861

(1 replies, posted in Andere Personen)

Arthur Timmermans uit Dilbeek was een inspecteur bij de gerechtelijke politie in Brussel. Hij stond in oktober 1986 terecht voor de Brusselse correctionele rechtbank omdat hij inlichtingen uit dossiers had doorgespeeld aan criminelen. Hij werd veroordeeld tot twee jaar cel wegens passieve corruptie en schending van het beroepsgeheim.

Hij werd in juni 1991 gearresteerd als lid van de bende rond Freddo Godfroid. Hij werd een jaar later tot zes jaar cel veroordeeld.

Inspecteur Brusselse gerechtelijke politie aangehouden

Onderzoeksrechter Guy Bellemans plaatste de 27-jarige Arthur Timmermans uit Dilbeek, een inspecteur bij de gerechtelijke politie, onder aanhoudingsmandaat wegens passieve corruptie en schending van het beroepsgeheim.

Inspecteur Timmermans, sinds 7 jaar werkzaam bij de gerechtelijke politie te Brussel, was de jongste maanden tewerkgesteld in de sectie van de valse en gestolen checks, die geleid wordt door gerechtelijke commissaris Binz.

De zaak kwam aan het licht door de gerechtelijke ondervraging van verscheidene verdachten die te maken konden hebben met een zwendel in gestolen checks. Uit de verklaringen van sommige van deze verdachten bleek, dat inspecteur Timmermans ten minste één keer inlichtingen over zwendel in gestolen checks aan het milieu had doorgespeeld, tegen de uitbetaling van een som van 40.000 Bfr.

De verstrekte inlichtingen hielden verband met de staat van het onderzoek over de gestolen checks, zoals ze in bepaalde dossiers stonden opgetekend. Gezien inspecteur Timmermans de feiten toegeeft, waren er voldoende elementen voorhanden om hem onder aanhoudingsmandaat te plaatsen.

Bron: Gazet van Antwerpen | 30 Augustus 1984

Inspecteur Timmermans bekent nieuwe feiten van corruptie

De 27-jarige Arthur Timmermans uit Dilbeek, inspecteur bij de gerechtelijke politie van Brussel, die maandag door onderzoeksrechter Guy Bellemans onder aanhoudingsmandaat werd gesteld, wegens passieve corruptie en schending van het beroepsgeheim, ging tot nieuwe bekentenissen over.

Hij gaf nl. toe in totaal viermaal inlichtingen te hebben verstrekt aan leden van het milieu van de gestolen checks telkenmale tegen de uitbetaling van een som geld. Tot nog toe was slechts een geval bekend van het doorspelen van inlichtingen waarvoor hem een bedrag van 40.000 fr, werd uitbetaald.

Timmermans werd inmiddels in een afgezonderde cel opgesloten en mag gedurende drie dagen geen contacten onderhouden met zijn advocaat Mr. Van Aelst.

Tot voor kort stond hij bij de gerechtelijke politie bekend als een degelijk politieman en goed werker. Zeven jaar geleden trad hij toe tot de gerechtelijke politie.

Hij kwam aanvankelijk terecht in de sectie diefstallen. Sinds enkele jaren was hij werkzaam in de sectie van valse en gestolen checks.

Ondertussen werd vernomen dat in de zaak-Timmermans eveneens een Joegoslaaf werd aangehouden in het Groothertogdom Luxemburg.

In gerechtelijke kringen in Brussel verwacht men zich overigens nog aan andere arrestaties.

Bron: Gazet van Antwerpen | 31 Augustus 1984

Nieuwe arrestatie in zaak van aangehouden Brusselse politie-inspecteur

Onderzoeksrechter Guy Bellemans heeft de uitlevering gevraagd van Daniel Beaudouin, een Luxemburger die vorige zaterdag in Parijs werd aangehouden. Die arrestatie houdt verband met de corruptie die eind augustus te Brussel aan het licht kwam.

Toen werd Arthur Timmermans (27), een inspecteur van de gerechtelijke politie, aangehouden omdat hij tips doorgaf aan het milieu in verband met gestolen checks. Men beweert dat Beaudouin een en ander zou hebben betaald voor de “hulp- en spandiensten” van Timmermans.

Onrechtstreeks in verband met de arrestatie van de politie-inspecteur uit Dilbeek werd eind vorige week ook Willy Michiels, de burgemeester van Haaltert aangehouden.

Bron: Gazet van Antwerpen | 25 September 1984

Corrupte politieman uit Dilbeek blijft aangehouden

Arthur Timmermans, de 27-jarige inspecteur van de gerechtelijke politie te Brussel, die vorige maand werd aangehouden, verscheen donderdag opnieuw voor de Raadkamer van Brussel.

De politieman, die inlichtingen uit vertrouwelijke dossiers doorspeelde aan personen die aanleunden bij de onderwereld, blijft onder arrest. Daar had overigens niemand aan getwijfeld, want de gepleegde feiten worden door ingewijden als zwaar bestempeld.

Daarbij komt dat Timmermans zich voor zijn “hulp- en spandiensten” liet betalen. Het is de corruptie van de politieman die onderzoeksrechter Guy Bellemans ook aanzette om de burgemeester van Haaltert te arresteren.

Behoudens Arthur Timmermans, die gehuwd is geweest met een meisje uit Haaltert en te Dilbeek woont, verscheen in dezelfde zaak ook de Joegoslaaf Nino Luckich voor de Raadkamer. Die was in het Groothertogdom Luxemburg op last van onderzoeksrechter Bellemans gearresteerd en uitgeleverd. De raadkamer bevestigde ook voor Luckisch het aanhoudingsmandaat.

Bron: Gazet van Antwerpen | 29 September 1984

Burgemeester Michiels van Haaltert blijft aangehouden

De kamer van inbeschuldigingstelling bij het hof van Beroep te Brussel, velde vrijdag een arrest waarbij het aanhoudingsbevel tegen August-Willy Michiels, burgemeester van Haaltert, wordt verlengd.

Michiels werd 20 september door onderzoeksrechter Guy Bellemans aangehouden op grond van actieve corruptie. Toen bleek dat hij een bedrag van 75.000 fr. had geschonken aan de Brusselse inspecteur bij de gerechtelijke politie, Arthur Timmermans. Deze verklaarde immers tijdens het onderzoek dat hij met voornoemde geldsom een voertuig had aangekocht.

Michiels, die de eerste vrouw van Timmermans goed kende, omdat ze vroeger ook in Haaltert woonde, beweerde de inspecteur de 75.000 fr. te hebben geleend alleen om een vriendendienst te bewijzen en onder voorwaarde dat het geleende geld later volgens de financiële mogelijkheden van betrokkene zou worden terugbetaald.

Ondanks deze verklaringen werd Michiels wegens corruptie onder aanhoudingsmandaat geplaatst. Er was immers gebleken dat Timmermans van verschillende personen, uit het milieu van gestolen checks, geldsommen had gekregen voor het doorspelen van geheime inlichtingen uit gerechtelijke dossiers.

Het ziet er thans naar uit dat de corruptie, die aanvankelijk tegen Michiels werd weerhouden, hoe langer hoe meer op de achtergrond geraakt. Michiels wordt thans hoofdzakelijk beschuldigd van fiscale fraude, zodanig dat de KIB een expert aanduidde, die de boekhouding van de burgemeester van Haaltert grondig zal napluizen, wat verschillende maanden in beslag kan nemen.

Zolang het deskundig verslag niet bekend is, dreigt Michiels aangehouden te blijven. De verdediging pleitte voor de KIB dat de fiscale fraude, in de veronderstelling dat ze wordt bewezen, gepleegd werd niet in het Brusselse, maar wel in een ander arrondissement, waarvoor onderzoeksrechter Bellemans niet meet bevoegd is.

Bron: Gazet van Antwerpen | 3 November 1984

Inspecteur Timmermans blijft aangehouden

De raadkamer bit de rechtbank van cerste aanleg te Brussel. bevestigde donderdag het aanhoudingsmandaat van de 27-jarige Arthur Timmermans, gewezen gerechtelk inspecteur te Brussel. Timmermans wordt beschuldigd van passieve corruptie, ten overstaan van een bende, gespecialiseerd in het verzilveren van gestolen cheques.

Bron: Gazet van Antwerpen | 16 November 1984

Burgemeester van Haaltert blijft aangehouden

Aangehouden op 20 september wegens actieve corruptie, verscheen Willy Michiels, burgemeester van het Oost-Vlaamse Haaltert, opnieuw voor de raadkamer van Brussel. Michiels, die voor de betichting van omkoperij reeds eerder werd vrijgesproken, bleef echter aangehouden wegens fiscale fraude.

Uit het onderzoek is gebleken dat hij met zijn speelautomaten voor ten minstens 78 miljoen fiscale fraude heeft gepleegd. Samen met de burgemeester verscheen ook Arthur Timmermans, inspecteur van de gerechtelijke politie te Brussel, voor de raadkamer. Men besloot hem voorlopig in vrijheid te stellen doch het parket ging in beroep, zodat de politieman uit Dilbeek ook in de gevangenis blijft.

Timmermans werd eind augustus gearresteerd nadat aan het licht was gekomen dat hij als officier van de gerechtelijke politie vertrouwelijke gegevens uit dossiers in onderzoek langs een tussepersoon had verkocht aan het Brusselse milieu.

Bron: Gazet van Antwerpen | 15 December 1984

Timmermans toch vrij

In tegenstelling met andere berichten werd politie-inspecteur Anhur Timmermans uit Dilbeek, vrijdagavond toch in vrijheid gesteld door de kamer van inbeschuldigingstelling bij het Hof van Beroep te Brussel. Timmermans werd in augustus aangehouden in verband met corruptie.

Bron: Gazet van Antwerpen | 24 December 1984

Corruptie-zaak mag niet worden gesplitst

Als gevolg van een tussenarrest van het Hof van Beroep te Brussel zullen August Michiels, burgemeester van het Oost-Vlaamse Haaltert, Charles Timmermans, inspecteur bij de gerechtelijke politie te Brussel, Charles Bastiaensen, Daniel Baudouin en de Joegoslaaf Nemad Lukic op 12 november voor het Hof moeten verschijnen onder meer wegens corruptie.

Volgens de akte van beschuldiging ontving inspecteur Timmermans hetzij geld ofwel een auto van de vier andere beklaagden in ruil voor inlichtingen uit geruchtmakende dossiers. Eén van deze vier, Charles Bastiaensen, wordt ook verdacht van handel in valse of gestolen cheques. Hij schoot bovendien in augustus 1984 de slager Marc De Clercq neer te Sint-Agatha-Berchem.

Enkele maanden geleden kwam de ganse zaak voor de Franstalige kamer van de Correctionele Rechtbank te Brussel. Omdat twee beklaagden Nederlandstalig zijn en drie anderen Franstalig besloot de rechter toen de zaak te splitsen. Tegen deze beslissing werd onmiddellijk beroep aangetekend door het openbaar ministerie.

Raadsheer Mw. Lummen sprak dinsdag voor het Hof van Beroep de mening uit dat de corruptie waarvan Timmermans wordt verdacht, gebeurde ten overstaan van de vier anderen. Er is dus geen aanleiding tot splitsing en de hele zaak moet door het Hof van Beroep worden behandeld.

De beslissing van het Hof heeft tot gevolg dat alle verdachten één instantie zullen overslaan. Bij een eventuele veroordeling zullen ze immers geen beroep kunne aantekenen.

In verband met Bastiaensen is het bijna zeker dat hij voor het Assisenhof zal moeten verschijnen een het doodschieten van De Clercq.

Bron: Gazet van Antwerpen | 15 Oktober 1986

Gerechtelijk inspecteur liet zich omkopen

Gerechtelijk inspecteur Timmerman uit Ukkel wordt voor het Hof van Beroep te Brussel beschuldigd van passieve corruptie.

De man zou inlichtingen verschaft hebben aan burgemeester Michiels van Haaltert over een voorraad spelen, die dreigde in beslag genomen te worden. Voor bewezen diensten zou Timmerman een auto gekregen hebben, waarvan hij zelfs de BTW niet hoefde te betalen.

Van de vijf beklaagden liet Daniël Beaudouin (40) woensdag verstek gaan. Naast Arthur Timmerman (30) uit Ukkel stonden ook terecht de Joegoslaaf Menad Lukic (34), kelner, burgemeester Michiels (40) van Haaltert en maatschappijbediende Charles Bastiaensen uit Sint-Agatha-Berchem.

De stock aan spelen, toebehorende aan Michiels, zou in beslag genomen worden. Gerechtelijk inspecteur Timmerman verwittigde de burgemeester van Haaltert. In ruil kreeg Timmerman een VW Golf diesel, zelfs zonder BTW-kosten.

Met Bastiaensen was het erger. Die was blijkbaar ook betrokken bij een zwendel in gestolen cheques. Via de Ukkelse inspecteur vernam Bastiaensen dat hij verklikt was geworden door een slager uit Sint-Jans-Molenbeek. Op 13 augustus 1984 ging Bastiaensen dan ook slager Declercq (27) op de Gentsesteenweg te Molenbeek doodschieten. Naar verluidt zou Timmerman voor de tip aan Bastiaensen 120.000 fr. hebben gekregen. Voor de doodslag moet Bastiaensen op 5 januari voor het Hof van Assisen van Brabant verschijnen.

Uit het rekwisitoor van advocaat-generaal Vandemeulebroeke blijkt dat inspecteur Timmerman zich liet omkopen omdat hij sinds 1982 in grote geldnood verkeerde. Hij was immers gaan samenwonen met een Joegoslavische mannequin die aanvankelijk over een klein kapitaal beschikte, maar waarvan weldra niets overbleef. Deze vrouw was gewoon aan een weelderig leven en spendeerde bovendien 50.000 fr. per maand aan telefoontjes naar haar land van herkomst.

Inspecteur Timmerman kon met een maandwedde van 33.000 fr. onmogelijk het hoofd bieden aan al deze onkosten. Hij liet zich dan ook omkopen.

Wat de Joegoslaaf Lukic betreft, deze trad bij haast alle omkopingszaken als tussenpersoon op. Zulks was in mindere het geval met Beaudouin.

De openbare aanklager was er niet helemaal zeker van dat burgemeester Michiels wel wist dat inspecteur een dure wagen zou krijgen. Alle andere beschuldigingen zijn volgens de advocaat-generaal onomstotelijk bewezen.

Vandaag komt de verdediging aan het woord.

Bron: Gazet van Antwerpen | 13 November 1986

Vrijspraak gevraagd voor burgemeester van Haaltert

De verdedigers van burgemeester Michiels van Haaltert hebben donderdag voor het Hof van Beroep te Brussel vrijspraak gepleit voor hun cliënt omdat corruptie niet kan worden bewezen.

Mr. Steghers en stafhouder Verstringhe stelden dat het dossier geen enkel element bevat waaruit zou blijken dat August Michiels strafbare inlichtingen bekwam van inspecteur van de gerechtelijke politie Arthur Timmermans, een van de andere beklaagde in deze corruptiezaak. Michiels had als industrieel en burgemeester de gewoonte geschenken uit te delen. Zo schonk hij o.a. een Volkswagen aan Timmermans, aldus de pleiters.

Mr. Stefanoff verklaarde dat haar cliënt Timmermans aan beklaagde Charles Bastiaensen enkel inlichtingen gaf die deze reeds kende. Timmermans aanvaardde de geschenken van Michiels om zijn vriendin te plezieren die hield van een weelderig leventje.

Voor de Joegoslaaf Menad Lukic pleitte Mr. Vanderveeren die stelde dat zijn cliënt slechts als tussenpersoon optrad en dat dit hem nauwelijks iets opleverde.

Mr. François, de advocaat van Charles Bastiaensen die in januari voor het assisenhof moet verschijnen wegens moord op een slager, vroeg dat de corruptiezaak bij de moordzaak zou worden gevoegd.

Bij de aanvang van de zitting stipte advocaat-generaal Van de Meulebroecke aan dat in 1982 Michiels met Timmermans sprak over het ontregelen door onbekenden van bingospelen die hij op de markt bracht. Onderzoeksrechter mw. Lumen kwam getuigen dat een proces-verbaal over gestolen cheques die Bastiaensen van Timmermans had gekregen, uit het dossier is verdwenen.

Het arrest wordt op een later datum verwacht.

Bron: Gazet van Antwerpen | 14 November 1986

Vrijspraak voor burgemeester van Haaltert, twee jaar voor politieman

Het Hof van Beroep te Brussel, voorgezeten door raadsheer Mw. Lumen, sprak maandag de 49-jarige August Michiels, burgemeester van Haaltert, vrij van actieve corruptie ten overstaan van de 30-jarige gerechtelijk inspecteur Arthur Timmermans, aan wie hij een VW Golf schonk.

Het Hof verklaarde dat de houding van de Oost-Vlaamse burgemeester verdacht overkwam, maar dat de beschuldiging van actieve corruptie niet voldoende kan worden bewezen. Van zijn kant kreeg Arthur Timmermans twee jaar effectieve gevangenisstraf en 30.000 fr. boete.

Vanwege twee andere beschuldigden, nl. de 40-jarige Charles Bastiaensen en de 40-jarige Daniel Baudouin, had Timmermans 120.000 fr. bekomen voor het verstrekken van bepaalde gegevens uit een dossier in verband met een handel in gestolen cheques. Wegens het doorspelen van deze gegevens maakte Timmermans zich niet alleen schuldig aan passieve corruptie, maar ook aan de schending van het beroepsgeheim.

Timmermans werd ter zitting aangehouden. Charles Bastiaensen en Daniel Beaudouin, die door Timmermans werden ingelicht, liepen wegens actieve corruptie elk een jaar cel en 18.000 fr. boete op. Samen met Timmermans werden Bastiaensen en Beaudouin uit hun burgerlijke en politieke rechten ontzet voor een termijn van vijf jaar.

Dank zij de inlichtingen die Bastiaensen van Timmermans had gekregen, kwam hij de naam te weten van de persoon die hem in de zaak van de valse cheques had verklikt bij het gerecht. Bastiaensen zou deze verklikker, een slager uit Sint-Jans-Molenbeek, later doodschieten. Hij zal voor deze feiten van 5 januari af moeten verschijnen voor het Hof van Assisen van Brabant.

Ten slotte werd de 34-jarige Joegoslaaf Menad Lukic veroordeeld tot één jaar cel, met een uitstel voor het gedeelte dat hij nog niet uitzat, en 12.000 fr. boete. Lukic trad bij de feiten op als tussenpersoon.

Bron: Gazet van Antwerpen | 9 December 1986

Cassatie in omkoperij van gerechtelijk inspecteur verworpen

Het verzoek tot verbreking, ingediend door gewezen gerechtelijk inspecteur Arthur Timmermans en Charles Bastiaensen tegen het arrest dat hen op 8 december veroordeelde tot twee en één jaar cel, werd woensdagmiddag verworpen door het Hof van Cassatie voorgezeten door raadsheer Stanard.

Arthur Timmermans had twee jaar cel gekregen wegens passieve corruptie en schending van het beroepsgeheim. Hij had informatie doorgespeeld aan Bastiaensen betreffende een dossier over gestolen cheques waarin de naam werd geciteerd van een man die hem had verklikt. Deze tipgever werd later door Bastiaensen op straat doodgeschoten.

Charles Bastiaensen kreeg één jaar cel wegens actieve corruptie. Had hij immers 120.000 fr. betaald aan Timmermans voor het bekomen van de informatie.

Terwijl Bastiaensen geen enkel middel naar voor bracht, liet de verdediging van Timmermans gelden dat het arrest van het Hof van Beroep dubbelzinnig en tegenstrijdig was. Deze thesis van de verdediging werd formeel door advocaat-generaal Mw. Liekendael tegengesproken.

Het openbaar ministerie had derhalve om de verwerping gevraagd van de voorziening in verbreking. Ze werd hierin gevolgd door het Hof van Cassatie.

Bron: Gazet van Antwerpen | 5 Maart 1987

Inspecteur vrijgesproken van heling te Brussel

De correctionele rechtbank te Brussel sprak donderdag de 29-jarige gewezen gerechtelijk inspecteur Arthur Timmermans vrij. De rechtbank beschouwde de heling waarvan hij werd beschuldigd als niet voldoende bewezen. Samen met een vijftal autodieven of autoschuimers verscheen Timmermans voor de rechtbank wegens de heling van voorwerpen, die door zijn metgezellen waren gestolen. Hij zou een radiotoestel voor 3.000 fr. hebben aangekocht, wat volgens het vonnis niet is bewezen.

De vijf medeplichtigen van Timmermans werden veroordeeld.

Bron: Gazet van Antwerpen | 6 Maart 1987

862

(0 replies, posted in Bende Farcy)

Michel Popovic was in de jaren '70 en '80 een loodgieter in Sint-Jans-Molenbeek. In juni 1973 werd hij gearresteerd om hij voor een café zes kogels had afgevuurd, waarbij één man gewond raakte.

In maart 1980 werd hij samen met acht andere personen uit de bende Farcy veroordeeld wegens drugshandel. Hij kreeg vier jaar cel.

Afgewezen minnaar wordt revolverheld

Woensdagavond omstreeks 23 u. vuurde de 44-jarige Brusselaar Michel Popovic 6 kogels af naar de 20-jarige Marokkaan Mohammed M'Kass in verband met het 17-jarig meisje Marie D. dat hij te vergeefs in de drankgelegenheid “Queen Mary Pub” aan de Van Praetstraat 20 had willen opzoeken. De Marokkaan liep slechts twee lichte verwondingen op in de dijen zodat hij ter plaatse kon worden verzorgd.

Popovic, die het meisje goed kende, had haar enkele dagen geleden slagen toegebracht tijdens een hevige discussie. Hij wilde blijkbaar de zaken weer voor mekaar brengen en daarom besloot hij haar woensdagavond te gaan opzoeken in de Queen Mary Pub aan de Van Praetstraat in de nabijheid van de Beurs te Brussel.

Daar het meisje geen uitstaans met Popovic wilde hebben, werd hij door verscheidene verbruikers verzocht buiten te blijven. Doch Popovic was vastbesloten het meisje te spreken en haalde meteen een revolver te voorschijn waarmee hij begon te driegen en waarmee hij trachtte met geweld binnen te geraken.

Op dat ogenblik kwam één der verbruikers, de Marokkaan M'Kass, tussenbeide die duidelijk partij had gekozen voor het meisje. M’Kass wist te verhinderen dat Popovic de drankgelegenheid binnenkwam.

Hierop werd laatstgenoemde woedend en begon te schieten. Een eerste kogel kwam tegen de grond terecht, twee andere ketsten af tegen de op straat geparkeerde wagens, een vierde vloog verloren doch twee projectielen drongen in de dijen van de M'Kass die slechts oppervlakkige verwondingen opliep.

Popovic liep er toen vandoor. doch kon korte tijd nadien in de nabijheid van zijn woonplaats aan de Groot Eilandstaat te Brussel worden aangehouden.

De man, die zich ondertussen  van zijn vuurwapen had weten te ontdoen, weigerde de feiten toe te geven. Hij werd echter formeel door verscheidene getuigen herkend zodat hij onder arrest werd geplaatst.

Bron: De Standaard | 22 Juni 1973

Drugbende zwaar gestraft

Negen personen die zich schuldig maakten aan de verkoop of het verbruik van heroïne, vaak in het gezelschap van minderjarigen, liepen woensdagmiddag een veroordeling op voor de correctionele rechtbank te Brussel. Vooral de hoofddaders werden zwaar gestraft, gezien bij deze handel verscheidene kilogrammen heroïne waren gemoeid.

Zo werd de 29-jarige barman Marcel Castris, zonder gekende woonplaats, veroordeeld tot zes jaar cel, de 33-jarige behanger Victor Van Obbergh uit Sint-Gillis tot vijf jaar cel, de 31-jarige loodgieter Michel Popovic uit Sint-Jans-Molenbeek en de 34-jarige fotograaf Michel Gigot uit Elsene, elk tot vier jaar cel, en de 25-jarige Francis Lus, zonder gekende woonplaats, tot drie jaar cel. Vier andere betichten liepen kleinere straffen op.

Marcel Castris uit het Brusselse, bijgenaamd “dikke Marcel”, stond aan het hoofd van de bende en was in de hoofdstad de vertrouwensman en rechterhand van Joseph Viennes.

Laatstgenoemde werd in oktober 1978 te Karachi (Pakistan) aangehouden, waar hij naartoe was getrokken om drugs te kopen. Viennes verklaarde er dat hij voor de Brusselse rijkswacht werkte, en verklikte meteen Castris en enkele van diens medewerkers. Onder hen kwamen de gebroeders Farcy voor met Albert, die een paar maanden terug uit de gevangenis van Den Haag ontsnapte.

Viennes die in Pakistan had verklaard dat hij voor de Belgische rijkswacht werkte, sprak gedeeltelijk de waarheid. De drugbrigade van de rijkswacht had zich immers op het ogenblik dat Viennes werd aangehouden geïnfiltreerd in het net van drugsmokkel tussen België en Nederland. Viennes was daarin een tussenpersoon die de Belgische speurders moest leiden naar Farcy en diens luitenanten.

Bron: De Standaard | 13 Maart 1980

863

(0 replies, posted in Terrorisme)

Julien Decock is een gewezen paracommando en hij is lid geweest van het Front de la Jeunesse. Hij was onder andere bevriend met Jean Bougerol en Gaston Dossogne. Hij was bekend als een wapentrafikant. Hij verkocht uit legerkazernes gestolen wapens aan Franse criminelen.

In 1972 werd hij door de Krijsraad veroordeeld wegens het martelen van soldaten tijdens NAVO-manoeuvres :

Tijdens NAVO-manoeuvres van 22 tot 27 november 1971 in de buurt van Robertville martelden zes Belgische paracommando’s zogenoemde “krijgsgevangenen” in een schuur die als commandopost diende. De slachtoffers werden gebonden, opgehangen aan balken, geslagen, met sneeuw ingewreven en onderworpen aan elektrische schokken via een veldtelefoon.

Julien Decock, eerste sergeant, speelde daarbij een centrale en actieve rol: volgens meerdere getuigen bond hij gevangenen vast, hielp hen ophangen aan een balk en plaatste de draden van de veldtelefoon tegen hun keel of halsslagader om stroomstoten toe te dienen.

Getuige Willy Denutte verklaarde dat Decock daarbij zei: “Ik heb Korea meegemaakt, ik weet wel hoe ik krijgsgevangenen aan de praat moet krijgen.” Decock ontkende de zwaarste beschuldigingen of minimaliseerde ze, maar verschillende getuigen bevestigden zijn betrokkenheid. Voor de krijgsraad van Luik werd hij uiteindelijk veroordeeld tot vier maanden gevangenisstraf met uitstel (voorwaardelijk voor drie jaar); samen met de andere veroordeelden moest hij bovendien een symbolische schadevergoeding van 1 frank betalen aan een burgerlijke partij.

Para’s martelden “krijgsgevangenen” tijdens manoeuvres

Vermoedelijk kreeg majoor Blondiau in zijn hele loopbaan als voorzitter van de krijgsraad te Luik zelden een moeilijker zaak op te lossen als die welke hem thans werd voorgelegd. Zelden ook kreeg krijgsauditeur Baiwir een delicater zaak voor de krijgsraad te behandelen. En zelden ook was de burgerlijke rechter Laurent sprakelozer tijdens een militair proces dan bij de beestachtige zaak die de krijgsraad deze keer onder handen kreeg. Het verhaal kan kort zijn: zes Belgische paracommando's - elitekorps van onze strijdkrachten - presteerden het om tijdens manoeuvres, uitgevoerd van 22 tot 27 november 1971 in de buurt van Robertville, enkele zogenaamde “krijgsgevangenen” te martelen op een schrikwekkende wijze.

De feiten : luitenant Luc Morel (30) uit Koksijde, eerste-sergeant Julien Decock (27) uit Luinge, sergeant Patrick Martinus (25) uit Lombardsijde, korporaal Freddy Morlion (23) uit Nieuwpoort, korporaal Gaston Dujardin (32) uit Moeskroen en korporaal Jean-Louis Beauduin (22) uit Bergen opereerden tijdens de oefeningen in nauwe samenwerking met Britse, Amerikaanse, Nederlandse en andere Belgische eenheden tijdens de NAVO-oefeningen.

Op het programma stond duidelijk dat eventuele ”krijgsgevangenen” dienden te worden overgebracht naar het kamp van Elsenborn. Aangezien de weersomstandigheden echter uitzonderlijk slecht waren, kwam er een tegenorder: elke eenheid die “gevangenen maakte” diende die naar de commandopost over te brengen. Daar zouden zij dan worden ondervraagd. Dat alles - zo stond ook duidelijk in de instructies - gebeurde op een vriendschappelijke basis. Het waren immers maar oefeningen.

Als dieren

De 15e compagnie van de para's installeerde het hoofdkwartier in een oude boerderij te Robertville. En toen men een paar “krijgsgevangenen” had gemaakt, begon het. De eerste gevangenen, die in de commandopost werden binnengebracht, werden aan handen en voeten gebonden, als dieren naar een hogere verdieping gehesen en daar hard op het beton neergesmeten. Een tweede ploeg gevangenen, onder wie luitenant Deldael, werd nog harder aangepakt. Eén van de “krijgsgevangenen” viel verscheidene malen flauw, waarop de man enkele aspirinetabletten in de mond geduwd kreeg. Voor de paracommando's was dat voor de patiënt voldoende.

Hard was men vooral tegenover luitenant Deldael, die enkele bezwarende papieren op zich droeg. De man kreeg door de para's enkele elektrische schokken door het lichaam gejongd. Daarna zette men een lege emmer omgekeerd op zijn hoofd, waarna een paracommando gedurende een half uur op de emmer bleef trommelen. Tenslotte werd de half bewusteloze luitenant uitgekleed, de sneeuw ingejaagd en daarna nog eens voorzien van meerdere elektrische schokken. Na al die belevenissen werden de “gevangenen” naar Elsenborn overgebracht.

Op 23 november maakten de para’s nog enkele kriigsgevangenen tijdens de vriendschappelijke oefeningen. Die worden op een even beestachtige manier behandeld. Aan de martelgang van de gevangenen kwam pas een einde, toen een majoor op de hoogte werd gebracht van wat er allemaal gebeurde in de commandopost, en ingreep.

Voor de krijgsraad van Luik kwamen de para's nauwelijks uit hun woorden. “Ik liet mijn jongens hun gang gaan”, hakkelde luitenant Morel. “Ik dacht dat het er allemaal bij hoorde.”

Eerste sergeant Decock: “Ik meende dat ik het zo moest doen. Het was de enige methode om de nodige inlichtingen uit de gevangenen los te krijgen.”

Sergeant Martinus: “Nee, tijdens de training in het kamp doen we zoiets niet. Maar ik vond wel, dat die elektrische schokken erbij hoorden. Ik zag er niets abnormaals in.”

De rest van de getuigenissen van de para's was ongeveer in dezelfde toon. Zij konden nauwelijks anders, aangezien een twaalftal getuigen - walgend van wat zij gezien hadden tijdens die vriendschappelijke oefeningen - voor de krijgsraad kwamen vertellen wat er allemaal gebeurd was.

Vandaag worden nog eens tien getuigen gehoord. De uitspraak werd vastgesteld op 30 oktober.

Bron: De Standaard | 25 Oktober 1972

Manoeuvres voor Krijgsraad te Luik: “Ik heb Korea meegemaakt”

“Als de ambiance eenmaal goed op dreef is wordt er wel eens overdreven in het spel, maar ten slotte ben ik er niet van gestorven”, lachte Pierre De Vleeschouwer (29) uit Leopoldsburg, die gisteren voor de Krijgsraad van Luik als getuige gehoord werd in de zaak van de folteringen die paracommando's tijdens overlevingsoefeningen in een schuur bij Robertville aan hun kameraden toebrachten in de nacht van 22 op 23 november 1971. Maar die uitspraak stond wel schril in tegenspraak tot de formele beschuldigingen die andere slachtofférs volhielden.

Luitenant De Vleeschouwer gaf kalm toe dat hij aan handen en voeten gebonden een emmer koud water in het gezicht kreeg. Bedoeling van deze handelwijze was van de “krijgsgevangenen” enkele inlichtingen over het verloop van de operatie los te krijgen. Toen de gebonden luitenant een meer comfortabele positie wou innemen kreeg hij stampen tegen zijn knie.

Kwam dan Luc Cops (21) uit Alken ten tonele, een blond rosse jongen met blauwe ogen en open roze hemd. Hij kijkt een beetje timide naar de militaire rechters die zoveel decoraties  dragen. Ook hij werd in de fameuze schuur aan handen en voeten gebonden op zolder gelegd. Iemand kwam hem met een zaklamp belichten en dan kreeg hij slagen in het aangezicht.

- Deed dat pijn, vroeg de voorzitter Blondiau.
- Miin oren gloeiden ervan, antwoordde Cops.
- Hoorde je beneden iemand roepen?
- Meer dan dat, het was werkelijk kermen.

Bij het vooronderzoek vertelde Cops dat hij achteraf tevreden was over de manoeuvres. De advocaat van de verdediging wil hem doen toegeven dat de folternacht een essentieel onderdeel van dergelijke manoeuvres is. “Dat hoort er niet bij”, zegt Cops, na een steekspel tussen de advocaat en auditeur Baiwir, een zeer gladgeschoren man.

Derde getuige is Jacobus Soors, een jongen met een schuchter ringbaardje. Toen hij gebonden lag hoorde hij beneden roepen “Laat me los” en “Ge doet me pijn”.

Simon Leppens is een blozende knaap met lang wit haar. “Gebonden en geblinddoekt hebben ze mij naar de zolder getrokken”, verklaart hij. “Ze smeten mij op de grond alsof ik een voddepop was. Toen hoorde ik beneden luitenant Deldaele roepen en tieren dat ze van hem moesten afblijven.” Leppens heeft ook gezien hoe een para twee keer met de voet op het gezicht van een gebonden soldaat stampte. “En daarna hebben ze de jongen nog in de rug geschopt.”

Aan de balk

Voor enige sensatie zorgt sergeant Willy Denutte uit Leopoldsburg. “Als ik in de schuur kwam heeft luitenant Morel, toen nog onderluitenant, mij ondervraagd over de oefeningen. Ik gaf alleen mijn identiteit. Zij hebben mij afgetast en vastgebonden aan een horizontale balk.”

Denutte wijst met uitgestoken arm naar luitenant Morel en eerste sergeant Julien Decock. “Eerst bonden zij mijn handen op de rug, dan werden ook mijn polsen geboeid. Ik moest voor een balk gaan zitten en mijn handen werden daaraan vastgemaakt, en mijn voeten samengebonden. Daarna werden mijn voeten aan mijn handen gebonden zodat ik nog alleen met mijn knieën de grond kon raken. Willy Denutte zegt het zonder enige passie.

De advocaat van de verdediging begint stilzwijgend te klapwieken. “Ik had toen al een dag door de sneeuw gelopen. Hoe lang ik daar gebonden aan die balk hing weet ik niet meer. Vlak voor ons gingen de bewakers sardientjes eten. Wij kregen niets.”

Het wordt zeer stil in de rechtszaal als Denutte verklaart hoe sergeant Decock twee draden van de veldtelefoon tegen zijn halsslagader zette - met twee vingers wijst hij onder de linker wang - “en toen hebben ze verscheidene keren stroom door mijn keel gejaagd.”

Sergeant Decock springt recht om dat vurig te loochenen, maar Denutte bevestigt dat verhaal met evenveel overtuiging. Die nacht hoorde Denutte Decock ook nog roepen: “Ik heb Korea meegemaakt, ik weet wel hoe ik krijgsgevangenen aan de praat moet krijgen.”

Toen Denutte zich trachtte op te richten werd hij bij de haren getrokken en kreeg hij een stamp tegen zijn dijen. Daarna werd een buis van dertig à veertig centimeter doorsnee over zijn hoofd geduwd en met metaal werd daarop geklopt. Tot hij het niet meer kon uithouden van de pijn en inlichtingen wou geven. Dan heeft men nog op zijn bil geslagen om de spierpijn weg te werken. Een soort heil-massage dus.

Denutte houdt ook vol dat de zwengel van de veldtelefoon die de elektrische stroom door zijn keel moest jagen, door soldaat Baudouin bediend werd en dat tezelfdertijd sergeant Martinus op een buis klopte die over het hoofd van Laeremans geschoven was.

Ingewreven met sneeuw

Jozef Laeremans is een zeer beschaafde onderwijzer uit Heist-op-den-Berg. Hij is 22 en draagt een zwart baardje. Zijn “ondervraging” duurde twee uur.

Het scenario in de rechtszaal wordt nu een beetje eentonig: gebonden, geblinddoekt, aan balk opgehangen, tot Jozef Laeremans affirmeert: “Toen hebben ze mijn hemd uitgetrokken en mijn buik met ijskoude sneeuw ingewreven. Ik had die nacht een zweer op mijn kin. Die heeft men opengemaakt door aan mijn baard te trekken. Dat is het pijnlijkste dat ik ooit heb meegemaakt. Daarna heeft men nog tegen mijn geslachtsdelen gestampt.”

Ook Laeremans kreeg elektrische stroom door zijn lichaam, niet alleen op zijn keel maar ook op zijn borst. Opnieuw ontkent sergeant Decock deze beschuldigingen. Decock negeert alles met zo weinig mogelijk woorden, en vanonder zijn martiale snor waarvan de punten als in een tekenverhaal naar beneden flodderen.

In de late avond werden nog enkele officieren gehoord die bij de overlevingsoefeningen betrokken waren. De uitspraak wordt maandag verwacht.

Bron: De Standaard | 26 Oktober 1972

Folterende militairen door krijgsraad gestraft

Bepaald geen zware straffen sprak de krijgsraad te Luik, onder voorzitterschap van majoor Blondiaux, uit tegen zes militairen die ervan beschuldigd werden andere Belgische militairen tijdens internationale manoeuvres in november 1971 te Spa te hebben “gefolterd”.

Luitenant Morel (30) uit Koksijde kreeg 5 maanden gevangenisstraf, 1e sergeant Julien Decock (27) uit Luigne 4 maanden, sergeant Patrick Martinus (25) uit Lombardsijde 3 maanden, korporaal Freddy Moloon (23) uit Nieuwpoort 1 maand, korporaal Gaston Dejardin (32) uit Moeskroen 16 dagen, korporaal Jean-Louis Beaudiun (21) uit Bergen 16 dagen.

Alle straffen zijn voorwaardelijk voor een periode van 3 jaar, want - zo motiveerde het vonnis - de beschuldigen hebben goede antecedenten en liepen nog geen veroordelingen op.

Een van de slachtoffers had zich burgerlijke partij gesteld, zijn aanvraag werd ontvankelijk verklaard. Omdat de betrokkene echter weinig geweldpleging had ondergaan, besloot de krijgsraad hem een symbolische schadevergoeding toe te kennen. De. zes veroordeelden moeten bijgevolg samen 1 fr. schadevergoeding betalen.

Het vonnis was uitvoerig gemotiveerd en stelde o.m. dat de zes militairen geen andere bedoeling hebben gehad dan hun gevangenen kwaad te berokkenen.

Bron: De Standaard | 21 November 1972

864

(1 replies, posted in Andere Personen)

Trois arrestations à Namur - Septante millions, 500 voitures pour une fraude à la TVA

En matière de voitures, on connaissait la fraude à l'assurance, le trafic de voitures volées ou encore le carrousel TVA. Désormais, le trafic intervient dans le cadre de l'ouverture des frontières. Ce week-end, trois personnes ont été placées sous mandat d'arrêt par le juge d'instruction de Namur. Chef d'inculpation: fraude à la TVA et faux en écriture. Le préjudice porterait sur 70 millions et environ 500 véhicules. Démantèlement d'un réseau de fraudeurs en col blanc et de leur système.

À la base, deux démarcheurs Luc Bouchat et Luc Klouytten - travaillant pour le compte de Philippe Noël, concessionnaire Citroën, à Namur-Est - se rendent chez divers concessionnaires wallons afin d'acheter un stock de véhicules. Des véhicules qui, selon ces démarcheurs, sont destinées au marché français et à la société Simex. Un marché exempt de TVA.

Mais, au lieu de se retrouver en France, ces voitures se retrouvent dans le parc automobile de la société belge Rasimex et sont rachetées par Namur-Est qui paye la TVA. Enfin, Namur-Est exporte les véhicules et retouche la TVA. L'astuce? Rasimex et Namur-Est sont une seule et même société. Ce stratagème qui a duré un semestre aurait permis de détourner plus de 70 millions et de faire transiter plus de 500 véhicules.

Le pot aux roses a été découvert grâce à une plainte déposée par un concessionnaire namurois au parquet de Namur. Celui-ci avait reçu un contrôle de l'Isi (Inspection spéciale des impôts) et a porté plainte contre Philippe Noël. Un mois plus tard, l'Isi a dénoncé les faits et une procédure était entamée devant le juge des saisies. Le dossier qui se trouve actuellement sur le bureau du juge d'instruction pourrait, dit-on, donner lieu à d'autres interpellations.

De mémoire de procureur du Roi, à Namur, cette affaire revêt un caractère exceptionnel. Le cas du véhicule qui transite entre plusieurs sociétés fantômes en une seule journée et en Belgique, n'est pas rare. Dans ce cas précis, la notion «d'extra-communautaire» possible grâce à l'ouverture des frontières fait partie de la mise en place d'un tel système d'exportation. Qui plus est, la plupart des protagonistes ont pignon sur rue.

Reste désormais à vérifier si tous les concessionnaires ont rempli les normes légales en matière d'exportation et s'ils sont tous de bonne foi dans cette affaire. Un dossier qui ne semble pas près d'être clos.

Bron: Le Soir | 11 Januari 1994

Luc Bouchat encore impliqué dans un dossier de fraude

Hier, devant le président Kaiser, se tenait une nouvelle audience correctionnelle spéciale dans le cadre des poursuites lancées à charge de Luc Bouchat. Ce Sambrevillois se fait épisodiquement remarquer en justice dans de multiples dossiers de ventes de voitures qui s'accompagnent de fraude à la TVA. Le mois dernier, il avait encore écopé de 18 mois de prison.

Dans ce dossier-ci, il est poursuivi avec 10 autres personnes qui sont considérées par le parquet comme des sous-fifres. Le préjudice du fisc serait de l'ordre de 2.500.000€. Les inculpations, outre la fraude, porte sur des fausses facturations, du blanchiment d'argent, l'organisation criminelle et l'association de malfaiteurs. M. le substitut De Smet s'est livré, hier, à un très long réquisitoire dont il ressort qu'il considère Luc Bouchat comme la seule et vraie tête pensante de l'organisation.

Incontestablement pour le parquet, il y a eu mise en place d'une structure commerciale dirigée par le premier prévenu aidé d'une série d'intermédiaires et d'exécutants qu'il remplaçait selon leur fiabilité. Chacun de ceux-ci encaissait environ 250€ pour chaque fausse facture. Tout le reste de l'argent convergeait par M. Bouchat. Le magistrat a même constaté qu'une petite société qui vivotait avait littéralement explosé à l'arrivée de Bouchat particulièrement actif.

M. De Smet n'a pas manqué de relever que le dossier présente M. Bouchat comme narcissique et manipulateur de ses interlocuteurs. Dès lors, il a requis 5 ans de prison ferme. Pour les autres prévenus, les sanctions vont de l'acquittement et la peine de principe à 2 ans de prison. Jugement dans un mois.

Bron: La Dernière Heure | 17 Februari 2005

865

(4 replies, posted in Wapenhandel)

De correctionele rechtbank van Brussel heeft de 21-jarige bediende Ronald Van Lennep wonende Wezelslaan te Ukkel, tot 2 jaar gevangenisstraf veroordeeld voor vrijwillige slagen en verwondingen toegebracht aan zijn vrouw en zijn enkele maanden oude baby, die een schedelbreuk opliep.

Bron: De Standaard | 11 Juni 1964

866

(51 replies, posted in Andere Personen)

J.-J. Susini et ses six complices fransférés à Marseille

Appréhendés jeudi dernier à Paris dans le cadre de l'opération “Velours”, Jean-Jacques Susini, ancien leader de l'OAS et six de ses complices ont été transférés à Marseille. Le groupe qui comprend, outre Susini, l'écrivain et son cousin Bernard, Jacques Lafaille, Jean Ringwald, Ducien Fiorint et Christian Alba, est arrivé au Palais de Justice vendredi matin à 8 h, accompagné d'une forte escorte de gendarmes, mitraillette au poing.

Dès leur arrivée les sept hommes ont été présentés à M. Daubercies, juge d'instruction chargé de la centralisation de l'affaire des diverses agressions commises par le gang Buscia.

Bron: Le Peuple | 21 Maart 1970

867

(6 replies, posted in Andere Personen)

Verdachten wapenhandel Frankrijk-België gestraft

Voor een rechtbank in Bobigny (Parijs) zijn twaalf personen veroordeeld tot gevangenisstraffen en geldboetes, wegens een wapensmokkel tussen België en Frankrijk, die in 1981 werd ontdekt.

Op 4 oktober onderschepte de Franse politie - die een maand eerder met een onderzoek was gestart - op de “Autoroute du Nord" de restaurantuitbater Yves Cramblin, die in zijn koffer 50 Smith en Wesson-revolvers zonder identificatie vervoerde.

Dat zette de speurders op het spoor van een omvangrijke wapensmokkel tussen België en Frankrijk, waarvan Cramblin de spilfiguur was. Sedert april waren zo al 150 handvuurwapens gesmokkeld Cramblin pleegde vorig jaar in de gevangenis zelfmoord.

De rechtbank veroordeelde Olivier Danet (29, ex-huurling), Patric Letessier (35, die Danet bij de christelijke falangisten in Libanon leerde kennen) en Philippe Leonard (37, parfumeur uit Parijs) tot respectievelijk twee jaar, achttien maanden en twee maanden gevangenisstraf. De negen andere beschuldigden kregen geldboetes of voorwaardelijke gevangenisstraffen.

Bron: De Standaard | 27 April 1983

868

(4 replies, posted in Wapenhandel)

Wapensmokkelaars voor rechtbank

Voor de Correctionele Rechtbank te Brussel begon vrijdag het proces tegen acht personen die terechtstaan wegens het bezit of de verkoop van honderden verboden vuurwapens. Op 14 oktober 1981, tijdens een routine-controle door de Franse politie in Senlis (ten noorden van Parijs), werden in de bagagekoffer van een auto vuurwapens en munitie aangetroffen. Uit de bijhorende documenten bleek dat de wapens en munitie afkomstig waren uit Ronse of uit Frasnes-lez-Anvaing

Nadat het Belgisch gerecht was verwittigd, werd enkele dagen later overgegaan tot een huiszoeking bij Ernest D. en zijn dochter Annie. In beide gevallen werden talrijke vuurwapens en munitie gevonden. Ernest D. bleek 3.000 fr. winst te maken op elk wapen dat hij kon verkopen.

Van al deze wapens was het immatriculatienummer weggeveild. Er werd toen ontdekt dat de nummers werden verwijderd door de verloofde van Annie, n.l. Luc V., mecanicien van beroep. Het onderzoek bracht verder aan het licht dat Luc V. een premie van 300 fr. kreeg voor elk wapen waarvan hij het nummer liet verdwijnen.

Luc V. werd bovendien in het bezit gevonden (zonder wettige toelating) van een 6,35 mm pistool en een 22 long rifle karabijn met afgezaagde loop en kolf.

In de hele zaak trad echter wapenhandelaar Ronald Van Lennet uit Schaarbeek als centrale figuur op. Met behulp van valse facturen leverde hij zogezegd vuurwapens aan maatschappijbeheerder Charles R., die ze op zijn beurt, steeds met behulp van valse documenten, zou leveren aan personen die in feite fictief waren.

Van Lennet leverde in werkelijkheid vuurwapens aan de overige beklaagden. Het betrof ondermeer 390 pistolen en revolvers aan Roger S. uit Elzele (eveneens nabij Ronse) en zulks in samenwerking met Jean B. uit Sint-Gillis. (*)

Voor de rechtbank eiste openbare aanklager Lebrun strenge straffen voor de smokkelaars, gezien de vuurwapens wel eens in de handen van gevaarlijke misdadigers konden terechtkomen.

Pleidooien op 20 juni.

Bron: Gazet van Antwerpen | 2 Juni 1984

(*) Jean Baugniet

Vijf wapensmokkelaars gestraft

Vijf personen, betrokken bij het bezit of de illegale verkoop van enkele honderden vuurwapens, soms met behulp van valse documenten, liepen donderdag effectieve celstraffen en zware boeten op voor de correctionele rechtbank te Brussel.

Het betreft de 44-jarige wapenhandelaar Ronald Van Lennep uit Schaarbeek, die tot 2 jaar cel effectief en 90.000 fr. boete werd veroordeeld; de 53-jarige Ernest Dezeutter uit Ronse die tot dezelfde celstraf en boete werd veroordeeld; de 35-jarige Jean Baugniet uit Sint-Gillis bij Brussel die een jaar cel effectief en 180.000 fr. boete kreeg; de 53-jarige Roger Schoep uit Elzele die een jaar cel effectief opliep samen met 150.000 fr. boete; de 40-jarige Charles Rigoli uit Etterbeek die eveneens tot een jaar cel effectief werd veroordeeld maar met een boete van 30.000 frank.

In dezelfde zaak liepen ten slotte twee personen die slechts een ondergeschikte rol speelden zeven en drie maanden cel met uitstel op. samen met boeten van 60.000 en 12.000 frank.

De wapensmokkel kwam aan het licht nadat de Franse gendarmerie op 14 oktober 1981 in het Noordf-Fanse Senlis een hoeveelheid vuurwapens en munitie ontdekte in de bagagekoffer van een wagen. De eigenaar van het voertuig verklaarde dat de wapens en munitie uit Ronse en Frasnes-lez-Avaing, kwamen waarbij honderden vuurwapens overwegend Smith en Wesson-pistolen werden teruggevonden.

Het ging om wapens waarvan telkens de registratienummers waren verwijderd, maar die nog volkomen bruikbaar waren. Net zoals de openbare aanklager in zijn rekwisitoor hield de rechtbank er rekening mee dat de wapens in kwestie door hun illegale verkoop in handen konden komen van misdadigers.

Bron: Gazet van Antwerpen | 23 November 1984

869

(29 replies, posted in Onderzoekspistes)

Juni 1975, een 18-jarige jongen vermoordt een taxichauffeur omdat de rit 200 fr. duurder gaat zijn dan gepland » Forum

870

(0 replies, posted in 1970-1979)

Samenvatting

  • Wat? Moord op een taxichauffeur

  • Wanneer? In de nacht van 14 op 15 juni 1975

  • Waar? De oude Steenweg naar Bergen te Quenast » Google Maps

  • Wie? Jean Bellemans, een 18-jarige landbouwstudent

  • Status: Opgelost

In de nacht van 14 op 15 juni 1975 werd de 34-jarige Grieks-Belgische taxichauffeur Georges Spartalis uit Koekelberg gewurgd aangetroffen in zijn taxi langs de oude Steenweg naar Bergen in Quenast; hij was beroofd van zijn geld en vertoonde sporen van een gevecht buiten het voertuig.

Het onderzoek van de rijkswacht van Tubeke en het parket van Nijvel leidde snel naar de 18-jarige landbouwstudent Jacques Bellemans uit Quenast, die bekende dat hij de chauffeur in paniek had gewurgd met een zelfgevlochten touw nadat de ritprijs was opgelopen tot 400 frank terwijl hij slechts 200 frank bij zich had. Bellemans werd in staat van beschuldiging gesteld en opgesloten in de gevangenis van Nijvel.

Taximan gewurgd om zijn geld

In de nacht van zaterdag op zondag werd de taxichauffeur van Griekse afkomst Georgiou Spartalis (34), wonende aan de Jettelaan te Koekelberg, op een grasberm langsheen de verlaten oude Steenweg naar Bergen te Quenast gewurgd. De man was van zijn portefeuille, waarin een paar duizenden franken staken, beroofd.

Zondagmorgen rond 7 u. zagen bewoners van de Oude Steenweg naar Bergen - deze straat is voor het verkeer buiten gebruik - een taxi, een zwarte Mercedes met het taxinummer 3828, verlaten op een grasberm staan. Achter het stuur van de auto zat de chauffeur Spartalis dood.

Onmiddellijk werd de rijkswacht van Tubize verwittigd. Deze kwam ter plaatse evenals het parket van Nijvel onder leiding van onderzoeksrechter Joris. Uit het door deskundigen ingesteld onderzoek bleek dat Spartalis, na een gevecht buiten de wagen - aan zijn broek waren sporen van gras en gedroogde aarde - werd gewurgd en nadien achter het stuur van zijn auto werd geplaatst. De wurging geschiedde vermoedelijk met de afgesneden veiligheidsgordel van de auto.

De mogelijkheid bestaat nochtans dat Spartalis met een koord of met een stuk elektrische draad werd gewurgd. De moord werd omstreeks 3u.30 zaterdagnacht gepleegd. Van de dader(s) van deze roofmoord op de voor een bedrijf uit Sint-Joost-ten-Node rijdende taximan heeft men nagenoeg geen spoor. Voor het gerecht wordt het oplossen van deze moord een zware dobber.

Bron: De Standaard | 16 Juni 1975

Taxichauffeur gewurgd te Quenast

Zondagochtend merkte een voorbijganger langsheen de oude Chaussée de Mons te Quenast een stilstaande taxi op, waarvan de koplampen brandden. In de wagen lag de chauffeur. Deze werd overgebracht naar het ziekenhuis te Tubeke, waar men slechts het overlijden van de man kon vaststellen.

De lijkschouwing wees uit dat de taxichauffeur, de h. Georges Spartalis, 34 jaar, van Griekse nationaliteit, was gewurgd. De dood trad waarschijnlijk tussen 3 en 4 uur 's ochtends in.

In de wagen ontdekten de speurders een portefeuille met enkele 1000 fr. biljetten, een lederen vest, een pakje sigaretten en een transportboek. Hierin stond de laatste rit opgetekend : het aangeduide uur was 21.20 uur.

Aangezien de broek van het slachtoffer sporen van slijk vertoonde en het gras rondom de wagen vertrappeld was, rees het vermoeden dat de h. Spartalis buiten zijn voertuig was vermoord.

Het onderzoek bracht voorts aan het licht dat het slachtoffer zondagnamiddag drie jonge Brusselaars had opgepikt. Over de h. Spartalis werd bekend dat hij alleen leefde, maar nog al eens in contact kwam met andere Grieken.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Juni 1975

Jongeman wurgde taxivoerder in paniek

De in de nacht van zaterdag op zondag op de taxi-voerder Georgiou Spartalis (34) uit Koekelberg te Quenast gepleegde moord is opgelost. De dader is de 18-jarige landbouw-student Jacques B. uit Quenast.

Hij wurgde de taximan uit paniek, omdat de rekening was opgelopen tot 400 fr, terwijl hij slechts 200 fr. bij zich had.

Jacques B. had de gewoonte iedere zaterdagavond in Brussel te gaan dansen. Telkens liet hij zich per taxi naar zijn woonplaats terugvoeren.

Vorig weekeinde nam hij aan het Louisaplein een taxi om naar huis te rijden. De chauffeur vergiste zich van weg en daardoor liep de rekening op tot 400 fr. B, die slechts 200 fr. bij had, geraakte in paniek en wurgde Spartalis met een touw.

Dat touw bracht de politie op het spoor van B. Deze had immers de gewoonte touwen te vlechten met stevige grassoorten, en met een dergelijk touw werd de moord gepleegd.

Jacques B., die door onderzoeksrechter Joris te Nijvel in staat van beschuldiging werd gesteld, werd in de gevangenis van Nijvel opgesloten.

Bron: De Standaard | 19 Juni 1975

Moordenaar van taxichauffeur is 18-jarige student

Dinsdagnacht is de BOB van Nijvel erin geslaagd een jongeman aan te houden in verband met de moord op de 34-jarige taxichauffeur, Georges Spartalis. De aangehoudene is de 18-jarige landbouwstudent Jacques Bellemans van Quenast.

Hij had de gewoonte iedere zaterdagavond te gaan dansen te Brussel, waarna hij zich per taxi terug liet voeren naar zijn woonplaats. De gerechtelijke politie kwam de moordenaar van de taxichauffeur op het spoor door een touw: de moordenaar had de gewoonte touwen te vlechten met stevige grassoorten. Met een dergelijk touw werd de chauffeur gewurgd.

Bellemans heeft bekend dat hij zaterdag naar Brussel was gegaan en dat hij op het Louisaplein een taxi had genomen om terug naar huis te rijden. De chauffeur had echter een verkeerde weg genomen, zodat het bedrag op de kilometerteller was opgelopen tot 400 fr., terwijl Bellemans nog slechts 200 fr. op zak had.

De jonge man moet dan zijn gegrepen door paniek. Hij heeft een touw uit zijn zak genomen en heeft de taxichauffeur gewurgd tot hij levenloos bleef liggen. Vervolgens heeft Bellemans het lichaam op de achterbank van de taxi gelegd en heeft de vlucht genomen. Tussen 3 en 4 u. bezocht hij enkele dancings uit de streek.

Het zou voor de gerechtelijke politie een bijzonder moeilijke taak zijn geweest, indien de dader niet tot bekentenissen zou zijn overgegaan: de gerechtsartsen hadden het vermoedelijk uur van de misdaad immers vastgesteld tussen 3 en 4 u.

Na een langdurig verhoor in het kantoor van onderzoeksrechter Joris, werd Bellemans officieel in staat van beschuldiging gesteld en opgesloten in de gevangenis van Nijvel.

Bron: Gazet van Antwerpen | 19 Juni 1975

Honderden taxichauffeurs tegen dragen van gordel

Donderdagnamiddag hebben een paar honderd taxichauffeurs gedurende bijna twee uur in de Wetstraat te Brussel gemanifesteerd. Zij protesteerden hiermee tegen het dragen van de autogordel, dat - naar zij beweren - reeds aan een van hun collega’s het leven kostte.

Omstreeks drie uur bood zich een zevenkoppige afvaardiging van de chauffeurs op het kabinet van minister Chabert van Verkeer aan. Aangezien de minister zich op dat ogenblik in Kopenhagen bevond, waar hij een raadszitting van de Europese ministers van Transport bijwoonde, stond luitenant - kolonel Passchierssens de manifestanten te woord. Hij is de verbindingsofficier van de rijkswacht, die permanent op het departement van Verkeer is gevestigd.

Passchierssens beloofde de taxichauffeurs dat hij hun eisen onmiddellijk aan de minister zou voorleggen en dat hij op spoed zou aandringen bij de behandeling ervan. Hij verkreeg tevens dat de taximannen niet meteen binnen de maand - zoals zij eerst hadden gedreigd - naar hardere middelen zouden grijpen, indien zij tegen die tijd geen voldoening krijgen, omdat gewoon praktisch in die korte tijd geen nieuwe maatregelen kunnen getroffen worden. Tevens gaat het hier om een Benelux-overeenkomst, waaraan België op eigen houtje geen veranderingen kan aanbrengen.

Op dit ogenblik genieten taxichauffeurs reeds van uitzonderingen op de gordelwet. Zij hoeven het tuig niet om te snoeren wanneer zij in hun wagen op klanten wachten, en evenmin wanneer zij klanten vervoeren. In alle andere omstandigheden geldt de wet voor hen wel. Thans vragen zij echter dat de gordel gewoonweg uit hun voertuig zou worden verwijderd.

Manifestatie

Het is trouwens toen de stoet van een kleine duizend taxichauffeurs donderdagmiddag van Zaventem terugkeerde, dat het in het Brusselse stadscentrum onverwacht tot een luidruchtige, maar tevens goedmoedige manifestatie kwam.

Toen de eerste wagens ter hoogte van de Kunstlaan (kleine ring) aangekomen waren, hielden zij halt. Alleen de blauwe taxi's ontbraken op het appel, naar de andere chauffeurs beweren omdat deze groep van haar bestuur formeel verbod had gekregen om aan enige betoging deel te nemen.

Ondertussen was ook de rijkswacht ten tonele verschenen. In tegenstelling tot de Brusselse stadspolitie, die het aanvankelijk op een harde manier probeerde (een officier moest voor de betogers zelfs zijn heil zoeken in een controlewagen), slaagde de gendarmerie er in met zachte hand de sliert manifesterende wagens op een zijspoor te loodsen. Zo kon het verkeer in de Wetstraat - zij het met de nodige vertraging - zijn gang blijven gaan, ondanks het feit dat tussen halfdrie en vier uur daar een 200-tal taxichauffeurs op de twee rechterbaanvakken hadden post gevat.

Terwijl een Puma-helikopter op een paar honderd meter hoogte de hele zaak in de gaten hield, werd na terugkeer van de delegatie der manifestanten, de stoet omstreeks 4 u. zonder enig incident ontbonden. De Friese ruiters, die werden klaar gehouden om desnoods de weg naar het parlement af te grendelen, hoefden geen dienst te doen en de paar betogers die poogden te voet de beruchte zone te bereiken, werden door de ordediensten zonder pardon teruggestuurd.

Eredienst

Alles is eigenlijk begonnen met de moord op de te Koekelberg wonende Griekse taxichauffeur Georges Spartalis. Het stoffelijk overschot van deze 34-jarige ongehuwde Griek werd tijdens het voorbije weekeinde aangetroffen in de Waals-Brabantse gemeente Quenast. De taxichauffeur was gewurgd. Dinsdagnacht slaagde de BOB van Nijvel er in de dader aan te houden. Het betreft de 18-jarige student Jacques Bellemans, van Quenast.

Volgens de gerechtelijke politie werd de taxichauffeur gewurgd met een uit stevige grassoorten gevlochten touw. Maar de taxichauffeurs nemen met die versie geen vrede. Ze voeren aan dat hun collega werd gewurgd met zijn autogordel. Er zouden zelfs vingerdikke wurgsporen op de hals van het slachtoffer zijn aangetroffen. En dit kan toch niet, aldus taxichauffeurs, van een touw afkomstig zijn.

Donderdag, omstreeks het middaguur, had in de protestantse kerk aan de Stalingradlaan te Brussel de kerkelijke eredienst voor de gewurgde Griekse taxichauffeur plaats.

Bron: Gazet van Antwerpen | 20 Juni 1975