qui est actuellement sous les verrous en France) il participa à une attaque à main armée à Bruxelles, au cours de laquelle, une fusillade s'engagea qui causa la mort d'un enfant et des blessures à cinq personnes.

Condamné à Genève

En 1977, Grua et d'autres complices attaquèrent l'agence SBS de Chêne-Bourg, et quelques heures plus tard, l'agence de la Caisse d'Epargne à Ver-soix. L'Italien prit la fuite à l'issue d'un échange de coups feu avec la police, mais fut arrêté à Nice, en compagnie de sa fiancée.

La Cour d'assises genevoise le condamna en décembre 1979, a 13 ans de réclusion et 10 ans d'expulsion. En avril 1981, il s'évada du pénitencier de Bo-chuz, en compagnie de Plescia, et de deux autres détenus.

Ciro Plescia, né en 1949 était lui aussi de nationalité italienne. Il fut impliqué dans le hold-up de la poste de Vessy en juillet 1979, ainsi que d'autres attaques de ce genre à Lausanne. Il fut condamné en octobre 1980 a huit ans de réclusion et s'évada il y a quelques mois en compagnie de Grua.

Le troisième homme

Le troisième homme qui a perdu la vie n'est donc pas encore identifié, mais d'après la police il ne s'agit ni de Bova, ni d'Antonielli, les deux hommes qui s'étaient évadés en avril de 1981 en compagnie de Grua et Plescia.

Les faits que nous relatons furent présentés, dimanche soir, par le commissaire Kunzi, le chef de section Gremaud et M. Caboussat, chargé des relations publiques de la police. Les policiers ont également montré à la presse, les armes, matériel et munitions qui furent saisis dans l'appartement des Paquis.

Bron: Tribune de Genève | 16 November 1981

Tijdens de huiszoeking werden verschillende zaken in beslag genomen:

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/carlo_10.jpg

1,148

(12 replies, posted in Andere Personen)

Ik heb ondertussen bevestiging gevonden dat de informatie van forumlid "Drommels" correct is. Het gaat wel degelijk over Monique Jacobs, maar zij had het totaal niet over de Slimans of de Bende Bonifazi.

1,149

(9 replies, posted in Overzicht Bendes)

Dat weet ik niet. Deze bende bestond uit Italianen, dus ik vermoed van niet.

1,150

(2 replies, posted in 1990-1999)

Het slachtoffer was Stavros Varzos, een zakenman uit Overijse. Vijftien jaar na de feiten werd de dader gevonden door een DNA-onderzoek. Het bleek Lamine Balti te zijn. Deze man van Tunesische afkomst, geboren in 1946, had een heel zwaar strafblad. Zo was hij reeds veroordeeld voor een dubbele moord in 1984. In december 2013 werd hij veroordeeld tot een levenslange voor de moord op Varzos.

Het motief voor de moord was de diefstal van de wagen en de gsm van het slachtoffer.