Een medeplichtige van de bende De Staerke stuurde Delta naar een woning in Laken die de thuisbasis van een van Johnny's andere bendes zou kunnen zijn. De Brusselse pooier en barman Alain Moussa woonde er. Het Speciaal Interventie Eskadron (SIE) van de rijkswacht werd ingeschakeld. Geen slecht idee want Moussa, die in bed lag bij de inval, had zijn wapen in de hand. De moeder sliep met een geladen Smith & Wesson .38 onder haar hoofdkussen.
Nadat zijn rottweiler afgevoerd was en zijn andere hond op straat gevangen werd, werd een indrukwekkend wapenarsenaal aangetroffen, waaronder een zelfgemaakte bom, die in een geluidsbox verstopt zat. Toen er nog springstoffen ontdekt werden, werd het huis verzegeld en DOVO, de ontmijningsdienst van het leger, ingeschakeld.
Moussa bekende dat hij in de zomer van 1985 vaak strafbare feiten pleegde met Johnny, die hij volgens zijn vriendin kende via Dikke Marcel Castris. In de nacht van 12 op 13 september 1985 raakte Moussa gewond bij een aanslag en daarna bleef hij een paar weken in het ziekenhuis. Nadien had hij Johnny zelf benaderd om zijn verdediging in het milieu te organiseren en vanaf dat moment trokken ze opnieuw samen op.
De pooier begon over de Bende van Nijvel, ook al had hij in de gevangenis Madani Bouhouche leren kennen, die hem de rad had gegeven om "zijn muil te houden". "Zwijgen is voor ons allebei het beste." Moussa was niet een man die zat te wachten op wijze raad. Hij praatte. Het was een verward verhaal. De bende had een politieke achtergrond en de De Staerke-clan draaide erin mee in wisselende configuraties, zo had Johnny hem verteld. Die had alle bendefeiten uitgevoerd in opdracht van iemand die Moussa niet op papier wilde hebben, maar Delta zette hem er toch op: Johnny's broer Julien.
Moussa probeerde Bultot er ook bij te lappen, want die was een soort bediende van Julien. Julien had politieke connecties, onder meer met extreemrechtse milieus en parketmagistraten. Bultot zou door Julien ingeschakeld geweest zijn als een soort koppensneller voor bendepersoneel. Moussa hield dat vol in zijn verhoren van maart, april en mei 1986. Onzin om de aandacht van hemzelf af te leiden?Had Julien met al zijn connecties trouwens een koppensneller nodig?
Moussa was soms eerlijk, en de kunst was te weten wanneer. "Ik heb indertijd verschillende verklaringen afgelegd, waarvan ik nu moet meedelen dat ze volledig gelogen zijn", gaf hij grootmoedig toe bij Delta in de lente van 1988.
Bron: Beetgenomen | Hilde Geens