Koelbloedige moordenaar met het masker van een vrijheidsfilosoof
“Ondin is een gevaar voor de maatschappij. U kan ervoor zorgen dat het de laatste keer is dat hij voor een assisenhof waar ook ter wereld verschijnt.” Deze zware verantwoordelijkheid legde procureur-generaal Fabienne Schraepen gisteren in de handen van de juryleden. De Zweed Jussi Ondin zat er muisstil bij in tegenstelling tot de voorgaande dagen. De hem ten laste gelegde feiten, waaronder moord op rijkswachter Verstappen, zijn zoals de procureur verwoordde immers “bijzonder zwaarwichtig”.
“Ondin is een koelbloedige moordenaar die niet meer op straat mag komen,” zei procureur Schraepen in haar rekwisitoor. “Wat hij van U wil, dames en heren van de jury, is een diploma krijgen om straffeloos misdrijven te plegen en alle uniformen die hij op zijn weg naar de vrijheid tegenkomt uit te schakelen. Het leed dat hier is aangedaan, is niet financieel te vergoeden, en zelfs als dat mogelijk was, zou deze man het zeker niet doen, want voor hem telt enkel het astraal leven.”
Daarbij legde procureur Schraepen de klemtoon op de rode draad in de misdaadcarrière van Ondin. “Die draad vertrekt vanuit Zweden, loopt door Nederland en stopt dus niet in België,” zei ze. Toch zullen de juryleden zich enkel mogen uitspreken over de schuldvraag betreffende de feiten die werden gepleegd op Belgisch grondgebied.
Arsenaal
De procureur vroeg de juryleden om voor de schietpartijen in Lanaken en Turnhout moord, d.i. doodslag met voorbedachte rade, te handhaven. “Het hele arsenaal wapens dat Ondin bij zich had, was niet van die aard om een zondagswandeling te gaan maken,” verklaarde procureur Schraepen die een opvallende lyrische taal hanteerde.
“Ondin heeft in het voertuig in Lanaken een show opgevoerd. Hij zei niet waarom hij de motor niet kon stilleggen en toen rijkswachter Aengeveld hem zou gaan fouilleren, begon hij te roepen ‘help, ze schieten me dood’. Dit alles was slechts een afleidingsmanoeuvre van een wapenexpert die goed wist dat hij de rollen snel zou gaan omdraaien en zelf zou beginnen schieten,” beklemtoonde procureur Schraepen. “Hij was immers tot de tanden gewapend.”
Diezelfde thesis van koelbloedigheid kwam ook duidelijk naar voor bij de pleidooien van de burgerlijke partijen. De belangen van de drie rijkswachters Verstappen, Aengeveld en Leemans, de weduwe van Verstappen en haar twee dochtertjes, worden verdedigd door de meesters Jagenau en Ruiters. Het Nationaal Syndicaat voor het Rijkswachtpersoneel heeft alle kosten op zich genomen voor de burgerlijke partijstelling in de zaak Verstappen. Niet verwonderlijk dus, dat Paul van Keer vanmiddag had plaatsgenomen temidden van de grote massa toehoorders.
“Tijdens dit proces is het dagenlang bloedheet geweest,” opende meester Ruiters zijn pleidooi. “Maar voor sommigen is het kil gebleven.” Tot de jury sprak hij: “U hebt Ondin gezien als een vrolijk afstandelijk man, die zijn levensfilosofie meermaals heeft proberen uiteen te zetten. Maar het masker van de filosoof Ondin is afgevallen. Het diende enkel om te verbergen dat hij niet meer of minder is dan een koele doder.”
“De brieven die ik van hem gezien heb, bevatten vulgaire praat over de maatschappij. Ondin vertelt onzin. Hij is nooit bedreigd geweest en daarom is zijn reactie op de routinecontrole in Lanaken zo onwaarschijnlijk. Het was geen paniekreactie, geen zelfverdediging. Er kan geen enkele verschoning zijn voor de brute kracht die Ondin heeft gehanteerd.”
Politie en dief
Meester Jagenau ging dieper in op de ondankbare taak van de rijkswachters. “Men roddelt graag over hen, maar iedereen beseft dat men hen in deze maatschappij niet kan missen,” zei hij. “Als kind speelden we toch allemaal politie en dief om te leren dat er orde nodig is.” Daarop somde hij de namen op van rijkswachters die vanaf ’86 werden doodgeschoten; Zwijnaarde, Lanaken, Noordstation Brussel, Zellik-Asse. Hij verheugde zich er wel over dat deze week een wet gestemd werd die de Belgische staat verplicht om de kosten te dragen bij dergelijke kwesties.
“Rijkswachters zijn geen rambo’s,” zei meester Jagenau. “Dat hoeft ook niet. Maar ze strijden met ongelijke wapens. Rijkswachter Aengeveld is 55 procent invalide, was een goede doelman in de rijkswachtploeg. De twee dochtertjes van Verstappen zullen hun papa nooit meer zien. Zijn kostuum van eerste wachtmeester was net klaar. Toch heeft de weduwe van Verstappen geen haatgevoelens tegenover Ondin. Zij vertrouwt op U, jury, om recht te laten geschieden. Een man als Ondin die pocht over zijn wapens, geen orde kent en zich al schietend een weg baant naar de vrijheid, hoort niet thuis in deze maatschappij.”
Tot slot maakte meester Jagenau de vergelijking met de neergeschoten rijkswachter in Zwijnaarde. De twee daders waren 21 en 22 jaar en werden voor het Assisenhof van Luik veroordeeld tot de doodstraf. “De enige oplossing voor iemand als Ondin is hem voor altijd in de gevangenis te steken. Hopelijk kan zijn grijnslach dan eindelijk eens verdwijnen.”
Zoontje
De belangen van politieagent Peeters, zijn moeder, vrouw en kinderen, werden verdedigd door meester Heylen uit Turnhout en meester Kindermans. “Ik ben getroffen door de filosofie van Ondin,” pleitte meester Hilde Heylen. “Maar ik heb steeds dat ene beeld voor ogen. Het jongste zoontje van agent Walter Peeters was bijna vier jaar tijdens de feiten en heeft de ware toedracht nooit begrepen. Wanneer hij nu, twee jaar later, door de straat van de schietpartij loopt, merkt hij op ‘papa, hier heb jij voor het laatst gelopen’”, zo besloot meester Heylen.
Meester Kindermans tenslotte beklemtoonde de zware handicap van Peeters. “Hij kan niets meer, zelfs niet de kleine huishoudelijke taken, zelfs niet het dagelijkse bezoekje aan zijn alleenstaande moeder en mentaal gehandicapte zus. Tot maart 1988 verbleef hij in het ziekenhuis in Gent. Daarna ging hij vijf maanden in therapie in Nederland. Hij heeft opnieuw moeten leren schrijven. Zijn vrouw is overgestapt naar halftime betrekking en zijn kinderen hebben lange tijd met zware psychische problemen gekampt. Walter Peeters voelt zich schuldig tegenover zijn gezin en hoopt dat Ondin ooit maar eens zal beseffen wat hij hem heeft aangedaan,” aldus meester Kindermans.
De belangen van de Belgische staat werden behartigd door meester Genrys, die verklaarde dat Ondin het zo goed heeft gespeeld dat hij zegt over geen frank te beschikken om de schade te vergoeden.
Bron: Gazet van Antwerpen | 26 Mei 1989
