De opmaak van PV 28395/99 geeft ons heel wat materiaal om Franceso Nardella aan Constantin Angelou te linken om te merken dat Calmette wederom zijn hand in deze zaak heeft.
Estiévenart geeft aan dat het Francesco Nardella was die de voertuigen "verborg" (en hun uiterlijk wijzigde); wanneer ze na de klussen niet werden vernietigd of achtergelaten, zorgde hij voor de afhandeling door ze te verkopen aan een auto-import- en exportbedrijf in de buurt van het Zuidstation in Brussel. Dit bedrijf wordt gerund door een buitenlander van mediterrane afkomst en de auto's werden verscheept naar landen als Libanon.
Uit verslag 104/84 (inzameling van informatie) blijkt dat bij Nardella een visitekaartje is aangetroffen van garage "Belcar" – gevestigd aan de Rue de Liverpool in Anderlecht en uitgebaat door een zekere Angelou – alsmede informatie over deze garage en Angelou.
Uit een bestudering van verslag nr. 180/84 (verhoor van Francesco Nardella en inzameling van informatie) komt naar voren dat Nardella, toen hem naar garage Belcar werd gevraagd, aanvankelijk sprak over een garage genaamd "CAR GARE" nabij het Place de la Duchesse in Molenbeek; pas nadat de onderzoekers hem onder druk zetten door het visitekaartje van Belcar te tonen, gaf Nardella uiteindelijk toe zakelijke contacten te hebben gehad met garage Belcar, die aan de Rue de Liverpool in Molenbeek was gevestigd.
In dit verband verdient de voorlaatste alinea van het onderdeel "informatie" bijzondere aandacht, gezien de houding van Nardella tijdens de ondervraging over garage "Belcar" (hij gaf een verkeerde naam en een verkeerde locatie op voor het bedrijf). In datzelfde onderdeel wordt er ook op gewezen dat het niet mogelijk was om de factuuradministratie van vóór 1983 nader te controleren om vast te stellen of er transacties hadden plaatsgevonden tussen Nardella en garage Belcar, die destijds door Angelou werd uitgebaat.
De buitenlander van mediterrane afkomst kan wel eens heel goed Hage Maroun zijn. Uit zijn agenda leiden we af dat hij degelijk contacten met Angelou had (taxirit door Angelou van 3 Libanezen).
Wij willen er voorts op wijzen dat Nardella in diezelfde verklaring melding maakt van contacten met een garage genaamd "Josse Autos" – die wordt uitgebaat door een zekere JOSE en is gevestigd aan de Bergensesteenweg in Anderlecht. Wanneer hij naar deze garage verwijst, identificeert en lokaliseert hij deze correct, in tegenstelling tot de garage "Belcar".
Bovendien dient eraan te worden herinnerd dat de uitbater van de garage "Josse-Auto" – volgens de verklaring van XXX (ons proces-verbaal nr. 28395/99 van 18/01/99) – door haar wordt aangemerkt als klant van haar zaak, "La Terrasse".
Bovendien was café "La Terrasse" een van de ontmoetingsplaatsen – incidenteel of regelmatig – voor deze personen: Nardella François - Ertrijckx en François Georges-Ferrari Calmette.
Heeft onze taxichauffeur inderdaad iets gezien wat hij niet mocht? Is de hand van Calmette terug te vinden in de wijze waarop Angelou vermoord werd - meerdere speurders denken van wel - maar hoe kan men dit aantonen?