In bijlage 3 van het verslag van de Tweede Bendecommissie staan twee interessante elementen over de Colt .45.
Het eerste stuk komt uit een brief aan de procureur-generaal van 14 oktober 1992:
"(...) In die hoorzitting is sprake van een ander netwerk dan van het Belgische stay behind-netwerk, geheimer en vooral agressiever in zijn acties waarbij de Colt 45, bij onze feiten [die van de Bende van Nijvel] gebruikt, nuttig kan zijn geweest. Het zou interessant zijn te weten met wie de getuige contact had en wat er met de aan hem overhandigde colt is gebeurd. De anonimiteit van de betrokkene wordt vanzelfsprekend gevrijwaard."
Het tweede stuk komt uit "een evaluatieverslag van de pistes en taken die in overweging moeten worden genomen in het kader van het dossier over de Bende van Nijvel" dat was vervaardigd door J. Elise, commissaris van de gerechtelijke politie te Brussel. Dit rapport werd begin juni 1996 overgemaakt aan de procureur-generaal te Mons. Het telt twee pagina's:
"(...) Misschien kunnen we wijzen op de activiteiten van de genaamde (...) die geregeld de schietclub van Overijse bezocht en waarschijnlijk heeft gesleuteld aan de Colt .45 Essex Corporation-pistolen, die werden teruggevonden in het bezit van WNP en van de bende Haemers."
Daarnaast was de Colt . 45 ook het favoriete WNP-wapen (bedoelen ze misschien WNP met het "ander netwerk" dat hierboven staat?):
Eric Lammers kreeg niet alleen een lidkaart van WNP maar ook een Colt .45 ter beschikking.
Toen Barbier nog bij het Front de la Jeunesse zat, kreeg hij van Robert Thomas niet alleen les over het internationaal terrorisme maar ook over wapens zoals de Colt .45 en .38 spécial.
Francis Calmette leerde Barbier hoe hij kogels voor een Colt .45 kon herladen.
Bouhouche was echter geen fan van het wapen omdat het soms blokkeerde.