Het was voor hem dus heel goed mogelijk om te zien wat hij beweerde.
Ik kan het niet duidelijker zeggen: wat hij zogezegd gezien heeft, kan niet! Hoe moeilijk is dat te begrijpen?
Stap in je wagen en rij ernaar toe! Dan zie je het zelf.
You are not logged in. Please login or register.
Bende van Nijvel → Posts by Ben
Het was voor hem dus heel goed mogelijk om te zien wat hij beweerde.
Ik kan het niet duidelijker zeggen: wat hij zogezegd gezien heeft, kan niet! Hoe moeilijk is dat te begrijpen?
Stap in je wagen en rij ernaar toe! Dan zie je het zelf.
Ik ga niet alles herhalen, dat is in het topic over de "getuigenis" van Philippe Clerbois reeds gebeurd. Maar ik zal het nog één keer duidelijk zeggen: wat hij verklaart, KAN NIET! Geloof je al de mensen die er 's nachts zijn geweest en allemaal dezelfde conclusie trekken niet? Ga er zelf naartoe en zie het zelf.
Om af te sluiten op een humoristische noot, zal ik zeggen: Ik weet dat de koplampen van auto’s in de jaren 80 uitgerust waren met koplampen. LOL.
Oké, wacht tot het donker is, rij met je auto naar die plek, zet je komlampen aan en bekijk het resultaat. 't Zal snel gedaan zijn om de verzinsels van Philippe Clerbois te blijven verdedigen.
Ik dacht dat de RAF achter de Bende van Nijvel zat? ![]()
Ik weet, het was geen geheim dat die vesten daar lagen. Maar erg toevallig dat men net daar terechtkomt en ze ook weet liggen.
Ze wisten ze niet liggen, daarom hebben ze eerst in het magazijn gezocht naar vesten. Maar die werden daar niet gemaakt en lagen daar niet. Daarom moesten ze naar het labo gaan, waar er wel een paar lagen.
Leuvense politie vindt gedumpte GTI's in Waals-Brabant
Dank zij een onderzoek van de gerechtelijke afdeling van de Leuvense politie werden in een ondergelopen steengroeve te Incourt, in Waals-Brabant, drie gedumpte Volkswagens GTI aangetroffen. Om ze op te halen uit het water zal een beroep gedaan worden op de genietroepen van het leger. Dan zal ook blijken of zich daar nog meer gestolen auto's bevinden.
Deze vondst is het resultaat van het gerechtelijk onderzoek in verband met een jeugdbende, die tijdens de nacht van 19 op 20 oktober door de Leuvense politie in de universiteitsstad betrapt werd en die ten minste 59 diefstallen heeft gepleegd.
Het betreft vijf jongelui uit Grez-Doiceau en Bevekom, van wie er vier werden aangehouden en één ter beschikking werd gesteld van de jeugdrechter te Nijvel. Het onderzoek in Waals-Brabant verliep in samenwerking met de rijkswacht van Waver.
De diefstallen in voertuigen gingen ook gepaard met vandalen-streken, zoals het leegspuiten van brandblussers en het kapot steken van banden. De meeste feiten werden gepleegd te Leuven, Brussel, Waver en Louvain-la-Neuve.
In de betrokken steengroeve te Incourt werd ook een deel van de buit gegooid. De inbrekers waren met alles tevreden: van een dokterstas tot een hockeystick.
Bron: Het Laatste Nieuws | 25 November 1986
De Italiaan Antonio Quattrocchi had op 1 januari 1974 in Seraing een man vermoord. Voor deze moord werd hij in januari 1976 tot 20 jaar dwangarbeid veroordeeld. In juli 1979 ontsnapte hij uit de gevangenis van Verviers.
Voor zover ik zijn tijdlijn heb kunnen reconstrueren, werd hij pas in mei 1989 samen met Christian Dierx en Jean-Pierre Paul terug gearresteerd.
Weer gevangenen ontvlucht te Verviers
Zondagavond werd vastgesteld dat opnieuw drie gedetineerden waren verdwenen uit de gevangenis van Verviers. Volgens de eerste gegevens van het onderzoek beschikten de ontsnapten over twee sleutels: een van de lift, een andere die alle hekkens opende. Met behulp van een ladder geraakten zij over de muur aan de rue de Heusy.
Vermoed wordt dat de ontsnapten medeplichtigen buiten de gevangenis hadden. Hun gevangeniskledij werd in een tuintje teruggevonden.
Het betreft de 33-jarige Algerijn Hacede Chabri, veroordeeld wegens diefstal met geweld tot 1981; de 44-jarige Sadec Chennine, eveneens van Algerijnse nationaliteit, veroordeeld wegens moord tot 1978 en Antonio Quattrocchi, een 29-jarige Italiaan, die wegens vrijwillige doodslag nog een straf moest uitzitten tot 1994.
In de nacht van donderdag op vrijdag jl. waren reeds een Joegoslaaf en een Italiaan uit dezelfde gevangenis kunnen ontsnappen.
Bron: Gazet van Antwerpen | 10 Juli 1979
Samenvatting
Wat? Een man wordt doodgeschoten na een ruzie.
Wanneer? 1 Januari 1974
Waar? Café “Le Fer à Cheval” in de Rue du Molinay in Seraing » Google Maps
Wie? Antonio Quatrocchi
Status: Opgelost
Op nieuwjaarsdag 1974 schoot de 23-jarige Antonio Quattrocchi in café Le Fer à Cheval in Seraing de Spaanse José Morales-Ramos dodelijk neer na een ruzie die eerder was ontstaan in café La Chope. Quattrocchi, die samen met zijn vriendin Augusta Groven zwaar had gedronken, was woedend nadat Morales-Ramos haar een slag had teruggegeven en zocht hem met een geladen pistool op. Hij vuurde zonder waarschuwing van dichtbij op zijn slachtoffer, dat enkele uren later in het ziekenhuis overleed.
Tijdens zijn proces in 1976 stelde Quattrocchi dat hij zich door zijn dronkenschap weinig herinnerde en geen moordplannen had, maar getuigen beschreven hem als agressief en gewelddadig; de jury achtte vrijwillige doodslag met voorbedachtheid bewezen en veroordeelde hem tot twintig jaar dwangarbeid.
Antonio Quatrocchi tijdens de reconstructie:

Moord in herberg te Seraing
Dinsdagochtend heeft een dronken man aan wie de herbergier weigerde nog drank te schenken, in het wilde weg een klant van de herberg “Le Fer à Cheval” in de rue du Molinay te Seraing neergeschoten. Het slachtoffer, de h. Ramos Morales uit de rue du Chêne te Seraing, werd getroffen in de torax en overleed kort na zijn opname in het Cockerill-ziekenhuis.
Even voor 2 u. hadden de 28-jarige Joseph Morales-Ramos en de 23-jarige Italiaan Antonio Quatrocchi, wonend rue de Tavier 224, te Seraing, zich naar de herberg “La Choppe”, in de rue Alfred Smets te Seraing, begeven. Ze waren in het gezelschap van de vriendin van Quatrocchi, Augusta Lenaerts, 26 jaar, wonende Quai de Rome te Luik. Op zeker ogenblik ontstond een twist en de vrouw diende Morales een klap in het gelaat toe. Morales sloeg terug.
Toen trok Quatrocchi een pistool en loste een schot naar beneden en vervolgens nog een naar buiten de herberg. Het wapen liet het afweten. Even later echter slaagde Quatrocchi erin zijn pistool te herstellen. Een derde kogel kwam daarbij in het plafond van de herberg terecht.
Intussen was Morales gevlucht naar de herberg “Le Fer à Cheval” in de rue du Moulinay. Quatrocchi vervoegde hem daar en zei: “Gij hebt mijn vrouw geslagen, waagt ge dat met mij ook?”. Zonder een antwoord af te wachten loste hij daarop een schot op Morales. Deze laatste overleed twee uren na zijn opname in het Cockerill-ziekenhuis te Seraing.
Quatroceuin werd gearresteerd toen hij de herberg verliet.
Bron: Gazet van Antwerpen | 2 Januari 1974
Nieuwjaarsmoord te Seraing had lange voorgeschiedenis
Omtrent de nieuwjaarsmoord in de herberg “Fer à Cheval” te Seraing, waarover we gisteren een onvolledig relaas brachten, zijn thans meer bijzonderheden gekend. Als men naar de oorzaak tast, zou men kunnen gewagen van de ontknoping van een sinds jaren aanslepende vijandschap tussen twee jonge mensen, al kan de misdaad evengoed toegeschreven worden aan de drank of zelfs aan jaloersheid.
Feit is dat de moordenaar, de 23-jarige Italiaan Tonio Quatrocchi, zijn slachtoffer, de 26-jarige Spanjaard José Morales Ramos (Pepito voor zijn vrienden) reeds vele jaren kende. Beiden wonen immers reeds geruime tijd in Seraing waar zij bekend staan voor hun opvliegend karakter. Zij hebben mekaar reeds vaak (figuurlijk) in de haren gezeten. De jongste maanden liepen zij mekaar veel minder tegen het lijf, mede door het feit dat Pepito vorige lente huwde en sindsdien meer tijd besteedde aan zijn jonge vrouw en hun kindje.
Maar Nieuwjaar is geen dag als een andere. Pepito, die sinds zijn huwelijk veel minder dronk dan voorheen, had er behoefte aan nog eens de bloemetjes buiten te zetten, Om 8 u. 's morgens ledigde hij zijn zoveelste glas in de herberg “A la chope”, aan de rue Alfred Smets te Seraing, niet zozeer om zijn dorst te lessen, al verklaarde de herberguitbater dat hij nog behoorlijk te been was.
Dronken woesteling
Toni Quatrocchi had een beroerde nacht achter de rug. In gezelschap van zijn vriendin, de 26-jarige Augusta Groven, uit Luik, die bij hem was komen inwonen, overschreed hij met onzekere stap omstreeks hetzelfde uur de dorpel van “A la chope”. Alhoewel zijn blik niet meer zo helder was herkende hij onmiddellijk Pepito. In een zatte bui wenste hij de Spanjaard alles behalve een zalig Nieuwjaar, Zijn liefje was zelfs nog moediger en “streelde” Pepito's gelaat met een forse mep, die onmiddellijk beantwoord werd, doch voorlopig bleef het daarbij.
Quatrocchi, die in woede ontstoken was, begon daarop andere verbruikers lastig te vallen en van die afleiding maakte de Spanjaard gebruik om er stilletjes van onder te muizen, Zodra de oververhitte Italiaan dit bemerkte, haalde hij een pistool kaliber 7,65 boven en om te onderstrepen dat hij het ernstig meende loste hij een schot. De kogel belandde in de vloer doch kwetste niemand.
Uiteindelijk verliet Toni met zijn vriendin de herberg, na als laatste heldendaad zijn glas tussen de flessen achter de toonbank te slingeren, die in duizend stukjes in het ronde vlogen.
Met zijn pistool in de hand, sloeg de woesteling met zijn Augusta de rue Molinay in, waar hij in de “Fer à cheval” Pepito zag zitten. In een breed gebaar zwaaide hij de deur van de herberg open, waar zijn Spaanse rivaal in gezelschap van twee mijnwerkers rustig aan een kop koffie zat te slurpen.
Dreigend stevende de dronkelap op Pepito af. “Ge hebt mijn vrouw geslagen... Doe dat bij mij ook eens, als ge durft?” Pepito bewaarde zijn kalmte, deed of hij niets gehoord had, stond van zijn stoel op en tastte in zijn zak naar geld om te betalen. Alvorens hij zijn beweging kon afmaken had Tino zijn pistool, dat hij tevoren had weggeborgen, weer te voorschijn gehaald en vuurde zonder boe of ba op de ongelukkige Pepito die, getroffen in volle borst, bewusteloos neerzeeg.
Ouatrocchi en zijn liefje, die ijlings de herberg verlieten, konden even later door rijkswachters op straat worden aangehouden. Zij lieten zich gewillig meevoeren. Intussen had men José Morales-Ramos naar het Cockerill-ziekenhuis overgebracht, waar hij twee uur later overleed
Het parket van Luik stapte in de voormiddag ter plaatse af en liet Antonio Quatrocchi onder aanhoudingsmandaat plaatsen.
Bron: Gazet van Antwerpen | 3 Januari 1974
Woensdagnamiddag heeft in het café “Le Fer à cheval” te Seraing de wedersamenstelling plaatsgehad van de moord die aldaar gepleegd werd omstreeks 3 uur 's morgens op nieuwjaarsdag. Even tevoren was het in “La Choppe”, een andere herberg te Seraing, tot een felle ruzie gekomen tussen de twee verbruikers, Joseph Morales-Ramos (28) en de Italiaan Antonio Ouatrocchi, beiden wonende te Seraing.
Het vriendinnetje van Ouatrocchi, de 26-jarige Augusta Lenaerts uit Luik, bemoeide er zich mee en diende Morales-Ramos een oorveeg toe, die prompt werd beantwoord. Daarop verliet deze laatste “La Choppe” om zijn woede nog even te gaan doorspoelen in “Le Fer à cheval”, waar hij even later werd vervoegd door een fel opgewonden Ouatrocchi, die een pistool bovenhaalde en zijn rivaal met een goedgericht schot neerkogelde.
Het slachtoffer overleed een paar uren later in de kliniek. Men ziet hier de revolverheld op de plaats van de misdaad. Terwijl zijn linkerhand stevig in de boelen zit, omklemt hij met de andere de hand van zijn vriendin die zo'n ruim aandeel had in de fatale ruzie.
Bron: Gazet van Antwerpen | 1 Maart 1974
“Caid van Seraing” schoot belager van vriendin dood
Voor het Hof van Assisen van Luik, voorgezeten door raadsheer Lejeune, begint maandag het proces tegen de 25-jarige Antonio Quatrocchi, bijgenaamd Toni, uit Seraing. Hij wordt beschuldigd van doodslag op de 26-jarige Spanjaard José Morales-Ramos, bijgenaamd Pepito. De feiten deden zich voor in café “Fer à Cheval”, rue Molinay te Seraing, op Oudejaarsavond 1974.
Quatrocchi en zijn bijzit, de 28-jarige Augusta Lenaers, waren op Oudejaarsavond in een andere herberg te Seraing enkele glazen gaan drinken. Quatroechi die zich graag opwierp als “de caïd van de onderwereld van Seraing” - hoewel daar weinig reden toe was -, was in het bezit van een geladen 7,65 mm. pistool. In de herberg ontmoette het koppel de Spanjaard Morales-Ramos, die het amper kende. Zij dronken samen enkele glazen aan de schenkbank. Op een bepaald ogenblik begon Pepito Augusta te plagen, terwijl Quatrocchi in gesprek was met de barman.
Oplawaai
De jonge vrouw was echter in het geheel niet gediend met de plagerijen en gaf de Spanjaard een oorveeg. Deze laatste liet dit zo niet en gaf de vrouw op zijn beurt een oplawaai. Quatrocchi die de scène had gevolgd, haalde zijn pistool boven, bedreigde verscheidene klanten en vuurde een schot af in de vloer. Maar Pepito had de benen al genomen. Met in zijn zog zijn bijzit dwaalde Ouatrocchi urenlang door de straten van Seraing op zoek naar de belager van zijn vriendin. Omstreeks 9 u. 's morgens op Nieuwjaarsdag vonden ze hem in de “Fer à Cheval”, Quatrocchi stormde de instelling binnen en riep: “Ge hebt mijn vrouw geslagen. Zoudt ge mij ook durven slaan?”
Zonder een antwoord af te wachten vuurde Quatrocchi van dichtbij een schot af. Morales-Ramos viel dodelijk gewond neer. Hij zou enige tijd later in het Cockerill-ziekenhuis overlijden.
Voor het Hof van Assisen zal Quatrocchi verdedigd worden door Mr. Jeunehomme en Mr. Capelle. Als openbare aanklager fungeert advocaat-generaal Delree. De zaak zal vermoedelijk vier dagen duren, terwijl een zestigtal getuigen zullen gehoord worden.
Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Januari 1976
Toni de Siciliaan herinnert zich niets meer
Voor het Hof van Assisen fe Luik, voorgezeten door raadsheer Lejeune, begon maandag het proces ten laste van Antonio Quattrocchi (25), bijgenaamd Toni de Siciliaan uit Seraing. Op nieuwjaarsdag 1974 doodde hij met een pistoolschot de Spanjaard José Morales-Ramos (27), eveneens uit Seraing. Die feiten speelden zich af in de herberg “Le Fer à Cheval” te Seraing. De jury bestaat uit vijf vrouwen en zeven mannen.
Tijdens de zitting van maandagvoormiddag ging de voorzitter over tot de ondervraging van beklaagde. Daar kwamen echter heel wat technische moeilijkheden bij kijken wegens de slechte werking van de in de zaal opgestelde micro’s en het gedreun van machines waarmee momenteel op het binnenplein van het paleis wordt gewerkt voor het schoonmaken van de gevels. De voorzitter had gevraagd dat die werken tijdens het proces zouden stopgezet worden, maar zonder resultaat.
Allereerst herinnerde de voorzitter aan het verleden van beschuldigde, die te Seraing bekend stond als een woesteling en een vechtersbaas, vooral wanneer hij onder invloed was. Gescheiden van zijn echtgenote, oefende Toni verscheidene beroepen uit. Hij blonk echter niet uit door regelmaat. In september 1973 maakte hij kennis met Augusta Groven (28), een straatmadelief.
Zeventig glazen
De voorzitter handelde vervolgens over het komen-en-gaan van Quattrocchi en zijn vriendin tijdens oudejaarsavond en nieuwjaarsochtend en somde daarbij de vele herbergen van Luik en Seraing op welke het paar bezocht en waar whisky en ook wel champagne werden gedronken. Daaruit blijkt dat Quattrocchi alles samen zowat zeventig glaasjes alcohol naar binnen goot.
In het café “La Chope” te Seraing ontmoetten ze Morales-Ramos, die zij beiden nauwelijks kenden. Van de omstandigheden van deze ontmoeting herinnert beklaagde zich niet zoveel meer. “Ik had nogal flink gedronken, de hele voormiddag lang”.
De voorzitter merkte op dat Toni geneigd is te vergeten wat tegen hem kan uitvallen, maar zich daarentegen steeds heel goed herinnert wat hem van dienst kan zijn. Zo ontkent hij bedreigingen en scheldwoorden te hebben geuit jegens een waardin. Evenmin herinnert hij zich een dienster te hebben gezegd “dat hij haar hersenpan zou inslaan”.
De speurders hebben echter talrijke getuigenissen ingewonnen waaruit de provocerende houding van Toni blijkt. In de “Chope” kwam het tot een flinke scheldpartij tussen Quattrocehi en Morales, zogezegd omdat deze laatste zijn vriendin Augusta lastig viel. De Spanjaard verdween kort nadien. Quattrocchi, die echt woest was, vuurde een pistoolschot af op straat en, volgens de verklaring van de waardin, nog een in de gelagzaal. Hier werd echter geen enkel kogelspoor gevonden. Toni sloeg enkele glazen en flessen aan scherven en vertrok, samen met zijn vriendin. Niet zonder eerst vermanend tot de verbruikers geroepen: “Beweegt niet of ik schiet u allemaal tot moes.”
Omstreeks 9 u. beland Toni in “Le Fer à Cheval”. Daar hing Morales aan de tapkast. “Ik ben er heel toevallig binnengestapt”, zegt beschuldigde. “Ik had de Spanjaard niet van buiten gezien.”
De voorzitter: “Morales had juist aan de dienster gezegd dat hij kort voordien door iemand was bedreigd. Zij zei U dat ze ging sluiten en ze u niets meer te drinken zou geven.”
Toni: “Best mogelijk, maar ik herinner het mij niet. De Spanjaard beleefde er blijkbaar pret aan.”
De voorzitter: “Gij hebt tot de Spanjaard gezegd: Je hebt mijn vrouw geslagen, doe het nu maar eens met mij.”
Beklaagde: “Dat weet ik niet meer. Het ging allemaal zo vlug in z'n werk. Plots stond ik met het pistool in mijn rechterhand. Ik besefte niet wat er gebeurde. Ik was onder invloed van de drank.”
Morales, die in volle borst was getroffen, zakte ineen en overleed kort daarna. Quattrocchi ontkende nog te hebben willen vluchten bij de aankomst van de rijkswacht en herhaalde dat hij nooit het voornemen had gehad zijn slachtoffer te doden.
Wapen van Arabier
Tijdens de namiddagzitting geeft onderzoeksrechter Piron uitleg over de herkomst van het wapen. Quattrochi vertelde hem dat hij het wapen gekocht had van een “mysterieuze Arabier” ergens in Luik.
Verscheidene leden van rijkswacht en gerechtelijke politie komen getuigen. De rijkswachters vertellen hoe ze werden verwittigd dat in “La Chope” een man iedereen lastig viel. Toen ze ter plaatse kwamen was inmiddels een drama gebeurd in de “Fer à Cheval”. Zij gingen er heen en troffen er Ramos aan die bij de tapkast met de armen gekruist op de grond lag.
Mijn vrouw te na gekomen
Een inspecteur van de gerechtelijke politie van Luik, de h. Princen, verklaart dat Augusta Groven prostituee was op het ogenblik dat zij Quattroccho leerde kennen.
Aan h. de Princen verklaarde de vrouw dat Morales Ramon Quatrocchi had uitgedaagd. Vooraleer te schieten zou Quattrocchi hem hebben gezegd: “Ge zijt mijn vrouw te na gekomen.” De voorzitter merkt op: “Dit is een eigenaardige uitspraak, rekening houdend met de persoonlijke situatie van Augusta Groven. Dat lijkt mij moeilijk verenigbaar.” Quattrocchi: “Ik was erg jaloers. Ik leefde niet op haar kosten, maar ik onderhield het huishouden met mijn werklozensteun.”
Volgende zitting om 9 u.
Bron: Gazet van Antwerpen | 20 Januari 1976
Getuigen: “Quatrochi was stomdronken”
Tijdens de tweede dag van het proces van Antonio Quattrocchi uit Seraing, beschuldigd van vrijwillige doodslag op de Spanjaard Jose Morales-Ramos werd dinsdag een aantal café-uitbaters en kelners uit de streek van Luik en Seraing gehoord om een beeld te krijgen van de staat van dronkenschap waarin de beschuldigde verkeerde tijdens de nacht van de feiten.
Sommige uitbaters zegden zich niets meer te herinneren maar anderen konden het juist aantal glazen noemen dat Quattrocchi gedronken heeft.
Stomdronken
Uit de verklaringen blijkt dat de beschuldigde zeer dronken was vanaf 3 uur in de morgen. Ook de ouders van de beschuldigde zeggen dat hun zoon dronken was. Details kunnen zij niet geven daar zij ook diep in het glas hadden gekeken tijdens de bewuste “réveillon”. Sommige getuigen menen dat Quattrocchi niet meer bij bewustzijn kon zijn toen hij zijn pistool afvuurde.
Tijdens de namiddagzitting wordt het verhoor van de getuigen uit de Horeca-sector voortgezet. De meerderheid is van Italiaanse afkomst en heeft een tolk nodig. Een dienster van “La Coupole” een herberg uit Seraing, weet nog dat de Italiaan zo dronken was, dat hij niets meer te drinken kreeg. De man was erg agressief en bedreigde getuige. Een klant bevestigt deze getuigenis en voegt eraan toe dat hij de Italiaan, om hem te kalmeren, naar een andere herberg “La Chope”, vergezelde. In deze herberg zou Quatrocchi zijn slachtoffer Morales-Ramos ontmoeten. De getuige herinnert zich niet dat de Spanjaard de vriendin van Toni had geplaagd.
“Van niemand schrik”
Wel herinnert hij zich een andere scène: “Ik had Quatrocchi naar de schenkbank geleid en we waren aan het praten. Toni sprak over een vechtpartij, waar hij bij betrokken was en verklaarde luid: “Nu ben ik gewapend en heb ik van niemand schrik”. Morales die op dat ogenblik achter Toni voorbijging, dacht dat ik bedreigd werd. In die tijd liep ik op krukken. De Spanjaard keerde zich naar Quatroechi en riep: “Vergeet niet dat ge met een invalide praat”. Quatrocchi werd kwaad en begon Morales uit te scheiden. Ik heb hem opnieuw moeten kalmeren.”
De uitbaatster van “La Chope”, mw. Guglielmo is een moeilijke getuige, want ze herinnert zich niet veel meer van de feiten. Ook die andere klanten van “La Chope” lijken zich nog weinig te herinneren. Daarop wordt de zitting geheven. Ze hervat woensdag om 9 uur.
Bron: Gazet van Antwerpen | 21 Januari 1976
Getuige gemolesteerd door familie Quattrocchi
Bij de hervatting woensdagmorgen van het proces van de 25-jarige Italiaan Antonio Quattrocchi voor het Hof van Assisen te Luik, beschuldigd van vrijwillige doodslag, heeft advocaat-generaal Destrée onmiddellijk het woord gevraagd.
De advocaat-generaal citeerde een rijkswachtverslag dat dinsdagnamiddag in het gerechtsgebouw werd opgesteld na een klacht van een getuige, Mw. Luignina Guglielmo, waardin van het café “La Chope” waar de beschuldigde zijn slachtoffer had ontmoet. Volgens de verklaringen van deze getuige was zij na haar verklaring ter zitting gemolesteerd door twee vrouwen die het met die verklaring niet eens waren.
“Gisteren vond ik deze getuige nogal terughoudend, nu begrijp ik waarom”, aldus de h. Destrée, die eraan toevoegde dat ook een andere getuige was lastig gevallen door familieleden van Quattrocchi. De advocaat-generaal beschouwt dit als een ernstige schending van ons rechterlijk bestel. “Wij zijn hier noch in Sicilië, noch in Chicago. Indien ik nog verneem dat er familieleden van de beschuldigde in de wandelgangen rondlopen met agressieve bedoelingen, zal ik maatregelen treffen.”
De verdediger van Quattrocchi sloot zich onmiddellijk bij deze verklaring aan en zij dat zijn cliënt met deze incidenten niets uitstaande heeft en dat deze hem slechts nadeel kunnen berokkenen. Daarmee was het incident gesloten.
Vriendin
Vervolgens werd het getuigenverhoor voortgezet. De belangrijkste verklaring kwam van de 29-jarige vriendin van de beschuldigde, Augusta Groven. Zij legt de verantwoordelijkheid voor de gebeurtenissen in “La Chope” op Morales-Ramos, het slachtoffer. “Deze jongen plaagde mij. Hij nam eerst mijn sigaret weg, vervolgens mijn barkruk en toen trachtte hij mijn achterste te betasten. Toen Tony wilde tussenbeide komen ging de Spanjaard er vandoor. Mijn vriend was zeer opgewonden en vuurde buiten een schot af. Vervolgens bedreigde hij de stamgasten met zijn wapen, dat hij weigerde af te geven.”
Toen zij in de “Fer-à-Cheval” aankwamen, botsten zij opnieuw op Morales-Ramos. “Ik stapte als eerste binnen en toen ik de Spanjaard aan de tapkast zag, wou ik terug naar buiten gaan. Tony stapte echter op de Spanjaard af en zei: “Je hebt mijn vrouw geslagen. Durf je dat met mij ook?” Er ging een schot af, maar ik heb niets gezien omdat ik achter Tony stond.”
Op verzoek van een gezworene en van de advocaat-generaal wordt getuige ondervraagd over de bestaansmiddelen van het gezin. Augusta Groven verklaarde dat zij uitsluitend leefden van de werkloosheidsuitkering van Tony, die echter wel hier en daar “schnabbelde”. “Wat ik verdiende ging naar het onderhoud van mijn vier kinderen”, aldus Groven.
Tijdens deze ondervraging kreeg de beklaagde het danig op de heupen en riep op een gegeven ogenblik: “Ik ben nooit een pooier geweest”. “Dat heb ik ook niet gezegd”, antwoordde de gezworene.
Bron: Gazet van Antwerpen | 22 Januari 1976
“Ik zal mijn hele leven spijt hebben”, snikt beklaagde
Donderdag was het de laatste dag van het proces tegen de 25-jarige Antonio Quattrocchi, uit Seraing, die zich voor het Assisenhof van Luik moest verantwoorden voor de moord op de 27-jarige Spanjaard Joseph Morales Ramos, gepleegd op nieuwjaarsdag 1974 in de herberg “Le fer à cheval” te Seraing. Na de replieken verklaarde beklaagde, snikkend: “lk heb twee jaar lang spijt gehad. Ik zal heel mijn leven spijt hebben. Ik vraag vergiffenis aan de familie van het slachtoffer.” Hij werd veroordeeld tot twintig jaar dwangarbeid.
Voorzitter Lejeune opende de woensdagzitting met de voorlezing van een brief met bedreigingen deze maal gericht aan de beschuldigde, Toni Quattrocchi. In de tekst staat: “Jij dacht de wet te stellen ’mafioso’ van karton. Wii zullen je de wet leren stellen, indien je de kans krijgt om uit de nor te komen.” De kaart werd ondertekend door “Liga van Spanjaarden van Luik”.
In zijn commentaar wees de voorzitter erop dat het onduldbaar is dat dergelijke brieven naar een beschuldigde worden gestuurd, die het recht heeft zich te verdedigen.
Het hof hoorde vervolgens de wapendeskundige de h. Jamar, die het moordwapen heeft onderzocht. Hij is van oordeel dat het schot op een afstand van ongeveer 1,50 m. werd afgevuurd. Quattrocchi hoefde dus niet te mikken om zijn slachtoffer te raken. Ten slotte verschenen een aantal moraliteitsgetuigen en de inspecteurs van de gerechtelijke politie van Luik. De inlichtingen die over Quattrocchi werden ingewonnen, blijken weinig gunstig. De beschuldigde werd door deze getuigen afgeschilderd als een gewelddadig iemand, een vechtersbaas, brutaal, opvliegend en een drinker.
Hij wou de kleine “Caid” spelen en de wet opleggen aan herberguitbaters. Sommige slachtoffers hebben het nooit aangedurfd klacht neer te leggen.
Scherp rekwisitoor
De zitting van donderdagmorgen begon met het pleidooi van de burgerlijke partij - de vrouw en het kind van het slachtoffer - vertegenwoordigd door Mr. Maurice Collignon. Deze beschreef opnieuw de gebeurtenissen die zich voordeden in de tragische nieuwjaarsnacht en merkte op dat onmogelijk kon worden geschat hoeveel alcohol Quattrocchi had gedronken.
Volgens de advocaat was de doodslag geenszins het gevolg van een toeval. Hij verzocht de jury de betichte schuldig te verklaren aan de hem ten laste gelegde feiten.
Vervolgens sprak de advocaat-generaal Delree zijn rekwisitoor uit. De levenswandel van Quattrocchi, zo betoogde hij, leidde hem van herberg tot herberg en van de ene ruzie naar de andere. Thuis was hij een slecht echtgenoot en een slechte vader. Hij bezat niet de minste menselijke waardigheid. Hij herhaalde steeds maar dat hij te Seraing de wet dicteerde en dat hij niets of niemand vreesde.
De advocaat-generaal aanvaardde Quattrocchi's dronkenschap niet als een verzachtende omstandigheid. Betichte was dubbel schuldig, eerst omdat hij vrijwillig dronk, vervolgens omdat hij wist dat de alcohol hem zou leiden tot agressieve en gewelddadige reacties.
De advocaat-generaal verzocht de jury negatief te antwoorden op de vragen, die de verdediging daaromtrent zou kunnen doen stellen. “Niemand mag provocatie inroepen wanneer men vrijwillig zijn redelijkheid heeft laten aantasten door de drank”, aldus de h.Delrée.
Verdediging
Meester Jeunehomme verdediger van Quattrocchi, heeft het niet gemakkelijk om op deze meedogenloze aanvallen te reageren. Hij wees op een reeks tegenstrijdigheden, fouten en vergissingen in de verklaringen van de onderscheidene getuigen. Over de feiten zelf geeft de verdediger versie: de avond van 31 december is Quattrocchi beginnen te drinken en heeft er pas mee opgehouden om 9 u. 's morgens.
Trouwens, de geneesheer die hem vier uren na het drama onderzocht stelde vast dat Quattrocehi nog steeds niet vast op zijn benen stond. “Mijn cliënt”, aldus meester Jeunehomme, “heeft een emotionele schol ondergaan tengevolge van een provocatie.”
Zonder de nagedachtenis van Morales Ramon te willen onteren moet toch worden gezegd, aldus nog verdediger Jeunehomme, dat Ramon ook ooit in gevechten was gewikkeld waarbij hij een mes trok. Tot slot zegt de verdediger dat er van voorbedachtheid geen sprake is. Toen Quattrocchi het café “Fer à Cheval” binnenkwam, wist hij ook niet dat Morales-Ramon zich daar bevond.
Meester Jeunehomme pleit derhalve verzachtende omstandigheden en vraagt de gezworenen bij het bepalen van schuld van zijn cliënt rekening te houden met de invloed van de alcohol en de provocatie.
Even na 17.30 u. verwijderde de jury zich om te beraadslagen. Er werden de juryleden 14 vragen voorgelegd. De jury antwoordde bevestigend op de vragen inzake vrijwillige doodslag, voorbedachtheid, onwettige wapendracht en de meeste vragen betreffende de bedreigingen. De jury antwoordt ontkennend op de vraag van de verdediging inzake de verschoning wegens provocatie.
Het openbaar ministerie vorderde daarop twintig jaar dwangarbeid, waardoor het Hof werd op ingegaan.
Bron: Gazet van Antwerpen | 23 Januari 1976
Samenvatting
Wat? Gewezen advocaat-generaal Briquet vermoordt zijn vrouw
Wanneer? 8 Augustus 1986
Waar? Rue de la Ronche in Mont-sur-Marchienne » Google Maps
Wie? Corneil Briquet
Wapen: een automatisch pistool, kaliber 7.65mm
Status: Opgelost
Corneil Briquet, een gewezen advocaat-generaal uit Bergen, schoot op 8 augustus 1986 zijn vrouw Francine Dengis dood in hun woning in Mont-sur-Marchienne. Hij liet een brief achter waarin hij sprak van een gezamenlijke zelfmoord, maar onderzoek en getuigenissen wezen op ernstige relatieproblemen, drankmisbruik, financiële schulden en een angstige echtgenote die hem mogelijk wilde verlaten.
Hun zoon vond het lichaam en Briquet werd kort daarna aangehouden. In maart 1988 veroordeelde het Assisenhof van Luik hem voor moord met voorbedachtheid tot twintig jaar dwangarbeid; vier maanden later overleed hij op 60-jarige leeftijd aan een hartaanval in de gevangenis van Nijvel.
Gewezen advocaat-generaal vermoordt zijn vrouw
Corneil Briquet (58), gewezen advocaat-generaal van het Hof van Beroep van Bergen, is in Charleroi aangehouden en opgesloten in de gevangenis van Jamioulx. Hij wordt ervan beschuldigd zijn vrouw Francine Dengis te hebben doodgeschoten.
De feiten werden zaterdagavond ontdekt door de zoon van het echtpaar. Deze trof in de woning van zijn ouders aan de Rue de la Ronche te Mont-sur-Marchienne het lichaam van zijn moeder aan, evenals een brief waarin Comeil Briquet de redenen van zijn daad uiteenzette.
Volgens die brief zou hij besloten hebben samen met zijn vrouw zelfmoord te plegen. Vrijdagavond vuurde Briquet dne schoten af naar zijn vrouw die getroffen werd in het hoofd en in de buik. Nadat de zoon de gerechtelijke autoriteiten had verwittigd werd Briquet teruggevonden in een herberg te Marcinelle.
Toen hij advocaat-generaal was bij het Hof van Beroep van Bergen kwam hij in aanraking met het gerecht. Hij werd in '83 door het Hof van Beroep van Brussel veroordeeld tot twee maanden voorwaardelijk wegens het stelen van 500 frank uit de kas van het cafetaria van het parket van Bergen en wegens het veroorzaken van een ongeval in staat van dronkenschap.
Begin '83 ging hij met vervroegd pensioen. Hij had met financiële moeilijkheden te kampen.
Bron: Gazet van Antwerpen | 12 Augustus 1986
Zaak-Briquet in kortgeding
De kamer van kortgeding zal zich vandaag uitspreken over het arrest dat op 4 september jl. werd geveld door de raadkamer van Charleroi met betrekking tot de wettelijkheid van het gevangen houden van gewezen advocaat-generaal Corneil Briquet.
In augustus werd Corneil Briquet aangehouden wegens moord op zijn vrouw. Daar het hier ging om de gewezen advocaat-generaal van het Assisenhof van Bergen, was de vraag aan de orde of datzelfde hof in deze zaak wel degelijk bevoegdheid had. Voorts had op 3 september het Hof van Cassatie de instanties van Charleroi en Bergen van rechtshandeling ontslagen ten voordele van het Assisenhof van Luik.
Bron: Gazet van Antwerpen | 15 September 1986
Ex-advocaat-generaal van Bergen blijft in cel
Corneil Briquet gewezen advocaat-generaal bij het Assisenhof van Bergen, blijft voorlopig aangehouden. De magistraat doodde begin augustus zijn vrouw.
De Kamer van Inbeschuldigingstelling van Charleroi besliste dat de man in voorlopige hechtenis blijft. De KIB oordeelde dat de vraag van de verdediging om Briquet in vrijheid te stellen wel ontvankelijk was, maar niet gefundeerd.
De verdediger, meester Attout, was de mening toegedaan dat zijn cliënt Briquet onrechtmatig vastgehouden werd.
Het Hof van Cassatie had immers de zaak aan het Hof van Beroep te Bergen onttrokken, vermits verdachte daar jarenlang had gezeteld. Een dag later verlengde de Raadkamer van Charleroi het aanhoudingsmandaat van Briquet met één maand.
Volgens de verdediger was dat onwettelijk.
Bron: Gazet van Antwerpen | 17 September 1986
Cassatieverzoek van advocaat-generaal Briquet verworpen
Het Hof van Cassatie, voorgezeten door de h. Screvens, verwierp vrijdag het verzoek tot verbreking, ingediend door gewezen advocaat-generaal Corneil Briquct uit Bergen. Deze is aangehouden omdat hij in augustus zijn echtgenote had doodgeschoten. Er werd gezegd dat hij met zijn vrouw was overeengekomen om beiden gelijktijdig zelfmoord te plegen.
De magistraat schoot wel zijn echtgenote dood, maar had niet de moed om zichzelf van het leven te beroven. De 58-jarige Corneil Briquet kwam reeds eerder in aanraking met het gerecht. Zo werd hij in 1983 door het Hof van Beroep van Brussel veroordeeld tot twee maanden voorwaardelijk, wegens het stelen van 500 fr. uit de kas van het cafetaria van het parket van Bergen en ook wegens het veroorzaken van een ongeval in staat van dronkenschap.
Begin 1983 ging hij met vervroegd pensioen. Boze tongen beweerden dat hij met financiële moeilijkheden had af te rekenen. Na de moord op zijn vrouw werd de gewezen advocaat-generaal van het Hof van Beroep van Bergen in Charleroi aangehouden en in de gevangenis van Jamioulx opgesloten.
De feiten werden ontdekt door de zoon van het echtpaar. Deze vond zaterdag 9 augustus in de woning van zijn ouders aan de Rue de la Ronche te Mont-sur-Marchienne het lichaam van zijn moeder, evenals een brief waarin Corneil Briquet de redenen van zijn daad uiteenzette.
Daags voordien had Briquet drie schoten afgevuurd naar zijn vrouw, die in het hoofd en de buik werd getroffen. Hierop verwittigde de zoon de gerechtelijke kringen en de dader werd in een café te Marcinelle opgepakt. De voorlezing in cassatie verwees naar een arrest van de Kamer van Inbeschuldigingstelling, geveld op 9 oktober dat de aanhouding van de voormalige advocaat-generaal bevestigde.
Briquet maakte het Hof drie middelen over. Ze hielden verband met de bevoegdheid van de raadkamer te Charleroi, mogelijke tekortkomingen door de onderzoeksrechter te Luik en ook met een beslissing van de KIB te Luik.
Advocaat-generaal Declercq verwierp vrijdag een voor een de drie voorgelegde middelen. In zijn advies werd hij door het Hof van Cassatie zelf gevolgd.
Bron: Gazet van Antwerpen | 20 December 1986
Briquet kon niet opschieten met procureur-generaal van Bergen
Het proces tegen gewezen substituut-procureur-generaal Briquet van Bergen voor het Hof van Assisen van Luik heeft al vanaf de tweede procesdag vertraging opgelopen. Dinsdag begon men met het horen van onderzoeksrechter Deschampheleire, wiens getuigenis eigenlijk voorzien was voor maandagnamiddag.
Uit het onderzoek door Deschampheleire is gebleken dat de relatie tussen substituut Briquet en zijn overste, de Bergense procureur-generaal, erg slecht was. Vanaf zijn eerste dag in functie liet de procureur-generaal aan Briquet weten dat hij “zijn kandidaat niet was en het nooit zou worden”. De procureur-generaal liet zich constant op de hoogte houden van de prestaties van de beschuldigde om hem op fouten te kunnen betrappen.
Hoewel de procureur-generaal geen hoge dunk over de beroepskwaliteiten substituut Briquet, overlaadde hij hem met Assisenzaken, met de bedoeling hem onder de stapel werk te laten bezwijken en hem de achterstand in de rechtspleging te kunnen verwijten. De procureur-generaal liet geen enkele gelegenheid voorbijgaan om kritiek uit te oefenen op Briquet en eiste tenslotte zijn ontslag.
De wetsgeneesheren kwamen voor het Hof verklaren dat zowel de eerste als de tweede kogel die Briquet op zijn vrouw afvuurde, dodelijk waren. Zij situeren het tijdstip van de dood rond 11 u. in de voormiddag en bevestigen dat mevrouw Briquet op slag dood moet zijn geweest.
Volgens kolonel Demanet, die het ballistisch onderzoek gedaan heeft, was het eerste schot (dat mevrouw Briquet niet trof) geen “proefschot”, zoals de beschuldigde beweert, maar een misser. Het eerste en het tweede schot werden vlak na elkaar afgevuurd. Het derde schot is enkele seconden later gevolgd, terwijl de beschuldigde toeliep op het slachtoffer dat op de grond lag.
De drie schoten werden vanop een afstand van 60 tot 70 centimeter afgevuurd met een 7.65 automatisch pistool. De expert wees tevens op een bijzonderheid: na de schoten heeft Corneil Briquet een kogel uit het wapen gehaald en hem opnieuw in de lader gestoken, een handeling die geen zin heeft en waarvoor beschuldigde geen verklaring heeft.
Corneil Briquet had geen vergunning voor de twee wapens die bij hem gevonden werden, evenmin als voor andere die hij al verkocht had. De beschuldigde geeft dat toe, maar heeft er geen verklaring voor.
Tijdens het getuigenis van de expert in ballistiek wijst de openbare aanklager erop dat Briquet zijn beide wapens zorgvuldig geolied heeft vóór de feiten, hoewel het juiste tijdstip daarvan niet kan vastgesteld worden en enkele dagen tot enkele maanden vóór de feiten kan gesitueerd zijn.
De volgende getuige is commissaris Verstraelen van de gerechtelijke politie van Luik. Na de feiten is Briquet naar een vriend gegaan om zich een wapen te verschaffen waarmee hij naar eigen zeggen zelfmoord wilde plegen. Volgens de commissaris wilde Briquet echter het gebruikte wapen ruilen tegen een ander om de indruk te wekken dat de moord door een inbreker gepleegd was. De beschuldigde ontkent dat formeel.
Philippe Briquet
De nu 27-jarige student in de rechten, Philippe Briquet, de zoon van beklaagde en slachtoffer, veegde dinsdagnamiddag de thesis van “de volmaakte verstandhouding” tussen het echtpaar Briquet meteen van tafel. Hij ontkent niet dat zijn vader op beroepsvlak competent was, maar dat is dan ook het enige.
Sinds het ogenblik waarop hij op rust gesteld werd, in 1982, zou de verhouding tussen vader en moeder hand over hand verslechterd zijn. Francine Dengis en hijzelf hadden alle vertrouwen in de beklaagde verloren, omdat hij hen zijn professionele flaters verzweeg. Zelfs zijn op rust stelling en de feiten die eraan vooraf gingen, heeft zijn gezin via de pers moeten vernemen. Dat gold ook voor de berichten over de schulden die de man heeft opgestapeld.
Philippe Briquet, die met zijn moeder kon opschieten, vertelt dat zij dikwijls met hem sprak over de problemen met haar man. Wat Francine Dengis vooral zwaar op de maag lag was de drankzucht van Briquet. Om de goede naam van de familie te redden heeft het slachtoffer daaromtrent slechts een beperkt aantal mensen in vertrouwen genomen.
Volgens Philippe Briquet was het voorval met de armband slechts de druppel die de emmer deed overlopen, en was zijn moeder van plan echtscheiding aan te vragen. Hij geeft ook toe dat er soms harde woorden vielen tussen hem en zijn moeder enerzijds, en zijn vader anderzijds. Getuige ontkent zijn vader ooit te hebben geslagen, maar zegt wel dat hij op vraag van zijn moeder, de beklaagde “manu militari” naar bed heeft moeten leiden, toen hij stomdronken was.
Volgens hem is zijn vader niet tegen alcohol bestand. Drank maakt hem agressief en angstig en doet hem de neiging krijgen om alle bruggen met zijn familie op te blazen.
De moeder van het slachtoffer is niet ter zitting verschenen. Per brief verklaarde ze uit dat ze niet wou dat “haar haat en wraakzucht in de openbaarheid zouden worden gebracht”. Ze verklaarde ook dat ze zich geen burgerlijke partij stelt.
Bron: Gazet van Antwerpen | 16 Maart 1988
Echtpaar Briquet had 500.000 fr. achterstallige huishuur te betalen
Woensdag werden tijdens het Assisenproces tegen Corneil Briquet te Luik die terechtstaat wegens moord op zijn echtgenote Francine Dengis een reeks vriendinnen van het slachtoffer gehoord. Daarnaast werden ook schuldeisers van beklaagde gehoord, onder meer de eigenaar van het huis waarin het echtpaar Briquet woonde, en een juridisch raadgever bij Intercom.
Vijf vriendinnen van Francine Dengis getuigen als uit één mond: “Het was een vrouw die zich nooit beklaagde. Zij was een uitstekende bridge-speelster. Zij concentreerde zich even nauwgezet in het bridgespel als bij het huishouden. Francine was helemaal niet verkwistend en sprak met ons nooit over haar echtgenoot.”
Een van hen zegt : “Sinds het auto-ongeval in 1982 en de historie met de kas van de cafetaria, werden de Briquets uit het mondaine circuit gestoten. Zij werden bijna nergens nog gevraagd of uitgenodigd. Het enige wat Francine nog restte was het bridgespel. Ik denk dat ze onder die sociale afzondering gebukt ging. Ik heb haar daar nooit iets over gevraagd. Uit discretie.”
Een andere vrouw zegt dat zij verscheidene keren heeft vastgesteld dat de Briquets financiële moeilijkheden hadden. Francine leefde erg zuinig. “Ik zelf stelde voor dat ze beter naar de kapster in mijn wijk kon gaan en inderdaad, zij haakte in en was vrij vlug niet langer klant bij haar vroegere gerenommeerde meester-haarkapper.”
Aan het briefje dat na de feiten werd gevonden en waarin stond dat het echtpaar Briquet besloten had om samen zelfmoord te plegen, wordt door de getuigen niet de minste waarde gehecht. “Onmogelijk”, zeggen ze. “Francine was gelovig katholiek en beleed haar godsdienst.” Dit laatste stemt overeen met het getuigenis van de pastoor van Mont-sur-Marchienne.
De huiseigenaar van de Briquets komt getuigen dat het echtpaar de huur van het huis sinds jaren niet meer had betaald. De huurachterstal was omstreeks het ogenblik van de feiten reeds opgelopen tot 500.000 fr. “Nochtans had ik grote eerbied voor het beroep dat de h. Briquet uitoefende. Je stuurt dan ook niet zomaar een deurwaarder naar een magistraat.”
Mvr. Devos die juridisch adviseur is bij maatschappij Intercom getuigt dat de achterstallige rekeningen voor gasverbruik opgelopen waren tot 400.000 fr. “Ons bedrijf had reeds een deurwaarder gezonden en wij waren van plan om eerstdaags beslag op de huisraad te laten leggen.”
Het college van psychiaters en een psycholoog concludeerde - zo blijkt uit hun verklaringen - dat Corneil Briquet op het ogenblik van de feiten en nadien niet zwakzinnig was en in staat zijn daden te beheersen alhoewel hij in een toestand verkeerde van middelmatige mentale onevenwichtigheid, kenmerkend voor een depressieve toestand. Volgens Dr. Goffaux heeft de beklaagde een “schitterende intelligentie gepaard aan een gemakkelijke omgang met mensen en heeft hij een zeker charisma.”
Corneil Briquet is een levensgenieter die zijn gedrag door zijn instincten laat bepalen. Hij drinkt omdat hij dat lekker vindt, maar vertoont geen enkel symptoom van alcoholisme. De beklaagde heeft een kleinburgerlijke moraal die zijn gevoelens beheerst en anderzijds een permanente ongerustheid verbergt.
Volgens Dr. Goffaux zou dat wel eens een verklaring kunnen zijn voor de stelling van de collectieve zelfmoord. De depressie van Corneil Briquet, ontstaan op het moment van zijn pensionering, is “verborgen” gebleven tot enkele weken voor de feiten. Hij heeft iedere zelfachting verloren tot op een punt dat zelfs een kleine aanleiding voldoende was om hem tot daden te doen overgaan. Het is een onrechtstreeks zelfmoord door zijn echtgenote uit te schakelen, zorgde hij ervoor dat hij zelf niet kon overleven.
De expert voegde er evenwel aan toe dat, in het licht van de intellectuele vermogens van de beklaagde en van zijn ondervinding, hij de gang van zaken had kunnen onderbreken.
Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Maart 1988
Het ging steeds slechter in het gezin Briquet
Tijdens de vierde dag van het proces voor het Assisenhof van Luik tegen ex-substituut-procureur-generaal Corneil Briquet, die beschuldigd wordt van moord op zijn echtgenote, kwamen familieleden van het slachtoffer en vrienden van de beschuldigde getuigen.
Afgezien van een zuster en het petekind van Francine Dengis, waren ze geen van allen op de hoogte van de echtelijke moeilijkheden tussen Briquet en Dengis. Een van de broers van het slachtoffer, Jan Dengis, vond de daad van de beschuldigde “onbegrijpelijk voor een man als hij, en magistraat die de gevolgen kent”.
“Ik heb gedacht aan een vlaag van zinsverbijstering. Dit is niet gedaan door de man die ik gekend heb, het is niet de daad van een man die gezond van geest is.”
Christiane Dengis zei dat het slachtoffer er soms over klaagde dat ze een moeilijk leven had en dat haar man “wat te veel dronk”. De getuige merkte ook verscheidene keren dat haar zuster blauwe plekken had. Hoewel Francine Dengis nooit zegde hoe ze daar aan gekomen was, meende Christiane te begrijpen dat ze slaag kreeg van haar man. Christiane Dengis beklemtoonde ook het gespleten karakter van Corneil Briquet; “charmant voor de buitenwereld, maar agressief in zijn gezin.”
Dominique Meert, petekind en vertrouwelinge van het slachtoffer, verklaarde dat “naar het einde toe, Francine Dengis bang was voor de wapens van haar man”. Op de vraag waarom ze Briquet niet verliet, zou het slachtoffer geantwoord hebben: “Je weet niet hoe gevaarlijk hij is. Er zijn hier wapens in huis en als hij gedronken heeft is hij erg sterk.”
Het slachtoffer noemde de sfeer in het gezin “onmenselijk” en sprak erover “binnenkort weg te gaan”, zonder echter ooit van een scheiding te gewagen.
Leden van de Rotary-club en verscheidene filantropische verenigingen waar Corneil Briquet lid van was, omschrijven de beschuldigde als voorkomend en gedienstig, maar zeggen allen dat hij kort vóór zijn benoeming bij het parket-generaal te Bergen is beginnen veranderen en tekenen van onevenwichtigheid begon te vertonen. Hij kwam minder regelmatig naar vergaderingen en betaalde zijn bijdragen niet meer. Niemand van deze getuigen heeft ooit gemerkt dat Briquet teveel dronk.
Na zijn pensionering zocht beklaagde tevergeefs werk; ondermeer bij een advocaat te Charleroi die hij zelfs smeekte om een paar dossiers toevertrouwd te krijgen.
In een ter zitting voorgelezen verklaring van de schoonmoeder van beklaagde, werd hij beschreven als een gedienstig man die evenwel ook “koel, trots en opvliegend” kon zijn. Volgens haar zou hij reeds kort na zijn huwelijk een drankprobleem gehad hebben. Om godsdienstige redenen en om de reputatie van haar zoon niet te schaden, weigerde Francine Dengis van hem te scheiden.
Het moraliteitsverslag van de gerechtelijke politie gaf geen uitsluitsel over het verschil tussen de inkomsten en de lasten. Ook werd niet duidelijk waarvoor leningen ten belope van 1.385.000 fr. dienden.
Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Maart 1988
Twintig jaar dwangarbeid voor Briquet
De jury bij het Assisenhof van Luik heeft bevestigend geantwoord op de vraag of Corneille Briquet schuldig is aan moord op zijn echtgenote. Ook de vraag naar de voorbedachtheid, die nochtans niet weerhouden was door het openbaar ministerie, werd met een ja beantwoord. Na twee uur beraadslaging heeft het Hof Corneil Briquet tot 20 jaar dwangarbeid veroordeeld.
Meester Attout, die met nadruk verwees naar het genuanceerd oordeel van de experten over de schuldvraag, pleitte voor een straf van minder dan vijf jaar. Meester Franchimon vroeg de jury rekening te houden met de leeftijd van de beschuldigde en met verzachtende omstandigheden.
De Luikse Assisenzaal zat vrijdag stampvol voor de slotfase in het proces tegen ex-substituut-procureur-generaal Briquet. In een uitgebreid rekwisitoor heeft advocaat-generaal Spirlet de schuld van Briquet aangetoond. De verdediging pleitte bij monde van meester Attout van de balie van Charleroi niet schuldig wegens een toestand van zware onevenwichtigheid.
Advocaat-generaal Spirlet sloopte eerst de thesis van de “grote liefde” tussen de echtgenoten Briquet, en pakte daarna de stelling aan dat “alle kwaad de schuld was van de procureur-generaal van Bergen”.
“Briquets ambities in Bergen waren te groot, en het was tenslotte niet de procureur-generaal die dronken achter het stuur zat of die geld wegnam uit de koffiekas.”
De advocaat-generaal had het nadien over de “financiële en affectieve wurggreep” waarin de beschuldigde zou gezeten hebben en waarin hij tenslotte ten onder ging. Tegenover zijn echtgenote heeft hij zijn drankprobleem altijd verborgen gehouden “uit fierheid”. Op die manier raakte hij echter vast in een net van leugens waaruit hij niet meer terug kon. In juni 1986 werd Briquet aangemaand tot betaling van 457.000 fr. achterstallige huur en door Intercom in gebreke gesteld voor een rekening van 413.000 fr. Op dat ogenblik was er al maandenlang een beslag op een groot deel van zijn pensioen.
Laatste confrontatie
De laatste confrontatie met zijn echtgenote moet in deze context bekeken worden, aldus de advocaat-generaal, die ervan overtuigd is dat Francine Dengis haar man gezegd heeft dat ze hem wilde verlaten.
“Ik heb u een moord bewezen”, zo besloot de advocaat-generaal zijn rekwisitoor, ik hou niet vast aan de voorbedachtheid die ik niet kan bewijzen, maar de man die voor u staat is een moordenaar.”
Voor de verdediging pleitte meester Attout dat Corneil Briquet bij het parket-generaal te Bergen in een depressieve spiraal terechtgekomen is. De jaren werden gekenmerkt door een “opeenstapeling van vernederingen vanwege de procureur-generaal die de beschuldigde ondermijnd en gedestabiliseerd hebben”.
De hetze bereikt haar hoogtepunt wanneer in februari 1983 de “affaire Briguet” in de pers raakt ingevolge “een lek bij het parket-generaal te Bergen”.
Schulden, sociaal isolement, beroepsproblemen, een snel achteruitgaande gezondheid en een uiteenvallend gezin, worden door de advocaat als verklaring gezien voor de verwording van Corneil Briquet.
De advocaat zei dan tot de gezworenen. “Indien u geen logica vindt in deze gang van zaken, kunt u, op straffe van gerechtelijke dwaling, niet ja antwoorden op de schuldvraag”.
Bron: Gazet van Antwerpen | 19 Maart 1988
Gewezen substituut Briquet sterft in gevangenis
Amper vier maanden nadat hij door het Assisenhof van Luik veroordeeld was tot 20 jaar dwangarbeid, is de gewezen substituut van de procureur-generaal van Bergen Corneil Briquet (60) in de gevangenis van Nijvel aan een hartaanval overleden.
Een bewaker had Briquet vrijdagochtend om 5 u nog aan tafel zien zitten in zijn cel. Eén uur later lag hij dood bij de celdeur. Vermoedelijk heeft hij nog getracht via een belknop hulp te vragen.
Briquet was op 18 maart tot 20 jaar dwangarbeid veroordeeld wegens moord op zijn echtgenote Francine Dengis (50), gepleegd op 8 augustus 1986. Deze misdaad was het laatste in een rij van strafbare feiten waaraan de gewezen magistraat zich schuldig maakte.
Substituut geworden in 1975, had hij in april 1982 in dronken toestand twee personen aangereden. Nadien werd hij ontmaskerd al de dief die uit de cafetaria van de magistraten te Bergen kleine geldsommen had ont-vreemd. Hij nam ontslag "om gezondheidsredenen" maar werd in 1983 wegens de diefstallen en de aanrijding veroordeeld tot twee maanden gevangenisstraf met uitstel, 15.000 fr boete en drie maanden rijverbod.
Toen hij uit geldnood een juweel van zijn echtgenote had verkocht, ontstond met haar een felle discussie die de vrouw met haar leven zou bekopen. Briquet vuurde drie kogels op haar af. Het stoffelijk overschot werd daags na de moord door de zoon ontdekt.
Briquet bleef na zijn veroordeling slechts enkele weken in de Lantin-gevangenis te Luik en werd daarna naar Nijvel gebracht waar hij als corrector in de drukkerij werkte. De jongste tijd werkte hij ook aan een dossier dat hij bij het Europees Hof in Straatsburg aanhangig wou maken om er de opschorting van zijn pensioen te betwisten.
Bron: Gazet van Antwerpen | 26 Juli 1988
Procès Becker: plaidoiries à partir de jeudi
Les derniers témoins de moralité ont été entendus mardi après-midi au quatrième jour du procès de Daniel Becker, 63 ans, ses fils Laurent, 43 ans, et Johnny, 41 ans, ainsi que René Claus, 48 ans.
Les accusés doivent répondre, devant la cour d’assises du Hainaut, présidée par Olivier Delmarche, du meurtre d’André Maroy, pour faciliter le vol, dans la nuit du 4 au 5 mai 1991, à Anzegem-Kaster (Courtrai).
Aucune partie civile n’est présente au procès. Les faits remontent à 22 ans et, depuis lors, Elza Desmet, l’épouse de la victime, est décédée ainsi que leur fille unique. Un voisin du couple a confirmé qu’il était de notoriété publique à Kaster que le couple, qui tenait le café “Het Oud Gemeentehuis”, possédait des biens.
Leger V., ancien facteur à Kaster, connaissait très bien la victime et son épouse, qu’il a décrites comme simples, plaisants et qui vivaient de manière sobre et économe. “Des braves gens”, a indiqué le témoin, qui a également confirmé que dans le village, les riverains savaient que financièrement le couple était à l’aise.
L’instruction d’audience s’est achevée avec les témoignages des proches des accusés venus brosser leur portrait
Daniel Becker est le fils de Marie C. et d’un gitan. À ses huit ans, lui et son frère ont été reconnus par Jean Becker, le nouvel époux de leur mère. Treize enfants sont issus de cette union. Durant les années 1990, une dispute a éclaté au sein de la famille, la divisant en plusieurs clans. Les raisons restent nébuleuses mais il semblerait que ce soit la filiation qui se trouve à l’origine du conflit.
L’audience reprendra jeudi matin, avec le réquisitoire de l’avocate générale, Ingrid Godart, et les plaidoiries de la défense.
Bron: 24 April 2014
Bende van Nijvel → Posts by Ben
Powered by PunBB, supported by Informer Technologies, Inc.