1

(303 replies, posted in Onderzoeksdaden)

Wat de wetenschap voor het Bende-dossier kan betekenen

Pieter Leloup is criminoloog aan de Universiteit Gent en de Vrije Universiteit Brussel. Hij hoopt dat het weer mogelijk wordt nieuwe onderzoeksmethodes aan te wenden voor de zaak van de Bende van Nijvel.

Met de recent doorgevoerde wetswijziging rond de afschaffing van de verjaringstermijn bij moordzaken ‘met grote maatschappelijke impact’, kwam het onderzoek naar de bloedige overvallen van de Bende van Nijvel de voorbije maanden opnieuw in het nieuws. Ondertussen kwam het bericht dat het federaal parket het onderzoek naar de Bende afsluit. Dit doet sommigen vrezen dat de hoop op opheldering van het bijna 40 jaar oude dossier verder is afgenomen.

Lees hier het hele artikel » Nieuws

Samenvatting

  • Wat? Moord op Marc De Clercq, een beenhouwer uit Sint-Agatha-Berchem

  • Wanneer? 13 Augustus 1984

  • Waar? Gentsesteenweg 1300, Sint Agatha-Berchem » Google Maps

  • Wie? Charles Bastiaensen

  • Wapen: 9mm P.38 pistool. De moordenaar vuurde vier kogels af. Drie daarvan raakten het slachtoffer.

  • Status: Opgelost

De Arthur Timmermans uit dit verhaal was een lid van de bende van Freddo Godfroid en een gewezen agent van de GP van Brussel. De moordenaar, Charles Bastiaensen, is één van de vele verdachten in het Bende van Nijvel-dossier.

Het is opvallend dat Charles Bastiaensen na de moord op Marc De Clercq naar de Place Eugène Keym in Watermaal-Bosvoorde trok. Hij wilde daar een zeker "De Backer" vermoorden. Die "De Backer" is hoogstwaarschijnlijk Guy Debackere, nog een absolute hoofdverdachte in het Bende van Nijvel-dossier.

Charles Bastiaensen tijdens het proces in 1987:

https://i25.servimg.com/u/f25/11/22/12/24/charle11.jpg

Beenhouwer op straat vermoord te Sint-Agatha-Berchem

De 27-jarige beenhouwer Marc Declercq, Gentsesteenweg 1297, Sint-Agatha-Berchem, werd maandagavond omstreeks 19 uur in de buurt van zijn woonplaats, ter hoogte van het nummer 1300 met drie kogels doodgeschoten door de 38-jarige Charles Bastiaensen, uitbater van het restaurant “Bee Gees” aan de Koekelberglaan 68 te Sint-Agatha-Berchem.

Marc Declercq was maandagavond omstreeks 18u45 met zijn twee en een half-jarig zoontje naar de herberg “Café de l’Avenue” gegaan. Omstreeks 19u ging hij zijn vrouw halen in de beenhouwerij, en toen hij even later de straat wilde oversteken, werd hij voorbijgereden door de BMW van Bastiaensen die op enige afstand de wacht was blijven optrekken.

De BMW bleef enkele meters voorbij Declercq staan, en de chauffeur haalde een 9mm P.38 pistool te voorschijn, waarmee hij vier kogels afvuurde. Drie van deze projectielen troffen Declercq in de rug, hij zakte in mekaar en stierf.

Een getuige wist nog de nummerplaat van de BMW te noteren en de echtgenote van het slachtoffer had ondertussen de chauffeur van het voertuig herkend. Het ging om Charles Bastiaensen, een man die ze al herhaaldelijk had gezien. Zoals later bleek liep Bastiaensen al sinds verschillende dagen rond met zijn wapen op zak.

Enkele uren na de feiten belde de dader de gerechtelijke politie te Brussel op. Hij verklaarde dat hij zich wilde overgeven en dat de gerechtelijke politie hem kon aantreffen op het Keymplein te Watermaal-Bosvoorde. Bastiaensen werd er inderdaad door leden van de gerechtelijke politie aangetroffen.

Hij verklaarde naar Declercq te hebben gevuurd omdat deze een paar uren voor de feiten een beledigend gebaar in zijn richting had gemaakt. Het lijkt echter weinig waarschijnlijk dat Bastiaensen alleen om een beledigend gebaar ging doden. Achter het gebaar in kwestie steeds vermoedelijk een heel verhaal, dat de dader om de een of andere reden voorlopig geheim wil houden. Bastiaensen werd onder aanhoudingsmandaat geplaatst wegens moord.

Charles Bastiaensen is lang geen onbekende voor het gerecht. Hij werd vroeger reeds vervolgd wegens verboden wapendracht, en in 1983 liep hij een veroordeling op wegens het uitgeven van cheques zonder dekking.

Bron: Gazet van Antwerpen | 16 Augustus 1984

Moord op Brusselse slager wellicht afrekening

De 27-jarige slager Marc Declercq uit Sint-Agatha-Berchem, die maandagavond, toen hij de Gentsesteenweg samen met zijn vrouw en driejarig zoontje overstak werd doodgeschoten, zou het slachtoffer kunnen zijn van een afrekening.

De dader Charles Bastiaensen, die een café-restaurant uitbaat te Sint-Agatha-Berchem, meldde zich enkele uren na de feiten. Hij verklaarde toen dat hij door Marc Declercq werd beledigd.

Uit het onderzoek is intussen gebleken dat de moord wellicht een afrekening is tussen zwendelaars in valse cheques. Bastiaensen werd overigens reeds vroeger voor trafiek met valse cheques veroordeeld.

Bron: Gazet van Antwerpen | 17 Augustus 1984

Moordenaar van beenhouwer wou nog vier mensen doden

Het ziet er naar uit dat de passieve omkoping van gerechtelijk inspecteur Arthur Timmermans uit Dilbeek rechtstreeks aanleiding gaf tot de moord die op 13 augustus werd gepleegd op de 27-jarige beenhouwer Marc Declercq.

De vrouw van het slachtoffer had toen de dader herkend als de 38-jarige Bastiaensen, snackuitbater in de Koekelberglaan te Sint-Agatha-Berchem. Bastiaensen, die gekend stond als een zwendelaar in gestolen cheques, werd enkele uren later aangehouden op het Keymplein te Watermaal-Bosvoorde waar hij schietensklaar een ander slachtoffer stond op te wachten.

Bastiaensen had namelijk een lijst van vijf personen bekomen, die hem bij de gerechtelijke politie van Brussel beschuldigden van zwendel in gestolen cheques. Hij had zich meteen voorgenomen deze vijf personen uit de weg te ruimen.

Bewust lijst werd door inspecteur Arthur Timmermans verstrekt aan een Joegoslaaf die ondertussen in Luxemburg aangehouden werd en van wie het aanhoudingsbevel door de raadkamer te Brussel werd bevestigd.

Een van de vijf personen op de lijst die Bastiaensen in zijn bezit kreeg, was beenhouwer Declercq uit Sint-Agatha-Berchem.

Bron: Gazet van Antwerpen | 6 September 1984

Brusselse inspecteur gaf spontaan inlichtingen aan milieu door

Een woordvoerder van het parket te Brussel verklaarde donderdag dat gerechtelijk inspecteur Timmermans, die een paar weken geleden werd aangehouden in verband met corruptie t.o.v. het milieu van smokkelaars in gestolen cheques, zelf het initiatief nam door het milieu in kwestie allerlei inlichtingen uit de dossiers door te spelen tegen betaling.

Het staat vast dat hij tenminste nog vijfmaal toe inlichtingen doorgaf aan de Joegoslaaf Luckick, een lid van de bende die in Luxemburg werd aangehouden en nadien aan België uitgeleverd. Onder deze inlichtingen kwam een lijst voor van vijf personen die onder meer Charles Bastiaensen uit Sint-Agatha-Berchem beschuldigden van smokkel in gestolen cheques.

Bastiaensen, al was hij toen nog niet officieel van smokkel beschuldigd, ging toen een van de mannen die op de lijst voorkwamen, opzoeken, nl. beenhouwer Marc Declercq, en schoot hem op straat te Sint-Agatha-Berchem dood.

De moord op Declercq was dus te wijten aan de inlichtingen die Timmers aan het smokkelmilieu doorgaf via de Joegoslaaf. Toch is niet bewezen dat Timmersmans had kunnen vermoeden dat zijn inlichtingen tot een moord zouden kunnen leiden.

Bron: Gazet van Antwerpen | 14 September 1984

3

(23 replies, posted in Andere Personen)

Leg eens uit hoe en waarom je Jean Renson linkt aan het telefoontje naar Radio Mi Amigo.

4

(23 replies, posted in Andere Personen)

Verdediging vraagt vrijspraak voor “brein” van postoplichting te Brussel

Mr. Spreutels, pleitten voor de 44-jarige Jean Renson, vroeg dinsdag voor de Correctionele Rechtbank te Brussel om de vrijspraak van zijn cliënt. Renson is een van de 24 beklaagden, beschuldigd van oplichting voor 7,2 miljoen fr. ten nadele van de Regie der Posterijen, gepleegd tussen 21 februari 1982 en 6 maart 1983.

Een week geleden had de openbare aanklager Renson als het brein van de bende bestempeld. In zijn pleidooi maakte Mr. Spreutels er de rechtbank attent op dat zijn cliënt in januari jl. werd aangehouden, verscheidene maanden nadat de meeste beklaagden in deze zaak reeds waren ingerekend. Er werd in januari vernomen dat enkele dagen voor de 15e oktober 1982, de dag waarop de meeste oplichtingen door middel van vervalste documenten plaatsvonden, een vergadering werd belegd aan het Keyplein te Watermaal.

Daar werden de nodige richtlijnen en documenten verstrekt. Op deze vergadering waren alleszins aanwezig de 40-jarige Magali K., de 35-jarige Claude V. en de 43-jarige André R. Er nam ook een vierde persoon aan deel van wie alleen de voornaam Jean is gekend. Tijdens het onderzoek werd daarbij gedacht aan Jean Renson, een man die reeds 18 jaar cel had opgelopen en van wie de foto een zekere gelijkenis vertoonde met de vierde persoon op de vergadering aanwezig.

Later volgde een persoonlijke confrontatie met Renson en toen waren de drie andere beklaagden het eens om te verklaren dat het zeker niet om deze persoon ging.

Toch werd Renson tot in januari jl. door de gerechtelijke politie geschaduwd, zodanig dat hij een gerechtelijk commissaris opbelde om meer uitleg over deze manier van optreden te bekomen. Er werd toen een rendez-vous belegd maar Renson werd reeds een paar dagen na het telefoontje ingerekend.

Mr. Spreutels zegde nog dat zijn cliënt, indien hij werkelijk schuldig was, heel gemakkelijk het land had kunnen verlaten. Temeer toen hij besefte geschaduwd te worden. Renson heeft met de hele zaak niets te maken. De hetze rond zijn persoon berust alleen op zijn slechte reputatie. Hij moet in deze zaak worden vrijgesproken, aldus de verdediger.

Bron: Gazet van Antwerpen | 27 Juli 1983

5

(16 replies, posted in Onderzoekspistes)

Bossi wrote:

Zoals de magistraten vrijdag meedeelden was er echt sprake van een reus die zich op één plaats bevond en dat was in Overijse.

Vanaf welke lengte is iemand een reus? smile Want in Dinant werd één van de gangsters omschreven als zeer groot (bijna 2m) en één van de daders in de Delhaize in Beersel is 1m90 groot.

Ik denk dat je de woorden van de magistraten anders moet interpreteren: de persoon die in Overijse als reus werd omschreven, werd nergens anders opgemerkt door getuigen.

6

(6 replies, posted in Plaatsen)

Ben wrote:

De Rue de cocinelles was de woonplaats van de moeder van Juan Mendez. In deze straat woonde ook Colette Dumont, een slachtoffer van Claude Dubois (woonplaats te bevestigen).

Ten tijde van de overval in Waver woonde Mendez zelf ook in de Avenue des Coccinelles. Ik weet (nog) niet in welke nummer maar dat is sowieso vlakbij de plaats waar de VW Santana werd achtergelaten. De straat bevindt zich ook vlakbij de Place Eugène Keym.

7

(1,268 replies, posted in 1985)

Ik heb het gelezen, maar dat komt niet overeen met de getuigenverklaringen zoals ik ze interpreteer. Maar zoals reeds geschreven, gebeurden de feiten op de parking van het Delhaize-warenhuis in Aalst op heel korte tijd en op een heel kleine oppervlakte. Het is dus heel moeilijk om de gebeurtenissen in een juiste volgorde te plaatsen.

In het interview staat ook:

(...) "En toen moet de Reus hem vastgegrepen hebben, tussen de auto’s."

De grootste dader in Aalst is waarschijnlijk 1m80 à 1m85 groot. Hij wordt dus omschreven als "zeker geen reus".

8

(546 replies, posted in Bende Bouhouche-Beijer)

Spectator Of Life wrote:

In de Bende van Nijvel hebben honderden mensen hun buur, baas, vriend, vijand, nonkel, tante of zwangere hond herkend.

Dat klopt, maar het wordt interessant als dezelfde persoon door verschillende getuigen voor verschillende feiten wordt herkend. Vanaf dat moment moet je jezelf vragen beginnen stellen.

Spectator Of Life wrote:

Mendez zat ten tijde van Eigenbrakel/Overijse in het buitenland; hoe kan hij dan een hoofdverdachte zijn voor de feiten?

Officieel wel, al heb ik nog niet kunnen ontdekken vanaf wanneer tot wanneer hij in september 1985 in het buitenland zat.

9

(31 replies, posted in Organisaties)

Moderatie: Dit topic gaat over de DEA. Voor de overval in Overijse en de persoon Léon Finné kan je op andere plaatsen terecht.

10

(6 replies, posted in Organisaties)

Ben wrote:

Het bedrijf was commercieel actief in Congo en werd daar beschermd door Belgische huurlingen, van wie er ook op de loonlijst stonden.

Er was ook een huurling van Engelse origine. Hij werd in 1966 veroordeeld voor oorlogsmisdaden in Congo. Hij vlucht in de herfst van 1966 naar België maar wordt door de drankenhandel gehuisvest en aangeworven. De man schopt het meteen tot verkoopinspecteur.

Zoals zoveel (ex-) huurlingen was hij ook te vinden in het café La Renaissance van Charles Masy. Waar hij in contact kwam met een aantal andere notoire Bende van Nijvel-verdachten, zoals Luciano Bender.