Op Amory kon de bende Bouhouche niet rekenen om de box 'Louise' leeg te maken maar gelukkig had Beijer zelf de zaak aangepakt toen de listings in beslag werden genomen. Hij pakte uit met één van zijn geheime aanvalswapens, de 'Chinees'. Aan het eind van de maand oktober had zijn vrouw Viviane aan zijn vriend Chang gevraagd om een transport te doen. Chang kende geen precisering, zei hij later tegen de speurders, en hij had bedankt voor de eer.
Maar in februari en maart 1988 bekende Chang dat hij box 'Louise' had opgeruimd op verzoek van Viviane. Ze gaf de sleutel. De maandag nadien kwam Viviane hem zeggen dat hij transport niet moest doen, want de garage was 'verbrand'.
Volgens de akte van beschuldiging verhuisde Chang de wapens uit box 'Louise' in de nacht van 6 op 7 november tussen drie en negen uur 's ochtends. Chang vertelde tijdens het onderzoek: "Ik kreeg geen precieze instructies. Ik snapte dat ik alles maar moest dumpen. Ik ben meteen na dat gesprek naar de garage gegaan om mijn opdracht uit te voeren. Ik kwam daar rond 18u30. Ik heb het transport te voet gedaan, zonder wagen. Ik ben vijf keer in de garage geweest. De munitie werd in twee keer naar de Kruidtuin gebracht, en in twee keer naar de plantsoenen aan de ULB."
Het is een wonderlijk beeld, een Chinees die midden in de nacht vanaf de Louizalaan vier keer over en weer het centrum van Brussel doorkruist met een spade in de ene hand en zakken wapens en munitie in de andere. Grote hoeveelheden wapens en munitie werden teruggevonden. In de spoelbak van zijn toilet vond de politie daadwerkelijk een H&K 9mm en ook op een stuk brakke grond in Ukkel werden wapens opgegraven.
Onderzoeksrechter Hennart probeerde een scenario uit de Chinees te persen. Hij vroeg:
Hebt u de wapens bekeken die u mee naar huis had genomen?
Chang antwoordde: "Ja, ze waren schoon en in goede staat, er zat geen roest op. Ik heb ze in een plastic zak gedaan in de staat waarin ze waren. Ik bedoel dat ik ze niet geolied of gepoetst heb. Ik heb ze gebracht naar de plek waar ik later de speurders naartoe heb gebracht, en waar ze teruggevonden werden. Dat heb ik de dag nadien gedaan..."
Hebt u over het transport met Beijer gepraat?
"Ja, na zijn vrijlating heb ik Robert nog gezien en ik heb hem gezegd wat ik gedaan hem met de zaken die ik verhuisd had. Toen ik wilde zeggen wat ik met de wapens gedaan had, heeft hij me onderbroken. Hij zei dat hij het niet wilde weten en dat ze voor zijn part mochten rotten en roesten waar ze waren. Ik ben pas teruggekeerd naar de plek waar ik de wapens gedumpt had met de speurders. Na dit gesprek heb ik meneer en mevrouw Beijer niet meer teruggezien."
Beijer ontkende het transport niet bij de onderzoeksrechter, maar er zat in de garage alleen materiaal dat gebruikt werd in de Washuisstraat, en verder de gestolen Toyota, munitie en een wapenonderdeel dat Anna Bouhouche daar gebracht had.
Bron: Beetgenomen | Hilde Geens