In een oud telefoonboek heb ik zijn adres gevonden. In 1983 woonde hij in de Chaussée d'Alsemberg nummer 38 in Braine-l'Alleud. Dat is op 1,5 kilometer van de plaats waar de Saab werd gevonden.
You are not logged in. Please login or register.
Bende van Nijvel → Posts by Ben
In een oud telefoonboek heb ik zijn adres gevonden. In 1983 woonde hij in de Chaussée d'Alsemberg nummer 38 in Braine-l'Alleud. Dat is op 1,5 kilometer van de plaats waar de Saab werd gevonden.
Zie dit topic voor meer informatie » Forum
René Arnauts was een gangster die misdaden heeft gepleegd met Eli Spletinckx. Hij was bevriend met Apostolos Papadopoulos, met wie hij begin jaren '80 een aantal inbraken pleegde in Waals-Brabant.
Op 10 mei 1982 breekt hij ’s nachts, samen met twee andere, binnen in het stadhuis van Aalst. Ze stelen er een geldkoffer en documenten, waaronder identiteitskaarten.
Hij wordt omschreven als "un individu dangereux" en hij was vaste klant van Le Jonathan. In 1989 wordt hij samen met Claude Nitelet (en veel andere personen) veroordeeld in een zaak van diefstal en heling van cheques. Hij kreeg 1 jaar en 8 maanden gevangenisstraf » Forum
Op 8 december 1984 schiet hij in een café aan de Nieuwbrug in Brussel een kleurling neer:
Dronkemansruzie
In een café aan de Nieuwbrugstraat, te Brussel, ontstond zaterdagmorgen, omstreeks halfzes, een hevige ruzie, tussen de 36-jarige René Amouts en twee mannen met zwarte huidskleur, die aan een tafel zaten. Arnouts, die dronken was, trok een revolver en trof de 36-jarige kleurling Jozef Rayogera, wonende te Brussel, met kogels in de buik en een been. De dader werd aangehouden.
Arnouts, een uit de echt gescheiden man, geboren te Zoutleeuw en wonende aan de Luchthavenlaan te Brussel, kwam reeds herhaaldelijk met het gerecht in aanraking. Hij bleek zaterdagmorgen zeer dronken te zijn.
Joseph Rayogera werd tweemaal getroffen in de buik en een been. Hij werd later overgebracht naar het Sint-Pietershospitaal. Zijn leven is niet meer in gevaar. De dader werd in het café zelf aangehouden.
Bron: Gazet van Antwerpen | 20 Februari 1984
Probeer een bende op 21 november 1985 een overval te plegen op het Delhaize-warenhuis van Kraainem?
Golf GTI doorheen barricade
Donderdagavond had de rijkswacht een wegversperring aangebracht ter hoogte van de Delhaize-vestiging te Kraainem Omstreeks 20.15 u. naderde een blauwe Golf GTI, waarin drie personen zaten. De bestuurder negeerde de stopsignalen van de rijkswachters en reed door de wegversperring. Onmiddellijk werd een algemene mobilisatie afgekondigd, maar die heeft nog geen spoor van de vluchters opgeleverd.
Bron: Gazet van Antwerpen | 22 November 1985
Buren vinden goudhandelaar vermoord
Vrijdagmorgen werd Valère Valcke (65) door buren vermoord aangetroffen in zijn villa aan de Steenweg op de Grote Hut 156 te Sint-Genesius-Rode. Valcke, die alleen woont, is een bekend handelaar in goud en juwelen. Vermoed wordt dat hij het slachtoffer werd van een roofmoord.
Valcke was sinds jaren werkzaam als groothandelaar in goud en juwelen en van hem was geweten dat hij dagelijks juweliers in het Brusselse en de provincie opzocht, telkens met waardevolle partijen goud en juwelen in de koffer van zijn wagen.
De man moet donderdagnacht zijn thuisgekomen en onmiddellijk zijn neergekogeld. Zijn lijk, in een plas bloed, werd pas vrijdagmorgen door buren aangetroffen.
Uit het onderzoek bleek dat de daders (of dader?) de villa langs achter waren binnengedrongen. Daarom werden er gisteren twee mogelijkheden besproken: ofwel betrapte Valcke inbrekers op heterdaad en vuurden die onmiddellijk ofwel werd Valcke inderdaad opgewacht door bekenden die wisten dat hij die avond met een waardevolle partij juwelen naar huis kwam.
Het parket opteerde gisteravond eerder voor de laatste thesis. Volgens de speurders wachtten de daders hun toekomstig slachtoffer op en werd Valcke koelbloedig met enkele revolverschoten vermoord. Niemand van de buren hoorde echter deze schoten, maar de villa van Valcke ligt tamelijk geïsoleerd en waarschijnlijk gebruikten de roofmoordenaars een geluidsdemper.
Het onderzoek spitst zich voor het ogenblik toe op de personen met wie Valcke voor het laatst in contact kwam. In dit verband werden gisteren reeds verscheidene getuigen verhoord.
Bron: De Standaard | 11 Oktober 1980
De 57-jarige Albert Gillet uit Schaarbeek, een belangrijke Belgische heroïnesmokkelaar, werd tijdelijk ter beschikking gesteld van de Amerikaanse Drugs Enforcement Administration om informatie te verschaffen over een grootschalige internationale drugstrafiek. Gillet werd in 1980 opgepakt terwijl hij acht kilogram heroïne probeerde te verkopen en blijkt een sleutelrol te spelen in een netwerk dat heroïne vanuit Italië naar de Verenigde Staten smokkelde, vaak in hoeveelheden van zes tot zeven kilogram per reis.
Hij werkte daarbij onder meer samen met de Antwerpenaar Edgard Barbé, met wie hij via een firma in Lugano als dekmantel opereerde. De zaak kadert in een groter onderzoek waarbij ook leden van de Belgische Criminele Informatie en andere betrokkenen werden gearresteerd. Gillet, die eerder al veroordeeld werd voor bendevorming met Armand Havelange, wordt beschouwd als een spilfiguur in de trafiek en zou tientallen smokkelreizen hebben uitgevoerd die hem grote winsten opleverden.
Belgische heroïnekoning “uitgeleend” aan Amerika
Een van de meest geslepen Belgische heroïne-smokkelaars, de 57-jarige Albert Gillet uit Schaarbeek, werd door de gerechtelijke diensten “uitgeleend” aan de Verenigde Staten.
De Amerikaanse “Drugs Enforcement Administration” wil Albert Gillet grondig aan de tand voelen omtrent zijn medeplichtigheid in een van de grootste heroïnezwendels uit de geschiedenis. In de Verenigde Staten liepen overigens al een tiental trafikanten tegen de lamp maar men verwacht er nog meer arrestaties.
Vandaar dat de Amerikaanse rechercheurs hopen dat - de man moet alleszins vóór 27 april weer te Brussel zijn om voor de raadkamer te verschijnen - Albert Gillet hen een handje zal toesteken. Albert Gillet werd te Schaarbeek door de BOB van zijn bed gelicht. Hij moest toen, eind oktober 1980, zowat 8 kg heroïne aan de man brengen.
Rechtbank
Samen met de Antwerpenaar Edgard Barbé (41) had Albert Gillet, die uit de Ardennen afkomstig is, in het Zwitserse Lugano een firma opgericht die als dekmantel diende voor drugsmokkel. Deze trafiek had geen rechtstreeks verband met de drugzaak “Leon François”, die begin van vorig jaar in alle hevigheid was losgebarsten.
Niettemin vlogen ook drie inspecteurs van de Criminele Informatie, John Declercq, Karel Clonen en André Deckers (allen reeds beticht in de affaire van de voornoemde rijkswachtofficier) achter de tralies en zitten nu reeds sinds oktober in de gevangenis in afwachting dat de correctionele rechtbank misschien nog dit jaar over hun lot zal beslissen.
Behalve Albert Gillet, Edgard Barbé en de drie voornoemde leden van de Criminele Informatie, vertoeven ook rijkswachter Willy Decuyper, de Nederlandse antiekhandelaar Joop Van Wely en een Antwerpse vrachtwagenchauffeur in de gevangenis. Onderzoeksrechter De Biseau d'Hauteville werkt met veel ernst aan het lijvige dossier. Dit moet einde mei definitief zijn afgesloten.
Vast staat dat er tijdens het proces feiten aan het licht zullen komen waarvan menigeen zal opkijken, en die tot dusver slechts door enkele ingewijden zijn gekend. Albert Gillet bv. die thans aan de Amerikaanse recherche ter beschikking werd gesteld, was een kerel die veel touwtjes in handen had. Van hem weet men dat hij minstens twintig keer met heroïne naar Amerika is geweest.
Sleutelpersoon
Gillet smokkelde dan elke keer 6 tot 7 kg zuivere heroïne van de Verenigde Staten binnen. Dit bracht hem en zijn reisgezel iedere keer ruim 20 miljoen op. Bekend is dat Albert Gillet nooit alleen de trafiek vanuit Italië naar de Verenigde Staten ondernam.
Enige keren zat hij in het vliegtuig met Edgard Barbé, doch meestal met nog een andere Belg, die men tot op heden nog niet heeft kunnen aanhouden.
Met de Antwerpenaar Barbé kwam Gillet goed overeen. Ze deden beiden in de Verenigde Staten flinke zaken. Edgard Barbé had in Fort Worth (Texas) een ranch gekocht van meer dan 10 miljoen, had er een lopende rekening van meer dan 1 miljoen, bezat er in een brandkoffertje een 5,8 karaat diamanten ring, reed er met een splinternieuwe Cadillac, had huizen in Frankrijk en Zwitserland.
Ook Gilbert Gillet zat er warmpjes in. Maar daar weet de recherche nog niet alles over. Men gaat er wel van uit dat Gillet, die vroeger reeds tot enkele jaren cel veroordeeld werd wegens bendevorming met de indertijd beruchte en gevreesde Armand Havelange, een sleutelpersoon is in de drugtrafieklijn waarvoor ook de leden van de criminele informatie in geen al te beste papieren blijken te zitten.
Bron: Gazet van Antwerpen | 22 April 1981
Acht en tien jaar voor Noord-Franse gangsters
De correctionele rechtbank van Brugge heeft de 42-jarige Elian Hocquet en de 47-jarige beruchte Franse gangster Alain Knox veroordeeld tot een effectieve gevangenisstraf van tien jaar en een boete van 45.000 fr. Rachid Yklef (26) kreeg een gevangenisstraf van acht jaar.
Het trio, afkomstig uit de streek van Rijsel in Noord-Frankrijk, pleegde op 21 juni 1991 een gewapende overval op de CC-bank in Moeskroen. Daarbij werd een half miljoen frank buit gemaakt. Op 19 oktober 1991 probeerden de drie een wisselkantoor in de Wollestraat in Brugge te overvallen maar dat mislukte.
Ze werden later in Brugge opgepakt. In hun tas zaten een zonnebril en enkele pruiken. Er werden ook twee pistolen gevonden.
Bron: Gazet van Antwerpen | 27 Maart 1992
Daniel Haquet, geboren in 1947, was een centrale dader in de gijzeling en poging tot afpersing van een echtpaar in Alsemberg op 6 oktober 1976. Hij legde reeds in augustus 1976 het eerste contact met het slachtoffer en speelde een actieve rol in de voorbereiding van de feiten, die draaiden rond een vermeende goudroof.
Samen met een mededader drong hij, vermomd als gasmaatschappijbediende en uitgerust met handboeien en chloroform, de woning binnen, waar hij de aanwezigen gedurende twee uur bedreigde en gijzelde. Bij de terugkeer van de echtgenoot nam hij deel aan de poging om hem te ontvoeren en diende hem slagen toe bij diens vlucht. Voor deze feiten werd Haquet in 1977 veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf. Hij pleegde deze feiten samen met Willy Degeneff en René Janssens.
Een paar dagen voor de overval in Aalst ziet een getuige vlakbij het Delhaize-warenhuis van Aalst een bordeaux-kleurige auto waarin drie personen zitten. De getuige merkt dat aan de achterkant het merk van de auto verwijderd is. Na de overval legt de vrouw een getuigenis af. Ze herkent Robert De Staerke als de chauffeur van het voertuig. Ze meent ook Daniel Haquet te herkennen als de man die achteraan zat.
Zware straffen voor gijzeling echtpaar
Het drietal dat op 6 oktober jl. de echtgenoten Jean P. en René C. in hun villa aan de Onze-Lieve-Vrouwstraat te Alsemberg gijzelde er daarbij niet alleen met de dood, maar ook met de ontvoering van hun zoontje dreigde, liep donderdag voor de correctionele rechtbank te Brussel zware straffen op.
Daniel Haquet (30) en René Janssens (35), beiden uit Oostende, werden respectievelijk tot 7 en 6 jaar cel veroordeeld. Willy Degeneffe (43), eveneens Oostende, kreeg 5 jaar gevangenisstraf. Het drietal moet ook nog aan elk van de echtgenoten 500.000 fr. morele schadevergoeding betalen.
Daniel Haquet, een fotograaf, en René Janssens, een handelaar, waren vermomd als bedienden van Electrogaz en in het bezit van een fles chloroform en handboeien de villa binnengedrongen. Kelner Willy Degeneffe bleef achter het stuur van hun wagen zitten. Het drietal wou Jean P. naar Luik overbrengen om er uitleg te geven over het verdwijnen van een hoeveelheid gesmokkeld goud ter waarde van 8 à 10 miljoen fr.
In haar motiveringen stelde de rechtbank vast dat het drietal tevergeefs had laten geloven dat het hun alleen te doen was Jean P. naar elders over te brengen. Uit het onderzoek bleek evenwel dat de daders hun plan degelijk hadden voorbereid, o.m. door zich te vermommen. De rechtbank oordeelde dat hun handelswijze des te weerzinwekkend was daar ze niet aarzelen met de dood of met de ontvoering van een kind te dreigen. De rechtbank sprak dan ook de reeds hoger genoemde zware straffen uit.
Bron: De Standaard | 25 Februari 1977
"De bende met de rode 205" staat in Franse bronnen bekend als "le trio à la 205 rouge". De drie daders waren:
Didier Rossi
Michel Schmitt
Jean Winterstein
Ze werden door Franse media vaak omschreven als reizigers of “gitans”, met een semi-nomadische levensstijl.
Feiten
De bende startte met “klassieke” overvallen, maar er volgde al snel een escalatie naar verkrachting, willekeurig geweld en moord. Franse media spraken van een “enchaînement furieux”. De Peugeot 205 GTI werd hét herkenningspunt van de zaak en groeide uit tot een soort “merknaam” voor de bende.
Nacht van 13 augustus 1988:
Saint-Georges-de-Reneins (Rhône): automobilist klemgereden, mishandeld en beroofd
Ars-sur-Formans (Ain): hoteloverval
Rillieux-la-Pape (Rhône): jonge vrouw ontvoerd en gedurende ongeveer twee uur meervoudig verkracht
17 augustus 1988: Salaise-sur-Sanne (Isère): overval op een snack/bar langs de RN7, waarbij de uitbater werd doodgeschoten. Kort daarna plegen ze een overval op een tankstation in Saint-Vallier (Drôme).
Proces
De drie daders werden in oktober 1992 door het hof van assisen in Grenoble veroordeeld:
Didier Rossi: 20 jaar cel voor moord, verkrachting en overvallen
Michel Schmitt: 18 jaar cel
Jean Winterstein: 18 jaar cel
Ondanks de ernst van de feiten was het bewijs relatief zwak. Veel getuigenverklaringen waren onzeker, er was weinig hard forensisch bewijs en de identificatie was grotendeels gebaseerd op signalementen (“een grote, een middelgrote, een kleine dikke”). Dit maakte het proces controversieel en kwetsbaar voor twijfel.
De drie daders bleven hun onschuld volhouden. In de rechtbank droegen ze zelfs opschriften met de tekst “Je suis innocent”.
De “bende met de rode 205” was geen klassieke georganiseerde misdaadgroep, maar eerder een kortstondige, extreem gewelddadige criminele uitbarsting van drie daders tijdens een ‘vakantieachtige’ rondtrekking. De zaak kreeg in Frankrijk veel aandacht door de brutaliteit, de snelheid van de feiten en het twijfelachtige bewijs waarop de veroordeling deels steunde.
Sociaal milieu
De drie - Didier Rossi, Michel Schmitt en Jean Winterstein - worden in Franse bronnen expliciet omschreven als “gitans” of “gens du voyage”. Dat betekent concreet dat ze deel uitmaakten van een semi-nomadisch milieu, vaak levend in caravans en op tijdelijke standplaatsen. Het gaat om een sterk familiaal georganiseerde gemeenschap met een eigen economisch circuit (schroothandel, occasionele handel, kleine jobs).
Vooral over Jean Winterstein is dat duidelijk gedocumenteerd. Hij gaf de voorkeur aan het leven in een caravan, want “In een appartement stik ik.” Dat is geen detail, maar wijst op een culturele en sociale afstand tot de ‘klassieke’ Franse samenleving.
Sociaal profiel: marginaliteit en instabiliteit
De drie mannen vertonen een gelijkaardig profiel. Ze hebben een lage scholing en verlieten vroegtijdig de school, waardoor ze nauwelijks een formele opleiding genoten. Dit vertaalt zich in een instabiel beroepsleven, met losse en tijdelijke jobs, bijvoorbeeld in de schroothandel of kleine klusjes.
Nomadische levensstijl
Ze hadden geen vaste woonplaats (of slechts tijdelijk) en waren sterk afhankelijk van familie en clan. Dit profiel past in wat criminologen omschrijven als “sociale marginaliteit met beperkte institutionele integratie”.
Criminele voorgeschiedenis
Het waren geen beginners en zeker geen “gelegenheidscriminelen”.
Didier Rossi wordt beschreven als een leiderstype: gewelddadig en eerder al veroordeeld voor een gewapende overval. Michel Schmitt had eveneens een zwaar strafblad en stond bekend als rancuneus en wantrouwig. Jean Winterstein wordt omschreven als een volger, maar kende een gelijkaardig parcours: een leven in de marginaliteit, kleine criminaliteit en instabiliteit.
Psychologisch profiel
Psychiaters en magistraten schetsen een vrij consistent beeld.
Rossi, de centrale figuur, was dominant, impulsief en had een uitgesproken neiging tot geweld. Hij wordt beschouwd als de motor achter de snelle escalatie. Schmitt wordt omschreven als explosief en rancuneus, met een sterke anti-institutionele houding (tegenover justitie en politie). Winterstein was eerder een volger, sterk gevormd door zijn sociale milieu.
Dit wijst op een typische dynamiek: één leider, één instabiele versterker en één volger.
Levensstijl voor de feiten: “road culture”
Hun leven vóór augustus 1988 bestond uit rondtrekken door Frankrijk, waarbij kleine criminaliteit werd gecombineerd met vakanties en familiebezoeken. De gepleegde misdrijven passen in die levensstijl. Het ging niet om geplande georganiseerde criminaliteit, maar eerder om een “road crime”-patroon: mobiel, opportunistisch en escalerend.
Criminologische interpretatie
De bende valt niet onder klassieke georganiseerde misdaad. Er was geen duidelijke hiërarchie, geen logistiek netwerk en geen financieel langetermijndoel. Wel is er sprake van “subculturele delinquentie”, waarbij geweld een expressievorm is en de groepsdynamiek centraal staat, met een snelle escalatie van het geweld.
Samengevat
De drie mannen waren afkomstig uit een manouchemilieu, sociaal gemarginaliseerd en reeds bekend bij justitie. Zonder stabiele job of woonplaats ontbrak elke duurzame verankering. Hun misdaadgolf in augustus 1988 kan het best worden begrepen als een explosieve combinatie van marginaliteit, groepsdynamiek en mobiliteit, eerder dan als een geplande criminele onderneming.
Didier Rossi, bijgenaamd "De Lange":

Jean Winterstein en Didier Rossi:

Artikels:
Franse zomerterreurbende na vier jaar voor rechter
Het Gerechtshof in de Franse stad Grenoble moet deze week een oordeel vellen over 'De bende met de rode 205", die in de zomer van 1988 in de Rhône-vallei een groot aantal gewapende roofovervallen heeft gepleegd, waarvan een met dodelijke afloop. De bende, die uit drie mannen bestaat, heeft in enkele dagen tijd terreur gezaaid in de Franse provincies ten zuiden van Lyon.
Hun werkterrein was de Route Nationale 7 en de autosnelweg A6 en A7, de autoroute du Soleil, waar ze in minder dan twee weken een tiental roofovervallen pleegden, een vrouw verkrachtten, vijf mensen in elkaar sloegen en een man doodschoten. Het brute geweld dat het drietal tijdens hun vakantie uitoefende zorgt er voor dat het proces in Frankrijk met meer dan gewone aandacht wordt gevolgd.
Aan het begin van de augustusmaand besloten Michel S., Didier R. en Jean W., woonachtig in de omgeving van Metz, hun vakantie te gaan doorbrengen aan de Côte d'Azur. Na enkele dagen aan het strand besluiten ze tot hun 'actie'. In de omgeving van Beaune stelen ze eerst een rode Peugeot 205. Tijdens de eerste week dat ze met de auto rijden, beperkt het drietal zich tot een tiental gewapende roofovervallen op hotels, op vakantiegangers die hun benen strekken op de parkeerplaatsen bij de snelweg en op pompstations.
Maar hun activiteit accelereert rond de dertiende augustus. Dan rijden ze bij Saint-Georges-de-Reneins een Duitse automobilist klem, en gaan er met diens geld vandoor, een half uur later overvallen ze een hotel in Ars, en verkrachten ze op een verlaten weg een vrouw. De mobilisatie tegen de bende is dan totaal, het drietal verstopt zich.
Twee dagen later slaan ze, blijkbaar voor het plezier, een politie-agent in elkaar. Het is de eerste keer dat ze zonder masker opereren, als wilden ze de uitgebreide politiemacht die naar hen op zoek is uitdagen. Nog twee dagen later, het is dan 17 augustus, overvallen ze een "buvette" aan de Route Nationale 7 en schieten de eigenaar dood.
Na nog een overval op een tankstation houden ze hun dodelijke uitstapjes voor gezien. Ze rijden de rode auto in de Rhône en keren terug naar vrouwen en kinderen, die nog altijd op vakantie zijn aan de Middellandse zeekust.
Het drietal wordt deze week berecht door een benoemde jury en riskeert levenslange gevangenisstraf. De drie misdadigers hebben tot nu toe alle hen ten laste gelegde feiten ontkend, maar ze zijn formeel door een deel van hun slachtoffers herkend. De Franse justitie wil dat het drietal exemplarische straffen wordt opgelegd.
Bron: Gazet van Antwerpen | 10 Maart 1992
"Doders met rode 205" krijgen zware straffen
Het assisenhof van Isère heeft de beruchte "moordenaars met de rode 205" veroordeeld tot gevangenisstraffen van 18 tot 20 jaar, waarvan zeker twee derden moeten worden uitgezeten. De drie mannen zijn schuldig bevonden aan doodslag, gezamenlijke verkrachting en een reeks overvallen die in augustus 1988 werden gepleegd met een rode Peugeot 205.
Jean Winterstein en Michel Smitt kregen 18 jaar cel met vaste opsluiting voor twee derden van de periode wegens gemeenschappelijke verkrachting en een aantal overvallen, maar niet wegens doodslag op een 30-jarige ober in een frituur. De verantwoordelijkheid voor deze doodslag werd toegeschreven aan Didier Rossi, die veroordeeld werd tot 20 jaar cel, waarvan hij zeker twee derden moet uitzitten.
De misdadige tocht van het trio begon op 6 augustus 1988 met een diefstal in Saone-et-Loire. De volgende dagen werd in de Rhône-streek een automobilist aangevallen, pleegden de mannen een diefstal in een hotel en verkrachtten ze een jonge vrouw van 22 jaar, die nadien een gedetailleerde beschrijving kon geven van haar geweldenaars.
Op 19 augustus viel het trio binnen in een frituur te Salaise-sur-Sanne, in Isère, waar de aanwezige klanten werden lastig gevallen en de 30-jarige ober Patrick Siguenza met een pistool werd afgemaakt.
Vijftien minuten later deden de mannen een overval op een benzinestation, waarna ze zich ontdeden van hun rode Peugeot 205 door de wagen in het kanaal van de Rhône te dumpen.
Het drietal heeft steeds zijn onschuld vastgehouden, maar de jury oordeelde er anders over.
Bron: Gazet van Antwerpen | 8 Oktober 1992
Bende van Nijvel → Posts by Ben
Powered by PunBB, supported by Informer Technologies, Inc.