1,421

(0 replies, posted in 1980-1989)

Samenvatting

  • Wat? Roofmoord op een alleenstaande vrouw

  • Wanneer? 27 September 1983

  • Waar? Jozef Meganckstraat 45 in Aalst » Google Maps

  • Wie? Luc Spitaels

  • Status: Opgelost, de dader werd in maart 1984 geïnterneerd.

Enkele dagen na de moord werd een robotfoto verspreid van de dader.

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/robotf22.jpg

Alleenstaande vrouw vermoord te Aalst

In een bescheiden huisje in de Jozef Meganckstraat te Aalst werd zondagavond het stoffelijk overschot gevonden van de ongehuwde en alleenwonende Christel De Boitselier (42). De vrouw was gewurgd en dan de keel overgesneden. Christel De Boitselier woonde nog niet lang in de Jozef Meganckstraat. Zij leefde voordien in een van de woonblokken in de Raffelgemstraat te Aalst, maar toen haar moeder begin dit jaar overleed, besloot zij het appartement te verlaten.

Net voor de vakantie kwam zij dan naar haar nieuw adres. Zij werkte als bediende bij de posterijen in Brussel X en had weinig of geen omgang met de buren in deze zijstraat van de Aalsterse binnenstad.

Dat zij na vorige dinsdag 27 september niet meer werd opgemerkt, en dat ook de rolluiken bestendig naar beneden bleven, wekte aanvankelijk geen argwaan. Maar de post bleef zich opstapelen in de brievenbus en vorige zaterdag kwam iemand bloemen op de stoep leggen, die eveneens niet weggenomen werden.

Voor buurvrouw Yvonne Luyckx uit het huisje nr. 20 was dit zondag voldoende om de politie te waarschuwen. Men raakte niet binnen, maar er werd wel vastgesteld dat de lichten brandden en dat de hond blaffend in huis rondliep.

Toen de politie dan zondagavond binnenbrak vond men in de slaapkamer het stoffelijk overschot van de bewoonster. Aan de kledij wees niets er op dat het om een lustmoord zou gaan. Hoogstens dat de vrouw de persoon kende die aanklopte. Er waren wurgsporen en snijwonden aan de keel.

Mw. Christel De Boitselier had bij haar intrek in de Jozef Meganckstraat nogal wat antieke meubelen laten afladen. Er was trouwens enkele dagen geleden een aankondiging geplaatst in een plaatselijk reclameblad, waarin zij een gedeelte van deze meubelen te koop aanbood.

Dit had als gevolg, aldus enkele buren, dat er de voorbije dagen heel wat bezoekers waren ’s avonds. Vorige dinsdag heeft men het slachtoffer nog gezien, toen zij rond 17u de rolluiken naar beneden liet en dan per fiets vertrok.

Een andere buurman heeft haar rond 20u op de stoep van haar huis zien praten met een man. Die avond werd rond 22u30 in die straat het plaatselijk advertentieblad bedeeld, en dat stak zondag nog in de bus Men kan dus de conclusie trekken dat Christel De Boitselier vorige dinsdag tussen 20u en 22u00 om het leven werd gebracht.

Het parket van Dendermonde kon gisteren geen mededeling doen over eventuele dader(s). “Een voorsprong van vijf dagen is niet gering”, was het commentaar.

Bron: Gazet van Antwerpen | 4 Oktober 1983

Moordenaar van Aalst gezocht

Zondagavond 2 oktober werd in haar woning aan de Jozef Meganckstraat 45 te Aalst de daar alleenwonende Christel De Boitselier, geboren te Aalst 30/12/1940, dood aangetroffen. De vrouw werd vermoedelijk in de loop van dinsdagavond 27 september vermoord. De dader(s) is (zijn) tot op heden onbekend.

De laatste dagen vóór de feiten had het slachtoffer vermoedelijk contact met een man, gelijkend op bijgaande robotfoto en beantwoordend aan volgende persoonsbeschrijving: 40 à 50 jaar • 1m75 à 1m80 groot, mager en langwerpig aangezicht, dunne lippen, uitstekende jukbeenderen, hoekige kin, normale gelaatskleur, niet te dikke wenkbrauwen, blond haar dat wel de indruk geeft dat het om een pruik gaat.

De persoon werd enige keren opgemerkt met een bril met dikke montuur en verplaatst zich met een grijze fiets. Volgens getuigen droeg de man een wit hemd met col van lichte kleur, een das zonder motieven en een volledig grijs pak, en donkere schoenen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 20 Oktober 1983

Jongeman bekent moord op alleenstaande vrouw te Aalst

De man die op dinsdag 27 september jl. in haar woning, Jozef Meganckstraat te Aalst, de alleenwonende Christel De Boitselier (42) wurgde en daarna de keel oversneed, heeft bekend. Het betreft een jongeman uit de buurt, die sedert 28 oktober was aangehouden omwille van een aantal brandstichtingen.

Het stoffelijk overschot van de vermoorde ongehuwde vrouw werd pas ontdekt op zondagavond 2 oktober. Buurvrouw Yvonne Luyckx waarschuwde die dag de stedelijke politie van Aalst, omdat sedert de dinsdag voordien Christel De Boitselier niet meer was gezien en sedert die dag waren ook de rolluiken naar beneden gebleven en bleef de post zich opstapelen.

De politie merkte dat in de woning de lichten brandden en dat de hond blaffend in huis rondliep. Men besloot dan binnen te breken en in de slaapkamer deed men een gruwelijke ontdekking. Christel De Boitselier lag dood op bed, duidelijk eerst gewurgd en daarna de keel overgesneden. Aan de kledij was niets te merken dat in de richting van een echte lustmoord wees.

Advertentie

Van meet af aan hebben de onderzoekers onder leiding van de Dendermondse onderzoeksrechter Johan Serrus veel aandacht besteed aan de advertentie die het slachtoffer enkele dagen vóór haar dramatische dood in een plaatselijk publiciteitsblad had geplaatst en waarin zij enkele antieke meubelen te koop aanbood. Zij was na het overlijden van haar moeder van een ruim appartement naar de wat bescheidener woning in de Jozef Meganckstraat verhuisd, en had er kennelijk wat plaatsgebrek.

Op 28 oktober werd Luc Spitaels (21), Valerius De Saedeleerstraat te Aalst, opgepakt en nadien onder aanhoudingsmandaat geplaatst wegens brandstichting in een tuinhuisje van een buurman. Het onderzoek wees vlug uit dat deze jongeman ook in aanmerking kwam voor andere brandstichtingen, zoals bij de verffabriek PVBA Los Blancos langs de Ledebaan te Aalst.

Omdat de Valerius De Saedeleerstraat in de onmiddellijke omgeving ligt van de Jozef Meganckstraat, werd Luc Spitaels ook een en ander gevraagd over Christel De Bollselier en haar gewelddadig einde. En tamelijk plots ging hij tot bekentenissen over.

Zoals de onderzoekers steeds verondersteld hebben, was Luc Spitaels inderdaad op de advertentie ingegaan. Hij kende de vrouw, die pas sedert juni in de buurt woonde, omdat zij af en toe met haar hond een wandeling maakte. Hij voelde zich sterk door haar aangetrokken, hoewel zij zijn moeder had kunnen zijn.

Toen Luc Spitaels aanbelde, geloofde Christel De Bollselier aanvankelijk niet dat hij een kandidaat-koper was, maar liet hem toch binnen. Onmiddellijk deed hij haar bepaalde voorstellen. De verschrikte vrouw begon te gillen en sloeg op de vlucht. Hierop greep hij haar vast en wurgde haar. Omdat hij niet zeker was dat ze echt dood was, diende Luc Spitaels haar nog enkele messteken toe.

Bron: Gazet van Antwerpen | 16 November 1983

Aalsterse moordenaar geïnterneerd

De Dendermondse raadkamer besliste de 21-jarige Luc Spitaels te laten interneren. Deze jongeman bekende op 27 september van vorig jaar de 40-jarige Christel De Boitselier in Aalst te hebben vermoord.

Bron: Gazet van Antwerpen | 12 Maart 1984

1,422

(0 replies, posted in 1980-1989)

Samenvatting

  • Wat? Moord op een autobestuurder

  • Wanneer? 3 April 1980

  • Waar? De weg Charleroi-Beaumont in Donstiennes » Google Maps

  • Wie?
    - Bernard Finet
    - Marguerite Fracaro
    - Een minderjarige

  • Wapen? Drie kogels uit een wapen, kaliber .22

  • Status: Opgelost

Bernard Finet en zijn vrouw Marguerite Fracaro hebben enkele dagen na de feiten zelfmoord gepleegd nabij de mijnschacht van het Bois du Cazier in Marcinelle.

Automobilist doodgeschoten te Donstiennes

Donderdagnamiddag kort na 18 uur werd in de sloot naast de weg Charleroi-Beaumont op het grondgebied Donstiennes het lijk gevonden ven François Creusen (47) uit Gozée.

De eerste vaststellingen lieten vermoeden dat het slachtoffer de schedel werd ingeslagen met een knuppel. De lijkschouwing heeft uitgewezen dat de man door drie kogels werd vermoord, afgevuurd met een wapen van kaliber 22. Twee projectielen bleven in de schedel steken, één drong door de romp langs de rug.

Het lijk werd ontdekt door een voorbijrijdend automobilist die net had gezien hoe Creusen plotseling achter het stuur van een wagen in elkaar zakte. Naar het schijnt stond de wagen op de berm van de weg stil en reed even later in volle vaart weg.

Toen het nieuws de ronde deed dat er een moord was gepleegd, kwamen verscheidene automobilisten die omstreeks dat uur op de weg Charleroi-Beaumont voorbijreden bij de gerechtelijke politie en de rijkswacht van Charleroi verklaringen afleggen. De meesten hadden onderweg drie jongeren zien stappen: twee jongens en een meisje met rosse haren.

Aangenomen wordt dat de drie wel eens iets te maken zouden kunnen hebben met de moord. Creusen zou gestopt hebben om de drie mee te nemen maar zij zouden hem onmiddellijk hebben neergeschoten en het lijk in de sloot geduwd. Het is duidelijk dat de drie een auto wilden bemachtigen en daarom Creusen doodschoten. Of Creusen iemand van de drie kende, is niet te achterhalen hoewel dit een verklaring zou kunnen zijn voor het feit dat de automobilist op enkele kilometers van zijn woning nog stopte om de drie mee te nemen, die in de plassende regen liepen.

Van de gestolen wagen, een zilvergrijze Peugeot 504, nummerplaat DSS-587, is nog geen spoor.

Bron: Gazet van Antwerpen | 5 April 1980

Moord van Donstiennes te Brugge opgehelderd

Dank zij een bijzonder gedegen aanpak door de BOB Brugge is de gruwelijke moord op de autobestuurder François Creusen (47) uit Gozée, waarover we in het blad van zaterdag reeds verslag hebben uitgebracht vrijwel volledig geklaard.

In ieder geval is de dader gekend, een marinesoldaat uit Charleroi, gekazerneerd in het opleidingscentrum te Sint-Kruis-Brugge. Voorlopig is hij nog voortvluchtig, doch men verwacht dat hij eerstdaags zou kunnen gesnapt worden.

Nog even herinneren aan de feiten. Donderdagnamiddag omstreeks 18u nam François Creusen, op de baan Charleroi-Beaumont, drie jonge lifters mee: een marinesoldaat, zijn echtgenote en een jongen van circa 17 jaar.

Uit de verklaringen van de te Brugge gesnapte minderjarige weet men dat de oudste der lifters, marinesoldaat Bernard Finet (20), die zijn militaire dienstplicht te Brugge vervult, kort na te zijn ingestapt Creusen aanmaande te stoppen.

Creusen voldeed aan het verzoek in de veronderstelling dat de lifters wensten uit te stappen. Toen evenwel bleek dat niet zij maar Creusen zelf diende uit te stappen op bevel van Finet, weigerde de chauffeur die de motor weer startte en in volle vaart doorreed.

Op dat ogenblik haalde Finet een revolver boven die hij kort voordien ten nadele van zijn grootmoeder in Charleroi had ontvreemd, en vuurde drie kogels af. Zwaar getroffen zeeg Creusen dood achter het stuur neer, waarna het lijk in een sloot werd geworpen.

Met Finet achter het stuur reden ze gedrieën naar Brugge, en wel naar het appartement Langestraat 99 waar Bernard Finet en zijn echtgenote sinds hun huwelijk in januari jl. wonen. De wagen werd geparkeerd in de belendende Rodestraat waarna Finet zijn minderjarige vriend de opdracht gaf in de loop van vrijdag naar Oostende te reizen. Daar diende hij een auto op te sporen van hetzelfde merk (Citroën), kleur en bouwjaar. Eens die gevonden diende hij de nummerplaten af te vijzen en deze aan te brengen aan de in de omgeving van Charleroi gestolen auto, derwijze dat de speurders zouden misleid worden.

Arsenaal

Terwijl vrijdagvoormiddag Finet en zijn echtgenote per trein naar Charleroi reden met de belofte zaterdagavond terug te keren, ging de minderjarig jongen, die net als zijn vriend afkomstig is uit Charleroi, naar Oostende, vond er de geschikte wagen en keerde met de nummerplaten terug.

Intussen hadden leden van de BOB de gestolen en gesignaleerde wagen bemerkt in de Rodestraat. Toen de minderjarige vrijdagnamiddag opdook, werd hij gesnapt.

Hij legde volledige bekentenissen af waarna een huiszoeking werd verricht op het appartement van Finet. Daar trof men niet minder dan drie pas aangekochte geweren aan (een Winchester en twee long-rifles), alsmede een grote hoeveelheid (over de 1.000 stuks) kogels en een splinternieuw zendapparaat. Bovendien vond men er stapels literatuur over diverse subversieve activiteiten. De BOB heeft vrijdagavond en zaterdag een discrete bewaking uitgevoerd rond het appartement maar wie niet kwamen opdagen waren Finet en zijn echtgenote.

In Charleroi hadden ze vernomen dat het gerecht hun op de hielen zat, zodat ze het wijselijk achtten de plaat te poetsen. Sindsdien zijn Finet en zijn echtgenote spoorloos. De minderjarige werd inmiddels overgebracht naar Charleroi, waar hij ter beschikking van de jeugdrechter werd geplaatst.

De vraag die men zich in gerechtelijke kringen stelt, is waarom Finet dergelijke hoeveelheid wapens en munitie wel kon nodig hebben. Men vermoedt dat hij een of andere ondergrondse activiteit in binnen- of buitenland op het oog had, maar precies dewelke heeft men nog niet kunnen achterhalen. Inmiddels wordt er wel rekening mee gehouden dat Finet naar het buitenland, meer bepaald naar Italië, is gevlucht.

Bron: Gazet van Antwerpen | 8 April 1980

Dubbele zelfmoord sluit zaak-Donstiennes af

De zelfmoord van het echtpaar Finet, gezocht voor de moord op autobestuurder Creusen uit Gonzée, betekent het even onverwacht als tragische einde van de zaak-Donstiennes.

Vorige zaterdag brachten wij het verhaal, hoe Creusen drie lifters meenam in zijn wagen die eerder aan autoroof dachten dan aan goedkope verplaatsing. Te Donstiennes werd Creusen doodgeschoten, werd zijn lijk in een gracht gerold en ging het drietal er met de wagen van door richting Brugge.

Een van de drie, een minderjarige, zou daar de gestolen wagen voorzien van valse nummerplaten terwijl de twee anderen, het echtpaar Finet, met de trein terug vertrok naar Charleroi.

De knaap werd daarbij betrapt en voorgeleid en uit zijn mond vernam de rijkswacht het ganse verhaal, waarop ijverig het zoeken werd ingezet naar het intussen spoorloze echtpaar.

Deze fase van de zaak-Donstiennes verscheen in ons blad van dinsdag. Donderdag om 15u vond de BOB de lijken van Bernard Finet en zijn echtgenote Marguerite Fracaro, hand in hand, bij de steenkolenschacht van Bois du Cazier te Marcinelle. Ze hadden zich met een revolver door het hoofd geschoten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 11 April 1980

1,423

(140 replies, posted in 1985)

Breda72 wrote:

Je kunt stellen dat de speurders de Golf er niet op gezet hebben en dat er wel een verband is maar dat zou in mijn ogen onbestaanbaar zijn.

De site is geen kopie van het dossier. De site is slechts een oproep tot getuigen voor bepaalde feiten. De reden waarom de diefstal in Erps-Kwerps er eerst wel op stond, maar sinds enkele jaren niet meer, is me niet gekend. Maar het is verkeerd om te concluderen dat het geen Bende-feit is omdat het niet op de site staat.

Xenophon wrote:

Maar het vereiste detailkennis over de gebruikte systemen. Je moest exact weten hoe het beveiligd was, waar en hoe je binnen raakte plus wat de reactietijd was en de patrouillerondes.

Men focust in Erps-Kwerps altijd op de bewaking of een werknemer van d'Ieteren als leverancier van "inside informatie". Maar wie kent het systeem van die omheining het beste (en wist hoe het te omzeilen was)? De firma en arbeiders die de omheining geplaatst hebben of de firma en arbeiders die de omheining of het alarm moesten onderhouden of keuren.

Xenophon wrote:

Als ze de poort - er waren er meerdere op de site die inderdaad zeer groot is (ze is er nog steeds, weliswaar niet helemaal op dezelfde plek) hadden geforceerd en weggereden waren met een wagen en daarbij schoten op bewakers, ok, dat was - voor zover we weten - hun stijl. Maar zo ging het niet.

Nee, zo ging het niet. Net omdat de beveiliging ondermaats was. Er zullen nooit genoeg veiligheidsmensen geweest zijn om het hele terrein adequaat te beveiligen. Waarschijnlijk gingen zowel D’Ieteren als de beveiligingsfirma er van uit dat geen enkele crimineel zo stom zou zijn om bij hen een auto te komen stelen, net omdat je op straat of in één van de vele garages ook een auto kon stelen, met een pak minder risico’s.

Daarnaast zal iedere firma die slachtoffer is geweest van een inbraak publiek verklaren dat de beveiliging ontzettend goed was, net om herhalingen van de misdaad te voorkomen. Maar in realiteit is dit vaak niet het geval.

patrick111 wrote:

Klopt dit? Heeft Salesse samen met De Staerke een gelijkaardige inbraak en diefstal gepleegd eind jaren 1970? En hoe gelijkaardig was die dan? En hoe zijn ze eigenlijk veroordeeld voor die misdaad? Was de inbraak dan mislukt en zijn ze betrapt? Of hebben ze de gestolen auto nadien teruggevonden bij Salesse (of zijn maat) en is de bal zo aan het rollen gegaan?

En Salesse was een autokenner die vermoedelijk wel makkelijk met de schroevendraaier elke auto kon stelen die hij wilde. Dus waarom al die moeite?

Goede vraag: klopt dit verhaal over Salesse wel? Ik heb nog nergens een officiële bevestiging gelezen dat Salesse ooit een auto heeft gestolen in Erps-Kwerps. Ik vermoed dat dit een versie is van de Delta-cel, die later overgenomen werd door Dupont en Geens.

Aangezien Salesse niet betrapt werd en de diefstal ontkent zijn er twee mogelijkheden: ofwel liegt hij en heeft hij wel daar wel een auto gestolen eind jaren '70, ofwel liegt hij niet en gaat het om een tot op heden nog onbekende dader.

1,424

(163 replies, posted in Andere)

Misschien hebben noch Cocu, noch De Staerke iets te maken met de Bende van Nijvel. Cocu is voor verschillende feiten vrijgesproken door het Hof van Assisen en voor Philippe De Staerke hebben ze zelfs nooit voldoende bewijzen gevonden om hem voor de rechter te brengen.

1,425

(3 replies, posted in Overzicht Bendes)

In oktober 1972 stond de bende terecht voor het assisenhof van Brabant. Jean Caporale werd veroordeeld tot 25 jaar dwangarbeid en na het uitzitten van deze straf zal hij 20 jaar lang ter beschikking blijven van de regering. De drie overige beklaagden, waaronder Luc Sibille, kregen elk 20 jaar dwangarbeid. Het viertal werd bovendien levenslang beroofd van zijn politieke en burgerrechten.

Jean Caporale en bendeleden maandag voor Assisenhof

Maandag zal de gangsterbende Caporale verschijnen voor het Assisenhof van Brabant, voorgezeten door raadsheer Screvens. Behalve de 43-jarige Jean Caporale, een handelsdirecteur zonder gekende woonplaats, zullen de 37-jarige Jean Leclercq, decorateur, ingeschreven Bloemenstraat te Brussel, de 29-jarige Luc Sibille, caféhouder uit Waterloo en de 25-jarige Luc Deschrijver, bediende zonder gekende woonplaats, terechtstaan.

De beschuldiging vermeldt dat de vier betichten rechtstreeks of onrechtstreeks de hand hadden in twee gewapende overvallen. In het eerste geval betreft het de hold-up gepleegd op 9 april 1970, in een kantoor van de Generale Bankmaatschappij te Watermaal-Bosvoorde. Hierbij werd de gerant, de h. Paul Ravet, neergeschoten en werd 291.000 fr. buitgemaakt. Op 9 maart 1970, werd nog een overval gepleegd in een kantoor van de Bank van Brussel, te Overijse, waarbij dit keer 260 000 fr. werd geroofd.
Sibille en De Schrijver waren rechtstreeks bij deze overvallen betrokken, doch de feiten werden volgens de beschuldiging gepland door Caporale en Leclercq, die nochtans alle medeplichtigheid loochenen.

Sibille alleen overviel nog op 12 augustus 1970 de bediende van een wisselagent, de 69-jarige Viktor Gulden, die hij met de kolf van zijn revolver neersloeg en vervolgens van 55.000 fr. en 500 DM. beroofde. Bij deze feiten worden eveneens Caporale en Leclerq beschuldigd van medeplichtigheid, wat ze nogmaals ontkennen.

Jean Caporale wordt verdedigd door Mr. Guy François, Jean Leclercq door Mr. José Saels, Luc Sibille door Mr. Pascale Van der Veeren en Luc De Schrijver door Mrs. André Dumont en Erik Vergauwen.

Advocaat-generaal Decant vertegenwoordigt het openbaar ministerie. Er wordt een 50-tal getuigen gehoord. Vermoedelijk zullen de debatten anderhalve week in beslag nemen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 28 September 1972

Bendeleider Caporale pleit onschuldig

Voor het Assisenhof van Brabant, voorgezeten door raadsheer Screvens, begon maandag het proces van vier gangsters beschuldigd van deelname aan verschillende hold-ups, gepleegd in het Brusselse en omgeving. Het zijn de 43-jarige Jacques Caporale, handelsdirecteur zonder gekende woonplaats, de 37-Jarige Jean Leclercq, decorateur, Bloemenstraat 18 te Brussel, de 29-jarige Luc Sibille, caféhouder, Brusselsesteenweg 77 te Waterloo, en de 26-jarige Luc De Schrijver, bediende, zonder gekende woonplaats.

Het viertal wordt ervan beschuldigd betrokken te zijn geweest bij twee overvallen, gepleegd op 9 maart en 9 april 1970. Bij de eerste overval gepleegd ten nadele van de Bank van Brussel te Overijse, werd door Sibille en De Schrijver een bedrag van 260.000 fr. buit gemaakt. Bij de tweede overval, gepleegd in het kantoor van de Generale Bankmaatschappij te Watermaal-Bosvoorde werden eveneens door Sibille en De Schrijver 219.000 fr. geroofd. Tijdens die overval werd de gerant van de bank, de h. Paul Van Ravet, neergeschoten.

Volgen Sibille en De Schrijver werden deze twee overvallen op touw gezel door Caporale en Leclercq, maar die ontkennen.

Eén derde overval werd gepleegd op 12 augustus 1970 door Sibille alleen. Een 69-jarige wisselagent, de h. Victor Gulden, werd hierbij neergeslagen met de kolf van een revolver en Sibille roofde toen 55.000 fr. 500 DM. Ook deze overval zou gepland zijn door Caporale en Leclercq, wat deze laatsten nogmaals loochenen.

Schuilplaats

Caporale, Leclercq en Sibille werden op 31 augustus 1970 aangehouden in een villa aan de Tulpenstraat te Kraainem. Daar werden twee verschillende schuilplaatsen verscheidene vuurwapens en een grote hoeveelheid munitie ontdekt.

Jacques Caporale werd reeds in december 1952 door het assisenhof van Brabant veroordeeld tot 12 jaar dwangarbeid, wegens deelname aan gewapende overvallen.

Caporale wordt verdedigd door Mr. Guy François, Leclercq door Mr. José Sael , Sibille door Mr. Pascal Vander Veeren en De Schrijver door Mr. André Dumont en Erik Vergauwen, Het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door advocaat-generaal De Cant, terwijl Mr. Robert Leclercq en Guy Delfosse de belangen van de burgerlijke partijen zullen verdedigen. De jury omvat evenveel dames als heren. Reeds na de voorlezing van de akte van beschuldiging deelden Mr. François en Saels mee dat Caporale en Leclercq onschuldig zullen pleiten. Deze twee beklaagden verschenen in een vrij slordige kledij voor de juryleden: beiden droegen een grove overjas met hemd zonder das.

Vermagerd

De ondervraging van Caporale nam een ganse namiddag in beslag. Sinds zijn arrestatie in augustus 1970, is hij 43 kg. vermagerd. Zijn slordige kledij weet hij aan het feit dat zijn kleren werden gestolen door zijn vriendin, Juliette Leclercq, zuster van beklaagde Jean Leclercq. Caporale beweerde niets te maken te hebben met de overvallen. Hij zou makelaar in onroerende goederen zijn geweest, maar kon dit niet bewijzen. Hij had geen bewijsstukken omdat alles in het geheim gebeurde, kwestie van geen belastingen te moeten betalen. Om Indruk te maken op de jury vertelde hij ook een tijd lang zijn kost te hebben verdiend met het vervoer van gehandicapte kinderen.

Voorzitter creven liet opmerken dat Caporale aanzienlijke sommen uitbetaalde om schulden te dekken, telkens Sibille en De Schrijver een slag hadden geslagen. Caporale antwoordde hierop dat hij geld leende van zijn vrouw, van wie hij gescheiden leeft. Zij zou hem 300.000 fr. geleend hebben, maar ook dit kon hij niet bewijzen.

Op de vraag waarom bij zich, tot de tanden toe gewapend, in de villa te Kraainem verschool in een hol beneden de open haard toen de politie binnenviel, zei hij dat het zien van een rijkswachter hem schrik aanjaagt.

Van beklaagde Leclercq werd vernomen dat de tuin rond die villa 78 aren groot was en ’s avonds verlicht werd met koplampen van auto's.

De ondervraging gaat vandaag verder.

Bron: Gazet van Antwerpen | 3 Oktober 1972

Caporale hield buit van overval voor zichzelf

Voor het Assisenhof van Brabant werd dinsdag het proces voortgezet tegen de vier gangsters die verscheidene overvallen In het Brusselse op hun geweten hebben. De 43-jarige Jean Caporale, de 37-jarige Jean Leclercq, de 21-jarige Luc Sibille en de 26-jarige Luc De Schrijver pleegden o.a. een hold-up in een bank te Watermaal-Bosvoorde en roofden er 291.000 fr. De gerant, Paul Ravet, werd toen neergeschoten.

Volgens de beschuldiging heeft het viertal ook de bankoverval te Overijse, die op 9 maart 1970 een som van 260.000 fr. opbracht, op zijn kerfstok. Caporale, Leclercq en Sibille worden er tevens van verdacht op 12 augustus 1970 de 69-jarige bediende van een wisselagent, de h. Victor Gulden, te hebben overvallen en hem van 55.000 fr. In Belgisch geld en 500 DM te hebben beroofd.

In uniform

Voorzitter Screvens voelde dinsdag beklaagde De Schrijver aan de tand in verband met de overval te Watermaal-Bosvoorde. De Schrijver zegde dat hij onmiddellijk na de feiten met Sibille naar de Herdersstaflaan te Oudergem reed, waar zij door Caporale werden opgewacht. Caporale bracht het tweetal met zijn wagen naar de villa te Kraainem, waar de bende sinds geruime tijd een onderkomen had gevonden.

Van de buitgemaakte 291.000 fr. mochten Sibille en De Schrijver geen frank voor zich houden. Caporale stak alles op zak en overhandigde nog dezelfde avond 50.000 fr. onder omslag aan de broer van beklaagde Sibille, die als kelner werkte in een café dichtbij de bank die werd overvallen.

Tijdens die overval te Watermaal-Bosvoorde waren Sibille en De Schrijver als paracommando gekleed. De uniformen werden later door Leclercq in het kanaal geworpen.

Dinsdag werd ook Caporale op de rooster gelegd. Hij vertelde dat hij als makelaar In onroerende goederen wel 1.300.000 fr. verdiende. Advocaat-generaal De Cant begreep niet waarom hij zoveel schulden had en zelfs de gas- en elektriciteitsrekeningen niet kon betalen.

Sibille werd ondervraagd over de overval op de 69-jarige wisselagentbediende. Sibille liep tijdens de vechtpartij een blauw oog op. Caporale verklaarde wel te hebben gezien dat Sibille een blauw oog had, doch hij dacht dat zijn makker eenvoudig uit een boom was gevallen en zich had gekwetst.

Voorzitter Screvens vroeg aan Sibille of hij bij elke overval “de poen” opeiste van zijn slachtoffers. “In geen geval de poen mijnheer de voorzitter. Ik was telkens beleefd en vroeg daarom altijd om het geld.”

“Wat niet belette dat u Paul Ravet een kogel in de buik schoot”, aldus de voorzitter.

Getuigenverhoor

Het getuigenis van onderzoeksrechter Ooms nam het grootste gedeelte van de namiddagzitting in beslag. Hij vertelde dat het gerecht enkele maanden na de overval te Watermaal-Bosvoorde vernomen had dat de daders, die beiden de voornaam Luc hadden, zich vermoedelijk bevonden in een villa te Kraainem. Er werd tevens ontdekt dat ook Caporale in deze villa verbleef. In gerechtelijke kringen was men nog niet vergeten dat Caporale in 1953 tot 12 jaar dwangarbeid was veroordeeld wegens het neerschieten van een politie-inspecteur bij het plegen van een overval. Meteen werd vernomen dat in de villa een vrouw met twee kleine kinderen woonde zodat de grootste omzichtigheid was geboden.

Op 31 augustus 1970 werden de villa en de tuin errond aan alle kanten door rijkswachters afgezet. De bewoners werden met een luidspreker verzocht zich over te geven. Het duurde niet lang of de zuster van Leclercq kwam met twee kleine kinderen naar buiten. Ook Sibille kwam met de handen in de lucht de rijkswachters tegemoet. Een losliggende tegel maakte het mogelijk de schuilplaats te ontdekken onder de open haard in de villa, waar Caporale en Leclercq zich hadden verborgen.

Leclercq verklaarde zich te hebben verstopt omdat hij nog zes maanden gevangenisstraf moest uitzitten, Caporale omdat hij al te veel schuldeisers had. De villa zelf had gepantserde deuren en in een plaats was een muur versierd met allerlei herinneringen aan Hitler-Duitsland, zoals vlaggetjes, aanplakbrieven, tijdschriften, enz. Caporale had deze voorwerpen in de oorlog verzameld toen hij lid was van een Hitler-organisatie.

Mr. François, advocaat van Caporale, stelde een hele reeks vragen aan de onderzoeksrechter, wat uiteindelijk tot een hevig incident met voorzitter Screvens leidde. De tussenkomst van stafhouder Kirchen was noodzakelijk om het geschil bij te leggen.

Het getuigenverhoor wordt woensdag verder gezet.

Bron: Gazet van Antwerpen | 4 Oktober 1972

Caporale verwijt onderzoeksrechter partijdigheid

Het getuigenverhoor in het proces van de bende Caporale voor het Assisenhof wan Brabant vordert traag, zodat vermoedelijk de gangsters langer dan voorzien op het beklaagdenbankje zullen zitten. Voorzitter Screven maakte bekend dat Juliette Leclercq, zuster van een van de beklaagden en een minderjarige jongeman, die herhaaldelijk in de woning van de gangsters te Kraainem kwamen, pas donderdagvoormiddag aan de tand zullen worden gevoeld.

Advocaat-generaal De Cant las een brief voor die hij zopas van Caporale had gekregen en waarin beklaagde hulde bracht aan het openbaar ministerie, maar zich beklaagde over onderzoeksrechter Ooms die volgens zijn verklaringen al te partijdig optrad tijdens het onderzoek.

Onderzoeksrechter Grondel weidde uit over de overval gepleegd op 12 augustus 1970 door beklaagde Luc Sibille op de 69-jarige Viktor Gulden, bediende van een wisselagent te Schaarbeek. Deze uiteenzetting werd geïllustreerd aan de hand van lichtbeelden om de jury toe te laten zich een precieze voorstelling te vormen van de feiten. Sibille kwam in de vroege ochtend het kantoor binnen met een revolver in de hand en zegde tot de bediende: “Hang het kind niet uit, geef mij je poen, ik doe je geen kwaad”.

De bediende greep plots de gangster vast bij de pols om hem te beletten in zijn richting te vuren. Er ging niettemin een schot af. De kogel vloog verloren waarna Sibille de bediende de neersloeg met de kolf van zijn revolver en hem nog enkele voetschoppen gaf. Sibille ging er vandoor met een portefeuille en de aktetas van het slachtoffer waarin 55.000 fr. in Belgisch geld en 500 D.M. staken.

Na zijn aanhouding zegde Sibille dat Caporale hem met zijn minibus tot bij het wisselkantoor had gebracht en dat Leclercq tijdens de feiten buiten de wacht optrok Dit wordt door de twee weliswaar ontkend.

Zedenfeiten

Vervolgens verklaarde de onderzoeksrechter dat Caporale vanuit de gevangenis meer dan 50 brieven zond aan minderjarigen die in de villa te Kraainem bij zedenfeiten waren betrokken. In deze brieven maande Caporale de jongeren aan een valse getuigen te zijnen gunste te komen afleggen voor de rechtbank, door te verklaren dat hij geen uitstaans had met de zedenfeiten in de villa.

Lichte afwijking

Wetsdokter Rillaert verklaarde dat de kogel die Sibille op Paul Ravet afvuurde dwars door de maag boorde, een long en de lever raakte. Het slachtoffer bleef lange tijd werkongeschikt. Psychiater Dumont oordeelde dat verstand en geheugen van Caporale normaal zijn. Een lichte neurotische afwijking vermindert in geringe mate zijn verantwoordelijkheid. Sibille lijdt duidelijk aan een minderwaardigheidscomplex, wat hem ertoe aanzette zich steeds vreemd te gedragen.

Dr. Van Looy stelde bij Leclercq een trage natuur, maar een normaal verstandelijk vermogen vast. De schrijver was in alle opzichten een normaal man, aldus de bevindingen van Dr. Hanquiet, die evenwel niet aanwezig was op het proces.

Eerste aanwezige commissaris Van Hove, die De Schrijver te pakken kreeg, verklaarde dat deze laatste meteen door de knieën ging en alle schuld van de overvallen, die hij pleegde, in de schoenen van Caporale schoof. “Hij is de grote aanstoker van alles”, zo beweerde hij.

Het getuigenverhoor wordt vandaag voortgezet.

Bron: Gazet van Antwerpen | 5 Oktober 1972

Bezwarende getuigenis van gewezen vriendin van Caporale

De hoofdgetuige op het Assisenhof van Brabant in het geding tegen de bende Caporale is ongetwijfeld Juliette Leclercq, die lange tijd met Caporale samen leefde, maar ten slotte met hem brak, evenals met haar broer Jean, die eveneens op de beklaagdenbank zit.

Vooraf had de verdediger van Caporale, Mr. François, gepoogd van commissaris Van Hove verklaringen los te krijgen om de beschuldiging te weerleggen van beklaagde De Schrijver, die Caporale formeel heeft beticht van medeplichtigheid in de overvallen van deze bende. Uit het kruisverhoor bleek dat De Schrijver na zijn arrestatie overplaatsing naar een andere gevangenis vroeg uit schrik voor de bendeleider.

Vriendin

Juliette Leclercq (30), een mooie vrouw met lange blonde haren, gaf toe lange tijd de vriendin van Caporale te zijn geweest nadat zij haar eigen man had verlaten. Zij ging in de villa te Kraainem wonen, waar ook haar broer was.

Volgens getuige had Caporale bestendig schulden en moest hij ruim 300.000 fr. lenen om schuldeisers tevreden te stellen. Juliette Leclercq deed het huishouden van al de bendeleden en verzorgde ook haar twee kindjes. Daarvoor kreeg zij van Caporale maar enkele honderden franken per dag.

Het is haar opgevallen dat de bendeleden regelmatig afzonderlijk overleg pleegden. Telkens ergens een overval werd gepleegd, verlieten volgens haar Caporale en Leclercq, de chefs, de villa in de vroege ochtend met een bestelwagen. Als zij weer thuis kwamen was er altijd een berg geld. De bendeleden maakten er geen geheim van dat dit geld van een overval kwam.

Toen te Bosvoorde een gerant van een bank werd neergeschoten, luisterden de bendeleden naar de radio om te weten wat er van het slachtoffer geworden was.

Dreigementen

Juliette Leclercq, Caporale en de broer van getuige werden al vroeger veroordeeld wegens het verspreiden van pornografie. De foto's werden volgens getuige in de villa te Kraainem gemaakt. Aan de minderjarigen, die hierbij betrokken waren, stuurde CaporaIe vanuit de gevangenis dreigbrieven om hen ertoe aan te zetten valse getuigenis af te leggen.

Caporale beweerde dat zijn vriendin hem met opzet zwart komt maken om hem te doen veroordelen. Het kwam aanhoudend tot vinnige woordenwisselingen tussen Juliette en Caporale.

Rare getuige

Nadat Juliette Leclercq had verklaard dat Caporale in de villa te Kraainem een ware terreur uitoefende, kwam de 21-jarige Alain Gerils getuigen, de huidige vriend van Juliette Leclercq. Deze werd vroeger al veroordeeld omdat hij in verband met de zedenfeiten te Kraainem een valse getuigenis had afgelegd ten voordele van Caporale. Deze had aan Gerils zowat vijftig brieven gezonden, enkele in het geheim, om hem tot “passende” verklaringen aan te zetten. Getuige had een anonieme brief bij, waarin staat dat Caporale onschuldig is inzake de overvallen. Die brief werd echter door Caporale zelf geschreven en aan het parket van Brussel verzonden.

Heden gaat het getuigenverhoor verder.

Bron: Gazet van Antwerpen | 6 Oktober 1972

Getuige had panische angst voor Caporale

Bij de aanvang van de zitting in het proces Caporale voor het Brabants assisenhof, getuigde Alain Gerils, die reeds donderdagnamiddag aan de tand werd gevoeld. De jongeman had het nogmaals over de zgz. anonieme brief waarin vermeld staat dat Caporale onschuldig is. Deze brief werd eigenlijk door Caporale zelf geschreven, van een valse handtekening voorzien en vervolgens naar het parket verzonden. De brief werd aandachtig door voorzitter Screvens, advocaat-generaal De Cant, de verdediging en de juryleden onderzocht.

Jacques Sibille, broer van beklaagde Luc Sibille, kreeg van Caporale een omslag met 50.000 fr. Caporale had toen, zonder er nadere uitleg over te verstrekken, gezegd dat de omslag van zijn broer afkomstig was. Deze getuige werd een hele tijd verdacht als tipgever of heler te zijn opgetreden bij de bankoverval te Watermaal-Bosvoorde. Hij bracht hiervoor 28 dagen door in de gevangenis, doch werd ten slotte buiten vervolging gesteld.

De 30-jarige taxichauffeur Jan De Langhe hoefde niet de eed af te leggen, want vroeger liep hij reeds vier jaar gevangenisstraf op wegens diefstal. Hij zegde een document te hebben ondertekend waarbij hij zijn toestemming gaf om de drie minibussen door Caporale aangekocht te zullen afbetalen.

Voorzitter Screvens begreep niet waarom getuige zulks deed omdat de drie minibussen samen toch ruim 1 miljoen fr. kostten. Getuige gaf toe dat hij een dodelijke angst had van Caporale. “Deze zou niet hebben geaarzeld mij uit de weg te doen ruimen zo ik geweigerd had mijn handtekening op bedoeld document te plaatsen”, aldus de taxichauffeur.

Vervolgens was het de beurt aan de 20-jarige Marc Dessy om te komen getuigen. Deze jongeman is tewerkgesteld in een benzinepompstation te Etterbeek. Caporale en zijn gezellen kwamen vaak bij hem benzine tanken met de minibussen. Op zekere dag kwam een van de beklaagden een Renault 16-wagen op het parkeerterrein bij het benzinestation plaatsen en liet er het voertuig verschillende dagen staan. Veel later bleek dat het om een gestolen wagen ging, die bij een een van de bankovervallen was gebruikt

Excuus

De h. Ravet, gerant van een bankkantoor van de Generale Bankmaatschappij te Bosvoorde, keek even verdwaasd op toen hij na zijn getuigenis Sibille zag opstaan en hoorde zeggen: “Mijnheer Ravet, ik vraag u om excuus voor het kwaad dat ik u heb aangedaan”. De h. Ravet die door Sibille met een kogel in de buik werd neergeschoten, slikte even en repliceerde toen: “Sibille heeft mij nog 8 minuten lang laten liggen zonder zich om mijn toestand te bekommeren”. Deze klap had Sibille blijkbaar niet verwacht.

De hh. Puffet en J. Abrafar, twee bedienden van de bank, moesten op bevel van Sibille een aktetas met geld vullen. Onder bedreiging van vuurwapens moest Puffet nadien in de wagen van de gangsters stappen. Tweehonderd meter verder mocht hij er weer uit.

De h. Edmomd Segers, hoofdinspecteur bij de Generale Bankmaatschappij, beklemtoonde dat de bank tussen 1965 en 1972 een kleine 30 overvallen incasseerde, wat haar 11 miljoen fr. kostte. Drie bedienden kwamen daarbij om het leven, terwijl twee zwaar gekwetst werden. Inmiddels gaf de bank 400 miljoen fr. voor kogelvrij glas in haar kantoren.

Bron: Gazet van Antwerpen | 7 Oktober 1972

Moeder Van Caporale: hij was een vriendelijke jongen

Jean Caponale, de man die in 1953 al een gevangenisstraf van 12 jaar opliep voor een hold-up en nu voor het Brabants Hof van Assisen, samen met drie andere kornuiten, terechtstaat voor nog drie andere overvallen, was maandagvoormiddag heel en al aandacht.

De magere, onbewogen kerel, de intelligente revolverheld die zijn hoofdkwartier had in een dure villa, de onverschrokken gangster Caporale, die de bestaande wetten aan zijn hielen lapt, keek dit keer niet meesmuilend neer op de getuigenstoel. Hij luisterde gespannen naar wat die 50-jarige vrouw aan voorzitter Screvens kwam vertellen, want Renée Bertrand is immers de wettelijke echtgenote van Caporale, de bendeleider die nochtans beweert onschuldig als een lammetje te zijn.

Nu en dan verscheen er een triomfantelijke glimlach op zijn lippen. Hoe kon het naders. Renée Bertrand legde al haar gewicht In de weegschaal om Caporales onschuld nog meer kracht bij te zetten. Aan de hand van documenten staafde getuige de bewering als zou ze Caporale in maart en april 1970, periode tijdens dewelke twee van de drie overvallen plaatshadden, 300.000 frank hebben geleend om hem toe te laten een gedeelte van zijn schuld te vereffenen.

Leningen

Renée Bertrand werd in 1952 de echtgenote van Jean Caporale toen laatstgenoemde in de gevangenis zat opgesloten wegens een gewapende overval gepleegd in het Brusselse. Getuige verklaarde het huwelijk te hebben aanvaard omdat ze het voordien aan Caporale had beloofd.

Elf jaar lang baatte zij een café uit te Sint-Jan-Molenbeek en ondertussen onderhield zij losse contacten met Caporale, die ze ook soms in de gevangenis bezocht en die na zijn vrijlating nu en dan in haar drankgelegenheid een pintje kwam drinken.

Volgens haar verklaringen leende zij herhaaldelijk kleine sommen geld aan Caporale, die ze telkens na enkele maanden terug kreeg. In maart en april 1970 zou zij Caporale twee belangrijke geldsommen hebben geleend, alles bij mekaar 300.000 fr. Ze verklaarde dat geld te hebben gespaard dankzij haar café.

Op verzoek van advocaat-generaal De Cant kwam nogmaals Juliette Leclercq, gewezen vriendin van Caporale, getuigen. Ze zegde dat de 300.000 fr., waarvan sprake, niet werden uitgeleend door Renée Bertrand maar wel afkomstig waren van de gepleegde overvallen.

De 78-jarige moeder van Caporale getuigde dat haar zoon staande hield onschuldig te zijn en dat ze als moeder hem steeds had geloofd ondanks zijn gerechtelijk verleden. Ze verklaarde dat haar zoon een vriendelijke jongen was, die veel van zijn moeder hield, doch ze vergat te zeggen dat ze hem tijdens de oorlogsjaren aan de jeugdrechter toevertrouwde en dat ze tijdens het onderzoek had verklaard dat Caporale haar vaak was komen uitschelden.

Opgesloten

Enkele familieleden van beklaagde Luc Sibille vertelden dat deze vijf jaar lang beroepsvrijwiliger bij het leger was en als militair ook in het voormalige Belgisch Congo was waar hij hielp bij het bevrijden van landgenoten.

Verwanten en een tweetal vriendinnen van Luc De Schrijver verklaarden dat deze beklaagde een vriendelijke jongen was. Op het ogenblik echter dat zijn stiefmoeder op de getuigenstoel plaatsnam, verweet De Schrijver haar dat ze te streng was opgetreden door hem meer dan eens samen met twee broers 's winters veertien dagen lang op te sluiten op een zolder, waar niet het kleinste vuurtje brandde.

De aalmoezeniers van de gevangenissen van Vorst en Leuven verstrekten ook nog wat uitleg over het gedrag van de beklaagden Jean Caporale en Jean Leclercq.

Heden dinsdag komen nog getuigen aan de beurt.

Bron: Gazet van Antwerpen | 10 Oktober 1972

Bendeleider Caporale blijft onschuld pleiten

Het werd dinsdag in het Assisenhof van Brabant een bewogen dag in het proces tegen de bende Caporale, die meerdere banken heeft beroofd. De advocaat-generaal eiste strenge straffen voor de vier beschuldigden. Voor Sibillle en De Schrijver is er geen probleem, omdat zij bekenden. Maar bendeleider Caporale en Leclercq houden vol onschuldig te zijn. De vraag is of de jury hen zal geloven.

Bij de aanvang van de zitting werden nog enkele getuigen ten ontlaste gehoord, onder wie een man die zes jaren lang te Vorst een kamer verhuurde aan Jean Caporale en Jean Leclercq. Deze twee betichten, die eigenlijk te Kraainem woonden, hadden een fictieve woonplaats nodig. Ze zaten immers tot over de oren in de schulden en wilden beletten dat hun meubelen zouden worden aangeslagen. Deze getuige zegde nog dat hij Caporale als een brave jongen beschouwde en voegde er dadelijk aan toe dat deze verklaring hem heel wat vijanden kon bezorgen.

Burgerlijke partijen

Mr. Guy Delfosse pleitte voor de Generale Bankmaatschappij, die zich aanstelde tot burgerlijke partij in verband met de overval gepleegd op 9 april 1970 te Watermaal-Bosvoorde, waarbij 291.000 fr. werden buitgemaakt en de gerant, de h. Paul Ravet, neergeschoten.

Het slachtoffer bleef wekenlang tussen leven en dood en thans nog is hij voor 13 th. werkonbekwaam. De bank stelde zich aan tot burgerlijke partij, in de eerste plaats terwille van haar personeelsleden. De advocaat schetste vervolgens een portret van de vier beklaagden. Caporale stond ontegensprekelijk aan het hoofd van de bende. Hij vaardigde de bevelen uit en liet de jongeren de vuile werkje opknappen. Hij was “een genie van het kwade”.

Leclercq was slechts de luitenant van Caporale en bestendig in diens schaduw leefde. Sibille is uiterst gevaarlijk, want tijdens twee van de drie overvallen waarbij hij was betrokken, begon hij telkens te schieten. Hij wil thans laten geloven dat hij de volledige buit aan Caporale overhandigde zonder iets voor hem te houden. Deze bewering strookt echter niet met de waarheid.

De Schrijver had een droeve jeugd al gevolg van de scheiding van zijn ouders. Toen hij nog bij het leger was ontvreemde hij een wapen, dat hij achteraf aan Caporale gaf.

Vervolgens begon Mr. Robert Leclercq de belangen te verdedigen van Paul Ravet, die zich eveneens als burgerlijke partij aanstelde. De advocaat schetste de manier waarop zijn cliënt werd neergeschoten en hoe hij dodelijk gewond dadelijk een testament opmaakte in het voordeel van zijn zwangere vrouw.

Rekwisitoor

In een sober rekwisitoor zei advocaat-generaal De Cant er geen ogenblik aan te twijfelen dat Caporale en Leclercq even schuldig zijn als Sibille en De Schrijver, al hebben dies twee alleen bekentenissen afgelegd. Alle vier worden beschuldigd van overvallen, bendevorming en bezit van verboden wapens.

De advocaat-generaal meende dat de schuld van bendeleider Caporale voldoende bewezen is na de verklaringen van de medebeschuldigden Sibille en Leclercq en de bezwarende getuigenis van de vroegere vriendin van Caporale J. Leclercq, evenals van de verloofde van De Schrijver.

Het feit dat Caporale de dag van een overval, of daags nadien aanzienlijke sommen geld kon storten en hij eens op de dag van een overval aan zijn moeder een hoop muntstukken van 1 fr. gaf, ingepakt in een krant van die dag, zijn voor de advocaat-generaal bewijzen van deelname aan de overvallen op banken. Dat er in de villa te Kraainem, waar de bende leefde, wapens werden ontdekt, kan niemand ontkennen.

Toch onschuldig?

Mr. François pleitte voor Caporale en gaf toe voor een moeilijke taak te staan, omdat Caporale tijdens de zitting zelfs de meest voor de hand liggende feiten ontkende. Daardoor, zo zei zijn advocaat, poogt men hem nu alle schuld te geven. De advocaat meende in de bezwarende verklaringen veel tegenstrijdigheden en onduidelijkheden te ontdekken.

Hij herinnerde eraan dat Caporale altijd onschuldig heeft gepleit en tijdens het onderzoek 40 kg. magerder werd. Zich tot jury richtend, vroeg de advocaat vrijspraak bij gebrek aan bewijs.

De debatten gaan heden verder.

Bron: Gazet van Antwerpen | 11 Oktober 1972

Caporale in het gedrang

Woensdagochtend werden de pleidooien voortgezet in het proces Jean Caporale en bendeleden voor het Hof van Assisen van Brabant.

Mr. José Saels, die Leclercq verdedigde, haalde enkele argumenten aan om de onschuld van zijn cliënt te bewijzen. Hij verwees naar de verdeling van de buit komende van de overval te Watermaal-Bosvoorde, verdeling die onmogelijk kon plaatsgevonden hebben zoals beklaagden Sibille en De Schrijver beweren, gezien op dat ogenblik arbeiders in de villa te Kraainem, waar het viertal woonde, werken uitvoerde.

De advocaat beweerde voorts dat Leclercq mogelijk militaire uniformen verbrand heeft zonder te weten dat zij bij een gewapende overval gebruikt waren.

Het feit dat Leclercq met Caporale was bevriend is nog geen reden om hem te veroordelen. Bij twee van de drie overvallen was Leclercq volkomen afwezig. Bij de derde overval zou hij de wacht hebben opgetrokken doch dat is nog helemaal niet bewezen.

Vervolgens voerde Mr. Pascal Van der Veeren het woord voor Luc Sibille, die toegeeft rechtstreeks deel te hebben genomen aan de drie overvallen. De advocaat die alleen verzachtende omstandigheden bepleitte verklaarde dat zijn cllënt op 26-jarige leeftijd nog steeds geen enkele veroordeling had opgelopen. Na vijf jaren bij het leger te hebben verbleven werd hij barman en vervolgens maakte hij kennis met Caporale voor wie hij aanvankelijk als chauffeur ging werken, voor het vervoer van schoolkinderen.

Sibille die een primair is, liet zich stilaan door Caporale beïnvloeden. Toen Caporale met financiële moeilijkheden had af te rekenen wist hij Sibille te overhalen voor hem overvallen te plegen. Heel gewillig ging Sibille op deze eisen in, doch werd er achteraf slecht voor beloond aangezien hij van het buitgemaakte geld geen frank voor zich mocht houden. Zelfs om een pakje sigaretten te kopen moest hij aan Juliette Leclercq geld vragen.

Mr. Erik Vergauwen pleitte voor Luc De Schrijver, van wie werd gezegd dat hij een leugenaar is, toen hij Caporale en Leclercq beschuldigde van medeplichtigheid aan de gepleegde overvallen.

Volgens de advocaat sprak zijn cliënt echter de waarheid, want de betalingen die Caporale verrichtte, de dag zelf van de overvallen of onmiddellijk daarna, waren zeker niet aan het toeval toe te schrijven.

Wegens zijn deelname aan elke hold-up, streek Caporale telkens het grootste gedeelte van de buit op en ging vervolgens zijn schuldeisers betalen. Mr. Vergauwen kon niet geloven dat de in feite gescheiden echtgenote van Caporale hem 300.000 fr. zou hebben geleend, precies op het ogenblik dat de overvallen plaatsvonden. Waarom zou deze vrouw 26 maanden lang na de aanhouding van Caporale gewacht hebben om het gerecht op de hoogte te brengen van deze zogezegde leningen?

Mr. André Dupont, tweede advocaat van De Schrijver, onderstreepte dat zijn cliënt reeds op 14-jarige leeftijd Caporale leerde kennen, die meteen van hem misbruik maakte en later chantage pleegde door het nemen van bepaalde foto's. Enkele jaren late ontvreemdde De Schrijver op verzoek van Caporale een machinepistool bij het Belgisch leger. De Schrijver zag nadien geen andere uitweg dan in de villa te Kraainem te gaan wonen, waar Carale het hoogste woord voerde.

Toen volgden de gebruikelijke replieken, waarbij de advocaat van de burgerlijke partij, de advocaat-generaal en de advocaat van de verdediging achtereenvolgens aan het woord kwamen.

Vandaag donderdag zal de zitting een aanvang nemen met de voorlezing door voorzitter Screvens van de 43 vragen die de juryleden dienen te beantwoordden.

Bron: Gazet van Antwerpen | 12 Oktober 1972

Caporale veroordeeld tot 25 jaar dwangarbeid

Jean Caporale werd donderdag voor het Assisenhof van Brabant veroordeeld tot 25 jaar dwangarbeid. De drie medebeklaagden en leden van Caporales bende kresen elk 20 jaar gevangenisstraf. Een verklaring voor het bijzonder zware vonnis is waarschijnlijk te vinden in de houding wan de bendeleider, die was het begin van het proces af niets anders deed dan schaamteloos liegen.

Bij de aanvang van de zitting mochten de vier beklaagden donderdag nog enkele verklaringen afleggen. Bijna wenend zegde Carale dat hij in 1946, 1948 en 1952 met het gerecht had te maken wegens feiten die hij werkelijk had bedreven. Dit was dan ook de reden waarom hij dienaangaande volledige bekentenissen aflegde. Toen hij in 1970 werd aangehouden, dacht iedereen dat hij weer strafbare feiten had verricht, gezien zijn verleden. Doch de veroordeling tot twaalf jaar dwangarbeid wegens feiten voordien gepleegd, had hem doen besluiten voortaan als een eerlijk mens te leven. Dit is dan ook de reden waarom hij de feiten, waarvoor hij thans terechtstaat, hardnekkig blijft loochenen.

Leclercq zegde van zijn kant dat hij evenals Caporale volledig onschuldig is, en stelde de vraag of iemand het tegenovergestelde zal kunnen bewijzen.

Sibille zelf had niets te zeggen en verwees naar zijn advocaat. De Schrijver ten slotte zegde spijt te voelen over de ernstige feiten, waaraan hij zich schuldig maakte. Hij verklaarde dat hij werd meegesleept door anderen en geen andere uitweg meer zag. Hij vroeg hem de kans te gunnen opnieuw een eerlijk burger te worden.

43 Vragen

Vervolgens las voorzitter Screvens de 43 vragen voor, die de twaalf juryleden dienden te beantwoorden.

De vier eerste vragen hielden verband met de diefstal van 291.000 fr., gepleegd op 9 april 1970 ten nadele van de Generale Bankmaatschappij te Watermaal-Bosvoorde, telkens verwijzend naar elke beklaagde afzonderlijk.

De vijfde tot en met de achtste vraag hielden verband met bezwarende omstandigheden wat deze diefstal betreft. Deze bezwarende omstandigheden zijn: gepleegd met bedreiging en geweld, in een bewoond huis, met vertoon of gebruikmaking van wapens en het feit of een bepaalde persoon hierbij lichamelijke letsels of een tijdelijke werkonbekwaamheid opliep.

De vragen negen tot en met vijftien handelden over de diefstal van 260.548 fr., gepleegd op 9 maart 1970 ten nadele van de Bank van Brussel te Overijse, met inbegrip van verschillende bezwarende omstandigheden, het toebrengen van lichamelijke letsels uitgezonderd.

De 16de tot en met de 21ste vraag verwezen naar Caporale, Leclercq en Sibille in verband met de diefstal, met bezwarende omstandigheden, gepleegd op 12 augustus 1970 te Schaarbeek ten nadele van wisselagent-bediende Viktor Gulden, die van 55.000 fr. in Belgisch geld en van 500 D.M. werd beroofd.

Van de 22ste tot en met de 34ste vraag ging het over de diefstal van drie voertuigen, gebruikt bij de overvallen en waarbij naar de vier beklaagden werd verwezen.

Van de 35ste tot en met de 39ste vraag werd verwezen naar bendevorming, aan het hoofd waarvan Caporale en Leclercq zouden hebben gestaan.

Van de 40ste tot en met de 43ste vraag ging het over het bezit door Caporale en Leclercq van verboden wapens en munitie.

Schuldig

Na een beraadslaging die drie uren duurde, deelde de voorzitter van de jury het antwoord mee van de gezworenen. Zij antwoordden bevestigend op 42 van de 43ste vragen. De enige vraag waarop ontkennend werd geantwoord handelde over de bezwarende omstandigheid van braak bij een van de autodiefstallen.

Uit de antwoorden van de jury bleek dat niet alleen Sibille en De Schrijver maar ook Caporale en Leclercq schuldig bevonden werden aan overvallen, bendevorming, autodiefstallen en verboden wapendracht.

Advocaat-generaal De Cant vroeg daarna een rechtvaardige straf voor de beschuldigden, terwijl de verdediging nog verzachtende omstandigheden pleitte.

Net vóór de jury zich voor de tweede maal terugtrok om over de straf te beraadslagen, samen met het hof, stond Caporale nog even recht en zei: “lk heb maar van één zaak spijt: dat ik niet schuldig ben. ln dat geval zou het verdict voor mij minder zwaar gevallen zijn”.

Na een nieuwe beraadslaging van twee uren, las voorzitter Screveos het arrest voor. Caporale werd veroordeeld tot 25 jaar dwangarbeid en na het uitzitten van deze straf zal hij 20 jaar lang ter beschikking blijven van de regering. De drie overige beklaagden kregen elk 20 jaar dwangarbeid. Het viertal werd bovendien levenslang beroofd van zijn politieke en burgerrechten.

Bron: Gazet van Antwerpen | 13 Oktober 1972

Verzoek om verbreking van Caporale en Sybille verworpen

Het Hof van Cassatie te Brussel verwierp woensdag het verzoek tot verbreking ingediend door Jean Caporale en Luc Sybille tegen het arrest van het Hof van Assisen van Brabant dat hen op 15 oktober ll. respectievelijk veroordeelde tot de doodstraf en levenslange dwangarbeid. Het tweetal werd schuldig bevonden aan een roofmoord gepleegd op een reisagent uit Sint-Gillis.

Caporale legde het hof vijf middelen voor die zonder veel discussie werden verworpen. Sybille had van zijn kant laten gelden dat in arrest van het Hof van Assisen niet werd vermeld dat een straf van 20 jaar dwangarbeid, ondertussen teruggebracht tot 17 jaar, die hij vroeger had opgelopen, door de jongste straf van levenslange dwangarbeid werd geabsorbeerd. Het Hof van Cassatie achtte deze vermelding niet noodzakelijk gezien bij de uit voering van de straf de eerste veroordeling automatisch door de tweede zal worden opgeslorpt.

Bron: Gazet van Antwerpen | 29 November 1979

1,426

(140 replies, posted in 1985)

Xenophon wrote:

Terwijl op elke straathoek in Brussel golfjes stonden die ze met een schroevendraaier hadden kunnen starten als ze gewoon hadden geweten hoe?

Maar dat is net het hele punt. De analyse van de feiten heeft ons geleerd dat ze geen auto konden stelen zonder sleutel. Voor hen was de berekening heel simpel: geen sleutel = geen auto.

Het lijkt er op dat het idee dat er een parking was waar honderden gloednieuwe auto's stonden met de sleutel in de wagen voor hen een te mooie kans was om te laten liggen. Denk je dat een hek dat je met een simpele knipschaar kon open doen, hen zou tegen houden?

En moest er dan toch een patrouille gepasseerd zijn, dan hadden we nu niet alleen gesproken over een diefstal van een VW Golf maar over de diefstal van een VW Golf met twee vermoorde bewakingsagenten.

Ik zie echt geen enkele aanwijzing om te denken dat je bepaalde kennis nodig had. Je had enkel het lef nodig om het te doen. En de meeste criminelen zouden het niet doen, net omdat je evengoed op straat een auto zou kunnen stelen.

Xenophon wrote:

We hebben het over een bende technische knoeiers. In Nijvel hadden ze niet eens door dat de Colruyt - een plek die ze nota bene uitgebreid van binnenuit konden verkennen, itt Erps-Kwerps - een volumetrisch alarm had.

Wie zegt dat ze dat niet wisten? Misschien wisten ze het wel maar interesseerde het hen niet. Misschien waren ze enkel verrast door de reactietijd van de rijkswachtpatrouille.

1,427

(163 replies, posted in Andere)

Xenophon wrote:

Die diefstal, dat was niets voor praline-dieven, het vereiste doorgedreven kennis en techniek.

De Bende van Nijvel waren absoluut geen “praline-dieven”. Dat waren bloeddorstige moordenaars die geweld gebruikten om hun doel te bereiken. Als die geen auto zonder sleutel konden stelen en die horen bijvoorbeeld dat er bij D’Ieteren gloednieuwe auto’s stonden met de sleutel in de wagen, dan gaat niets die mannen tegen houden.

Daarnaast wordt de beveiliging vaak beter voorgesteld dan het in praktijk is. Het terrein van D'Ieteren in Erps-Kwerps is gigantisch gigantisch en je kan echt niet om de 2 meter een bewaker zetten.

En de realiteit heeft laten zien dat de beveiliging niet goed was. Er werden daar heel de tijd auto’s gestolen en het heeft heel lang geduurd voordat de diefstal van de Bende ontdekt werd.

In deze post ga ik dieper in op de mythes die er over deze diefstal bestaan » Forum

1,428

(140 replies, posted in 1985)

In het Banditisme-topic schreef forumlid Xenophon het volgende:

Xenophon wrote:

Voor D'Ieteren: de sleutels lagen in de wagen, ja. Maar er was het absoluut niet triviaal eerste deel: binnen raken zonder dadelijk het alarm te triggeren, weten dat de tanks quasi leeg waren en ze brandstof moesten meebrengen.

Ik denk dat er over deze diefstal bij D'Ieteren heel veel mythes bestaan. Laat ons die eens van naderbij bekijken.

Wat moet je weten om die diefstal te kunnen doen?

  • Je moet weten dat de sleutel in de wagen ligt en dat de wagen niet afgesloten op de parking staat.

  • Je moet weten hoe de beveiliging in elkaar zit om er te kunnen inbreken.

  • Je moet weten dat de wagens een miniem aan brandstof hebben waardoor ze niet ver kunnen rijden.

Maar is dat niet allemaal een beetje "overroepen"? Heb je wel "interne kennis" nodig? Ik denk het niet!

1. De sleutel in de wagen

Dat is iets dat velen weten toch? Men doet dat bv. ook bij Volvo in Gent, bij Honda in Gent. Je hoeft er zelfs niet vast te werken om dat te kunnen weten. Zelfs mensen die er een vakantiejob doen, weten dat. Ze kunnen moeilijk elke keer de sleutel gaan zoeken van een wagen, dat zou enorm veel tijdverlies zijn (er passeren daar duizenden wagens).

2. Beveiliging

Men zegt dat de beveiliging goed was. Maar is dat zo? Helemaal niet. Natuurlijk zegt men dat de beveiliging goed is.

Concreet: men heeft een gat in de omheining geknipt, en langs daar naar binnen en buiten geraakt. En hoe lang heeft het geduurd eer de beveiliging het heeft opgemerkt? In ieder geval veel te laat om iets te kunnen doen om de diefstal tegen te houden. Écht goed beveiligd lijkt het dus niet als men dat kan.

3. Brandstof

Men beweert dat men had moeten weten dat de wagens met een minimale hoeveelheid brandstof werden geplaatst. Ik heb eens opgezocht hoeveel brandstof er standaard vanuit de fabriek in een nieuwe wagen wordt gedaan. Daar blijkt geen eenduidig antwoord op te bestaan. De laagste waarde die ik vond is 3 liter, de hoogste 10 liter.

Laten we even rekenen met het minimum: 3 liter. Een Golf GTI verbruikt volgens de officiële cijfers gemiddeld 8,0 liter per 100 kilometer. In werkelijkheid ligt dat meestal iets hoger. Als we uitgaan van 10 liter per 100 kilometer, dan kan je met 3 liter ongeveer 30 kilometer rijden.

Een nieuwe Golf GTI zal bij aankomst op de parking van D’Ieteren vermoedelijk niet meer dan 5 kilometer gereden hebben (van de fabriek naar de fabrieksparking, dan naar het transport, en uiteindelijk van het transport naar de parking van D'Ieteren). De dealer zelf maakt soms nog een korte testrit van 5 à 10 kilometer (maar dat was hier nog niet het geval).

De wagen die op de parking in Erps-Kwerps stond, zal dus wellicht maar zo’n 5 kilometer op de teller gehad hebben, terwijl er brandstof in zat voor ongeveer 30 kilometer (mogelijk zelfs meer).

Conclusie: Zelfs met de beperkte hoeveelheid brandstof die standaard in de wagen zat, kon men nog makkelijk 25 kilometer rijden na het verlaten van de parking bij D’Ieteren (mogelijk zelfs meer). Er was dus geen noodzaak om ter plaatse bij te tanken. Men kon zonder probleem tot in het centrum van Brussel rijden.

1,429

(163 replies, posted in Andere)

Xenophon wrote:

En hoe daders die bij elke wagen die ze stalen de sleutel moesten hebben erin geslaagd zijn de Golf van Erps-Kwerps te pikken, dat zie ik ooit niet.

Bij D'Ieteren lagen de sleutels in de wagen of zaten op het contactslot. Super gemakkelijk dus als je geen auto's kon stelen zonder over een sleutel te beschikken.

Xenophon wrote:

Ik kan mij grotendeels inschrijven in de 'marginaal banditisme' these voor wat de eerste golf betreft maar er zijn een paar feiten die als een visgraat in m'n keel blijven steken en die ik daar niet mee verzoend krijg, te weten Dekaise in Waver en de diefstal van de vesten in Temse.

We weten dat Wittock reclame maakte voor zijn kogelvrije vesten, onder andere in de Goudens Gids. Dit deden ze met het adres van hun fabriek in Temse. Daarom zijn de daders ook naar daar gegaan. De daders wisten echter niet dat de vesten niet in Temse werden gemaakt maar op een andere locatie. Daarom hebben ze eerst vruchteloos in het magazijn gezocht en zijn ze uiteindelijk - en met veel lawaai - het laboratorium binnen gebroken. Interne kennis was hier dus niet voor nodig.

Net zoals in Waver. Dekaise was een vrij gekende wapenwinkel.

Xenophon wrote:

De tweede golf spoort niet met wat voorafging.

Bedoel je met "wat voorafging" de diefstal bij D'Ieteren of de warenhuisovervallen van 1983?

1,430

(0 replies, posted in Overzicht Bendes)

Ze waren te jong om zelf iets met de Bende van Nijvel te maken te kunnen hebben, maar de feiten die ze gepleegd hebben vertonen wel een aantal opvallende gelijkenissen.

Feiten:

  • April 1991: Inbraak in het justitiepaleis van Nijvel. De buit zijn vuurwapens en munitie.

  • 17 Mei 1991: Diefstal van een auto. Met diezelfde auto plegen ze nog die nacht een overval op een biljartzaak in Ottignies. Buit: 20.000 fr.

  • 25 Mei: Diefstal van een auto.

  • Nacht van 25 op 26 mei 1991: overval op hotel Britannia in Gembloers. De eigenaar van het hotel wordt beschoten en raakt gewond. Buit: 17.000 fr.

  • Nacht van 12 op 13 juli: overval op een werknemer van het sportcentrum in Louvain-la-Neuve en de moord op Jean Deghelt, werknemer van het sportcentrum van Louvain-la-Neuve. Vermoord met verschillende kogels, kaliber .22

  • Nacht van 16 op 17 juli 1991: moord op Raymond Laurent in Noirmont (Chastre), eveneens vermoord met verschillende kogels kaliber .22 Buit: de auto van Laurent.

Na de inbraak in Nijvel start een reeks overvallen die steeds gewelddadiger worden. Ze concentreren zich op hotels en andere kwetsbare doelen. De auto’s verkrijgen ze door carjacking.

Leden:

  • Jean-François Legros (22)

  • Alain Amsters (22)

  • Frederick O. (minderjarig op het moment van de feiten)

In maart 1994 werd Legros veroordeeld tot levenslang, Amsters kreeg 20 jaar. In 2008 werd Jean-François Legros opnieuw gearresteerd in het kader van het onderzoek naar Pierre Carette en Bertrand Sassoye. Zie deze nieuwsberichten » Nieuws | Nieuws

Alain Amsters tijdens het assisenproces:

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/alain_14.jpg

Twee moorden nabij sportcomplexen in Waals-Brabant

In Waals-Brabant zijn in de nacht van vrijdag op zaterdag op enkele uren tijd twee moorden gepleegd. De eerste had plaats in Louvain-la-Neuve en de tweede enkele uren later in Waterloo. Onderzoek heeft intussen al uitgewezen dat er geen verband bestaat tussen beide moorden.

ln Louvain-la-Neuve had Jean Deghelt (35) er zijn dienst als receptionist bij het sportcomplex Blocry om 22.30 u. opzitten. Dat sportcentrum ligt haast in het centrum van de gemeente. De man liep naar zijn auto op de parking naast het complex en werd daar plots overvallen door drie of vier gemaskerde mannen.

Die waren kennelijk uit op de sleutel van zijn auto. Deghelt verzette zich evenwel en werd prompt neergeschoten. De overvallers sloegen nadien op de vlucht. Hevig bloedend en met drie kogels in zijn lichaam sleepte de man zich voort tot aan het sportcomplex, waar hij nog met enkele woorden zijn verhaal kon doen. Onmiddellijk daarop overleed hij aan de gevolgen van zijn verwondingen.

Enkele uren later, om 1u30 werd op de parking van een sportcomplex in Waterloo eveneens een moord gepleegd. Daar werd een man gewurgd, maar de rijkswacht gaf ook zondag zijn identiteit nog niet vrij. Het is nog niet duidelijk in welke omstandigheden deze man om het leven is gekomen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 15 Juli 1991

Zeven lijken in minder dan twee weken in Waals-Brabant

Een echtpaar heeft dinsdagnamiddag op de parking van de E411 Namen-Brussel te Bierges een lijk ontdekt dat zich reeds in een ver gevorderde staat van ontbinding bevond, zo is woensdag bij het parket van Nijvel vernomen. Het lugubere feit werd enkele uren later gevolgd door een tweede ontdekking, toen te Noirmont het lijk werd aangetroffen van de 36-jarige Raymond Laurent uit Chastre. Hiermee werd in Waals-Brabant het zevende slachtoffer van een moordaanslag ontdekt in zowat twee weken.

Het lijk dat gevonden werd op de parking van de E411 vertoonde schotwonden aan het hoofd. Het slachtoffer was slechts gekleed in een short en zou reeds meer dan een week overleden zijn. Het gaat om een zwaarlijvige man van middelbare leeftijd, maar de identiteit van het slachtoffer kon nog niet worden achterhaald. De man had wel verscheidene tatoeages op zijn armen: op de rechterarm de afbeelding van een vrouw, op de linkerarm de afbeelding van een man die een vrouw omhelst en op de rechter voorarm een dolk met een slang. Het slachtoffer
droeg tevens aan een halsketting een afbeelding van een Christus met blauwe ogen.

Het tweede lijk werd enkele uren later ontdekt te Noirmont, in de buurt van Chastre. Het lichaam van de 36-jarige Raymond Laurent uit Chastre, die verbonden was geweest aan de landbouwfaculteit van Gemblours maar momenteel geen werk had, was door verscheidene kogels geraakt. De man lag met zijn gezicht tegen de grond.

Het parket vermoedt dat het in deze zaak om een roofmoord kan gaan, vermits de wagen van het slachtoffer gestolen werd. Voor de rest beschikken de onderzoekers ook hier niet over verdere aanwijzingen. Laurent was vrijgezel en had weinig contact met andere mensen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Juli 1991

Twee verdachten in twee moordzaken in Waals-Brabant opgepakt

In Waals-Brabant zorgen de recente moorden nog altijd voor onrust. Alle politiekorpsen van het gebied speuren naar de daders van de moord op 56-jarige receptionist Jean Deghelt en op de 35-jarige Raymond Laurent.

Maandag werden twee personen, wier identiteit niet werd vrijgegeven, in Gembloers door de gerechtelijke politie van Namen opgepakt. Na verhoor werden ze aan het Nijvelse parket overgedragen en ze worden vanmorgen ter beschikking van onderzoeksrechter Marc Cruysmans gesteld worden.

Huiszoekingen bij de twee zouden aanwijzingen hebben opgeleverd die op de beide genoemde moorden betrekking hebben.

Bron: Gazet van Antwerpen | 23 Juli 1991

Twee daders bekennen twee moorden in Waals-Brabant

Het Nijvelse parket arresteerde twee personen die twee van de zeven moorden bekenden die recent in Waals-Brabant werden gepleegd. Het gaat om de moord op Raymond Laurent, een medewerker van de landbouwhogeschool van Gembloers die in Cortil-Noirmont werd teruggevonden en op 16 juli werd gedood. En voorts om de moord op Jean Deghelt, de receptionist van het sportcentrum van Louvain-la-Neuve, die zondagavond na een vechtpartij werd doodgeschoten.

De twee gearresteerden, van wie één nog maar zeventien is, bekenden bovendien de inbraak in het justitiepaleis van Nijvel in de nacht van 16 op 17 juli jl., in dezelfde nacht nadat Laurent werd vermoord. Een derde dader is nog voortvluchtig.

Over het motief van al deze daden tast men nog in het duister. Wel wilden de daders een auto stelen om "een grote slag te slaan". Wat hiermee werd bedoeld kon het parket gisteren niet meedelen. De beide moorden gebeurden omdat de slachtoffers van wie de wagen werd gejat, er in slaagden de kap van een van de daders af te rukken en ze hem dus konden herkennen.

Jean Deghelt had zelf met de daders gevochten, Raymond Laurent werd achter in de wagen onder een deken gestopt, maar slaagde er in één van de daders de kap af te rukken en werd gedood. Tegen Alain A. werd een internationaal aanhoudingsmandaat uitgevaardigd.

Wapendiefstal

Na de moord op Laurent op 16 juli reden de daders naar het justitiepaleis van Nijvel om er wapens te stelen. Ze kropen waarschijnlijk binnen door een raam dat niet meer goed werkte. De dader die nu nog voortvluchtig is, Alain A., kende het paleis perfect omdat hij er had gewerkt. Alain A. was als getuige van Jehova door de krijgsraad veroordeeld wegens insubordinatie. Jehova-getuigen willen immers geen legerdienst doen, maar ze krijgen meestal geen gevangenisstraf. Ze moeten een werk van algemeen nut verrichten. Sommigen werken in de gevangenis van Sint-Gillis of Merksplas. Alain A. werkte tot 14 mei op de griffie van het parket van Nijvel, waar hij dossiers klasseerde. Zo kende hij natuurlijk de weg.

De wapens waarmee de twee moorden werden gepleegd, waren trouwens reeds vroeger door Alain gestolen. De hele zaak kwam aan het rollen doordat één van de daders, een zeventienjarige, thuis bij zijn ouders wapens ging halen. De ouders waren echter voortijdig teruggekeerd uit vakantie en stapten prompt naar de rijkswacht. Zo konden twee daders worden gevat.

De minderjarige zegt dat hij deelnam aan de diefstal en aan een moord, maar dat hij er niet aan meewerkte. De hoofddader, Jean François L., bekende de drie feiten en bovendien nog een hele resem andere misdrijven, een autodiefstal met gijzeling in het gerechtelijk arrondissement Namen, een diefstal met geweld in Gembloers, een schietpartij op een auto met drie jongeren op 18 mei in Chastres.

Na een huiszoeking bij Jean François L. en bij de zeventienjarige vond men 2 walkie-talkies, traangasgranaten, 5 handwapens, 3 riotguns en nog stukken van wapen die gedemonteerd waren. Het parket gaat nu na of ze allemaal uit het Justitiepaleis van Nijvel komen. Tegen Alain A. werd een internationaal aanhoudingsmandaat uitgevaardigd.

Bron: Gazet van Antwerpen | 24 Juli 1991

Derde dader geeft zich aan bij rijkswacht

Alain Amsters, de voortvluchtige van het trio dat wordt verdacht van twee moorden in Waals-Brabant en een wapendiefstal uit het justitiepaleis van Nijvel, ging zichzelf in de nacht van dinsdag op woensdag aangeven bij de rijkswacht van Waver. Hij bekende ondertussen de drie feiten.

Amsters was naar de ouders van een vriendin in Ottignies gevlucht. Zij zouden hem er toe hebben aangezet om zich aan te geven. Amsters werd door de BOB van Waver verhoord en bekende dat hij had deelgenomen aan de moord op Jean Deghelt, gepleegd op 14 juli in Louvain-la-Neuve en aan de moord op Raymond Laurent op 16 juli.

ln de nacht van 16 op 17 juli werd bovendien ingebroken in het gerechtshof van Nijvel, waaruit verscheidene wapens werden ontvreemd. Amsters bekende dat hij ook nog aan andere diefstallen deelnam.

De speurders in Nijvel gaan nog steeds na wie bij welke feiten was betrokken. Gisteren zag het er naar uit dat het driemanschap alles samen deed, behalve de moord op Deghelt. Daaraan zou de zeventienjarige niet hebben deelgenomen.

Men heeft in Nijvel ook nog geen idee van het motief, maar sommigen gaan ervan uit dat het om "gratuit geweld" gaat. De ontwikkelde agressie staat immers in geen enkele verhouding tot het nagestreefde doel. Zoals het er nu naar uit ziet wilden de daders een auto stelen om een "grote slag te slaan", maar gisteren kon niet worden nagegaan wat die grote slag precies moest voorstellen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 25 Juli 1991

Vermeende overval op Walibi niet bevestigd in Nijvel

Het parket van Nijvel wilde gisteren niet bevestigen of de drie schoolkameraden die vorige week twee moorden bekenden, op 15 augustus ook het pretpark van Walibi wilden overvallen, zoals door een Franstalige Brusselse krant werd gemeld.

Volgens de krant zou deze overval gegarandeerd zeker mislukt zijn omdat het hele beveiligingssysteem van het pretpark was gewijzigd tengevolge van vroegere overvallen. Men riskeerde dus gijzelingen en een schietpartij, aldus nog de krant, die er aan toevoegde dat op dat moment zo'n 24.000 mensen Walibi per dag bezoeken.

Maar het hele verhaal werd gisteren in Nijvel bevestigd noch ontkend: "Er was wel sprake van zo'n overval tijdens het onderzoek, maar ik kan niet zeggen of dat nu de grote slag was die de drie daders wilden slaan. Er is voorlopig geen enkel nieuw feit", aldus procureur Goethals uit Nijvel.

Zoals geweten pleegden drie jongeren twee moorden op Jean Deghelt en Raymond Laurent. De daders wilden telkens de wagen van hun slachtoffers stelen om daarmee hun grote slag te kunnen slaan. De slachtoffers slaagden er in de kap van een van de daders af te rukken en werden daarom neergekogeld.

Tot op heden kon het parket niet achterhalen welke grote slag de drie daden, die ook wapens stalen uit het justitiepaleis van Nijvel, dan wel wilden slaan.

Bron: Gazet van Antwerpen | 30 Juli 1991

Onderzoek bij griffiepersoneel in Nijvel wekt ongenoegen

Op het parket van Nijvel wordt door onderzoeksrechter Marc Cruysmans een onderzoek onder het personeel van de griffie gevoerd. Dit gebeurt in verband met de wapendiefstal die door drie jongeren - zekere Legros, Amsters en Frederick X. - werd gepleegd.

Ten tijde van de diefstal werkte Amsters als getuige van Jehova in de zaal van de in beslag genomen voorwerpen. Daartoe behoorden ook heel wat wapens. Een ervan werd op 12 juli gebruikt voor een overval op Jean Deghelt van Louvain-la-Neuve en op 16 juli op Raymond Laurent te Cortil-Noirmont.

Procureur des Konings Jean Deprêtre stuurde aan de hoofdcommissaris van de gerechtelijke politie een uitgebreide en gemotiveerde klacht tegen onbekenden wegens nalatigheid en gebrek bewaking.

Dit houdt een disciplinair onderzoek tegen een veertigtal beambten van de Nijvelse griffie in. Mocht iemand schuldig aan die aanklacht bevonden worden, dan loopt de betrokkene het risico op straffen, gaande van een verwittiging over een schorsing tot een ontzetting uit het ambt.

Dit onderzoek wekt heel wat ongenoegen bij het personeel.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Oktober 1991

Zwaar banditisme met twee doden

Voor het assisenhof van Brabant start maandag het proces van Jean-François Legros en Alain Amsters, beiden 22 jaar oud. Ze worden beschuldigd van een reeks gewapende overvallen waarvan enkele met dodelijke afloop.

Jean-François Legros dient zich te verantwoorden voor de dood van Jean Deghelt, een werknemer van het sportcentrum van Louvain-la-Neuve die op de parking van de universitaire campus met verscheidene kogels van het kaliber 22 omgebracht werd, en voor de dood van Raymond Laurent, die in dezelfde omstandigheden om het leven kwam in de nacht van 16 op 17 juli 1991 op een landweg. Alain Amsters zou de schoten hebben gelost op Vincent Bonehill, de baas van hotel Britannia in Gembloers, die beide beschuldigden in de nacht van 25 op 26 mei '91 overvielen.

Bij de feiten was nog een derde persoon betrokken. Frédéric O. was destijds echter minderjarig zodat hij niet voor het assisenhof kan verschijnen.

Verzot op wapens

De misdadige carrière van het drietal, de oude schoolmakkers Legras en Amsters en de minderjarige, start in april 1991 met de diefstal van vuurwapens en munitie uit het gerechtshof van Nijvel. Legros, die verzot is op wapens, leert zijn twee gezellen hoe ze de wapens moeten gebruiken. Daarop volgt een reeks overvallen die steeds gewelddadiger worden. Ze concentreren zich vooral op hotels en andere kwetsbare doelen. De auto's verkrijgen ze door car-jacking. waarbij ze telkens een wagen overvallen en de bestuurder de sleutels ontfutselen. Ze beroven hem ook en dwingen hem de code van zijn betaalkaart te vertellen. Het trio is steeds gemaskerd en draagt handschoenen.

Op 17 mei stelen ze een een auto om diezelfde nacht een biljartzaak in Ottignies te overvallen. Ze gaan er vandoor met de inhoud van de kassa, zo'n 20.000 fr. Op 25 mei stelen ze weer een wagen. Dezelfde nacht rond 1 uur overvalt het trio hotel Brittania. Daarbij wordt de eigenaar gewond en 17.000 fr. uit de kassa geroofd.

In de nacht van 12 op 13 juli overvallen ze een werknemer van het sportcentrum van Louvain-la-Neuve en schieten hem dood op de parking van de universiteit. Op 17 juli om 7 uur doden de overvallers Raymond Laurent, wiens wagen ze wilden stelen.

De drie overvallers worden opgepakt na een tussenkomst van de stiefmoeder van de minderjarige, die het arsenaal van het trio in haar woning had ontdekt. Ze verwittigt de politie, die het verband legt tussen de diefstal in het gerechtshof en de overvallen. Amsters geeft de feiten onmiddellijk toe. Legros ontkent aanvankelijk, maar bekent later ook.

Paranoïde psychopaat

De psychiaters menen dat Jean-François Legros gezien zijn mentale toestand een gevaar voor de samenleving is. Ze omschrijven hem als een paranoïde psychopaat. Zijn intelligentie ligt iets beneden het gemiddelde. De diagnose is minder streng voor Amsters, die een gemiddelde intelligentie heeft, maar een persoonlijkheid die getekend is door een strenge opvoeding.

Jean-François Legros wordt verdedigd door meester Bosquet en Alain Amsters door meester De Quévy. Het hof wordt voorgezeten door raadsheer Gérard en het openbaar ministerie wordt waargenomen door advocaat-generaal Loop. Wegens het potentieel gevaar van Legros zijn de veiligheidsvoorzieningen versterkt en zijn rijkswachtescortes voorzien.

Bron: Gazet van Antwerpen | 12 Maart 1994

Beschuldigde komt in gevangenisplunje

Onder verscherpt toezicht van de rijkswacht is maandag voor het assisenhof van Brabant het proces begonnen tegen de 22-jarige Alain Amsters en de 23-jarige Jean-François Legros. Beiden worden beschuldigd van een hele reeks gewelddadige en dodelijke overvallen, waardoor vooral Waals-Brabant in de lente van 1991 werd opgeschrikt.

Een derde persoon die vermoedelijk bij de gewelddaden betrokken was, zal niet voor het assisenhof terechtstaan. Omdat hij ten tijde van de feiten minderjarig was, zal hij tijdens de zittingen enkel als getuige worden gehoord. Naar schatting zal het proces twee weken duren.

Het openbaar ministerie beschuldigt Amsters en Legros van twee dodelijke overvallen, van moordpoging om een diefstal te vergemakkelijken alsmede van een hele reeks autodiefstallen. Ook werden talrijke personen overvallen in hotels en drankgelegenheden. Het duo stal de brieventassen van zijn slachtoffers en bedreigde hen vervolgens met een wapen om het geheime banknummer of de bankcode te weten te komen.

Amsters wordt in de verslagen van de psychiaters omschreven als een meeloper, die niet bijzonder intelligent is. Legros wordt gezien als een ondernemende, gevaarlijk paranoïde misdadiger. Ook is hij een groot liefhebber en kenner van allerlei vuurwapens.

Verdediging ongewenst

Legros verschijnt voor het hof in zijn gevangenisplunje en weigert zijn burgerkleren te dragen. Hij wil ook geen gebruik maken van zijn wettelijk recht op verdediging. Mr. Denis Bosquet, die als verdediger van Legros door de voorzitter van het hof werd aangeduid, omschrijft op de openingszitting zijn toestand als volgt: "Jean-François Legros heeft tot nu toe iedere vorm van verdediging systematisch geweigerd. Onze rol zal dus beperkt blijven tot het toezien op de eerbiediging van de procedure. Wat het eigenlijke verloop van het proces betreft, zullen we het zwijgen behouden ... Nochtans wens ik toch te verduidelijken dat onze cliënt tijdens de afwikkeling van het proces nog van mening kan veranderen en ons nog altijd kan mandateren om vragen te stellen".

Met deze uitlating van mr. Bosquet is meteen de aparte toon gezet van de assisenzaak. Alles wordt al meteen duidelijk via het dovemansgesprek dat de voorzitter van het hof, Karine Gerard, voert met Legros. Op de vragen, die hem worden gesteld, blijft hij zwijgen. Hij veroert zelfs de lippen niet. Om de juryleden (8 mannen en 4 vrouwen) en het hof zo ruim mogelijk te kunnen voorlichten over de handel en wandel van beklaagde, is voorzitter Gerard dan ook genoopt om exclusief een beroep te doen op de processen-verbaal van de ondervragingen uit het vooronderzoek.

“Ik ben een monster”

Uit de biografische schets blijkt dat Legros reeds zeer jong in aanraking kwam met het gerecht en veel te lijden had van de ondervragingen en de behandeling in de gevangenis. Anderzijds blijkt uit verklaringen van de gevangenisbewakers van Bergen dat hij zich uiterst provocerend gedroeg. "Meermaals zou hij zelfs zijn spijt hebben uitgesproken over het feit dat hij nog niet meer mensen had omgebracht."

De ondervraging van Alain Amsters verloopt vrij vlot. Amsters zegt geen goede betrekkingen te hebben gehad met zijn ouders omdat zij leden waren van de Getuigen van Jehova. Amsters schuift alle verantwoordelijkheid af op Legros en zei dat hij moest gehoorzamen, want hij had schrik.

Legros lijkt de leidersrol op zich te nemen. Zo bevestigde hij zonder meer een monster te zijn.

Bron: Gazet van Antwerpen | 15 Maart 1994

“Een moordenaar die zichzelf vernietig”

Op de tweede dag van het proces van de 22-jarige Alain Amsters en de 23-jarige Jean-François Legros, die beschuldigd worden van twee moorden en een moordpoging, getuigden gisteren gerechtsartsen, wapendeskundigen en psychiaters.

De gerechtspsychiaters beoordeelden de twee beschuldigden zeer verschillend. Legros werd door hen beschreven als een gecomplexeerd en gekleineerd persoon die anderen wil domineren.

Vermits men niet van hem kan houden, wil hij dat anderen hem vrezen. Hij is een moordenaar, maar tegelijk iemand die zichzelf vernietigt, aldus de psychiaters.

Ondervraagd door de advocaten erkenden de psychiaters dat Legros tekenen van werkelijke spijt vertoont. "Hij is een intelligent iemand, die zichzelf in vraag stelt maar tegelijk beseft dat het eigenlijk te laat is".

De diagnose van de experten was minder zwaar voor Amsters. Ze vonden zijn criminele daad verwonderlijk. Hij moet nog in staat zijn zich te herpakken. Het feit dat hij in de gevangenis heeft gezeten als getuige van Jehovah en dienstweigeraar, heeft hem wellicht dooreengeschud en doen opkijken naar iedereen die autoriteit heeft, aldus de psychiaters.

Amsters is verantwoordelijk voor zijn daden. Hij bekent de chauffeur te zijn geweest en de wapens te hebben geleverd, maar hij voelt zich niet "subjectief verantwoordelijk". Hij zit in een spiraal van geweld, maar is zich daar blijkbaar niet helemaal van bewust. Wel heeft hij oprecht spijt, aldus de gerechtspsychiaters.

Kogels bij de vleet

Uit de verslagen van de wapendeskundigen blijkt dat de beheerder van hotel Britannia in Gembloers, Vincent Bonehill, in mei 1991, zeer ernstig werd gewond door een schot, afgevuurd door Alain Amsters. Het schot werd gelost op het ogenblik dat het slachtoffer zijn aanranders bedreigde met een barkruk of reeds op de grond lag.

In verband met de overval in juli 1991 op de campus van Louvain-la-Neuve, waar Jean Deghelt werd doodgeschoten om er met zijn auto te kunnen vandoor gaan, zegden getuigen dat het slachtoffer met drie kogels werd neergeschoten. Ook ging een korte en hevige schermutseling aan de schoten vooraf, vermits tijdens de lijkschouwing verscheidene inslagen met de kolf van een pistool op het hoofd van het slachtoffer werden vastgesteld.

Bij de tweede moord, gepleegd door Legros in juli 1991 op Raymond Laurent, werden vijf kogels afgevuurd, waarvan twee in het hoofd, zo zegden de wapendeskundigen. Een officier van de gerechtelijke politie van Nijvel zei dat Legros een kwaadaardig man is die zich wil opwerpen als "caïd" van de bende. Amsters omschreef hij als iemand met een wat dubbelzinnige houding.

Bron: Gazet van Antwerpen | 16 Maart 1994

Alain Amsters speelde de sleutelrol

Onderzoekers van de Nijvelse gerechtelijke politie waren ook gisteren streng voor de 22-jarige François Legros die samen met de even oude Alain Amsters terecht staat wegens een reeks gewapende overvallen, waarvan twee met dodelijke afloop. Legros werd als een koud en kwaadaardig man omschreven.

Ze haalden ook een opmerkelijke anekdote aan. Legros stuurde de onderzoekers in de jongste eindejaarsperiode een kaart waarin hij hen de meest vreselijke ziekten toewenste.

Niettemin onderstreepten ze de sleutelrol van Amsters, zonder wie de feiten niet zouden zijn gepleegd. Hij was het die de wapens leverde, de streek kende en de plaatsen aanwees waar de overvallen moesten gepleegd worden.

Een sociaal assistente, die Amsters in de gevangenis heeft gevolgd, zei dat de man zich maar zeer traag rekenschap geeft van de ernst van de feiten. Hoop op reïntegratie in de samenleving is echter gewettigd. De man leeft georganiseerd in zijn cel en zorgt voor hygiëne.

Advocaat-generaal Loop kwam daarop tussenbeide en wees op het vermeende geslepen en dubbelzinnige karakter van Amsters. De sociaal assistente antwoordde daarop dergelijke persoonlijkheidskenmerken niet te hebben ontdekt.

Bij de feiten was nog een derde persoon betrokken. Frédéric O. was in die periode echter minderjarig en kon daardoor niet voor het assisenhof verschijnen. Ter zitting verklaarde de vader van de jongen verrast te zijn over wat is gebeurd. Hij beschreef zijn zoon als een normale jongere, maar toen hij weer thuis kwam van vakantie trof hij in een kamer niettemin een waar wapenarsenaal aan. "Ik dacht eerst aan een wapenhandel en heb de link met
de overvallen in de streek toen niet gelegd", aldus de man.

Ik weet het niet

Frédéric werd ook gehoord. De getuige antwoordde op vragen van raadsheer Karine Gérard, van de advocaten van de burgerlijke partijen en van de verdediging en van juryleden meestal "Ik weet het niet" of "Ik ben het vergeten".

De jongeman nam diverse keren Jean-Francois Legros op de korrel. Deze beschuldigde, die het op zijn heupen kreeg, vond het na het getuigenverhoor nodig te vertellen dat de vernielingen in het appartement van hun vriend Amsters, aangericht om hem onder druk te zetten, ook door Frédéric werden veroorzaakt.

Eerst had Frédéric gezegd dat hij aan die vernielingen niet had deelgenomen. Later verklaarde hij "wel aanwezig te zijn geweest, maar niets te hebben gedaan". Die laatste uitspraak lokte de woede van Legros uit. Ondervraagd over de gewelddadige overvallen met dodelijke afloop bleek Frédéric zich al evenmin iets te herinneren.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Maart 1994

Vader Legros kriigt de schuld

De jury op het Brabantse assisenproces van Jean-François Legros en Alain Amsters hoorde een aantal getuigen. De twee beschuldigden staan terecht voor twee roofmoorden en een poging tot doodslag. Een derde dader, Frédéric O., was minderjarig op het ogenblik van de feiten en dient zich niet voor het assisenhof te verantwoorden.

Een vriendin en collega van de moeder van Legros wees diens vader aan als voornaamste reden voor het gedrag van Jean-François. "Als Jean-François vandaag zo is, is dat voornamelijk te wijten aan zijn vader". Die vader stelde ter zitting dat hij door zijn ouders niet goed werd opgevoed. "Maar je ziet dat slechts jaren later. Ik had niets, zelfs geen hobby's. En ik deed hetzelfde met mijn zoon, maar hij heeft nooit maar het tiende gezien van wat ik heb meegemaakt. Maar het is juist dat hij ten aanzien van andere kinderen niet veel heeft gehad …”

Diezelfde vader gaf ook zonder schroom ter zitting toe dat hij tegenover zijn zoon vaak woede-uitbarstingen had. Uitbarstingen waarbij hij het speelgoed van de jongen kapotsloeg of hem zwaar beledigde. Een oom van Jean-François Legros aan moeders kant spaarde zijn kritiek niet op de vader van beschuldigde. Volgens hem is de vader helemaal de schuld van het mislopen van Jean-François. De jongen kreeg helemaal geen affectie, zo verluidde, en zijn opvoeding was één groot tekort.

De studieprefect van het atheneum in Gembloers verklaarde ter zitting dat Jean-François een eenzaat was met een moeilijk karakter.

Bron: Gazet van Antwerpen | 18 Maart 1994

Verhaal van de wolf en de vos

Voor het assisenhof van Brabant ging maandag het proces van Jean-François Legros en Alain Amsters, beschuldigd van twee roofmoorden en een poging tot doodslag, zijn tweede week en tegelijk de eindfase in.

Vincent Bonehill is de uitbater van het hotel Britannia en werd midden 1991 slachtoffer van een moordpoging die volgens de advocaten van de burgerlijke partij elk voorstellingsvermogen tart. "Het infernale trio" - de derde dader, Frédéric O., was minderjarig op het ogenblik van de feiten en dient zich niet voor het assisenhof te verantwoorden - veroorzaakte volgens de advocaten in de periode mei-juni '91 in Waals-Brabant een golf van paniek.

Advocaat-generaal Loop bezwoer de juryleden niet in het verhaal van de wolf (Legros) en het lam (Amsters) te tuinen. "We staan hier voor het proces van de wolf en de vos", zo betoogde de aanklager, die Amsters afschilderde als "een gehaaide en sluwe verleider".

De advocaat-generaal nam bovendien akte van het feit dat de verdediging schuldig pleit, maar hij wilde niet in de val trappen van een "oppervlakkig schuldpleidooi". Daardoor zou men volgens advocaat-generaal Loop de slachtoffers te veel onrecht aandoen". Hij analyseerde minutieus alle ten laste gelegde feiten en vroeg de jury over de hele lijn bevestigend te antwoorden op de schuldvragen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 22 Maart 1994

Jean-François Legros en Alain Amsters schuldig

De jury bij het assisenhof van Brabant heeft woensdagnamiddag na twee uur beraadslaging Alain Amsters en Jean-François Legros schuldig bevonden aan alle hen ten laste gelegde feiten, behalve inzake de poging tot doodslag op Vincent Bonehill.

De juryleden vonden dat het in dit laatste geval om diefstal met geweld zonder het oogmerk te doden ging. Ze werden oorspronkelijk beschuldigd van twee roofmoorden en een poging tot moord.

Tijdens de voormiddagzitting kwam de verdediging aan het woord. Meester Bosquet, de eerste verdediger van Jean-François Legros, verklaarde dat zijn cliënt schuldig is, maar dat hij wil weten waarom hij één en ander gedaan had. Hij had ook scherpe kritiek op bepaalde interventies en verklaringen van de burgerlijke par.tijen tijdens het proces. Zo hekelde hij het feit dat een inspecteur van de gerechtelijke politie van Nijvel een wenskaart die hij van Legros gekregen had tijdens zijn getuigenis uit zijn zak gehaald had. "Dat geeft een bitter, belachelijk en wrekend beeld van het gerecht".

Ook de advocaat-generaal en de burgerlijke partij werden op de korrel genomen omdat ze "de vraag over de strafmaat aansneden voordat het eerste debat over de schuld gevoerd was". Meester Bosquet had wel woorden van lof voor voorzitter Carine Gérard van het assisenhof omdat ze door haar tussenkomsten en ondervragingen "het mooiste beeld gegeven had van het gerecht", waardoor Jean-François Legros ging beseffen dat het werkelijk bestaat. Tot slot spoorde hij het hof aan blijk te geven van meer redelijkheid, omdat men door de zaken te negatief voor te stellen de zin voor de noodzakelijke maat verliest.

Meester Calewaert, de tweede verdediger, gaf een overzicht van de feiten, met enkele correcties die het beeld zouden kunnen aanpassen dat de jury over het aandeel van Alain Amsters had. Ook de verdediger van Alain Amsters gaf een overzicht van de feiten en zei tot de advocaat-generaal: "Alain Amsters moet veroordeeld worden voor hetgeen hij gedaan heeft en het is belangrijk erop te wijzen dat mijn cliënt niet de bedoeling had Bonehill te doden".

Na de middag namen de beklaagden nog even het woord vooraleer de jury zich terugtrok om de 43 vragen te beantwoorden. Legros pleitte schuldig, terwijl Amsters vroeg de families van de slachtoffers hen ooit zijn verontschuldigingen te kunnen aanbieden. Na twee uur beraadslagen achtte de jury beiden schuldig.

Bron: Gazet van Antwerpen | 23 Maart 1994

Levenslang voor Legros 20 jaar voor Amsters

Na een beraadslaging van twee en een half uur heeft het assisenhof van Brabant woensdagnamiddag Jean-François Legros tot levenslange dwangarbeid en Alain Amsters tot twintig jaar dwangarbeid veroordeeld. De twee waren dinsdag door de jury schuldig bevonden aan een reeks overvallen, waarvan twee met dodelijke afloop, in de lente en zomer van 1991.

Het openbaar ministerie vroeg de doodstraf voor Legros en minstens 20 jaar voor Alain Amsters "die de wapens leverde en de chauffeur was". Mrs. De Breemaecker en Bosquet noemden de doodstraf barbaars, een legaliseren van moord. "Reageer niet onder de logica van de angst of van de sociale druk", zo riep mr. Bosquet uit, die benadrukte dat de maximumstraf nooit de criminaliteit aan banden heeft gelegd.

De advocaat vroeg een gevangenisstraf van twintig jaar, een straf die Jean-François Legros de hoop moet laten zichzelf in vraag te stellen.

Voor Alain Amsters voerde mr. De Quévy een hele reeks verzachtende omstandigheden aan. "De persoonlijkheid van Amsters is bemoedigend. Hij kan opnieuw worden geïntegreerd. Hij vraagt een straf van iets minder dan 20 jaar", besloot mr. De Quévy.

Bron: Gazet van Antwerpen | 24 Maart 1994