221

(218 replies, posted in Getuigen)

Dank U Joël. Wablief? Calmette die een boerderij huurde op 2,5 km van Chièvres, inderdaad, waarschijnlijk "pur hasard".

I.v.m. de senator Leclercq door Lauwin47 genoemd » philippe-engels.com

222

(629 replies, posted in Onderzoeksdaden)

Tja, ze hebben wel meer rare uitspraken gedaan zoals ook de mededeling dat Christiaan Bonkoffsky de reus niet was. We weten ook niet waarom ze met zo'n grote zekerheid weten dat het DNA op de sigarettenpeuken van een bendelid is.

223

(629 replies, posted in Onderzoeksdaden)

36 pagina's gepalaver over DNA , tijd om terug te komen op hetgeen cruciaal is in verband met dat DNA;

In 2006 deed Vos in Humo de uitspraak dat het DNA gevonden op een sigarettenpeuk in de taxi van Angelou het enige DNA is waarvan men zeker wist dat het toebehoorde aan een Bendelid (er werd niet bijgezegd waarom precies men hier zo zeker van was!). En eigenlijk kon men hetzelfde ook afleiden uit een rapport van Cassiman:

Het gerecht in Charleroi kent de naam van minstens één vermeende dader van een aan de bende van Nijvel toegeschreven aanslag. Dat valt af te leiden uit een rapport dat de Leuvense professor Jean-Jacques Cassiman onlangs heeft overgemaakt aan onderzoeksrechter Lacroix in Charleroi. De positieve identificatie, de enige tot nu toe, is het resultaat van DNA-onderzoek. Zaterdag raakte bekend dat alle personen die ooit werden verdacht in het Bendedossier door het gerecht in Charleroi opgeroepen zijn voor een DNA-analyse. Het gaat om leden van de bende-De Staerke, de bende-Haemers, de bende van de Borinage, de verdachten in de zaak-Mendez, vroegere leden van de rijkswachtgroep Diane en leden van het Gladio-netwerk. In totaal gaat het om een honderdtal mensen.

Bij mijn weten zijn 40 van deze honderd rijkswachters, verbeter mij indien dit niet correct zou zijn.

De resultaten van al deze analyses worden vergeleken met een twintigtal DNA-profielen die professor Cassiman wist op te stellen aan de hand van onder meer sigarettenpeukjes die in 1983 na de moord op een taxichauffeur in Bergen werden aangetroffen. Het is een van die tests die tot een positief resultaat leidde. Over de identiteit van de verdachte worden geen details vrijgegeven en ook niet over het feit waarop de identificatie precies slaat.

Justitie is in het bezit van een volledig DNA-profiel van de 'hoofddader' van de Bende van Nijvel, maar de Belgische wetgeving laat niet toe om dit genetische visitekaartje verder te onderzoeken.

Dan komt er plots die kopie van Bouten boven water.

EricF wrote:

De pagina van Bouten is zeer waarschijnlijkheid een pagina uit het rapport van Cassiman dat hij overmaakte aan onderzoeksrechter Lacroix in Charleroi. Er staat ook volgende in een artikel uit 1997 op deze site:

"Een deel van de verdachten die de DNA-test moeten ondergaan, werd geïdentificeerd aan de hand van de reeks robotfoto’s die eind februari 1997 voor het eerst werden getoond tijdens het VTM-programma Oproep 2020 en daarna over het hele land werden verspreid".

Dus naast de eerder genoemde usual suspect zaten er dus ook en paar robotfoto-verdachten bij de groep van ongeveer 100. Verderop staat ook:

"Binnen de groep van drie hoofddaders ontwaart de CWB de “maniak”, een man die er kennelijk plezier in schiep om zoveel mogelijk mensen te doden. Het is van deze man dat vorige maand een robotfoto werd verspreid. Ook het DNA op de peuk is van hem."

Dit zal echt verwijzen naar PF, we weten dus nu de naam. Dat hij uit een herkenning met robotfoto komt verklaart dat we zijn naam niet terugvinden in context Haemers, de Staerke, Borains, Mendez etc. ... Wel een droom verdachte, gelijkenis met robotfoto en DNA-match. Verklaart de extase uit de berichten van 1997. En hij zal echt onderzocht zijn en men heeft de verdenking niet hard kunnen maken of terecht ontkracht. Maar het hoe en waarom daarvan willen we dan nog steeds weten. Het staat ongetwijfeld in het kopie dossier dat aan de familie van de slachtoffers is overhandigd. Wellicht dat sommigen hun stellingen daar op baseren.

Waarom heeft men de verdenking niet hard kunnen maken? Omdat de wet op de privacy dit nog steeds verbied? M.a.w. men kan er alleen een naam op plakken indien verdachte in de databank was opgenomen.

Kun je uit het DNA van de plaats delict afleiden om wat voor persoon het gaat? Dat heet DNA-fenotypering: op basis van DNA probeer je uit te zoeken hoe iemand eruitziet. Dat is waar ik zelf onderzoek naar doe. Momenteel kunnen we al met grote zekerheid de oog- en haarkleur vaststellen, en de etnische afkomst. En uiteraard kun je ook het geslacht te weten komen.

Die fenotypering is in België momenteel verboden - afgezien van het geslacht. Maar die regel is voor het onderzoek naar de bende van Nijvel al met de voeten getreden. Er is al DNA naar een lab van de politie in Lyon gestuurd om het daar te laten uitlezen. In Frankrijk mag dat wel. Mogelijk verandert de wetgeving binnenkort ook in België. Minister van justitie Koen Geens is in elk geval voorstander.

Algemeen besluit. Men heeft het volledige profiel van de hoofddader, er is fenotypering gebeurd. Maar men mag dit wettelijk niet gebruiken. Men weet dus wie de killer is?

EricF, toch nog een kleine opmerking ivm je post hierboven. Ik vermoed dat het hier gaat over "de killer" Overijse. Maar zoals een forumlid hier uitlegde zijn we er zeer waarschijnlijk niets mee wat betreft Aalst en zijn die feiten verjaard tenzij ...

224

(8 replies, posted in Bende Bouhouche-Beijer)

Ja, ergens op het forum, groot, blond ... één van de honderd kandidaten voor de reus. Zelfs niet voor alle feiten.

225

(218 replies, posted in Getuigen)

Kees BK over Ruf: Het was enkel een uiting van respect t.o.v. mensen zoals Ruf die onvoorwaardelijk en onbaatzuchtig mensen helpen. Een zeldzaamheid in de huidige samenleving.

En dan is er Leo, altijd klaar met een schouderklopje of een complimentje ... ook al één van die zeldzame exemplaren.

226

(19 replies, posted in Hypotheses)

In je synthese heb je het over de rol van Lekeu. Nadat Willy Acke terug kwam uit Orlando schreef hij hoe Lekeu het onderscheid maakte tussen de opdrachtgevers en de uitvoerders ....ze moesten te stom zijn om het te begrijpen !!!

Na Orlando werd het Willy Acke verboden iets te zeggen over zijn gesprek met Lekeu OF iets op te schrijven . In feite zegt dit feit genoeg om heel veel te begrijpen ivm de Bende.

Voegen we hier nog aan toe dat  onderzoeksrechter Jean-Claude Lacroix, die mee was met Acke alle info  over Lekeu doorspeelde aan een politiecom. die op zijn beurt Lekeu in Orlando inlichtte dan zijn we nog een paar stappen verder in de goede richting.

En met  oa Miévis  ( groep G) in het onderzoeksteam van de Bende .......zitten we waar we nu zitten

227

(8 replies, posted in Bende Bouhouche-Beijer)

In 1980 gearresteerd in Algeciras (Spanje) in het bezit van 1 kg. zuivere heroïne, drie maanden later vrijgelaten na borgsom van 25.000 euro (wie betaalde deze som?). Stal bij Abelag de nummerplaat van een Mercedes jeep, later werd deze teruggevonden op een identieke Mercedes gestolen door Buslik en Bouhouche.

Bouhouche, Beijer, Beuckels en de anderen: De Bende van Nijvel, de CIA en de ...

228

(218 replies, posted in Getuigen)

De kolonel Remy waarvan sprake in dit item is Remy Ulens.

Tueries du Brabant : et si c’était les Américains (2/3)

Années 80 : les faucons planent sur l’Europe

Bombes à Bologne et Munich, pylônes et équipements stratégiques détruits à Luxembourg, tueries sauvages autour de Bruxelles : de 1980 à 1986, l’Europe bascule dans la terreur. Et les États-Unis y obtiennent une politique mieux alignée sur leurs préoccupations sécuritaires. Jamais, à ce jour, un lien formel n’a pourtant été établi entre ces différents «attentats».

2 août 1980, à Bologne. La gare explose et ensevelit 85 victimes. À Munich, deux mois plus tard, une bombe éclate à l’occasion d’une fête populaire. Dans la province du Brabant, en Belgique, de 1982 à 1985, des tueurs portant des masques de carnaval liquident des clients ordinaires aux abords de supermarchés. Au Luxembourg, entre le 30 mai 1984 et le 25 mars 1986, c’est un aéroport, un centre de télécommunications et des conduites électriques qui sont ciblés, sans faire de morts.

Sous une poussière accumulée durant près de quarante ans, ces dossiers sont autant d’affaires d’État. Outre le mystère qui les entoure, elles pourraient avoir un point commun : l’ombre des services secrets américains. Ont-ils laissé faire ou facilité ces agressions? L’objectif consisterait à secouer l’opinion publique en Europe occidentale, obliger les gouvernants à serrer la barre à droite et renforcer la lutte contre la menace soviétique. Une vraie obsession dans l’état-major de l’armée américaine, à mesure que l’URSS (aujourd’hui, la Russie) développa son arsenal nucléaire.

Et si c’était «ça», la prise de contrôle des États-Unis sur la vieille Europe? L’amorce d’une politique d’hyper-surveillance.

«La marque américaine qui semble la plus évidente : des attentats ciblés au Luxembourg comme pour l’obliger à renforcer ses frontières.»

En toute discrétion, au printemps 2014, une équipe de hauts magistrats belges a avalé les 200 kilomètres qui mènent au Grand-Duché de Luxembourg. C’était la première fois qu’une véritable réunion de travail rassemblait les enquêteurs en charge des Tueries du Brabant (28 morts) et ceux pistant les Bommeleeër, ces poseurs de bombes ayant récidivé à 17 reprises au Luxembourg. D’un côté, des braquages sanglants à l’arme lourde. De l’autre, des attaques ciblées visant manifestement à éviter la moindre victime physique. Jusque-là, ces dissemblances manifestes avaient incité la justice des deux voisins à perpétuer les habitudes : chacun chez soi. Mais il y a six ans, donc, la sixième juge d’instruction «dépêchée» sur les traces des tueurs masqués dits «du Brabant», l’Hennuyère Martine Michel, a ravivé la piste de l’extrême droite, recentré l’enquête sur un possible mobile terroriste et poussé l’investigation sur les connexions américaines de plusieurs suspects au passé néonazi.

Qu’est-il advenu de ces échanges entre magistrats belges et luxembourgeois? Rien. Même chose qu’en 1998 quand les prédécesseurs de la juge Michel s’étaient rendus en Italie avec la même intention (lire l’épisode 1). Pas de suivi. Aucune coopération judiciaire véritable à propos de ces mystérieuses «années de plomb».

L’agent «américain» Joël Lhost

Pourtant, les indices d’une implication américaine n’ont pas manqué. Il y a cinq ans, Martine Michel et ses enquêteurs ont notamment tenté d’authentifier le témoignage précis, émanant d’un ancien agent des services de renseignement. Son nom est inconnu du grand public, car le dossier des Tueries n’intéresse plus qu’une poignée de fanatiques et quelques journalistes : l’ex-agent Joël Lhost vit reclus, menacé, caché en France pour éviter les mauvais coups. Il est certain aujourd’hui qu’à l’époque des Tueries, Lhost travaillait pour la Sûreté de l’État belge (les renseignements civils) et le SDRA-8 (l’équivalent militaire de la Sûreté). Mais aussi et surtout… pour la DIA (les services secrets de l’armée américaine). (...)

Code vert pour Chièvres

La justice belge n’a trouvé aucune raison de contester les déclarations détaillées de l’agent secret Joël Lhost quant à la journée spéciale du 27 septembre 1985. Vers 10 heures du matin, il aurait réceptionné une mallette contenant un ordre de mission et un émetteur de radio. Il s’agissait de surveiller une route menant à l’aéroport militaire de Chièvres (au nord-ouest de Mons), occupé par l’armée américaine. Aucune présence policière? Il devait délivrer un code vert. Si la voie n’était pas libre, taper bleu. Le «go!» fut envoyé entre 21h30 et 22 heures. Ce qui correspond pile poil au timing des Tueurs du Brabant, dont il est tout aussi certain qu’ils venaient de braquer les magasins Delhaize de Braine-l’Alleud puis d’Overijse, à 80 kilomètres de là. Huit morts en quelques minutes. De l’ultra-violent. À l’image d’un commando militaire, ont convenu tous les témoins.

À son insu, l’agent secret aurait-il ouvert la voie aux assassins, qui se sont volatilisés ce soir-là? Ont-ils été exfiltrés par les airs, via cet aéroport de Chièvres où tout plan de vol est «secret defense»? L’enquête judiciaire a révélé que la fameuse mission du 27 septembre 1985 aurait été confiée à l’agent secret par un officier de… la DIA (l’équivalent militaire de la CIA, les services secrets américains). Lors d’une confrontation, il y a cinq ans, c’est ce qu’a sous-entendu aux enquêteurs l’ancien employeur de Lhost, le colonel Rémy Ulens, travaillant pour le SDRA-8.

Le vrai donneur d’ordre pour cette mission spéciale de 1985, à Chièvres, aurait travaillé à l’époque pour le Shape, le QG européen des forces alliées : l’officier belge Ulens a confirmé aux enquêteurs ce qu’a toujours affirmé l’agent Lhost, à savoir que les ordres venaient de plus haut.

Le Shape? Basé à Mons, il est l’équivalent de l’OTAN, mais pour toute opération militaire. Aujourd’hui, l’énigmatique donneur d’ordre américain du 27 septembre 1985 n’a toujours pas été retrouvé et la justice belge a décidément renoncé à touiller dans ces eaux troubles. (...)

Médor publie ci-dessous une partie des auditions judiciaires de l’agent secret Joël Lhost. Celui-ci affirme notamment qu’il a rempli une mission s’apparentant à un coup de pouce aux Tueurs du Brabant, le 27 septembre 1985, jour de l’avant-dernière tuerie. La justice belge dit avoir tout fait pour isoler le commanditaire de cette mission. Tout converge vers un officier américain de la DIA. Son nom? Cassidy. Là, c’est le black-out.

Confrontation avec l’officier belge Remy Ulens

Le 30 mars 2015, les enquêteurs belges donnent du crédit aux déclarations de l’agent Joël Lhost. Le 17 avril 2015, ils vont le confronter à son officier traitant au SDRA-8 (les services de renseignements de l’armée, tels qu’ils se nommaient à l’époque). Lhost pense que cet officier se nomme «le colonel Remy». Sa vraie identité semble être «Remy Ulens». Il y est question des missions confiées à Lhost par la Sûreté de l’État (SE), le SDRA-8 ou la DIA (les renseignements militaires de l’armée américaine). Selon Lhost, les ordres venaient du «colonel Cassidy», de la DIA, qui n’a jamais été retrouvé.

L’étouffoir

La thèse d’une implication américaine dans les Tueries du Brabant a agité les esprits autant qu’elle a divisé. Jusqu’à son dernier souffle, en avril 2015, l’avocat des victimes Michel Graindorge aura plaidé pour qu’on explore cette thèse. Voici ce qu’il nous répétait juste avant son décès : «Vous trouvez normal, vous, que ni par la voie officielle ni par un quelconque autre canal, les États-Unis n’ont jamais apporté la moindre collaboration à la justice belge, alors que la Belgique était à feu et à sang et que l’OTAN ou le Shape auraient pu être visés par les attaques terroristes des Tueurs du Brabant?» Comme plusieurs acteurs ou témoins, l’avocat Graindorge a toujours estimé que ces Tueries résultaient d’une volonté terroriste de bousculer l’’État, que l’extrême droite était à la barre et que la CIA ou la DIA ont manipulé des fanatiques néofascistes.

«Dès qu’on s’approche de la vérité, cela bloque.» Pourquoi un tel fatalisme?

Il y a deux ans, quand ils étaient encore à la supervision de l’enquête, les procureurs généraux Christian De Valkeneer et Ignacio Della Serna nous ont indiqué ceci : «Dans cette investigation à rallonge, dès qu’on s’approche de la vérité et du mobile d’extrême-droite, on a l’impression qu’il existe des forces occultes pour s’en écarter.»

En Italie, où les premiers attentats avaient commencé à la fin des années 1960, des tribunaux ont récemment permis de percer une part du mystère. La surprise pourrait venir de là : petit à petit, les Italiens découvrent à quel point leurs services secrets, des formations d’extrême droite et l’œil de Washington ont regardé dans la même direction (lire l’épisode 3, demain).

Au Luxembourg, le procès des poseurs de bombes (les Bommeleeër) s’est arrêté net il y a six ans, en juillet 2014. Du jamais vu au Grand-Duché! Deux présumés coupables, des gendarmes sans grade, ont manifestement empoisonné la vie politique et compromis la réputation du gouvernement luxembourgeois de l’époque en mettant en cause les services secrets. À la barre ou dans les médias, les avocats des deux gendarmes, Gaston Vogel et Lydie Lorang, ont ouvertement mouillé les services de renseignement américains. Et le procès a été ajourné sans fixer de délai.

Le patron de la Sûreté a «oublié» les noms

Au début des années 1980, l’Europe s’imaginait libérée du duel à distance entre l’allié américain et l’URSS à bout de souffle. Mais Washington avait d’autres projets pour les petits cousins européens, qui pouvaient faire office de premiers remparts contre le communisme et les chars de l’armée rouge. Des déclarations d’officiels américains indiquent qu’à l’époque, les USA ont testé la capacité de résistance de tous leurs partenaires d’Europe occidentale. Ils ont pu favoriser ou laisser faire des attentats perçus comme autant de signaux d’alerte: les forces de l’ordre, en Europe, n’étaient pas organisées pour contrer une menace sérieuse. Cela paraît insensé près de quarante ans plus tard, mais les faucons entourant le président Ronald Reagan voulaient être sûrs que le Luxembourg, la Belgique ou même l’Italie et l’Allemagne pourraient faire barrage en cas d’invasion de la Pologne, par exemple.

«Le réseau Gladio est resté un mystère. Il était contrôlé par les USA.»

Outre les moyens diplomatiques classiques, la sensibilisation d’officiers de la gendarmerie ou de l’armée ainsi que l’infiltration de groupes radicaux souvent d’extrême droite, les États-Unis disposaient d’une armée secrète qui a fait couler beaucoup d’encre : le réseau «Stay Behind» ou «Gladio» a fonctionné jusqu’au début des années 1990. Il était composé des résistants de la première heure. Des militaires, le plus souvent, formés pour espionner et chargés d’organiser la contre-offensive en cas d’occupation de l’Europe par l’Union soviétique.

En 1991, à l’occasion d’une commission d’enquête parlementaire, la Belgique politique et médiatique exigea des patrons de la Sûreté de l’État et du SDRA-8, Albert Raes et Bernard Legrand, qu’ils donnent les noms des 52 membres belges du Gladio. L’idée était de confronter ces noms à la liste des suspects dans le dossier des Tueries du Brabant. Le lieutenant-colonel Legrand estima qu’il fallait protéger l’identité de ces soldats clandestins. Albert Raes affirma qu’il avait oublié les noms.

Bron: Enquêtes (CC BY-NC-ND): Philippe Engels | 26 Augustus 2020

229

(817 replies, posted in 1982)

Er is de waarheid, de juridische waarheid en de wetenschappelijke waarheid.

Eigenlijk heb je een zeer goed voorbeeld gegeven met de trainingen die Calmette ( zeer waarschijnlijk) gaf aan de paracommando's in Marche-les Dames. Stel dat minstens drie mensen dit kunnen getuigen. Als forumlezer of boekenschrijver concluderen we dan, het leger is betrokken. Poseur zijnde ( of jurist) is de betrokkenheid van het leger helemaal niet bewezen. De jurist zal zich dan afvragen stond Calmette op de loonlijst van het leger ? Factureerde Calmette aan het leger? Trainde hij drie para's of driehonderd ? Wie bij het leger was op de hoogte etc....etc.....wie bij het leger gaf de opdracht ?

En stel dat diezelfde vraag voorgekomen was op de onderzoekscommissie dan kon je er zeker van zijn dat er minstens één generaal en twee kolonels waren komen getuigen dat de trainingen van Calmette aan para's buiten hun medeweten was.
Juridische conclusie, het leger was niet betrokken. En wee de forumgebruiker die daarna nog zou durven schrijven, ik denk toch dat het leger betrokken was.

Beste Poseur, ik zal je weinig tot nooit kunnen tegenspreken, ook al "bekampen" wij hier  mekaar  soms met woorden. Ik waardeer je tussenkomsten en lees je posts altijd met veel aandacht. Het geeft ons ook een voorsmaakje van  hoe een proces zou kunnen zijn of verlopen. Jij leest dit forum met de ogen van een jurist zoals ik de kranten van de laatste tijd ivm corona lees met mijn wetenschappelijke achtergrond. Als ik lees dat Rusland of Amerika binnen een aantal maanden of weken  een medicijn of vaccin tegen COVID-19 hebben dan denk ik, dat kan niet, dat is onmogelijk ( gezien ik de procedures ken ) .

230

(146 replies, posted in 1990-1999)

Ik vrees dat "het monster" gelijk heeft.