Topic: Robert Bernaert
Robert Bernaert, generaal bij de rijkswacht tijdens de loden jaren, is op 5 januari 2014 overleden.
You are not logged in. Please login or register.
Bende van Nijvel → Speurders → Robert Bernaert
Robert Bernaert, generaal bij de rijkswacht tijdens de loden jaren, is op 5 januari 2014 overleden.
In 1983 ging Fernand Beaurir op pensioen. Hij werd verrassend genoeg opgevolgd door Bernaert, volgens velen werd deze beslissing genomen door de CVP. Ten tijde van de affaire François was Bernaert inspecteur-generaal van de rijkswacht. Bernaert was ook lid van de Marnixring.
Dus deze persoon was Big Boss van de rijkswacht tijdens de loden jaren met partijkaart met C op en er werd geen resultaat geboekt met het onderzoek naar de Bende van Nijvel en nu is de wet op de spijtoptanten er nog niet doorgejaagd.
Overlijden Luitenant-Generaal b.d. Robert BERNAERT
Wij vernemen het overlijden van Luitenant-Generaal bij de Rijkswacht b.d. Robert Bernaert
Geboren te Ledeberg op 16 maart 1926
Overleden te Nieuwpoort op 5 januari 2014
Commandant van de Rijkswacht 1984 - 1988
De begrafenisplechtigheid zal plaats hebben op zaterdag 11 januari 2014 om 11.30 uur in de Sint-Bernarduskerk te Nieuwpoort-Bad.
Oprechte deelneming en medeleven aan de familie en nabestaanden.
Bron: 7 Januari 2014
De controleur, inspecteur-generaal Robert Bernaert is ook luitenant-generaal zodat de rijkswacht eigenlijk zichzelf controleert. Sterker, de controleur staat in de militaire hiërarchie zelfs een trede onder de korpscommandant Beaurir. Zesmaandelijks rapporteert de inspecteur-generaal aan de minister van Landsverdediging over het reilen en zeilen van het korps, maar het parlement krijgt die rapporten nooit te zien. Bernaert profileert zich graag als een koele technicus, maar deze societyfiguur is een lobby op zichzelf. Is Bernaert dan niet neutraal? Zeker, net zo neutraal als de hele rijkswacht. De voormalige medewerker van de Defensieministers P.W. Segers en Vanden Boeynants vertoeft graag in Vlaams-nationalistische kringen als lid van de Marnixkring.
Uit het militair weekblad VOX nr. 1 (jaargang 13) van 9 januari 1986:

In juni 1988 ging luitenant-generaal Robert Bernaert op pensioen. In een interview blikt hij terug op de woelige jaren '80:
Afscheidnemende generaal Bernaert: “Rijkswacht is onverbiddelijk tegenover alles wat extreem is”
Het Heizeldrama met zijn 39 doden, betekende voor It-generaal Robert Bernaert, de bevelhebber van de rijkswacht, een verschrikkelijke ervaring. Blijft er nu, op de drempel van zijn pensioenleeftijd, een schuldgevoel hangen, kijkt hij achterom, hadden de bloedige incidenten kunnen worden voorkomen op die woensdagavond van mei 1985?
Vooreerst wenst generaal Bernaert, die wegens de vorming van de regering drie maanden langer in dienst werd gehouden, te onderstrepen dat hij geen verontschuldigingen zoekt voor wat er op de Heizel-vlakte gebeurde. Wat hij wel betreurt is dat de rijkswacht eens te meer als bliksemafleider diende.
Faalfactoren
“Ik meen dat het Heizel-drama het gevolg is van een samenloop van kleine tekortkomingen, begaan door verschillende diensten en administraties.” In deze context verwijst hij naar het wetenschappelijk werk “Het Heizeldrama” van Paul 't Hart en Bert Pijnenburg. Deze auteurs zijn, volgens generaal Bernaert, tot het besluit gekomen dat elke van de faalfactoren onvoldoende was om een dusdanige ramp te veroorzaken, doch dat de samenloop ervan dit wel kon.
Zij stellen tevens dat gelijkaardige gevallen zich reeds meermaals hebben voorgedaan, en dat het in de toekomst mogelijk is dat deze zich nog voordoen. Dergelijke faalfactoren, zo zegt generaal Bernaert, waren voorafgaandelijk aan de feiten, de ticketverkoop aan Italianen in de plaats van aan Belgen, voorts de geruststellende informaties uit Engeland alsmede de onduidelijke afspraken bij de voorbereiden de vergaderingen.
Op het ogenblik van de feiten stortte het muurtje in, hadden andere incidenten achter de tribunes plaats. Zeker niet te vergeten, aldus de rijkswachtgeneraal, waren er de Britse voetbal-supporters. De generaal merkt op dat omzichtigheid is geboden in de beoordeling van deze problematiek daar de rechtszaak hierover nog moet komen.
Naar aanleiding van de CCC-aanslag op 1 mei 1985 in Brussel, werd de rijkswacht - althans door de bommenleggers - verantwoordelijk geacht voor de dood van twee Brusselse brandweerlieden. Hoe reageert de vertrekkende korpscommandant op deze beschuldiging?
Destabilisatie
De verantwoordelijken voor de aanslag zijn vanzelfsprekend de bommenleggers zelf, ooгdeelt generaal Bernaert. Alom is geweten dat de destabilisatie-politiek van terroristische organisaties voorziet dat ze trachten de schuld in de schoenen van de politiediensten te schuiven.
In verband met het gebeuren zelf, was de rijkswacht er niet van op de hoogte dat de brandweer eveneens werd opgeroepen, noch dat de brandweerlieden vlugger ter plaatse waren, onwetend van gevaar.
“Vervolgens wil ik ook opmerken dat, indien de radio-middelen tussen de verschillende hulpdiensten dezelfde waren geweest, de brandweerlieden misschien wel op de hoogte zouden geweest zijn van het gevaar”, beweert de generaal.
En hij gaat verder: “De rijkswacht ijvert hier reeds vele jaren voor. Spijtig genoeg moest eerst het drama gebeuren voordat de toenmalige hulpnummers 901 en 906 werden samengekoppeld. Ik blijf er trouwens bij dat ook de 900, d.w.z, de andere hulpdiensten, in hetzelfde, dus éénzelfde oproepnummer, zou moeten worden geïntegreerd.”
Regelmatig krijgt de rijkswachttop ook kritiek wegens de ultra-rechtse houding van sommige ondergeschikte personeelsleden. Maar waarom werd dan rijkswachter Marbaix wegens zijn rechtse houding aan de deur gezet en werd een kolonel alleen gevraagd om met pensioen te gaan?
“Ten eerste wil ik aanstippen”, verklaart generaal Bernaert, “dat op 15 juni 1986 wachtmeester Marbaix, die in de rijkswacht een weinig belangrijke rol speelde daar hij werkzaam was in de kazernering en als dusdanig nooit in operaties is betrokken geweest, uit de rijkswacht werd verwijderd wegens activiteiten in rechtse kringen. Dit bewijst nog eens”, zo voert de generaal aan, “dat de rijkswacht onverbiddelijk is tegenover alles wat extremisme is.”
Diefstal
“Ten tweede is het zo dat over een kolonel die op pensioen geplaatst zou zijn, bij de rijkswacht niets is geweten. Indien u hiermee doelt op kolonel Lhost. dan ontkennen wij dit formeel, omdat betrokkene vrijwillig de rijkswacht heeft verlaten om een zeer hoge functie in de Europese Gemeenschap waar te nemen. Ten slotte wens ik nog te vermelden dat, vermits er geen enkel bewijs is van eventuele rechtse sympathieën, hem niets kan worden verweten”, zo beklemtoont It-generaal Bernaert.
Op de vraag of het waar is dat diezelfde kolonel Lhost wist dat ex-BOB'er Bouhouche de diefstal bij de groep Diane had gepleegd, antwoordt generaal Bernaert categoriek met een nee. “Kolonel Lhost was coördinator van verschillende onderzoeken. Hij heeft nooit zelf rechtstreeks onderzoek verricht, doch steeds op een correcte en loyale wijze zijn taak vervuld.”
“Bovendien heeft de magistratuur, die de algemene leiding van het onderzoek had, zich nooit over kolonel Lhost beklaagd”, getuigt Robert Bernaert.
Over de zogenaamde Bende van Nijvel verklaart hij dat het om een bijzonder moorddadige organisatie gaat, waarvan de motieven tot op heden niet gekend zijn, doch waartegen moet worden ingegaan. Daarom heeft de rijkswacht steeds een zware inspanning geleverd en haar beste speurders ingezet. Het was trouwens de rijkswacht die als eerste op landelijk vlak, in samenwerking met de parketten. de gegevens heeft verzameld en ze ter beschikking van iedereen heeft gehouden.
Dat twee ex-rijkswachters in een andere zaak, waarvan nog moet worden bewezen dat ze verband houdt met de Bende van Nijvel, zijn aangehouden, wordt aangegrepen om het korps aan te vallen. “Ik kan u echter zeggen dat het slechts enkele rotte appelen zijn, in een loyale en hardwerkende mand. De rijkswacht zelf is de eerste om tegen deze rotte appelen zeer streng op te treden.”
Aan de generaal werd ook gevraagd welk oordeel hij velt over de verregaande militarisering van de rijkswacht. Hierop reageert generaal Bernaert met: “Uw vraag verwondert me ten zeerste, vooral het gebruikte adjectief, de militarisering van de rijkswacht is immers allesbehalve verregaand. Integendeel, het is immers zo dat de militaire taken van de rijkswacht slechts een zeer klein deel uitmaken van het totale activiteitenpakket. Trouwens”, zo argumenteert de generaal, “een zekere militaire opleiding is ook nuttig in gevarensituatie.”
Het voorstel om de rijkswacht eventueel te demilitariseren is dan weer een politieke beslissing. De rijkswacht treedt in die zaak op als raadgever en haar advies gaat in de richting van het behoud van de militaire structuur en wel om de volgende redenen: “We hebben zeer sterke bindingen met het leger terwijl het provoostschap een historische opdracht voor de rijkswacht is. De wet op de rijkswacht bepaalt voor ons zekere oorlogsopdrachten, wie gaat die anders uitvoeren? Het grootste gevaar tenslotte, is een te verwachten politisering van het korps.”
Aan zijn opvolger wenst generaal Bernaert minder moeilijkheden dan hijzelf heeft meegemaakt en daarenboven veel moed. Generaal Bernaert, die na 43 jaar dienst nu pensioengerechtigd is, gaat zich verdiepen in de geschiedenis, die altijd zijn stokpaardje is geweest. “Misschien ga ik zelfs schrijven” ...
Bron: Gazet van Antwerpen | 22 Juni 1988
Bende van Nijvel → Speurders → Robert Bernaert
Powered by PunBB, supported by Informer Technologies, Inc.