1

Het onderzoek naar de Bende van Nijvel liep eind de jaren tachtig in het honderd na een foute ballistische analyse van een Rugerpistool. De Ruger was het bewijsstuk van de Nijvelse procureur Jean Deprêtre, toen die in 1988 een stel marginale boeven rond Michel Cocu voor het assisenhof bracht als zijnde de Bende van Nijvel. Het proces liep met een sisser af toen bleek dat een tegenexpertise bij het BKA in Wiesbaden onomstotelijk aantoonde dat de Ruger niets te maken had met de Bende.

Er werd met een beschuldigende vinger gewezen naar Deprêtre, die de tegenexpertise achterhield voor de jury, maar ook naar wapendeskundige Claude Dery. Nu onthult Deprêtre dat Dery zeker niet de enige was die blunderde. 'Tussen haakjes,' liet de oud-procureur Guy Bouten optekenen, 'wist u dat PS-baas Elio Di Rupo de Ruger van de Borains het eerst heeft onderzocht? Di Rupo werkte toen aan de universiteit van Bergen. Hij gebruikte een methode met poeder, die nu helemaal achterhaald is, en deelde toen de analyse van Dery.'

Bron: De Morgen | 4 oktober 2008

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

2

Zou dat artikel van De Morgen hier soms kunnen overgenomen worden?

De fameuze Ruger van Cocu?

http://nsm08.casimages.com/img/2014/01/09/14010909541614738711884463.jpg

Spijtig dat het document onder de ruger niet helemaal leesbaar is. smile

Servo per Amikeco

5

Als er één technisch probleem veel aandacht krijgt in de literatuur, dan is het wel de lijdensweg van de ballistische analyses van "de Ruger 38 van Cocu". Deze grote belangstelling is begrijpelijk. De Ruger vormde het enige materiële houvast voor de verdenking van de Borains, maar uiteindelijk - na inderdaad een vreselijke lijdensweg - bleek dit wapen het bewijs van het tegendeel te vormen: de kogels die op enkele plaatsen delict waren gevonden, werden met een ander pistool afgevuurd? La Dernière Heure schreef in dit verband al in 1986:

"Il est vraiment triste de voir comment cette enquête tourne à la farce. Pour nombre de journalistes, la filière boraine n'existe plus; pour la justice, elle ne tient plus qu'à un fil."

Het heeft weinig zin hier heel die lijdensweg af te schilderen, temeer omdat het belangrijke procedurele aspect ervan - de verdonkeremaning van het rapport van het BKA - hiervoor al is behandeld. Wel mag er nog eens op worden gewezen dat het niet alleen een probleem is geweest dat zoveel Belgische deskundigen (in totaal zeker zeven, alleen of in commissie) ballistische onderzoeken met het omstreden wapen hebben uitgevoerd, maar ook dat diverse van deze onderzoeken waarschijnlijk niet deugden.

Dit kan niet alleen worden opgemaakt uit het feit dat het BKA met groot gezag de resultaten van de meeste Belgische onderzoeken compleet van tafel veegde, maar ook uit wat een enkele getuige heeft verklaard omtrent deze onderzoeken. Volgens Moerman, de advocaat van Cocu, verklaarde de ballistisch expert Dery in oktober 1983 met bijna absolute zekerheid dat dit wapen werd gebruikt bij de overval op de Delhaize te Genval, en achtte hij het, ondanks een belangrijke technische tegenindicatie, toen eveneens zeer goed mogelijk dat hetzelfde wapen werd gebruikt bij de overval te Halle.

Enkele maanden later, in januari 1984, kwam een college van drie deskundigen (waaronder Dery) tot de conclusie dat het wapen inderdaad bij de diverse overvallen was gehanteerd, maar de heer Moerman merkte wel op dat deze keer andere afmetingen aan het wapen waren toegeschreven dan de eerste keer: ging het wel om hetzelfde wapen ...? (*) Hoe dan ook, zoals de heer Vereecke, voorzitter van het hof van assisen in de zaak van de Borains, verklaarde bij de eerste parlementaire onderzoekscommissie:

"Een ander heeft catastrofale gevolgen gehad. Indien men in ons land van in het begin over een gegevensbank had kunnen beschikken, waarin alle gegeven gecentraliseerd waren met betrekking tot verdachte wapens en projectielen, had het gerecht heel wat tijd gewonnen."

Volgens de pers heeft het BKA overigens in 1992 opnieuw een ballistisch onderzoek uitgevoerd op de wapens en de munitie die een rol hebben gespeeld in de overvallen van de bende van Nijvel, en heeft toen bevestigd "de manière plus scientifique que par le passé les liens ballistiques entre toutes les aggressions".

Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 1 en 2)

(*) Het verslag geeft hierbij volgende voetnoot: Le Soir beschreef in december 1986 uitgebreid hoe de ballistisch deskundige Van der Stock in september 1983 niets terecht bracht van zijn onderzoek in verband met de overval op de Colruyt te Nijvel (LS, 6-7 december 1986).

Ter info, diezelfde Van der Stock klaagde op 5 december 1983, dus bijna drie maanden na de overval in Nijvel, over het uitblijven van de autopsie-rapporten. Pas in mei 1985 kreeg hij de stukken van onderzoeksrechter Schlicker en hij deed zijn beklag over het uitblijven van bepaalde vaststellingen door ballistisch expert Dery: "Est-ce-que Dery a établi le trajectoire de tir?"

Bron: De Bende van Nijvel - verraad, manipulatie, geheime diensten | Guy Bouten

"Le monde est dangereux à vivre! Non pas tant à cause de ceux qui font le mal, mais à cause de ceux qui regardent et laissent faire." Volg ons via » Facebook | twitter | YouTube

Wapendeskundigen laten zich niet opjagen door parket Nijvel – Expertise over Rüger .38 niet klaar

Het (zesde) deskundigenverslag over de Rüger .38 van Michel Cocu, waarop de Nijvelse procureur Jean Deprêtre wacht om de vijf verdachten vrij te laten is vrijdag niet afgeraakt. Volgens onze inlichtingen bracht de procureur des Konings van Nijvel vrijdag nochtans bezoek aan de Koninklijke Militaire School te Brussel, waar het wapen onderzocht wordt. Maar de drie militairen, geleid door professor kolonel Celens, willen zich niet laten opjagen. Twee dagen lang is er ernstig gewerkt aan de expertise van dat wapen, maar de concrete resultaten zijn er nog niet.

Het wapen afkomstig van verdachte Estiévenart en door diens echtgenote indertijd ingeleverd bij de rijkswacht, wordt algemeen de ‘Rüger .38 van Cocu’ genoemd. Het wapen zou gebruikt zijn bij de overval op de Delhaize van Genval-Rixensart op 11 februari 1983 en bij de overval op  de Colruyt van Halle op 3 maart 1983, waar de uitbater werd doodgeschoten. Cocu heeft dit trouwens al twee keer bekend maar twee keer trok hij zijn bekentenissen in.

Deskundigenverslagen over het wapen zijn zeer tegenstrijdig: drie positieve, één weifelend en één negatief. Dat laatste, afkomstig van het Duitse BundesKriminalAmt in Wiesbaden, bleef maandenlang slechts vertaald in het dossier te Nijvel steken. Toen dit begin deze week aan het licht kwam werd een zesde commissie van wapendeskundigen aangeduid. Zowel het parket van Nijvel als dat van Dendermonde stellen volledig vertrouwen in dit trio, werkzaam als docenten op de Koninklijke Militaire School.

Procureur Deprêtre van Nijvel was zelfs zo positief over dit trio dat hij in het openbaar verklaarde dat, als het verslag van dit trio over de Rüger .38 ook negatief zou zijn, hij de vijf verdachten van Nijvel (Cocu, Baudet, Estiévenart, Vittorio en Bouaroudj op staande voet zou vrijlaten. Hij kondigde een eerste, summier, deskundigenverslag aan voor vrijdagavond. Maar het verslag is, zo vernemen wij uit zeer goede bron, niet rond geraakt. De experten vragen meer tijd. En vrijdagavond zaten de vijf verdachten nog altijd in de gevangenis van Nijvel, wellicht ten minste tot begin december, als zij weer voor de raadkamer moeten verschijnen.

Overigens heerst er nogal wat verwarring over de benaming van het betrokken wapen. ‘Rüger P38’ is verkeerd: de P betekent punt. Dat punt is een typische Amerikaanse maat-afkorting: zij vervangt de bij ons gebruikelijke komma na de nul en in het geval van .38 duidt zij dus honderdsten van een duim (inch) aan. Een .38 heeft dus een diameter van 9,067 millimeter. Het is gevaarlijk om te spreken van een P38 omdat er ooit wel een wapen heeft bestaan met die naam. In dat geval, het geval van de Walther P38, ging het niet om een maataanduiding maar gewoon om een merknaam. Het was het wapen dat in de Tweede Wereldoorlog door de Duitse officieren werd gedragen.

Bron: Het Laatste Nieuws | 22 november 1986

Parket-generaal van Brussel kende negatief verslag over Ruger .38

Het parket-generaal van Brussel weet al sinds half april 1986, dat de Duitse deskundigen een negatief verslag hadden opgesteld over de Ruger .38, het wapen waarmee Michel Cocu zou geschoten hebben bij de overvallen van de zogenaamde ‘Bende van Nijvel’ te Genval (11 februari 1983) en Halle (3 maart 1983, 1 dode). Maar de eerste voorzitter van het Hof van Beroep te Brussel werd daarover niet ingelicht. Dat heeft een onderzoek van de heer Joris, eerste voorzitter van de rechtbank van Nijvel, uitgemaakt.

Het wapen waarop de hele beschuldiging tegen Cocu en de vier andere Borains steunt, werd n januari 1986 overgemaakt aan het Bundes Kriminal Amt te Wiesbaden, samen met de schilfers van de kogels, teruggevonden te Halle en te Genval. Omstreeks 13 februari kwam het verslag uit Duitsland terug en omstreeks 6 maart stelde substituut de Prelle van Nijvel een nota op met een eerste samenvatting van die expertise, waarin duidelijk staat dat het negatief is.

Toen Cocu, heraangehouden op 21 maart 1986 in beroep ging tegen die aanhouding, bevond die nota zich bij het dossier, dat vanuit Nijvel werd overgemaakt aan het parket-generaal te Brussel, meer bepaald aan advocaat-generaal Jean-Pierre Jaspar, die het dossier Nijvel behandelt. Heeft hij die nota niet gezien, niet begrepen of achtergehouden? Feit is, dat het negatieve verslag niet werd medegedeeld aan eerste voorzitter Marc De Smedt, tevens voorzitter van de Kamer van Inbeschuldigingstelling te Brussel. Volgens onze inlichtingen is de heer De Smedt, die er intussen wel weet van heeft, woedend.

Zowel tegen onderzoeksrechter Schlicker als tegen procureur des konings Deprêtre werd ondertussen verzoek tot ‘gewettigde verdenking’ (eigenlijk: verdenking van vooringenomenheid) ingediend bij het Hof van Cassatie te Brussel door een paar van de advocaten van de Borains.

Bovendien is er op verzoek van de familie Cocu nog een nieuwe expertise van het wapen uitgevoerd door het Polytechnisch Instituut van Bergen. Het besluit is hetzelfde als dat van Wiesbaden: de hulzen die in Genval en Halle gevonden zijn, zijn wel afkomstig van hetzelfde wapen, maar komen niet uit de bewuste Ruger .38.

Meer en meer wordt verwacht dat Cocu en zijn vier lotgenoten zullen vrijkomen voor 4 en 10 december, data waarop zij normaal moeten verschijnen voor de raadkamer van Nijvel. Het enige wachten is nog op een wellicht allerlaatste expertiseverslag van de Koninklijke Militaire School te Brussel.

Bron: Het Laatste Nieuws | 27 november 1986