(...) De oorzaak van de crash die hem en alle vijftien anderen aan boord het leven kostte, zou nooit worden vastgesteld. Al voordat het wrak was gevonden, stuurde Edmund Gullion, de nieuwe Amerikaanse ambassadeur in Congo, een telegram naar Washington met daarin zijn vermoedens dat een Belgische huurling, Jan van Risseghem geheten, misschien schuldig was aan de dood van Hammarskjöld. De mogelijkheid bestaat, schreef Gullion, "dat hij is neergeschoten door een piloot die VN-operaties heeft verstoord en die door een doorgaans betrouwbare bron is geïdentificeerd als Van Risseghem, een Belg die een trainingsmissie bij de zogeheten Katangese luchtmacht heeft aangenomen."
De dag voor de crash had Hammarskjöld bij de Belgische minister van Buitenlandse Zaken nog protest aangetekend over Van Ris-seghem, die hij ervan beschuldigde vanuit de lucht drie Congolese burgers te hebben doodgeschoten.
In de jaren daarna zouden er verschillende onderzoeken worden gedaan - door de Rhodesische autoriteiten, door de vN, door de Zweedse overheid, door een onverschrokken Britse wetenschapper - allen met hun eigen inzichten en overzichten. Hieruit kwam verwarrend en tegenstrijdig bewijsmateriaal naar boven, waardoor vermoedens dat het vliegtuig opzettelijk was neergehaald bleven bestaan: ooggetuigenverslagen van een tweede vliegtuig en een felle lichtflits aan de hemel, een laat op gang gekomen zoek- en reddingsactie, een intrigerende foto van de plek van de crash waarop er ogenschijnlijk een speelkaart in de kraag van Hammarskjöld gestoken was, ontbrekende autopsierapporten, een op latere leeftijd afgelegde verklaring van een vriend van Van Risseghem waarin sprake zou zijn van een bekentenis, en meldingen van door Amerikanen onderschepte radioberichten waarin werd gesproken over het neerhalen van een vliegtuig.
Een duidelijk antwoord zal er waarschijnlijk nooit komen. Maar de complottheorieën dienen wel met voorzichtigheid te worden benaderd. Om te beginnen is er nooit een bevredigend antwoord gekomen op de vraag wie destijds reden kan hebben gehad Hammarskjöld te vermoorden. De Katangese leiders, aan wie Hammarskjöld bij wijze van concessie een staakt-het-vuren ging aanbieden, hadden weinig te winnen bij zijn dood, net zomin als de steunpilaren van Moïse Tshombe in Noord-Rhodesië, die de onderhandelingen organiseerden."
Het is onvoorstelbaar dat westerse inlichtingendiensten het vliegtuig zouden hebben aangevallen, zoals in sommige theorieën wordt geponeerd. Ook al zouden deze landen het oneens zijn geweest met Operatie Morthor, officieel steunden ze het VN-standpunt over Katanga en wilden ze graag een staakt-het-vuren zien. Bovendien waren er onder de doden staatsburgers van de Verenigde Staten, Canada, Zweden en Ierland.
Dan is het ook nog zo dat ooggetuigenverslagen van vliegtuigongelukken onmiskenbaar onbetrouwbaar zijn. Dat geldt ook voor stoere kroegpraat jaren na de gebeurtenis.
Volgens de stelling van het 'scheermes van Ockham' is de meest waarschijnlijke oorzaak van het neerstorten van Hammarskjölds vliegtuig dezelfde als bij de meeste vliegtuigen die in 1961 neerstortten: als gevolg van een fout van de piloot. Het vliegtuig van Hammarskjöld was de zesde DC-6 die dat jaar crashte. Het was niet de eerste grote vliegtuigramp voor de VN-operatie in Congo en het zou ook niet de laatste zijn. Naar alle waarschijnlijkheid zat er geen verborgen bedoeling of sinistere intrige achter de dood van Hammarskjöld, enkel de wreedheid van het lot.
Net als het gewelddadige levenseinde van Patrice Lumumba had de dood van Dag Hammarskjöld het merkwaardige effect dat de gebeurtenissen in Congo in een stroomversnelling raakten. Zijn opvolger als secretaris-generaal van de vN, de Birmese diplomaat Oe Thant, wist toestemming van de Veiligheidsraad te krijgen voor een offensiever beleid inzake Katanga. Na weer een aantal opflakkerende gevechten brachten VN-strijdkrachten - nu bijgestaan door tien Zweedse gevechtsvliegtuigen - in januari 1963 de separatistische militaire eenheden in de provincie de genadeslag toe. Moïse Tshombe vluchtte de grens over naar Angola, en vervolgens naar Spanje.
Ralph Bunche, die na de dood van Hammarskjöld was teruggeroepen naar de vN-operatie in Congo, keek opgelucht toe toen VN-troepen Tshombes laatste bolwerk bezetten. "Grote dag voor de Congo-operatie", schreef hij in zijn dagboek. "Ik heb het gevoel dat ik nu iets voor Dag heb gedaan."
Nu de stabiliteit enigszins was hersteld, zou het grootste deel van de VN-troepen in de maanden daarop worden teruggetrokken uit Congo. Kort daarna was de duurste en dodelijkste vredesoperatie in de geschiedenis van de vn afgelopen. Uiteindelijk werd het onafhankelijke Katanga niet met zachte hand via onderhandelingen teruggebracht naar de moederschoot, maar moest het met geweld worden gebroken. Daarin had Lumumba gelijk gehad.
Bron: Het Congo Complot | Stuart A. Reid