Ben, heb je enig idee wie die genaamde zou kunnen zijn?

Herr Flick wrote:

Dus gangster die wat van zin zijn, die komen niet met de wapens die ze gaan gebruiken naar een schietbaan, en gaan zich daar ook niet braaf inschrijven, die gaan oefenen in een bos.

En dat deden ze dan ook. Zandgroeves en bossen waren toen gretig in trek en waren hun oefenterrein. Ik ken niets van schietclubs maar ik kan mij niet inbeelden dat daar iemand met zo'n SPAS of een Ingram wat zou gaan oefenen. De kans om dus dezelfde hulzen terug te vinden in een schietclub als deze van de Bende is dan ook zero zero zero ...

12

Merovinger wrote:

Ben, heb je enig idee wie die genaamde zou kunnen zijn?

Nee, totaal geen idee. Maar het is interessant genoeg om op zoek te gaan.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

13

Merovinger wrote:

Ben, heb je enig idee wie die genaamde zou kunnen zijn?

Volgens het nieuwste boek van Bouten zou het Mendez kunnen zijn:

De Colt 45 Essex Corporation werd geperfectioneerd door Mendez in de schietclub van Overijse, waar zowel politiemannen als rijkswachters kwamen oefenen.

Bron: De Bende van Nijvel - verraad, manipulatie, geheime diensten | Guy Bouten

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

14

Volgens de Bendecommissie bis waren enkele van deze speciale schietclubs, zoals de Parabellum en de Phenix, hoogstwaarschijnlijk niet minutieus genoeg onderzocht in de speurtocht naar de Bende van Nijvel. Onderzoeksrechter Schlicker was op verschillende extreem-rechtse lieden gebotst in deze schietclubs:

"Op een bepaald moment gaat men zich, in het onderzoek naar de Bende van Nijvel, interesseren voor de schietclubs en vindt men bepaalde mensen terug die bij WNP behoorden. Dat was in 1986. (...) Men ziet dan in het milieu van de schietclubs mensen opduiken die ofwel bij het Front de la Jeunesse waren, ofwel bij de WNP."

Schlicker stootte er op Bouhouche en op wapenhandelaar Dekaise, bij wie de Bende eveneens een overval pleegde:

"In het onderzoek naar Mendez werd aangetoond dat er wapenliefhebbers waren die zich tot Dekaise wendden om hun wapens te perfectioneren. De heer Dekaise stond vooral bekend als een uitstekend wapenmonteur. De mensen die in de schietclubs werkten, kwamen de heer Dekaise bijvoorbeeld vragen om de trekker van hun pistool wat gevoeliger te maken en Dekaise voerde al deze werkjes uit. Hij had ook een cliënteel dat deel uitmaakte van schietclubs en bij de klanten vinden wij met name de heren Bouhouche en Mendez terug."

In hun rapport van 1985 hadden de Waverse BOB'ers Bihay en Balfroid als eersten Bouhouche als verdachte voor de overval op Dekaise omschreven. Bouhouche dook ook via een andere piste op in de schimmige wereld van deze schietclubs.

"Bijvoorbeeld toen (...) verklaarde dat Bouhouche deel uitmaakte van WNP, heeft men dat eigenaardig gevonden. Maar bij de moord op een maghrebijn door Paul, Jean-Marie, (...) in de Rotonde te Laken, hebben wij ontdekt dat hij deel uitmaakte van een schietclub waar Bouhouche instructeur was. Hij ging uit in het gezelschap van Weykamp. Wij hebben dus verbanden kunnen leggen."

Bouhouche had verschillende extreem-rechtse kompanen, maar was zelf waarschijnlijk geen lid van het WNP, Front de la Jeunesse of dergelijke. Terloops kan hier wel vermeld worden dat hogergenoemde Jean-Marie Paul wèl tot de harde kern van het Front de la Jeunesse behoorde en regelmatig in de Front-vergaderzaal zat, samen met ex-commissaris en huidig Vlaams Blok-stemmentrekker Johan Demol.

Op 26 januari 1986 werd Bouhouche aangehouden. Toen dit een dag later op de radio kwam, vluchtte Bultot met FJ-chef Dossogne naar Parijs. Bultot maakte de opmerking: "Ik moet het land verlaten: Bouhouche is aangehouden." Bultot heeft waarschijnlijk met de Bende van Nijvel rechtstreeks niets te maken, maar mogelijk wel zijn omgeving. Hijzelf was een adept van de practical shooting-clubs. Advocaat-generaal Du Four - na de Bendecommissie bis benoemd tot procureur van Dendermonde - die in opdracht van Justitie in 1996 een syntheserapport maakte, beschouwde de piste Bultot als een machinatie binnen het onderzoek om de speurders op een dwaalspoor te brengen (*):

"Men kan dit beoordelen als manipulatie om de politie op een dwaalspoor te brengen. Dat sluit ik niet uit. (...) Ik denk niet dat deze man het brein achter de aanslagen is. Hij duikt wel af en toe op. Zijn juiste rol is niet duidelijk. Hij heeft een rol gespeeld, zelf laat hij soms uitschijnen dat deze rol belangrijk was en dan trekt hij dat vervolgens terug."

Eind 1987 deed Bouhouche aan GPP'er Doraene het voorstel om de relatie tussen Bultot en de Bende van Nijvel bloot te leggen.

Bron: De Namen uit de doofpot | Stef Janssens

(*) Zie hiervoor ook de vondst van de papiersnippers in het Bois de la Houssière en Claudine Falkenburg.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

15

Hiervoor zijn - in termen van grieven - de sporen in beeld gebracht die als het ware vanuit het Front de la Jeunesse, de WNP en het CEPIC, lopen naar personen en diensten binnen het staatsapparaat: de veiligheid van de staat, de rijkswacht, het leger en het gevangeniswezen. Deze voorstelling van zaken mag echter niet uit het oog doen verliezen dat verschillende van deze uiteenlopende sporen elkaar op enkele plaatsen ook weer raken, zo niet kruisen. De trefpunten die in het kader van dit rapport het meest relevant zijn, zijn enerzijds de practical shooting clubs en anderzijds de zogenaamde Roze Balletten. Dit laatste trefpunt wordt in de volgende paragraaf ter sprake gebracht. Hier gaat het om de practical shooting clubs.

Hiervoor werd er bij de beschrijving van het Front de la Jeunesse al op gewezen dat zeker de harde kern van deze beweging niet alleen werd getraind door (ex-) militairen maar ook op een militaire manier werd opgeleid, met name in de toepassing van offensieve vecht- en schiettechnieken. Een van de opmerkelijke figuren die bij het aanleren van die vechttechnieken een belangrijke rol speelde, was Jean-François Calmette. Deze Fransman - in vroegere tijden nog betrokken bij de extreem-rechtse OAS (Organisation de l'Armée Secrète) - trad vanuit zijn sportclub in Brussel niet alleen op als instructeur van het Front de la Jeunesse maar was vanaf 1974 ook betrokken bij de opleiding van leden van de groep-Dyane. Langs deze weg ontwikkelde hij contacten met Bouhouche, Beijer, Amory en andere rijkswachters. Maar hij was zeker niet de enige die het Front de la Jeunesse leerde om in paracommando-stijl man-tegen-man-gevechten te voeren, en die tezelfdertijd de nodige contacten in politie- en leger- kringen had.

Zulke verbindingen tussen extreem-rechts en de overheid bestonden ook in de sfeer van de beoefening van offensieve schiettechnieken die in de loop van de jaren zeventig opgang maakte in het land. Op verscheidene plaatsen werd dit zogenaamde practical shooting op een gegeven moment ook in club-verband bedreven. En opmerkelijk is dat in sommige van deze clubs, vooral in het Brusselse, leden van de politiediensten blijkbaar schouder aan schouder oefenden met aanhangers van extreem-rechts.

Sterker nog: Bultot die zelf door onder meer Bouhouche was ingewijd in deze schietdiscipline, richtte begin jaren tachtig eerst de Prisons Practical Shooting Club op en later, in 1984, de Phenix, een club waarvan, naar men zegt, ook tal van extreem-rechtse militanten lid werden. Deze binding met extreem-rechts bracht datzelfde jaar nog teweeg dat - overigens op aangeven van een rapport van een lid van de gerechtelijke politie te Luik - de club werd geweerd uit de overkoepelende Belgische federatie. Bultot stichtte hierop zijn eigen federatie.

Heel wat mensen hebben een relatie gelegd tussen de beoefenaren van die offensieve vecht- en schiettechnieken en de leden van de Bende van Nijvel. Immers, zo werd en wordt gesteld, zeker de zwaardere overvallen en aanslagen van deze bende grepen plaats in een stijl die bij practical shooting past. De eerste parlementaire onderzoekscommissie kwam tot de volgende conclusie:

Inzake de sporen die werden gevolgd merkt de commissie op dat bijvoorbeeld zeer doorgedreven onderzoek heeft plaatsgevonden in de kringen rond de practical shooting clubs.

De hoofdcommissaris van gerechtelijke politie te Brussel, Reyniers, heeft dit ook ten overstaan van die commissie bevestigd:

"Zo werd de piste van de practical shooting clubs zeer grondig onderzocht. De ledenlijsten werden gecontroleerd, gebruikte hulzen werden verzameld, kortom alles wat een mogelijke aanwijzing kon bevatten, werd onderzocht."

In relatie tot met name de handgeschreven notities over practical shooting die in november 1985 in het Bois de la Houssière werden aangetroffen in de restanten van de brandstapel bij de uitgebrande Golf GTI en die mogelijk afkomstig zijn van een vriendin van Bultot, Claudine Falkenburg, merkt Barrez echter op dat deze connectie helemaal niet goed is onderzocht. Volgens hem is het tegendeel aan de hand:

Z'n vriendin Claudine Falkenburg is niet diepgaand ondervraagd en het schuttersmilieu van Bultot is onvoldoende doorzocht. Dat is de overtuiging van een aantal speurders die daarenboven van mening blijven dat in dat schuttersmilieu daders van de Bende-aanslagen te vinden zijn.

Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 1 en 2)

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Met een slordig afgezaagd dubbelloops jachtgeweer grote loden bollen richting mensen schieten, dat heeft niks meer met practical shooting te maken. Daar is behalve een gestoorde geest, weinig vaardigheid voor nodig. Ik denk eerder dat dit een dwaalspoor is of beter gezegd een doodlopend spoor.

17

Dat in Nijvel in de jaren 1983-1984 niet gericht naar daders werd gezocht in het milieu van de schietclubs werd beaamd door toenmalig onderzoeksrechter Wezel op een vraag dienaangaande van de voorzitter:

"Men heeft gezegd dat dat leek op de gewoonten van de clubs waar u het net over had. Maar wat mij betreft moet ik eerlijk toegeven dat ik die methode in 1983 niet kende."

De gedachte dat dit wél zou moeten gebeuren, kwam - bij Schlicker op dat moment - maar op na de aanslagen die in september 1985 plaatsvonden. Zoals deze gewezen onderzoeksrechter verklaarde werd dit plan vooral ingegeven door de manier waarop die aanslagen werden gepleegd:

"Wij hebben eerst en vooral aan praktisch schieten gedaan, practical shooting. Waarom? Omdat de heer Doraene (?) mij, als ik het mij goed herinner, een fotokopie had doorgegeven van een artikel uit het wapentijdschrift AEDI (?). In dat tijdschrift stond dat er een practical shooting wedstrijd had plaatsgevonden in de Verenigde Staten. Daar hoort onder andere instinctief schieten bij. Ook kwamen er bij de oefeningen boodschappenwagentjes aan te pas, zoals in grootwarenhuizen. Ikzelf weet niets van wapens af. Ik heb mijn legerdienst gedaan en dat is alles. Door met de heer Doraene te praten, herinnerde ik mij wat er in de Delhaize van Fort-Jaco was gebeurd. Volgens getuigen heeft een dader, toen de daders buiten kwamen en iemand die ik Mijnheer 1 zal noemen - ik herinner me zijn naam niet meer - op de garagedeur bonkte, zich omgedraaid, heeft hij geschoten en hem in de knieschijf geraakt. Ik vond dat dat overeenkwam met de methode van instinctief schieten bij practical shooting."

Zij won echter aan belang omdat hij op dat moment ook niet langer uitsloot dat extreem-rechts er iets mee te maken had. Hij had, zo zei hij, de betrokkenheid van figuren uit deze kring voor mogelijk gehouden:

"Vanaf het ogenblik van de feiten van Overijse en Eigenbrakel. Voordien had ik twijfels."

Later in ditzelfde verhoor bevestigde Schlicker deze zienswijze nog eens expliciet:

"Het is toen het onderzoek gaandeweg vooruitging, dat wij hebben gemerkt dat er bij de schietclubs mensen waren die sympathie hadden voor extreem-rechts. Maar wij hebben niet enkel rekening gehouden met de praktische schietclubs. Wij hebben ook aan de bewakingsfirma's gedacht."

En de veronderstelling dat er in elk geval een verbinding zou kunnen bestaan tussen extreem-rechts en (bepaalde) schietclubs, werd nadien ook bewaarheid:

"Op een bepaald moment gaat men zich, in het onderzoek naar de Bende van Nijvel, interesseren voor de schietclubs en vindt men bepaalde mensen terug die bij WNP behoorden. Dat was in 1986. (...) Men ziet dan in het milieu van de schietclubs mensen opduiken die ofwel bij het Front de la Jeunesse waren, ofwel bij WNP."

Daarenboven stuitte men - volgens Schlicker nog altijd - in het kader van dit onderzoek inderdaad ook op Bouhouche:

"In het onderzoek naar Mendez werd aangetoond dat er wapenliefhebbers waren die zich tot de heer Dekaise wendden om hun wapens te perfectioneren. De heer Dekaise stond vooral bekend als een uitstekend wapenmonteur. De mensen die in de schietclubs werkten kwamen de heer Dekaise bijvoorbeeld vragen om de trekker van hun pistool wat gevoeliger te maken en de heer Dekaise voerde al die werkjes uit. Hij had ook een cliënteel dat deel uitmaakte van de schietclubs en bij de klanten vinden wij met name de heer Bouhouche en de heer Mendez terug."

Maar ook langs een heel andere weg kwam men in het onderzoek deze ex-rijkswachters tegen:

"Bijvoorbeeld toen (?) verklaarde dat Bouhouche deel uitmaakte van WNP, heeft men dat eigenaardig gevonden. Maar bij de moord van een maghrebijn door Paul, Jean-Marie (?), in de Rotonde te Laken, hebben wij ontdekt dat hij deel uitmaakte van een schietclub waar Bouhouche instructeur was. Hij ging uit in het gezelschap van Weykamp. Wij hebben dus verbanden kunnen leggen. Maar ik zou u niet kunnen zeggen vanaf welk precies moment wij beginnen denken zijn dat extreem-rechts verband hield met WNP."

Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 5)

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

18

noorderling wrote:

Met een slordig afgezaagd dubbelloops jachtgeweer grote loden bollen richting mensen schieten, dat heeft niks meer met practical shooting te maken.

Zo'n simplistische visie van de feiten klopt totaal niet met de meeste feiten van de Bende van Nijvel en is gevaarlijk om te delen omdat het een verkeerd beeld geeft aan mensen die dit lezen.

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Kwestie van tegengeluid. U hoeft het niet met mij eens te zijn. Ik wil alleen aantonen dat niet alles wijst op strakke organisatie en uitgebreide oefening. Als je gaat schieten met afgezaagde loop en grote bollen lood, dan heeft u een moordwapen waarbij nauwkeurig richten onbelangrijk is geworden. De bollen verspreiden zich zodra ze uit de loop komen. De kans is enorm groot dat je raakt, maar precisie ontbreekt. Ik wil alleen maar aangeven dat iedereen die met zulk een wapen schiet, het doel zal raken, ook met nauwelijks oefening. Mijn mening is dat het verhaal van practical shooting te willekeurig is.

Waarbij je voorbij gaat aan het feit dat er nog met andere wapens dan een afgezaagde tweeloop geschoten werd.