11

Re: Albert Gillet

Op 3 mei 1980 arresteren militairen van de Guardia di Finanzia op de luchthaven van Fiumicino bij Rome de Belg Albert Gillet. Hij heeft acht kilo heroïne in zijn bagage. De arrestatie wordt een keerpunt in de strijd tegen de Italiaanse maffia, want Gillet praat. Het statuut bestaat nog niet maar in feite wordt Gillet de eerste pentito, een gangster die zijn eigen organisatie aangeeft.

Gillet is 56. Hij gebruikt de codenaam Merluzzo, de kabeljauw, als hij zich meldt bij zijn klanten in Amerika, zegt hij, en hij werkt voor de Belgische politie en de DEA en is in hun opdracht geïnfiltreerd in de heroïnelijn Beiroet-Sicilië-New York.

De Romeinse recherche haalt de DEA erbij en hoort dat Gillet niet over de hele lijn gelogen heeft. Nadat de French Connection met de hulp van de bende van Farcy gedecimeerd is, voert opnieuw een Belg een opdracht uit in de Amerikaanse narcoticaoorlog. Hij zou de Siciliaanse Connectie oprollen, die het gat van La French opvult. Dat klopt.

De Romeinse justitie neemt de Belg onder handen. Gillet ziet eruit als een burgerman, gezet en welvarend, rossig en kalend, hoornen bril, conservatief in pak en das, een perfecte vermomming voor wat hij in werkelijkheid is: een topkoerier en witwasser van de Cosa Nostra. Hij komt uit de burgerij van de Ardennen. Hij ziet er zo gewoontjes uit dat geen haar op je hoofd zou vermoeden dat hij in België veroordeeld is voor bankovervallen met de bende van Havelange, een groep gajes die hold-ups pleegde zonder iets te plannen, en dat hij volgens een Nederlandse reporter drie jongens van de concurrentie heeft laten stikken in een vat mayonaise.

"Albert was afkomstig uit een welgestelde herenboerfamilie uit de buurt van Bastogne," vertelt zijn ex-vrouw Mady. "Een neef van Albert was minister in de partij van Vanden Boeynants en een ander familielid was getrouwd met een Selys Longchamps, de familie waarin Albert een dochter heeft, Delphine. Albert Gillet was niet mijn eerste verloofde. Dat was rijkswachtluitenant René Majerus. Mijn vader verzette zich tegen Majerus. In de Eerste Wereldoorlog had mijn vader gezien dat rijkswachters deserterende Belgische soldaten neerschoten en hij wilde niet dat ik trouwde met een rijkswachter. Via René Majerus heb ik Albert leren kennen. De twee families waren bevriend. René was ook een Ardennees. De wereld is klein, mevrouw."

"Na de oorlog emigreerde hij naar Congo, waar hij katoenplantages had. Mijn moeder zei: "Ik laat je niet gaan." We mochten enkel trouwen als we in België bleven. Dat hebben we gedaan. We zijn in 1948 getrouwd. Albert was boekhouder, en hij begon een reclamebureau. Dat liep goed, we hadden zelfs de Parijse Galeries Lafayette als klant".

"Op een gegeven moment kwam zijn oudste broer terug uit Congo en toen hebben ze een drukkerij overgenomen. Dat is misgegaan."

(...) Zo lang is de arm van de Amerikaanse justitie. Voor de Verenigde Staten was hij een partner In de strijd tegen de Siciliaanse maffia. "Hij is geen smokkelaar en geen gangster maar een actieve medewerker van de Amerikaanse justitie" luidt de omschrijving in de Amerikaanse processtukken. Nochtans staat in diezelfde documenten dat Gillet die Amerikaanse justitie grandioos bedot heeft met zijn Concorde-trips voor de Sicilianen.

De roddel gaat dat Gillet ook in België een lange arm heeft. De eerste Bendecommissie probeert erachter te komen aan wie Albert Gillet zijn abnormaal vervroegde vrijlating te danken heeft en stelt de vraag aan adjudant Guy Goffinon. Goffinon wil daar niks over zeggen zonder toestemming van een magistraat en die krijgt hij niet, zegt hij.

Iedereen denkt aan Vanden Boeynants. Volgens Gillets ex Mady kende Gillet de halve christendemocratische partij. "Zijn neef was senator Roland Gillet, de voorzitter van Veeweyde en zijn eigen vader Camille, een zeer geleerd mens, gaf les aan het Collège Saint-Michel. waar Vanden Boeynants de humaniora volgde. Mijn schoonvader was de grote kameraad van Vanden Boeynants en hij was ook heel dik bevriend met procureur-generaal Raymond Charles, ook een vriend van Vanden Boeynants. Albert kende Raymond Charles ook zeer goed en Albert kende VDB zéér zéér goed. Dit kan ik u ook nog zeggen. mevrouw: Vanden Boeynants was goed voor arme mensen, dat weet ik zeker." Maar Mady weet niet of de ex-premier haar man uit de gevangenis hielp.

In de eerste Bendecommissie wordt Vanden Boeynants daarover aan de tand gevoeld. Hij kent Gillet niet, zegt hij. De expert van de commissie doorbladert de dossiers en vindt een Amerikaanse interventie ten gunste van Gillet maar geen van een prominente Belg. Goffinon noteert die wel in zijn memoires. Het gaat om de kabinetschef van koning Boudewijn die in 1983 procureur des Konings wordt in Brussel, Jean-Marie Piret.

Bron: Het complot van de Stilte | Hilde Geens

Re: Albert Gillet

De eerste Belgische bankovervaller: 'Met een Duits geweer uit de wereldoorlog en een nylonkous van Gino’s vrouw over ons hoofd stormden we binnen'

(...) HUMO: Wanneer hebt u uw eerste bankoverval gepleegd?

Romain Van Thournout: "In 1962, in een klein bankkantoor in Jette. Ik was een jaar of dertig, en ik werkte bij mijn vader in het slachthuis van Anderlecht. (...) Wij dus met z’n drieën naar die bank: Gino Govaert, Albert Gillet en ik. Twee man was te weinig voor een overval, dus moest ook ik, de chauffeur, mee naar binnen. De auto lieten we gewoon voor de deur staan, met draaiende motor!"

(...) HUMO: Wie was eigenlijk op het idee gekomen een bank te overvallen?

Van Thournout: "'t Was altijd Gino die met zulke dingen afkwam. Hij was een Vlaming uit Lebbeke, maar hij zag eruit als een Italiaan, met een dikke moustache. Hij en Albert Gillet waren verslaafd aan gokken. Casino-casino-casino, iets anders bestond er niet voor Gino - die had in Las Vegas moeten wonen. Als we een bank hadden bezocht, kon hij weer een tijdje voort, maar twee weken later was Gino alweer platzak. Dan zei hij: 'Kom, het wordt tijd dat we nog eens een bank omverleggen."

"Albert Gillet heb ik pas in de business leren kennen. Hij had een grote drukkerij in de Fabrieksstraat, maar hij verspeelde al zijn geld aan de goktafels in Oostende. Op het einde van de maand bleef er meestal niks over om zijn personeel te betalen. Ha ja, dan ging hij het in de bank halen, hé."

"Op het assisenhof heb ik vernomen dat Albert Gillet een verzetsstrijder was in de oorlog. Hij had een trein overvallen in de Ardennen, vol wapens van de Duitsers. Daar had hij verschillende decoraties voor gekregen, maar op het assisenhof hebben ze hem die allemaal weer afgenomen."

(...) "Ik heb Gina en Gillet nog één keer gezien na onze gevangenisstraf. Gino is kort nadat hij vrijgekomen was gestorven aan een hartaanval. Gillet heeft zich op de drugstrafiek gestort. Het laatste wat ik van hem gehoord heb, was dal hij in New York ondergedoken zat. Niemand weet of hij nog leeft."

Bron: Humo | 14 juni 2022 | www.humo.be

13

Re: Albert Gillet

De 57-jarige Albert Gillet uit Schaarbeek, een belangrijke Belgische heroïnesmokkelaar, werd tijdelijk ter beschikking gesteld van de Amerikaanse Drugs Enforcement Administration om informatie te verschaffen over een grootschalige internationale drugstrafiek. Gillet werd in 1980 opgepakt terwijl hij acht kilogram heroïne probeerde te verkopen en blijkt een sleutelrol te spelen in een netwerk dat heroïne vanuit Italië naar de Verenigde Staten smokkelde, vaak in hoeveelheden van zes tot zeven kilogram per reis.

Hij werkte daarbij onder meer samen met de Antwerpenaar Edgard Barbé, met wie hij via een firma in Lugano als dekmantel opereerde. De zaak kadert in een groter onderzoek waarbij ook leden van de Belgische Criminele Informatie en andere betrokkenen werden gearresteerd. Gillet, die eerder al veroordeeld werd voor bendevorming met Armand Havelange, wordt beschouwd als een spilfiguur in de trafiek en zou tientallen smokkelreizen hebben uitgevoerd die hem grote winsten opleverden.

Belgische heroïnekoning “uitgeleend” aan Amerika

Een van de meest geslepen Belgische heroïne-smokkelaars, de 57-jarige Albert Gillet uit Schaarbeek, werd door de gerechtelijke diensten “uitgeleend” aan de Verenigde Staten.

De Amerikaanse “Drugs Enforcement Administration” wil Albert Gillet grondig aan de tand voelen omtrent zijn medeplichtigheid in een van de grootste heroïnezwendels uit de geschiedenis. In de Verenigde Staten liepen overigens al een tiental trafikanten tegen de lamp maar men verwacht er nog meer arrestaties.

Vandaar dat de Amerikaanse rechercheurs hopen dat - de man moet alleszins vóór 27 april weer te Brussel zijn om voor de raadkamer te verschijnen - Albert Gillet hen een handje zal toesteken. Albert Gillet werd te Schaarbeek door de BOB van zijn bed gelicht. Hij moest toen, eind oktober 1980, zowat 8 kg heroïne aan de man brengen.

Rechtbank

Samen met de Antwerpenaar Edgard Barbé (41) had Albert Gillet, die uit de Ardennen afkomstig is, in het Zwitserse Lugano een firma opgericht die als dekmantel diende voor drugsmokkel. Deze trafiek had geen rechtstreeks verband met de drugzaak “Leon François”, die begin van vorig jaar in alle hevigheid was losgebarsten.

Niettemin vlogen ook drie inspecteurs van de Criminele Informatie, John Declercq, Karel Clonen en André Deckers (allen reeds beticht in de affaire van de voornoemde rijkswachtofficier) achter de tralies en zitten nu reeds sinds oktober in de gevangenis in afwachting dat de correctionele rechtbank misschien nog dit jaar over hun lot zal beslissen.

Behalve Albert Gillet, Edgard Barbé en de drie voornoemde leden van de Criminele Informatie, vertoeven ook rijkswachter Willy Decuyper, de Nederlandse antiekhandelaar Joop Van Wely en een Antwerpse vrachtwagenchauffeur in de gevangenis. Onderzoeksrechter De Biseau d'Hauteville werkt met veel ernst aan het lijvige dossier. Dit moet einde mei definitief zijn afgesloten.

Vast staat dat er tijdens het proces feiten aan het licht zullen komen waarvan menigeen zal opkijken, en die tot dusver slechts door enkele ingewijden zijn gekend. Albert Gillet bv. die thans aan de Amerikaanse recherche ter beschikking werd gesteld, was een kerel die veel touwtjes in handen had. Van hem weet men dat hij minstens twintig keer met heroïne naar Amerika is geweest.

Sleutelpersoon

Gillet smokkelde dan elke keer 6 tot 7 kg zuivere heroïne van de Verenigde Staten binnen. Dit bracht hem en zijn reisgezel iedere keer ruim 20 miljoen op. Bekend is dat Albert Gillet nooit alleen de trafiek vanuit Italië naar de Verenigde Staten ondernam.

Enige keren zat hij in het vliegtuig met Edgard Barbé, doch meestal met nog een andere Belg, die men tot op heden nog niet heeft kunnen aanhouden.

Met de Antwerpenaar Barbé kwam Gillet goed overeen. Ze deden beiden in de Verenigde Staten flinke zaken. Edgard Barbé had in Fort Worth (Texas) een ranch gekocht van meer dan 10 miljoen, had er een lopende rekening van meer dan 1 miljoen, bezat er in een brandkoffertje een 5,8 karaat diamanten ring, reed er met een splinternieuwe Cadillac, had huizen in Frankrijk en Zwitserland.

Ook Gilbert Gillet zat er warmpjes in. Maar daar weet de recherche nog niet alles over. Men gaat er wel van uit dat Gillet, die vroeger reeds tot enkele jaren cel veroordeeld werd wegens bendevorming met de indertijd beruchte en gevreesde Armand Havelange, een sleutelpersoon is in de drugtrafieklijn waarvoor ook de leden van de criminele informatie in geen al te beste papieren blijken te zitten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 22 April 1981

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | YouTube