421

(80 replies, posted in Magistraten)

Een artikel uit 1997 over de getuigenis van Luc Hennart voor de Tweede Bendecommissie:

Geen band Zaak-Mendez/Bende

“Het is onuitstaanbaar dat men nu nog altijd een verband wil zoeken tussen de Bende van Nijvel en de zaak-Mendez met de ex-gendarmen Bouhouche en Beijer. Dat is puur tijdverlies. Het zijn allemaal loze geruchten. Er is geen enkel materieel bewijs.” (...)

Lees hier het hele artikel » Nieuws

Samenvatting

  • Wat? Patrick Haemers wordt bevrijd uit een celwagen.

  • Wanneer? Donderdag 13 augustus 1987, omstreeks 14.00 uur.

  • Waar? de ontsnapping vond plaats op de Celestijnenlaan in Heverlee, vlak bij de gevangenis van Leuven en de ring rond Leuven. De celwagen was onderweg van de gevangenis van Leuven naar Brussel voor een gerechtelijke verschijning » Google Maps

  • Wie? Philippe Lacroix, Basri Bajrami en Marc Van Dam voerden de bevrijding uit, mogelijk met logistieke steun van Denise Tyack. De betrokkenen hebben hun deelname echter steeds ontkend en niemand werd ooit definitief veroordeeld voor de bevrijdingsactie.

Modus operandi

Een bruine Audi 80 reed de celwagen klem toen die voor een verkeerslicht moest stoppen. Minstens twee zwaarbewapende en gemaskerde daders stapten uit, gewapend met onder meer een riotgun en een automatisch wapen. De begeleidende rijkswachters werden onder vuur genomen; één werd in het been geschoten. De daders dwongen de bewakers de cel te openen, waarna Haemers in de Audi stapte en de groep via de E40 wegvluchtte. 

Gevolgen

De ontsnapping betekende het begin van een internationale vlucht. Haemers en zijn kompanen weken uit naar Brazilië, keerden nadien meermaals clandestien terug naar België voor gewapende overvallen en pleegden in 1989 de ontvoering van oud-premier Paul Vanden Boeynants.

Haemers vrijdag wellicht in Sint-Pieters-Leeuw

Het is niet uitgesloten dat Patrick Haemers en de drie gangsters die hem donderdag op een brutale manier te Heverlee uit een celwagen hebben bevrijd, vrijdagochtend in Sint-Pieters-Leeuw waren.

Daar hebben vier gemaskerde en gewapende kerels kort voor 10u ’s ochtends een auto gestolen. Daarbij is geschoten en werd één persoon licht gewond. Kort nadien hebben de gangsters een tweede auto gestolen te Vlezenbeek. Die lieten zij achter te Anderlecht, waar men hun spoor bijster werd.

De persoonsbeschrijving van de vier in Sint-Pieters-Leeuw zou opvallend veel gelijkenis vertonen met die van de mannen die donderdag Haemers hebben bevrijd. Ook vrijdag waren zij gewapend met riotguns. Eén van hen hanteerde een machinepistool.

Over wat er precies gebeurde, zijn weinig of geen details vrijgegeven. Vast staat alleen dat de vier kerels omstreeks 9u50 op de terreinen waren van de firma P. Van Cauwelaert, Steenweg op Pepingen 250 te Sint-Pieters- Leeuw, en dat zij er even later weer vertrokken zijn met een auto van de firma, een Range Rover. Edwin Van Cauwelaert, zoon van de eigenaar, zou zich verzet hebben en er is geschoten. Hij werd licht aan de handen gewond.

Het viertal stoof met de gestolen Range Rover over de smalle Brabantse baan in de richting van Brussel. Ver zijn zij met de terreinwagen niet geraakt. Amper 4 km verder lieten zij het gestolen voertuig achter. Naar verluidt kregen zij toen al benzinepech.

Te voet

Zij reden de auto half in een ondiepe gracht, op enkele honderden meters van het kruispunt Vijfhoek, niet ver van het kasteel van Gaasbeek, op de Postweg te Vlezenbeek. Daar, ter hoogte van het huis nr. 315, deden zij een voorbijrijdende auto stoppen, een Honda Civic. Aan het stuur zat een vrouw die verplicht werd uit te stappen. De kerels doken dan zelf in de auto en reden verder.

Deze tweede gestolen auto hebben zij enkele minuten later ook weer achtergelaten in de buurt van het Erasmus-ziekenhuis te Anderlecht. Ooggetuigen zouden gezien hebben hoe de mannen te voet wegliepen in de richting van de spoorlijn Oostende-Brussel die daar in een sleuf door het open veld loopt. Er is nadien geen spoor meer gevonden van het viertal.

Het is niet duidelijk waarom de gangsters zich op privéterrein waagden om er een auto te gaan stelen. Betekenisvol is misschien dat in een eerste mededeling van de Generale Staf van de Rijkswacht gepreciseerd werd dat de overval gepleegd werd bij de VZW Heli-Samu.

De basis van deze hulpdienst is inderdaad gevestigd op de privé helihaven van de firma Van Cauwelaert. Daar staat van zonsopgang tot zonsondergang een reddingshelikopter met bemanning paraat voor het snelle vervoer van gekwetsten of organen voor transplantatie door de lucht.

Helikopter?

Het is niet helemaal uit te sluiten dat de gevaarlijke kerels inspiratie zochten bij een paar vrij recente ontsnappingen in Frankrijk, waarbij gebruik is gemaakt van helikopters.

Hoe dan ook, indien het vrijdag Haemers en zijn gezellen waren die in Sint-Pieters-Leeuw opdaagden, dan was het een groepje dat de streek bijzonder goed kent en dat tot alles in staat is. Op Patrick Haemers rusten verdenkingen i.v.m. 5 gewapende overvallen op geldtransporten, waarbij al 3 doden zijn gevallen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Augustus 1987

Speuractie naar Haemers gestaakt

De speuractie naar Patrick Haemers werd zaterdag rond 14u15 gestaakt. Patrick Haemers, een man met een zwaar strafregister, werd even voordien rond 12u45 door de Rijkswacht in Waver gesignaleerd aan het stuur van een zwarte Capri. De man reed met zijn auto in de richting van Peruwelz.

Haemers werd in augustus jl. even voor het binnenrijden van Leuven door twee medeplichtigen bevrijd toen hij in een celwagen van Brussel naar Leuven-Centraal werd overgebracht.

Hij wordt beschouwd als een gevaarlijke misdadiger en wordt verdacht van deelname aan een hold-up op een Securitas-geld-transport, op 17 juli '86 te Gooik-Leerbeek, waarbij één van de bewakers het leven verloor.

Haemers is 35 jaar en is geboren te Chaumont-Gistoux. Men schrijft hem ook nog twee overvallen op geldtransporten toe: op 17 maart 1986 te Drogenbos (vermoedelijke buit 30 miljoen fr.) en op 17 september 1986 te Wezenbeek-Oppem (buiten ongeveer 10 miljoen). Vermoed wordt dat hij in augustus vorig jaar zou zijn binnengedrongen in de politiepost van Lasne, waar uitrustingsstukken en munitie werden gestolen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 11 Januari 1988

423

(9 replies, posted in Andere Personen)

Gevaarlijke kerel gegrepen na autorodeo door Laken en Jette

De man, die zaterdag na een dolle rodeo door Laken en Jette en na een auto-ongeval ingerekend kon worden, is de 28-jarige Robert De Vos uit Ukkel, geen onbekende voor het gerecht. Een agent van de Lakense langsheen de Médoristraat een autohondenbrigade merkte op, die als gestolen was gemeld.

Toen hij zich tot de bestuurder wendde, gaf deze volle gas. De agent waarschuwde een patrouille collega's die de achtervolging inzette. Het werd een ware autorodeo want De Vos reed langs de Paleizenstraat de voetgangerstunnel onder de Koninginnelaan in, reed door rode lichten, in enkele richtingen en over voetpaden.

Het scheelde dikwijls weinig, of voetgangers waren onder zijn wielen terecht gekomen. Aan de Secretinlaan te Jette botste De Vos echter tegen een andere auto. Zwaargewond werd hij opgenomen in het Brugmannziekenhuis, waar hij onder aanhoudingsmandaat gesteld werd.

In de gestolen auto vond men drugs, nylonkousen en de kogels.

Bron: Het Laatste Nieuws | 29 April 1983

Politie schiet misdadiger neer

Twee motorrijders van de Brusselse stadspolitie hielden na een schietpartij een persoon aan, die door het gerecht gezocht werd. Het gaat om Robert De Vos (28) die bekend staat wegens hold-ups, aanrandingen en autodiefstallen. In een wilde achtervolging begon de politie te schieten, waarbij De Vos zwaar gewond werd.

De twee motorrijders van het motoreskadron hadden als opdracht het plein aan de Vilvoordselaan te patrouilleren, waar wagens gestald staan die door de politie in beslag zijn genomen. Meestal gaat het om auto's die gebruikt zijn om misdaden te plegen. De jongste tijd werden deze auto's steeds vaker opengebroken.

De motorrijders zagen plots een BMW in volle vaart het plein afrijden en zetten de achtervolging in. Toen de man ondanks het geloei van de sirenes, en nadat hij bijna enkele voetgangers omver had gereden, niet wou stoppen, losten de agenten drie schoten. De Vos werd door een kogel geraakt en werd in zorgwekkende toestand naar het ziekenhuis gevoerd.

Bron: De Standaard | 19 Augustus 1983

424

(169 replies, posted in 1980-1989)

Artikel uit mei 1991:

Sabena-agent misschien begraven onder terrasvloer – Francis Zwarts omgebracht door Beijer en Bouhouche?

Kort na de geruchtmakende overval op de Zaventemse luchthaven, in oktober 1982, waarbij Sabena-agent Francis Zwarts spoorloos verdween, liet Bob Beijer, toen nog lid van de BOB, een betonnen terrasvloer gieten achter zijn villa in het Waals-Brabantse Chaumont-Gistoux. De Nijvelse onderzoeksrechter Luc Hennart en zijn ploeg vermoeden nu dat Zwarts onder dat terras begraven ligt. (...)

Lees hier het hele artikel » Nieuws

425

(9 replies, posted in Organisaties)

Op 15 april 1981 schoten vier bankovervallers, onder wie een vrouw, in Parijs een politieagent dood na twee bankovervallen. Twee van de vier daders waren waarschijnlijk Joëlle Aubron en Max Frérot.

Toen een politiepatrouille hen na de tweede overval aan een BNP-filiaal op de Place de Ternes wilde onderscheppen, openden de daders onmiddellijk het vuur, waarbij een pas benoemde agent dodelijk in het hoofd werd getroffen.

Vervolgens ontsnapten de overvallers tijdens een wilde achtervolging door Parijs, waarbij ze meerdere voertuigen gebruikten en een automobilist dwongen zijn wagen af te staan. Uiteindelijk wisten ze in Neuilly aan de politie te ontkomen doordat ze zich over twee verschillende auto’s verspreidden.

Volgens Franse bronnen bedroeg de buit van de overval op de Place des Ternes slechts 31.900 Franse frank.

De Franse politiedocumentatie beschrijft dat de daders ongeveer dertig schoten afvuurden met pistolen en machinepistolen op het politievoertuig. Agent Jean-Pierre Olive, 22 jaar oud, werd dodelijk getroffen door kogels van kaliber .45 ACP terwijl hij achter het stuur zat. Daarna volgden tijdens de vlucht nog meerdere schietpartijen met de politie.

De twee overvallen worden toegeschreven aan Action directe. Interessant is dat de organisatie de bankovervallen niet officieel opeiste, hoewel de aanslagen van de groep doorgaans wel werden geclaimd. De bankovervallen dienden waarschijnlijk als financiering van de clandestiene organisatie, terwijl alleen de politieke aanslagen publiek werden opgeëist.

In sommige bronnen wordt Max Frérot genoemd als schutter. De officiële herdenkingspagina van de Franse politie is voorzichtiger en stelt dat de moord aan Action directe wordt toegeschreven, maar dat de identiteit van degene die de fatale schoten loste nooit met zekerheid is vastgesteld.

Bankrovers schieten politieagent dood

Na een bankoverval te Parijs hebben vier misdadigers woensdag een politieman doodgeschoten. Daarna kwam het bij een wilde achtervolging door Parijs tot verscheidene schietpartijen tussen de politie en de gangsters.

De misdadigers, onder wie een vrouw, hadden twee banken overvallen. Bij de tweede overval werden zij op Place de Ternes, in het 17de arrondissement, bij het verlaten van de bank door een politiepatrouille verrast. De bankovervallers openden onmiddellijk het vuur. Een agent werd dodelijk getroffen in het hoofd.

De daders wisten met verscheidene auto's te ontkomen. Het eerste voertuig, een R-14, kon de achtervolgende politie verschalken. Het tweede, een R-13, kwam in botsing met een taxi op het kruispunt van de rue du Chateau en de Victor Hugolaan. De overvallers dwongen vervolgens de bestuurder van een ander voertuig op te stappen en gingen met zijn auto aan de haal.

Te Neuilly wisten de overvallers de politie te doen afhaken, omdat de twee auto's waarmee ze zich verplaatsen elk hun weg reden.

De gedode politieman was pas benoemd. De overval op het BNP-filiaal zou het werk zijn geweest van twee mannen en een vrouw, van zowat 25 jaar oud. De overvaller, zo vertelde een bankbediende, hadden de kassa's geledigd, toen buiten schoten weerklonken. Ze ijlden naar buiten en vuurden dadelijk naar een autobusje van de politie, dat daar stond.

Bron: Het Nieuwsblad | 17 April 1981

426

(19 replies, posted in 1980-1989)

Man neergeschoten, roofoverval en auto gestolen in minimum van tijd

Een geldroof op een plein, enkele minuten daarna een man neergeschoten in de buurt, een auto gestolen onder bedreiging en een kilometerslange achtervolging door de politie. Een klassiek scenario voor een politiefilm, maar vrijdagavond spijtig genoeg echt gebeurd in het Brusselse.

Het begon even voor 23 u. op het Dapperheidsplein te Anderlecht. Daar wou een bediende van een nabijgelegen discountzaak de inkomsten van de voorbije dag in de nachtkluis van een bank op het plein veilig opbergen. In zijn aktetas stak ruim 160.000 fr. Plots werd hij overvallen door twee kerels van het zuiderse type. Onder bedreiging van een revolver verplichtten ze hem het geld af te geven, waarna ze vliegensvlug de benen namen.

Zorgwekkend

Enkele minuten na 23 u. In de Marius Renardlaan, op enkele honderd meter van het Dapperheidsplein, kwam de h. L.G. met zijn auto thuis. In het belang van het onderzoek werden alleen zijn initialen vrijgegeven. Voor hij zijn woning kon bereiken, werd hij tegengehouden door twee personen, eveneens van het zuiderse type. Een van hen nam hem onmiddellijk onder vuur.

De ongelukkige werd door verscheidene kogels geraakt, riep om hulp, poogde weg te lopen, maar zeeg een tiental meter verder ineen. Op zijn hulpgeroep werd gereageerd. De h, L.G, werd dadelijk in zorgwekkende toestand overgebracht naar een ziekenhuis te Anderlecht. Daardoor kon hij niet ondervraagd worden. Niemand kon de daders beletten weer te vluchten.

Bedreigd

Nog kort na 23 u. Juiste plaats en tijdstip werden weer in het belang van het onderzoek vooralsnog niet bekend gemaakt. Alleen weten we, dat volgende feiten zich voordeden ergens tussen de Marius Renardlaan en het en het Dapperheidsplein te Anderlecht.

Weer wou een man, van wie de identiteit om hogergenoemde reden evenmin werd vrijgegeven, uit zijn auto stappen om naar zijn woning te gaan. Weer doemden twee kerels van het zuiderse type op. Weer werd een revolver tevoorschijn gehaald. Deze man kwam er echter beter vanaf. Hij moest alleen met lede ogen toezien hoe zijn belagers er met zijn auto vandoor gingen.

Banden stukgeschoten

De bestolene draalde geen ogenblik en verwittigde de politie. Wat later leverde dit al resultaat op. De politie van Vorst bemerkte de auto op het grondgebied van deze naast Anderlecht gelegen gemeente.

Meteen werd de achtervolging ingezet. In razende vaart duurde deze tot Plancenoit, in Waals-Brabant. Ondertussen vuurde de achtervolgende politie herhaaldelijk op de banden van de vluchtende auto. Blijkbaar raak, want uiteindelijk konden de boeven door de stukgeschoten banden niet meer verder rijden.

Toen de politie de auto bereikt had, bleken de kerels echter voor de zoveelste keer ontsnapt. Hoewel dadelijk een grootscheepse speuractie op het getouw werd gezet in samenwerking met de rijkswacht, bleven ze spoorloos. Ook het inzetten van een speurhond mocht niet baten.

Drijfveer

Alles wijst erop, dat hier telkens dezelfde boeven aan het werk zijn geweest. Waarom de h. L.G. beschoten werd, is voor de gerechtelijke politie nog niet duidelijk. Daarvoor wacht men nog tot de man zal kunnen een verklaring afleggen. Zondag bevond hij zich intussen wel al buiten levensgevaar.

De gerechtelijke politie houdt het tot nu toe bij twee mogelijkheden. De h. L.G. is mogelijk getuige geweest van de overval op het Dapperheidsplein en de gangsters besloten hem uit de weg te ruimen voor hij de politie kon verwittigen. Of anders wilden ze eveneens alleen zijn auto stelen, maar dit zou mislukt zijn omdat hij onmiddellijk om hulp begon te roepen.

Bron: Het Laatste Nieuws | 25 Oktober 1982

Twee gangsters pleegden drie overvallen in 4 uur tijd

De man die vrijdagavond omstreeks 23 u. in de Marius Renardlaan te Anderlecht werd neergeschoten is de 35-jarige Guy Lhost, die in deze straat aan het nr. 4 woont. Hij verkeert niet langer in levensgevaar en heeft in het Ziekenhuis van Schaarbeek verklaard dat twee mannen, van wie er één gewapend was, hem van zijn auto wilden beroven. Er zou op hem geschoten zijn toen hij weerstand bood. Een dik dossier dat de man bij zich had en waar 2 kogels insloegen, redden hem wellicht het leven.

Zowat drie uren vroeger hebben naar alle waarschijnlijkheid de twee zelfde mannen aan de D'Aumallestraat te Anderlecht een bediende overvallen van een discountwinkel. Om 23u.45 ten slotte hebben zeer vermoedelijk nog eens dezelfde mannen aan de Herzieningslaan, ook te Anderlecht, een autobestuurder bedreigd met een revolver en van zijn wagen beroofd. Later op de avond werden de gangsters opgemerkt door een politiepatrouille van Vorst, maar na een wilde achtervolging konden beide mannen ontsnappen.

Het verhaal tart zowat de wildste verbeelding en het is duidelijk dat de gangsters die hier aan het werk zijn geweest niet aan hun proefstuk waren en zeker van geen kleintje vervaard zijn.

Hun onwaarschijnlijk avontuur begint vrijdagavond omstreeks 20 u. aan de D'Aumallestraat te Anderlecht, waar ze een bediende van een discountwinkel beroven van 160.000 fr. De man wilde de dagontvangsten van de zaak naar een nachtkluis brengen, maar zover geraakte hij niet. Later zal blijken dat de persoonsbeschrijving van de twee overvallers helemaal aan het signalement beantwoordt, verstrekt door de h. Lhost.

Deze laatste werd hun tweede slachtoffer, enkele minuten na 23 u. De h. Lhost wilde aan zijn woning in de Marius Renardlaan parkeren toen twee mannen op hem toekwamen die zijn auto wilden stelen. De h. Lhost zou zich allerminst laten doen hebben waarop één der mannen op hem schoot. Uit het ballistisch onderzoek blijkt dat er vijf keer werd geschoten. De ongelukkige werd drie keer getroffen: twee keer in de borst en één keer in de rug.

De h. Lhost heeft enorm geluk gehad. Hij had een dik dossier bij zich waar de twee andere kogels insloegen en dat hem wellicht van een gewisse dood redde. De twee aanranders dienden uiteindelijk door toegesnelde mensen de wijk te nemen zonder auto.

Het derde hoofdstuk speelt zich af aan de Herzieningslaan, nog altijd te Anderlecht. Daar waren de twee gangsters evenwel gedeeltelijk gemaskerd. Ze bedreigde er de h. Karel Van den Bossche en stalen zijn voertuig. Eén der mannen loste een waarschuwingsschot in de richting van het slachtoffer.

Met die auto, een Ford Capri RS, werden ze omstreeks 1 u. opgemerkt door een patrouille van de politie van Vorst. Die zette de achtervolging in, richting Waals Brabant. Op de Steenweg op Charleroi werd zelfs tegen zo'n 160 km. per uur gereden waarbij de politie verscheidene keren heeft geschoten naar de banden van de vluchtauto.

Ondanks een speractie in samenwerking met de opgeroepen rijkswacht glipten de gangsters door de mazen van het net. De Ford Capri werd later teruggevonden voor een dancing te Waterloo. Van de inzittenden was er evenwel geen spoor meer.

Bron: Het Laatste Nieuws | 26 Oktober 1982

427

(11 replies, posted in 1980-1989)

(...) Twee dagen na de overval te Drogenbos, op 16 november 1982, werd de Dilbeekse begrafenisondernemer Jozef Segers (57) doodgeschoten op de hoek van de Itterbeeksesteenweg, tegenover café “Bienvenu”, door twee kerels die zijn Ford Granada stalen. Het wapen was een 7.65.

De zaak bleef lang onopgelost, tot Lemaire in juni 1983 werd aangehouden nabij de Vismarkt, waar hij een automobilist, wiens wagen hij wilde stelen, bedreigde met zijn wapen. Dat wapen bleek achteraf gebruikt voor de overval Drogenbos en die overval bekenden Lemaire en Siatidis (twee maanden later aangehouden na zijn vakantie) ook.

Maar de moord, de volgende dag gepleegd met een gelijkaardig wapen, tijdens een poging tot autodiefstal, bleven zij ontkennen.

Volgens de wapendeskundige ging het om een gelijkaardig wapen, maar zekerheid kwam er nooit. Zowel Siatidis als Lemaire werden wat de moord van Dilbeek betreft achteraf voorlopig vrijgelaten. Het is niet zeker of zij ook al buiten vervolging zijn gesteld. Een proces zal er wellicht nooit van komen.

Bron: Het Laatste Nieuws | 18 April 1985

428

(19 replies, posted in Andere Personen)

Hij werd in april 1985 door de correctionele rechtbank van Brussel veroordeeld tot zes jaar cel voor een resem zware misdrijven: een autodiefstal te Knokke, een poging tot overval op een automobilist aan de Godshuisstraat te Brussel (juni 1983), een zwaar ongeval met vluchtmisdrijf te Baisy-Thy, een autodiefstal aan de Vismarkt in Brussel en een overval op een tankstation in Drogenbos.

Hij werd vrijgelaten in het onderzoek naar de moord op Jozef Segers in Dilbeek.

Bron: Het Laatste Nieuws | 18 April 1985

429

(1 replies, posted in Andere Personen)

Georges Siatidis werd in april 1985 veroordeeld tot 3 jaar met uitstel voor wat de voorhechtenis overtreft voor de diefstal van een auto aan de Vismarkt te Brussel en de daaropvolgende overval op een tankstation in Drogenbos. Hij had toen de bijnaam "slangenmens" gekregen vanwege zijn spectaculaire ontsnappingen.

Hij werd wel voorlopig vrijgelaten in verband met het onderzoek naar de moord op de Jozef Segers in Dilbeek.

Bron: Het Laatste Nieuws | 18 April 1985

Je zou een film kunnen maken over zijn leven. wink

430

(1 replies, posted in 1990-1999)

Samenvatting

  • Wat? Ontvoering van en moord op Véronique Leclercq

  • Wanneer? 12 Januari 1997

  • Waar?
    - Verdwijning: Avenue Paul Pastur in Charleroi » Google Maps
    - Lichaam gevonden: in een bos in Sivry-Rance » Google Maps

  • Wie? Onbekend

  • Status: Onopgelost

Véronique Leclercq (32) verdween op 12 januari 1997 uit Mont-sur-Marchienne, nabij Charleroi. Nadat ze rond 10.58 uur nog telefonisch had gesproken met haar vriend, vertrok ze te voet naar de slager. Ze liet haar handtas met identiteitsdocumenten thuis achter en had slechts 2.000 Belgische frank op zak. Omdat ze zeer gehecht was aan haar hond en paard en haar woning in normale omstandigheden had verlaten, ging haar familie vrijwel onmiddellijk uit van een onrustwekkende verdwijning. De eerste aangifte bij de rijkswacht werd volgens de familie onvoldoende ernstig genomen, waarna de gerechtelijke politie een onderzoek opstartte.

Op 29 juli 1997 werd haar stoffelijk overschot teruggevonden in een bos bij Sivry-Rance, verborgen onder bladeren en deels ingegraven. Uit de lijkschouwing bleek dat ze kort na haar verdwijning was vermoord, al kon de exacte doodsoorzaak door de staat van het lichaam niet meer worden vastgesteld. Aanvankelijk werd onderzocht of Leclercq een slachtoffer was van de zogenaamde "seriezager van Bergen", maar die piste werd verlaten omdat haar lichaam niet verminkt was.

Een belangrijke getuige verklaarde dat Véronique op de dag van haar verdwijning nog levend was gezien terwijl ze sprak met de bestuurder van een donkerkleurige Audi 100. Een andere vrouw meldde dat zij de avond voordien in dezelfde buurt was aangesproken door een man in een gelijkaardige wagen, maar hem niet vertrouwde en wegliep.

Tijdens het onderzoek kwam ook Christian Doyen in beeld. Doyen was de leider van een groep die in maart 1997 een jonge vrouw gedurende meerdere dagen ontvoerde, drogeerde en groepsverkrachtte. De vrouw kon ontsnappen toen de daders haar vermoedelijk wilden doden om geen getuigen achter te laten. Omdat de werkwijze en de regio overeenkomsten vertoonden, onderzocht het gerecht of Doyen en zijn mededaders ook betrokken waren bij de moord op Véronique Leclercq, de moord op Laurence Wojtczyk en een verkrachtingszaak in Obaix. Er werd echter nooit voldoende bewijs gevonden om iemand voor de moord op Leclercq te vervolgen.

Hoewel de onderzoekers later een hoofdverdachte hadden, bleef de zaak onopgelost. Volgens een artikel uit 2008 wees een tweevoudige polygraaftest erop dat deze verdachte niet de waarheid sprak toen hij ontkende betrokken te zijn bij de dood van Véronique. Toch leverden de overige bewijzen onvoldoende grond op voor een vervolging. De onderzoeksrechter sprak uiteindelijk een buitenvervolgingstelling uit en het dossier werd afgesloten. De identiteit van de dader en het motief voor de moord zijn tot op vandaag onbekend.

Jonge vrouw verdwenen in buurt van Charleroi

De gerechtelijke politie onderzoekt de onrustwekkende verdwijning van de 32-jarige Veronique Leclercq. Zij verdween op 12 januari rond omstreeks 12 uur in de buurt van haar woning, aan de avenue Paul Pastur, vlakbij Charleroi. De GP van Charleroi spreekt van een onrustwekkende verdwijning of ontvoering. De familie heeft een crisiscentrum opgericht en verspreidt haar signalement.

Haar vriend Gianfranco Inchiostro is de laatste die Veronique gesproken heeft die zondag. Hij belde haar omstreeks half elf. Ze vertelde dat ze nog even naar de slager ging. Na dat telefoongesprek heeft niemand Véronique nog gezien of gehoord. “Wij gaan er van uit dat het om een onrustwekkende verdwijning of ontvoering gaat”, zegt een woordvoerder van de GP.

“Volgens de familie was ze erg gehecht aan haar paard en haar hond. Ze zou nooit zolang wegblijven zonder iets van zich te laten horen. Ook de omstandigheden waarin ze het huis heeft achtergelaten zijn niet van die aard dat de vrouw zou zijn weggelopen. De voordeur was niet op slot. Haar tas met identiteitspapieren stond nog op de tafel. Ze had enkel een briefje van 2.000 frank op zak toen ze vertrok.”

Bij de rijkswacht van Charleroi is er een intern onderzoek gestart naar aanleiding van deze affaire. De familie was eerst bij de rijkswacht aangifte gaan doen van de verdwijning. Maar daar zouden ze vrij onverschillig te woord gestaan zijn gestaan door de rijkswachter van dienst. De dag nadien zijn ze naar de gerechtelijke politie gegaan die een onmiddellijk onderzoek is gestart.

“Ik heb een intern onderzoek bevolen, naar aanleiding van het voorval”, geeft rijkswachtkolonel Lemasson toe. “Nochtans beschikt iedere rijkswachter hier over een checklist van wat er moet gebeuren bij een aangifte van een verdwijning.” De kolonel betreurt het voorval en verzekert dat er sancties zullen volgen als er inderdaad fouten zijn gemaakt.

Bron: Het Belang van Limburg | 22 Januari 1997

Onderzoek naar betrokkenheid verkrachters bij verdwijningen - Jonge vrouw drie dagen misbruikt door vrienden

Het gerecht onderzoekt of de verdachten die afgelopen week werden aangehouden voor een serieverkrachting, mogelijk ook betrokken zijn bij andere verdwijningen van jonge vrouwen.

Zes mannen hebben vorige week in een woning, in Marchienne-au-Pont, een jonge vrouw drie dagen opgesloten gehouden en herhaaldelijk verkracht. Toen de mannen het meisje wilden wegvoeren met een bestelwagen, kon ze ontsnappen en de rijkswacht verwittigen. Die arresteerde diezelfde dag nog drie daders en enkele dagen later nog eens de drie overige.

Opnieuw komt de grauwe randgemeente van Charleroi, Marchienne-au-Pont, waar Michel Lelièvre woonde in een huis van Dutroux, negatief in het nieuws.

Op de kermis van Charleroi ontmoette Chantal S. (24) paaszondagavond 31 maart twee jonge mannen. Samen met een vriendin ging ze in op hun uitnodiging om een glas te drinken. Nadat ze enkele glaasjes hadden gedronken, nodigden de twee de meisjes uit om naar het huis van een vriend te gaan waar ze regelmatig bijeenkwamen om wat lol te maken. Enkel Chantal ging op hun uitnodiging in en reed mee in de witte bestelwagen naar Marchienne-au-Pont, op tien minuten van het centrum van Charleroi.

Marchienne-au-Pont, een slordige arbeidersbuurt, ligt in de schaduw van de schoorstenen van Cockerill-Sambre. La Doccherie, zoals de wijk heet, is ondertussen ook al geen onbekende meer, sinds het gerecht er uitgebreide zoekacties deed in de twee woningen van Dutroux, waar zijn medeplichtige, Michel Lelièvre, verbleef.

Iets dichter bij de fabriek van Cockerill-Sambre ligt de rue Jules Jaumet, waar de 44-jarige Christian Doyen in een zijsteegje woont, samen met zijn 9-jarig zoontje. Bij Doyen, een werkloze automecanicien en sinds een jaar gescheiden, kwamen sinds enkele maanden geregeld jongeren over de vloer. Die maakten tot laat in de avond muziek. Het is daar dat de twee jonge mannen Chantal S. naar toe voeren.

Verdoofd

Naast Doyen zijn er ook nog drie andere jonge mannen aanwezig. Chantal wordt dronken gevoerd en verdoofd met chloroform. Daarna wordt ze opgesloten in de aanbouw achter de keuken. Daar wordt ze door de zes mannen misbruikt. Drie dagen en nachten lang houden die haar onder verdoving met een cocktail van drank, medicamenten en drugs. Tijdens die dagen wordt de jonge vrouw herhaaldelijk door de mannen misbruikt.

Als ze woensdag besluiten om zich van de vrouw te ontdoen, enkele verdachten verklaren na hun aanhouding dat ze haar wilden dumpen in Noord-Frankrijk, wordt Chantal in de witte bestelwagen gelegd. Als ze ontwaakt blijkt ze alleen te zijn. De jonge vrouw bedenkt zich niet en vlucht uit de bestelwagen, naar een vriend, die wat verderop woont. De rijkswacht wordt onmiddellijk verwittigd. Als die de woning binnenvalt treft ze er drie verdachten aan. Die weigeren echter om de namen van hun kompanen te noemen. Bij huiszoekingen in de kennissenkring van de drie wordt een flesje chloroform gevonden. Zaterdag en zondag worden de andere drie verdachten gearresteerd.

Verdwijningen

De vijf jongeren, naast de 44-jarige Doyen, zijn tussen de 18 en 26 jaar oud. Doyen was al gekend wegen geweldpleging en mishandeling van zijn echtgenote. Volgens het parket gaat het om mannen uit een marginaal milieu. Enkelen zeggen dat de jonge vrouw toestemming had gegeven en dat ze het zelfs leuk vond...

Het gerecht onderzoekt momenteel of de groep niets te maken heeft met de verdwijning van Véronique Leclercq (32). Ze verdween in de omgeving van haar woning op 12 januari in Mont-sur-Marchienne. Ook de moord van caissière Laurence Wojtczyk (24) die op 18 maart '96 verdween, wordt opnieuw bekeken. Ook mogelijke verbanden met de verkrachting van een 17-jarige meisje in Obaix worden onderzocht. De verdachten zitten momenteel opgesloten in de gevangenis op verdenking van verkrachting en opsluiting. Doyen wordt ook poging tot moord ten laste gelegd.

Bron: Het Belang van Limburg | 11 April 1997

Gemeente-arbeider vindt lijk van Véronique Leclercq in bos

Een gemeente-arbeider heeft dinsdagnamiddag in het bos van Sivry-Rance (provincie Namen) het stoffelijk overschot aangetroffen van de 32-jarige Véronique Leclercq. Het lichaam was verstopt onder een hoop bladeren en zou een beetje zijn ingegraven. Het lichaam van de vermiste vrouw kon geïdentificeerd worden aan de hand van kledingstukken. De speurders gaan er vanuit dat Leclercq het slachtoffer is geworden van een misdrijf.

De naam van Véronique Leclercq werd trouwens al herhaaldelijk genoemd als een van de mogelijk slachtoffers van de seriemoordenaar van Bergen. De onderzoekers zouden nu nog weinig rekening met die thesis omdat het lichaam van Leclercq intact was, niet versneden en niet in een vuilniszak achtergelaten.

Véronique Leclercq is sinds begin dit jaar vermist. Ze verdween op zondag 12 januari in de omgeving van haar woning, aan de Paul Pasturlaan 363 in Mont-sur-Marchienne, een plaats vlakbij Charleroi. De onderzoekers zijn er steeds vanuit gegaan dat de vrouw rond het middaguur verdween. Rond half elf voerde ze nog een telefonisch gesprek met haar vriend Gianfranco Inchiostro. Ze vertelde hem dat ze op het punt stond om naar de slager te gaan. Maar na het telefoongesprek heeft niemand nog iets gezien of gehoord van Véronique.

De familie ging onmiddellijk aangifte van de verdwijning doen en vrij snel was duidelijk dat zij het slachtoffer van een ontvoering was geworden. Véronique was erg gehecht aan haar paard en haar hond. Ze zou nooit lang wegblijven zonder iets van zich te laten horen. Ook de omstandigheden waarin ze haar huis achterliet, waren niet van die aard dat de vrouw zou zijn weggelopen. De voordeur was niet op slot en haar tas met identiteitspapieren stond nog op tafel. Ze had enkel een briefje van 2.000 frank op zak toen ze naar de slager vertrok.

In de nacht van dinsdag op woensdag werd een lijkschouwing verricht om de juiste doodsoorzaak van de jonge vrouw te achterhalen.

Bron: Het Belang van Limburg | 30 Juli 1997

Stoffelijk overschot Leclercq teruggevonden

In een bos nabij Sivry-Rance (Charleroi) is dinsdag het stoffelijk overschot aangetroffen van de 32-jarige Véronique Leclercq. De jonge vrouw verdween 12 januari nabij haar woning in Mont-sur-Marchienne. Speurders uit het Henegouwse hebben lange tijd gedacht dat Leclercq een slachtoffer was van de Bergense seriezager. In de maand mei vonden politiediensten langs de Bergense rivier La Haîne stukjes lichaam van vrouwen. Leclercq was er dus niet bij.

Bron: Gazet van Antwerpen | 30 Juli 1997

Véronique Leclercq werd vermoord

Véronique Leclercq (32), de vermiste vrouw die dinsdagnamiddag door een gemeente-arbeider gevonden is in het bos van Sivry-Rance, is vermoord. Dat heeft het parket van Charleroi woensdagnamiddag bekend gemaakt. De woordvoerster van het parket wilde geen details vrijgeven om het verloop van het onderzoek niet te schaden. Wel is bekend gemaakt dat verschillende denksporen gevolgd worden en dat er nieuwe elementen zijn opgedoken bij de ontdekking van het stoffelijk overschot.

Véronique Leclercq verdween op zondag 12 januari in Mont-sur-Marchienne. Een lijkschouwing wees uit dat ze korte tijd na haar ontvoering om het leven werd gebracht. Het is nog niet bekend of het slachtoffer ter plekke werd vermoord ofwel daar naartoe werd gebracht na haar dood. Op welke manier ze om het leven is gebracht, staat ook nog niet vast.

De sporen van verbranding die op de kleren van het slachtoffer werden aangetroffen, kunnen gewoon het gevolg zijn van het begraven liggen onder een niet al te dik laagje aarde. Véronique Leclercq werd geïdentificeerd aan de hand van haar gebit. Haar moeder had haar al eerder herkend aan de kleren die ze droeg.

Leclercq had voor haar verdwijning nog contact met haar vriend die ze via de telefoon liet weten dat ze nog naar de slager ging. Een getuige heeft haar later nog gezien met een persoon die achter het stuur zat van een Audi 100. Op het ogenblik dat het stoffelijk overschot van Leclercq gevonden werd, vertoefde haar vriend in het buitenland. Bij het vernemen van het tragische nieuws, heeft hij onmiddellijk het vliegtuig naar België genomen.

Bron: Het Belang van Limburg | 31 Juli 1997

Vermoorde Véronique rust eindelijk in vrede

Véronique Leclercq, de 32-jarige vrouw die in januari in Mont-sur-Marchienne verdween en zeven maanden nadien vermoord werd teruggevonden in een bos in de buurt van Beaumont, is zaterdagochtend op het kerkhof van Beignée in Ham-sur- Heure begraven. Voordien hadden zo'n 300 mensen de begrafenismis in de Sint-Paulus-kerk in Mont-sur-Marchienne bijgewoond.

Veronique Leclercq verdween op 12 januari op weg van haar woning in Mont-sur-Marchienne naar de slager in de buurt. De laatste keer dat ze levend gezien werd, praatte ze met een man achter het stuur van een donkerkleurige Audi 100. Een kennis van het slachtoffer werd naar eigen zeggen de avond voordien in dezelfde Henegouwse gemeente aangesproken door een man in een donkerkleurige auto. Ze vertrouwde hem niet, liep weg en legde nadien een verklaring over de kwestie aan de rijkswacht af.

Speurders hebben lange tijd aangenomen dat Véronique het slachtoffer was geworden van de Bergense zaagmoordenaar. In de maanden april en mei werden langs de rivier la Haîne in Bergen verschillende vuilniszakken gevonden met daarin de resten van verschillende vrouwen. Tot nog toe kon slechts één slachtoffer geïdentificeerd worden. Over de anderen tasten de onderzoekers in het duister, maar vermoed werd dat sommige lichaamsdelen aan Véronique Leclercq toehoorden. Dat bleek onjuist.

Het parket bevestigde dat de vrouw is vermoord, maar waarschijnlijk niet door de seriezager. Het Nationaal Instituut voor Criminalistiek onderzocht het stoffelijk overschot.

Bron: Gazet van Antwerpen | 4 Augustus 1997

Onderzoek naar geheimzinnige moord op Véronique Leclercq schiet goed op

Het onderzoek naar de moord op de 32-jarige Véronique Leclercq die op 12 januari van dit jaar verdween, en wiens stoffelijke resten vorige week dinsdag werden ontdekt, schiet goed op. Dat is gisteren in gerechtelijke kringen vernomen. Wel willen de onderzoekers alle mogelijk discretie in acht nemen om de kansen op welslagen niet in het gedrang te brengen.

Geruchten over het feit dat de ontdekking van het stoffelijk overschot van de vrouw de zaak in een stroomversnelling hebben gebracht, worden ontkend. Wel heeft dit gebeuren bijgedragen tot het verzamelen van bijkomende en belangrijke wetenschappelijke elementen, zo wordt er aan toegevoegd.

In de huidige omstandigheden bestaat er nog geen enkele duidelijkheid over de omstandigheden waarin Véronique Leclercq om het leven werd gebracht. Men weet evenmin of ze werd vermoord op de plaats waar haar lichaam werd aangetroffen. Wel staat het buiten kijf dat de stoffelijke resten reeds verscheidene maanden op de vindplek aanwezig waren, en daar tot ontbinding kwamen.

De vrouw verdween tegen de middag op 12 januari 1997 nadat ze een boodschap was gaan doen bij de slager. Zij woonde in de avenue Paul Pastur in Mont-sur-Marchienne. Een getuige heeft haar die dag zien praten met een man in een donkerkleurige Audi 100. Ondanks een intense zoekactie werd geen spoor van naar teruggevonden, tot vorige week dinsdag werklui van de gemeente van Sivry haar stoffelijk overschot ontdekten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 6 Augustus 1997

Bendeleider verdacht van moord Veronique Leclercq

Het gerecht van Charleroi heeft zware verdenkingen tegen een 44 jarige bendeleider die voor verkrachting in de gevangenis zit. De man zou wel eens meer weten over de verdwijning en de moord op Veronique Leclercq. De vrouw verdween op 12 januari 1997, op weg naar de slager om een paar biefstukken. Haar lijk werd twee weken geleden gevonden toen een gemeente-arbeider een plasje in de bosjes bij Charleroi wilde maken.

Het gerecht volgt nu een ernstig spoor. Hallucinant zijn de overeenkomsten met Marc Dutroux. Zelfs de streek waarin de feiten gebeurden. De bendeleider en eerste verdachte in de zaak, zit in de gevangenis. Een slachtoffer dat kon ontsnappen, wees hem aan.

Dat slachtoffer was de 24-jarige Chantal. Zij kwam op de kermis van Charleroi in contact met twee mannen. Die voerden haar naar het huis van de bendeleider, in Marchienne-Docherie, waar Dutroux trouwens ook een huis had. Drie dagen lang werd de vrouw mishandeld, verdoofd en verkracht door een groep mannen.

De derde dag gooiden ze de vrouw in een bestelwagen. Over de bedoeling bestond geen enkele twijfel: zij zouden de vrouw ombrengen om elk spoor naar hen uit te wissen. Maar Chantal ontwaakte in de bestelwagen uit haar verdoving en kon uit het voertuig springen en wegrennen.

De politie van Charleroi rekende zes verdachten in. De hoofdverdachte en bendeleider zit nog altijd in de cel. Chantal is niet de enige vrouw die op die manier werd ontvoerd. Ook Laurence Wojtzick die op 16 maart 1996 zonder enig spoor verdween uit een diepvrieszaak komt in aanmerking als slachtoffer van de bende. De vrouw werd op 3 juni 1996 dood uit het kanaal gevist. Met wat de speurders over de bende ontdekten, sluiten ze ook niet uit dat de mannen betrokken waren bij de verkrachting en moordpoging op een tiener in Obaix.

Marc Dutroux en kompaan Weinstein werden een hele tijd van die verkrachting verdacht. Tot DNA-testen uitmaakten dat de kindermoordenaar niets met de verkrachting heeft te maken. Nieuwe DNA- testen met materiaal van de 44- jarige verkrachter die nu in de cel zit, kan uitsluitsel geven.

Bron: Gazet van Antwerpen | 9 Augustus 1997

Feest eindigde met dagenlange verkrachting

Vier dagen lang moest een jonge vrouw vernederingen en verkrachtingen doorstaan. Zij kreeg drugs toegediend en werd in haar roes meermaals misbruikt. Uiteindelijk kon de vrouw ontsnappen en kon ze de daders aanwijzen. Zes mannen moeten zich vanaf vandaag voor het hof van assisen van Henegouwen voor de feiten, die zich tussen 29 maart en 1 april 1997 afspeelden, verantwoorden. De zes worden beschuldigd van collectieve verkrachting en gebruik en trafiek van verdovende middelen.

De vrouw, die we de voornaam Carmen meegeven, ging op 29 maart 1997, na een ruzie met haar vriend, naar de kermis van Charleroi. Daar maakte ze kennis met Laurent Goffin (nu 25 jaar oud) en Jean-Noël Foncoux (21). Later op de avond ontmoette ze de vier andere beschuldigden: Christian Doyen (45), David Dieu (27), Steve Thiry (23) en Christian Absillis (19). De groep trok naar de woning van Doyen in Marchienne-au-Pont. Er werd gedronken en gefeest.

Het feest duurde echter niet lang voor Carmen. Doyen dwong haar onredelijk veel te drinken, zegt de jonge vrouw. Ze verdenkt hem ervan verdovende middelen in haar drank te hebben gedaan. In elk geval herinnert ze zich amper iets van wat er gebeurd is. Ze werd af en toe in de badkamer wakker en is er zeker van dat de kerels haar misbruikt hebben. ,,Er zat droog en nat sperma tussen mijn benen.'' In de akte van beschuldiging staat dat Carmen meermaals door Doyen gedwongen werd pillen te slikken en dat LSD-tabletjes onder haar tong werden gelegd. Daardoor viel ze telkens weer in slaap.

Op 31 maart 1997 namen Doyen, Thiry en Gofin Carmen in een witte bestelwagen richting Frankrijk mee. In Châlons sur Marne bedachten ze zich en maakten ze rechtsomkeer. De ochtend van 1 april waren ze terug in Marchienne-au-Pont. Ze lieten Carmen alleen in de bestelwagen achter.

Omstreeks 13 uur kon de vrouw ontsnappen en klopte, getraumatiseerd en zwaar verbrand in het gezicht door een prop chloroform, aan bij de rijkswacht van Charleroi. Ze kon de ordediensten helpen bij de opsporing van drie van de beschuldigden. De drie overigen gaven zichzelf aan.

Tot dusver heeft enkel David Dieu bekentenissen afgelegd in verband met de verkrachting. De anderen zeggen dat ze niets gedaan hebben of dat het slachtoffer ermee instemde. Volgens de advocaat-generaal liep de bende al lang rond met het plan waarvan Carmen het slachtoffer werd en gebruikten de beschuldigden de jonge vrouw als proefkonijn om narcotica uit te testen met het oog op toekomstige slachtoffers. Doyen heeft dergelijke cocktails van drugs overigens ook aan verscheidene andere vrouwen toegediend.

Bron: Het Nieuwsblad | 11 Januari 1999

Eenentachtig jaar opsluiting voor collectieve verkrachters

Twintig jaar cel, twee keer zeventien jaar, vijftien jaar en twaalf jaar. Zo luidde het vonnis dat het Bergense hof van assisen gisteren uitsprak voor de vijf overblijvende beschuldigden die einde maart vorig jaar een jonge vrouw ontvoerden en vier dagen lang drogeerden en verkrachtten.

Een zesde kompaan was donderdag vrijgesproken. De jury geloofde zijn bewering dat hij maar ,,had gedaan alsof'' hij de jonge vrouw verkrachtte. Christian Doyen, zowat de leider van de groep, kreeg zoals verwacht twintig jaar cel, het wettelijke maximum.

David Dieu kreeg 15 jaar, omdat de rechtbank rekening hield met zijn spijtbetuigingen en zijn onmiddellijke bekentenissen. Steve Thiry en Laurent Goffin kregen elk zeventien jaar gevangenisstraf. De 19-jarige Christian Absillis tenslotte kreeg twaalf jaar. Het hof en de jury hielden rekening met zijn jeugdige leeftijd.

Een jonge advocate die gehoopt had dat haar cliënt minder zwaar gestraft zou worden, kon haar tranen niet bedwingen.

Volgens waarnemers heeft het hof geoordeeld dat het aandeel van de vijf mannen (Absillis uitgezonderd) nagenoeg even groot was in de vierdaagse nachtmerrie die ze de jonge vrouw van 29 maart tot 1 april 1998 deden ondergaan - tot ze kon ontsnappen uit de bestelwagen waarmee ze werd weggebracht.

Bron: Het Nieuwsblad | 11 Januari 1999

Violée durant quatre jours par six hommes

Lorsque Chantal (24 ans) se présente à la gendarmerie, le 1 er avril 1997, le visage brûlé au chloroforme, l’air hagard, avec l’épouvantable récit de son calvaire, c’est l’étonnement: personne n’avait encore signalé la disparition de la jeune femme, qui vivait seule et s’était disputée avec son petit ami. Son récit lui-même fait froid dans le dos, un véritable scénario de “snuff movie” en plein Charleroi ...

Le récit de la victime est effarant. Quatre jours plus tôt, le 29 mars 1997, après une légère dispute avec son petit ami, elle s’est rendue à la foire de Charleroi, sur la place du Manège, à deux pas de son appartement. Là, elle a rencontré Laurent et Jean-Noël, deux garçons sympathiques avec qui elle a fait le tour des attractions. Le trio est bientôt rejoint par quatre autres hommes, trois jeunes d’une vingtaine d’années et Christian Doyen, 45 ans, qui leur propose d’aller achever la soirée chez lui, rue Jaumet à Marchienne-Docherie. Là, tout bascule rapidement pour Chantal. Christian Doyen la fait boire. De l’alcool. Et des stupéfiants dilués dans chaque verre.

Dans les vapes

Pour Chantal commence une longue période d’hébétude. Elle est dans les “vapes” et, chaque fois qu’elle se réveille, on lui redonne une dose de chloroforme ou de LSD. Pendant trois longues journées, elle reste prostrée sur un matelas dans la salle de bain où elle sera violée, à plusieurs reprises, par les accusés. Aux gendarmes, médusés par son récit, elle explique encore qu’elle vient de se réveiller dans une camionnette, stationnée à proximité de la maison de Doyen, qu’elle a réussi à ouvrir la portière et qu’elle a sauté dans un taxi…

Grâce aux indications de la jeune femme, on localise rapidement la maison du cauchemar, rue Jaumet à Marchienne et on identifie tout aussi rapidement les suspects. En quelques jours à peine, Christian Doyen, David, Steve, Laurent, Jean-Noël et Christian prennent la direction de Jamioulx, sous l’inculpation de viol collectif avec séquestration et d’empoisonnement aux stupéfiants.

“Consentante”

Deux ans plus tard, les six hommes comparaissent devant la cour d’assises du Hainaut. Un seul d’entre eux, David est en aveux: il reconnaît que leur victime ne pouvait être consentante, vu le cocktail de médicaments, d’alcool et de stupéfiants auquel on la soumettait. Il affirme aussi que c’était Doyen qui menait le jeu, qui leur faisait peur et leur avait promis de “ne pas laisser de témoins derrière lui”.

Les cinq autres continuent à soutenir que la malheureuse était “consciente et consentante”, qu’ils ne “l’auraient pas touchée autrement”. Doyen va même jusqu’à prétendre qu’elle était amoureuse de lui, qu’elle voulait se mettre en ménage avec lui. Ce n’est qu’après le témoignage de la victime qu’il finira par passer aux aveux: “Je ne savais pas que j’avais fait autant de mal autour de moi”.

Un cobaye pour sa vengeance

En fait, Christian Doyen avait besoin d’un cobaye. Sa femme l’avait quitté pour un autre et il voulait se venger. Monter une expédition punitive pour punir l’amant, “lentement, en le faisant souffrir”. Mais aussi contraindre son ex-femme à revendre la maison de Marchienne, empocher l’argent et ouvrir un club de vacances en Espagne avec ses petits camarades.

Ceux-ci, des jeunes paumés, avaient embrayé sans se poser de questions, partagés entre la perspective du rêve d’avenir du quadragénaire et la peur légitime que leur inspirait leur aîné. Il faut dire que celui-ci avait l’expérience qui leur manquait, il les impressionnait. Tour à tour batelier, chauffeur de poids lourds, exploitant d’une station-service, il avait vécu aux Canaries et en Espagne. Chez lui, il détenait un serpent, un scorpion et un chien méchant…

Mais avant d’aller vivre la belle vie en Espagne, il fallait tester le cocktail de LSD, rohypnol et alcool sur un cobaye pour s’assurer de son efficacité. C’est tombé sur la malheureuse Chantal…

Sauvée par leur indécision

Après trois jours “d’expérimentations”, Chantal devient fort encombrante… Que faire d’elle? Ses bourreaux l’amènent alors en France dans la camionnette de Doyen. À Châlons-sur-Marne, c’est l’indécision: va-t-on l’achever à coups de médicaments? Simuler un accident? Ils hésitent et reprennent la route de Marchienne. La suite est connue: la malheureuse se réveille dans la camionnette, parvient à ouvrir la portière, à se sortir de ce cauchemar. “Elle a failli mourir” dira le médecin légiste. “Heureusement, c’est une battante”, ajoutera le psy.

Bron: La Nouvelle Gazette | 12 Augustus 2021

Dossier Véronique Leclercq classé
Et pourtant, le suspect n° 1 de l'assassinat de la jeune femme en 1997 avait menti

Encore un dossier lourd, un dossier d'assassinat, refermé sans que le besoin de justice ait été satisfait.

Nous apprenons, mais l'information n'est pas récente, que la chambre du conseil a décidé le non-lieu dans l'instruction à charge de X, et du chef d'assassinat, ouverte au parquet de Charleroi après le décès, le 12 janvier 1997, à l'âge de 33 ans, de Véronique Leclercq.

Le corps en partie calciné de Véronique Leclercq avait été retrouvé, au bout de six mois de recherches, dans les bois de Sivry-Sautin, sur la frontière (Beaumont, au sud de Charleroi), le 29 juillet 1997. Le classement sans suite est intervenu en dépit d'éléments troublants impliquant un suspect qui ne fut pas inculpé et qui, d'après la mère de Véronique rencontrée hier, a depuis lors quitté la région.

Parmi les éléments troublants, les résultats des deux tests du polygraphe. Les résultats étaient qualifiés de "très, très clairs" par le polygraphiste. Celui-ci posait pourtant des questions simples: "Avez-vous causé la mort de Véronique?" et "Êtes-vous celui qui a causé la mort de Véronique?"

Le suspect avait à chaque fois répondu "non". Pour l'expert, au vu des graphes, le suspect "ne disait pas la vérité". L'expert laissait tout à fait entendre que le suspect était à l'origine du décès de la jeune femme. Mieux, un second test avait maintenu les premiers résultats, mais le suspect s'en était tiré par une pirouette, en affirmant que le polygraphe "n'était qu'une machine". Il fut privé de liberté mais libéré après 24 heures.

Depuis le 12 décembre 2005, Lucienne Van Israël, maman de Véronique, n'a plus rien entendu. Pour autant, elle veut connaître la vérité.

Vu l'état du cadavre en partie brûlé, le légiste, le Dr Duverger, n'a jamais pu déterminer la cause du décès. L'état du soutien-gorge, dont les bretelles étaient arrachées, pouvait évoquer un mobile sexuel.

Véronique est cuisinière à Bruxelles au ministère de la Santé; elle vit seule à Mont-sur-Marchienne; mais elle connaît un monsieur. Le dimanche 12 janvier 1997, elle reçoit un appel sur son GSM, à 10 h 58; une connaissance lui demande d'acheter deux steaks chez un boucher. Véro sort de chez elle.

Une voisine, aujourd'hui décédée, est la dernière à l'avoir vue vivante, alors qu'elle parle, en rue, au conducteur ou aux occupants d'une voiture bleue ou grise, peut-être Audi. Pour la mère de Véronique, tout cela était cousu de fil blanc. La justice n'a jamais été en mesure de le démontrer.

Bron: La Dernière Heure | 15 November 2008