8,581

(106 replies, posted in Mededelingen)

Forum

Er was een probleem met de zoekfunctie van het forum: niet alle zoekresultaten werden getoond. Na het opnieuw indexeren van de database is het probleem opgelost.

Nieuws

Een nieuwigheid bij de nieuwsberichten: onderaan vind je vijf gerelateerde nieuwsberichten. Let wel op: deze worden automatisch geselecteerd op basis van een aantal parameters.

8,582

(6 replies, posted in Organisaties)

Leon Finné runde het filiaal van de Banque Copine op de Louizalaan. Heel wat politiemensen, advocaten en magistraten waren er klant. Hij was zeer bevriend met de GP-commissarissen Reyniers en De Vroom. Na het failliet van de bank vindt Finné werk in Luxemburg voor een bank.

Andere medewerkers van de bank zijn:

  • Jacques Cabo (bestuurder), werd na het failliesement van de bank bestuurder bij de NV Progime.

  • Renaat Blijweert (bestuurder): stond aan het hoofd van het failliete bedrijf Amelinckx. Zijn zoon Koen zou zeer actief zijn in het witwassen van kapitalen (zie het Atlas-dossier). Renaat Blijweert stierf in 1996. Meer informatie over de familie Blijweert (en dan vooral de zoon) vind je hier » Nieuws

  • René Meulemans

8,583

(572 replies, posted in Bende Bouhouche-Beijer)

Volgens het verslag van de Tweede Bendecommissie zou het kunnen dat Mendez en Finné elkaar kenden:

Tot in 1988 werd er geen onderzoek naar de persoon van Finné gedaan. Wel legde in het begin van dit jaar iemand een verklaring af die nieuwsgierig maakte, namelijk dat in het begin van de jaren zeventig Finné, die hij goed kende, bij een bloemenstal zou hebben staan praten met iemand die door betrokkene werd aangeduid als Mendez. Daarenboven gaf hij te verstaan dat Finné zwart-geld-transporten op Luxemburg verzorgde. 

Bron: Verslag Tweede Bendecommissie (bijlage 3)

8,584

(6 replies, posted in Organisaties)

Bank Copine werd in 1944 opgericht en in 1982 komt de Belgische bank in zware moeilijkheden. De bank wordt in hetzelfde jaar overgenomen door Citybank. De tijdlijn van de bank ziet er als volgt uit (bron » www.combuysse.fgov.be):

  • Banque Copine et Cie: 29/08/1944 - 03/12/1957

  • Banque Copine, scs: 03/12/1957 - 13/04/1977

  • Banque Copine, sa: 13/04/1977 - 29/03/1983

  • 29/03/1983: afgevoerd door herroeping ("radiée par révocation"), afstand van het belangrijkste deel van de deposito’s aan de Famibanque; de bank is niet meer in staat te functioneren volgens de reglementaire voorschriften.

Meer info over de affaires kan je hieronder lezen:

De Belgische bank Copine komt in 1982 in zware moeilijkheden wanneer blijkt dat een aantal kaderleden van de bank zwaar met de boekhouding hebben gesjoemeld en de bank met een gat zit van liefst 1 miljard frank (25 miljoen euro). Enkele bestuurders worden daarop aan de deur gezet. Een van hen is Léon Finné, op dat moment directeur van het kantoor aan de Louisalaan in Brussel.

Finné is een van de slachtoffers van de Bendeoverval op Delhaize in Overijse in september 1985. Getuigen zeggen dat Finné na zijn ontslag als directeur werkte als geldkoerier, regelmatig naar Zaïre reisde, daar grote sommen (zwart) geld ophaalde om ze nadien een veilig onderkomen te geven op geheime rekeningen in Luxemburg. Verscheidene bronnen zeggen dat president Mobutu van Zaïre gretig de kringen van de PSC rond Paul Vanden Boeynants financierde. Maar ook joodse PS- en PRL-kringen mochten rekenen op zijn gulle hand. "Iedereen die naar de ambassade van Zaïre in Brussel ging, rechts was en zei dat hij Mobutu heel erg sympathiek vond, kreeg geld. Ik weet het, want ik ben voor de jong-PSC zelf naar de ambassade gegaan", zegt een ingewijde van toen.

Speelde Finné ook bij de verdoken partij-financiering uit Zaïre een rol? Was Finné, die als directeur bij Copine ook zeer goed op de hoogte was van het vermogen van een flink deel van de Brusselse beau monde, op een of andere manier een bedreiging?

Finné werd op een dag geïntroduceerd bij baron De Bonvoisin, de penningmeester van de studiedienst CEPIC van de PSC van Vanden Boeynants. Volgens de baron had hij geen vertrouwen in Finné en heeft hij hem heel snel buiten gewerkt. Finné, die meestal gewapend rondliep, had goede contacten bij het Brusselse gerecht en de politie. Hij zou daarbij geregeld als informant hebben opgetreden. De maanden voor zijn dood zei hij aan een kennis van de gerechtelijke politie dat hij zich bedreigd voelde. Na zijn dood werd bij hem thuis ook ingebroken. (...)

De Banque Copine had zakelijke belangen met de Crédit Commercial en Financier (de firma van Richard Van Wijck) en met de verzekeringsmaatschappij North Europe. En een dochtermaatschappij van Banque Copine - het vastgoedkantoor Progime - verhuurde vanaf 1981 garageboxen en appartementen aan Bouhouche en Beijer, die weliswaar valse namen gebruikten en pas veel later in opspraak zullen komen.

8,585

(10 replies, posted in Politiek & Business)

Wat algemene informatie over Simonet:

Henri François Simonet, geboren in Brussel op 10 mei 1931 en aldaar gestorven op 15 februari 1996 was een Belgisch politicus en vrijmetselaar. Eind jaren 1960 was hij als bestuurslid van de Université Libre de Bruxelles nauw betrokken bij de ontdubbeling in een Franstalige (ULB) en Nederlandstalige (VUB) vrijzinnige universiteit.

Simonet was gemeenteraadslid en burgemeester (1966-1984) van Anderlecht en volksvertegenwoordiger en vicevoorzitter van de Europese Commissie (1973-1977), minister van Buitenlandse Zaken (1977-1980) en staatssecretaris van streekecononomie (1977-1979) voor de Belgische Socialistische Partij.

Op 6 december 1972 sloten Minister van Economische Zaken Henri Simonet en secretaris-generaal André Baeyens van het Ministerie van Economie een geheim akkoord met Iran over de bouw van een Iraanse olieraffinaderij in België, op de grens van Limburg en Luik. De bedoeling was dat er een pijpleidingennetwerk zou worden aangelegd doorheen Vlaanderen en Wallonië met vertakkingen naar de buurlanden, waardoor er een Iraans benzinenetwerk in België zou ontstaan.

Henri Simonet tekende op 21 december 1972 namens de Belgische regering een conventie met de Iraanse regering over de oprichting van de raffinaderij. Hij beloofde dat de Belgische staat 20 procent van het kapitaal zou storten als niet-terugvorderbaar gift. Op 18 april 1973 groeide de kwestie uit tot een schandaal(Ibramco-affaire) toen journalist Leo Schrooten in de krant De Standaard de affaire onthulde.

Simonet maakte deel uit van de rechter- en pro-Atlantische vleugel van de Franstalige socialisten en verliet deze partij in 1985 om lid te worden van de liberale PRL. Hij is de vader van Jacques Simonet.

Bron: Wikipedia

8,586

(10 replies, posted in Politiek & Business)

Simonet zetelde in het WTC-bestuur samen met vooraanstaande politici als de liberaal Willy De Clercq en de christen-democraat Jos De Saeger. Hun taak was om het nut van zo'n Manhattanproject aan te kaarten bij de politieke overheid. En ze deden dat, graag zelfs.

Daarnaast werd Simonet in 1981 ook het slachtoffer van een inbraak: 

Op 5 juni wordt er bij de Brusselse onderzoeksrechter Lambeau thuis ingebroken. De dieven hadden blijkbaar enkel aandacht voor het dossier van het Front de la Jeunesse, dat hij mee naar huis heeft genomen om te bestuderen. In de daarop volgende dagen en weken zijn er inbraken bij enkele Brusselse advocaten waaronder Jean-Paul Dumont, Etienne Delhuvenne en Philippe Forêt en politici waaronder Paul Vanden Boeynants, Henri Simonet en Hugo Coveliers. Ook hier schijnt de aandacht te zijn gegaan naar dossiers die verband houden met extreem-rechts. 

Zie het forum voor meer info over deze inbraken » Forum

Daarnaast ook nog aangeven dat Alfred Cahen nog kabinetschef is geweest van Simonet.

8,587

(30 replies, posted in Andere Personen)

Zijn naam komt ook voor in het inventaris van het dossier van Charleroi (verslag tweede Bendecommissie) onder de titel: F22 - Onderzoek van criminele feiten (F22b8: HINDERYCKX Ghislain).

8,588

(20 replies, posted in Politiek & Business)

De naam van Guy Mathot lijkt wel een synoniem voor talloze financiële en politieke affaires, casseroles genaamd. Een selectie uit het leven van "de man van honderd schandalen", die nooit werd veroordeeld. 

Treinincident (1977)

Mathot mist als minister van Openbare Werken in 1977 zijn trein op weg naar Zwitserland. Hij neemt de volgende, maar de NMBS hangt er voor hem een extra luxewagon aan. 

Centre Albert (1979)

De nationale pensioenkas verkoopt het gebouw in Charleroi via een immobiliënvennootschap aan de Regie der Gebouwen. Zowel de pensioenkas als de Regie maakt op de ingewikkelde transactie verlies, maar de vennootschap maakt een winst van meer dan 5 miljoen euro. Mathot regelt de transactie. 

Kabinet (1979-81)

Over zijn kabinetsleven gaan de spectaculairste verhalen: vrouwen, eten (voor 50.000 euro restaurantbonnen) en drank (3.000 flessen) waren legio. Het Rekenhof maakt brandhout van zijn te kwistig beleid. Ook schaft Mathot een BMW coupé in onderdelen aan om het visum van het Rekenhof te ontlopen. Met die BMW wordt hij geflitst met 160 kilometer per uur. 

Gotha (1982)

Zijn naam valt in het Gotha-schandaal, een duur bordeel waar minderjarige diensters politici zouden hebben vermaakt.

Voetbalclub Seraing (1984)

Als beheerder zou Mathot mee verantwoordelijk zijn voor de zwarte kas. Hij wordt op heterdaad betrapt bij het verdonkeremanen van documenten. De feiten leveren hem een weekendverblijf op in de gevangenis. Een parlementaire commissie ziet onvoldoende bewijs voor de opheffing van zijn onschendbaarheid. 

Olieraffinaderij Feluy (1984)

De Oostenrijkse oplichter Ernst Polley betaalt de aankoop van de gewezen Chevron-raffinaderij in Feluy met valse cheques. Die blijken op de schrijfmachine van Mathot te zijn getikt. Eliane Van Vreckom, Mathots min of meer officiële vriendin (die al genoemd was in een zwendel van een aan Jeroen Bosch toegeschreven schilderij dat de PS'er in zijn auto zou hebben verborgen), tracht een van die cheques (ter waarde van 250.000 euro) te innen.

Met Van Vreckom in de koffer fopt Mathot een rijkswachtversperring. Hij verliest zijn onschendbaarheid als kamerlid. Toch laat het parket de meeste beschuldigingen vallen. In 1988 vraagt de Senaat, waar Mathot intussen zetelt, de schorsing van zijn vervolging wegens gebrek aan bewijs. 

Villa in Saint-Raphaël (1987)

Aan de Avenue Auguste in de Franse badplaats Saint-Raphaël bouwt Mathot een villa annex zwembad ter waarde van 300.000 euro. Op een Franse rekening staat 70.000 euro. Niks ergs, alleen weet de fiscus nergens van. 

De moord op Cools (1991)

Drugtrafikant Carlo Todarello en een anonieme tipgever wijzen naast Alain Van der Biest Mathot aan als opdrachtgever voor de moord op het Luikse PS-kopstuk André Cools. Wegens gebrek aan bewijzen wordt Mathot alleen opgeroepen als getuige. 

Agusta (1994)

Bij de aankoop van 46 legerhelikopters eind jaren tachtig betaalt het Italiaanse bedrijf Agusta smeergeld. Dat geld zou onder meer naar de Luikse PS zijn gegaan. Mathot wordt in beschuldiging gesteld, verliest zijn politieke onschendbaarheid en moet ontslag nemen als Waals gewestminister. Tijdens het eigelijke proces blijft hij buiten schot.

8,589

(513 replies, posted in Onderzoeksdaden)

Ik plaats deze opinie niet omdat er zogezegd resultaten zijn (waar ik mij ook wel vragen bij begin te stellen) maar omdat er in de kamer een wetsvoorstel is ingediend om de verjaringstermijn op te trekken.

8,590

(107 replies, posted in Bibliografie)

Moest dat het geval zijn, dan zal je de link hier kunnen vinden. Ik hoop het, vermits ik ook geen tv heb.